Etaamb.openjustice.be
Vue multilingue de Arrêt De La Cour Constitutionelle du --
← Retour vers "Avis prescrit par l'article 74 de la loi spéciale du 6 janvier 1989 Par arrêt du 19 septembre 2014 en cause de la SPRL « Bouldou », en liquidation, contre le Fonds des accidents du travail, dont l'expédition est parvenue au greffe de la Cour le 1. « L'article 8 de la loi du 29 juin 1964 concernant la suspension, le sursis et la probation vio(...)"
Avis prescrit par l'article 74 de la loi spéciale du 6 janvier 1989 Par arrêt du 19 septembre 2014 en cause de la SPRL « Bouldou », en liquidation, contre le Fonds des accidents du travail, dont l'expédition est parvenue au greffe de la Cour le 1. « L'article 8 de la loi du 29 juin 1964 concernant la suspension, le sursis et la probation vio(...) Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 Bij arrest van 19 september 2014 in zake de bvba « Bouldou », in vereffening, tegen het Fonds voor Arbeidsongevallen, waarvan de expeditie ter griffie van het Hof is 1. « Schendt artikel 8 van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de p(...)
COUR CONSTITUTIONNELLE GRONDWETTELIJK HOF
Avis prescrit par l'article 74 de la loi spéciale du 6 janvier 1989 Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6
Par arrêt du 19 septembre 2014 en cause de la SPRL « Bouldou », en januari 1989 Bij arrest van 19 september 2014 in zake de bvba « Bouldou », in
liquidation, contre le Fonds des accidents du travail, dont vereffening, tegen het Fonds voor Arbeidsongevallen, waarvan de
l'expédition est parvenue au greffe de la Cour le 26 septembre 2014, expeditie ter griffie van het Hof is ingekomen op 26 september 2014,
la Cour du travail de Liège, division Liège, a posé les questions heeft het Arbeidshof te Luik, afdeling Luik, de volgende prejudiciële
préjudicielles suivantes : vragen gesteld :
1. « L'article 8 de la loi du 29 juin 1964 concernant la suspension, 1. « Schendt artikel 8 van de wet van 29 juni 1964 betreffende de
le sursis et la probation viole-t-il les articles 10 et 11 de la opschorting, het uitstel en de probatie de artikelen 10 en 11 van de
Constitution, lus isolément ou en combinaison avec l'article 6 de la Grondwet, al dan niet in samenhang gelezen met artikel 6 van het
Convention européenne des droits de l'homme en ce qu'il ne s'applique Europees Verdrag voor de rechten van de mens, in zoverre het niet van
toepassing is op feiten die het voorwerp uitmaken van administratieve
pas à des faits faisant l'objet de sanctions administratives de nature sancties van strafrechtelijke aard in de zin van de rechtspraak van
pénale au sens de la jurisprudence de la Cour européenne des droit de het Europees Hof voor de Rechten van de Mens, doordat het tot gevolg
l'homme en ce qu'il a pour effet d'introduire, sans justification heeft dat, zonder redelijke verantwoording ten aanzien van het met de
raisonnable au regard de l'objectif poursuivi par ladite loi, une différence de traitement entre les deux catégories suivantes d'employeurs dont il est constaté qu'ils sont tous deux pareillement en défaut d'assurance de leur(s) travailleur(s) salarié(s) contre le risque d'accident du travail: d'une part, l'employeur qui fait l'objet d'une sanction administrative sous la forme d'une cotisation d'affiliation d'office recouvrée par voie de contrainte contre laquelle il lui est loisible de se pourvoir devant les juridictions du travail, sans toutefois pouvoir prétendre à ce que ladite sanction de nature pénale fasse l'objet d'un éventuel sursis partiel; d'autre part, l'employeur qui, en raison des mêmes faits, se trouve poursuivi devant les juridictions correctionnelles et pourra, quant à lui, solliciter l'octroi d'un sursis à l'exécution de sa condamnation genoemde wet nagestreefde doel, een verschil in behandeling wordt ingevoerd tussen de twee volgende categorieën van werkgevers waarvan wordt vastgesteld dat zij allebei op dezelfde wijze hun werknemer(s) niet verzekeren tegen het risico van een arbeidsongeval : enerzijds, de werkgever die het voorwerp uitmaakt van een administratieve sanctie in de vorm van een bij dwangbevel ingevorderde bijdrage voor ambtshalve aansluiting waartegen het hem vrijstaat beroep in te stellen voor de arbeidsgerechten, zonder evenwel aanspraak erop te kunnen maken dat die sanctie van strafrechtelijke aard het voorwerp van een eventueel gedeeltelijk uitstel uitmaakt; anderzijds, de werkgever die wegens dezelfde feiten wordt vervolgd voor de correctionele rechtbanken en zijnerzijds de toekenning van een uitstel van de tenuitvoerlegging van zijn veroordeling zal kunnen
? »; 2. « En ne prévoyant pas, dans l'habilitation légale donnée au Roi de déterminer les modalités de calcul, de perception et de recouvrement de la cotisation d'affiliation d'office due par les employeurs qui, au sens de l'article 59, 4°, de la loi du 10 avril 1971, ' s'abstiennent de conclure un contrat d'assurance ' contre le risque d'accident du travail, le pouvoir de fixer par arrêté royal les conditions auxquelles cette sanction de nature pénale pourrait le cas échéant être assortie d'un sursis, l'article 59quater de ladite loi ne viole-t-il pas les articles 10 et 11 de la Constitution en ce qu'il a pour effet, sans justification raisonnable au regard des objectifs poursuivis par ladite loi, de traiter de façon identique des employeurs se trouvant dans des situations différentes au regard du respect de leurs obligations en matière: d'une part, l'employeur qui s'abstient, délibérément, de contracter une police d'assurance auprès d'un assureur-loi aux fins de couvrir son personnel salarié contre le risque d'accident du travail; et, d'autre part, l'employeur qui, bien qu'ayant conclu à l'origine une telle police lorsqu'il a entamé son activité, se trouve à un moment donné en défaut d'assurance du fait qu'il n'a pas, par exemple en raison de difficultés temporaires de trésorerie, payé à leur échéance les primes dues à l'assureur-loi en exécution de cette police, et dont il est constaté par ailleurs qu'il a entre-temps régularisé sa situation et poursuivi son activité avec du personnel salarié en respectant désormais ses obligations en la matière ? ». Cette affaire est inscrite sous le numéro 6043 du rôle de la Cour. Le greffier, vragen ? »; 2. « Schendt artikel 59quater van de wet van 10 april 1971, door in de aan de Koning verleende wettelijke machtiging om de wijze van berekening, inning en invordering te bepalen van de bijdrage voor ambtshalve aansluiting die verschuldigd is door de werkgevers die, in de zin van artikel 59, 4°, van de genoemde wet, ' verzuimen een verzekeringscontract af te sluiten ' tegen het risico van een arbeidsongeval, niet te voorzien in de bevoegdheid om bij koninklijk besluit de voorwaarden vast te leggen waaronder die sanctie van strafrechtelijke aard in voorkomend geval gepaard zou kunnen gaan met een uitstel, de artikelen 10 en 11 van de Grondwet in zoverre het, zonder redelijke verantwoording ten aanzien van de met de genoemde wet nagestreefde doelstellingen, tot gevolg heeft dat werkgevers die zich ten aanzien van de naleving van hun verplichtingen ter zake in verschillende situaties bevinden, op identieke wijze worden behandeld : enerzijds, de werkgever die bewust afziet van het afsluiten van een verzekeringspolis bij een wetsverzekeraar teneinde zijn loontrekkend personeel tegen het risico van een arbeidsongeval te dekken; en, anderzijds, de werkgever die, hoewel hij oorspronkelijk een dergelijke polis heeft afgesloten toen hij zijn activiteit heeft aangevangen, op een bepaald ogenblik niet is verzekerd omdat hij, bijvoorbeeld wegens tijdelijke liquiditeitsproblemen, de ter uitvoering van die polis aan de wetsverzekeraar verschuldigde premies niet op de vervaldag ervan heeft betaald, en van wie daarenboven wordt vastgesteld dat hij zijn situatie intussen heeft geregulariseerd en zijn activiteit met loontrekkend personeel heeft voortgezet door zijn verplichtingen ter zake inmiddels na te leven ? ». Die zaak is ingeschreven onder nummer 6043 van de rol van het Hof. De griffier,
P.-Y. Dutilleux P.-Y. Dutilleux
^