Huishoudelijk reglement van de raad van bestuur van het Instituut voor Gerechtelijke Opleiding Inleiding Dit huishoudelijk reglement regelt de werking van de raad van bestuur van het Instituut voor gerechtelijke opleiding en de uitoefening va Artikel 1. Algemene bepaling a) Voor de toepassing van dit reglement wordt onder "Instituut(...) | Huishoudelijk reglement van de raad van bestuur van het Instituut voor Gerechtelijke Opleiding Inleiding Dit huishoudelijk reglement regelt de werking van de raad van bestuur van het Instituut voor gerechtelijke opleiding en de uitoefening va Artikel 1. Algemene bepaling a) Voor de toepassing van dit reglement wordt onder "Instituut(...) |
---|---|
INSTITUUT VOOR GERECHTELIJKE OPLEIDING | INSTITUUT VOOR GERECHTELIJKE OPLEIDING |
Huishoudelijk reglement van de raad van bestuur van het Instituut voor | Huishoudelijk reglement van de raad van bestuur van het Instituut voor |
Gerechtelijke Opleiding | Gerechtelijke Opleiding |
Inleiding | Inleiding |
Dit huishoudelijk reglement regelt de werking van de raad van bestuur | Dit huishoudelijk reglement regelt de werking van de raad van bestuur |
van het Instituut voor gerechtelijke opleiding en de uitoefening van | van het Instituut voor gerechtelijke opleiding en de uitoefening van |
zijn bevoegdheden en opdrachten bepaald bij de wet van 31 januari | zijn bevoegdheden en opdrachten bepaald bij de wet van 31 januari |
2007. | 2007. |
Artikel 1.Algemene bepaling |
Artikel 1.Algemene bepaling |
a) Voor de toepassing van dit reglement wordt onder "Instituut" | a) Voor de toepassing van dit reglement wordt onder "Instituut" |
verstaan het Instituut voor gerechtelijke opleiding, onder "raad van | verstaan het Instituut voor gerechtelijke opleiding, onder "raad van |
bestuur" de raad van bestuur van het Instituut voor gerechtelijke | bestuur" de raad van bestuur van het Instituut voor gerechtelijke |
opleiding, onder "voorzitter" de voorzitter van de raad van bestuur | opleiding, onder "voorzitter" de voorzitter van de raad van bestuur |
van het Instituut voor gerechtelijke opleiding, onder | van het Instituut voor gerechtelijke opleiding, onder |
"ondervoorzitter" de ondervoorzitter van de raad van bestuur van het | "ondervoorzitter" de ondervoorzitter van de raad van bestuur van het |
Instituut voor gerechtelijke opleiding, onder "directeur" de directeur | Instituut voor gerechtelijke opleiding, onder "directeur" de directeur |
van het Instituut voor gerechtelijke opleiding en onder | van het Instituut voor gerechtelijke opleiding en onder |
"adjunct-directeur" de adjunct-directeur van het Instituut voor | "adjunct-directeur" de adjunct-directeur van het Instituut voor |
gerechtelijke opleiding. | gerechtelijke opleiding. |
b) De raad van bestuur beslist over elk aspect van interne orde dat | b) De raad van bestuur beslist over elk aspect van interne orde dat |
niet geregeld is in dit reglement. | niet geregeld is in dit reglement. |
Art. 2.Beraadslaging en stemmingen van de raad van bestuur |
Art. 2.Beraadslaging en stemmingen van de raad van bestuur |
a) De raad van bestuur beraadslaagt geldig als ten minste de helft van | a) De raad van bestuur beraadslaagt geldig als ten minste de helft van |
zijn stemgerechtigde leden aanwezig is. In het geval een mandaat van | zijn stemgerechtigde leden aanwezig is. In het geval een mandaat van |
lid vacant is, wordt deze niet meegeteld in de berekening van het | lid vacant is, wordt deze niet meegeteld in de berekening van het |
quorum. | quorum. |
b) De beslissingen worden genomen bij gewone meerderheid van de | b) De beslissingen worden genomen bij gewone meerderheid van de |
aanwezige stemgerechtigde leden behoudens bijzondere bepalingen van | aanwezige stemgerechtigde leden behoudens bijzondere bepalingen van |
dit reglement. Op voorstel van de voorzitter (of diens vervanger) | dit reglement. Op voorstel van de voorzitter (of diens vervanger) |
kunnen de aanwezige stemgerechtigde leden ook besluiten om een | kunnen de aanwezige stemgerechtigde leden ook besluiten om een |
beslissing uit te stellen en dit nadien schriftelijk (per e-mail) af | beslissing uit te stellen en dit nadien schriftelijk (per e-mail) af |
te handelen. De digitale stemmingswijze (en desgevallend de termijn) | te handelen. De digitale stemmingswijze (en desgevallend de termijn) |
wordt bepaald ofwel tijdens de vergadering, dan wel nadien per e-mail, | wordt bepaald ofwel tijdens de vergadering, dan wel nadien per e-mail, |
behoudens bezwaar van minstens een van de stemgerechtigde leden. | behoudens bezwaar van minstens een van de stemgerechtigde leden. |
c) De stemming gebeurt bij handopsteking, behoudens wanneer de | c) De stemming gebeurt bij handopsteking, behoudens wanneer de |
stemming een tweederde meerderheid van de aanwezige leden vereist of | stemming een tweederde meerderheid van de aanwezige leden vereist of |
wanneer een lid een geheime stemming vraagt (bv. wanneer het een | wanneer een lid een geheime stemming vraagt (bv. wanneer het een |
persoon betreft). | persoon betreft). |
d) Vóór de aanwijzing van de voorzitter of in geval van zijn | d) Vóór de aanwijzing van de voorzitter of in geval van zijn |
afwezigheid zit de ondervoorzitter de vergadering van de raad van | afwezigheid zit de ondervoorzitter de vergadering van de raad van |
bestuur voor, en desgevallend vóór de aanwijzing van de | bestuur voor, en desgevallend vóór de aanwijzing van de |
ondervoorzitter of bij zijn afwezigheid, het oudste aanwezige lid. | ondervoorzitter of bij zijn afwezigheid, het oudste aanwezige lid. |
Art. 3.Verkiezing van de voorzitter en ondervoorzitter |
Art. 3.Verkiezing van de voorzitter en ondervoorzitter |
a) De directeur doet een oproep tot kandidaturen voor het | a) De directeur doet een oproep tot kandidaturen voor het |
voorzitterschap en/of het ondervoorzitterschap van de raad van bestuur | voorzitterschap en/of het ondervoorzitterschap van de raad van bestuur |
wanneer het mandaat van voorzitter en/of ondervoorzitter vacant wordt. | wanneer het mandaat van voorzitter en/of ondervoorzitter vacant wordt. |
b) De directeur, desgevallend op verzoek van de voorzitter in functie, | b) De directeur, desgevallend op verzoek van de voorzitter in functie, |
nodigt de leden van de raad van bestuur uit voor de vergadering van de | nodigt de leden van de raad van bestuur uit voor de vergadering van de |
verkiezing. | verkiezing. |
c) De leden van de raad van bestuur delen hun kandidatuur mee aan de | c) De leden van de raad van bestuur delen hun kandidatuur mee aan de |
directeur uiterlijk acht werkdagen voor de vergadering waarop de | directeur uiterlijk acht werkdagen voor de vergadering waarop de |
verkiezing plaatsvindt. | verkiezing plaatsvindt. |
d) De directeur deelt de kandidaturen mee aan de leden van de raad van | d) De directeur deelt de kandidaturen mee aan de leden van de raad van |
bestuur ten minste vijf werkdagen voor de voormelde vergadering. | bestuur ten minste vijf werkdagen voor de voormelde vergadering. |
e) De raad van bestuur kiest op deze vergadering zijn voorzitter en | e) De raad van bestuur kiest op deze vergadering zijn voorzitter en |
ondervoorzitter bij gewone meerderheid van de aanwezige | ondervoorzitter bij gewone meerderheid van de aanwezige |
stemgerechtigde leden. | stemgerechtigde leden. |
f) De voorzitter en de ondervoorzitter, die van een verschillende | f) De voorzitter en de ondervoorzitter, die van een verschillende |
taalrol zijn, worden verkozen voor een termijn van twee jaar die | taalrol zijn, worden verkozen voor een termijn van twee jaar die |
hernieuwbaar is. | hernieuwbaar is. |
Art. 4.Het secretariaat |
Art. 4.Het secretariaat |
Een lid van de administratie van het Instituut oefent het secretariaat | Een lid van de administratie van het Instituut oefent het secretariaat |
van de raad van bestuur uit. De raad van bestuur kan oordelen dat voor | van de raad van bestuur uit. De raad van bestuur kan oordelen dat voor |
bepaalde delen van de vergadering het secretariaat door één van zijn | bepaalde delen van de vergadering het secretariaat door één van zijn |
leden wordt waargenomen. | leden wordt waargenomen. |
Art. 5.Vergadering van de raad van bestuur |
Art. 5.Vergadering van de raad van bestuur |
a) De raad van bestuur komt ten minste eenmaal per trimester bijeen na | a) De raad van bestuur komt ten minste eenmaal per trimester bijeen na |
oproeping door de voorzitter. | oproeping door de voorzitter. |
b) De oproeping met de dagorde wordt vergezeld van de nodige stukken | b) De oproeping met de dagorde wordt vergezeld van de nodige stukken |
en documenten, en uiterlijk vijf werkdagen vóór de vergadering, aan de | en documenten, en uiterlijk vijf werkdagen vóór de vergadering, aan de |
leden bezorgd met elektronische post. | leden bezorgd met elektronische post. |
c) Indien ten minste vier stemgerechtigde leden de voorzitter daarom | c) Indien ten minste vier stemgerechtigde leden de voorzitter daarom |
verzoeken, roept de voorzitter de raad van bestuur bijeen uiterlijk | verzoeken, roept de voorzitter de raad van bestuur bijeen uiterlijk |
binnen de drie weken volgend op het verzoek, behoudens wanneer de | binnen de drie weken volgend op het verzoek, behoudens wanneer de |
verzoekers ermee instemmen de vergadering op een later tijdstip te | verzoekers ermee instemmen de vergadering op een later tijdstip te |
houden. | houden. |
d) De oproeping en de dagorde worden, samen met de bijlagen, eveneens | d) De oproeping en de dagorde worden, samen met de bijlagen, eveneens |
per elektronische post tegelijk met de oproeping aan de leden | per elektronische post tegelijk met de oproeping aan de leden |
toegezonden aan de regeringscommissarissen. | toegezonden aan de regeringscommissarissen. |
e) De leden van de raad van bestuur kunnen de voorzitter schriftelijk | e) De leden van de raad van bestuur kunnen de voorzitter schriftelijk |
(per e-mail aan het secretariaat) vragen punten aan de dagorde toe te | (per e-mail aan het secretariaat) vragen punten aan de dagorde toe te |
voegen, en dit ten laatste drie werkdagen vóór de vergadering. | voegen, en dit ten laatste drie werkdagen vóór de vergadering. |
f) In spoedeisende gevallen kunnen tijdens de vergadering van de raad | f) In spoedeisende gevallen kunnen tijdens de vergadering van de raad |
van bestuur nieuwe punten aan de dagorde worden toegevoegd. In dat | van bestuur nieuwe punten aan de dagorde worden toegevoegd. In dat |
geval worden de punten onmiddellijk behandeld indien ten minste twee | geval worden de punten onmiddellijk behandeld indien ten minste twee |
derden van de aanwezige stemgerechtigde leden hiermee instemmen, zo | derden van de aanwezige stemgerechtigde leden hiermee instemmen, zo |
niet worden de punten verdaagd naar de eerstvolgende vergadering. | niet worden de punten verdaagd naar de eerstvolgende vergadering. |
g) De vergaderingen worden in principe georganiseerd in de lokalen van | g) De vergaderingen worden in principe georganiseerd in de lokalen van |
het Instituut voor gerechtelijke opleiding, waarbij tevens de | het Instituut voor gerechtelijke opleiding, waarbij tevens de |
mogelijkheid wordt geboden om van op afstand deel te nemen, tenzij | mogelijkheid wordt geboden om van op afstand deel te nemen, tenzij |
anders beslist door de voorzitter (of diens vervanger). Wanneer | anders beslist door de voorzitter (of diens vervanger). Wanneer |
bijzondere omstandigheden dit zouden vereisen of indien de voorzitter | bijzondere omstandigheden dit zouden vereisen of indien de voorzitter |
(of diens vervanger) dit om andere redenen opportuun zou achten, | (of diens vervanger) dit om andere redenen opportuun zou achten, |
kunnen de vergaderingen ook volledig digitaal georganiseerd worden. | kunnen de vergaderingen ook volledig digitaal georganiseerd worden. |
h) De ontwerpen van processen-verbaal van de vergaderingen van de raad | h) De ontwerpen van processen-verbaal van de vergaderingen van de raad |
van bestuur worden aan de leden toegestuurd ten laatste met de | van bestuur worden aan de leden toegestuurd ten laatste met de |
oproeping voor de volgende vergadering. Na goedkeuring door de raad | oproeping voor de volgende vergadering. Na goedkeuring door de raad |
van bestuur worden de processen-verbaal van de vergadering | van bestuur worden de processen-verbaal van de vergadering |
(desgevallend elektronisch) ondertekend door de voorzitter en de | (desgevallend elektronisch) ondertekend door de voorzitter en de |
secretaris van de vergadering. Ze worden bewaard door het Instituut. | secretaris van de vergadering. Ze worden bewaard door het Instituut. |
i) De oproepingen, de dagorde, de processen-verbaal en het jaarlijks | i) De oproepingen, de dagorde, de processen-verbaal en het jaarlijks |
actieplan, het personeelsplan en het ontwerp van begroting worden | actieplan, het personeelsplan en het ontwerp van begroting worden |
opgesteld in het Nederlands en in het Frans. De andere documenten | opgesteld in het Nederlands en in het Frans. De andere documenten |
worden meegedeeld in de taal van de opsteller en, indien mogelijk, met | worden meegedeeld in de taal van de opsteller en, indien mogelijk, met |
een vertaling in de andere taal. | een vertaling in de andere taal. |
Art. 6.Deontologie |
Art. 6.Deontologie |
De leden van de raad van bestuur zien erop toe dat hun handelingen, | De leden van de raad van bestuur zien erop toe dat hun handelingen, |
woorden of geschriften geen afbreuk doen aan de goede werking van het | woorden of geschriften geen afbreuk doen aan de goede werking van het |
Instituut voor gerechtelijke opleiding, noch aan zijn | Instituut voor gerechtelijke opleiding, noch aan zijn |
onafhankelijkheid. | onafhankelijkheid. |
Art. 7.Evaluatie van de directeur en van de adjunct-directeur |
Art. 7.Evaluatie van de directeur en van de adjunct-directeur |
a) Met het oog op de uitvoering van de evaluatieopdracht bedoeld in | a) Met het oog op de uitvoering van de evaluatieopdracht bedoeld in |
artikel 23 van de wet van 31 januari 2007, worden de voorzitter en de | artikel 23 van de wet van 31 januari 2007, worden de voorzitter en de |
ondervoorzitter van de raad van bestuur aangewezen als eerste | ondervoorzitter van de raad van bestuur aangewezen als eerste |
evaluatoren, elk voor zijn taalrol. | evaluatoren, elk voor zijn taalrol. |
b) De raad van bestuur verkiest intern, bij gewone meerderheid, de | b) De raad van bestuur verkiest intern, bij gewone meerderheid, de |
effectieve tweede evaluatoren en twee plaatsvervangende evaluatoren | effectieve tweede evaluatoren en twee plaatsvervangende evaluatoren |
voor beide taalrollen. De oproep tot kandidaturen gebeurt met de | voor beide taalrollen. De oproep tot kandidaturen gebeurt met de |
uitnodiging voor de vergadering van de raad van bestuur waarop de | uitnodiging voor de vergadering van de raad van bestuur waarop de |
verkiezing zal doorgaan. | verkiezing zal doorgaan. |
c) Iedere plaatsvervangende evaluator kan een van de effectieve | c) Iedere plaatsvervangende evaluator kan een van de effectieve |
evaluatoren die tot dezelfde taalrol behoort, vervangen wanneer die | evaluatoren die tot dezelfde taalrol behoort, vervangen wanneer die |
verhinderd is of door het betrokken directielid wordt gewraakt. | verhinderd is of door het betrokken directielid wordt gewraakt. |
d) De evaluatie wordt uitgevoerd door twee evaluatoren die tot | d) De evaluatie wordt uitgevoerd door twee evaluatoren die tot |
dezelfde taalrol als het betrokken directielid behoren. | dezelfde taalrol als het betrokken directielid behoren. |
e) Afhankelijk van de noodwendigheden kunnen functioneringsgesprekken | e) Afhankelijk van de noodwendigheden kunnen functioneringsgesprekken |
tijdens elke evaluatiecyclus plaatsvinden, op initiatief van het | tijdens elke evaluatiecyclus plaatsvinden, op initiatief van het |
directielid of van een van de evaluatoren. | directielid of van een van de evaluatoren. |
f) Het evaluatiegesprek handelt over het competentieprofiel zoals | f) Het evaluatiegesprek handelt over het competentieprofiel zoals |
vastgesteld door de Minister van Justitie op advies van de Hoge Raad | vastgesteld door de Minister van Justitie op advies van de Hoge Raad |
voor de Justitie voor de functies van de directie en onder meer over : | voor de Justitie voor de functies van de directie en onder meer over : |
- Uitrol van vormingsbeleid zowel wat competentiebeheer als | - Uitrol van vormingsbeleid zowel wat competentiebeheer als |
kennisbeheer betreft; | kennisbeheer betreft; |
- Wijze van beheer van het instituut; | - Wijze van beheer van het instituut; |
- Wijze van de ontwikkeling van het personeel, de stages binnen de | - Wijze van de ontwikkeling van het personeel, de stages binnen de |
magistratuur en de vorming van het personeel van de rechterlijke orde; | magistratuur en de vorming van het personeel van de rechterlijke orde; |
- Communicatie; | - Communicatie; |
- Collegialiteit en teamgeest; | - Collegialiteit en teamgeest; |
- Wijze van representatie van het Instituut. | - Wijze van representatie van het Instituut. |
g) De plaats en het tijdstip van het evaluatiegesprek worden per mail | g) De plaats en het tijdstip van het evaluatiegesprek worden per mail |
meegedeeld aan het directielid, uiterlijk een maand vóór de datum van | meegedeeld aan het directielid, uiterlijk een maand vóór de datum van |
dat gesprek. | dat gesprek. |
Ten minste vijftien werkdagen vóór de vastgelegde datum van het | Ten minste vijftien werkdagen vóór de vastgelegde datum van het |
evaluatiegesprek, zendt het directielid de evaluatoren een | evaluatiegesprek, zendt het directielid de evaluatoren een |
schriftelijke zelfevaluatie. | schriftelijke zelfevaluatie. |
Het directielid stelt een schriftelijk verslag op van het gesprek en | Het directielid stelt een schriftelijk verslag op van het gesprek en |
maakt het over aan de evaluatoren binnen de vijf werkdagen. De | maakt het over aan de evaluatoren binnen de vijf werkdagen. De |
evaluatoren keuren het verslag goed en ondertekenen het. Het verslag | evaluatoren keuren het verslag goed en ondertekenen het. Het verslag |
wordt binnen de vijftien werkdagen bij het evaluatiedossier gevoegd. | wordt binnen de vijftien werkdagen bij het evaluatiedossier gevoegd. |
Een afschrift van het verslag wordt binnen dezelfde termijn | Een afschrift van het verslag wordt binnen dezelfde termijn |
overgemaakt aan het directielid. | overgemaakt aan het directielid. |
Indien de evaluatoren niet akkoord gaan met het verslag, maken zij hun | Indien de evaluatoren niet akkoord gaan met het verslag, maken zij hun |
opmerkingen over aan het directielid binnen de vijftien werkdagen | opmerkingen over aan het directielid binnen de vijftien werkdagen |
vanaf ontvangst van het verslag. Het verslag wordt samen met deze | vanaf ontvangst van het verslag. Het verslag wordt samen met deze |
opmerkingen bij het evaluatiedossier gevoegd. | opmerkingen bij het evaluatiedossier gevoegd. |
h) Het directielid kan om een van de redenen opgesomd in artikel 928 | h) Het directielid kan om een van de redenen opgesomd in artikel 928 |
van het Gerechtelijk Wetboek, een van de evaluatoren wraken, bij een | van het Gerechtelijk Wetboek, een van de evaluatoren wraken, bij een |
met redenen omkleed verzoekschrift aan de raad van bestuur ten minste | met redenen omkleed verzoekschrift aan de raad van bestuur ten minste |
vijftien werkdagen vóór de datum van het evaluatiegesprek. De raad van | vijftien werkdagen vóór de datum van het evaluatiegesprek. De raad van |
bestuur spreekt zich bij gewone meerderheid uit over de wraking, na | bestuur spreekt zich bij gewone meerderheid uit over de wraking, na |
het betrokken lid te hebben gehoord en buiten diens aanwezigheid. Als | het betrokken lid te hebben gehoord en buiten diens aanwezigheid. Als |
het verzoek tot wraking gegrond is, wordt de gewraakte evaluator | het verzoek tot wraking gegrond is, wordt de gewraakte evaluator |
vervangen door de plaatsvervangende evaluator van dezelfde taalrol. | vervangen door de plaatsvervangende evaluator van dezelfde taalrol. |
Wanneer het verzoek tot wraking ongegrond wordt verklaard, wordt de | Wanneer het verzoek tot wraking ongegrond wordt verklaard, wordt de |
evaluatieprocedure verdergezet. | evaluatieprocedure verdergezet. |
i) Het evaluatiedossier van alle directieleden wordt bewaard op het | i) Het evaluatiedossier van alle directieleden wordt bewaard op het |
secretariaat van de raad van bestuur. Het secretariaat neemt de nodige | secretariaat van de raad van bestuur. Het secretariaat neemt de nodige |
maatregelen om de vertrouwelijkheid ervan veilig te stellen. | maatregelen om de vertrouwelijkheid ervan veilig te stellen. |
Dat evaluatiedossier bevat : | Dat evaluatiedossier bevat : |
- de akte van benoeming; | - de akte van benoeming; |
- de schriftelijke verslagen van de evaluatiegesprekken; | - de schriftelijke verslagen van de evaluatiegesprekken; |
- de eventuele opmerkingen van de evaluatoren op het verslag; | - de eventuele opmerkingen van de evaluatoren op het verslag; |
- de briefwisseling tussen de evaluatoren en het directielid; | - de briefwisseling tussen de evaluatoren en het directielid; |
- de zelfevaluaties; | - de zelfevaluaties; |
- de eindevaluatie. | - de eindevaluatie. |
Art. 8.Tuchtstelsel voor de directie |
Art. 8.Tuchtstelsel voor de directie |
a) Met toepassing van de artikelen 10, 4° en 24 van de wet van 31 | a) Met toepassing van de artikelen 10, 4° en 24 van de wet van 31 |
januari 2007 wijst de raad van bestuur, wanneer hij kennis neemt van | januari 2007 wijst de raad van bestuur, wanneer hij kennis neemt van |
één of diverse feiten die een ernstige tekortkoming kunnen uitmaken | één of diverse feiten die een ernstige tekortkoming kunnen uitmaken |
waardoor elke professionele samenwerking tussen een directielid en het | waardoor elke professionele samenwerking tussen een directielid en het |
Instituut definitief onmogelijk wordt, binnen de zes maanden na die | Instituut definitief onmogelijk wordt, binnen de zes maanden na die |
kennisneming van de feiten intern een verslaggever aan die tot | kennisneming van de feiten intern een verslaggever aan die tot |
dezelfde taalrol behoort als het betrokken directielid. De raad van | dezelfde taalrol behoort als het betrokken directielid. De raad van |
bestuur geeft hem de opdracht om alle nodige taken te verrichten om te | bestuur geeft hem de opdracht om alle nodige taken te verrichten om te |
bepalen of de aangegeven feiten reëel en ernstig zijn en om het | bepalen of de aangegeven feiten reëel en ernstig zijn en om het |
betrokken directielid te horen. | betrokken directielid te horen. |
b) De verslaggever legt het onderzoeksdossier aan voor de onder a) | b) De verslaggever legt het onderzoeksdossier aan voor de onder a) |
bedoelde feiten en noteert elk verhoor of elk ander resultaat van zijn | bedoelde feiten en noteert elk verhoor of elk ander resultaat van zijn |
onderzoekshandelingen. Hij voegt bij dat dossier ieder document dat | onderzoekshandelingen. Hij voegt bij dat dossier ieder document dat |
nuttig is om de waarheid aan het licht te brengen. | nuttig is om de waarheid aan het licht te brengen. |
c) De verslaggever roept het directielid op per elektronische post om | c) De verslaggever roept het directielid op per elektronische post om |
te worden gehoord. Die oproeping geeft aan om welke reden zij wordt | te worden gehoord. Die oproeping geeft aan om welke reden zij wordt |
verstuurd. Ten minste vijftien werkdagen vóór het verhoor wordt het | verstuurd. Ten minste vijftien werkdagen vóór het verhoor wordt het |
dossier ter beschikking gesteld van het betrokken directielid en van | dossier ter beschikking gesteld van het betrokken directielid en van |
de persoon die hem bijstaat. | de persoon die hem bijstaat. |
d) Tijdens zijn verhoor kan het betrokken directielid zich laten | d) Tijdens zijn verhoor kan het betrokken directielid zich laten |
bijstaan door de persoon van zijn keuze. De verslaggever hoort het | bijstaan door de persoon van zijn keuze. De verslaggever hoort het |
directielid en bij ieder verhoor stelt de verslaggever een | directielid en bij ieder verhoor stelt de verslaggever een |
proces-verbaal op waarvan het directielid een kopie krijgt. | proces-verbaal op waarvan het directielid een kopie krijgt. |
e) Binnen de kortst mogelijke termijn na het afsluiten van het dossier | e) Binnen de kortst mogelijke termijn na het afsluiten van het dossier |
bezorgt de verslaggever zijn verslag aan de raad van bestuur. | bezorgt de verslaggever zijn verslag aan de raad van bestuur. |
f) De raad van bestuur kan de verslaggever vragen om aanvullende | f) De raad van bestuur kan de verslaggever vragen om aanvullende |
onderzoekshandelingen te verrichten. | onderzoekshandelingen te verrichten. |
g) De raad van bestuur gaat over tot het verhoor van het betrokken | g) De raad van bestuur gaat over tot het verhoor van het betrokken |
directielid. De gemotiveerde oproeping daartoe gebeurt ten minste | directielid. De gemotiveerde oproeping daartoe gebeurt ten minste |
vijftien werkdagen vóór de hoordatum. Het directielid kan zich laten | vijftien werkdagen vóór de hoordatum. Het directielid kan zich laten |
bijstaan door de persoon van zijn keuze. | bijstaan door de persoon van zijn keuze. |
h) De raad van bestuur beslist vervolgens, bij tweederdemeerderheid en | h) De raad van bestuur beslist vervolgens, bij tweederdemeerderheid en |
bij geheime schriftelijke stemming, of al dan niet aan de Minister van | bij geheime schriftelijke stemming, of al dan niet aan de Minister van |
Justitie wordt voorgesteld om het mandaat van het directielid | Justitie wordt voorgesteld om het mandaat van het directielid |
vroegtijdig te beëindigen. Van de met redenen omklede beslissing van | vroegtijdig te beëindigen. Van de met redenen omklede beslissing van |
de raad van bestuur wordt bij aangetekende brief kennisgegeven aan het | de raad van bestuur wordt bij aangetekende brief kennisgegeven aan het |
directielid tegen ontvangstbewijs of bij elk ander communicatiemiddel | directielid tegen ontvangstbewijs of bij elk ander communicatiemiddel |
met gewaarborgde ontvangst door de geadresseerde. | met gewaarborgde ontvangst door de geadresseerde. |
Wanneer de raad van bestuur besluit om het dossier over te maken aan | Wanneer de raad van bestuur besluit om het dossier over te maken aan |
de Minister van Justitie, zendt hij een gemotiveerd voorstel en het | de Minister van Justitie, zendt hij een gemotiveerd voorstel en het |
dossier, binnen de vijftien werkdagen na het verhoor van het | dossier, binnen de vijftien werkdagen na het verhoor van het |
directielid, aan de Minister. Een eensluidend afschrift van dit | directielid, aan de Minister. Een eensluidend afschrift van dit |
dossier wordt bewaard op het secretariaat van de raad van bestuur, dat | dossier wordt bewaard op het secretariaat van de raad van bestuur, dat |
de vertrouwelijkheid waarborgt. | de vertrouwelijkheid waarborgt. |