Ordonnantie houdende instemming met het Samenwerkingsakkoord van 8 oktober 2010 tussen de Federale Staat en de Gewesten betreffende de uitvoering van de verordeningen van de Europese Gemeenschappen betreffende het beleid ten aanzien van de capaciteit van de communautaire binnenvaartvloot met het oog op de bevordering van het vervoer over de binnenwateren | Ordonnantie houdende instemming met het Samenwerkingsakkoord van 8 oktober 2010 tussen de Federale Staat en de Gewesten betreffende de uitvoering van de verordeningen van de Europese Gemeenschappen betreffende het beleid ten aanzien van de capaciteit van de communautaire binnenvaartvloot met het oog op de bevordering van het vervoer over de binnenwateren |
---|---|
BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST | BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST |
27 MAART 2014. - Ordonnantie houdende instemming met het | 27 MAART 2014. - Ordonnantie houdende instemming met het |
Samenwerkingsakkoord van 8 oktober 2010 tussen de Federale Staat en de | Samenwerkingsakkoord van 8 oktober 2010 tussen de Federale Staat en de |
Gewesten betreffende de uitvoering van de verordeningen van de | Gewesten betreffende de uitvoering van de verordeningen van de |
Europese Gemeenschappen betreffende het beleid ten aanzien van de | Europese Gemeenschappen betreffende het beleid ten aanzien van de |
capaciteit van de communautaire binnenvaartvloot met het oog op de | capaciteit van de communautaire binnenvaartvloot met het oog op de |
bevordering van het vervoer over de binnenwateren | bevordering van het vervoer over de binnenwateren |
Het Brusselse Hoofdstedelijke Parlement heeft aangenomen en Wij, | Het Brusselse Hoofdstedelijke Parlement heeft aangenomen en Wij, |
Executieve, bekrachtigen, het geen volgt : | Executieve, bekrachtigen, het geen volgt : |
Artikel 1.Deze ordonnantie regelt een aangelegenheid als bedoeld in |
Artikel 1.Deze ordonnantie regelt een aangelegenheid als bedoeld in |
artikel 39 van de Grondwet. | artikel 39 van de Grondwet. |
Art. 2.Instemming wordt verleend met het Samenwerkingsakkoord van 8 |
Art. 2.Instemming wordt verleend met het Samenwerkingsakkoord van 8 |
oktober 2010 tussen de Federale Staat en de Gewesten met betrekking | oktober 2010 tussen de Federale Staat en de Gewesten met betrekking |
tot de uitvoering van de verordeningen van de Europese Gemeenschappen | tot de uitvoering van de verordeningen van de Europese Gemeenschappen |
betreffende het beleid ten aanzien van de capaciteit van de | betreffende het beleid ten aanzien van de capaciteit van de |
communautaire binnenvaartvloot met het oog op de bevordering van het | communautaire binnenvaartvloot met het oog op de bevordering van het |
vervoer over de binnenwateren. | vervoer over de binnenwateren. |
Bijlage | Bijlage |
Samenwerkingsakkoord tussen de Federale Staat en de Gewesten met | Samenwerkingsakkoord tussen de Federale Staat en de Gewesten met |
betrekking tot de uitvoering van de Verordeningen van de Europese | betrekking tot de uitvoering van de Verordeningen van de Europese |
Gemeenschappen betreffende het beleid ten aanzien van de capaciteit | Gemeenschappen betreffende het beleid ten aanzien van de capaciteit |
van de communautaire binnenvaartvloot met het oog op de bevordering | van de communautaire binnenvaartvloot met het oog op de bevordering |
van het vervoer over de binnenwateren | van het vervoer over de binnenwateren |
Gelet op de artikelen 35, 39 en 167 van de Grondwet; | Gelet op de artikelen 35, 39 en 167 van de Grondwet; |
Gelet op de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der | Gelet op de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der |
instellingen, inzonderheid op artikel 92bis, § 1, ingevoegd bij de | instellingen, inzonderheid op artikel 92bis, § 1, ingevoegd bij de |
bijzondere wet van 8 augustus 1988 en gewijzigd bij de bijzondere wet | bijzondere wet van 8 augustus 1988 en gewijzigd bij de bijzondere wet |
van 16 juli 1993; | van 16 juli 1993; |
Gelet op de bijzondere wet van 12 januari 1989 met betrekking tot de | Gelet op de bijzondere wet van 12 januari 1989 met betrekking tot de |
Brusselse Instellingen, inzonderheid op de artikelen 4 en 42; | Brusselse Instellingen, inzonderheid op de artikelen 4 en 42; |
Overwegende dat de Verordening (EG) nr. 718/1999 de continuïteit | Overwegende dat de Verordening (EG) nr. 718/1999 de continuïteit |
beoogt van bepaalde maatregelen getroffen bij toepassing van | beoogt van bepaalde maatregelen getroffen bij toepassing van |
Verordening (EEG) nr. 1101/89 van de Raad van 27 april 1989 | Verordening (EEG) nr. 1101/89 van de Raad van 27 april 1989 |
betreflende de structurele sanering van de binnenvaart, de handhaving | betreflende de structurele sanering van de binnenvaart, de handhaving |
nastreeft van het bij die verordening gecreëerde instrumentarium voor | nastreeft van het bij die verordening gecreëerde instrumentarium voor |
een capaciteitsbeleid in de binnenvaart en het voortbestaan vergt van | een capaciteitsbeleid in de binnenvaart en het voortbestaan vergt van |
het onder die Verordening opgerichte Belgisch sloopfonds onder een | het onder die Verordening opgerichte Belgisch sloopfonds onder een |
nieuwe naam; | nieuwe naam; |
Overwegende dat bij koninklijk besluit van 15 december 1999 tot | Overwegende dat bij koninklijk besluit van 15 december 1999 tot |
ontbinding van de Dienst voor Regeling der Binnenvaart het resterende | ontbinding van de Dienst voor Regeling der Binnenvaart het resterende |
takenpakket met inbegrip van de verrichtingen als sloopfonds, werd | takenpakket met inbegrip van de verrichtingen als sloopfonds, werd |
overgenomen door het Ministerie van Verkeer en Infrastructuur, nadien | overgenomen door het Ministerie van Verkeer en Infrastructuur, nadien |
omgevormd tot de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer; | omgevormd tot de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer; |
Overwegende dat het in het kader van de sanering van de binnenvaart en | Overwegende dat het in het kader van de sanering van de binnenvaart en |
het aanpassen van de sector aan de toekomstige behoeften, noodzakelijk | het aanpassen van de sector aan de toekomstige behoeften, noodzakelijk |
is een bijzondere aandacht te schenken aan de mogelijkheden tot | is een bijzondere aandacht te schenken aan de mogelijkheden tot |
ondersteuning van acties overeenkomstig de bepalingen van artikel 8 | ondersteuning van acties overeenkomstig de bepalingen van artikel 8 |
van Verordening 718/1999; | van Verordening 718/1999; |
Overwegende dat er bij de ontbinding van de Dienst voor Regeling der | Overwegende dat er bij de ontbinding van de Dienst voor Regeling der |
Binnenvaart middelen zijn overgebleven, waarvan de bestemming door | Binnenvaart middelen zijn overgebleven, waarvan de bestemming door |
middel van een samenwerkingsakkoord tussen de Federale Staat en de | middel van een samenwerkingsakkoord tussen de Federale Staat en de |
Gewesten dient te worden bepaald, die benut kunnen worden om een | Gewesten dient te worden bepaald, die benut kunnen worden om een |
bijzondere ondersteuning te bieden van de sector; | bijzondere ondersteuning te bieden van de sector; |
De Federale Staat, vertegenwoordigd door de Eerste Minister en de | De Federale Staat, vertegenwoordigd door de Eerste Minister en de |
Staatssecretaris voor Mobiliteit; | Staatssecretaris voor Mobiliteit; |
Het Vlaams Gewest, vertegenwoordigd door de Minister van Mobiliteit en | Het Vlaams Gewest, vertegenwoordigd door de Minister van Mobiliteit en |
Openbare Werken; | Openbare Werken; |
Het Waals Gewest, vertegenwoordigd door de Minister-President en de | Het Waals Gewest, vertegenwoordigd door de Minister-President en de |
Minister van Openbare Werken, Landbouw, Platteland, Natuur, Bos en | Minister van Openbare Werken, Landbouw, Platteland, Natuur, Bos en |
Patrimonium; | Patrimonium; |
Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, vertegenwoordigd door de Minister | Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, vertegenwoordigd door de Minister |
van Financiën, Begroting, Openbaar Ambt en Externe Betrekkingen en de | van Financiën, Begroting, Openbaar Ambt en Externe Betrekkingen en de |
Minister van Openbare Werken, Vervoer, Haven van Brussel en | Minister van Openbare Werken, Vervoer, Haven van Brussel en |
Informaticabeleid; | Informaticabeleid; |
Zijn het volgende overeengekomen : | Zijn het volgende overeengekomen : |
Artikel 1.Voor de toepassing van dit samenwerkingsakkoord wordt |
Artikel 1.Voor de toepassing van dit samenwerkingsakkoord wordt |
verstaan onder : | verstaan onder : |
1° de Verordening van de Raad : de Verordening (EG) nr. 718/1999 van | 1° de Verordening van de Raad : de Verordening (EG) nr. 718/1999 van |
de Raad van 29 maart 1999 betreffende het beleid ten aanzien van de | de Raad van 29 maart 1999 betreffende het beleid ten aanzien van de |
capaciteit van de communautaire binnenvaartvloot met het oog op de | capaciteit van de communautaire binnenvaartvloot met het oog op de |
bevordering van het vervoer over de binnenwateren, met inbegrip van de | bevordering van het vervoer over de binnenwateren, met inbegrip van de |
latere wijzigingen, alsmede elke latere verordening ter vervanging van | latere wijzigingen, alsmede elke latere verordening ter vervanging van |
de voormelde die dezelfde materie behandelt; | de voormelde die dezelfde materie behandelt; |
2° de FOD : de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer; | 2° de FOD : de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer; |
3° het Fonds : het Fonds voor de Binnenvaart, zoals bedoeld in artikel | 3° het Fonds : het Fonds voor de Binnenvaart, zoals bedoeld in artikel |
3, eerste lid van de Verordening van de Raad; | 3, eerste lid van de Verordening van de Raad; |
4° de DRB : de voormalige Dienst voor Regeling der Binnenvaart. | 4° de DRB : de voormalige Dienst voor Regeling der Binnenvaart. |
Art. 2.De taken die het Fonds overeenkomstig de Verordening van de |
Art. 2.De taken die het Fonds overeenkomstig de Verordening van de |
Raad moet uitvoeren, worden toevertrouwd aan de FOD. Die richt daartoe | Raad moet uitvoeren, worden toevertrouwd aan de FOD. Die richt daartoe |
het Fonds op onder de vorm van een administratieve cel bemand in | het Fonds op onder de vorm van een administratieve cel bemand in |
functie van de behoeften. | functie van de behoeften. |
Het Fonds opent een rekening waarop alle financiële verrichtingen | Het Fonds opent een rekening waarop alle financiële verrichtingen |
worden geboekt die in het kader van de uitvoering van de Verordening | worden geboekt die in het kader van de uitvoering van de Verordening |
van de Raad dienen te worden verricht. In het bijzonder wolden de | van de Raad dienen te worden verricht. In het bijzonder wolden de |
financiële overschotten, beschikbaar op de rekeningen van het | financiële overschotten, beschikbaar op de rekeningen van het |
sloopfonds bij de ontbinding van de ORB, op deze financiële rekening | sloopfonds bij de ontbinding van de ORB, op deze financiële rekening |
geboekt. De financiële verrichtingen vertegenwoordigen ontvangsten en | geboekt. De financiële verrichtingen vertegenwoordigen ontvangsten en |
uitgaven voor orde. | uitgaven voor orde. |
Art. 3.Het Fonds beheert de financiële rekening op een zodanige wijze |
Art. 3.Het Fonds beheert de financiële rekening op een zodanige wijze |
dat er drie gescheiden onderrekeningen kunnen opgevolgd worden, één | dat er drie gescheiden onderrekeningen kunnen opgevolgd worden, één |
voor de drogeladingschepen, één voor de tankschepen en één voor de | voor de drogeladingschepen, één voor de tankschepen en één voor de |
duwboten. Het Fonds verzekert de administratieve en financiële | duwboten. Het Fonds verzekert de administratieve en financiële |
afhandeling van de dossiers ingediend in het kader van de toepassing | afhandeling van de dossiers ingediend in het kader van de toepassing |
van artikel 4 van de Verordening van de Raad (oud-voor-nieuw regeling) | van artikel 4 van de Verordening van de Raad (oud-voor-nieuw regeling) |
en, in geval van structurele saneringsmaatregelen overeenkomstig | en, in geval van structurele saneringsmaatregelen overeenkomstig |
artikel 6 van de Verordening van de Raad, van de aanvragen tot het | artikel 6 van de Verordening van de Raad, van de aanvragen tot het |
bekomen van een sloopuitkering. Indien Gemeenschapsacties worden | bekomen van een sloopuitkering. Indien Gemeenschapsacties worden |
georganiseerd, bedoeld in artikel 3, vijfde lid van de Verordening van | georganiseerd, bedoeld in artikel 3, vijfde lid van de Verordening van |
de Raad, dient het Fonds de medewerking noodzakelijk voor de | de Raad, dient het Fonds de medewerking noodzakelijk voor de |
uitvoering ervan te verlenen. | uitvoering ervan te verlenen. |
Die medewerking kan beperkt zijn tot het transfereren van de nodige | Die medewerking kan beperkt zijn tot het transfereren van de nodige |
financiële middelen naar de autoriteiten verantwoordelijk voor het | financiële middelen naar de autoriteiten verantwoordelijk voor het |
beheer van de betrokken acties of tot het uitbetalen van de gelden aan | beheer van de betrokken acties of tot het uitbetalen van de gelden aan |
de rechthebbenden op basis van dossiers voorgelegd door de bevoegde | de rechthebbenden op basis van dossiers voorgelegd door de bevoegde |
autoriteiten. | autoriteiten. |
Het Fonds voert de opdrachten uit in overeenstemming met de | Het Fonds voert de opdrachten uit in overeenstemming met de |
richtlijnen voor uniforme toepassing gegeven door de Europese | richtlijnen voor uniforme toepassing gegeven door de Europese |
Commissie. | Commissie. |
Art. 4.Voor de controle en het toezicht op de financiële |
Art. 4.Voor de controle en het toezicht op de financiële |
verrichtingen vermeld in artikel 2, wordt een comité opgericht, | verrichtingen vermeld in artikel 2, wordt een comité opgericht, |
voorgezeten door een vertegenwoordiger van de FOD. | voorgezeten door een vertegenwoordiger van de FOD. |
Dit comité is samengesteld als volgt : | Dit comité is samengesteld als volgt : |
- drie vertegenwoordigers van het Vlaams Gewest of hun | - drie vertegenwoordigers van het Vlaams Gewest of hun |
plaatsvervangers; | plaatsvervangers; |
- twee vertegenwoordigers van het Waals Gewest of hun | - twee vertegenwoordigers van het Waals Gewest of hun |
plaatsvervangers; | plaatsvervangers; |
- één vertegenwoordiger van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest of zijn | - één vertegenwoordiger van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest of zijn |
plaatsvervanger; | plaatsvervanger; |
- vier vertegenwoordigers van de beroepsorganisaties van de | - vier vertegenwoordigers van de beroepsorganisaties van de |
binnenvaart of hun plaatsvervangers. | binnenvaart of hun plaatsvervangers. |
De voorzitter kan toestaan dat experten de vergadering bijwonen. | De voorzitter kan toestaan dat experten de vergadering bijwonen. |
De voorzitter duidt een secretaris aan onder het personeel van de FOD. | De voorzitter duidt een secretaris aan onder het personeel van de FOD. |
Art. 5.De terugbetalingen van de werkingskosten van de FOD die de |
Art. 5.De terugbetalingen van de werkingskosten van de FOD die de |
Gewesten hebben verricht voor de jaren 2000 tot en met 2004 op basis | Gewesten hebben verricht voor de jaren 2000 tot en met 2004 op basis |
van de afspraken tussen de federale overheid en de Gewesten in het | van de afspraken tussen de federale overheid en de Gewesten in het |
kader van de uitvoering van Verordening (EEG) nr. 1101/89 van de Raad | kader van de uitvoering van Verordening (EEG) nr. 1101/89 van de Raad |
van 27 april 1989 betreffende de structurele sanering van de | van 27 april 1989 betreffende de structurele sanering van de |
binnenvaart, blijven verworven. | binnenvaart, blijven verworven. |
Voor het jaar 2005 worden de werkingskosten vastgesteld op 21.862,83 | Voor het jaar 2005 worden de werkingskosten vastgesteld op 21.862,83 |
euro. | euro. |
Vanaf het jaar 2006 tot het afsluiten van de rekeningen zullen de | Vanaf het jaar 2006 tot het afsluiten van de rekeningen zullen de |
werkingskosten worden vastgesteld door het controlecomité bedoeld in | werkingskosten worden vastgesteld door het controlecomité bedoeld in |
artikel 4, op basis van een verantwoordingsnota met een overzicht van | artikel 4, op basis van een verantwoordingsnota met een overzicht van |
de reële kosten, die de FOD draagt als gevolg van de uitvoering van de | de reële kosten, die de FOD draagt als gevolg van de uitvoering van de |
taken vermeld in artikel 3. | taken vermeld in artikel 3. |
De verdeling van het bedrag tussen de Gewesten gebeurt op basis van de | De verdeling van het bedrag tussen de Gewesten gebeurt op basis van de |
verdeelsleutel vastgelegd tijdens de structurele sanering van de | verdeelsleutel vastgelegd tijdens de structurele sanering van de |
binnenvaart voor de periode van 1989 tot 1999, zijnde 81 % voor het | binnenvaart voor de periode van 1989 tot 1999, zijnde 81 % voor het |
Vlaams Gewest, 18 % voor het Waals Gewest en 1 % voor het Brussels | Vlaams Gewest, 18 % voor het Waals Gewest en 1 % voor het Brussels |
Hoofdstedelijk Gewest. | Hoofdstedelijk Gewest. |
Het bedrag verschuldigd voor een bepaald jaar wordt uiterlijk op 1 | Het bedrag verschuldigd voor een bepaald jaar wordt uiterlijk op 1 |
maart van het erop volgende jaar op de door de FOD aangeduide rekening | maart van het erop volgende jaar op de door de FOD aangeduide rekening |
gestort. | gestort. |
Art. 6.De financiële overschotten die bij de ontbinding van de DRB |
Art. 6.De financiële overschotten die bij de ontbinding van de DRB |
beschikbaar waren op de rekening « Sanering van de binnenvaart » en | beschikbaar waren op de rekening « Sanering van de binnenvaart » en |
die voortkwamen van het saldo van een toelage toegekend aan de DRB ter | die voortkwamen van het saldo van een toelage toegekend aan de DRB ter |
uitvoering van de bepalingen van het koninklijk besluit van 22 | uitvoering van de bepalingen van het koninklijk besluit van 22 |
december 1988 houdende toekenning van een toelage aan de DRB voor de | december 1988 houdende toekenning van een toelage aan de DRB voor de |
structurele sanering van de binnenvaart en van financiële opbrengsten | structurele sanering van de binnenvaart en van financiële opbrengsten |
als gevolg van de uitvoering van de opdrachten als sloopfonds, worden | als gevolg van de uitvoering van de opdrachten als sloopfonds, worden |
geboekt op een rekening « Sanering », geopend door de FOD. | geboekt op een rekening « Sanering », geopend door de FOD. |
Deze financiële middelen zullen gebruikt worden, tot beloop van het | Deze financiële middelen zullen gebruikt worden, tot beloop van het |
bedrag dat op de rekening beschikbaar is, voor de financiering van | bedrag dat op de rekening beschikbaar is, voor de financiering van |
projecten ten voordele van de Belgische binnenvaart, in het bijzonder | projecten ten voordele van de Belgische binnenvaart, in het bijzonder |
in volgende domeinen : | in volgende domeinen : |
- steunverlening aan opleidingscursussen en examenorganisatie ter | - steunverlening aan opleidingscursussen en examenorganisatie ter |
verwerving van de vakbekwaamheid van ondernemer van nationaal en | verwerving van de vakbekwaamheid van ondernemer van nationaal en |
internationaal goederenvervoer over de binnenwateren of ter | internationaal goederenvervoer over de binnenwateren of ter |
verkrijging van vaarbewijzen, Rijnpatenten, radarpatenten, | verkrijging van vaarbewijzen, Rijnpatenten, radarpatenten, |
ADNR-certificaten, verklaringen matroos, enz.; | ADNR-certificaten, verklaringen matroos, enz.; |
- steun voor de uitrusting van opleidingsschepen met nieuwe | - steun voor de uitrusting van opleidingsschepen met nieuwe |
informatietechnologieën; | informatietechnologieën; |
- onderzoek naar nieuwe technieken die bijdragen tot de verbetering | - onderzoek naar nieuwe technieken die bijdragen tot de verbetering |
van arbeidsomstandigheden, verhoging van de technische | van arbeidsomstandigheden, verhoging van de technische |
veiligheidseisen en milieuvriendelijke investeringen. | veiligheidseisen en milieuvriendelijke investeringen. |
De financiële verrichtingen op deze rekening zijn ontvangsten en | De financiële verrichtingen op deze rekening zijn ontvangsten en |
uitgaven voor orde. | uitgaven voor orde. |
Art. 7.De projecten waarvan sprake in artikel 6 kunnen worden |
Art. 7.De projecten waarvan sprake in artikel 6 kunnen worden |
ingediend door diensten die deel uitmaken van de federale of | ingediend door diensten die deel uitmaken van de federale of |
Gewestelijke administraties, door in België gevestigde | Gewestelijke administraties, door in België gevestigde |
promotieorganisaties van de binnenvaart of door Belgische instellingen | promotieorganisaties van de binnenvaart of door Belgische instellingen |
die erkende vormingscursussen aanbieden in de sector binnenvaart. | die erkende vormingscursussen aanbieden in de sector binnenvaart. |
De indiening gebeurt bij de FOD volgens een door deze dienst | De indiening gebeurt bij de FOD volgens een door deze dienst |
vastgestelde procedure. | vastgestelde procedure. |
Het ingediende dossier dient ten minste volgende informatie te | Het ingediende dossier dient ten minste volgende informatie te |
bevatten : | bevatten : |
- de gegevens ter identificatie van de dienst, organisatie of | - de gegevens ter identificatie van de dienst, organisatie of |
instelling die het project indient; | instelling die het project indient; |
- een gedetailleerde beschrijving van het project; | - een gedetailleerde beschrijving van het project; |
- een raming van de totale kostprijs van het project en van het | - een raming van de totale kostprijs van het project en van het |
financieringsplan; | financieringsplan; |
- informatie over de eventuele externe partners die deelnemen aan het | - informatie over de eventuele externe partners die deelnemen aan het |
project. | project. |
Elk ingediend dossier wordt ter beslissing voorgelegd aan de | Elk ingediend dossier wordt ter beslissing voorgelegd aan de |
Interministeriële Conferentie van Mobiliteit, Infrastructuur en | Interministeriële Conferentie van Mobiliteit, Infrastructuur en |
Telecommunicatie. | Telecommunicatie. |
Art. 8.De Staat en de Gewesten zullen, elk wat hen betreft, de |
Art. 8.De Staat en de Gewesten zullen, elk wat hen betreft, de |
maatregelen treffen om een permanent en doeltreffend toezicht te | maatregelen treffen om een permanent en doeltreffend toezicht te |
houden op de naleving van de verplichtingen die krachtens de | houden op de naleving van de verplichtingen die krachtens de |
Verordening van de Raad op de ondernemingen berusten en voorzien in | Verordening van de Raad op de ondernemingen berusten en voorzien in |
aangepaste sancties. | aangepaste sancties. |
In het bijzonder zorgt de federale Staat ervoor dat de documenten | In het bijzonder zorgt de federale Staat ervoor dat de documenten |
nodig voor het in exploitatie nemen van een binnenvaartuig slechts | nodig voor het in exploitatie nemen van een binnenvaartuig slechts |
worden afgegeven indien er voldaan is aan de verplichtingen opgelegd | worden afgegeven indien er voldaan is aan de verplichtingen opgelegd |
door de Verordening van de Raad. | door de Verordening van de Raad. |
Art. 9.Dit samenwerkingsakkoord beeft uitwerking met ingang van 1 |
Art. 9.Dit samenwerkingsakkoord beeft uitwerking met ingang van 1 |
januari 2000, met uitzondering van de artikelen 6 en 7, die in werking | januari 2000, met uitzondering van de artikelen 6 en 7, die in werking |
treden op datum van de ondertekening. | treden op datum van de ondertekening. |
Het wordt bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad. | Het wordt bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad. |
Opgemaakt te Brussel op 8 oktober 2010 in zoveel exemplaren als er | Opgemaakt te Brussel op 8 oktober 2010 in zoveel exemplaren als er |
partijen zijn. | partijen zijn. |
Voor de Staat : | Voor de Staat : |
De Eerste Minister, | De Eerste Minister, |
Y. LETERME | Y. LETERME |
De Staatssecretaris voor Mobiliteit, | De Staatssecretaris voor Mobiliteit, |
E. SCHOUPPE | E. SCHOUPPE |
Voor het Vlaams Gewest : | Voor het Vlaams Gewest : |
De Minister van Mobiliteit en Openbare Werken, | De Minister van Mobiliteit en Openbare Werken, |
Mevr. H. CREVITS | Mevr. H. CREVITS |
Voor het Waals Gewest : | Voor het Waals Gewest : |
De Minister-President, | De Minister-President, |
R. DEMOTTE | R. DEMOTTE |
De Minister van Openbare Werken, Landbouw, Platteland, Natuur, Bos en | De Minister van Openbare Werken, Landbouw, Platteland, Natuur, Bos en |
Patrimonium, | Patrimonium, |
B. LUTGEN | B. LUTGEN |
Voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest : | Voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest : |
De Minister van Financiën, Begroting, Openbaar Ambt en Externe | De Minister van Financiën, Begroting, Openbaar Ambt en Externe |
Betrekkingen, | Betrekkingen, |
J.-L. VANRAES | J.-L. VANRAES |
De Minister van Openbare Werken, Vervoer, Haven van Brussel en | De Minister van Openbare Werken, Vervoer, Haven van Brussel en |
Informaticabeleid, | Informaticabeleid, |
Mevr. B. GROUWELS | Mevr. B. GROUWELS |
Kondigen deze ordonnantie af, bevelen dat ze in het Belgisch | Kondigen deze ordonnantie af, bevelen dat ze in het Belgisch |
Staatsblad zal worden bekendgemaakt. | Staatsblad zal worden bekendgemaakt. |
Brussel, 27 maart 2014. | Brussel, 27 maart 2014. |
Minister-President van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast | Minister-President van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast |
met Plaatselijke Besturen, Ruimtelijke Ordening, Monumenten en | met Plaatselijke Besturen, Ruimtelijke Ordening, Monumenten en |
Landschappen, Openbare Netheid en Ontwikkelingssamenwerking, | Landschappen, Openbare Netheid en Ontwikkelingssamenwerking, |
R. VERVOORT | R. VERVOORT |
Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met | Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met |
Financiën, Begroting, Openbaar Ambt en Externe Betrekkingen, | Financiën, Begroting, Openbaar Ambt en Externe Betrekkingen, |
G. VANHENGEL | G. VANHENGEL |
Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met | Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met |
Leefmilieu, Energie, Waterbeleid, Stadsvernieuwing, Brandbestrijding | Leefmilieu, Energie, Waterbeleid, Stadsvernieuwing, Brandbestrijding |
en Dringende Medische Hulp en Huisvesting, | en Dringende Medische Hulp en Huisvesting, |
Mevr. E. HUYTEBROECK | Mevr. E. HUYTEBROECK |
Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met | Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met |
Openbare Werken en Vervoer, | Openbare Werken en Vervoer, |
Mevr. B. GROUWELS | Mevr. B. GROUWELS |
Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met | Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met |
Tewerkstelling, Economie en Wetenschappelijk Onderzoek, | Tewerkstelling, Economie en Wetenschappelijk Onderzoek, |
Mevr. C. FREMAULT | Mevr. C. FREMAULT |
_______ | _______ |
Nota | Nota |
Documenten van het Parlement : | Documenten van het Parlement : |
Gewone zitting 2013/2014 | Gewone zitting 2013/2014 |
A-478/1 Ontwerp van ordonnantie | A-478/1 Ontwerp van ordonnantie |
A-478/2 Verslag | A-478/2 Verslag |
Integraal verslag : | Integraal verslag : |
Bespreking en aanneming : vergadering van vrijdag 14 maart 2014 | Bespreking en aanneming : vergadering van vrijdag 14 maart 2014 |