Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 16 december 2021, gesloten in het Paritair Comité voor het bouwbedrijf, betreffende de duurzame beroepsintegratie, herintegratie en opleiding van risicogroepen | Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 16 december 2021, gesloten in het Paritair Comité voor het bouwbedrijf, betreffende de duurzame beroepsintegratie, herintegratie en opleiding van risicogroepen |
---|---|
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG | FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG |
1 MEI 2022. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt | 1 MEI 2022. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt |
verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 16 december 2021, | verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 16 december 2021, |
gesloten in het Paritair Comité voor het bouwbedrijf, betreffende de | gesloten in het Paritair Comité voor het bouwbedrijf, betreffende de |
duurzame beroepsintegratie, herintegratie en opleiding van | duurzame beroepsintegratie, herintegratie en opleiding van |
risicogroepen (1) | risicogroepen (1) |
FILIP, Koning der Belgen, | FILIP, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve | Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve |
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel | arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel |
28; | 28; |
Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor het bouwbedrijf; | Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor het bouwbedrijf; |
Op de voordracht van de Minister van Werk, | Op de voordracht van de Minister van Werk, |
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 16 december 2021, | overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 16 december 2021, |
gesloten in het Paritair Comité voor het bouwbedrijf, betreffende de | gesloten in het Paritair Comité voor het bouwbedrijf, betreffende de |
duurzame beroepsintegratie, herintegratie en opleiding van | duurzame beroepsintegratie, herintegratie en opleiding van |
risicogroepen. | risicogroepen. |
Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
dit besluit. | dit besluit. |
Gegeven te Brussel, 1 mei 2022. | Gegeven te Brussel, 1 mei 2022. |
FILIP | FILIP |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
P.-Y. DERMAGNE | P.-Y. DERMAGNE |
_______ | _______ |
Nota | Nota |
(1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : | (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : |
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. | Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. |
Bijlage | Bijlage |
Paritair Comité voor het bouwbedrijf | Paritair Comité voor het bouwbedrijf |
Collectieve arbeidsovereenkomst van 16 december 2021 | Collectieve arbeidsovereenkomst van 16 december 2021 |
Duurzame beroepsintegratie, herintegratie en opleiding van | Duurzame beroepsintegratie, herintegratie en opleiding van |
risicogroepen (Overeenkomst geregistreerd op 4 januari 2022 onder het | risicogroepen (Overeenkomst geregistreerd op 4 januari 2022 onder het |
nummer 169183/CO/124) | nummer 169183/CO/124) |
HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied | HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op |
de werkgevers en de arbeiders van de ondernemingen die onder het | de werkgevers en de arbeiders van de ondernemingen die onder het |
Paritair Comité voor het bouwbedrijf ressorteren. | Paritair Comité voor het bouwbedrijf ressorteren. |
In deze collectieve arbeidsovereenkomst verstaat men onder : | In deze collectieve arbeidsovereenkomst verstaat men onder : |
- "arbeiders" : de arbeiders en arbeidsters; | - "arbeiders" : de arbeiders en arbeidsters; |
- "Constructiv" : het fonds voor bestaanszekerheid opgericht voor de | - "Constructiv" : het fonds voor bestaanszekerheid opgericht voor de |
sector van het bouwbedrijf (PC 124). | sector van het bouwbedrijf (PC 124). |
Art. 2.Deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt gesloten ter |
Art. 2.Deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt gesloten ter |
uitvoering van : | uitvoering van : |
1° het artikel 56 van de collectieve arbeidsovereenkomst van 16 | 1° het artikel 56 van de collectieve arbeidsovereenkomst van 16 |
december 2021 tot organisatie van opleidings- en | december 2021 tot organisatie van opleidings- en |
tewerkstellingsstelsels, hierna kader-collectieve arbeidsovereenkomst | tewerkstellingsstelsels, hierna kader-collectieve arbeidsovereenkomst |
genoemd; | genoemd; |
2° de afdeling 1 "Inspanning ten voordele van de personen die behoren | 2° de afdeling 1 "Inspanning ten voordele van de personen die behoren |
tot de risicogroepen" van hoofdstuk 8 van titel XIII van de wet van 27 | tot de risicogroepen" van hoofdstuk 8 van titel XIII van de wet van 27 |
december 2006 houdende diverse bepalingen (I); | december 2006 houdende diverse bepalingen (I); |
3° het koninklijk besluit van 19 februari 2013 tot uitvoering van | 3° het koninklijk besluit van 19 februari 2013 tot uitvoering van |
artikel 189, 4de lid van de wet van 27 december 2006 houdende diverse | artikel 189, 4de lid van de wet van 27 december 2006 houdende diverse |
bepalingen (I). | bepalingen (I). |
Ze heeft tot doel de verschillende instrumenten te bepalen waarvan de | Ze heeft tot doel de verschillende instrumenten te bepalen waarvan de |
sector gebruik zal kunnen maken tijdens de looptijd van deze | sector gebruik zal kunnen maken tijdens de looptijd van deze |
collectieve arbeidsovereenkomst, om de duurzame beroepsintegratie, | collectieve arbeidsovereenkomst, om de duurzame beroepsintegratie, |
herintegratie en opleiding van risicogroepen te bevorderen. | herintegratie en opleiding van risicogroepen te bevorderen. |
HOOFDSTUK II. - Acties ten bate van laag- | HOOFDSTUK II. - Acties ten bate van laag- |
of ongeschoolde jonge werkzoekenden | of ongeschoolde jonge werkzoekenden |
Afdeling 1. - Doelgroep | Afdeling 1. - Doelgroep |
Art. 3.Onder "laag- of ongeschoolde jonge werkzoekenden" dient men de |
Art. 3.Onder "laag- of ongeschoolde jonge werkzoekenden" dient men de |
volgende risicogroepen te verstaan : | volgende risicogroepen te verstaan : |
1° de jongeren die nog onderworpen zijn aan de deeltijdse leerplicht; | 1° de jongeren die nog onderworpen zijn aan de deeltijdse leerplicht; |
2° de jongeren van minder dan 25 jaar oud die hun 6de maand van | 2° de jongeren van minder dan 25 jaar oud die hun 6de maand van |
inschrijving als werkzoekende ingaan en die geen diploma van hoger | inschrijving als werkzoekende ingaan en die geen diploma van hoger |
secundair onderwijs hebben; | secundair onderwijs hebben; |
3° laaggeschoolde werkzoekenden van 18 tot 23 jaar oud die geen | 3° laaggeschoolde werkzoekenden van 18 tot 23 jaar oud die geen |
diploma van het technisch of beroepssecundair bouwonderwijs hebben; | diploma van het technisch of beroepssecundair bouwonderwijs hebben; |
4° bijzonder moeilijk te plaatsen werkzoekenden die tewerkgesteld zijn | 4° bijzonder moeilijk te plaatsen werkzoekenden die tewerkgesteld zijn |
in toeleidingsinitiatieven (erkend door Constructiv). | in toeleidingsinitiatieven (erkend door Constructiv). |
Afdeling 2. - Instrumenten voor duurzame beroepsintegratie | Afdeling 2. - Instrumenten voor duurzame beroepsintegratie |
en herintegratie | en herintegratie |
Art. 4.Onder "acties ten bate van laag- of ongeschoolde jonge |
Art. 4.Onder "acties ten bate van laag- of ongeschoolde jonge |
werkzoekenden" dient men te verstaan : | werkzoekenden" dient men te verstaan : |
1° voor de werkzoekenden bedoeld in artikel 3, 1°, de acties | 1° voor de werkzoekenden bedoeld in artikel 3, 1°, de acties |
ondernomen in het kader van de instrumenten van alternerende opleiding | ondernomen in het kader van de instrumenten van alternerende opleiding |
ontwikkeld door de gemeenschappen en de gewesten en erkend op basis | ontwikkeld door de gemeenschappen en de gewesten en erkend op basis |
van artikel 2, § 3 van de kader-collectieve arbeidsovereenkomst; | van artikel 2, § 3 van de kader-collectieve arbeidsovereenkomst; |
2° voor de werkzoekenden van minder dan 25 jaar oud bedoeld in artikel | 2° voor de werkzoekenden van minder dan 25 jaar oud bedoeld in artikel |
3, 2°, de acties ondernomen : | 3, 2°, de acties ondernomen : |
a) in het kader van de samenwerkingsovereenkomsten tussen Constructiv | a) in het kader van de samenwerkingsovereenkomsten tussen Constructiv |
en de VDAB, de FOREm, IFAPME, EFP, Bruxelles-Formation of het | en de VDAB, de FOREm, IFAPME, EFP, Bruxelles-Formation of het |
Arbeitsamt voor zowel het Vlaamse, het Waalse als het Brusselse | Arbeitsamt voor zowel het Vlaamse, het Waalse als het Brusselse |
Hoofdstedelijk Gewest en de Duitstalige Gemeenschap; | Hoofdstedelijk Gewest en de Duitstalige Gemeenschap; |
b) in het kader van de instrumenten van alternerende opleiding | b) in het kader van de instrumenten van alternerende opleiding |
ontwikkeld door de gemeenschappen en de gewesten en erkend op basis | ontwikkeld door de gemeenschappen en de gewesten en erkend op basis |
van artikel 2, § 3 van de kader-collectieve arbeidsovereenkomst; | van artikel 2, § 3 van de kader-collectieve arbeidsovereenkomst; |
3° voor de laaggeschoolde werkzoekenden bedoeld in artikel 3, 3°, de | 3° voor de laaggeschoolde werkzoekenden bedoeld in artikel 3, 3°, de |
acties ondernomen in het kader van de instrumenten van alternerende | acties ondernomen in het kader van de instrumenten van alternerende |
opleiding ontwikkeld door de gemeenschappen en de gewesten en erkend | opleiding ontwikkeld door de gemeenschappen en de gewesten en erkend |
op basis van artikel 2, § 3 van de kader-collectieve | op basis van artikel 2, § 3 van de kader-collectieve |
arbeidsovereenkomst; | arbeidsovereenkomst; |
4° voor de werkzoekenden bedoeld in artikel 3, 4°, de acties | 4° voor de werkzoekenden bedoeld in artikel 3, 4°, de acties |
ondernomen in het kader van de samenwerkingsovereenkomsten met | ondernomen in het kader van de samenwerkingsovereenkomsten met |
toeleidingsinitiatieven (erkend door Constructiv) met het oog op de | toeleidingsinitiatieven (erkend door Constructiv) met het oog op de |
noodzakelijke vooropleiding om een minimumdrempel te verkrijgen die | noodzakelijke vooropleiding om een minimumdrempel te verkrijgen die |
vereist is voor de toegang tot de instrumenten van alternerende | vereist is voor de toegang tot de instrumenten van alternerende |
opleiding ontwikkeld door de gemeenschappen en de gewesten en erkend | opleiding ontwikkeld door de gemeenschappen en de gewesten en erkend |
op basis van artikel 2, § 3 van de kader-collectieve | op basis van artikel 2, § 3 van de kader-collectieve |
arbeidsovereenkomst. | arbeidsovereenkomst. |
Art. 5.In het kader van de in dit hoofdstuk omschreven acties, hebben |
Art. 5.In het kader van de in dit hoofdstuk omschreven acties, hebben |
de regiomanagers, in het kader van de opdrachten die hen worden | de regiomanagers, in het kader van de opdrachten die hen worden |
gegeven door artikel 74, § 4 van de kader-collectieve | gegeven door artikel 74, § 4 van de kader-collectieve |
arbeidsovereenkomst onder meer de taak : | arbeidsovereenkomst onder meer de taak : |
1° de jongeren bedoeld in artikel 3 te oriënteren naar de | 1° de jongeren bedoeld in artikel 3 te oriënteren naar de |
verschillende deeltijdse opleidingsregelingen; | verschillende deeltijdse opleidingsregelingen; |
2° ondernemingen te zoeken om hen op te leiden in het kader van de | 2° ondernemingen te zoeken om hen op te leiden in het kader van de |
regelingen bedoeld in artikel 4 van deze overeenkomst. | regelingen bedoeld in artikel 4 van deze overeenkomst. |
HOOFDSTUK III. - Acties ten bate van laag- | HOOFDSTUK III. - Acties ten bate van laag- |
of ongeschoolde bouwvakarbeiders | of ongeschoolde bouwvakarbeiders |
Afdeling 1. - Doelgroep | Afdeling 1. - Doelgroep |
Art. 6.Onder "laag- of ongeschoolde bouwvakarbeiders" dient men de |
Art. 6.Onder "laag- of ongeschoolde bouwvakarbeiders" dient men de |
doelgroep te verstaan die bestaat uit de volgende risicogroepen : | doelgroep te verstaan die bestaat uit de volgende risicogroepen : |
1° de in de bouwsector tewerkgestelde arbeiders die onvoldoende of | 1° de in de bouwsector tewerkgestelde arbeiders die onvoldoende of |
niet geschoold zijn voor de door hen uit te voeren taken; | niet geschoold zijn voor de door hen uit te voeren taken; |
2° de in de bouwsector tewerkgestelde arbeiders die geconfronteerd | 2° de in de bouwsector tewerkgestelde arbeiders die geconfronteerd |
worden met nieuwe technologieën (onder andere de digitalisering); | worden met nieuwe technologieën (onder andere de digitalisering); |
3° de in de bouwsector tewerkgestelde arbeiders die getroffen worden | 3° de in de bouwsector tewerkgestelde arbeiders die getroffen worden |
door een collectief ontslag of een herstructurering. | door een collectief ontslag of een herstructurering. |
Afdeling 2. - Instrumenten ter bevordering en behoud | Afdeling 2. - Instrumenten ter bevordering en behoud |
van de beroepskwalificaties | van de beroepskwalificaties |
Art. 7.Onder "acties ten bate van laag- of ongeschoolde |
Art. 7.Onder "acties ten bate van laag- of ongeschoolde |
bouwvakarbeiders", dient men de acties te verstaan die worden | bouwvakarbeiders", dient men de acties te verstaan die worden |
ondernomen in het kader : | ondernomen in het kader : |
1° van de weekdagopleidingen zoals georganiseerd door titel III, | 1° van de weekdagopleidingen zoals georganiseerd door titel III, |
hoofdstuk 2 van de kader-collectieve arbeidsovereenkomst; | hoofdstuk 2 van de kader-collectieve arbeidsovereenkomst; |
2° van de avond- en zaterdagopleidingen zoals georganiseerd door titel | 2° van de avond- en zaterdagopleidingen zoals georganiseerd door titel |
III, hoofdstuk 4, van de kader-collectieve arbeidsovereenkomst; | III, hoofdstuk 4, van de kader-collectieve arbeidsovereenkomst; |
3° van de winteropleidingen zoals georganiseerd door titel III, | 3° van de winteropleidingen zoals georganiseerd door titel III, |
hoofdstuk 3 van de kader-collectieve arbeidsovereenkomst; | hoofdstuk 3 van de kader-collectieve arbeidsovereenkomst; |
4° van de specifieke opleidingen voor arbeiders die geen enkele | 4° van de specifieke opleidingen voor arbeiders die geen enkele |
beroepsbekwaamheid hebben, uitgewerkt ter uitvoering van titel IV, | beroepsbekwaamheid hebben, uitgewerkt ter uitvoering van titel IV, |
hoofdstuk 1 van de kader-collectieve arbeidsovereenkomst; | hoofdstuk 1 van de kader-collectieve arbeidsovereenkomst; |
5° de bedrijfsinterne opleidingen via een begeleiding door een | 5° de bedrijfsinterne opleidingen via een begeleiding door een |
meester-mentor zoals georganiseerd door titel III, hoofdstuk 5 van de | meester-mentor zoals georganiseerd door titel III, hoofdstuk 5 van de |
kader-collectieve arbeidsovereenkomst. | kader-collectieve arbeidsovereenkomst. |
De verschillende opleidingsacties bedoeld in het 1ste lid hebben tot | De verschillende opleidingsacties bedoeld in het 1ste lid hebben tot |
doel tijdens de looptijd van deze overeenkomst de basisopleiding, de | doel tijdens de looptijd van deze overeenkomst de basisopleiding, de |
bij- en herscholing of de vervolmaking in de verschillende | bij- en herscholing of de vervolmaking in de verschillende |
bouwberoepen verder uit te bouwen voor de doelgroep vermeld in artikel | bouwberoepen verder uit te bouwen voor de doelgroep vermeld in artikel |
6. | 6. |
Art. 8.In het kader van de in dit hoofdstuk omschreven acties, heeft |
Art. 8.In het kader van de in dit hoofdstuk omschreven acties, heeft |
de regiomanager met name de opdracht : | de regiomanager met name de opdracht : |
1° het paritair overleg op zijn niveau te organiseren voor alle | 1° het paritair overleg op zijn niveau te organiseren voor alle |
regelingen voor de opleiding van werknemers; | regelingen voor de opleiding van werknemers; |
2° de opleidingen voor nieuwe technologieën te organiseren in nauwe | 2° de opleidingen voor nieuwe technologieën te organiseren in nauwe |
samenwerking met de centra voor nieuwe technologieën. | samenwerking met de centra voor nieuwe technologieën. |
HOOFDSTUK IV. - Acties ter ondersteuning en bevordering | HOOFDSTUK IV. - Acties ter ondersteuning en bevordering |
van het bouwvakonderwijs | van het bouwvakonderwijs |
Afdeling 1. - Doelgroep | Afdeling 1. - Doelgroep |
Art. 9.De doelgroep voor de acties ter ondersteuning en bevordering |
Art. 9.De doelgroep voor de acties ter ondersteuning en bevordering |
van het bouwvakonderwijs bestaat uit jongeren die voltijds | van het bouwvakonderwijs bestaat uit jongeren die voltijds |
bouwonderwijs volgen of willen volgen om een kwalificatiegetuigschrift | bouwonderwijs volgen of willen volgen om een kwalificatiegetuigschrift |
te behalen van het technisch of beroepssecundair onderwijs (gericht op | te behalen van het technisch of beroepssecundair onderwijs (gericht op |
de bouw) of een getuigschrift van het bijzonder secundair onderwijs | de bouw) of een getuigschrift van het bijzonder secundair onderwijs |
(gericht op de bouw). | (gericht op de bouw). |
Afdeling 2. - Instrumenten ter ondersteuning en bevordering van het | Afdeling 2. - Instrumenten ter ondersteuning en bevordering van het |
bouwvakonderwijs | bouwvakonderwijs |
Art. 10.Constructiv heeft de opdracht het beroepssecundair en |
Art. 10.Constructiv heeft de opdracht het beroepssecundair en |
technisch bouwonderwijs te stimuleren en te bevorderen. | technisch bouwonderwijs te stimuleren en te bevorderen. |
Art. 11.In het kader van de in dit hoofdstuk omschreven acties, |
Art. 11.In het kader van de in dit hoofdstuk omschreven acties, |
hebben de regiomanagers, in het kader van de opdrachten die hen worden | hebben de regiomanagers, in het kader van de opdrachten die hen worden |
gegeven door artikel 74, § 4 van de kader-collectieve | gegeven door artikel 74, § 4 van de kader-collectieve |
arbeidsovereenkomst onder meer de taak : | arbeidsovereenkomst onder meer de taak : |
1° de schoolplichtige jongeren te oriënteren naar het bouwonderwijs of | 1° de schoolplichtige jongeren te oriënteren naar het bouwonderwijs of |
naar alternerende trajecten; | naar alternerende trajecten; |
2° bedrijfsstages te zoeken voor jongeren uit het voltijds onderwijs; | 2° bedrijfsstages te zoeken voor jongeren uit het voltijds onderwijs; |
3° de jongeren te informeren over de bouwberoepen; | 3° de jongeren te informeren over de bouwberoepen; |
4° de overgang van afgestudeerden van het voltijds bouwonderwijs naar | 4° de overgang van afgestudeerden van het voltijds bouwonderwijs naar |
de ondernemingen te organiseren. | de ondernemingen te organiseren. |
HOOFDSTUK V. - Bijkomende acties ter ondersteuning en bevordering | HOOFDSTUK V. - Bijkomende acties ter ondersteuning en bevordering |
van de tewerkstelling van de jongeren : ingroeibanen bouw | van de tewerkstelling van de jongeren : ingroeibanen bouw |
Afdeling 1. - Definitie en toepassingsgebied | Afdeling 1. - Definitie en toepassingsgebied |
Art. 12.De regeling van de ingroeibanen bouw is een regeling van |
Art. 12.De regeling van de ingroeibanen bouw is een regeling van |
tijdelijke begeleiding van de bij artikel 13 bedoelde jonge arbeiders | tijdelijke begeleiding van de bij artikel 13 bedoelde jonge arbeiders |
die een betere integratie van deze jongeren in de onderneming beoogt. | die een betere integratie van deze jongeren in de onderneming beoogt. |
Deze regeling is van toepassing op de bij artikel 1 bedoelde | Deze regeling is van toepassing op de bij artikel 1 bedoelde |
werkgevers en op de jonge arbeiders die door deze werkgevers met een | werkgevers en op de jonge arbeiders die door deze werkgevers met een |
voltijdse arbeidsovereenkomst voor onbepaalde duur in dienst worden | voltijdse arbeidsovereenkomst voor onbepaalde duur in dienst worden |
genomen. De regeling is van toepassing voor een periode van 18 maanden | genomen. De regeling is van toepassing voor een periode van 18 maanden |
die aanvangt bij het begin van de uitvoering van de | die aanvangt bij het begin van de uitvoering van de |
arbeidsovereenkomst. | arbeidsovereenkomst. |
Art. 13.De jonge arbeider |
Art. 13.De jonge arbeider |
1° is aan geen enkele leerplicht onderworpen; | 1° is aan geen enkele leerplicht onderworpen; |
2° mag niet ouder zijn dan 26 jaar bij het sluiten van de | 2° mag niet ouder zijn dan 26 jaar bij het sluiten van de |
arbeidsovereenkomst; | arbeidsovereenkomst; |
3° mag niet als arbeider tewerkgesteld zijn geweest in een onderneming | 3° mag niet als arbeider tewerkgesteld zijn geweest in een onderneming |
bedoeld in artikel 1 van deze overeenkomst gedurende een periode van | bedoeld in artikel 1 van deze overeenkomst gedurende een periode van |
meer dan 12 maanden. | meer dan 12 maanden. |
Afdeling 2. - De begeleider | Afdeling 2. - De begeleider |
Art. 14.De verantwoordelijkheid voor de begeleiding van de jonge |
Art. 14.De verantwoordelijkheid voor de begeleiding van de jonge |
arbeider wordt toevertrouwd aan een geschoolde arbeider van de | arbeider wordt toevertrouwd aan een geschoolde arbeider van de |
onderneming die als begeleider van de jonge arbeider optreedt. | onderneming die als begeleider van de jonge arbeider optreedt. |
De begeleider moet een door Constructiv erkende pedagogische opleiding | De begeleider moet een door Constructiv erkende pedagogische opleiding |
van een minimale duur van 8 uur hebben gevolgd of een ervaringsbewijs | van een minimale duur van 8 uur hebben gevolgd of een ervaringsbewijs |
of een pedagogisch diploma hebben. | of een pedagogisch diploma hebben. |
Art. 15.De bij artikel 1 van deze overeenkomst bedoelde werkgever, |
Art. 15.De bij artikel 1 van deze overeenkomst bedoelde werkgever, |
die voldoet aan de voorwaarden, bepaald in artikel 14, kan de functie | die voldoet aan de voorwaarden, bepaald in artikel 14, kan de functie |
van begeleider van de jonge arbeider op zich nemen ingeval : | van begeleider van de jonge arbeider op zich nemen ingeval : |
- de onderneming geen geschoolde arbeider heeft die voldoet aan de | - de onderneming geen geschoolde arbeider heeft die voldoet aan de |
voorwaarden van § 1 of die de functie van peter op zich wenst te | voorwaarden van § 1 of die de functie van peter op zich wenst te |
nemen; | nemen; |
- de jonge arbeider de eerste werknemer van de onderneming is. | - de jonge arbeider de eerste werknemer van de onderneming is. |
Art. 16.De begeleider is verplicht alle noodzakelijke initiatieven te |
Art. 16.De begeleider is verplicht alle noodzakelijke initiatieven te |
nemen voor de praktische opleiding van de jonge arbeider waarvoor hij | nemen voor de praktische opleiding van de jonge arbeider waarvoor hij |
instaat. De initiatieven die de begeleider neemt, moeten de jonge | instaat. De initiatieven die de begeleider neemt, moeten de jonge |
arbeider in staat stellen na afloop van de periode van 18 maanden zijn | arbeider in staat stellen na afloop van de periode van 18 maanden zijn |
beroep autonoom uit te oefenen met dezelfde bekwaamheid en hetzelfde | beroep autonoom uit te oefenen met dezelfde bekwaamheid en hetzelfde |
rendement als een arbeider van categorie II. | rendement als een arbeider van categorie II. |
Art. 17.De werkgever ziet erop toe dat de begeleider op dezelfde |
Art. 17.De werkgever ziet erop toe dat de begeleider op dezelfde |
arbeidsplaats wordt tewerkgesteld als de jonge arbeider waarvoor hij | arbeidsplaats wordt tewerkgesteld als de jonge arbeider waarvoor hij |
instaat. De werkgever moet de begeleider die gedurende een | instaat. De werkgever moet de begeleider die gedurende een |
aaneengesloten periode van 6 weken afwezig is, vervangen en er | aaneengesloten periode van 6 weken afwezig is, vervangen en er |
Constructiv over inlichten. | Constructiv over inlichten. |
Afdeling 3. - Rechten en plichten van de partijen | Afdeling 3. - Rechten en plichten van de partijen |
Art. 18.De regeling van de ingroeibanen bouw verplicht : |
Art. 18.De regeling van de ingroeibanen bouw verplicht : |
- de werkgever erover te waken dat de jonge arbeider de nodige | - de werkgever erover te waken dat de jonge arbeider de nodige |
begeleiding en opleiding krijgt om de specifieke beroepstechnieken en | begeleiding en opleiding krijgt om de specifieke beroepstechnieken en |
aan te leren; | aan te leren; |
- de jonge arbeider een aanvullende theoretische opleiding te volgen | - de jonge arbeider een aanvullende theoretische opleiding te volgen |
die verband houdt met de uitoefening van zijn beroep. | die verband houdt met de uitoefening van zijn beroep. |
Art. 19.§ 1. Het loon van de jonge arbeider wordt als volgt |
Art. 19.§ 1. Het loon van de jonge arbeider wordt als volgt |
vastgesteld : | vastgesteld : |
a) jongeren met een bouwopleiding : categorie IA conform artikel 5 van | a) jongeren met een bouwopleiding : categorie IA conform artikel 5 van |
de collectieve arbeidsovereenkomst van 12 juni 2014 - | de collectieve arbeidsovereenkomst van 12 juni 2014 - |
arbeiderscategorieën (registratienummer : 123570/CO/124); | arbeiderscategorieën (registratienummer : 123570/CO/124); |
b) jongeren zonder een bouwopleiding : categorie I conform artikel 4 | b) jongeren zonder een bouwopleiding : categorie I conform artikel 4 |
van de collectieve arbeidsovereenkomst van 12 juni 2014 - | van de collectieve arbeidsovereenkomst van 12 juni 2014 - |
arbeiderscategorieën. | arbeiderscategorieën. |
§ 2. Het beheerscomité bedoeld in artikel 23 van de statuten van | § 2. Het beheerscomité bedoeld in artikel 23 van de statuten van |
Constructiv bepaalt wat onder "bouwopleiding" wordt verstaan. | Constructiv bepaalt wat onder "bouwopleiding" wordt verstaan. |
Afdeling 4. - Organisatie van de aanvullende theoretische opleiding | Afdeling 4. - Organisatie van de aanvullende theoretische opleiding |
Art. 20.De bij artikel 18 bedoelde aanvullende theoretische opleiding |
Art. 20.De bij artikel 18 bedoelde aanvullende theoretische opleiding |
houdt ten minste 8 uur basisopleiding veiligheid voor nieuwe intreders | houdt ten minste 8 uur basisopleiding veiligheid voor nieuwe intreders |
in. | in. |
De aanvullende theoretische opleiding wordt verstrekt in een | De aanvullende theoretische opleiding wordt verstrekt in een |
opleidingscentrum dat is erkend door Constructiv. | opleidingscentrum dat is erkend door Constructiv. |
Art. 21.Uiterlijk op het einde van de 3de maand van de |
Art. 21.Uiterlijk op het einde van de 3de maand van de |
arbeidsovereenkomst stuurt de werkgever aan Constructiv een voorstel | arbeidsovereenkomst stuurt de werkgever aan Constructiv een voorstel |
van opleidingsprogramma dat is opgesteld op basis van de theoretische | van opleidingsprogramma dat is opgesteld op basis van de theoretische |
kennis die de jonge arbeider moet verwerven of vergroten voor de | kennis die de jonge arbeider moet verwerven of vergroten voor de |
uitoefening van zijn beroep in de onderneming. | uitoefening van zijn beroep in de onderneming. |
Art. 22.Constructiv spreekt zich uit over de voorstellen bedoeld in |
Art. 22.Constructiv spreekt zich uit over de voorstellen bedoeld in |
artikel 21, stelt het definitieve opleidingsprogramma vast en | artikel 21, stelt het definitieve opleidingsprogramma vast en |
coördineert de activiteiten met betrekking tot de organisatie van de | coördineert de activiteiten met betrekking tot de organisatie van de |
theoretische opleiding. | theoretische opleiding. |
De theoretische opleiding wordt verstrekt uiterlijk in de 6de maand | De theoretische opleiding wordt verstrekt uiterlijk in de 6de maand |
van de arbeidsovereenkomst. | van de arbeidsovereenkomst. |
Art. 23.Constructiv is belast met de coördinatie van de initiatieven |
Art. 23.Constructiv is belast met de coördinatie van de initiatieven |
met betrekking tot de organisatie van de aanvullende theoretische | met betrekking tot de organisatie van de aanvullende theoretische |
opleiding en met de controle op de naleving van de krachtens deze | opleiding en met de controle op de naleving van de krachtens deze |
afdeling vastgestelde toepassingsvoorwaarden en -modaliteiten. | afdeling vastgestelde toepassingsvoorwaarden en -modaliteiten. |
Art. 24.Voor de uren aanvullende theoretische opleiding heeft de |
Art. 24.Voor de uren aanvullende theoretische opleiding heeft de |
jonge arbeider recht op de betaling, door de werkgever, van zijn | jonge arbeider recht op de betaling, door de werkgever, van zijn |
normaal loon. | normaal loon. |
Art. 25.Deze opleiding geeft aanleiding tot de sectorale |
Art. 25.Deze opleiding geeft aanleiding tot de sectorale |
tussenkomsten in het kader van de bouwopleidingsplannen. | tussenkomsten in het kader van de bouwopleidingsplannen. |
Art. 26.Uiterlijk op het einde van de 6de maand, zal de werkgever een |
Art. 26.Uiterlijk op het einde van de 6de maand, zal de werkgever een |
functionneringsgesprek met de jonge arbeider hebben op basis van een | functionneringsgesprek met de jonge arbeider hebben op basis van een |
model dat door Constructiv werd opgesteld. | model dat door Constructiv werd opgesteld. |
Art. 27.Voor zover de overeenkomst bedoeld bij artikel 12 van deze |
Art. 27.Voor zover de overeenkomst bedoeld bij artikel 12 van deze |
collectieve arbeidsovereenkomst, afgesloten wordt tussen 1 januari | collectieve arbeidsovereenkomst, afgesloten wordt tussen 1 januari |
2021 en 31 december 2022, geniet de werkgever van een premie van 1 | 2021 en 31 december 2022, geniet de werkgever van een premie van 1 |
000,00 EUR per jonge arbeider die de voorwaarden bepaald door artikel | 000,00 EUR per jonge arbeider die de voorwaarden bepaald door artikel |
13 van deze collectieve arbeidsovereenkomst vervult. | 13 van deze collectieve arbeidsovereenkomst vervult. |
Deze premie wordt ten vroegste betaald in de loop van de 7de maand | Deze premie wordt ten vroegste betaald in de loop van de 7de maand |
volgend op het afsluiten van de overeenkomst bedoeld bij artikel 12 | volgend op het afsluiten van de overeenkomst bedoeld bij artikel 12 |
van deze collectieve arbeidsovereenkomst, binnen de grenzen van de | van deze collectieve arbeidsovereenkomst, binnen de grenzen van de |
beschikbare middelen van Constructiv. | beschikbare middelen van Constructiv. |
Het beheerscomité bedoeld in artikel 23 van de statuten van | Het beheerscomité bedoeld in artikel 23 van de statuten van |
Constructiv bepaalt de betalingsmodaliteiten van deze premie. | Constructiv bepaalt de betalingsmodaliteiten van deze premie. |
Art. 28.Na een jaar tewerkstelling in de regeling van de |
Art. 28.Na een jaar tewerkstelling in de regeling van de |
bouwingroeibaan (BIB), kent Constructiv een premie van 700 EUR toe aan | bouwingroeibaan (BIB), kent Constructiv een premie van 700 EUR toe aan |
de jongere die een door de gemeenschappen en gewesten georganiseerde | de jongere die een door de gemeenschappen en gewesten georganiseerde |
alternerende opleiding heeft gevolgd en met succes heeft voltooid, die | alternerende opleiding heeft gevolgd en met succes heeft voltooid, die |
door het in artikel 23 van de statuten van Constructiv bedoelde | door het in artikel 23 van de statuten van Constructiv bedoelde |
Beheerscomité is erkend en die daarna werd aangeworven door een | Beheerscomité is erkend en die daarna werd aangeworven door een |
onderneming bedoeld bij artikel 1 van deze overeenkomst in het kader | onderneming bedoeld bij artikel 1 van deze overeenkomst in het kader |
van een bouwingroeibaanovereenkomst (BIB). | van een bouwingroeibaanovereenkomst (BIB). |
Het beheerscomité bedoeld in artikel 23 van de statuten van | Het beheerscomité bedoeld in artikel 23 van de statuten van |
Constructiv bepaalt, zo nodig, de aanvullende praktische modaliteiten | Constructiv bepaalt, zo nodig, de aanvullende praktische modaliteiten |
voor de betaling van deze premie. | voor de betaling van deze premie. |
Art. 29.De door artikelen 27 en 27bis bepaalde premies worden binnen |
Art. 29.De door artikelen 27 en 27bis bepaalde premies worden binnen |
de grenzen van de beschikbare middelen van Constructiv uitbetaald. | de grenzen van de beschikbare middelen van Constructiv uitbetaald. |
HOOFDSTUK VI. - Algemene steunmaatregel voor alle acties ten bate | HOOFDSTUK VI. - Algemene steunmaatregel voor alle acties ten bate |
van de doelgroepen bedoeld in de hoofdstukken II tot V van deze | van de doelgroepen bedoeld in de hoofdstukken II tot V van deze |
overeenkomst | overeenkomst |
Art. 30.Voor de verwezenlijking van de in deze overeenkomst beoogde |
Art. 30.Voor de verwezenlijking van de in deze overeenkomst beoogde |
doelstellingen kan Constructiv bijdragen : | doelstellingen kan Constructiv bijdragen : |
1° tot de financiering van een specifiek collectief steunprogramma ten | 1° tot de financiering van een specifiek collectief steunprogramma ten |
bate van de opleidingscentra; | bate van de opleidingscentra; |
2° tot het medebeheer en de cofinanciering van de opleidingsacties | 2° tot het medebeheer en de cofinanciering van de opleidingsacties |
verduidelijkt in de samenwerkingsovereenkomsten met de VDAB, de FOREm, | verduidelijkt in de samenwerkingsovereenkomsten met de VDAB, de FOREm, |
Bruxelles-Formation en het Arbeitsamt; | Bruxelles-Formation en het Arbeitsamt; |
3° tot de oprichting van een netwerk van punten waar de vraag en het | 3° tot de oprichting van een netwerk van punten waar de vraag en het |
aanbod van arbeidskrachten elkaar kunnen vinden. | aanbod van arbeidskrachten elkaar kunnen vinden. |
Constructiv kan bijdragen tot de financiering : | Constructiv kan bijdragen tot de financiering : |
1° van een specifiek steunprogramma; | 1° van een specifiek steunprogramma; |
2° van didactisch materiaal; | 2° van didactisch materiaal; |
3° van bouwmaterialen; | 3° van bouwmaterialen; |
4° van premies voor tewerkstelling en opleiding, omschreven, krachtens | 4° van premies voor tewerkstelling en opleiding, omschreven, krachtens |
artikel 55 van de kader-collectieve arbeidsovereenkomst, door de | artikel 55 van de kader-collectieve arbeidsovereenkomst, door de |
collectieve arbeidsovereenkomst van 16 december 2021 betreffende de | collectieve arbeidsovereenkomst van 16 december 2021 betreffende de |
toekenning van een opleidingspremie. | toekenning van een opleidingspremie. |
HOOFDSTUK VII. - Berekening | HOOFDSTUK VII. - Berekening |
van de theoretische stageverplichtingvoor de sector | van de theoretische stageverplichtingvoor de sector |
Art. 31.Volgens de statistische gegevens van de RSZ beschikbaar op 30 |
Art. 31.Volgens de statistische gegevens van de RSZ beschikbaar op 30 |
juni 2020, zijn er 522 bouwondernemingen die 50 of meer werknemers | juni 2020, zijn er 522 bouwondernemingen die 50 of meer werknemers |
tewerkstellen en hebben zij in totaal 74 364 werknemers. | tewerkstellen en hebben zij in totaal 74 364 werknemers. |
Op basis van de gegevens bedoeld in het 1ste lid, is de sector, ter | Op basis van de gegevens bedoeld in het 1ste lid, is de sector, ter |
uitvoering van artikel 42 van de wet van 24 december 1999 ter | uitvoering van artikel 42 van de wet van 24 december 1999 ter |
bevordering van de werkgelegenheid, theoretisch verplicht om voor 2 | bevordering van de werkgelegenheid, theoretisch verplicht om voor 2 |
231 personen startbaanovereenkomsten te sluiten. | 231 personen startbaanovereenkomsten te sluiten. |
HOOFDSTUK VIII. - Slotbepalingen | HOOFDSTUK VIII. - Slotbepalingen |
Art. 32.Constructiv is belast met de uitvoering, opvolging en |
Art. 32.Constructiv is belast met de uitvoering, opvolging en |
coördinatie van alle acties en tegemoetkomingen die worden vastgesteld | coördinatie van alle acties en tegemoetkomingen die worden vastgesteld |
in deze collectieve arbeidsovereenkomst. | in deze collectieve arbeidsovereenkomst. |
Art. 33.§ 1. Voor de in deze overeenkomst vastgestelde |
Art. 33.§ 1. Voor de in deze overeenkomst vastgestelde |
opleidingsacties voor risicogroepen wordt een inspanning van ten | opleidingsacties voor risicogroepen wordt een inspanning van ten |
minste 0,15 pct. van de jaarlijkse loonmassa van de sector gedaan | minste 0,15 pct. van de jaarlijkse loonmassa van de sector gedaan |
tijdens de geldigheidsduur van deze overeenkomst. | tijdens de geldigheidsduur van deze overeenkomst. |
§ 2. Overeenkomstig artikel 1 van het koninklijk besluit van 19 | § 2. Overeenkomstig artikel 1 van het koninklijk besluit van 19 |
februari 2013 tot uitvoering van artikel 189, 4de lid van de wet van | februari 2013 tot uitvoering van artikel 189, 4de lid van de wet van |
27 december 2006 houdende diverse bepalingen (I) bedragen de | 27 december 2006 houdende diverse bepalingen (I) bedragen de |
inspanningen voor de risicogroepen bedoeld in hoofdstuk II en III van | inspanningen voor de risicogroepen bedoeld in hoofdstuk II en III van |
deze overeenkomst minstens 0,05 pct. van de jaarlijkse loonmassa van | deze overeenkomst minstens 0,05 pct. van de jaarlijkse loonmassa van |
de sector tijdens de geldigheidsduur van deze overeenkomst. | de sector tijdens de geldigheidsduur van deze overeenkomst. |
§ 3. Overeenkomstig artikel 2 van het koninklijk besluit van 19 | § 3. Overeenkomstig artikel 2 van het koninklijk besluit van 19 |
februari 2013 tot uitvoering van artikel 189, 4de lid van de wet van | februari 2013 tot uitvoering van artikel 189, 4de lid van de wet van |
27 december 2006 houdende diverse bepalingen (I) bedragen de | 27 december 2006 houdende diverse bepalingen (I) bedragen de |
inspanningen voor risicogroepen bedoeld in hoofdstuk II en III van | inspanningen voor risicogroepen bedoeld in hoofdstuk II en III van |
deze overeenkomst minstens 0,05 pct. van de jaarlijkse loonmassa van | deze overeenkomst minstens 0,05 pct. van de jaarlijkse loonmassa van |
de sector tijdens de geldigheidsduur van deze overeenkomst en zijn | de sector tijdens de geldigheidsduur van deze overeenkomst en zijn |
bestemd voor jongeren die nog geen 26 zijn en die een opleiding | bestemd voor jongeren die nog geen 26 zijn en die een opleiding |
volgen, hetzij in een systeem van alternerend leren, hetzij in het | volgen, hetzij in een systeem van alternerend leren, hetzij in het |
kader van een individuele beroepsopleiding. | kader van een individuele beroepsopleiding. |
§ 4. Met naleving van de percentages die zijn vastgesteld in de | § 4. Met naleving van de percentages die zijn vastgesteld in de |
paragrafen 2 en 3 kan het beheerscomité bedoeld in artikel 23 van de | paragrafen 2 en 3 kan het beheerscomité bedoeld in artikel 23 van de |
statuten van Constructiv bepalen welke doelgroepen bedoeld bij de | statuten van Constructiv bepalen welke doelgroepen bedoeld bij de |
artikelen 1 en 2 van het koninklijk besluit van 19 februari 2013 tot | artikelen 1 en 2 van het koninklijk besluit van 19 februari 2013 tot |
uitvoering van artikel 189, 4de lid van de wet van 27 december 2006 | uitvoering van artikel 189, 4de lid van de wet van 27 december 2006 |
houdende diverse bepalingen (I) voorrang moeten krijgen. | houdende diverse bepalingen (I) voorrang moeten krijgen. |
Art. 34.Deze overeenkomst wordt gesloten voor een bepaalde duur. Zij |
Art. 34.Deze overeenkomst wordt gesloten voor een bepaalde duur. Zij |
treedt in werking op 1 januari 2021 en verstrijkt op 31 december 2022. | treedt in werking op 1 januari 2021 en verstrijkt op 31 december 2022. |
Ze behoudt echter haar uitwerking tijdens de looptijd van de | Ze behoudt echter haar uitwerking tijdens de looptijd van de |
overeenkomsten die tijdens de in lid 1 vastgestelde geldigheidsperiode | overeenkomsten die tijdens de in lid 1 vastgestelde geldigheidsperiode |
werden gesloten overeenkomstig de bepalingen van hoofdstuk V. | werden gesloten overeenkomstig de bepalingen van hoofdstuk V. |
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 1 mei 2022. | Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 1 mei 2022. |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
P.-Y. DERMAGNE | P.-Y. DERMAGNE |