Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 19 november 2013, gesloten in het Paritair Comité voor het tabaksbedrijf, betreffende de wijziging van de collectieve arbeidsovereenkomst van 31 januari 2012 betreffende de invoering van een tweede pensioenpijler | Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 19 november 2013, gesloten in het Paritair Comité voor het tabaksbedrijf, betreffende de wijziging van de collectieve arbeidsovereenkomst van 31 januari 2012 betreffende de invoering van een tweede pensioenpijler |
---|---|
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG | FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG |
1 JULI 2014. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt | 1 JULI 2014. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt |
verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 19 november 2013, | verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 19 november 2013, |
gesloten in het Paritair Comité voor het tabaksbedrijf, betreffende de | gesloten in het Paritair Comité voor het tabaksbedrijf, betreffende de |
wijziging van de collectieve arbeidsovereenkomst van 31 januari 2012 | wijziging van de collectieve arbeidsovereenkomst van 31 januari 2012 |
betreffende de invoering van een tweede pensioenpijler (1) | betreffende de invoering van een tweede pensioenpijler (1) |
FILIP, Koning der Belgen, | FILIP, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve | Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve |
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel | arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel |
28; | 28; |
Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor het tabaksbedrijf; | Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor het tabaksbedrijf; |
Op de voordracht van de Minister van Werk, | Op de voordracht van de Minister van Werk, |
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 19 november 2013, | overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 19 november 2013, |
gesloten in het Paritair Comité voor het tabaksbedrijf, betreffende de | gesloten in het Paritair Comité voor het tabaksbedrijf, betreffende de |
wijziging van de collectieve arbeidsovereenkomst van 31 januari 2012 | wijziging van de collectieve arbeidsovereenkomst van 31 januari 2012 |
betreffende de invoering van een tweede pensioenpijler. | betreffende de invoering van een tweede pensioenpijler. |
Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
dit besluit. | dit besluit. |
Gegeven te Brussel, 1 juli 2014. | Gegeven te Brussel, 1 juli 2014. |
FILIP | FILIP |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
Mevr. M. DE CONINCK | Mevr. M. DE CONINCK |
_______ | _______ |
Nota | Nota |
(1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : | (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : |
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. | Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. |
Bijlage | Bijlage |
Paritair Comité voor het tabaksbedrijf | Paritair Comité voor het tabaksbedrijf |
Collectieve arbeidsovereenkomst van 19 november 2013 | Collectieve arbeidsovereenkomst van 19 november 2013 |
Wijziging van de collectieve arbeidsovereenkomst van 31 januari 2012 | Wijziging van de collectieve arbeidsovereenkomst van 31 januari 2012 |
betreffende de invoering van een tweede pensioenpijler (Overeenkomst | betreffende de invoering van een tweede pensioenpijler (Overeenkomst |
geregistreerd op 20 december 2013 onder het nummer 118572/CO/133) | geregistreerd op 20 december 2013 onder het nummer 118572/CO/133) |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op |
de werkgevers en de arbeiders van de ondernemingen die onder het | de werkgevers en de arbeiders van de ondernemingen die onder het |
Paritair Comité voor het tabaksbedrijf ressorteren met uitzondering | Paritair Comité voor het tabaksbedrijf ressorteren met uitzondering |
van die ondernemingen waar in uitvoering van het sectoraal akkoord van | van die ondernemingen waar in uitvoering van het sectoraal akkoord van |
9 oktober 2009 (koninklijk besluit van 22 juni 2010, Belgisch | 9 oktober 2009 (koninklijk besluit van 22 juni 2010, Belgisch |
Staatsblad van 18 augustus 2010) een gelijkwaardig alternatief is | Staatsblad van 18 augustus 2010) een gelijkwaardig alternatief is |
uitgewerkt omwille van een reeds bestaand aanvullend pensioenplan met | uitgewerkt omwille van een reeds bestaand aanvullend pensioenplan met |
minstens gelijkwaardige minimumvoorwaarden. | minstens gelijkwaardige minimumvoorwaarden. |
Onder "arbeiders" wordt verstaan : de mannelijke en vrouwelijke | Onder "arbeiders" wordt verstaan : de mannelijke en vrouwelijke |
arbeiders. | arbeiders. |
Art. 2.Het kaderreglement dat als bijlage gevoegd is aan de |
Art. 2.Het kaderreglement dat als bijlage gevoegd is aan de |
collectieve arbeidsovereenkomst van 31 januari 2012 betreffende de | collectieve arbeidsovereenkomst van 31 januari 2012 betreffende de |
invoering van een tweede pensioenpijler wordt gewijzigd en vervangen | invoering van een tweede pensioenpijler wordt gewijzigd en vervangen |
door bijgevoegd kaderreglement. | door bijgevoegd kaderreglement. |
Art. 3.Deze collectieve arbeidsovereenkomst heeft uitwerking met |
Art. 3.Deze collectieve arbeidsovereenkomst heeft uitwerking met |
ingang van 1 januari 2014 en is gesloten voor onbepaalde duur. Zij kan | ingang van 1 januari 2014 en is gesloten voor onbepaalde duur. Zij kan |
door elk van de partijen worden opgezegd mits een opzeggingstermijn | door elk van de partijen worden opgezegd mits een opzeggingstermijn |
van drie maanden, betekend bij een ter post aangetekende brief, | van drie maanden, betekend bij een ter post aangetekende brief, |
gericht aan de voorzitter van het Paritair Comité voor het | gericht aan de voorzitter van het Paritair Comité voor het |
tabaksbedrijf en aan elk van de contracterende partijen. | tabaksbedrijf en aan elk van de contracterende partijen. |
Art. 4.Deze collectieve arbeidsovereenkomst vervangt de bijlage van |
Art. 4.Deze collectieve arbeidsovereenkomst vervangt de bijlage van |
de collectieve arbeidsovereenkomst van 31 januari 2012, gesloten in | de collectieve arbeidsovereenkomst van 31 januari 2012, gesloten in |
het Paritair Comité voor het tabaksbedrijf, betreffende de invoering | het Paritair Comité voor het tabaksbedrijf, betreffende de invoering |
van een tweede pensioenpijler, algemeen verbindend verklaard bij | van een tweede pensioenpijler, algemeen verbindend verklaard bij |
koninklijk besluit van 1 maart 2013, bekend gemaakt in het Belgisch | koninklijk besluit van 1 maart 2013, bekend gemaakt in het Belgisch |
Staatsblad van 12 juni 2013. | Staatsblad van 12 juni 2013. |
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 1 juli | Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 1 juli |
2014. | 2014. |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
Mevr. M. DE CONINCK | Mevr. M. DE CONINCK |
Bijlage aan de collectieve arbeidsovereenkomst van 19 november 2013, | Bijlage aan de collectieve arbeidsovereenkomst van 19 november 2013, |
gesloten in het Paritair Comité voor het tabaksbedrijf, betreffende de | gesloten in het Paritair Comité voor het tabaksbedrijf, betreffende de |
wijziging van de collectieve arbeidsovereenkomst van 31 januari 2012 | wijziging van de collectieve arbeidsovereenkomst van 31 januari 2012 |
betreffende de invoering van een tweede pensioenpijler | betreffende de invoering van een tweede pensioenpijler |
Kaderreglement | Kaderreglement |
Tweede pensioenpijler | Tweede pensioenpijler |
Tabaksindustrie | Tabaksindustrie |
1. Voorwerp | 1. Voorwerp |
Dit kaderreglement wordt opgesteld in uitvoering van de collectieve | Dit kaderreglement wordt opgesteld in uitvoering van de collectieve |
arbeidsovereenkomst, gesloten in het Paritair Comité 133 voor de | arbeidsovereenkomst, gesloten in het Paritair Comité 133 voor de |
tabaksindustrie op 30 mei 2011, tot invoering van een tweede | tabaksindustrie op 30 mei 2011, tot invoering van een tweede |
pensioenpijler. | pensioenpijler. |
Iedere onderneming die ressorteert onder het toepassingsgebied van de | Iedere onderneming die ressorteert onder het toepassingsgebied van de |
hiervoor vermelde collectieve arbeidsovereenkomst zal ten gunste van | hiervoor vermelde collectieve arbeidsovereenkomst zal ten gunste van |
de werklieden op wie de collectieve arbeidsovereenkomst van toepassing | de werklieden op wie de collectieve arbeidsovereenkomst van toepassing |
is, minstens een aanvullend pensioenstelsel voorzien dat beschreven | is, minstens een aanvullend pensioenstelsel voorzien dat beschreven |
wordt in dit kaderreglement. | wordt in dit kaderreglement. |
De pensioentoezegging die in dit kaderreglement bepaald wordt, is van | De pensioentoezegging die in dit kaderreglement bepaald wordt, is van |
het type vaste bijdrage, en heeft tot doel om een aanvullend pensioen | het type vaste bijdrage, en heeft tot doel om een aanvullend pensioen |
samen te stellen, die aan de aangeslotene of in geval de aangeslotene | samen te stellen, die aan de aangeslotene of in geval de aangeslotene |
overlijdt vóór de voorziene einddatum bepaald in artikel 5.1 aan zijn | overlijdt vóór de voorziene einddatum bepaald in artikel 5.1 aan zijn |
rechthebbenden uitgekeerd wordt. | rechthebbenden uitgekeerd wordt. |
Dit kaderreglement bepaalt de rechten en verplichtingen van de | Dit kaderreglement bepaalt de rechten en verplichtingen van de |
onderneming, de pensioeninstelling, de aangeslotenen en hun | onderneming, de pensioeninstelling, de aangeslotenen en hun |
rechthebbenden, en de voorwaarden waaronder deze rechten uitgeoefend | rechthebbenden, en de voorwaarden waaronder deze rechten uitgeoefend |
kunnen worden. | kunnen worden. |
2. Begripsomschrijvingen | 2. Begripsomschrijvingen |
In dit kaderreglement wordt een aantal begrippen gebruikt met volgende | In dit kaderreglement wordt een aantal begrippen gebruikt met volgende |
betekenis : | betekenis : |
Onderneming : | Onderneming : |
De onderneming die valt binnen het toepassingsgebied van de | De onderneming die valt binnen het toepassingsgebied van de |
collectieve arbeidsovereenkomst van 30 mei 2011 gesloten in het | collectieve arbeidsovereenkomst van 30 mei 2011 gesloten in het |
Paritair Comité van de tabaksindustrie ter uitvoering van het | Paritair Comité van de tabaksindustrie ter uitvoering van het |
sectorakkoord van 9 oktober 2009 (koninklijk besluit van 22 juni 2010, | sectorakkoord van 9 oktober 2009 (koninklijk besluit van 22 juni 2010, |
Belgisch Staatsblad van 18 augustus 2010). | Belgisch Staatsblad van 18 augustus 2010). |
Arbeider | Arbeider |
Een lid van de werklieden waarop de collectieve arbeidsovereenkomst | Een lid van de werklieden waarop de collectieve arbeidsovereenkomst |
van 30 mei 2011 gesloten in het Paritair Comité van de | van 30 mei 2011 gesloten in het Paritair Comité van de |
tabaksindustrie, ter uitvoering van het sectorakkoord van 9 oktober | tabaksindustrie, ter uitvoering van het sectorakkoord van 9 oktober |
2009 (koninklijk besluit van 22 juni 2010, Belgisch Staatsblad van 18 | 2009 (koninklijk besluit van 22 juni 2010, Belgisch Staatsblad van 18 |
augustus 2010) en dit kaderreglement van toepassing is. | augustus 2010) en dit kaderreglement van toepassing is. |
Met het begrip "arbeider" wordt zowel een man als een vrouw bedoeld. | Met het begrip "arbeider" wordt zowel een man als een vrouw bedoeld. |
Aangeslotene | Aangeslotene |
De arbeider waarvoor de onderneming een pensioenstelsel heeft | De arbeider waarvoor de onderneming een pensioenstelsel heeft |
ingevoerd in toepassing van de collectieve arbeidsovereenkomst van 30 | ingevoerd in toepassing van de collectieve arbeidsovereenkomst van 30 |
mei 2011 ter uitvoering van het sectorakkoord van 9 oktober 2009 | mei 2011 ter uitvoering van het sectorakkoord van 9 oktober 2009 |
(koninklijk besluit van 22 juni 2010, Belgisch Staatsblad van 18 | (koninklijk besluit van 22 juni 2010, Belgisch Staatsblad van 18 |
augustus 2010). | augustus 2010). |
Het gewezen personeelslid dat nog steeds actuele of uitgestelde | Het gewezen personeelslid dat nog steeds actuele of uitgestelde |
rechten geniet overeenkomstig het pensioenreglement. | rechten geniet overeenkomstig het pensioenreglement. |
Pensioenreglement | Pensioenreglement |
Het pensioenreglement dat wordt vastgesteld door de onderneming. Het | Het pensioenreglement dat wordt vastgesteld door de onderneming. Het |
bevat dit kaderreglement en de specifieke bepalingen voor de | bevat dit kaderreglement en de specifieke bepalingen voor de |
onderneming, onder meer de uiterlijke ingangsdatum van 1 december | onderneming, onder meer de uiterlijke ingangsdatum van 1 december |
2010. | 2010. |
Pensioeninstelling | Pensioeninstelling |
De verzekeringsmaatschappij met wie de onderneming een | De verzekeringsmaatschappij met wie de onderneming een |
groepsverzekering sloot, of de instelling voor | groepsverzekering sloot, of de instelling voor |
bedrijfspensioenvoorziening (pensioenfonds) met wie de onderneming een | bedrijfspensioenvoorziening (pensioenfonds) met wie de onderneming een |
beheersovereenkomst heeft afgesloten, en die de pensioentoezegging die | beheersovereenkomst heeft afgesloten, en die de pensioentoezegging die |
in het kaderreglement beschreven wordt, uitvoert. | in het kaderreglement beschreven wordt, uitvoert. |
Verworven reserve | Verworven reserve |
Met verworven reserve wordt de reserve bedoeld waarop de aangeslotene | Met verworven reserve wordt de reserve bedoeld waarop de aangeslotene |
op een bepaald ogenblik recht heeft overeenkomstig dit kaderreglement. | op een bepaald ogenblik recht heeft overeenkomstig dit kaderreglement. |
Verworven prestatie | Verworven prestatie |
Met verworven prestatie wordt de prestatie bedoeld waarop de | Met verworven prestatie wordt de prestatie bedoeld waarop de |
aangeslotene aanspraak kan maken overeenkomstig het pensioenreglement | aangeslotene aanspraak kan maken overeenkomstig het pensioenreglement |
indien hij bij zijn uittreding zijn verworven reserve bij de | indien hij bij zijn uittreding zijn verworven reserve bij de |
pensioeninstelling laat. | pensioeninstelling laat. |
3. Aansluiting aan de pensioentoezegging die in het pensioenreglement | 3. Aansluiting aan de pensioentoezegging die in het pensioenreglement |
beschreven wordt | beschreven wordt |
Elke arbeider in dienst met een arbeidsovereenkomst met een | Elke arbeider in dienst met een arbeidsovereenkomst met een |
onderneming ressorterend onder het toepassingsgebied van de | onderneming ressorterend onder het toepassingsgebied van de |
collectieve arbeidsovereenkomst van 30 mei 2011, gesloten in het | collectieve arbeidsovereenkomst van 30 mei 2011, gesloten in het |
Paritair Comité van de tabaksindustrie ter uitvoering van het | Paritair Comité van de tabaksindustrie ter uitvoering van het |
sectorakkoord van 9 oktober 2009 (koninklijk besluit van 22 juni 2010, | sectorakkoord van 9 oktober 2009 (koninklijk besluit van 22 juni 2010, |
Belgisch Staatsblad van 18 augustus 2010) wordt verplicht aangesloten. | Belgisch Staatsblad van 18 augustus 2010) wordt verplicht aangesloten. |
Worden evenwel uitgesloten : | Worden evenwel uitgesloten : |
- arbeiders met een arbeidsovereenkomst voor studenten; | - arbeiders met een arbeidsovereenkomst voor studenten; |
- arbeiders met een arbeidsovereenkomst voor interim-arbeider. | - arbeiders met een arbeidsovereenkomst voor interim-arbeider. |
4. De pensioentoelage en hoe ze aangewend wordt | 4. De pensioentoelage en hoe ze aangewend wordt |
4.1 Het bedrag van de pensioentoelage | 4.1 Het bedrag van de pensioentoelage |
De uitkeringen bij pensionering en in geval van vroegtijdig overlijden | De uitkeringen bij pensionering en in geval van vroegtijdig overlijden |
vóór de einddatum bepaald in artikel 5.1, worden gefinancierd door | vóór de einddatum bepaald in artikel 5.1, worden gefinancierd door |
pensioentoelagen die door de onderneming ten gunste van de | pensioentoelagen die door de onderneming ten gunste van de |
aangeslotene aan de pensioeninstelling gestort worden. | aangeslotene aan de pensioeninstelling gestort worden. |
Het jaarbedrag van de netto pensioentoelage bedraagt voor 2014 en | Het jaarbedrag van de netto pensioentoelage bedraagt voor 2014 en |
volgende jaren 375 EUR voor een voltijds tewerkgestelde arbeider. | volgende jaren 375 EUR voor een voltijds tewerkgestelde arbeider. |
Een premiebetaling op maandbasis met als referentie de stand van zaken | Een premiebetaling op maandbasis met als referentie de stand van zaken |
op datum van de eerste dag van de kalendermaand, geldt als | op datum van de eerste dag van de kalendermaand, geldt als |
aanbeveling. | aanbeveling. |
Eventuele beheerskosten en -toeslagen, vergoedingen voor | Eventuele beheerskosten en -toeslagen, vergoedingen voor |
tussenpersonen, premietaksen, sociale bijdragen of andere toeslagen | tussenpersonen, premietaksen, sociale bijdragen of andere toeslagen |
komen in meerdering van dit netto bedrag en zijn ten laste van de | komen in meerdering van dit netto bedrag en zijn ten laste van de |
onderneming. | onderneming. |
Bij in- en uitdiensttreding van een arbeider zal een pro rata | Bij in- en uitdiensttreding van een arbeider zal een pro rata |
toegepast worden in functie van de reële tewerkstelling in verhouding | toegepast worden in functie van de reële tewerkstelling in verhouding |
tot de normale tewerkstelling. | tot de normale tewerkstelling. |
De arbeider die op de eerste dag van de maand in dienst treedt, wordt | De arbeider die op de eerste dag van de maand in dienst treedt, wordt |
op de eerste van de maand deelnemer aan het plan. De arbeider die in | op de eerste van de maand deelnemer aan het plan. De arbeider die in |
de loop van de maand in dienst treedt wordt de volgende maand | de loop van de maand in dienst treedt wordt de volgende maand |
deelnemer aan het plan. De arbeider die uit dienst gaat in de loop van | deelnemer aan het plan. De arbeider die uit dienst gaat in de loop van |
de maand, blijft deelnemer voor de volledige maand. | de maand, blijft deelnemer voor de volledige maand. |
Voor een deeltijds tewerkgestelde arbeider wordt het bedrag van de | Voor een deeltijds tewerkgestelde arbeider wordt het bedrag van de |
toelage verminderd in verhouding tot de tewerkstellingsduur ten | toelage verminderd in verhouding tot de tewerkstellingsduur ten |
overstaan van een normale voltijdse tewerkstelling. | overstaan van een normale voltijdse tewerkstelling. |
Voor het berekenen van het bedrag van de pensioentoelage worden met | Voor het berekenen van het bedrag van de pensioentoelage worden met |
dagen normale werkelijke arbeid gelijkgesteld, de dagen | dagen normale werkelijke arbeid gelijkgesteld, de dagen |
arbeidsonderbreking ingevolge de redenen zoals bepaald in artikel 16 | arbeidsonderbreking ingevolge de redenen zoals bepaald in artikel 16 |
van het koninklijk besluit van 30 maart 1967 tot bepaling van de | van het koninklijk besluit van 30 maart 1967 tot bepaling van de |
algemene uitvoeringsmodaliteiten van de wetten betreffende de | algemene uitvoeringsmodaliteiten van de wetten betreffende de |
jaarlijkse vakantie (Belgisch Staatsblad van 6 april 1967) en dit voor | jaarlijkse vakantie (Belgisch Staatsblad van 6 april 1967) en dit voor |
een aaneengesloten periode van maximaal één jaar. | een aaneengesloten periode van maximaal één jaar. |
4.2 De aanwending van de pensioentoelage | 4.2 De aanwending van de pensioentoelage |
De pensioentoelage wordt voor iedere aangeslotene op een individuele | De pensioentoelage wordt voor iedere aangeslotene op een individuele |
pensioenrekening gestort. | pensioenrekening gestort. |
De oprenting gebeurt : | De oprenting gebeurt : |
- vanaf het ogenblik waarop de pensioentoelage verschuldigd werd; | - vanaf het ogenblik waarop de pensioentoelage verschuldigd werd; |
- tot op de eerste dag van de maand waarin de uitbetaling van het | - tot op de eerste dag van de maand waarin de uitbetaling van het |
aanvullend pensioen moet gebeuren; | aanvullend pensioen moet gebeuren; |
- of tot op de eerste dag van de maand waarin de aangeslotene | - of tot op de eerste dag van de maand waarin de aangeslotene |
overlijdt. | overlijdt. |
4.3 Het rendement | 4.3 Het rendement |
De pensioenrekening ontvangt jaarlijks een door de pensioeninstelling | De pensioenrekening ontvangt jaarlijks een door de pensioeninstelling |
toegekend rendement. | toegekend rendement. |
Bij uitdiensttreden of bij de uitbetaling naar aanleiding van het | Bij uitdiensttreden of bij de uitbetaling naar aanleiding van het |
overlijden of het pensioen zal het uitgekeerde bedrag gebaseerd zijn | overlijden of het pensioen zal het uitgekeerde bedrag gebaseerd zijn |
op een rendement dat minstens gelijk is aan het rendement dat vereist | op een rendement dat minstens gelijk is aan het rendement dat vereist |
is in uitvoering van artikel 24 van de wet van 28 april 2003 | is in uitvoering van artikel 24 van de wet van 28 april 2003 |
betreffende de aanvullende pensioenen. | betreffende de aanvullende pensioenen. |
5. Uitkering op de einddatum | 5. Uitkering op de einddatum |
5.1 De normale einddatum | 5.1 De normale einddatum |
De einddatum waarop het bedrag dat op de pensioenrekening opgebouwd | De einddatum waarop het bedrag dat op de pensioenrekening opgebouwd |
werd opeisbaar is en kan omgezet worden in een rente, wordt | werd opeisbaar is en kan omgezet worden in een rente, wordt |
vastgesteld op de eerste dag van de maand die volgt op de 65ste | vastgesteld op de eerste dag van de maand die volgt op de 65ste |
verjaardag van de aangeslotene. | verjaardag van de aangeslotene. |
5.2 Blijven werken na 65 jaar | 5.2 Blijven werken na 65 jaar |
Indien de aangeslotene in dienst is na de normale einddatum van 65 | Indien de aangeslotene in dienst is na de normale einddatum van 65 |
jaar, blijft de pensioentoelage verschuldigd zo lang hij in dienst | jaar, blijft de pensioentoelage verschuldigd zo lang hij in dienst |
blijft, en er wordt een nieuwe einddatum vastgesteld door de eerdere | blijft, en er wordt een nieuwe einddatum vastgesteld door de eerdere |
einddatum telkens met één jaar te verlengen. | einddatum telkens met één jaar te verlengen. |
De aangeslotene zal dan de uitkering van zijn pensioenrekening bekomen | De aangeslotene zal dan de uitkering van zijn pensioenrekening bekomen |
: | : |
- wanneer hij zijn wettelijk pensioen opneemt; | - wanneer hij zijn wettelijk pensioen opneemt; |
- of wanneer zijn arbeidsovereenkomst met de onderneming beëindigd | - of wanneer zijn arbeidsovereenkomst met de onderneming beëindigd |
wordt. | wordt. |
5.3 Vervroegde uitkering | 5.3 Vervroegde uitkering |
De aangeslotene kan de vervroegde uitkering van de pensioenrechten ten | De aangeslotene kan de vervroegde uitkering van de pensioenrechten ten |
vroegste bekomen op het ogenblik van zijn pensionering of vanaf het | vroegste bekomen op het ogenblik van zijn pensionering of vanaf het |
ogenblik waarop hij de leeftijd van 60 jaar heeft bereikt (voor zover | ogenblik waarop hij de leeftijd van 60 jaar heeft bereikt (voor zover |
het pensioenreglement of de pensioenovereenkomst het uitdrukkelijk | het pensioenreglement of de pensioenovereenkomst het uitdrukkelijk |
voorziet). De vervroegde uitkering brengt het verval van het recht op | voorziet). De vervroegde uitkering brengt het verval van het recht op |
een uitkering bij overlijden vóór de einddatum mee. | een uitkering bij overlijden vóór de einddatum mee. |
6. Uitkering in geval van overlijden vóór de einddatum | 6. Uitkering in geval van overlijden vóór de einddatum |
Wanneer een aangeslotene overlijdt, heeft de begunstigde recht op de | Wanneer een aangeslotene overlijdt, heeft de begunstigde recht op de |
op het ogenblik van het overlijden opgebouwde waarde op de individuele | op het ogenblik van het overlijden opgebouwde waarde op de individuele |
pensioenrekening. | pensioenrekening. |
7. Verworven rechten van de aangeslotene op de reserves | 7. Verworven rechten van de aangeslotene op de reserves |
De reserves die opgebouwd zijn op de individuele rekeningen, zijn | De reserves die opgebouwd zijn op de individuele rekeningen, zijn |
verworven door de aangeslotene. | verworven door de aangeslotene. |
Een aangeslotene die de vereffening van zijn verzekerde bedragen heeft | Een aangeslotene die de vereffening van zijn verzekerde bedragen heeft |
verkregen en die opnieuw in dienst genomen wordt van de onderneming, | verkregen en die opnieuw in dienst genomen wordt van de onderneming, |
wordt als een nieuwe aangeslotene beschouwd. | wordt als een nieuwe aangeslotene beschouwd. |
Een aangeslotene die ervoor gekozen heeft zijn verworven reserves over | Een aangeslotene die ervoor gekozen heeft zijn verworven reserves over |
te dragen naar een andere pensioeninstelling en die opnieuw in dienst | te dragen naar een andere pensioeninstelling en die opnieuw in dienst |
komt van de onderneming, wordt eveneens als een nieuwe aangeslotene | komt van de onderneming, wordt eveneens als een nieuwe aangeslotene |
beschouwd. | beschouwd. |
8. De manier van uitkeren | 8. De manier van uitkeren |
De aangeslotene of de begunstigde wordt verondersteld te kiezen voor | De aangeslotene of de begunstigde wordt verondersteld te kiezen voor |
de uitkering in de vorm van een kapitaal. | de uitkering in de vorm van een kapitaal. |
De begunstigde kan evenwel vragen om het kapitaal dat hem toekomt, om | De begunstigde kan evenwel vragen om het kapitaal dat hem toekomt, om |
te vormen in een lijfrente. Een keuze voor een vereffening als | te vormen in een lijfrente. Een keuze voor een vereffening als |
lijfrente moet uiterlijk een maand vóór de datum waarop de uitkering | lijfrente moet uiterlijk een maand vóór de datum waarop de uitkering |
aanvangt schriftelijk door de begunstigde aan de pensioeninstelling | aanvangt schriftelijk door de begunstigde aan de pensioeninstelling |
meegedeeld worden. | meegedeeld worden. |
Wanneer het jaarlijks bedrag van de rente bij de aanvang ervan minder | Wanneer het jaarlijks bedrag van de rente bij de aanvang ervan minder |
dan of gelijk aan 500 EUR bedraagt, wordt het kapitaal uitbetaald. | dan of gelijk aan 500 EUR bedraagt, wordt het kapitaal uitbetaald. |
Wanneer het jaarbedrag van de rente gelegen is tussen 500 en 800,01 | Wanneer het jaarbedrag van de rente gelegen is tussen 500 en 800,01 |
EUR, dan wordt ze niet maandelijks betaald, maar in vier gelijke delen | EUR, dan wordt ze niet maandelijks betaald, maar in vier gelijke delen |
op het einde van ieder trimester. De in dit artikel vermelde bedragen | op het einde van ieder trimester. De in dit artikel vermelde bedragen |
worden geïndexeerd volgens de bepalingen van de wet van 2 augustus | worden geïndexeerd volgens de bepalingen van de wet van 2 augustus |
1971 houdende inrichting van een stelsel waarbij de wedden, lonen, | 1971 houdende inrichting van een stelsel waarbij de wedden, lonen, |
pensioenen, toelagen en tegemoetkomingen ten laste van de openbare | pensioenen, toelagen en tegemoetkomingen ten laste van de openbare |
schatkist geïndexeerd worden, met als basis 1 januari 2004. | schatkist geïndexeerd worden, met als basis 1 januari 2004. |
9. Begunstigden | 9. Begunstigden |
9.1 De begunstigde van de uitkering op de einddatum | 9.1 De begunstigde van de uitkering op de einddatum |
Indien de aangeslotene in leven is op de einddatum, wordt het kapitaal | Indien de aangeslotene in leven is op de einddatum, wordt het kapitaal |
uitgekeerd aan de aangeslotene zelf. | uitgekeerd aan de aangeslotene zelf. |
9.2 De begunstigde van de uitkering bij overlijden vóór de einddatum | 9.2 De begunstigde van de uitkering bij overlijden vóór de einddatum |
Indien de aangeslotene overlijdt vóór de einddatum, wordt de voorziene | Indien de aangeslotene overlijdt vóór de einddatum, wordt de voorziene |
uitkering bij overlijden uitgekeerd aan de begunstigde(n) op basis van | uitkering bij overlijden uitgekeerd aan de begunstigde(n) op basis van |
de voorrangsorde bepaald in het pensioenreglement van de individuele | de voorrangsorde bepaald in het pensioenreglement van de individuele |
polis. | polis. |
Bij ontstentenis van een voorrangsorde in het pensioenreglement wordt | Bij ontstentenis van een voorrangsorde in het pensioenreglement wordt |
de voorziene uitkering uitgekeerd aan de begunstigde(n) op basis van | de voorziene uitkering uitgekeerd aan de begunstigde(n) op basis van |
volgende voorrangsorde : | volgende voorrangsorde : |
- de echtgeno(o)t(e) van de aangeslotene voor zo ver die niet | - de echtgeno(o)t(e) van de aangeslotene voor zo ver die niet |
gerechtelijk van tafel en bed of feitelijk gescheiden is, of die zich | gerechtelijk van tafel en bed of feitelijk gescheiden is, of die zich |
niet in aanleg tot scheiding van tafel en bed of echtscheiding | niet in aanleg tot scheiding van tafel en bed of echtscheiding |
bevindt. De echtgenoten worden geacht feitelijk gescheiden te zijn | bevindt. De echtgenoten worden geacht feitelijk gescheiden te zijn |
wanneer uit de bevolkingsregisters blijkt dat zij een verschillende | wanneer uit de bevolkingsregisters blijkt dat zij een verschillende |
woonplaats hebben; | woonplaats hebben; |
- bij ontstentenis, de persoon die wettelijk samenwoont met de | - bij ontstentenis, de persoon die wettelijk samenwoont met de |
aangeslotene in de zin van artikel 1475 tot 1479 van het Burgerlijk | aangeslotene in de zin van artikel 1475 tot 1479 van het Burgerlijk |
Wetboek, en die geen bloedverwant is van de aangeslotene; | Wetboek, en die geen bloedverwant is van de aangeslotene; |
- bij ontstentenis de kinderen van de aangeslotene, of bij | - bij ontstentenis de kinderen van de aangeslotene, of bij |
plaatsvervulling, hun nakomelingen. Indien er meerdere kinderen zijn, | plaatsvervulling, hun nakomelingen. Indien er meerdere kinderen zijn, |
wordt het voorziene kapitaal in gelijke delen onder hen verdeeld; | wordt het voorziene kapitaal in gelijke delen onder hen verdeeld; |
- bij ontstentenis de door de aangeslotene per aangetekend schrijven | - bij ontstentenis de door de aangeslotene per aangetekend schrijven |
aangeduide perso(o)n(en), waarbij de laatst verstuurde aangetekende | aangeduide perso(o)n(en), waarbij de laatst verstuurde aangetekende |
brief rechtsgeldig is; | brief rechtsgeldig is; |
- bij ontstentenis de ouders van de aangeslotenen. Bij overlijden van | - bij ontstentenis de ouders van de aangeslotenen. Bij overlijden van |
één van hen komt het kapitaal toe aan de langslevende; | één van hen komt het kapitaal toe aan de langslevende; |
- bij ontstentenis de broers en zusters van de aangeslotene, bij | - bij ontstentenis de broers en zusters van de aangeslotene, bij |
plaatsvervulling hun kinderen; | plaatsvervulling hun kinderen; |
- bij ontstentenis de wettelijke erfgenamen van de aangeslotene, met | - bij ontstentenis de wettelijke erfgenamen van de aangeslotene, met |
uitsluiting van de Staat; | uitsluiting van de Staat; |
- bij ontstentenis het solidariteitsfonds als het om een | - bij ontstentenis het solidariteitsfonds als het om een |
groepsverzekering gaat, of het pensioenfonds. | groepsverzekering gaat, of het pensioenfonds. |
10. Gevolgen van het niet betalen van de pensioentoelagen | 10. Gevolgen van het niet betalen van de pensioentoelagen |
De onderneming zal de verschuldigde pensioentoelagen aan de | De onderneming zal de verschuldigde pensioentoelagen aan de |
pensioeninstelling overmaken. | pensioeninstelling overmaken. |
Wanneer de onderneming de pensioentoelage niet betaalde, dient de | Wanneer de onderneming de pensioentoelage niet betaalde, dient de |
pensioeninstelling de onderneming in gebreke te stellen. | pensioeninstelling de onderneming in gebreke te stellen. |
Wanneer de pensioentoelage onbetaald blijft, worden de | Wanneer de pensioentoelage onbetaald blijft, worden de |
pensioenrekeningen premievrij gemaakt op basis van de wel betaalde | pensioenrekeningen premievrij gemaakt op basis van de wel betaalde |
pensioentoelagen, nadat de aangeslotenen verwittigd werden van de | pensioentoelagen, nadat de aangeslotenen verwittigd werden van de |
betalingsachterstand. De premievrijmaking ontslaat de onderneming | betalingsachterstand. De premievrijmaking ontslaat de onderneming |
geenszins van de betaling van de achterstallige toedragen. | geenszins van de betaling van de achterstallige toedragen. |
De pensioeninstelling zal iedere aangeslotene uiterlijk binnen de 3 | De pensioeninstelling zal iedere aangeslotene uiterlijk binnen de 3 |
maanden volgend op de datum waarop zij kennis kreeg van de | maanden volgend op de datum waarop zij kennis kreeg van de |
betalingsachterstand door middel van een op zijn persoonlijk adres | betalingsachterstand door middel van een op zijn persoonlijk adres |
gestuurde brief op de hoogte brengen. | gestuurde brief op de hoogte brengen. |
De pensioeninstelling zal de voorzitter van het paritair comité op de | De pensioeninstelling zal de voorzitter van het paritair comité op de |
hoogte brengen van de premievrijmaking. | hoogte brengen van de premievrijmaking. |
11. Verplichtingen van de onderneming | 11. Verplichtingen van de onderneming |
De onderneming zal alle vereiste gegevens voor de uitvoering van het | De onderneming zal alle vereiste gegevens voor de uitvoering van het |
pensioenstelsel aan de pensioeninstelling overmaken. De verplichtingen | pensioenstelsel aan de pensioeninstelling overmaken. De verplichtingen |
van de pensioeninstelling worden gevestigd op basis van de | van de pensioeninstelling worden gevestigd op basis van de |
overgedragen gegevens. | overgedragen gegevens. |
12. Wijziging van dit kaderreglement | 12. Wijziging van dit kaderreglement |
Dit kaderreglement kan gewijzigd worden door middel van een | Dit kaderreglement kan gewijzigd worden door middel van een |
collectieve arbeidsovereenkomst die in het Paritair Comité 133 voor de | collectieve arbeidsovereenkomst die in het Paritair Comité 133 voor de |
tabaksindustrie gesloten wordt. Het wordt stopgezet wanneer de | tabaksindustrie gesloten wordt. Het wordt stopgezet wanneer de |
collectieve arbeidsovereenkomst van 30 mei 2011 tot invoering van een | collectieve arbeidsovereenkomst van 30 mei 2011 tot invoering van een |
tweede pensioenpijler waarmee dit kaderreglement ingevoerd werd, | tweede pensioenpijler waarmee dit kaderreglement ingevoerd werd, |
beëindigd wordt. | beëindigd wordt. |
13. Geschillen en toepasselijk recht | 13. Geschillen en toepasselijk recht |
Het Belgische recht is van toepassing op dit kaderreglement en op de | Het Belgische recht is van toepassing op dit kaderreglement en op de |
pensioenstelsels die in toepassing daarvan worden ingesteld. | pensioenstelsels die in toepassing daarvan worden ingesteld. |
Gebeurlijke geschillen tussen de partijen in verband ermee behoren tot | Gebeurlijke geschillen tussen de partijen in verband ermee behoren tot |
de bevoegdheid van de Belgische rechtbanken. | de bevoegdheid van de Belgische rechtbanken. |
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 1 juli | Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 1 juli |
2014. | 2014. |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
Mevr. M. DE CONINCK | Mevr. M. DE CONINCK |