Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 5 juli 2011, gesloten in het Paritair Subcomité voor het bedrijf van de zandsteen- en kwartsietgroeven op het gehele grondgebied van het Rijk, uitgezonderd de kwartsietgroeven van de provincie Waals-Brabant, betreffende het halftijds conventioneel brugpensioen op 55 jaar | Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 5 juli 2011, gesloten in het Paritair Subcomité voor het bedrijf van de zandsteen- en kwartsietgroeven op het gehele grondgebied van het Rijk, uitgezonderd de kwartsietgroeven van de provincie Waals-Brabant, betreffende het halftijds conventioneel brugpensioen op 55 jaar |
---|---|
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG | FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG |
27 DECEMBER 2012. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend | 27 DECEMBER 2012. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend |
wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 5 juli 2011, | wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 5 juli 2011, |
gesloten in het Paritair Subcomité voor het bedrijf van de zandsteen- | gesloten in het Paritair Subcomité voor het bedrijf van de zandsteen- |
en kwartsietgroeven op het gehele grondgebied van het Rijk, | en kwartsietgroeven op het gehele grondgebied van het Rijk, |
uitgezonderd de kwartsietgroeven van de provincie Waals-Brabant, | uitgezonderd de kwartsietgroeven van de provincie Waals-Brabant, |
betreffende het halftijds conventioneel brugpensioen op 55 jaar (1) | betreffende het halftijds conventioneel brugpensioen op 55 jaar (1) |
ALBERT II, Koning der Belgen, | ALBERT II, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve | Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve |
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel | arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel |
28; | 28; |
Gelet op de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 55 van 13 juli 1993, | Gelet op de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 55 van 13 juli 1993, |
gesloten in de Nationale Arbeidsraad, tot instelling van een regeling | gesloten in de Nationale Arbeidsraad, tot instelling van een regeling |
van aanvullende vergoeding voor sommige oudere werknemers, in geval | van aanvullende vergoeding voor sommige oudere werknemers, in geval |
van halvering van de arbeidsprestaties, algemeen verbindend verklaard | van halvering van de arbeidsprestaties, algemeen verbindend verklaard |
bij koninklijk besluit van 17 november 1993; | bij koninklijk besluit van 17 november 1993; |
Gelet op de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 55bis gesloten op 7 | Gelet op de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 55bis gesloten op 7 |
februari 1995 in de Nationale Arbeidsraad, tot wijziging van de | februari 1995 in de Nationale Arbeidsraad, tot wijziging van de |
collectieve arbeidsovereenkomst nr. 55 van 13 juli 1993 tot instelling | collectieve arbeidsovereenkomst nr. 55 van 13 juli 1993 tot instelling |
van een regeling van aanvullende vergoeding voor sommige oudere | van een regeling van aanvullende vergoeding voor sommige oudere |
werknemers, in geval van halvering van de arbeidsprestaties, algemeen | werknemers, in geval van halvering van de arbeidsprestaties, algemeen |
verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 16 maart 1995; | verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 16 maart 1995; |
Gelet op de wet van 26 maart 1999 betreffende het Belgisch actieplan | Gelet op de wet van 26 maart 1999 betreffende het Belgisch actieplan |
voor de werkgelegenheid 1998 en houdende diverse bepalingen; | voor de werkgelegenheid 1998 en houdende diverse bepalingen; |
Gelet op het verzoek van het Paritair Subcomité voor het bedrijf van | Gelet op het verzoek van het Paritair Subcomité voor het bedrijf van |
de zandsteen- en kwartsietgroeven op het gehele grondgebied van het | de zandsteen- en kwartsietgroeven op het gehele grondgebied van het |
Rijk, uitgezonderd de kwartsietgroeven van de provincie Waals-Brabant; | Rijk, uitgezonderd de kwartsietgroeven van de provincie Waals-Brabant; |
Op de voordracht van de Minister van Werk, | Op de voordracht van de Minister van Werk, |
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 5 juli 2011, gesloten | overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 5 juli 2011, gesloten |
in het Paritair Subcomité voor het bedrijf van de zandsteen- en | in het Paritair Subcomité voor het bedrijf van de zandsteen- en |
kwartsietgroeven op het gehele grondgebied van het Rijk, uitgezonderd | kwartsietgroeven op het gehele grondgebied van het Rijk, uitgezonderd |
de kwartsietgroeven van de provincie Waals-Brabant, betreffende het | de kwartsietgroeven van de provincie Waals-Brabant, betreffende het |
halftijds conventioneel brugpensioen op 55 jaar. | halftijds conventioneel brugpensioen op 55 jaar. |
Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
dit besluit. | dit besluit. |
Gegeven te Châteauneuf-de-Grasse, 27 december 2012. | Gegeven te Châteauneuf-de-Grasse, 27 december 2012. |
ALBERT | ALBERT |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
Mevr. M. DE CONINCK | Mevr. M. DE CONINCK |
_______ | _______ |
Nota | Nota |
(1) Verwijzingen naar het Belgisch Staasblad : | (1) Verwijzingen naar het Belgisch Staasblad : |
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. | Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. |
Koninklijk besluit van 17 november 1993, Belgisch Staatsblad van 4 | Koninklijk besluit van 17 november 1993, Belgisch Staatsblad van 4 |
december 1993. | december 1993. |
Koninklijk besluit van 16 maart 1995, Belgisch Staatsblad van 26 april | Koninklijk besluit van 16 maart 1995, Belgisch Staatsblad van 26 april |
1995. | 1995. |
Wet van 26 maart 1999, Belgisch Staatsblad van 1 april 1999. | Wet van 26 maart 1999, Belgisch Staatsblad van 1 april 1999. |
Bijlage | Bijlage |
Paritair Subcomité voor het bedrijf van de zandsteen- en | Paritair Subcomité voor het bedrijf van de zandsteen- en |
kwartsietgroeven op het gehele grondgebied van het Rijk, uitgezonderd | kwartsietgroeven op het gehele grondgebied van het Rijk, uitgezonderd |
de kwartsietgroeven van de provincie Waals-Brabant | de kwartsietgroeven van de provincie Waals-Brabant |
Collectieve arbeidsovereenkomst van 5 juli 2011 | Collectieve arbeidsovereenkomst van 5 juli 2011 |
Halftijds conventioneel brugpensioen op 55 jaar (Overeenkomst | Halftijds conventioneel brugpensioen op 55 jaar (Overeenkomst |
geregistreerd op 26 augustus 2011 onder het nummer 105348/CO/102.04) | geregistreerd op 26 augustus 2011 onder het nummer 105348/CO/102.04) |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op |
de werkgevers en werknemers van de ondernemingen die ressorteren onder | de werkgevers en werknemers van de ondernemingen die ressorteren onder |
het Paritair Subcomité voor het bedrijf van de zandsteen- en | het Paritair Subcomité voor het bedrijf van de zandsteen- en |
kwartsietgroeven op het gehele grondgebied van het Rijk, uitgezonderd | kwartsietgroeven op het gehele grondgebied van het Rijk, uitgezonderd |
de kwartsietgroeven van de provincie Waals-Brabant. | de kwartsietgroeven van de provincie Waals-Brabant. |
Onder "werknemers" verstaat men : de werklieden en werksters. | Onder "werknemers" verstaat men : de werklieden en werksters. |
Art. 2.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is gesloten volgens de |
Art. 2.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is gesloten volgens de |
wettelijke bepalingen en hoofdstuk 2 van de wet van 1 februari 2011 | wettelijke bepalingen en hoofdstuk 2 van de wet van 1 februari 2011 |
houdende verlenging van de crisismaatregelen en uitvoering van het | houdende verlenging van de crisismaatregelen en uitvoering van het |
interprofessioneel akkoord. | interprofessioneel akkoord. |
Art. 3.Deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt gesloten in |
Art. 3.Deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt gesloten in |
toepassing van de wet van 3 juli 2005 houdende diverse bepalingen | toepassing van de wet van 3 juli 2005 houdende diverse bepalingen |
betreffende het sociaal overleg en van de collectieve | betreffende het sociaal overleg en van de collectieve |
arbeidsovereenkomst nr. 55bis, gesloten op 7 februari 1995 in de | arbeidsovereenkomst nr. 55bis, gesloten op 7 februari 1995 in de |
Nationale Arbeidsraad, tot wijziging van de collectieve | Nationale Arbeidsraad, tot wijziging van de collectieve |
arbeidsovereenkomst nr. 55, gesloten op 13 juli 1993 in de Nationale | arbeidsovereenkomst nr. 55, gesloten op 13 juli 1993 in de Nationale |
Arbeidsraad, tot instelling van een regeling van aanvullende | Arbeidsraad, tot instelling van een regeling van aanvullende |
vergoeding voor sommige bejaarde werknemers, indien zij worden | vergoeding voor sommige bejaarde werknemers, indien zij worden |
ontslagen, in geval van halvering van de arbeidsprestaties, algemeen | ontslagen, in geval van halvering van de arbeidsprestaties, algemeen |
verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 17 november 1993, | verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 17 november 1993, |
bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 4 december 1993. | bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 4 december 1993. |
Art. 4.Het principe van de toepassing van een regeling van halftijds |
Art. 4.Het principe van de toepassing van een regeling van halftijds |
conventioneel brugpensioen wordt in deze sector aanvaard voor het | conventioneel brugpensioen wordt in deze sector aanvaard voor het |
personeel, dat opteert voor deze formule en de leeftijd van 55 jaar | personeel, dat opteert voor deze formule en de leeftijd van 55 jaar |
bereikt tussen 1 januari 2011 en 31 december 2012, en dat 25 jaar | bereikt tussen 1 januari 2011 en 31 december 2012, en dat 25 jaar |
dienst kan bewijzen waarvan 20 in de sector. | dienst kan bewijzen waarvan 20 in de sector. |
De berekening van de aanvullende vergoeding wordt als volgt | De berekening van de aanvullende vergoeding wordt als volgt |
vastgesteld : | vastgesteld : |
- het te waarborgen inkomen is gelijk aan het inkomen van het voltijds | - het te waarborgen inkomen is gelijk aan het inkomen van het voltijds |
brugpensioen, plus de helft van het netto referentieloon van de | brugpensioen, plus de helft van het netto referentieloon van de |
voltijdse werknemer min het inkomen voltijds brugpensioen, afgerond | voltijdse werknemer min het inkomen voltijds brugpensioen, afgerond |
tot het hogere honderdtal; | tot het hogere honderdtal; |
- de vergoeding te betalen door het "Fonds voor bestaanszekerheid van | - de vergoeding te betalen door het "Fonds voor bestaanszekerheid van |
de Paritaire Subcomités voor het bedrijf der hardsteengroeven en der | de Paritaire Subcomités voor het bedrijf der hardsteengroeven en der |
groeven van uit te houwen kalksteen in de provincies Luik en Namen en | groeven van uit te houwen kalksteen in de provincies Luik en Namen en |
voor het bedrijf van de zandsteen- en kwartsietgroeven op het gehele | voor het bedrijf van de zandsteen- en kwartsietgroeven op het gehele |
grondgebied van het Rijk, uitgezonderd de kwartsietgroeven in de | grondgebied van het Rijk, uitgezonderd de kwartsietgroeven in de |
provincie Waals-Brabant" is gelijk met het te waarborgen inkomen min | provincie Waals-Brabant" is gelijk met het te waarborgen inkomen min |
1/2 van het netto referentieloon min de werkloosheidsuitkering die | 1/2 van het netto referentieloon min de werkloosheidsuitkering die |
voor iedereen hetzelfde is. | voor iedereen hetzelfde is. |
Art. 5.Het systeem van het halftijds conventioneel brugpensioen op 55 |
Art. 5.Het systeem van het halftijds conventioneel brugpensioen op 55 |
jaar is facultatief. De werkgever verbindt er zich toe ter gelegener | jaar is facultatief. De werkgever verbindt er zich toe ter gelegener |
tijd het halftijds brugpensioen voor te stellen aan de werknemer die | tijd het halftijds brugpensioen voor te stellen aan de werknemer die |
de wil om er aanspraak op te maken te kennen heeft gegeven. | de wil om er aanspraak op te maken te kennen heeft gegeven. |
Art. 6.De toekenningsvoorwaarden van het halftijds conventioneel |
Art. 6.De toekenningsvoorwaarden van het halftijds conventioneel |
brugpensioen op 55 jaar worden gepreciseerd in de wetgeving. | brugpensioen op 55 jaar worden gepreciseerd in de wetgeving. |
Art. 7.Overgang naar het voltijds brugpensioen |
Art. 7.Overgang naar het voltijds brugpensioen |
De betrokken werknemer heeft recht op de aanvullende vergoeding voor | De betrokken werknemer heeft recht op de aanvullende vergoeding voor |
sommige bejaarde werknemers, indien zij worden ontslagen, onder de | sommige bejaarde werknemers, indien zij worden ontslagen, onder de |
voorwaarden vastgesteld door de collectieve arbeidsovereenkomst nr. | voorwaarden vastgesteld door de collectieve arbeidsovereenkomst nr. |
17, van 19 december 1974, gesloten in de Nationale Arbeidsraad, tot | 17, van 19 december 1974, gesloten in de Nationale Arbeidsraad, tot |
instelling van een regeling van aanvullende vergoeding ten gunste van | instelling van een regeling van aanvullende vergoeding ten gunste van |
sommige bejaarde werknemers, indien zij worden ontslagen, in het raam | sommige bejaarde werknemers, indien zij worden ontslagen, in het raam |
van de sectorale collectieve arbeidsovereenkomst van 5 juli 2011 | van de sectorale collectieve arbeidsovereenkomst van 5 juli 2011 |
betreffende het conventioneel brugpensioen op 58 jaar, indien hij de | betreffende het conventioneel brugpensioen op 58 jaar, indien hij de |
vereiste leeftijd voor het voltijds conventioneel brugpensioen bereikt | vereiste leeftijd voor het voltijds conventioneel brugpensioen bereikt |
op de datum van de eerste dag werkloosheid waarvoor | op de datum van de eerste dag werkloosheid waarvoor |
werkloosheidsuitkeringen worden ontvangen. | werkloosheidsuitkeringen worden ontvangen. |
Art. 8.Met toepassing van de artikelen 4bis, 4ter en 4quater van |
Art. 8.Met toepassing van de artikelen 4bis, 4ter en 4quater van |
collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17, zoals gewijzigd door | collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17, zoals gewijzigd door |
collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17tricies van 19 december 2006, | collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17tricies van 19 december 2006, |
wordt het recht op de aanvullende vergoeding toegekend aan de | wordt het recht op de aanvullende vergoeding toegekend aan de |
werknemers die ontslagen werden in het kader van deze collectieve | werknemers die ontslagen werden in het kader van deze collectieve |
arbeidsovereenkomst behouden ten laste van de vorige werkgever, | arbeidsovereenkomst behouden ten laste van de vorige werkgever, |
wanneer deze werknemers het werk als loontrekkende hervatten bij een | wanneer deze werknemers het werk als loontrekkende hervatten bij een |
andere werkgever dan die welke hen ontslagen heeft en die niet behoort | andere werkgever dan die welke hen ontslagen heeft en die niet behoort |
tot dezelfde technische bedrijfseenheid als de werkgever die hen | tot dezelfde technische bedrijfseenheid als de werkgever die hen |
ontslagen heeft. | ontslagen heeft. |
Het recht op de aanvullende vergoeding toegekend aan de werknemers die | Het recht op de aanvullende vergoeding toegekend aan de werknemers die |
ontslagen zijn in het kader van deze collectieve arbeidsovereenkomst | ontslagen zijn in het kader van deze collectieve arbeidsovereenkomst |
wordt eveneens behouden ten laste van de vorige werkgever in geval van | wordt eveneens behouden ten laste van de vorige werkgever in geval van |
uitoefening van een zelfstandige hoofdactiviteit, op voorwaarde dat | uitoefening van een zelfstandige hoofdactiviteit, op voorwaarde dat |
deze activiteit niet uitgeoefend wordt voor rekening van de werkgever | deze activiteit niet uitgeoefend wordt voor rekening van de werkgever |
die hen ontslagen heeft of voor rekening van een werkgever die behoort | die hen ontslagen heeft of voor rekening van een werkgever die behoort |
tot dezelfde technische bedrijfseenheid als de werkgever die hen | tot dezelfde technische bedrijfseenheid als de werkgever die hen |
ontslagen heeft. | ontslagen heeft. |
De werknemers beoogd in dit artikel behouden het recht op de | De werknemers beoogd in dit artikel behouden het recht op de |
aanvullende vergoeding zodra een einde werd gemaakt aan hun | aanvullende vergoeding zodra een einde werd gemaakt aan hun |
tewerkstelling in het kader van een arbeidsovereenkomst of aan de | tewerkstelling in het kader van een arbeidsovereenkomst of aan de |
uitoefening van een zelfstandige hoofdactiviteit. Zij leveren in dit | uitoefening van een zelfstandige hoofdactiviteit. Zij leveren in dit |
geval aan hun vorige werkgever (in de zin van de eerste paragraaf van | geval aan hun vorige werkgever (in de zin van de eerste paragraaf van |
dit artikel) het bewijs van hun recht op werkloosheidsuitkeringen. | dit artikel) het bewijs van hun recht op werkloosheidsuitkeringen. |
In het geval beoogd in de vorige paragraaf mogen werknemers geen twee | In het geval beoogd in de vorige paragraaf mogen werknemers geen twee |
of meer aanvullende stelsels cumuleren. Wanneer zij zich in de | of meer aanvullende stelsels cumuleren. Wanneer zij zich in de |
omstandigheden bevinden om verscheidene aanvullende stelsels te | omstandigheden bevinden om verscheidene aanvullende stelsels te |
genieten, behouden zij het recht op het stelsel dat toegekend werd | genieten, behouden zij het recht op het stelsel dat toegekend werd |
door de werkgever die hen ontslagen heeft (in de zin van de eerste | door de werkgever die hen ontslagen heeft (in de zin van de eerste |
paragraaf van dit artikel). | paragraaf van dit artikel). |
Art. 9.De persoonlijke sociale bijdragen die moeten worden ingehouden |
Art. 9.De persoonlijke sociale bijdragen die moeten worden ingehouden |
op het bruto referentieloon dat dient om het bedrag te bepalen van de | op het bruto referentieloon dat dient om het bedrag te bepalen van de |
aanvullende brugpensioenvergoeding worden in plaats van op 108 pct. op | aanvullende brugpensioenvergoeding worden in plaats van op 108 pct. op |
basis van 100 pct. van het loon berekend. | basis van 100 pct. van het loon berekend. |
Art. 10.Deze collectieve arbeidsovereenkomst heeft uitwerking met |
Art. 10.Deze collectieve arbeidsovereenkomst heeft uitwerking met |
ingang van 1 januari 2011 en treedt buiten werking op 31 december | ingang van 1 januari 2011 en treedt buiten werking op 31 december |
2012. | 2012. |
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 27 december | Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 27 december |
2012. | 2012. |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
Mevr. M. DE CONINCK | Mevr. M. DE CONINCK |