Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 20 april 2016, gesloten in het Paritair Comité voor de grote kleinhandelszaken, betreffende de tewerkstelling en de vorming van de risicogroepen | Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 20 april 2016, gesloten in het Paritair Comité voor de grote kleinhandelszaken, betreffende de tewerkstelling en de vorming van de risicogroepen |
---|---|
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG | FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG |
23 MAART 2017. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt | 23 MAART 2017. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt |
verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 20 april 2016, | verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 20 april 2016, |
gesloten in het Paritair Comité voor de grote kleinhandelszaken, | gesloten in het Paritair Comité voor de grote kleinhandelszaken, |
betreffende de tewerkstelling en de vorming van de risicogroepen (1) | betreffende de tewerkstelling en de vorming van de risicogroepen (1) |
FILIP, Koning der Belgen, | FILIP, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve | Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve |
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel | arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel |
28; | 28; |
Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de grote | Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de grote |
kleinhandelszaken; | kleinhandelszaken; |
Op de voordracht van de Minister van Werk, | Op de voordracht van de Minister van Werk, |
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 20 april 2016, | overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 20 april 2016, |
gesloten in het Paritair Comité voor de grote kleinhandelszaken, | gesloten in het Paritair Comité voor de grote kleinhandelszaken, |
betreffende de tewerkstelling en de vorming van de risicogroepen. | betreffende de tewerkstelling en de vorming van de risicogroepen. |
Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
dit besluit. | dit besluit. |
Gegeven te Brussel, 23 maart 2017. | Gegeven te Brussel, 23 maart 2017. |
FILIP | FILIP |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
K. PEETERS | K. PEETERS |
_______ | _______ |
Nota | Nota |
(1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : | (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : |
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. | Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. |
Bijlage | Bijlage |
Paritair Comité voor de grote kleinhandelszaken | Paritair Comité voor de grote kleinhandelszaken |
Collectieve arbeidsovereenkomst van 20 april 2016 | Collectieve arbeidsovereenkomst van 20 april 2016 |
Tewerkstelling en vorming van de risicogroepen | Tewerkstelling en vorming van de risicogroepen |
(Overeenkomst geregistreerd op 1 juli 2016 onder het nummer | (Overeenkomst geregistreerd op 1 juli 2016 onder het nummer |
133521/CO/311) | 133521/CO/311) |
HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied | HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op |
de werkgevers en de werknemers van de ondernemingen die vallen onder | de werkgevers en de werknemers van de ondernemingen die vallen onder |
de bevoegdheid van het Paritair Comité voor de grote | de bevoegdheid van het Paritair Comité voor de grote |
kleinhandelszaken. | kleinhandelszaken. |
HOOFDSTUK II. - Bevordering van de tewerkstelling van de risicogroepen | HOOFDSTUK II. - Bevordering van de tewerkstelling van de risicogroepen |
1. Algemeen | 1. Algemeen |
Art. 2.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is gesloten in uitvoering |
Art. 2.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is gesloten in uitvoering |
van het hoofdstuk VIII, afdeling 1 van de wet van 27 december 2006 | van het hoofdstuk VIII, afdeling 1 van de wet van 27 december 2006 |
houdende diverse bepalingen, gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad | houdende diverse bepalingen, gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad |
van 28 december 2006, en van het koninklijk besluit tot uitvoering van | van 28 december 2006, en van het koninklijk besluit tot uitvoering van |
artikel 189, 4de lid van de wet van 27 december 2006 houdende diverse | artikel 189, 4de lid van de wet van 27 december 2006 houdende diverse |
bepalingen (I) van 19 februari 2013. | bepalingen (I) van 19 februari 2013. |
De sociale partners verbinden er zich toe deze collectieve | De sociale partners verbinden er zich toe deze collectieve |
arbeidsovereenkomst aan te passen in geval van wijziging van de | arbeidsovereenkomst aan te passen in geval van wijziging van de |
wetgeving zodat de sector zijn verplichtingen naleeft in verband met | wetgeving zodat de sector zijn verplichtingen naleeft in verband met |
de risicogroepen vermeld in de wet van 27 december 2006 houdende | de risicogroepen vermeld in de wet van 27 december 2006 houdende |
diverse bepalingen, gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 28 | diverse bepalingen, gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 28 |
december 2006. | december 2006. |
Deze collectieve arbeidsovereenkomst voert de bepalingen uit van het | Deze collectieve arbeidsovereenkomst voert de bepalingen uit van het |
sectoraal akkoord 2015-2016. | sectoraal akkoord 2015-2016. |
Overeenkomstig het koninklijk besluit van 19 februari 2013 tot | Overeenkomstig het koninklijk besluit van 19 februari 2013 tot |
uitvoering van artikel 189, 4de lid van de wet van 27 december 2006 | uitvoering van artikel 189, 4de lid van de wet van 27 december 2006 |
houdende diverse bepalingen (I) (Belgisch Staatsblad van 8 april | houdende diverse bepalingen (I) (Belgisch Staatsblad van 8 april |
2013), dient 0,05 pct. van de loonmassa aan te rekenen op de | 2013), dient 0,05 pct. van de loonmassa aan te rekenen op de |
voornoemde bijdrage bepaald in artikel 4, voorbehouden te worden ten | voornoemde bijdrage bepaald in artikel 4, voorbehouden te worden ten |
gunste van één of meerdere groepen opgesomd in artikel 1 van het | gunste van één of meerdere groepen opgesomd in artikel 1 van het |
koninklijk besluit van 19 februari 2013. Van de 0,05 pct. van de | koninklijk besluit van 19 februari 2013. Van de 0,05 pct. van de |
loonmassa waarvan hiervoor bepaald, dient de helft besteed te worden | loonmassa waarvan hiervoor bepaald, dient de helft besteed te worden |
aan de werknemers bepaald in artikel 2 van het koninklijk besluit. | aan de werknemers bepaald in artikel 2 van het koninklijk besluit. |
2. Tussenkomsten | 2. Tussenkomsten |
1. Toeslag halftijds tijdskrediet 53+ | 1. Toeslag halftijds tijdskrediet 53+ |
Art. 3.Een maandelijkse toeslag boven op de RVA-uitkering zal door |
Art. 3.Een maandelijkse toeslag boven op de RVA-uitkering zal door |
het "Sociaal Fonds voor de grote kleinhandelszaken" toegekend worden | het "Sociaal Fonds voor de grote kleinhandelszaken" toegekend worden |
in geval van halftijds tijdskrediet onder de voorwaarden en volgens de | in geval van halftijds tijdskrediet onder de voorwaarden en volgens de |
modaliteiten bepaald in de sectorale collectieve arbeidsovereenkomst | modaliteiten bepaald in de sectorale collectieve arbeidsovereenkomst |
betreffende het tijdskrediet. | betreffende het tijdskrediet. |
2. Toeslag definitieve arbeidsongeschiktheid | 2. Toeslag definitieve arbeidsongeschiktheid |
Art. 4.Een aanpassingstoelage wordt toegekend door het "Sociaal Fonds |
Art. 4.Een aanpassingstoelage wordt toegekend door het "Sociaal Fonds |
voor de grote kleinhandelszaken" aan de werknemers die zich in de | voor de grote kleinhandelszaken" aan de werknemers die zich in de |
onmogelijkheid bevinden hun functie verder uit te oefenen om redenen | onmogelijkheid bevinden hun functie verder uit te oefenen om redenen |
van overmacht ingevolge definitieve lichamelijke ongeschiktheid. | van overmacht ingevolge definitieve lichamelijke ongeschiktheid. |
Deze toelage wordt betaald vanaf het vertrek van de werknemer volgens | Deze toelage wordt betaald vanaf het vertrek van de werknemer volgens |
de voorwaarden en modaliteiten vastgesteld door de raad van bestuur | de voorwaarden en modaliteiten vastgesteld door de raad van bestuur |
van het "Sociaal Fonds voor de grote kleinhandelszaken". | van het "Sociaal Fonds voor de grote kleinhandelszaken". |
Het bedrag van de toelage wordt vastgelegd op 123,95 EUR per maand | Het bedrag van de toelage wordt vastgelegd op 123,95 EUR per maand |
gedurende 24 maanden voor een voltijdse werknemer; het zal pro rata | gedurende 24 maanden voor een voltijdse werknemer; het zal pro rata |
berekend worden voor de deeltijdse werknemers. | berekend worden voor de deeltijdse werknemers. |
3. Vervanging in het kader van SWT | 3. Vervanging in het kader van SWT |
Art. 5.Een forfaitaire en éénmalige toelage van 2 478,94 EUR wordt |
Art. 5.Een forfaitaire en éénmalige toelage van 2 478,94 EUR wordt |
toegekend door het "Sociaal Fonds voor de grote kleinhandelszaken" aan | toegekend door het "Sociaal Fonds voor de grote kleinhandelszaken" aan |
de ondernemingen die een werknemer met bedrijfstoeslag vervangen door | de ondernemingen die een werknemer met bedrijfstoeslag vervangen door |
een werknemer tewerkgesteld in het kader van een arbeidsovereenkomst | een werknemer tewerkgesteld in het kader van een arbeidsovereenkomst |
voor onbepaalde duur. Dit bedrag zal pro rata berekend worden in geval | voor onbepaalde duur. Dit bedrag zal pro rata berekend worden in geval |
van vervanging door een deeltijdse werknemer. | van vervanging door een deeltijdse werknemer. |
4. Tussenkomst kost kinderopvang | 4. Tussenkomst kost kinderopvang |
Art. 6.In 2016 en 2017 kent het "Sociaal Fonds voor de grote |
Art. 6.In 2016 en 2017 kent het "Sociaal Fonds voor de grote |
kleinhandelszaken" eveneens een tussenkomst toe in de kinderopvang in | kleinhandelszaken" eveneens een tussenkomst toe in de kinderopvang in |
erkende opvanginstellingen (kribbe, peutertuin, onthaalmoeder) voor | erkende opvanginstellingen (kribbe, peutertuin, onthaalmoeder) voor |
kinderen van 0 tot 3 jaar. | kinderen van 0 tot 3 jaar. |
Deze tussenkomst wordt op 2 EUR per dag effectieve opvang en per kind | Deze tussenkomst wordt op 2 EUR per dag effectieve opvang en per kind |
vastgesteld op basis van het fiscaal attest inzake uitgave voor de | vastgesteld op basis van het fiscaal attest inzake uitgave voor de |
opvang van kinderen (voor de tussenkomst in 2016 op basis van het | opvang van kinderen (voor de tussenkomst in 2016 op basis van het |
fiscaal attest voor het kalenderjaar 2015 en voor de tussenkomst in | fiscaal attest voor het kalenderjaar 2015 en voor de tussenkomst in |
2017 op basis van het fiscaal attest voor het kalenderjaar 2016). | 2017 op basis van het fiscaal attest voor het kalenderjaar 2016). |
Elk van de 2 ouders heeft per kind recht op de tussenkomst ten belope | Elk van de 2 ouders heeft per kind recht op de tussenkomst ten belope |
van een jaarlijks maximum bedrag van 400 EUR, als hij minimum 12 | van een jaarlijks maximum bedrag van 400 EUR, als hij minimum 12 |
volledige maanden anciënniteit heeft in het Paritair Comité voor de | volledige maanden anciënniteit heeft in het Paritair Comité voor de |
grote kleinhandelszaken en een arbeidsovereenkomst heeft bij een | grote kleinhandelszaken en een arbeidsovereenkomst heeft bij een |
werkgever van het Paritair Comité voor de grote kleinhandelszaken op | werkgever van het Paritair Comité voor de grote kleinhandelszaken op |
het moment van de opvang van het kind. | het moment van de opvang van het kind. |
De aanvragen tot tussenkomst worden ingediend door de werknemers bij | De aanvragen tot tussenkomst worden ingediend door de werknemers bij |
de werkgevers die een volledig dossier met alle noodzakelijke | de werkgevers die een volledig dossier met alle noodzakelijke |
stavingstukken overmaken aan het sociaal fonds. | stavingstukken overmaken aan het sociaal fonds. |
De praktische uitvoeringsmodaliteiten worden door de raad van bestuur | De praktische uitvoeringsmodaliteiten worden door de raad van bestuur |
van het sociaal fonds bepaald. Eind 2017 vindt een evaluatie plaats | van het sociaal fonds bepaald. Eind 2017 vindt een evaluatie plaats |
van de kostprijs. | van de kostprijs. |
5. Aanwervingspremie jongeren -26 jaar in risicogroepen - ingroeibanen | 5. Aanwervingspremie jongeren -26 jaar in risicogroepen - ingroeibanen |
Art. 7.Ter invulling van de wetgeving op de risicogroepen en de |
Art. 7.Ter invulling van de wetgeving op de risicogroepen en de |
ingroeibanen, kunnen de ondernemingen die jongeren uit de bij | ingroeibanen, kunnen de ondernemingen die jongeren uit de bij |
koninklijk besluit bepaalde risicogroepen (voorbehouden gedeelte van | koninklijk besluit bepaalde risicogroepen (voorbehouden gedeelte van |
0,10 pct.) aanwerven, een éénmalige forfaitaire toelage ten laste van | 0,10 pct.) aanwerven, een éénmalige forfaitaire toelage ten laste van |
het sociaal fonds bekomen gelijk aan 750 EUR voor de voltijdse | het sociaal fonds bekomen gelijk aan 750 EUR voor de voltijdse |
aanwerving en 400 EUR voor de deeltijdse aanwerving van minstens 24 | aanwerving en 400 EUR voor de deeltijdse aanwerving van minstens 24 |
uur per week. | uur per week. |
Deze toelage wordt toegekend aan de werknemer met een contract van | Deze toelage wordt toegekend aan de werknemer met een contract van |
onbepaalde duur die minstens 12 maanden anciënniteit heeft bereikt in | onbepaalde duur die minstens 12 maanden anciënniteit heeft bereikt in |
de onderneming. Hierbij wordt de tewerkstelling in een contract van | de onderneming. Hierbij wordt de tewerkstelling in een contract van |
bepaalde duur bij dezelfde werkgever die zonder onderbreking | bepaalde duur bij dezelfde werkgever die zonder onderbreking |
voorafgaat aan het contract van onbepaalde duur mee in rekening | voorafgaat aan het contract van onbepaalde duur mee in rekening |
gebracht. | gebracht. |
Een evaluatie van de kostprijs wordt gehouden na het eerste jaar van | Een evaluatie van de kostprijs wordt gehouden na het eerste jaar van |
uitvoering. Bij een aanzienlijke overschrijding van het budget, zal | uitvoering. Bij een aanzienlijke overschrijding van het budget, zal |
het bedrag van de premie dientengevolge aangepast worden. | het bedrag van de premie dientengevolge aangepast worden. |
3. Financiering | 3. Financiering |
Art. 8.Het "Sociaal Fonds voor de grote kleinhandelszaken" kent |
Art. 8.Het "Sociaal Fonds voor de grote kleinhandelszaken" kent |
financiële tussenkomsten toe in de kost van de initiatieven ter | financiële tussenkomsten toe in de kost van de initiatieven ter |
bevordering van de tewerkstelling, in het bijzonder van de | bevordering van de tewerkstelling, in het bijzonder van de |
risicogroepen zoals bepaald door de wet van 27 december 2006 houdende | risicogroepen zoals bepaald door de wet van 27 december 2006 houdende |
diverse bepalingen, gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 28 | diverse bepalingen, gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 28 |
december 2006. | december 2006. |
- Met het oog op de financiering van deze tussenkomsten, storten de | - Met het oog op de financiering van deze tussenkomsten, storten de |
werkgevers vóór 31 maart 2015 aan het sociaal fonds een bijdrage van | werkgevers vóór 31 maart 2015 aan het sociaal fonds een bijdrage van |
0,13 pct. berekend op basis van vier maal de brutolonen van de | 0,13 pct. berekend op basis van vier maal de brutolonen van de |
werknemers van het derde trimester 2014. | werknemers van het derde trimester 2014. |
De werkgevers laten aan het sociaal fonds, vóór 1 januari 2015, een | De werkgevers laten aan het sociaal fonds, vóór 1 januari 2015, een |
kopie van de aangifte aan de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid voor | kopie van de aangifte aan de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid voor |
het derde trimester 2014 geworden. Deze aangifte dient als basis voor | het derde trimester 2014 geworden. Deze aangifte dient als basis voor |
de berekening van het bedrag van de verschuldigde bijdrage; | de berekening van het bedrag van de verschuldigde bijdrage; |
- Met het oog op de financiering van deze tussenkomsten, storten de | - Met het oog op de financiering van deze tussenkomsten, storten de |
werkgevers vóór 31 maart 2016 aan het sociaal fonds een bijdrage van | werkgevers vóór 31 maart 2016 aan het sociaal fonds een bijdrage van |
0,15 pct. berekend op basis van vier maal de brutolonen van de | 0,15 pct. berekend op basis van vier maal de brutolonen van de |
werknemers van het derde trimester van het jaar 2015. | werknemers van het derde trimester van het jaar 2015. |
De werkgevers laten aan het sociaal fonds, vóór 1 januari 2016, een | De werkgevers laten aan het sociaal fonds, vóór 1 januari 2016, een |
kopie van de aangifte aan de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid voor | kopie van de aangifte aan de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid voor |
het derde trimester 2015 geworden. | het derde trimester 2015 geworden. |
Deze aangifte dient als basis voor de berekening van het bedrag van de | Deze aangifte dient als basis voor de berekening van het bedrag van de |
verschuldigde bijdrage. | verschuldigde bijdrage. |
Het sociaal fonds houdt zich het recht voor om informaties bij de RSZ | Het sociaal fonds houdt zich het recht voor om informaties bij de RSZ |
op te vragen. | op te vragen. |
De bepalingen van artikel 15 van de collectieve arbeidsovereenkomst | De bepalingen van artikel 15 van de collectieve arbeidsovereenkomst |
van 22 maart 2007 tot instelling van een fonds voor bestaanszekerheid, | van 22 maart 2007 tot instelling van een fonds voor bestaanszekerheid, |
genaamd het "Sociaal Fonds voor de grote kleinhandelszaken" en tot | genaamd het "Sociaal Fonds voor de grote kleinhandelszaken" en tot |
vaststelling van de statuten ervan, algemeen verbindend verklaard bij | vaststelling van de statuten ervan, algemeen verbindend verklaard bij |
koninklijk besluit, zijn van toepassing. | koninklijk besluit, zijn van toepassing. |
Art. 9.Het bedrag van de toelagen en tussenkomsten voor de |
Art. 9.Het bedrag van de toelagen en tussenkomsten voor de |
tewerkstelling en de vorming van de risicogroepen wordt, op voorstel | tewerkstelling en de vorming van de risicogroepen wordt, op voorstel |
van de raad van bestuur van het "Sociaal Fonds voor de grote | van de raad van bestuur van het "Sociaal Fonds voor de grote |
kleinhandelszaken", vastgesteld bij collectieve arbeidsovereenkomst | kleinhandelszaken", vastgesteld bij collectieve arbeidsovereenkomst |
algemeen verbindend verklaard bij koninklijk besluit. | algemeen verbindend verklaard bij koninklijk besluit. |
De modaliteiten zullen heronderhandeld worden wanneer er een sociale | De modaliteiten zullen heronderhandeld worden wanneer er een sociale |
zekerheidsbijdrage op zou verschuldigd zijn. | zekerheidsbijdrage op zou verschuldigd zijn. |
HOOFDSTUK III. - Slotbepalingen | HOOFDSTUK III. - Slotbepalingen |
Art. 10.Deze collectieve arbeidsovereenkomst vervangt de collectieve |
Art. 10.Deze collectieve arbeidsovereenkomst vervangt de collectieve |
arbeidsovereenkomst van 30 juni 2015 (geregistreerd onder nr. | arbeidsovereenkomst van 30 juni 2015 (geregistreerd onder nr. |
128611/CO/311) betreffende de tewerkstelling en de vorming van de | 128611/CO/311) betreffende de tewerkstelling en de vorming van de |
risicogroepen en heft ze op. Ze treedt in werking op 1 januari 2015 en | risicogroepen en heft ze op. Ze treedt in werking op 1 januari 2015 en |
houdt op van kracht te zijn op 31 december 2016. | houdt op van kracht te zijn op 31 december 2016. |
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 23 maart | Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 23 maart |
2017. | 2017. |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
K. PEETERS | K. PEETERS |