← Terug naar "Koninklijk besluit houdende toekenning van de waardigheid van Eredeken van de Arbeid. - Beschutte werkplaatsen "
Koninklijk besluit houdende toekenning van de waardigheid van Eredeken van de Arbeid. - Beschutte werkplaatsen | Koninklijk besluit houdende toekenning van de waardigheid van Eredeken van de Arbeid. - Beschutte werkplaatsen |
---|---|
MINISTERIE VAN TEWERKSTELLING EN ARBEID EN MINISTERIE VAN ECONOMISCHE | MINISTERIE VAN TEWERKSTELLING EN ARBEID EN MINISTERIE VAN ECONOMISCHE |
ZAKEN | ZAKEN |
23 MEI 2002. - Koninklijk besluit houdende toekenning van de | 23 MEI 2002. - Koninklijk besluit houdende toekenning van de |
waardigheid van Eredeken van de Arbeid. - Beschutte werkplaatsen | waardigheid van Eredeken van de Arbeid. - Beschutte werkplaatsen |
ALBERT II, Koning der Belgen, | ALBERT II, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op het besluit van de Regent van 12 maart 1948, betreffende het | Gelet op het besluit van de Regent van 12 maart 1948, betreffende het |
Commissariaat-generaal der Regering bij de Nationale | Commissariaat-generaal der Regering bij de Nationale |
Arbeidstentoonstellingen; | Arbeidstentoonstellingen; |
Gelet op het besluit van de Regent van 12 november 1948, houdende | Gelet op het besluit van de Regent van 12 november 1948, houdende |
nadere omschrijving van de officiële modellen der erekentekens van de | nadere omschrijving van de officiële modellen der erekentekens van de |
Arbeid; | Arbeid; |
Gelet op het koninklijk besluit van 31 juli 1954, houdende goedkeuring | Gelet op het koninklijk besluit van 31 juli 1954, houdende goedkeuring |
der statuten van de Instelling van openbaar nut genoemd "Koninklijk | der statuten van de Instelling van openbaar nut genoemd "Koninklijk |
Instituut der Eliten van de Arbeid van België, Albert I - Nationale | Instituut der Eliten van de Arbeid van België, Albert I - Nationale |
Arbeidstentoonstellingen"; | Arbeidstentoonstellingen"; |
Gelet op het advies van het bevoegd Nationaal Organiserend Comité, | Gelet op het advies van het bevoegd Nationaal Organiserend Comité, |
gegeven op 19 april 2002; | gegeven op 19 april 2002; |
Gelet op het gunstig advies van de Commissaris-generaal der Regering | Gelet op het gunstig advies van de Commissaris-generaal der Regering |
bij het Koninklijk Instituut der Eliten van de Arbeid van België, | bij het Koninklijk Instituut der Eliten van de Arbeid van België, |
gegeven op 23 april 2002; | gegeven op 23 april 2002; |
Op de voordracht van Onze Vice-Eerste Minister en Minister van | Op de voordracht van Onze Vice-Eerste Minister en Minister van |
Werkgelegenheid en van Onze Minister van Economie, | Werkgelegenheid en van Onze Minister van Economie, |
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
Artikel 1.De waardigheid van Eredeken van de Arbeid wordt toegekend |
Artikel 1.De waardigheid van Eredeken van de Arbeid wordt toegekend |
aan de hieronder vermelde persoon, die geacht wordt de nodige | aan de hieronder vermelde persoon, die geacht wordt de nodige |
hoedanigheden te bezitten om de tradities, alsmede het moreel en het | hoedanigheden te bezitten om de tradities, alsmede het moreel en het |
sociaal aanzien van zijn beroep of functie te verpersoonlijken : | sociaal aanzien van zijn beroep of functie te verpersoonlijken : |
Bogaert Jean Marie E.G., Lobbes. | Bogaert Jean Marie E.G., Lobbes. |
Art. 2.Deze opdracht wordt hem gegeven voor een termijn van vijf |
Art. 2.Deze opdracht wordt hem gegeven voor een termijn van vijf |
jaar. Zij kan een einde nemen vóór het verstrijken van die termijn, | jaar. Zij kan een einde nemen vóór het verstrijken van die termijn, |
indien de titularis ophoudt zijn beroepsactiviteiten uit te oefenen. | indien de titularis ophoudt zijn beroepsactiviteiten uit te oefenen. |
Art. 3.Onze Minister tot wiens bevoegdheid Werkgelegenheid behoort en |
Art. 3.Onze Minister tot wiens bevoegdheid Werkgelegenheid behoort en |
Onze Minister tot wiens bevoegdheid de Economische Zaken behoren zijn, | Onze Minister tot wiens bevoegdheid de Economische Zaken behoren zijn, |
ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit. | ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit. |
Gegeven te Châteauneuf-de-Grasse, 23 mei 2002. | Gegeven te Châteauneuf-de-Grasse, 23 mei 2002. |
ALBERT | ALBERT |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Vice-Eerste Minister en Minister van Werkgelegenheid, | De Vice-Eerste Minister en Minister van Werkgelegenheid, |
Mevr. L. ONKELINX | Mevr. L. ONKELINX |
De Minister van Economie, | De Minister van Economie, |
Ch. PICQUE | Ch. PICQUE |