Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 8 december 2021, gesloten in het Paritair Comité voor de bedienden van het kleding- en confectiebedrijf, betreffende de werkloosheid met bedrijfstoeslag vanaf 60 jaar na 35 jaar beroepsverleden met een zwaar beroep | Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 8 december 2021, gesloten in het Paritair Comité voor de bedienden van het kleding- en confectiebedrijf, betreffende de werkloosheid met bedrijfstoeslag vanaf 60 jaar na 35 jaar beroepsverleden met een zwaar beroep |
---|---|
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG | FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG |
13 OKTOBER 2022. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend | 13 OKTOBER 2022. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend |
wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 8 december | wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 8 december |
2021, gesloten in het Paritair Comité voor de bedienden van het | 2021, gesloten in het Paritair Comité voor de bedienden van het |
kleding- en confectiebedrijf, betreffende de werkloosheid met | kleding- en confectiebedrijf, betreffende de werkloosheid met |
bedrijfstoeslag vanaf 60 jaar na 35 jaar beroepsverleden met een zwaar | bedrijfstoeslag vanaf 60 jaar na 35 jaar beroepsverleden met een zwaar |
beroep (1) | beroep (1) |
FILIP, Koning der Belgen, | FILIP, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve | Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve |
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel | arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel |
28; | 28; |
Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de bedienden van het | Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de bedienden van het |
kleding- en confectiebedrijf; | kleding- en confectiebedrijf; |
Op de voordracht van de Minister van Werk, | Op de voordracht van de Minister van Werk, |
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 8 december 2021, | overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 8 december 2021, |
gesloten in het Paritair Comité voor de bedienden van het kleding- en | gesloten in het Paritair Comité voor de bedienden van het kleding- en |
confectiebedrijf, betreffende de werkloosheid met bedrijfstoeslag | confectiebedrijf, betreffende de werkloosheid met bedrijfstoeslag |
vanaf 60 jaar na 35 jaar beroepsverleden met een zwaar beroep. | vanaf 60 jaar na 35 jaar beroepsverleden met een zwaar beroep. |
Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
dit besluit. | dit besluit. |
Gegeven te Brussel, 13 oktober 2022. | Gegeven te Brussel, 13 oktober 2022. |
FILIP | FILIP |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
P.-Y. DERMAGNE | P.-Y. DERMAGNE |
_______ | _______ |
Nota | Nota |
(1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : | (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : |
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. | Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. |
Bijlage | Bijlage |
Paritair Comité voor de bedienden van het kleding- en confectiebedrijf | Paritair Comité voor de bedienden van het kleding- en confectiebedrijf |
Collectieve arbeidsovereenkomst van 8 december 2021 | Collectieve arbeidsovereenkomst van 8 december 2021 |
Werkloosheid met bedrijfstoeslag vanaf 60 jaar na 35 jaar | Werkloosheid met bedrijfstoeslag vanaf 60 jaar na 35 jaar |
beroepsverleden met een zwaar beroep | beroepsverleden met een zwaar beroep |
(Overeenkomst geregistreerd op 27 april 2022 onder het nummer | (Overeenkomst geregistreerd op 27 april 2022 onder het nummer |
172274/CO/215) | 172274/CO/215) |
I. Toepassingsgebied | I. Toepassingsgebied |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op |
de werkgevers en de bedienden van de ondernemingen welke onder het | de werkgevers en de bedienden van de ondernemingen welke onder het |
Paritair Comité voor de bedienden van het kleding- en confectiebedrijf | Paritair Comité voor de bedienden van het kleding- en confectiebedrijf |
ressorteren. | ressorteren. |
II. Draagwijdte en duur | II. Draagwijdte en duur |
Art. 2.Onderhavige collectieve arbeidsovereenkomst heeft voor de |
Art. 2.Onderhavige collectieve arbeidsovereenkomst heeft voor de |
periode van 1 juli 2021 tot en met 30 juni 2023 tot doel de sectorale | periode van 1 juli 2021 tot en met 30 juni 2023 tot doel de sectorale |
toepassing van een stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag | toepassing van een stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag |
overeenkomstig de bepalingen van artikel 3, § 3 van het koninklijk | overeenkomstig de bepalingen van artikel 3, § 3 van het koninklijk |
besluit van 3 mei 2007 tot regeling van het stelsel van werkloosheid | besluit van 3 mei 2007 tot regeling van het stelsel van werkloosheid |
met bedrijfstoeslag, laatst gewijzigd door het koninklijk besluit van | met bedrijfstoeslag, laatst gewijzigd door het koninklijk besluit van |
7 oktober 2021 en met toepassing van de collectieve | 7 oktober 2021 en met toepassing van de collectieve |
arbeidsovereenkomst nr. 17 gesloten op 19 december 1974 in de | arbeidsovereenkomst nr. 17 gesloten op 19 december 1974 in de |
Nationale Arbeidsraad, tot invoering van een regeling van aanvullende | Nationale Arbeidsraad, tot invoering van een regeling van aanvullende |
vergoeding ten gunste van sommige bejaarde werknemers indien zij | vergoeding ten gunste van sommige bejaarde werknemers indien zij |
worden ontslagen, algemeen verbindend verklaard bij koninklijk besluit | worden ontslagen, algemeen verbindend verklaard bij koninklijk besluit |
van 16 januari 1975 en laatst gewijzigd bij collectieve | van 16 januari 1975 en laatst gewijzigd bij collectieve |
arbeidsovereenkomst nr. 17tricies sexies van 27 april 2015. | arbeidsovereenkomst nr. 17tricies sexies van 27 april 2015. |
Deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt gesloten in uitvoering van | Deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt gesloten in uitvoering van |
de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 143 van 23 april 2019 van de | de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 143 van 23 april 2019 van de |
Nationale Arbeidsraad. | Nationale Arbeidsraad. |
Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking op 1 juli 2021 | Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking op 1 juli 2021 |
en vervangt met ingang van 1 juli 2021 de collectieve | en vervangt met ingang van 1 juli 2021 de collectieve |
arbeidsovereenkomst van 27 september 2019 betreffende de werkloosheid | arbeidsovereenkomst van 27 september 2019 betreffende de werkloosheid |
met bedrijfstoeslag vanaf 59 jaar na 35 jaar beroepsverleden en met | met bedrijfstoeslag vanaf 59 jaar na 35 jaar beroepsverleden en met |
een zwaar beroep voor de periode 2021-2022 (registratienummer | een zwaar beroep voor de periode 2021-2022 (registratienummer |
154945/CO/215). Ze treedt buiten werking op 30 juni 2023. | 154945/CO/215). Ze treedt buiten werking op 30 juni 2023. |
Art. 3.In uitvoering van artikel 3, 3° van de statuten, vastgesteld |
Art. 3.In uitvoering van artikel 3, 3° van de statuten, vastgesteld |
bij de collectieve arbeidsovereenkomst van 16 november 2021, gesloten | bij de collectieve arbeidsovereenkomst van 16 november 2021, gesloten |
in het Paritair Comité voor de bedienden van het kleding- en | in het Paritair Comité voor de bedienden van het kleding- en |
confectiebedrijf, houdende de statuten van het "Sociaal Waarborgfonds | confectiebedrijf, houdende de statuten van het "Sociaal Waarborgfonds |
voor de bedienden van het kleding- en confectiebedrijf", wordt aan de | voor de bedienden van het kleding- en confectiebedrijf", wordt aan de |
bedienden, bedoeld in artikel 4, een aanvullende vergoeding, waarvan | bedienden, bedoeld in artikel 4, een aanvullende vergoeding, waarvan |
het bedrag en de wijzen van toekenning en uitkering hierna zijn | het bedrag en de wijzen van toekenning en uitkering hierna zijn |
vastgesteld, toegekend ten laste van genoemd fonds. | vastgesteld, toegekend ten laste van genoemd fonds. |
III. Voorwaarden om recht te hebben op de aanvullende vergoeding | III. Voorwaarden om recht te hebben op de aanvullende vergoeding |
Art. 4.De in artikel 3 bedoelde aanvullende vergoeding behelst het |
Art. 4.De in artikel 3 bedoelde aanvullende vergoeding behelst het |
toekennen van gelijkaardige voordelen, als voorzien bij de voornoemde | toekennen van gelijkaardige voordelen, als voorzien bij de voornoemde |
collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17. | collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17. |
Deze aanvullende vergoeding wordt toegekend aan de ontslagen bedienden | Deze aanvullende vergoeding wordt toegekend aan de ontslagen bedienden |
die tussen 1 juli 2021 en 30 juni 2023 60 jaar en ouder zijn op het | die tussen 1 juli 2021 en 30 juni 2023 60 jaar en ouder zijn op het |
ogenblik van het einde van de arbeidsovereenkomst en die op dat | ogenblik van het einde van de arbeidsovereenkomst en die op dat |
ogenblik 35 jaar beroepsverleden als loontrekkende kunnen | ogenblik 35 jaar beroepsverleden als loontrekkende kunnen |
rechtvaardigen. | rechtvaardigen. |
Overeenkomstig artikel 3, § 8 van het voornoemde koninklijk besluit | Overeenkomstig artikel 3, § 8 van het voornoemde koninklijk besluit |
van 3 mei 2007 moet de werknemer de leeftijd van 60 jaar, zoals | van 3 mei 2007 moet de werknemer de leeftijd van 60 jaar, zoals |
bepaald in lid 2 van dit artikel ten laatste bereikt hebben op het | bepaald in lid 2 van dit artikel ten laatste bereikt hebben op het |
einde van de arbeidsovereenkomst en gedurende de periode waarin de | einde van de arbeidsovereenkomst en gedurende de periode waarin de |
huidige collectieve arbeidsovereenkomst van toepassing is. | huidige collectieve arbeidsovereenkomst van toepassing is. |
De werknemer moet bovendien ontslagen worden tijdens de periode van 1 | De werknemer moet bovendien ontslagen worden tijdens de periode van 1 |
juli 2021 tot 30 juni 2023. | juli 2021 tot 30 juni 2023. |
Art. 5.De bedienden die voldoen aan de door artikel 4 vereiste |
Art. 5.De bedienden die voldoen aan de door artikel 4 vereiste |
voorwaarden komen in aanmerking voor de in hetzelfde artikel 4 | voorwaarden komen in aanmerking voor de in hetzelfde artikel 4 |
vermelde aanvullende vergoeding indien zij, bovenop de vereiste | vermelde aanvullende vergoeding indien zij, bovenop de vereiste |
loondienst, voorzien door artikel 3, § 2 van het voornoemde koninklijk | loondienst, voorzien door artikel 3, § 2 van het voornoemde koninklijk |
besluit van 3 mei 2007, tevens het bewijs kunnen voorleggen van : | besluit van 3 mei 2007, tevens het bewijs kunnen voorleggen van : |
- een anciënniteit van 13 jaar binnen het bedrijf op het einde van de | - een anciënniteit van 13 jaar binnen het bedrijf op het einde van de |
opzegperiode en een totaal beroepsverleden van 35 jaar; | opzegperiode en een totaal beroepsverleden van 35 jaar; |
- de tewerkstelling in een zwaar beroep gedurende 5/7 jaar in de loop | - de tewerkstelling in een zwaar beroep gedurende 5/7 jaar in de loop |
van de laatste 10/15 jaar voor het einde van de arbeidsovereenkomst. | van de laatste 10/15 jaar voor het einde van de arbeidsovereenkomst. |
Onder "zwaar beroep" wordt verstaan : het werken in wisselende | Onder "zwaar beroep" wordt verstaan : het werken in wisselende |
ploegen, werken in ononderbroken diensten, en het werken in een | ploegen, werken in ononderbroken diensten, en het werken in een |
arbeidsregeling zoals bedoeld in de collectieve arbeidsovereenkomst | arbeidsregeling zoals bedoeld in de collectieve arbeidsovereenkomst |
nr. 46. | nr. 46. |
Art. 6.De bedienden die voldoen aan de in de artikelen 4 en 5 |
Art. 6.De bedienden die voldoen aan de in de artikelen 4 en 5 |
bepaalde voorwaarden hebben recht op de aanvullende vergoeding voor | bepaalde voorwaarden hebben recht op de aanvullende vergoeding voor |
zover zij werkloosheidsuitkeringen ontvangen in toepassing van de | zover zij werkloosheidsuitkeringen ontvangen in toepassing van de |
reglementering betreffende het stelsel van werkloosheid met | reglementering betreffende het stelsel van werkloosheid met |
bedrijfstoeslag. | bedrijfstoeslag. |
Art. 7.De regeling geldt eveneens voor de bedienden die tijdelijk uit |
Art. 7.De regeling geldt eveneens voor de bedienden die tijdelijk uit |
het stelsel zouden zijn getreden en die nadien opnieuw de regeling | het stelsel zouden zijn getreden en die nadien opnieuw de regeling |
wensen te genieten. | wensen te genieten. |
Tevens zijn de bepalingen toepasselijk van artikel 4bis en van artikel | Tevens zijn de bepalingen toepasselijk van artikel 4bis en van artikel |
4quater van de voornoemde collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17. | 4quater van de voornoemde collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17. |
IV. Bedrag van de aanvullende vergoeding | IV. Bedrag van de aanvullende vergoeding |
Art. 8.Het bedrag van de aanvullende vergoeding is gelijk aan de |
Art. 8.Het bedrag van de aanvullende vergoeding is gelijk aan de |
helft van het verschil tussen het nettoreferteloon en de | helft van het verschil tussen het nettoreferteloon en de |
werkloosheidsuitkering. | werkloosheidsuitkering. |
Art. 9.Het nettoreferteloon is gelijk aan het bruto-maandloon, |
Art. 9.Het nettoreferteloon is gelijk aan het bruto-maandloon, |
begrensd tot 4 263,13 EUR op 1 september 2021 en verminderd met de | begrensd tot 4 263,13 EUR op 1 september 2021 en verminderd met de |
persoonlijke socialezekerheidsbijdrage en de fiscale inhouding. | persoonlijke socialezekerheidsbijdrage en de fiscale inhouding. |
De grens van 4 263,13 EUR is gekoppeld aan het indexcijfer der | De grens van 4 263,13 EUR is gekoppeld aan het indexcijfer der |
consumptieprijzen, overeenkomstig de bepalingen van de wet van 2 | consumptieprijzen, overeenkomstig de bepalingen van de wet van 2 |
augustus 1971 houdende inrichting van een stelsel waarbij de wedden, | augustus 1971 houdende inrichting van een stelsel waarbij de wedden, |
lonen, pensioenen, toelagen en tegemoetkomingen ten laste van de | lonen, pensioenen, toelagen en tegemoetkomingen ten laste van de |
openbare schatkist, sommige sociale uitkeringen, de | openbare schatkist, sommige sociale uitkeringen, de |
bezoldigingsgrenzen waarmee rekening dient gehouden bij de berekening | bezoldigingsgrenzen waarmee rekening dient gehouden bij de berekening |
van sommige bijdragen van de sociale zekerheid der arbeiders, alsmede | van sommige bijdragen van de sociale zekerheid der arbeiders, alsmede |
de verplichtingen op sociaal gebied opgelegd aan de zelfstandigen, aan | de verplichtingen op sociaal gebied opgelegd aan de zelfstandigen, aan |
het indexcijfer van de consumptieprijzen worden gekoppeld. | het indexcijfer van de consumptieprijzen worden gekoppeld. |
Deze grens wordt daarenboven op 1 januari van elk jaar herzien in | Deze grens wordt daarenboven op 1 januari van elk jaar herzien in |
functie van de ontwikkeling van de regelingslonen, overeenkomstig | functie van de ontwikkeling van de regelingslonen, overeenkomstig |
hetgeen dienaangaande wordt beslist in de Nationale Arbeidsraad. Het | hetgeen dienaangaande wordt beslist in de Nationale Arbeidsraad. Het |
nettoreferteloon wordt in euro tot op de hogere eenheid afgerond. | nettoreferteloon wordt in euro tot op de hogere eenheid afgerond. |
Art. 10.§ 1. Het brutoloon omvat de contractuele premies die |
Art. 10.§ 1. Het brutoloon omvat de contractuele premies die |
rechtstreeks gebonden zijn aan de door de bedienden verrichte | rechtstreeks gebonden zijn aan de door de bedienden verrichte |
prestaties waarop inhoudingen voor sociale zekerheid worden gedaan en | prestaties waarop inhoudingen voor sociale zekerheid worden gedaan en |
waarvan de periodiciteit van betaling geen maand overschrijdt. Het | waarvan de periodiciteit van betaling geen maand overschrijdt. Het |
omvat ook de voordelen in natura die aan inhoudingen voor sociale | omvat ook de voordelen in natura die aan inhoudingen voor sociale |
zekerheid onderworpen zijn. | zekerheid onderworpen zijn. |
Daarentegen worden de premies of vergoedingen die als tegenwaarde van | Daarentegen worden de premies of vergoedingen die als tegenwaarde van |
werkelijke kosten worden verleend niet in aanmerking genomen. | werkelijke kosten worden verleend niet in aanmerking genomen. |
§ 2. Voor de per maand betaalde bediende wordt als brutoloon | § 2. Voor de per maand betaalde bediende wordt als brutoloon |
beschouwd, het loon dat hij (zij) gedurende de in navolgende § 6 | beschouwd, het loon dat hij (zij) gedurende de in navolgende § 6 |
bepaalde refertemaand heeft verdiend, onverminderd de toepassing van § | bepaalde refertemaand heeft verdiend, onverminderd de toepassing van § |
7 van onderhavig artikel. | 7 van onderhavig artikel. |
§ 3. Voor de bediende die niet per maand wordt betaald, wordt het | § 3. Voor de bediende die niet per maand wordt betaald, wordt het |
brutoloon berekend op grond van het normale uurloon. Het normale | brutoloon berekend op grond van het normale uurloon. Het normale |
uurloon wordt bekomen door het loon voor de normale prestaties van de | uurloon wordt bekomen door het loon voor de normale prestaties van de |
refertemaand te delen door het aantal tijdens die periode gewerkte | refertemaand te delen door het aantal tijdens die periode gewerkte |
normale uren. | normale uren. |
Het aldus bekomen resultaat wordt vermenigvuldigd met het aantal | Het aldus bekomen resultaat wordt vermenigvuldigd met het aantal |
arbeidsuren, bepaald bij de wekelijkse arbeidstijd van de bediende; | arbeidsuren, bepaald bij de wekelijkse arbeidstijd van de bediende; |
dat product vermenigvuldigd met 52 en gedeeld door 12, stemt overeen | dat product vermenigvuldigd met 52 en gedeeld door 12, stemt overeen |
met het maandloon. | met het maandloon. |
§ 4. Het brutoloon van de bediende die gedurende de ganse refertemaand | § 4. Het brutoloon van de bediende die gedurende de ganse refertemaand |
niet heeft gewerkt, wordt berekend alsof hij (zij) aanwezig was | niet heeft gewerkt, wordt berekend alsof hij (zij) aanwezig was |
geweest op alle arbeidsdagen die in de beschouwde maand vallen. Indien | geweest op alle arbeidsdagen die in de beschouwde maand vallen. Indien |
de bediende, krachtens de bepalingen van zijn (haar) | de bediende, krachtens de bepalingen van zijn (haar) |
arbeidsovereenkomst slechts gedurende een gedeelte van de | arbeidsovereenkomst slechts gedurende een gedeelte van de |
referentiemaand moet werken en hij (zij) al die tijd niet heeft | referentiemaand moet werken en hij (zij) al die tijd niet heeft |
gewerkt, wordt het brutoloon berekend op grond van het aantal | gewerkt, wordt het brutoloon berekend op grond van het aantal |
arbeidsdagen dat in zijn (haar) arbeidsovereenkomst is vastgelegd. | arbeidsdagen dat in zijn (haar) arbeidsovereenkomst is vastgelegd. |
§ 5. Het door de bediende verdiende brutoloon, ongeacht of het per | § 5. Het door de bediende verdiende brutoloon, ongeacht of het per |
maand of op een andere wijze wordt betaald, wordt vermeerderd met één | maand of op een andere wijze wordt betaald, wordt vermeerderd met één |
twaalfde van het totaal der contractuele premies en van de | twaalfde van het totaal der contractuele premies en van de |
veranderlijke bezoldiging waarvan de periodiciteit van betaling geen | veranderlijke bezoldiging waarvan de periodiciteit van betaling geen |
maand overschrijdt en door die bediende in de loop van de twaalf | maand overschrijdt en door die bediende in de loop van de twaalf |
maanden die aan het ontslag voorafgaan afzonderlijk werden ontvangen. | maanden die aan het ontslag voorafgaan afzonderlijk werden ontvangen. |
§ 6. Als refertemaand wordt de kalendermaand, die de datum van het | § 6. Als refertemaand wordt de kalendermaand, die de datum van het |
ontslag voorafgaat, in aanmerking genomen. | ontslag voorafgaat, in aanmerking genomen. |
§ 7. Indien evenwel blijkt dat het tijdens deze refertemaand verdiende | § 7. Indien evenwel blijkt dat het tijdens deze refertemaand verdiende |
loon hoger ligt dan het loon van de vorige twaalf maanden ten gevolge | loon hoger ligt dan het loon van de vorige twaalf maanden ten gevolge |
van een loonsverhoging, die niet op indexiële of op collectieve | van een loonsverhoging, die niet op indexiële of op collectieve |
conventionele basis heeft plaatsgevonden, zal de aanvullende | conventionele basis heeft plaatsgevonden, zal de aanvullende |
vergoeding berekend worden op het loon van twaalf maanden vóór het | vergoeding berekend worden op het loon van twaalf maanden vóór het |
ontslag, verhoogd op indexiële en conventionele basis. | ontslag, verhoogd op indexiële en conventionele basis. |
§ 8. Indien de bediende een variabel loon geniet, en de toepassing van | § 8. Indien de bediende een variabel loon geniet, en de toepassing van |
het loon van de laatste refertemaand zou leiden tot een lagere | het loon van de laatste refertemaand zou leiden tot een lagere |
aanvullende vergoeding dan een aanvullende vergoeding, berekend op | aanvullende vergoeding dan een aanvullende vergoeding, berekend op |
basis van het gemiddeld loon verdiend tijdens de twaalf maanden | basis van het gemiddeld loon verdiend tijdens de twaalf maanden |
voorafgaand aan het ontslag, kan de bediende in kwestie aanspraak | voorafgaand aan het ontslag, kan de bediende in kwestie aanspraak |
maken op een aanvullende vergoeding die berekend wordt op basis van | maken op een aanvullende vergoeding die berekend wordt op basis van |
het gemiddeld loon verdiend tijdens deze twaalf maanden, voorafgaand | het gemiddeld loon verdiend tijdens deze twaalf maanden, voorafgaand |
aan het ontslag. | aan het ontslag. |
V. Rechten deeltijdse bedienden | V. Rechten deeltijdse bedienden |
Art. 11.Bedienden die tewerkgesteld zijn in een deeltijdse |
Art. 11.Bedienden die tewerkgesteld zijn in een deeltijdse |
arbeidsregeling vóór het betrokken ontslag, hebben recht op de in | arbeidsregeling vóór het betrokken ontslag, hebben recht op de in |
artikel 4 bedoelde aanvullende vergoeding voor zover zij de | artikel 4 bedoelde aanvullende vergoeding voor zover zij de |
voorwaarden vervullen bepaald bij de artikelen 4 en 5 van onderhavige | voorwaarden vervullen bepaald bij de artikelen 4 en 5 van onderhavige |
collectieve arbeidsovereenkomst en indien zij recht hebben op | collectieve arbeidsovereenkomst en indien zij recht hebben op |
werkloosheidsuitkeringen. | werkloosheidsuitkeringen. |
De aanvullende vergoeding wordt berekend op basis van het loon voor de | De aanvullende vergoeding wordt berekend op basis van het loon voor de |
deeltijdse arbeidsregeling tenzij de bediende zich kan beroepen op de | deeltijdse arbeidsregeling tenzij de bediende zich kan beroepen op de |
uitzonderingen bepaald bij de hiernavolgende artikelen 12, 13 en 14. | uitzonderingen bepaald bij de hiernavolgende artikelen 12, 13 en 14. |
Art. 12.De in artikel 4 bedoelde aanvullende vergoeding, die |
Art. 12.De in artikel 4 bedoelde aanvullende vergoeding, die |
toegekend wordt aan de bedienden die een deeltijdse arbeidsregeling | toegekend wordt aan de bedienden die een deeltijdse arbeidsregeling |
hebben aanvaard om aan de werkloosheid te ontsnappen en die | hebben aanvaard om aan de werkloosheid te ontsnappen en die |
ingeschreven gebleven zijn als voltijds werkzoekende, zal berekend | ingeschreven gebleven zijn als voltijds werkzoekende, zal berekend |
worden overeenkomstig het loon verdiend door een voltijdse werknemer | worden overeenkomstig het loon verdiend door een voltijdse werknemer |
en niet overeenkomstig het loon van de deeltijdse tewerkstelling, voor | en niet overeenkomstig het loon van de deeltijdse tewerkstelling, voor |
zover de werknemer een voltijdse tewerkstelling van 5 jaar in de | zover de werknemer een voltijdse tewerkstelling van 5 jaar in de |
kleding- en confectienijverheid bewijst tijdens een periode van 10 | kleding- en confectienijverheid bewijst tijdens een periode van 10 |
jaar die de toetreding tot het stelsel van werkloosheid met | jaar die de toetreding tot het stelsel van werkloosheid met |
bedrijfstoeslag voorafgaat. | bedrijfstoeslag voorafgaat. |
Art. 13.De in artikel 4 bedoelde aanvullende vergoeding, die |
Art. 13.De in artikel 4 bedoelde aanvullende vergoeding, die |
toegekend wordt aan de bedienden die vrijwillig een deeltijdse | toegekend wordt aan de bedienden die vrijwillig een deeltijdse |
arbeidsbetrekking in de kleding- en confectienijverheid hebben | arbeidsbetrekking in de kleding- en confectienijverheid hebben |
aanvaard, zal berekend worden overeenkomstig het loon verdiend door | aanvaard, zal berekend worden overeenkomstig het loon verdiend door |
een voltijdse werknemer en niet overeenkomstig het loon van de | een voltijdse werknemer en niet overeenkomstig het loon van de |
deeltijdse tewerkstelling voor zover de werknemer in het | deeltijdse tewerkstelling voor zover de werknemer in het |
beroepsverleden 20 jaar voltijdse tewerkstelling in de kleding- en | beroepsverleden 20 jaar voltijdse tewerkstelling in de kleding- en |
confectienijverheid kan bewijzen. | confectienijverheid kan bewijzen. |
Art. 14.De in artikel 4 bedoelde aanvullende vergoeding, die |
Art. 14.De in artikel 4 bedoelde aanvullende vergoeding, die |
toegekend wordt aan de bedienden die een recht uitoefenen op | toegekend wordt aan de bedienden die een recht uitoefenen op |
tijdskrediet, zoals bedoeld in de collectieve arbeidsovereenkomst nr. | tijdskrediet, zoals bedoeld in de collectieve arbeidsovereenkomst nr. |
103 van de Nationale Arbeidsraad, zal berekend worden overeenkomstig | 103 van de Nationale Arbeidsraad, zal berekend worden overeenkomstig |
het loon verdiend door een voltijdse werknemer en niet overeenkomstig | het loon verdiend door een voltijdse werknemer en niet overeenkomstig |
het loon van de deeltijdse tewerkstelling. | het loon van de deeltijdse tewerkstelling. |
VI. Aanpassing van het bedrag van de aanvullende vergoeding | VI. Aanpassing van het bedrag van de aanvullende vergoeding |
Art. 15.Het bedrag van de uitgekeerde aanvullende vergoeding wordt |
Art. 15.Het bedrag van de uitgekeerde aanvullende vergoeding wordt |
gekoppeld aan de schommelingen van het indexcijfer der | gekoppeld aan de schommelingen van het indexcijfer der |
consumptieprijzen, volgens de modaliteiten die van toepassing zijn | consumptieprijzen, volgens de modaliteiten die van toepassing zijn |
inzake werkloosheidsuitkeringen, overeenkomstig de bepalingen van de | inzake werkloosheidsuitkeringen, overeenkomstig de bepalingen van de |
wet van 2 augustus 1971. | wet van 2 augustus 1971. |
Het bedrag van deze vergoeding wordt daarenboven elk jaar op 1 januari | Het bedrag van deze vergoeding wordt daarenboven elk jaar op 1 januari |
herzien in functie van de ontwikkeling van de regelingslonen | herzien in functie van de ontwikkeling van de regelingslonen |
overeenkomstig hetgeen dienaangaande wordt beslist in de Nationale | overeenkomstig hetgeen dienaangaande wordt beslist in de Nationale |
Arbeidsraad. | Arbeidsraad. |
Voor de bedienden die in de loop van het jaar tot de regeling | Voor de bedienden die in de loop van het jaar tot de regeling |
toetreden, wordt de aanpassing op grond van het verloop van de | toetreden, wordt de aanpassing op grond van het verloop van de |
regelingslonen verricht, rekening houdend met het ogenblik van het | regelingslonen verricht, rekening houdend met het ogenblik van het |
jaar waarop zij in het stelsel treden; elk kwartaal wordt in | jaar waarop zij in het stelsel treden; elk kwartaal wordt in |
aanmerking genomen voor de berekening van de aanpassing. | aanmerking genomen voor de berekening van de aanpassing. |
VII. Cumulatie van de aanvullende vergoeding met andere voordelen | VII. Cumulatie van de aanvullende vergoeding met andere voordelen |
Art. 16.De aanvullende vergoeding mag niet worden gecumuleerd met |
Art. 16.De aanvullende vergoeding mag niet worden gecumuleerd met |
andere, wegens ontslag verleende speciale vergoedingen of toeslagen | andere, wegens ontslag verleende speciale vergoedingen of toeslagen |
die worden toegekend krachtens wettelijke of reglementaire bepalingen. | die worden toegekend krachtens wettelijke of reglementaire bepalingen. |
De bediende die onder de in artikel 4 voorziene voorwaarden worden | De bediende die onder de in artikel 4 voorziene voorwaarden worden |
ontslagen, moeten eerst de uit die bepalingen voortvloeiende rechten | ontslagen, moeten eerst de uit die bepalingen voortvloeiende rechten |
uitputten, alvorens aanspraak te kunnen maken op de in dit artikel 4 | uitputten, alvorens aanspraak te kunnen maken op de in dit artikel 4 |
voorziene aanvullende vergoeding. | voorziene aanvullende vergoeding. |
Het in het voorgaande lid geformuleerde cumulatieverbod is niet van | Het in het voorgaande lid geformuleerde cumulatieverbod is niet van |
toepassing op de sluitingsvergoeding, voorzien bij de wet van 26 juni | toepassing op de sluitingsvergoeding, voorzien bij de wet van 26 juni |
2002 betreffende de sluiting van ondernemingen. | 2002 betreffende de sluiting van ondernemingen. |
VIII. Overlegprocedure | VIII. Overlegprocedure |
Art. 17.Vooraleer één of meerdere bedienden, bedoeld bij artikel 4, |
Art. 17.Vooraleer één of meerdere bedienden, bedoeld bij artikel 4, |
te ontslaan, pleegt de werkgever overleg met de vertegenwoordigers van | te ontslaan, pleegt de werkgever overleg met de vertegenwoordigers van |
het personeel in de ondernemingsraad of, bij ontstentenis daarvan, met | het personeel in de ondernemingsraad of, bij ontstentenis daarvan, met |
de vakbondsafvaardiging. | de vakbondsafvaardiging. |
Onverminderd de bepalingen van de collectieve arbeidsovereenkomst | Onverminderd de bepalingen van de collectieve arbeidsovereenkomst |
gesloten op 9 maart 1972 in de Nationale Arbeidsraad tot coördinatie | gesloten op 9 maart 1972 in de Nationale Arbeidsraad tot coördinatie |
van de in de Nationale Arbeidsraad gesloten nationale akkoorden en | van de in de Nationale Arbeidsraad gesloten nationale akkoorden en |
collectieve arbeidsovereenkomsten betreffende de ondernemingsraden, | collectieve arbeidsovereenkomsten betreffende de ondernemingsraden, |
algemeen verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 12 september | algemeen verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 12 september |
1972, inzonderheid artikel 12, heeft deze beraadslaging tot doel, in | 1972, inzonderheid artikel 12, heeft deze beraadslaging tot doel, in |
gemeen overleg te beslissen of, afgezien van de in de onderneming van | gemeen overleg te beslissen of, afgezien van de in de onderneming van |
kracht zijnde afdankingscriteria, bedienden die aan de in artikel 4 | kracht zijnde afdankingscriteria, bedienden die aan de in artikel 4 |
bepaalde leeftijdscriteria voldoen, bij voorrang kunnen worden | bepaalde leeftijdscriteria voldoen, bij voorrang kunnen worden |
ontslagen en derhalve het voordeel van de aanvullende regeling kunnen | ontslagen en derhalve het voordeel van de aanvullende regeling kunnen |
genieten. | genieten. |
Bij ontstentenis van een ondernemingsraad of van vakbondsafvaardiging, | Bij ontstentenis van een ondernemingsraad of van vakbondsafvaardiging, |
heeft dit overleg plaats met de vertegenwoordigers van de | heeft dit overleg plaats met de vertegenwoordigers van de |
representatieve werknemersorganisaties of, bij ontstentenis, met de | representatieve werknemersorganisaties of, bij ontstentenis, met de |
bedienden van de onderneming. | bedienden van de onderneming. |
Vooraleer een beslissing tot ontslag te nemen, nodigt de werkgever | Vooraleer een beslissing tot ontslag te nemen, nodigt de werkgever |
daarenboven de betrokken bediende, bij duurzame gegevensdrager, uit | daarenboven de betrokken bediende, bij duurzame gegevensdrager, uit |
tot een onderhoud tijdens de werkuren op de zetel van de onderneming. | tot een onderhoud tijdens de werkuren op de zetel van de onderneming. |
Dit onderhoud heeft tot doel aan de bediende de gelegenheid te geven | Dit onderhoud heeft tot doel aan de bediende de gelegenheid te geven |
zijn (haar) bezwaren tegen het door de werkgever voorgenomen ontslag | zijn (haar) bezwaren tegen het door de werkgever voorgenomen ontslag |
kenbaar te maken. Overeenkomstig de collectieve arbeidsovereenkomst | kenbaar te maken. Overeenkomstig de collectieve arbeidsovereenkomst |
van 2 juni 1975, gesloten in het Paritair Comité voor de bedienden van | van 2 juni 1975, gesloten in het Paritair Comité voor de bedienden van |
het kleding- en confectiebedrijf betreffende het statuut van de | het kleding- en confectiebedrijf betreffende het statuut van de |
syndicale afvaardiging, inzonderheid artikel 12, kan de bediende zich | syndicale afvaardiging, inzonderheid artikel 12, kan de bediende zich |
bij dit onderhoud laten bijstaan door zijn vakbondsafgevaardigde. | bij dit onderhoud laten bijstaan door zijn vakbondsafgevaardigde. |
De opzegging kan ten vroegste geschieden, de tweede werkdag na de dag | De opzegging kan ten vroegste geschieden, de tweede werkdag na de dag |
waarop dit onderhoud plaats had of waarop dit onderhoud voorzien was. | waarop dit onderhoud plaats had of waarop dit onderhoud voorzien was. |
De ontslagen bedienden hebben de mogelijkheid de aanvullende regeling | De ontslagen bedienden hebben de mogelijkheid de aanvullende regeling |
te aanvaarden of deze te weigeren en derhalve deel uit te maken van de | te aanvaarden of deze te weigeren en derhalve deel uit te maken van de |
arbeidsreserve. | arbeidsreserve. |
IX. Betaling van de aanvullende vergoeding en de bijzondere | IX. Betaling van de aanvullende vergoeding en de bijzondere |
werkgeversbijdragen | werkgeversbijdragen |
Art. 18.§ 1. De bediende die aanspraak wenst te maken op de |
Art. 18.§ 1. De bediende die aanspraak wenst te maken op de |
aanvullende vergoeding, bedoeld in deze collectieve | aanvullende vergoeding, bedoeld in deze collectieve |
arbeidsovereenkomst, moet daartoe schriftelijk een aanvraag indienen | arbeidsovereenkomst, moet daartoe schriftelijk een aanvraag indienen |
bij het "Sociaal Waarborgfonds voor de bedienden van het kleding- en | bij het "Sociaal Waarborgfonds voor de bedienden van het kleding- en |
confectiebedrijf". | confectiebedrijf". |
§ 2. De betaling van de aanvullende vergoeding bedoeld in deze | § 2. De betaling van de aanvullende vergoeding bedoeld in deze |
collectieve arbeidsovereenkomst wordt maandelijks uitgevoerd door het | collectieve arbeidsovereenkomst wordt maandelijks uitgevoerd door het |
"Sociaal Waarborgfonds voor de bedienden van het kleding- en | "Sociaal Waarborgfonds voor de bedienden van het kleding- en |
confectiebedrijf". | confectiebedrijf". |
§ 3. Het "Sociaal Waarborgfonds voor de bedienden van het kleding- en | § 3. Het "Sociaal Waarborgfonds voor de bedienden van het kleding- en |
confectiebedrijf" betaalt eveneens de bijzondere werkgeversbijdragen | confectiebedrijf" betaalt eveneens de bijzondere werkgeversbijdragen |
die zijn verschuldigd in het stelsel van werkloosheid met | die zijn verschuldigd in het stelsel van werkloosheid met |
bedrijfstoeslag, bedoeld in hoofdstuk VI van titel XI van de wet van | bedrijfstoeslag, bedoeld in hoofdstuk VI van titel XI van de wet van |
27 december 2006 houdende diverse bepalingen (I), die zijn | 27 december 2006 houdende diverse bepalingen (I), die zijn |
verschuldigd op de aanvullende vergoeding betaald door het voornoemde | verschuldigd op de aanvullende vergoeding betaald door het voornoemde |
sociaal waarborgfonds. | sociaal waarborgfonds. |
Dit betekent dat het voornoemde sociaal waarborgfonds slechts | Dit betekent dat het voornoemde sociaal waarborgfonds slechts |
gedeeltelijk de verplichtingen van de werkgevers overneemt indien aan | gedeeltelijk de verplichtingen van de werkgevers overneemt indien aan |
de begunstigde nog andere betalingen worden verricht, naast deze ten | de begunstigde nog andere betalingen worden verricht, naast deze ten |
laste van "Sociaal Waarborgfonds voor de bedienden van het kleding- en | laste van "Sociaal Waarborgfonds voor de bedienden van het kleding- en |
confectiebedrijf". | confectiebedrijf". |
Derhalve staat de debiteur van elke andere aanvulling dan deze betaald | Derhalve staat de debiteur van elke andere aanvulling dan deze betaald |
door het "Sociaal Waarborgfonds voor de bedienden van het kleding- en | door het "Sociaal Waarborgfonds voor de bedienden van het kleding- en |
confectiebedrijf" zelf in voor de betaling van de bijzondere | confectiebedrijf" zelf in voor de betaling van de bijzondere |
werkgeversbijdragen, verschuldigd op de door hem verrichte betalingen. | werkgeversbijdragen, verschuldigd op de door hem verrichte betalingen. |
§ 4. Zoals voorzien in artikel 7 van deze collectieve | § 4. Zoals voorzien in artikel 7 van deze collectieve |
arbeidsovereenkomst wordt de aanvullende vergoeding verder uitbetaald | arbeidsovereenkomst wordt de aanvullende vergoeding verder uitbetaald |
in de bijzondere gevallen van werkhervatting, voorzien in artikel 4bis | in de bijzondere gevallen van werkhervatting, voorzien in artikel 4bis |
en artikel 4quater van de voornoemde collectieve arbeidsovereenkomst | en artikel 4quater van de voornoemde collectieve arbeidsovereenkomst |
nr. 17. | nr. 17. |
Buiten deze gevallen, bedoeld in de voornoemde collectieve | Buiten deze gevallen, bedoeld in de voornoemde collectieve |
arbeidsovereenkomst nr. 17, zoals in geval van het opnemen van een | arbeidsovereenkomst nr. 17, zoals in geval van het opnemen van een |
activiteit bij of het werken voor rekening van de werkgever die de in | activiteit bij of het werken voor rekening van de werkgever die de in |
deze collectieve arbeidsovereenkomst bedoelde gerechtigde op | deze collectieve arbeidsovereenkomst bedoelde gerechtigde op |
bedrijfstoeslag heeft ontslagen, is er geen bedrijfstoeslag | bedrijfstoeslag heeft ontslagen, is er geen bedrijfstoeslag |
verschuldigd, wetende dat deze als loon zou beschouwd worden, gelet op | verschuldigd, wetende dat deze als loon zou beschouwd worden, gelet op |
artikel 124, § 6 van de wet van 27 december 2006 houdende diverse | artikel 124, § 6 van de wet van 27 december 2006 houdende diverse |
bepalingen (I), en dus niet zou beschouwd worden als een aanvulling | bepalingen (I), en dus niet zou beschouwd worden als een aanvulling |
bij een sociale uitkering. | bij een sociale uitkering. |
Zowel de in deze collectieve arbeidsovereenkomst bedoelde gerechtigde | Zowel de in deze collectieve arbeidsovereenkomst bedoelde gerechtigde |
op bedrijfstoeslag als de werkgever zijn er derhalve toe gehouden | op bedrijfstoeslag als de werkgever zijn er derhalve toe gehouden |
dergelijke bijzondere gevallen van werkhervatting onmiddellijk te | dergelijke bijzondere gevallen van werkhervatting onmiddellijk te |
melden aan het "Sociaal Waarborgfonds voor de bedienden van het | melden aan het "Sociaal Waarborgfonds voor de bedienden van het |
kleding- en confectiebedrijf". Zij zijn tevens aansprakelijk voor de | kleding- en confectiebedrijf". Zij zijn tevens aansprakelijk voor de |
gevolgen van enige nalatigheid op dit stuk. | gevolgen van enige nalatigheid op dit stuk. |
De in deze collectieve arbeidsovereenkomst bedoelde gerechtigde op | De in deze collectieve arbeidsovereenkomst bedoelde gerechtigde op |
bedrijfstoeslag is ertoe gehouden elke tussenkomende wijziging in zijn | bedrijfstoeslag is ertoe gehouden elke tussenkomende wijziging in zijn |
situatie onmiddellijk mee te delen aan het "Sociaal Waarborgfonds voor | situatie onmiddellijk mee te delen aan het "Sociaal Waarborgfonds voor |
de bedienden van het kleding- en confectiebedrijf". | de bedienden van het kleding- en confectiebedrijf". |
X. Slotbepalingen | X. Slotbepalingen |
Art. 19.De administratieve formaliteiten, nodig voor de uitvoering |
Art. 19.De administratieve formaliteiten, nodig voor de uitvoering |
van deze collectieve arbeidsovereenkomst, worden door de raad van | van deze collectieve arbeidsovereenkomst, worden door de raad van |
beheer van het "Sociaal Waarborgfonds voor de bedienden van het | beheer van het "Sociaal Waarborgfonds voor de bedienden van het |
kleding- en confectiebedrijf" vastgesteld. | kleding- en confectiebedrijf" vastgesteld. |
Art. 20.De algemene interpretatiemogelijkheden van deze collectieve |
Art. 20.De algemene interpretatiemogelijkheden van deze collectieve |
arbeidsovereenkomst kunnen door de raad van beheer van het "Sociaal | arbeidsovereenkomst kunnen door de raad van beheer van het "Sociaal |
Waarborgfonds voor de bedienden van het kleding- en confectiebedrijf" | Waarborgfonds voor de bedienden van het kleding- en confectiebedrijf" |
worden beslecht in de geest van en refererend naar voornoemde | worden beslecht in de geest van en refererend naar voornoemde |
collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17. | collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17. |
Art. 21.Indien blijkt dat de op het afgeleverde werkloosheidsdocument |
Art. 21.Indien blijkt dat de op het afgeleverde werkloosheidsdocument |
vermelde gegevens niet in overeenstemming zijn met de bepalingen van | vermelde gegevens niet in overeenstemming zijn met de bepalingen van |
de werkloosheidsreglementering en/of met de in deze collectieve | de werkloosheidsreglementering en/of met de in deze collectieve |
arbeidsovereenkomst vermelde bepalingen zal de directeur van het | arbeidsovereenkomst vermelde bepalingen zal de directeur van het |
"Sociaal Waarborgfonds voor de bedienden van het kleding- en | "Sociaal Waarborgfonds voor de bedienden van het kleding- en |
confectiebedrijf" de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening daarvan | confectiebedrijf" de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening daarvan |
onverwijld in kennis stellen teneinde te komen tot een correcte | onverwijld in kennis stellen teneinde te komen tot een correcte |
berekening van de in deze collectieve arbeidsovereenkomst bedoelde | berekening van de in deze collectieve arbeidsovereenkomst bedoelde |
vergoedingen. | vergoedingen. |
Art. 22.Overeenkomstig artikel 14 van de wet van 5 december 1968 |
Art. 22.Overeenkomstig artikel 14 van de wet van 5 december 1968 |
betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire | betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire |
comités worden, voor wat betreft de ondertekening van deze collectieve | comités worden, voor wat betreft de ondertekening van deze collectieve |
arbeidsovereenkomst, de handtekeningen van de personen die deze | arbeidsovereenkomst, de handtekeningen van de personen die deze |
aangaan namens de werknemersorganisaties enerzijds en namens de | aangaan namens de werknemersorganisaties enerzijds en namens de |
werkgeversorganisaties anderzijds, vervangen door de, door de | werkgeversorganisaties anderzijds, vervangen door de, door de |
voorzitter en de secretaris ondertekende en door de leden goedgekeurde | voorzitter en de secretaris ondertekende en door de leden goedgekeurde |
notulen van de vergadering. | notulen van de vergadering. |
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 13 oktober | Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 13 oktober |
2022. | 2022. |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
P.-Y. DERMAGNE | P.-Y. DERMAGNE |