← Terug naar "Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 4 november 1974 tot oprichting en tot vaststelling van de benaming en van de bevoegdheid van het Aanvullend Paritair Comité voor de werklieden en van het koninklijk besluit van 4 november 1974 tot oprichting en tot vaststelling van de benaming en van de bevoegdheid van het Aanvullend Paritair Comité voor de bedienden "
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 4 november 1974 tot oprichting en tot vaststelling van de benaming en van de bevoegdheid van het Aanvullend Paritair Comité voor de werklieden en van het koninklijk besluit van 4 november 1974 tot oprichting en tot vaststelling van de benaming en van de bevoegdheid van het Aanvullend Paritair Comité voor de bedienden | Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 4 november 1974 tot oprichting en tot vaststelling van de benaming en van de bevoegdheid van het Aanvullend Paritair Comité voor de werklieden en van het koninklijk besluit van 4 november 1974 tot oprichting en tot vaststelling van de benaming en van de bevoegdheid van het Aanvullend Paritair Comité voor de bedienden |
---|---|
MINISTERIE VAN TEWERKSTELLING EN ARBEID | MINISTERIE VAN TEWERKSTELLING EN ARBEID |
13 JUNI 1999. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk | 13 JUNI 1999. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk |
besluit van 4 november 1974 tot oprichting en tot vaststelling van de | besluit van 4 november 1974 tot oprichting en tot vaststelling van de |
benaming en van de bevoegdheid van het Aanvullend Paritair Comité voor | benaming en van de bevoegdheid van het Aanvullend Paritair Comité voor |
de werklieden en van het koninklijk besluit van 4 november 1974 tot | de werklieden en van het koninklijk besluit van 4 november 1974 tot |
oprichting en tot vaststelling van de benaming en van de bevoegdheid | oprichting en tot vaststelling van de benaming en van de bevoegdheid |
van het Aanvullend Paritair Comité voor de bedienden (1) | van het Aanvullend Paritair Comité voor de bedienden (1) |
ALBERT II, Koning der Belgen, | ALBERT II, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve | Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve |
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op de | arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op de |
artikelen 35 en 36; | artikelen 35 en 36; |
Gelet op het koninklijk besluit van 4 november 1974 tot oprichting en | Gelet op het koninklijk besluit van 4 november 1974 tot oprichting en |
tot vaststelling van de benaming en van de bevoegdheid van het | tot vaststelling van de benaming en van de bevoegdheid van het |
Aanvullend Paritair Comité voor de werklieden; | Aanvullend Paritair Comité voor de werklieden; |
Gelet op het koninklijk besluit van 4 november 1974 tot oprichting en | Gelet op het koninklijk besluit van 4 november 1974 tot oprichting en |
tot vaststelling van de benaming en van de bevoegdheid van het | tot vaststelling van de benaming en van de bevoegdheid van het |
Aanvullend Paritair Comité voor de bedienden; | Aanvullend Paritair Comité voor de bedienden; |
Gelet op het in het Belgisch Staatsblad van 11 mei 1999 bekendgemaakte | Gelet op het in het Belgisch Staatsblad van 11 mei 1999 bekendgemaakte |
bericht; | bericht; |
Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari | Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari |
1973, inzonderheid op artikel 3, § 1, vervangen bij de wet van 4 juli | 1973, inzonderheid op artikel 3, § 1, vervangen bij de wet van 4 juli |
1989 en gewijzigd bij de wet van 4 augustus 1996; | 1989 en gewijzigd bij de wet van 4 augustus 1996; |
Gelet op de dringende noodzakelijkheid; | Gelet op de dringende noodzakelijkheid; |
Overwegende dat het in het kader van de vrijwaring van de rechten van | Overwegende dat het in het kader van de vrijwaring van de rechten van |
de vakverenigingen en met het oog op de duidelijkheid inzake de | de vakverenigingen en met het oog op de duidelijkheid inzake de |
rechtspositie van de representatieve werknemersorganisaties dringend | rechtspositie van de representatieve werknemersorganisaties dringend |
noodzakelijk is om de structuur van de paritaire organen aan te | noodzakelijk is om de structuur van de paritaire organen aan te |
passen; | passen; |
Op de voordracht van Onze Minister van Tewerkstelling en Arbeid, | Op de voordracht van Onze Minister van Tewerkstelling en Arbeid, |
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
Artikel 1.Artikel 1 van het koninklijk besluit van 4 november 1974 |
Artikel 1.Artikel 1 van het koninklijk besluit van 4 november 1974 |
tot oprichting en tot vaststelling van de benaming en van de | tot oprichting en tot vaststelling van de benaming en van de |
bevoegdheid van het Aanvullend Paritair Comité voor de werklieden | bevoegdheid van het Aanvullend Paritair Comité voor de werklieden |
wordt aangevuld met het volgende lid : | wordt aangevuld met het volgende lid : |
« Het Aanvullend Paritair Comité voor de werklieden is niet bevoegd | « Het Aanvullend Paritair Comité voor de werklieden is niet bevoegd |
voor de werknemers tewerkgesteld door de representatieve | voor de werknemers tewerkgesteld door de representatieve |
werknemersorganisaties bedoeld in artikel 3, eerste lid, 1 en 2 van de | werknemersorganisaties bedoeld in artikel 3, eerste lid, 1 en 2 van de |
wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve | wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve |
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. » | arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. » |
Art. 2.Artikel 1 van het koninklijk besluit van 4 november 1974 tot |
Art. 2.Artikel 1 van het koninklijk besluit van 4 november 1974 tot |
oprichting en tot vaststelling van de benaming en van de bevoegdheid | oprichting en tot vaststelling van de benaming en van de bevoegdheid |
van het Aanvullend Paritair Comité voor de bedienden wordt aangevuld | van het Aanvullend Paritair Comité voor de bedienden wordt aangevuld |
met het volgende lid : | met het volgende lid : |
« Het Aanvullend Paritair Comité voor de bedienden is niet bevoegd | « Het Aanvullend Paritair Comité voor de bedienden is niet bevoegd |
voor de werknemers tewerkgesteld door de representatieve | voor de werknemers tewerkgesteld door de representatieve |
werknemersorganisaties bedoeld in artikel 3, eerste lid, 1 en 2 van de | werknemersorganisaties bedoeld in artikel 3, eerste lid, 1 en 2 van de |
wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve | wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve |
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. » | arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. » |
Art. 3.Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het |
Art. 3.Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het |
Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt. | Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt. |
Art. 4.Onze Minister van Tewerkstelling en Arbeid is belast met de |
Art. 4.Onze Minister van Tewerkstelling en Arbeid is belast met de |
uitvoering van dit besluit. | uitvoering van dit besluit. |
Gegeven te Brussel, 13 juni 1999. | Gegeven te Brussel, 13 juni 1999. |
ALBERT | ALBERT |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Minister van Tewerkstelling en Arbeid, | De Minister van Tewerkstelling en Arbeid, |
Mevr. M. SMET | Mevr. M. SMET |
_______ | _______ |
Nota | Nota |
(1) Verwijzingen naar het Belgisch Staatsblad : | (1) Verwijzingen naar het Belgisch Staatsblad : |
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. | Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. |
Koninklijk besluit van 4 november 1974, Belgisch Staatsblad van 7 | Koninklijk besluit van 4 november 1974, Belgisch Staatsblad van 7 |
december 1974. | december 1974. |
Koninklijk besluit van 4 november 1974, Belgisch Staatsblad van 19 | Koninklijk besluit van 4 november 1974, Belgisch Staatsblad van 19 |
december 1974. | december 1974. |