Koninklijk besluit tot vaststelling, voor de ondernemingen die onder het Paritair Subcomité voor het bedrijf der grind- en zandgroeven welke in openlucht geëxploiteerd worden in de provincies Antwerpen, West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen, Limburg en Vlaams-Brabant ressorteren, van de voorwaarden waaronder het gebrek aan werk wegens economische oorzaken de uitvoering van de arbeidsovereenkomst voor werklieden schorst (1) | Koninklijk besluit tot vaststelling, voor de ondernemingen die onder het Paritair Subcomité voor het bedrijf der grind- en zandgroeven welke in openlucht geëxploiteerd worden in de provincies Antwerpen, West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen, Limburg en Vlaams-Brabant ressorteren, van de voorwaarden waaronder het gebrek aan werk wegens economische oorzaken de uitvoering van de arbeidsovereenkomst voor werklieden schorst (1) |
---|---|
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG | FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG |
12 JULI 2009. - Koninklijk besluit tot vaststelling, voor de | 12 JULI 2009. - Koninklijk besluit tot vaststelling, voor de |
ondernemingen die onder het Paritair Subcomité voor het bedrijf der | ondernemingen die onder het Paritair Subcomité voor het bedrijf der |
grind- en zandgroeven welke in openlucht geëxploiteerd worden in de | grind- en zandgroeven welke in openlucht geëxploiteerd worden in de |
provincies Antwerpen, West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen, Limburg en | provincies Antwerpen, West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen, Limburg en |
Vlaams-Brabant (PSC 102.06) ressorteren, van de voorwaarden waaronder | Vlaams-Brabant (PSC 102.06) ressorteren, van de voorwaarden waaronder |
het gebrek aan werk wegens economische oorzaken de uitvoering van de | het gebrek aan werk wegens economische oorzaken de uitvoering van de |
arbeidsovereenkomst voor werklieden schorst (1) | arbeidsovereenkomst voor werklieden schorst (1) |
ALBERT II, Koning der Belgen, | ALBERT II, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten, | Gelet op de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten, |
artikel 51, § 1, vervangen bij de wet van 30 december 2001; | artikel 51, § 1, vervangen bij de wet van 30 december 2001; |
Gelet op het advies van het Paritair Subcomité voor het bedrijf der | Gelet op het advies van het Paritair Subcomité voor het bedrijf der |
grind- en zandgroeven welke in openlucht geëxploiteerd worden in de | grind- en zandgroeven welke in openlucht geëxploiteerd worden in de |
provincies Antwerpen, West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen, Limburg en | provincies Antwerpen, West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen, Limburg en |
Vlaams-Brabant, gegeven op 23 maart 2009; | Vlaams-Brabant, gegeven op 23 maart 2009; |
Gelet op het advies 46.499/1 van de Raad van State, gegeven op 14 mei | Gelet op het advies 46.499/1 van de Raad van State, gegeven op 14 mei |
2009 met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1°, van de wetten | 2009 met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1°, van de wetten |
op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; | op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; |
Op de voordracht van de Minister van Werk, | Op de voordracht van de Minister van Werk, |
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
Artikel 1.Dit besluit is van toepassing op de werkgevers en op de |
Artikel 1.Dit besluit is van toepassing op de werkgevers en op de |
werklieden van de ondernemingen die ressorteren onder het Paritair | werklieden van de ondernemingen die ressorteren onder het Paritair |
Subcomité voor het bedrijf der grind- en zandgroeven welke in | Subcomité voor het bedrijf der grind- en zandgroeven welke in |
openlucht geëxploiteerd worden in de provincies Antwerpen, | openlucht geëxploiteerd worden in de provincies Antwerpen, |
West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen, Limburg en Vlaams-Brabant, met | West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen, Limburg en Vlaams-Brabant, met |
uitzondering van de witzandexploitaties. | uitzondering van de witzandexploitaties. |
Art. 2.Bij gebrek aan werk wegens economische oorzaken mag de |
Art. 2.Bij gebrek aan werk wegens economische oorzaken mag de |
uitvoering van de arbeidsovereenkomst voor werklieden volledig worden | uitvoering van de arbeidsovereenkomst voor werklieden volledig worden |
geschorst, mits ervan kennis wordt gegeven door aanplakking op een | geschorst, mits ervan kennis wordt gegeven door aanplakking op een |
goed zichtbare plaats in de lokalen van de onderneming. | goed zichtbare plaats in de lokalen van de onderneming. |
Wanneer de werkman de dag van de aanplakking afwezig is, wordt hem de | Wanneer de werkman de dag van de aanplakking afwezig is, wordt hem de |
kennisgeving dezelfde dag bij aangetekende brief gezonden. | kennisgeving dezelfde dag bij aangetekende brief gezonden. |
De kennisgeving moet ten laatste op een woensdag gebeuren opdat de | De kennisgeving moet ten laatste op een woensdag gebeuren opdat de |
volledige schorsing de volgende maandag kan beginnen te lopen. | volledige schorsing de volgende maandag kan beginnen te lopen. |
Art. 3.De duur van de volledige schorsing van de uitvoering van de |
Art. 3.De duur van de volledige schorsing van de uitvoering van de |
arbeidsovereenkomst voor werklieden bij gebrek aan werk wegens | arbeidsovereenkomst voor werklieden bij gebrek aan werk wegens |
economische oorzaken mag drie maanden niet overschrijden. Wanneer de | economische oorzaken mag drie maanden niet overschrijden. Wanneer de |
volledige schorsing van de uitvoering van de overeenkomst de voorziene | volledige schorsing van de uitvoering van de overeenkomst de voorziene |
maximumduur heeft bereikt, moet de werkgever gedurende een volledige | maximumduur heeft bereikt, moet de werkgever gedurende een volledige |
arbeidsweek de regeling van volledige arbeid opnieuw invoeren, | arbeidsweek de regeling van volledige arbeid opnieuw invoeren, |
alvorens een nieuwe volledige schorsing kan ingaan. | alvorens een nieuwe volledige schorsing kan ingaan. |
Art. 4.Met toepassing van artikel 51, § 1, vijfde lid, van de wet van |
Art. 4.Met toepassing van artikel 51, § 1, vijfde lid, van de wet van |
3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten, vermeldt de in | 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten, vermeldt de in |
artikel 2 bedoelde kennisgeving de datum waarop de volledige schorsing | artikel 2 bedoelde kennisgeving de datum waarop de volledige schorsing |
van de uitvoering van de overeenkomst ingaat, de datum waarop deze | van de uitvoering van de overeenkomst ingaat, de datum waarop deze |
schorsing een einde neemt, alsook de data waarop de werklieden | schorsing een einde neemt, alsook de data waarop de werklieden |
werkloos worden gesteld. | werkloos worden gesteld. |
Art. 5.Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 juli 2009 en |
Art. 5.Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 juli 2009 en |
treedt buiten werking op 1 januari 2010. | treedt buiten werking op 1 januari 2010. |
Art. 6.De Minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
Art. 6.De Minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
dit besluit. | dit besluit. |
Gegeven te Brussel, 12 juli 2009. | Gegeven te Brussel, 12 juli 2009. |
ALBERT | ALBERT |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Vice-Eerste Minister en Minister van Werk en Gelijke Kansen, | De Vice-Eerste Minister en Minister van Werk en Gelijke Kansen, |
Mevr. J. MILQUET | Mevr. J. MILQUET |
Nota | Nota |
(1) Verwijzingen naar het Belgisch Staatsblad : | (1) Verwijzingen naar het Belgisch Staatsblad : |
Wet van 3 juli 1978, Belgisch Staatsblad van 22 augustus 1978. | Wet van 3 juli 1978, Belgisch Staatsblad van 22 augustus 1978. |
Wet van 30 december 2001, Belgisch Staatsblad van 31 december 2001. | Wet van 30 december 2001, Belgisch Staatsblad van 31 december 2001. |