Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 27 januari 2010, gesloten in het Paritair Comité voor het kleding- en confectiebedrijf, betreffende vorming en tewerkstelling | Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 27 januari 2010, gesloten in het Paritair Comité voor het kleding- en confectiebedrijf, betreffende vorming en tewerkstelling |
---|---|
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG | FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG |
12 JANUARI 2011. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend | 12 JANUARI 2011. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend |
wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 27 januari | wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 27 januari |
2010, gesloten in het Paritair Comité voor het kleding- en | 2010, gesloten in het Paritair Comité voor het kleding- en |
confectiebedrijf, betreffende vorming en tewerkstelling (1) | confectiebedrijf, betreffende vorming en tewerkstelling (1) |
ALBERT II, Koning der Belgen, | ALBERT II, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve | Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve |
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel | arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel |
28; | 28; |
Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor het kleding- en | Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor het kleding- en |
confectiebedrijf; | confectiebedrijf; |
Op de voordracht van de Minister van Werk, | Op de voordracht van de Minister van Werk, |
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 27 januari 2010, | overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 27 januari 2010, |
gesloten in het Paritair Comité voor het kleding- en confectiebedrijf, | gesloten in het Paritair Comité voor het kleding- en confectiebedrijf, |
betreffende vorming en tewerkstelling. | betreffende vorming en tewerkstelling. |
Art. 2.De Minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
Art. 2.De Minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
dit besluit. | dit besluit. |
Gegeven te Brussel, 12 januari 2011. | Gegeven te Brussel, 12 januari 2011. |
ALBERT | ALBERT |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Vice-Eerste Minister | De Vice-Eerste Minister |
en Minister van Werk en Gelijke Kansen, belast met het Migratie- en | en Minister van Werk en Gelijke Kansen, belast met het Migratie- en |
asielbeleid, | asielbeleid, |
Mevr. J. MILQUET | Mevr. J. MILQUET |
_______ | _______ |
Nota | Nota |
(1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : | (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : |
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. | Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. |
Bijlage | Bijlage |
Paritair Comité voor het kleding- en confectiebedrijf | Paritair Comité voor het kleding- en confectiebedrijf |
Collectieve arbeidsovereenkomst van 27 januari 2010 | Collectieve arbeidsovereenkomst van 27 januari 2010 |
Vorming en tewerkstelling | Vorming en tewerkstelling |
(Overeenkomst geregistreerd op 4 mei 2010 onder het nummer | (Overeenkomst geregistreerd op 4 mei 2010 onder het nummer |
99184/CO/109) | 99184/CO/109) |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op |
de werkgevers en op de arbeid(st)ers van de ondernemingen die onder | de werkgevers en op de arbeid(st)ers van de ondernemingen die onder |
het Paritair Comité voor het kleding- en confectiebedrijf ressorteren. | het Paritair Comité voor het kleding- en confectiebedrijf ressorteren. |
Art. 2.De inspanningen, bedoeld in de collectieve arbeidsovereenkomst |
Art. 2.De inspanningen, bedoeld in de collectieve arbeidsovereenkomst |
van 19 september 2005 betreffende vorming en tewerkstelling worden | van 19 september 2005 betreffende vorming en tewerkstelling worden |
voortgezet tot 31 december 2010 en aangepast om deze in | voortgezet tot 31 december 2010 en aangepast om deze in |
overeenstemming te brengen met de doelstellingen, bedoeld in artikel | overeenstemming te brengen met de doelstellingen, bedoeld in artikel |
24 van de wet van 17 mei 2007 houdende uitvoering van het | 24 van de wet van 17 mei 2007 houdende uitvoering van het |
interprofessioneel akkoord voor de periode 2007-2008. | interprofessioneel akkoord voor de periode 2007-2008. |
In de schoot van het Instituut voor Vorming en Onderzoek in de | In de schoot van het Instituut voor Vorming en Onderzoek in de |
Confectie (IVOC) zullen de maatregelen worden overlegd die nodig zijn | Confectie (IVOC) zullen de maatregelen worden overlegd die nodig zijn |
om een jaarlijkse toename van de participatiegraad aan vorming en | om een jaarlijkse toename van de participatiegraad aan vorming en |
opleiding met minstens 5 pct. te realiseren. | opleiding met minstens 5 pct. te realiseren. |
Art. 3.De werkgevers bedoeld in artikel 1 van deze collectieve |
Art. 3.De werkgevers bedoeld in artikel 1 van deze collectieve |
arbeidsovereenkomst zijn voor het jaar 2010 een inspanning van 0,10 | arbeidsovereenkomst zijn voor het jaar 2010 een inspanning van 0,10 |
pct. verschuldigd berekend op grond van het volledige loon van de | pct. verschuldigd berekend op grond van het volledige loon van de |
arbeid(st)ers, zoals bedoeld in artikel 23 van de wet van 29 juni 1981 | arbeid(st)ers, zoals bedoeld in artikel 23 van de wet van 29 juni 1981 |
houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor | houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor |
werknemers en de uitvoeringsbesluiten van deze wet. | werknemers en de uitvoeringsbesluiten van deze wet. |
Deze inspanning is bestemd voor de personen die behoren tot de | Deze inspanning is bestemd voor de personen die behoren tot de |
risicogroepen of op wie een begeleidingsplan van toepassing is. | risicogroepen of op wie een begeleidingsplan van toepassing is. |
De betaling wordt verricht aan het "Sociaal Waarborgfonds voor de | De betaling wordt verricht aan het "Sociaal Waarborgfonds voor de |
kleding- en confectienijverheid", zoals voorzien in artikel 3, 9° van | kleding- en confectienijverheid", zoals voorzien in artikel 3, 9° van |
de statuten van dit fonds. | de statuten van dit fonds. |
Het sociaal waarborgfonds draagt deze bedragen over aan het Instituut | Het sociaal waarborgfonds draagt deze bedragen over aan het Instituut |
voor Vorming en Onderzoek in de Confectie (IVOC). | voor Vorming en Onderzoek in de Confectie (IVOC). |
Art. 4.Binnen het Instituut voor Vorming en Onderzoek in de Confectie |
Art. 4.Binnen het Instituut voor Vorming en Onderzoek in de Confectie |
(IVOC) wordt door de ondertekenende organisaties beslist welke | (IVOC) wordt door de ondertekenende organisaties beslist welke |
vormings- en opleidingsinitiatieven verder ontwikkeld worden ten | vormings- en opleidingsinitiatieven verder ontwikkeld worden ten |
gunste van de personen die behoren tot de risicogroepen of op wie een | gunste van de personen die behoren tot de risicogroepen of op wie een |
begeleidingsplan van toepassing is. | begeleidingsplan van toepassing is. |
Personen die behoren tot de risicogroepen zijn werkzoekenden en | Personen die behoren tot de risicogroepen zijn werkzoekenden en |
werknemers die door opleidingsinitiatieven hun werkgelegenheid kunnen | werknemers die door opleidingsinitiatieven hun werkgelegenheid kunnen |
behouden of hun kansen op de arbeidsmarkt kunnen verhogen. | behouden of hun kansen op de arbeidsmarkt kunnen verhogen. |
Art. 5.In uitvoering van het interprofessioneel akkoord 1999-2000 van |
Art. 5.In uitvoering van het interprofessioneel akkoord 1999-2000 van |
8 december 1998 hebben de ondernemingen een bijkomende inspanning | 8 december 1998 hebben de ondernemingen een bijkomende inspanning |
gedaan op het vlak van vorming en opleiding. Deze bijkomende | gedaan op het vlak van vorming en opleiding. Deze bijkomende |
inspanning wordt voortgezet door een sectorale bijdrage van 0,20 pct. | inspanning wordt voortgezet door een sectorale bijdrage van 0,20 pct. |
op de lonen van 1 januari 2007 tot 31 december 2010. Aldus levert de | op de lonen van 1 januari 2007 tot 31 december 2010. Aldus levert de |
sector verder zijn aandeel tot de uitvoering van het engagement om | sector verder zijn aandeel tot de uitvoering van het engagement om |
bijkomende inspanningen op het vlak van permanente vorming te doen. | bijkomende inspanningen op het vlak van permanente vorming te doen. |
Binnen het Instituut voor Vorming en Onderzoek in de Confectie wordt | Binnen het Instituut voor Vorming en Onderzoek in de Confectie wordt |
door de ondertekenende organisaties beslist welke vormings- en | door de ondertekenende organisaties beslist welke vormings- en |
opleidingsinitiatieven zullen ontwikkeld worden met deze middelen. | opleidingsinitiatieven zullen ontwikkeld worden met deze middelen. |
Art. 6.Een forfaitaire vergoeding ten belope van 247,89 EUR wordt |
Art. 6.Een forfaitaire vergoeding ten belope van 247,89 EUR wordt |
toegekend aan de werkgever die een voltijds tijdskrediet van minstens | toegekend aan de werkgever die een voltijds tijdskrediet van minstens |
zes maanden met vervanging toestaat tijdens de duur van deze | zes maanden met vervanging toestaat tijdens de duur van deze |
collectieve arbeidsovereenkomst. | collectieve arbeidsovereenkomst. |
Deze vergoeding wordt betaald door het "Sociaal Waarborgfonds voor de | Deze vergoeding wordt betaald door het "Sociaal Waarborgfonds voor de |
kleding- en confectienijverheid". De raad van beheer van dit "Sociaal | kleding- en confectienijverheid". De raad van beheer van dit "Sociaal |
Waarborgfonds voor de kleding- en confectienijverheid" bepaalt de | Waarborgfonds voor de kleding- en confectienijverheid" bepaalt de |
voorwaarden en modaliteiten voor de toekenning van deze vergoeding. | voorwaarden en modaliteiten voor de toekenning van deze vergoeding. |
Art. 7.Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking op 1 |
Art. 7.Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking op 1 |
januari 2010 en houdt op van kracht te zijn op 31 december 2010. | januari 2010 en houdt op van kracht te zijn op 31 december 2010. |
Deze collectieve arbeidsovereenkomst wijzigt en verlengt de | Deze collectieve arbeidsovereenkomst wijzigt en verlengt de |
collectieve arbeidsovereenkomst van 19 september 2005 betreffende | collectieve arbeidsovereenkomst van 19 september 2005 betreffende |
vorming en tewerkstelling, verlengd bij de collectieve | vorming en tewerkstelling, verlengd bij de collectieve |
arbeidsovereenkomsten van 19 december 2006, van 2 juli 2007 en van 29 | arbeidsovereenkomsten van 19 december 2006, van 2 juli 2007 en van 29 |
november 2007. | november 2007. |
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 12 januari | Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 12 januari |
2011. | 2011. |
De Vice-Eerste Minister | De Vice-Eerste Minister |
en Minister van Werk en Gelijke Kansen, belast met het Migratie- en | en Minister van Werk en Gelijke Kansen, belast met het Migratie- en |
asielbeleid, | asielbeleid, |
Mevr. J. MILQUET | Mevr. J. MILQUET |