Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Koninklijk Besluit van 12/01/2007
← Terug naar "Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 24 oktober 2005, gesloten in het Paritair Comité voor de binnenscheepvaart, betreffende brugpensioen en aanvullende vergoeding "
Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 24 oktober 2005, gesloten in het Paritair Comité voor de binnenscheepvaart, betreffende brugpensioen en aanvullende vergoeding Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 24 oktober 2005, gesloten in het Paritair Comité voor de binnenscheepvaart, betreffende brugpensioen en aanvullende vergoeding
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG
12 JANUARI 2007. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend 12 JANUARI 2007. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend
wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 24 oktober wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 24 oktober
2005, gesloten in het Paritair Comité voor de binnenscheepvaart, 2005, gesloten in het Paritair Comité voor de binnenscheepvaart,
betreffende brugpensioen en aanvullende vergoeding (1) betreffende brugpensioen en aanvullende vergoeding (1)
ALBERT II, Koning der Belgen, ALBERT II, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel
28; 28;
Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de
binnenscheepvaart; binnenscheepvaart;
Op de voordracht van Onze Minister van Werk, Op de voordracht van Onze Minister van Werk,
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage

overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 24 oktober 2005, overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 24 oktober 2005,
gesloten in het Paritair Comité voor de binnenscheepvaart, betreffende gesloten in het Paritair Comité voor de binnenscheepvaart, betreffende
brugpensioen en aanvullende vergoeding. brugpensioen en aanvullende vergoeding.

Art. 2.Onze Minister van Werk is belast met de uitvoering van dit

Art. 2.Onze Minister van Werk is belast met de uitvoering van dit

besluit. besluit.
Gegeven te Brussel, 12 januari 2007. Gegeven te Brussel, 12 januari 2007.
ALBERT ALBERT
Van Koningswege : Van Koningswege :
De Minister van Werk, De Minister van Werk,
P. VANVELTHOVEN P. VANVELTHOVEN
_______ _______
Nota Nota
(1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad :
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969.
Bijlage Bijlage
Paritair Comité voor de binnenscheepvaart Paritair Comité voor de binnenscheepvaart
Collectieve arbeidsovereenkomst van 24 oktober 2005 Collectieve arbeidsovereenkomst van 24 oktober 2005
Brugpensioen en aanvullende vergoeding Brugpensioen en aanvullende vergoeding
(Overeenkomst geregistreerd op 13 december 2005 onder het nummer (Overeenkomst geregistreerd op 13 december 2005 onder het nummer
77655/CO/139) 77655/CO/139)

Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op

Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op

de werkgevers en op de werklieden en werksters van de ondernemingen de werkgevers en op de werklieden en werksters van de ondernemingen
die onder het Paritair Comité voor de binnenscheepvaart ressorteren. die onder het Paritair Comité voor de binnenscheepvaart ressorteren.

Art. 2.De in artikel 1 bedoelde werklieden en werksters hebben, ten

Art. 2.De in artikel 1 bedoelde werklieden en werksters hebben, ten

laste van het "Fonds voor de Rijn- en binnenscheepvaart", recht op een laste van het "Fonds voor de Rijn- en binnenscheepvaart", recht op een
aanvullende vergoeding ten gunste van sommige bejaarde werklieden en aanvullende vergoeding ten gunste van sommige bejaarde werklieden en
werksters indien zij aan de volgende voorwaarden voldoen : werksters indien zij aan de volgende voorwaarden voldoen :
- onverminderd de in de ondernemingen bestaande voordeliger toestanden - onverminderd de in de ondernemingen bestaande voordeliger toestanden
en gelet op het koninklijk besluit van 7 december 1992 betreffende de en gelet op het koninklijk besluit van 7 december 1992 betreffende de
toekenning van werkloosheidsuitkeringen in geval van conventioneel toekenning van werkloosheidsuitkeringen in geval van conventioneel
brugpensioen (Belgisch Staatsblad van 11 december 1992), ontslagen brugpensioen (Belgisch Staatsblad van 11 december 1992), ontslagen
zijn, behalve om dringende reden, vanaf de leeftijd van 58 jaar; zijn, behalve om dringende reden, vanaf de leeftijd van 58 jaar;
- en bovendien recht hebben op werkloosheidsuitkeringen. - en bovendien recht hebben op werkloosheidsuitkeringen.

Art. 3.Het in artikel 2 bedoelde bedrag van de aanvullende vergoeding

Art. 3.Het in artikel 2 bedoelde bedrag van de aanvullende vergoeding

is gelijk aan het bedrag bepaald in de collectieve arbeidsovereenkomst is gelijk aan het bedrag bepaald in de collectieve arbeidsovereenkomst
nr. 17 van 19 december 1974, gesloten in de Nationale Arbeidsraad, tot nr. 17 van 19 december 1974, gesloten in de Nationale Arbeidsraad, tot
invoering van een regeling van aanvullende vergoeding ten gunste van invoering van een regeling van aanvullende vergoeding ten gunste van
sommige bejaarde werknemers indien zij worden ontslagen, zijnde de sommige bejaarde werknemers indien zij worden ontslagen, zijnde de
helft van het verschil tussen het netto referentieloon en de helft van het verschil tussen het netto referentieloon en de
werkloosheidsuitkering, gekoppeld aan de schommelingen van het werkloosheidsuitkering, gekoppeld aan de schommelingen van het
indexcijfer van de consumptieprijzen, volgens de modaliteiten die van indexcijfer van de consumptieprijzen, volgens de modaliteiten die van
toepassing zijn op de werkloosheidsuitkeringen, en verhoogd met een toepassing zijn op de werkloosheidsuitkeringen, en verhoogd met een
percentage dat gelijk is aan het verschil tussen de sectorale percentage dat gelijk is aan het verschil tussen de sectorale
loonsaanpassingen ingevolge indexeringen en/of conventies en de loonsaanpassingen ingevolge indexeringen en/of conventies en de
verhoging ingevolge de aanpassingen van de sociale vergoedingen. verhoging ingevolge de aanpassingen van de sociale vergoedingen.
Het percentage dat overeenstemt met de conventionele loonsaanpassing Het percentage dat overeenstemt met de conventionele loonsaanpassing
wordt door de raad van bestuur vastgesteld. wordt door de raad van bestuur vastgesteld.

Art. 4.Het netto referentieloon is begrensd tot het maandelijks

Art. 4.Het netto referentieloon is begrensd tot het maandelijks

brutoloon voorzien in de voormelde collectieve arbeidsovereenkomst nr. brutoloon voorzien in de voormelde collectieve arbeidsovereenkomst nr.
17 gesloten op 19 december 1974 in de Nationale Arbeidsraad, 17 gesloten op 19 december 1974 in de Nationale Arbeidsraad,
verminderd met de persoonlijke sociale zekerheidsbijdrage en de verminderd met de persoonlijke sociale zekerheidsbijdrage en de
fiscale inhouding. Deze grens is gekoppeld aan de schommelingen van fiscale inhouding. Deze grens is gekoppeld aan de schommelingen van
het indexcijfer van de consumptieprijzen, volgens modaliteiten die van het indexcijfer van de consumptieprijzen, volgens modaliteiten die van
toepassing zijn op de loongrenzen. toepassing zijn op de loongrenzen.

Art. 5.Het bruto maandloon omvat de contractuele premies die

Art. 5.Het bruto maandloon omvat de contractuele premies die

rechtstreeks verbonden zijn aan de door de werklieden of werksters rechtstreeks verbonden zijn aan de door de werklieden of werksters
verrichte arbeidsprestaties waarop inhoudingen voor sociale zekerheid verrichte arbeidsprestaties waarop inhoudingen voor sociale zekerheid
worden verricht en waarvan de periodiciteit van betaling geen maand worden verricht en waarvan de periodiciteit van betaling geen maand
overschrijdt. Het omvat ook de voordelen in natura die aan inhoudingen overschrijdt. Het omvat ook de voordelen in natura die aan inhoudingen
voor sociale zekerheid zijn onderworpen. De premies of vergoedingen, voor sociale zekerheid zijn onderworpen. De premies of vergoedingen,
daarentegen, die als tegenwaarde van werkelijke kosten worden daarentegen, die als tegenwaarde van werkelijke kosten worden
toegekend, worden niet in aanmerking genomen. toegekend, worden niet in aanmerking genomen.
Voor de per maand betaalde werkman of werkster wordt het loon Voor de per maand betaalde werkman of werkster wordt het loon
verkregen tijdens de referentiemaand als brutoloon beschouwd. Voor de verkregen tijdens de referentiemaand als brutoloon beschouwd. Voor de
werkman of werkster die niet per maand wordt betaald, wordt het werkman of werkster die niet per maand wordt betaald, wordt het
brutoloon berekend op grond van het normale loon. Het normale uurloon brutoloon berekend op grond van het normale loon. Het normale uurloon
wordt bekomen door het loon voor de normale arbeidsprestaties van de wordt bekomen door het loon voor de normale arbeidsprestaties van de
referentiemaand te delen door het aantal tijdens deze periode gewerkte referentiemaand te delen door het aantal tijdens deze periode gewerkte
normale arbeidsuren. Het aldus bekomen resultaat wordt vermenigvuldigd normale arbeidsuren. Het aldus bekomen resultaat wordt vermenigvuldigd
met het aantal arbeidsuren bepaald bij de wekelijkse arbeidsregeling met het aantal arbeidsuren bepaald bij de wekelijkse arbeidsregeling
van de werkman of werkster, dat product, vermenigvuldigd met 52 en van de werkman of werkster, dat product, vermenigvuldigd met 52 en
gedeeld door 12, stemt overeen met het maandloon. gedeeld door 12, stemt overeen met het maandloon.
Het brutoloon van werklieden of werksters die gedurende de hele Het brutoloon van werklieden of werksters die gedurende de hele
referentiemaand niet hebben gewerkt, wordt berekend alsof zij aanwezig referentiemaand niet hebben gewerkt, wordt berekend alsof zij aanwezig
zijn geweest op alle arbeidsdagen die in de bedoelde maand vallen. zijn geweest op alle arbeidsdagen die in de bedoelde maand vallen.
Indien werklieden of werksters, krachtens de bepalingen van hun Indien werklieden of werksters, krachtens de bepalingen van hun
arbeidsovereenkomst wegens dienst op binnenschepen, slechts gedurende arbeidsovereenkomst wegens dienst op binnenschepen, slechts gedurende
een gedeelte van de referentiemaand moeten werken en zij al die tijd een gedeelte van de referentiemaand moeten werken en zij al die tijd
niet hebben gewerkt, wordt hun brutoloon, ongeacht of het per maand of niet hebben gewerkt, wordt hun brutoloon, ongeacht of het per maand of
anders wordt betaald, wordt vermeerderd met een twaalfde van het anders wordt betaald, wordt vermeerderd met een twaalfde van het
totaal van de contractuele premies en van de veranderlijke beloning totaal van de contractuele premies en van de veranderlijke beloning
waarvan de periodiciteit van betaling geen maand overschrijdt en door waarvan de periodiciteit van betaling geen maand overschrijdt en door
deze werkman of werkster in de loop van de twaalf maanden die aan het deze werkman of werkster in de loop van de twaalf maanden die aan het
ontslag voorafgaan, afzonderlijk werden ontvangen. ontslag voorafgaan, afzonderlijk werden ontvangen.
Naar aanleiding van het in artikel 7 bepaalde overleg, wordt in gemeen Naar aanleiding van het in artikel 7 bepaalde overleg, wordt in gemeen
akkoord beslist met welke referentiemaand rekening moet worden akkoord beslist met welke referentiemaand rekening moet worden
gehouden. Indien geen referentiemaand is vastgesteld, wordt de gehouden. Indien geen referentiemaand is vastgesteld, wordt de
kalendermaand die de datum van het ontslag voorafgaat in aanmerking kalendermaand die de datum van het ontslag voorafgaat in aanmerking
genomen. genomen.

Art. 6.De aanvullende vergoeding mag niet worden gecumuleerd met

Art. 6.De aanvullende vergoeding mag niet worden gecumuleerd met

andere wegens ontslag toegekende speciale vergoedingen of toeslagen, andere wegens ontslag toegekende speciale vergoedingen of toeslagen,
krachtens wettelijke of reglementaire bepalingen. De werkman of krachtens wettelijke of reglementaire bepalingen. De werkman of
werkster, die onder de in artikel 2 bepaalde voorwaarden wordt werkster, die onder de in artikel 2 bepaalde voorwaarden wordt
ontslagen, moet eerst de uit deze bepalingen voortvloeiende rechten ontslagen, moet eerst de uit deze bepalingen voortvloeiende rechten
uitputten, alvorens aanspraak te kunnen maken op de in artikel 3 uitputten, alvorens aanspraak te kunnen maken op de in artikel 3
bedoelde aanvullende vergoeding. bedoelde aanvullende vergoeding.
Het in het voorgaande lid geformuleerde verbod van cumulatie is niet Het in het voorgaande lid geformuleerde verbod van cumulatie is niet
van toepassing op de sluitingsvergoedingen bepaald in de wet van 28 van toepassing op de sluitingsvergoedingen bepaald in de wet van 28
juni 1966 betreffende de schadeloosstelling van de werknemers die juni 1966 betreffende de schadeloosstelling van de werknemers die
ontslagen worden bij sluiting van ondernemingen (Belgisch Staatsblad ontslagen worden bij sluiting van ondernemingen (Belgisch Staatsblad
van 2 juli 1966). De wegens ontslag toegekende speciale vergoedingen van 2 juli 1966). De wegens ontslag toegekende speciale vergoedingen
of voordelen, toegekend krachtens een collectieve arbeidsovereenkomst of voordelen, toegekend krachtens een collectieve arbeidsovereenkomst
op het niveau van de sector of op andere niveaus worden verrekend op op het niveau van de sector of op andere niveaus worden verrekend op
het bedrag waarvan sprake in artikel 3. het bedrag waarvan sprake in artikel 3.

Art. 7.Vooraleer één of meerdere bij artikel 1 bedoelde werklieden of

Art. 7.Vooraleer één of meerdere bij artikel 1 bedoelde werklieden of

werksters te ontslaan, pleegt de werkgever overleg met de werksters te ontslaan, pleegt de werkgever overleg met de
vertegenwoordigers van het personeel in de ondernemingsraad of, bij vertegenwoordigers van het personeel in de ondernemingsraad of, bij
ontstentenis, met de vakbondsafvaardiging. Onverminderd de bepalingen ontstentenis, met de vakbondsafvaardiging. Onverminderd de bepalingen
van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 9 van 9 maart 1972, van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 9 van 9 maart 1972,
gesloten in de Nationale Arbeidsraad, tot coördinatie van de in de gesloten in de Nationale Arbeidsraad, tot coördinatie van de in de
Nationale Arbeidsraad gesloten nationale akkoorden en collectieve Nationale Arbeidsraad gesloten nationale akkoorden en collectieve
arbeidsovereenkomsten betreffende de ondernemingsraden, algemeen arbeidsovereenkomsten betreffende de ondernemingsraden, algemeen
verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 12 september 1972, verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 12 september 1972,
inzonderheid de bepalingen van artikel 12, heeft deze beraadslaging inzonderheid de bepalingen van artikel 12, heeft deze beraadslaging
tot doel in algemeen overleg te beslissen of, afgezien van de in de tot doel in algemeen overleg te beslissen of, afgezien van de in de
onderneming van kracht zijnde ontslagcriteria, werknemers die aan het onderneming van kracht zijnde ontslagcriteria, werknemers die aan het
in artikel 2 bepaalde leeftijdscriterium voldoen, bij voorrang kunnen in artikel 2 bepaalde leeftijdscriterium voldoen, bij voorrang kunnen
worden ontslagen en derhalve het voordeel van de aanvullende regeling worden ontslagen en derhalve het voordeel van de aanvullende regeling
kunnen genieten. kunnen genieten.
Bij ontstentenis van ondernemingsraad of van vakbondsafvaardiging, Bij ontstentenis van ondernemingsraad of van vakbondsafvaardiging,
heeft dit overleg plaats met de vertegenwoordigers van de heeft dit overleg plaats met de vertegenwoordigers van de
representatieve werknemersorganisaties of, bij ontstentenis, met de representatieve werknemersorganisaties of, bij ontstentenis, met de
werknemers van de onderneming. werknemers van de onderneming.
Vooraleer een beslissing tot ontslag te nemen, nodigt de werkgever Vooraleer een beslissing tot ontslag te nemen, nodigt de werkgever
daarenboven de betrokken werknemer bij aangetekende brief uit op een daarenboven de betrokken werknemer bij aangetekende brief uit op een
onderhoud tijdens de werkuren ten zetel van de onderneming. Dit onderhoud tijdens de werkuren ten zetel van de onderneming. Dit
onderhoud heeft tot doel aan de werknemer de gelegenheid te geven zijn onderhoud heeft tot doel aan de werknemer de gelegenheid te geven zijn
bezwaren tegen het door de werkgever voorgenomen ontslag kenbaar te bezwaren tegen het door de werkgever voorgenomen ontslag kenbaar te
maken. De opzegging kan ten vroegste gebeuren de tweede werkdag na de maken. De opzegging kan ten vroegste gebeuren de tweede werkdag na de
dag waarop dit onderhoud was gepland. De ontslagen werknemers hebben dag waarop dit onderhoud was gepland. De ontslagen werknemers hebben
de mogelijkheid de aanvullende regeling te aanvaarden of ze te de mogelijkheid de aanvullende regeling te aanvaarden of ze te
weigeren en derhalve deel uit te maken van een arbeidsreserve. weigeren en derhalve deel uit te maken van een arbeidsreserve.

Art. 8.Ter financiering van deze aanvullende vergoeding zijn de in

Art. 8.Ter financiering van deze aanvullende vergoeding zijn de in

artikel 1 bedoelde werkgevers een bijdrage verschuldigd aan het "Fonds artikel 1 bedoelde werkgevers een bijdrage verschuldigd aan het "Fonds
voor Rijn- en binnenscheepvaart" : voor Rijn- en binnenscheepvaart" :
- van 2,48 EUR, per gewerkte of hiermee gelijkgestelde dag en per - van 2,48 EUR, per gewerkte of hiermee gelijkgestelde dag en per
tewerkgestelde werkman en/of werkster; tewerkgestelde werkman en/of werkster;
- van een bijdrage gelijk aan 0,63 pct., berekend op het brutoloon dat - van een bijdrage gelijk aan 0,63 pct., berekend op het brutoloon dat
door de aangeworven werkman of werkster werd verdiend tijdens het door de aangeworven werkman of werkster werd verdiend tijdens het
overeenstemmend kwartaal. overeenstemmend kwartaal.
Voor de werkgevers die hun loonsaangiften bij de Rijksdienst voor Voor de werkgevers die hun loonsaangiften bij de Rijksdienst voor
Sociale Zekerheid volgens het stelsel van de vijfdagenweek indienen, Sociale Zekerheid volgens het stelsel van de vijfdagenweek indienen,
wordt het aantal opgegeven dagen verhoogd met de breuk 6/5e begrensd, wordt het aantal opgegeven dagen verhoogd met de breuk 6/5e begrensd,
tot een maximum van 25 dagen per maand en per werknemer. tot een maximum van 25 dagen per maand en per werknemer.
Voor de werkgevers die hun loonsaangiften opstellen in het stelsel van Voor de werkgevers die hun loonsaangiften opstellen in het stelsel van
de zesdagenweek blijft het aantal opgegeven dagen gehandhaafd zonder de zesdagenweek blijft het aantal opgegeven dagen gehandhaafd zonder
dat dit aantal een maximum van 25 dagen per maand en per werknemer dat dit aantal een maximum van 25 dagen per maand en per werknemer
overschrijdt. overschrijdt.
Alle bepalingen inzake wijze en tijdstip van betaling en alle Alle bepalingen inzake wijze en tijdstip van betaling en alle
maatregelen in geval van wanbetaling, zoals voorzien bij artikel 14 maatregelen in geval van wanbetaling, zoals voorzien bij artikel 14
van de collectieve arbeidsovereenkomst van 29 november 2002, tot van de collectieve arbeidsovereenkomst van 29 november 2002, tot
oprichting van een fonds voor bestaanszekerheid en vaststelling van de oprichting van een fonds voor bestaanszekerheid en vaststelling van de
statuten (koninklijk besluit van 25 april 2004, Belgisch Staatsblad statuten (koninklijk besluit van 25 april 2004, Belgisch Staatsblad
van 18 mei 2004) zijn van toepassing. van 18 mei 2004) zijn van toepassing.

Art. 9.Deze collectieve arbeidsovereenkomst heeft uitwerking met

Art. 9.Deze collectieve arbeidsovereenkomst heeft uitwerking met

ingang van 1 januari 2007 en houdt op in werking te zijn op 1 januari ingang van 1 januari 2007 en houdt op in werking te zijn op 1 januari
2009. 2009.
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 12 januari Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 12 januari
2007. 2007.
De Minister van Werk, De Minister van Werk,
P. VANVELTHOVEN P. VANVELTHOVEN
^