Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Koninklijk Besluit van 11/06/2020
← Terug naar "Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 5 september 2019, gesloten in het Paritair Comité voor de voedingsnijverheid, betreffende de loon- en arbeidsvoorwaarden van de arbeiders tewerkgesteld in de suikerfabrieken, suikerraffinaderijen, fabrieken van invertsuiker en citroenzuur "
Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 5 september 2019, gesloten in het Paritair Comité voor de voedingsnijverheid, betreffende de loon- en arbeidsvoorwaarden van de arbeiders tewerkgesteld in de suikerfabrieken, suikerraffinaderijen, fabrieken van invertsuiker en citroenzuur Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 5 september 2019, gesloten in het Paritair Comité voor de voedingsnijverheid, betreffende de loon- en arbeidsvoorwaarden van de arbeiders tewerkgesteld in de suikerfabrieken, suikerraffinaderijen, fabrieken van invertsuiker en citroenzuur
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG
11 JUNI 2020. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt 11 JUNI 2020. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt
verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 5 september 2019, verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 5 september 2019,
gesloten in het Paritair Comité voor de voedingsnijverheid, gesloten in het Paritair Comité voor de voedingsnijverheid,
betreffende de loon- en arbeidsvoorwaarden van de arbeiders betreffende de loon- en arbeidsvoorwaarden van de arbeiders
tewerkgesteld in de suikerfabrieken, suikerraffinaderijen, fabrieken tewerkgesteld in de suikerfabrieken, suikerraffinaderijen, fabrieken
van invertsuiker en citroenzuur (1) van invertsuiker en citroenzuur (1)
FILIP, Koning der Belgen, FILIP, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel
28; 28;
Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de
voedingsnijverheid; voedingsnijverheid;
Op de voordracht van de Minister van Werk, Op de voordracht van de Minister van Werk,
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage

overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 5 september 2019, overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 5 september 2019,
gesloten in het Paritair Comité voor de voedingsnijverheid, gesloten in het Paritair Comité voor de voedingsnijverheid,
betreffende de loon- en arbeidsvoorwaarden van de arbeiders betreffende de loon- en arbeidsvoorwaarden van de arbeiders
tewerkgesteld in de suikerfabrieken, suikerraffinaderijen, fabrieken tewerkgesteld in de suikerfabrieken, suikerraffinaderijen, fabrieken
van invertsuiker en citroenzuur. van invertsuiker en citroenzuur.

Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van

Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van

dit besluit. dit besluit.
Gegeven te Brussel, 11 juni 2020. Gegeven te Brussel, 11 juni 2020.
FILIP FILIP
Van Koningswege : Van Koningswege :
De Minister van Werk, De Minister van Werk,
N. MUYLLE N. MUYLLE
_______ _______
Nota Nota
(1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad :
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969.
Bijlage Bijlage
Paritair Comité voor de voedingsnijverheid Paritair Comité voor de voedingsnijverheid
Collectieve arbeidsovereenkomst van 5 september 2019 Collectieve arbeidsovereenkomst van 5 september 2019
Loon- en arbeidsvoorwaarden van de arbeiders tewerkgesteld in de Loon- en arbeidsvoorwaarden van de arbeiders tewerkgesteld in de
suikerfabrieken, suikerraffinaderijen, fabrieken van invertsuiker en suikerfabrieken, suikerraffinaderijen, fabrieken van invertsuiker en
citroenzuur (Overeenkomst geregistreerd op 14 november 2019 onder het citroenzuur (Overeenkomst geregistreerd op 14 november 2019 onder het
nummer 155110/CO/118) nummer 155110/CO/118)
HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied

Artikel 1.§ 1. Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing

Artikel 1.§ 1. Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing

op de werkgevers en op de arbeiders tewerkgesteld in de op de werkgevers en op de arbeiders tewerkgesteld in de
suikerfabrieken, suikerraffinaderijen, fabrieken van invertsuiker en suikerfabrieken, suikerraffinaderijen, fabrieken van invertsuiker en
citroenzuur. citroenzuur.
§ 2. Met "arbeiders" worden de mannelijke en vrouwelijke arbeiders § 2. Met "arbeiders" worden de mannelijke en vrouwelijke arbeiders
bedoeld. bedoeld.
HOOFDSTUK II. - Uurlonen HOOFDSTUK II. - Uurlonen

Art. 2.Op 1 juli 2019 gelden volgende minimumuurlonen (alle premies

Art. 2.Op 1 juli 2019 gelden volgende minimumuurlonen (alle premies

en voordelen in natura inbegrepen in de mate en voor zover die aan en voordelen in natura inbegrepen in de mate en voor zover die aan
gans het personeel worden toegekend) voor de arbeiders die geen zes gans het personeel worden toegekend) voor de arbeiders die geen zes
maanden anciënniteit in de onderneming hebben, en dit ongeacht hun maanden anciënniteit in de onderneming hebben, en dit ongeacht hun
leeftijd : leeftijd :
38 uren/week 38 uren/week
(EUR) (EUR)
37 uren/week 37 uren/week
(EUR) (EUR)
38 heures/semaine 38 heures/semaine
(EUR) (EUR)
37 heures/semaine 37 heures/semaine
(EUR) (EUR)
Categorie I Categorie I
14,23 14,23
14,55 14,55
Catégorie I Catégorie I
14,23 14,23
14,55 14,55
Categorie II Categorie II
14,92 14,92
15,30 15,30
Catégorie II Catégorie II
14,92 14,92
15,30 15,30
Categorie III Categorie III
15,67 15,67
16,01 16,01
Catégorie III Catégorie III
15,67 15,67
16,01 16,01

Art. 3.Op 1 juli 2019 gelden de volgende minimumuurlonen voor de

Art. 3.Op 1 juli 2019 gelden de volgende minimumuurlonen voor de

arbeiders die zes maanden anciënniteit in de onderneming tellen, en arbeiders die zes maanden anciënniteit in de onderneming tellen, en
dit ongeacht hun leeftijd : dit ongeacht hun leeftijd :
38 uren/week 38 uren/week
(EUR) (EUR)
37 uren/week 37 uren/week
(EUR) (EUR)
38 heures/semaine 38 heures/semaine
(EUR) (EUR)
37 heures/semaine 37 heures/semaine
(EUR) (EUR)
Categorie I Categorie I
14,69 14,69
15,04 15,04
Catégorie I Catégorie I
14,69 14,69
15,04 15,04
Categorie II Categorie II
15,45 15,45
15,79 15,79
Catégorie II Catégorie II
15,45 15,45
15,79 15,79
Categorie III Categorie III
16,18 16,18
16,52 16,52
Catégorie III Catégorie III
16,18 16,18
16,52 16,52

Art. 4.Per 1 januari 2020 zullen de sectorale minimumlonen verhogen

Art. 4.Per 1 januari 2020 zullen de sectorale minimumlonen verhogen

met 0,04 EUR. met 0,04 EUR.

Art. 5.De voorwaarde van zes maanden anciënniteit is ingevuld op de

Art. 5.De voorwaarde van zes maanden anciënniteit is ingevuld op de

dag dat de som van alle tewerkstellingsperiodes, al dan niet dag dat de som van alle tewerkstellingsperiodes, al dan niet
onderbroken, bij eenzelfde werkgever in de loop van de laatste twee onderbroken, bij eenzelfde werkgever in de loop van de laatste twee
jaar minstens zes maanden bedraagt. jaar minstens zes maanden bedraagt.
Onder "tewerkstellingsperiodes" dient men te verstaan de periodes Onder "tewerkstellingsperiodes" dient men te verstaan de periodes
gedekt door : gedekt door :
- alle arbeidsovereenkomsten, van welke aard ook, zelfs al wordt de - alle arbeidsovereenkomsten, van welke aard ook, zelfs al wordt de
uitvoering ervan geschorst; en/of uitvoering ervan geschorst; en/of
- door een interimovereenkomst. - door een interimovereenkomst.
Commentaar bij artikel 5 : Commentaar bij artikel 5 :
De partijen komen overeen dat deze periode van zes maanden opgebouwd De partijen komen overeen dat deze periode van zes maanden opgebouwd
kan worden door al dan niet onderbroken tewerkstellingsperiodes bij kan worden door al dan niet onderbroken tewerkstellingsperiodes bij
dezelfde werkgever in een referentieperiode van twee jaar. Eens deze dezelfde werkgever in een referentieperiode van twee jaar. Eens deze
voorwaarde van zes maanden is gerealiseerd, is die verworven voor alle voorwaarde van zes maanden is gerealiseerd, is die verworven voor alle
latere periodes van tewerkstelling bij deze werkgever. latere periodes van tewerkstelling bij deze werkgever.

Art. 6.In afwijking op artikel 2 van deze collectieve

Art. 6.In afwijking op artikel 2 van deze collectieve

arbeidsovereenkomst gelden voor arbeiders tewerkgesteld met een arbeidsovereenkomst gelden voor arbeiders tewerkgesteld met een
overeenkomst voor tewerkstelling van studenten, zoals bepaald in titel overeenkomst voor tewerkstelling van studenten, zoals bepaald in titel
VII van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten, VII van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten,
volgende minimumlonen, uitgedrukt als een percentage van de in artikel volgende minimumlonen, uitgedrukt als een percentage van de in artikel
2 vermelde minimumlonen : 2 vermelde minimumlonen :
Leeftijd Leeftijd
Percentage Percentage
Age Age
Pourcentage Pourcentage
18 jaar en ouder 18 jaar en ouder
90 90
18 ans et plus 18 ans et plus
90 90
17 jaar 17 jaar
80 80
17 ans 17 ans
80 80
16 jaar 16 jaar
70 70
16 ans 16 ans
70 70
15 jaar 15 jaar
60 60
15 ans 15 ans
60 60
Commentaar bij artikel 6 : Commentaar bij artikel 6 :
Deze minimumuurlonen van de jongere werklieden, tewerkgesteld met een Deze minimumuurlonen van de jongere werklieden, tewerkgesteld met een
arbeidsovereenkomst voor studenten zoals bepaald in titel VII van de arbeidsovereenkomst voor studenten zoals bepaald in titel VII van de
wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten, werden wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten, werden
vastgelegd rekening houdend met de opleidingsperiode van toepassing op vastgelegd rekening houdend met de opleidingsperiode van toepassing op
jonge arbeiders en het vergemakkelijken van de integratie van jongeren jonge arbeiders en het vergemakkelijken van de integratie van jongeren
op de arbeidsmarkt. op de arbeidsmarkt.
HOOFDSTUK III. - Koppeling van de lonen aan het indexcijfer van de HOOFDSTUK III. - Koppeling van de lonen aan het indexcijfer van de
consumptieprijzen consumptieprijzen

Art. 7.De bij deze collectieve arbeidsovereenkomst vastgestelde

Art. 7.De bij deze collectieve arbeidsovereenkomst vastgestelde

minimumuurlonen worden gekoppeld aan het indexcijfer van de minimumuurlonen worden gekoppeld aan het indexcijfer van de
consumptieprijzen, overeenkomstig de collectieve arbeidsovereenkomst consumptieprijzen, overeenkomstig de collectieve arbeidsovereenkomst
van 20 juli 2011 tot koppeling van de lonen aan het indexcijfer der van 20 juli 2011 tot koppeling van de lonen aan het indexcijfer der
consumptieprijzen, gesloten in het Paritair Comité voor de consumptieprijzen, gesloten in het Paritair Comité voor de
voedingsnijverheid. voedingsnijverheid.
HOOFDSTUK IV. - Premie voor nachtarbeid HOOFDSTUK IV. - Premie voor nachtarbeid

Art. 8.Onverminderd de bepalingen voorzien door de arbeidswet van 16

Art. 8.Onverminderd de bepalingen voorzien door de arbeidswet van 16

maart 1971, hebben de arbeiders in geval van nachtwerk (gewoonlijk maart 1971, hebben de arbeiders in geval van nachtwerk (gewoonlijk
tussen 22 en 6 uur) recht op een uurtoeslag dat overeenkomt met 10 tussen 22 en 6 uur) recht op een uurtoeslag dat overeenkomt met 10
pct. van het loon met een minimum van 1,95 EUR per uur. pct. van het loon met een minimum van 1,95 EUR per uur.
Deze minimum uurtoeslag wordt op 1 januari 2020 verhoogd naar 2,04 EUR Deze minimum uurtoeslag wordt op 1 januari 2020 verhoogd naar 2,04 EUR
per uur. per uur.
HOOFDSTUK V. - Premie voor ploegenarbeid HOOFDSTUK V. - Premie voor ploegenarbeid

Art. 9.Een premie gelijk aan een minimum uurtoeslag van :

Art. 9.Een premie gelijk aan een minimum uurtoeslag van :

- 0,50 EUR wordt toegekend voor de arbeid geleverd in de morgenploeg; - 0,50 EUR wordt toegekend voor de arbeid geleverd in de morgenploeg;
- 0,56 EUR wordt toegekend voor de arbeid geleverd in de - 0,56 EUR wordt toegekend voor de arbeid geleverd in de
namiddagploeg. namiddagploeg.
Deze minimum uurtoeslagen worden op 1 januari 2020 verhoogd naar : Deze minimum uurtoeslagen worden op 1 januari 2020 verhoogd naar :
- 0,52 EUR voor de arbeid geleverd in de morgenploeg; - 0,52 EUR voor de arbeid geleverd in de morgenploeg;
- 0,59 EUR voor de arbeid geleverd in de namiddagploeg. - 0,59 EUR voor de arbeid geleverd in de namiddagploeg.
Deze toeslagen kunnen niet met de toeslag voorzien voor nachtarbeid Deze toeslagen kunnen niet met de toeslag voorzien voor nachtarbeid
gecumuleerd worden. gecumuleerd worden.
Behalve wanneer het anders wordt voorzien in het arbeidsreglement, Behalve wanneer het anders wordt voorzien in het arbeidsreglement,
zijn de arbeidsuren van de ploegen als volgt vastgesteld : zijn de arbeidsuren van de ploegen als volgt vastgesteld :
- voor de morgenploeg : van 6 tot 14 uur; - voor de morgenploeg : van 6 tot 14 uur;
- voor de namiddagploeg : van 14 tot 22 uur. - voor de namiddagploeg : van 14 tot 22 uur.
HOOFDSTUK VI. - Loonbijslag voor zondagsarbeid HOOFDSTUK VI. - Loonbijslag voor zondagsarbeid

Art. 10.Een loonbijslag van 100 pct. wordt verleend aan de arbeiders

Art. 10.Een loonbijslag van 100 pct. wordt verleend aan de arbeiders

die 's zondags tewerkgesteld worden, in alle gevallen waar de die 's zondags tewerkgesteld worden, in alle gevallen waar de
bepalingen van artikel 29 van de arbeidswet van 16 maart 1971 niet van bepalingen van artikel 29 van de arbeidswet van 16 maart 1971 niet van
toepassing zijn. toepassing zijn.
HOOFDSTUK VII. - Geldigheid HOOFDSTUK VII. - Geldigheid

Art. 11.Deze collectieve arbeidsovereenkomst vervangt deze van 11

Art. 11.Deze collectieve arbeidsovereenkomst vervangt deze van 11

oktober 2017, gesloten in het Paritair Comité voor de oktober 2017, gesloten in het Paritair Comité voor de
voedingsnijverheid, betreffende de loon- en arbeidsvoorwaarden van de voedingsnijverheid, betreffende de loon- en arbeidsvoorwaarden van de
arbeiders tewerkgesteld in de suikerfabrieken, suikerraffinaderijen, arbeiders tewerkgesteld in de suikerfabrieken, suikerraffinaderijen,
fabrieken van invertsuiker en citroenzuur, geregistreerd onder het fabrieken van invertsuiker en citroenzuur, geregistreerd onder het
nummer 142901/CO/118. nummer 142901/CO/118.
Zij heeft uitwerking met ingang van 1 juli 2019 en houdt op van kracht Zij heeft uitwerking met ingang van 1 juli 2019 en houdt op van kracht
te zijn op 31 december 2020. Nadien wordt zij stilzwijgend verlengd te zijn op 31 december 2020. Nadien wordt zij stilzwijgend verlengd
voor opeenvolgende periodes van één jaar, behoudens opzegging door één voor opeenvolgende periodes van één jaar, behoudens opzegging door één
der partijen uiterlijk drie maanden vóór het verstrijken van de der partijen uiterlijk drie maanden vóór het verstrijken van de
collectieve arbeidsovereenkomst bij een ter post aangetekende brief, collectieve arbeidsovereenkomst bij een ter post aangetekende brief,
gericht aan de voorzitter van het Paritair Comité voor de gericht aan de voorzitter van het Paritair Comité voor de
voedingsnijverheid en aan de erin vertegenwoordigde organisaties. voedingsnijverheid en aan de erin vertegenwoordigde organisaties.
Gunstigere regelingen die vóór de inwerkingtreding van deze Gunstigere regelingen die vóór de inwerkingtreding van deze
collectieve arbeidsovereenkomst bestonden, blijven behouden. collectieve arbeidsovereenkomst bestonden, blijven behouden.
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 11 juni Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 11 juni
2020. 2020.
De Minister van Werk, De Minister van Werk,
N. MUYLLE N. MUYLLE
^