Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Koninklijk Besluit van 10/10/2005
← Terug naar "Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 4 juli 2003, gesloten in het Paritair Subcomité voor de terugwinning van lompen, betreffende de wijziging en coördinatie van de statuten van het "Sociaal Fonds voor de lompenbedrijven" "
Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 4 juli 2003, gesloten in het Paritair Subcomité voor de terugwinning van lompen, betreffende de wijziging en coördinatie van de statuten van het "Sociaal Fonds voor de lompenbedrijven" Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 4 juli 2003, gesloten in het Paritair Subcomité voor de terugwinning van lompen, betreffende de wijziging en coördinatie van de statuten van het "Sociaal Fonds voor de lompenbedrijven"
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG
10 OKTOBER 2005. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend 10 OKTOBER 2005. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend
wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 4 juli 2003, wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 4 juli 2003,
gesloten in het Paritair Subcomité voor de terugwinning van lompen, gesloten in het Paritair Subcomité voor de terugwinning van lompen,
betreffende de wijziging en coördinatie van de statuten van het betreffende de wijziging en coördinatie van de statuten van het
"Sociaal Fonds voor de lompenbedrijven" (1) "Sociaal Fonds voor de lompenbedrijven" (1)
ALBERT II, Koning der Belgen, ALBERT II, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op de wet van 7 januari 1958 betreffende de fondsen voor Gelet op de wet van 7 januari 1958 betreffende de fondsen voor
bestaanszekerheid, inzonderheid op artikel 2; bestaanszekerheid, inzonderheid op artikel 2;
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel
28; 28;
Gelet op het verzoek van het Paritair Subcomité voor de terugwinning Gelet op het verzoek van het Paritair Subcomité voor de terugwinning
van lompen; van lompen;
Op de voordracht van Onze Minister van Werk, Op de voordracht van Onze Minister van Werk,
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage

overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 4 juli 2003, gesloten overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 4 juli 2003, gesloten
in het Paritair Subcomité voor de terugwinning van lompen, betreffende in het Paritair Subcomité voor de terugwinning van lompen, betreffende
de wijziging en coördinatie van de statuten van het "Sociaal Fonds de wijziging en coördinatie van de statuten van het "Sociaal Fonds
voor de lompenbedrijven". voor de lompenbedrijven".

Art. 2.Onze Minister van Werk is belast met de uitvoering van dit

Art. 2.Onze Minister van Werk is belast met de uitvoering van dit

besluit. besluit.
Gegeven te Brussel, 10 oktober 2005. Gegeven te Brussel, 10 oktober 2005.
ALBERT ALBERT
Van Koningswege : Van Koningswege :
De Minister van Werk, De Minister van Werk,
Mevr. F. VAN DEN BOSSCHE Mevr. F. VAN DEN BOSSCHE
_______ _______
Nota Nota
(1) Verwijzingen naar het Belgisch Staatsblad : (1) Verwijzingen naar het Belgisch Staatsblad :
Wet van 7 januari 1958, Belgisch Staatsblad van 7 februari 1958. Wet van 7 januari 1958, Belgisch Staatsblad van 7 februari 1958.
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969.
Bijlage Bijlage
Paritair Subcomité voor de terugwinning van lompen Paritair Subcomité voor de terugwinning van lompen
Collectieve arbeidsovereenkomst van 4 juli 2003 Collectieve arbeidsovereenkomst van 4 juli 2003
Wijziging en coördinatie van de statuten van het "Sociaal Fonds voor Wijziging en coördinatie van de statuten van het "Sociaal Fonds voor
de lompenbedrijven" (Overeenkomst geregistreerd op 9 september 2003, de lompenbedrijven" (Overeenkomst geregistreerd op 9 september 2003,
onder het nummer 67373/CO/142.02) onder het nummer 67373/CO/142.02)

Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op

Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op

de werkgevers en op de werklieden van de ondernemingen die ressorteren de werkgevers en op de werklieden van de ondernemingen die ressorteren
onder de bevoegdheid van het Paritair Subcomité voor de terugwinning onder de bevoegdheid van het Paritair Subcomité voor de terugwinning
van lompen. van lompen.
Onder "werklieden" wordt verstaan : de werklieden en werksters, tenzij Onder "werklieden" wordt verstaan : de werklieden en werksters, tenzij
anders bepaald. anders bepaald.

Art. 2.Deze collectieve arbeidsovereenkomst coördineert en bepaald de

Art. 2.Deze collectieve arbeidsovereenkomst coördineert en bepaald de

statuten van het "Sociaal Fonds voor de lompenbedrijven" vastgesteld statuten van het "Sociaal Fonds voor de lompenbedrijven" vastgesteld
bij de collectieve arbeidsovereenkomst van 29 maart 1976, gesloten in bij de collectieve arbeidsovereenkomst van 29 maart 1976, gesloten in
het Paritair Subcomité voor de terugwinning van lompen, tot oprichting het Paritair Subcomité voor de terugwinning van lompen, tot oprichting
van een fonds voor bestaanszekerheid voor de lompenbedrijven en ermee van een fonds voor bestaanszekerheid voor de lompenbedrijven en ermee
gelijkgestelde ondernemingen, algemeen verbindend verklaard bij gelijkgestelde ondernemingen, algemeen verbindend verklaard bij
koninklijk besluit van 15 september 1976 (Belgisch Staatsblad van 12 koninklijk besluit van 15 september 1976 (Belgisch Staatsblad van 12
oktober 1976). oktober 1976).

Art. 3.Deze collectieve arbeidsovereenkomst heeft uitwerking met

Art. 3.Deze collectieve arbeidsovereenkomst heeft uitwerking met

ingang op 1 januari 2003 en wordt gesloten voor een onbepaalde tijd. ingang op 1 januari 2003 en wordt gesloten voor een onbepaalde tijd.
Zij kan worden opgezegd mits een opzegging van zes maand, bij een ter Zij kan worden opgezegd mits een opzegging van zes maand, bij een ter
post aangetekende brief, gericht aan de voorzitter van het Paritair post aangetekende brief, gericht aan de voorzitter van het Paritair
Subcomité voor de terugwinning van lompen, ingaande op de eerste dag Subcomité voor de terugwinning van lompen, ingaande op de eerste dag
van het burgerlijk kwartaal dat volgt op de opzegging. van het burgerlijk kwartaal dat volgt op de opzegging.

Art. 4.De collectieve arbeidsovereenkomst van 25 september 2001,

Art. 4.De collectieve arbeidsovereenkomst van 25 september 2001,

geregistreerd onder het nummer 59635/CO/142.02 wordt opgeheven. geregistreerd onder het nummer 59635/CO/142.02 wordt opgeheven.
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 10 oktober Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 10 oktober
2005. 2005.
De Minister van Werk, De Minister van Werk,
Mevr. F. VAN DEN BOSSCHE Mevr. F. VAN DEN BOSSCHE
Bijlage bij de collectieve arbeidsovereenkomst van 4 juli 2003 Bijlage bij de collectieve arbeidsovereenkomst van 4 juli 2003
STATUTEN STATUTEN
HOOFDSTUK I. - Benaming, zetel, doel, duur HOOFDSTUK I. - Benaming, zetel, doel, duur

Artikel 1.Met ingang van 1 januari 1976 wordt een fonds voor

Artikel 1.Met ingang van 1 januari 1976 wordt een fonds voor

bestaanszekerheid opgericht, genoemd "Sociaal Fonds voor de bestaanszekerheid opgericht, genoemd "Sociaal Fonds voor de
lompenbedrijven", verder het fonds genoemd. lompenbedrijven", verder het fonds genoemd.

Art. 2.De maatschappelijke zetel van het fonds is gevestigd te 1000

Art. 2.De maatschappelijke zetel van het fonds is gevestigd te 1000

Brussel, Komediantenstraat 16/22, bus 7. Hij kan bij collectieve Brussel, Komediantenstraat 16/22, bus 7. Hij kan bij collectieve
arbeidsovereenkomst gesloten in het Paritair Subcomité voor de arbeidsovereenkomst gesloten in het Paritair Subcomité voor de
terugwinning van lompen, naar elke andere plaats in België worden terugwinning van lompen, naar elke andere plaats in België worden
overgebracht. overgebracht.

Art. 3.Het fonds heeft tot doel :

Art. 3.Het fonds heeft tot doel :

1. de inning en de invordering van de bijdragen ten laste van de in 1. de inning en de invordering van de bijdragen ten laste van de in
artikel 5, a), bedoelde werkgevers te regelen en te verzekeren; artikel 5, a), bedoelde werkgevers te regelen en te verzekeren;
2. de toekenning en de uitkering te regelen en te verzekeren van 2. de toekenning en de uitkering te regelen en te verzekeren van
aanvullende sociale voordelen aan de werklieden bedoeld bij artikel 5, aanvullende sociale voordelen aan de werklieden bedoeld bij artikel 5,
b) ; b) ;
3. de terugbetaling van de syndicale vorming van de werklieden; 3. de terugbetaling van de syndicale vorming van de werklieden;
4. de uitbetaling van de aanvullende vergoeding voor het conventioneel 4. de uitbetaling van de aanvullende vergoeding voor het conventioneel
brugpensioen; brugpensioen;
5. de bevordering van de tewerkstelling en de vorming van 5. de bevordering van de tewerkstelling en de vorming van
risicogroepen. risicogroepen.

Art. 4.Het fonds wordt voor onbepaalde tijd opgericht.

Art. 4.Het fonds wordt voor onbepaalde tijd opgericht.

HOOFDSTUK II. - Toepassingsgebied HOOFDSTUK II. - Toepassingsgebied

Art. 5.Deze statuten zijn van toepassing :

Art. 5.Deze statuten zijn van toepassing :

a) op de werkgevers : a) op de werkgevers :
- van de ondernemingen voor het sorteren, wassen, conditioneren en - van de ondernemingen voor het sorteren, wassen, conditioneren en
verwerken van lompen; verwerken van lompen;
- van de ondernemingen die zich in hoofdzaak bezighouden met de - van de ondernemingen die zich in hoofdzaak bezighouden met de
uitrafeling van lompen en textielafval voor recuperatie; deze uitrafeling van lompen en textielafval voor recuperatie; deze
uitrafeling, die men niet mag verwarren met het kaarden, heeft tot uitrafeling, die men niet mag verwarren met het kaarden, heeft tot
doel, op basis van recuperatiemateriaal dat anders slechts doel, op basis van recuperatiemateriaal dat anders slechts
gedeeltelijk bruikbaar zou zijn, door een gestrengelde vezel te maken gedeeltelijk bruikbaar zou zijn, door een gestrengelde vezel te maken
die nog bruikbaar is voor het opvullen, isoleren, het versterken van die nog bruikbaar is voor het opvullen, isoleren, het versterken van
plastiekstoffen en het kaarden om de textielvezels derwijze te plastiekstoffen en het kaarden om de textielvezels derwijze te
schikken, dat zij kunnen worden gesponnen, enz...; schikken, dat zij kunnen worden gesponnen, enz...;
- van de ondernemingen voor het sorteren, wassen, conditioneren en - van de ondernemingen voor het sorteren, wassen, conditioneren en
verwerken van bindgaren, touwen en kabels onder de vorm van afval of verwerken van bindgaren, touwen en kabels onder de vorm van afval of
versleten artikelen en van de zogenaamde "friperie", dit wil zeggen de versleten artikelen en van de zogenaamde "friperie", dit wil zeggen de
kleding en kledingtoebehoren, dekens, linnengoed en kleding en kledingtoebehoren, dekens, linnengoed en
stofferingartikelen in textiel, schoeisel en hoofddeksels, ongeacht stofferingartikelen in textiel, schoeisel en hoofddeksels, ongeacht
van welk materiaal, voor zover deze goederen duidelijk sporen van van welk materiaal, voor zover deze goederen duidelijk sporen van
gebruik dragen; gebruik dragen;
b) op de werklieden tewerkgesteld in de onder a) bedoelde b) op de werklieden tewerkgesteld in de onder a) bedoelde
ondernemingen, die aangesloten zijn bij een representatieve ondernemingen, die aangesloten zijn bij een representatieve
werknemersorganisatie. Onder "werklieden" wordt verstaan : de werknemersorganisatie. Onder "werklieden" wordt verstaan : de
werklieden en werksters, tenzij anders bepaald. werklieden en werksters, tenzij anders bepaald.
HOOFDSTUK III. - Rechthebbenden en modaliteiten van toekenning en van HOOFDSTUK III. - Rechthebbenden en modaliteiten van toekenning en van
uitkering uitkering
A. Aanvullende werkloosheidsuitkering A. Aanvullende werkloosheidsuitkering

Art. 6.De bij artikel 5, b) bedoelde werklieden hebben vanaf de door

Art. 6.De bij artikel 5, b) bedoelde werklieden hebben vanaf de door

de raad van beheer vast te stellen datum voor elke werkloosheidsdag de raad van beheer vast te stellen datum voor elke werkloosheidsdag
bedoeld bij de artikelen 50 en 51 van de wet van 3 juli 1978 bedoeld bij de artikelen 50 en 51 van de wet van 3 juli 1978
betreffende de arbeidsovereenkomsten (schorsing wegens slecht weder en betreffende de arbeidsovereenkomsten (schorsing wegens slecht weder en
schorsing wegens economische redenen) recht, ten laste van het fonds, schorsing wegens economische redenen) recht, ten laste van het fonds,
op de bij artikel 7 van de statuten vastgestelde uitkering en dit op de bij artikel 7 van de statuten vastgestelde uitkering en dit
vanaf de eerste werkloosheidsdag en ten belope van maximum vanaf de eerste werkloosheidsdag en ten belope van maximum
vijfenzeventig dagen per kalenderjaar, voor zover zich volgende vijfenzeventig dagen per kalenderjaar, voor zover zich volgende
voorwaarden vervullen : voorwaarden vervullen :
- de werkloosheidsuitkeringen bij toepassing van de reglementering op - de werkloosheidsuitkeringen bij toepassing van de reglementering op
de werkloosheidsverzekering genieten; de werkloosheidsverzekering genieten;
- op het ogenblik van de werkloosheid in dienst zijn van een werkgever - op het ogenblik van de werkloosheid in dienst zijn van een werkgever
bedoeld bij artikel 5, a). bedoeld bij artikel 5, a).

Art. 7.Het bedrag van de aanvullende werkloosheidsuitkering wordt

Art. 7.Het bedrag van de aanvullende werkloosheidsuitkering wordt

vastgesteld op 4,00 EUR per arbeidsdag waarop niet wordt gewerkt. vastgesteld op 4,00 EUR per arbeidsdag waarop niet wordt gewerkt.

Art. 7bis.De bij artikel 5, b), bedoelde werklieden die door een in

Art. 7bis.De bij artikel 5, b), bedoelde werklieden die door een in

artikel 5, a), bedoelde werkgever ontslagen worden wegens economische artikel 5, a), bedoelde werkgever ontslagen worden wegens economische
redenen hebben, ten laste van het "Sociaal Fonds voor de redenen hebben, ten laste van het "Sociaal Fonds voor de
lompenbedrijven" recht op een aanvullende werkloosheidsvergoeding van lompenbedrijven" recht op een aanvullende werkloosheidsvergoeding van
49,58 EUR per maand gedurende maximum 6 maanden, op voorwaarde dat zij 49,58 EUR per maand gedurende maximum 6 maanden, op voorwaarde dat zij
minimum 20 jaar anciënniteit in de sector, waarvan 10 jaar bij de minimum 20 jaar anciënniteit in de sector, waarvan 10 jaar bij de
laatste werkgever, kunnen bewijzen. laatste werkgever, kunnen bewijzen.

Art. 7ter.De bij artikel 5, b) bedoelde werklieden die door een in

Art. 7ter.De bij artikel 5, b) bedoelde werklieden die door een in

artikel 5, a), bedoelde werkgever na de leeftijd van 54 jaar ontslagen artikel 5, a), bedoelde werkgever na de leeftijd van 54 jaar ontslagen
worden, behoudens zwaarwichtige reden, en die minimum 40 jaar worden, behoudens zwaarwichtige reden, en die minimum 40 jaar
beroepsloopbaan kunnen voorleggen overeenkomstig de bepalingen van beroepsloopbaan kunnen voorleggen overeenkomstig de bepalingen van
artikel 2, § 5, van het koninklijk besluit van 7 december 1992 artikel 2, § 5, van het koninklijk besluit van 7 december 1992
betreffende de toekenning van werkloosheidsuitkeringen in geval van betreffende de toekenning van werkloosheidsuitkeringen in geval van
conventioneel brugpensioen (Belgisch Staatsblad van 11 december 1992), conventioneel brugpensioen (Belgisch Staatsblad van 11 december 1992),
hebben recht op een aanvullende werkloosheidsvergoeding van 74,37 EUR hebben recht op een aanvullende werkloosheidsvergoeding van 74,37 EUR
per maand en dit tot hun pensioengerechtigde leeftijd. Deze vergoeding per maand en dit tot hun pensioengerechtigde leeftijd. Deze vergoeding
kan niet gecumuleerd worden met het stelsel van het conventioneel kan niet gecumuleerd worden met het stelsel van het conventioneel
brugpensioen noch met het wettelijk pensioenstelsel. brugpensioen noch met het wettelijk pensioenstelsel.
B. Aanvullende sociale uitkering B. Aanvullende sociale uitkering

Art. 8.De bij artikel 5, b), bedoelde werklieden die sedert ten

Art. 8.De bij artikel 5, b), bedoelde werklieden die sedert ten

minste drie maanden lid zijn van een representatieve minste drie maanden lid zijn van een representatieve
werknemersorganisatie, hebben recht, ten laste van het fonds, op een werknemersorganisatie, hebben recht, ten laste van het fonds, op een
aanvullende sociale uitkering, voor zover zij op de door de raad van aanvullende sociale uitkering, voor zover zij op de door de raad van
beheer van het fonds vast te stellen datum van het lopende jaar beheer van het fonds vast te stellen datum van het lopende jaar
ingeschreven zijn in het personeelsregister van de bij artikel 5, a), ingeschreven zijn in het personeelsregister van de bij artikel 5, a),
bedoelde werkgevers. bedoelde werkgevers.

Art. 9.Het bedrag van de bij artikel 8 bedoelde uitkering is

Art. 9.Het bedrag van de bij artikel 8 bedoelde uitkering is

vastgesteld op 123,90 EUR voor het dienstjaar 2003. vastgesteld op 123,90 EUR voor het dienstjaar 2003.
Deze uitkering wordt eveneens toegekend aan de werklieden die tijdens Deze uitkering wordt eveneens toegekend aan de werklieden die tijdens
het dienstjaar werden gepensioneerd of overleden zijn of die door een het dienstjaar werden gepensioneerd of overleden zijn of die door een
bij artikel 5, a) bedoelde werkgever werden afgedankt en voor zover bij artikel 5, a) bedoelde werkgever werden afgedankt en voor zover
zij ononderbroken werkloos zijn gebleven tot op het einde van het zij ononderbroken werkloos zijn gebleven tot op het einde van het
dienstjaar of zover zij hun ontslag hebben ingediend om een medische dienstjaar of zover zij hun ontslag hebben ingediend om een medische
reden erkend als overmacht door de Rijksdienst voor reden erkend als overmacht door de Rijksdienst voor
Arbeidsvoorziening. Arbeidsvoorziening.
C. Syndicale vorming C. Syndicale vorming

Art. 10.Het fonds betaalt aan de werkgevers, die het voorschot hebben

Art. 10.Het fonds betaalt aan de werkgevers, die het voorschot hebben

verleend, op hun verzoek de lonen (verhoogd met de patronale lasten) verleend, op hun verzoek de lonen (verhoogd met de patronale lasten)
terug die uitgekeerd zijn aan de werklieden die afwezig waren in terug die uitgekeerd zijn aan de werklieden die afwezig waren in
toepassing van de collectieve arbeidsovereenkomst van 12 maart 1976, toepassing van de collectieve arbeidsovereenkomst van 12 maart 1976,
gesloten in het Paritair Subcomité voor de terugwinning van lompen, gesloten in het Paritair Subcomité voor de terugwinning van lompen,
betreffende de syndicale vorming, algemeen verbindend verklaard bij betreffende de syndicale vorming, algemeen verbindend verklaard bij
koninklijk besluit van 15 september 1976, gewijzigd bij de collectieve koninklijk besluit van 15 september 1976, gewijzigd bij de collectieve
arbeidsovereenkomst van 31 mei 1997, algemeen verbindend verklaard bij arbeidsovereenkomst van 31 mei 1997, algemeen verbindend verklaard bij
koninklijk besluit van 10 augustus 1998. koninklijk besluit van 10 augustus 1998.

Art. 11.Het bedrag tot inrichting van deze syndicale vorming wordt

Art. 11.Het bedrag tot inrichting van deze syndicale vorming wordt

jaarlijks vastgesteld door de raad van beheer van het fonds. jaarlijks vastgesteld door de raad van beheer van het fonds.
D. Bevordering van de tewerkstelling en de vorming van risicogroepen D. Bevordering van de tewerkstelling en de vorming van risicogroepen

Art. 12.Opleidingsinitiatieven gericht op risicogroepen en

Art. 12.Opleidingsinitiatieven gericht op risicogroepen en

georganiseerd door ondernemingen al dan niet in een georganiseerd door ondernemingen al dan niet in een
samenwerkingsverband met onderwijsinstellingen of opleidingsinstituten samenwerkingsverband met onderwijsinstellingen of opleidingsinstituten
kunnen eveneens genieten van een financiële tussenkomst vanwege het kunnen eveneens genieten van een financiële tussenkomst vanwege het
fonds. fonds.
Het fonds zal prioritair de opleidingsinitiatieven steunen die Het fonds zal prioritair de opleidingsinitiatieven steunen die
georganiseerd worden in samenwerking met de VDAB-FOREm-ORBEm. georganiseerd worden in samenwerking met de VDAB-FOREm-ORBEm.
Het fonds zal instaan voor de uitvoering, coördinatie, opvolging en Het fonds zal instaan voor de uitvoering, coördinatie, opvolging en
evaluatie van de in dit artikel bedoelde opleidingsprojecten. evaluatie van de in dit artikel bedoelde opleidingsprojecten.

Art. 13.De bij artikel 5 bedoelde werkgevers die overgaan tot de

Art. 13.De bij artikel 5 bedoelde werkgevers die overgaan tot de

vervanging van een bruggepensioneerde door een werkzoekende, meer vervanging van een bruggepensioneerde door een werkzoekende, meer
bepaald door één van de categorieën bedoeld bij artikel 4 van het bepaald door één van de categorieën bedoeld bij artikel 4 van het
koninklijk besluit van 16 november 1990 betreffende de toekenning van koninklijk besluit van 16 november 1990 betreffende de toekenning van
werkloosheidsuitkeringen in geval van conventioneel brugpensioen, werkloosheidsuitkeringen in geval van conventioneel brugpensioen,
kunnen genieten van een financiële tussenkomst vanwege het fonds in de kunnen genieten van een financiële tussenkomst vanwege het fonds in de
opleidingskosten van de vervanger. opleidingskosten van de vervanger.

Art. 14.De raad van bestuur van het fonds wordt belast met het

Art. 14.De raad van bestuur van het fonds wordt belast met het

vaststellen van de praktische toepassingsmodaliteiten van de onder vaststellen van de praktische toepassingsmodaliteiten van de onder
artikel 12 en 13 bedoelde maatregelen met inbegrip van het bedrag van artikel 12 en 13 bedoelde maatregelen met inbegrip van het bedrag van
de financiële tussenkomst. de financiële tussenkomst.

Art. 14bis.In uitvoering van het interprofessioneel akkoord 2003-2004

Art. 14bis.In uitvoering van het interprofessioneel akkoord 2003-2004

doet de sector een bijkomende inspanning op het vlak van de vorming en doet de sector een bijkomende inspanning op het vlak van de vorming en
opleiding. Vanaf 1 januari 2003 en voorde jaren 2003 en 2004 wordt een opleiding. Vanaf 1 januari 2003 en voorde jaren 2003 en 2004 wordt een
bijdrage van de bij artikel 5, a) bedoelde werkgevers geïnd van 0,15 bijdrage van de bij artikel 5, a) bedoelde werkgevers geïnd van 0,15
pct. op de brutolonen (aan de coëfficiënt 1,08). De bij artikel 5, a), pct. op de brutolonen (aan de coëfficiënt 1,08). De bij artikel 5, a),
bedoelde werkgevers hebben een trekkingsrecht volgens de door de bedoelde werkgevers hebben een trekkingsrecht volgens de door de
beheerraad van het fonds bepaalde modaliteiten. beheerraad van het fonds bepaalde modaliteiten.
E. Aanvullende vergoeding ten gunste van sommige bejaarde werknemers E. Aanvullende vergoeding ten gunste van sommige bejaarde werknemers

Art. 15.Volgens de bepalingen van artikel 4 van de collectieve

Art. 15.Volgens de bepalingen van artikel 4 van de collectieve

arbeidsovereenkomst nr. 17 van 19 december 1974, gesloten in de arbeidsovereenkomst nr. 17 van 19 december 1974, gesloten in de
Nationale Arbeidsraad, tot invoering van een regeling van aanvullende Nationale Arbeidsraad, tot invoering van een regeling van aanvullende
vergoeding ten gunste van sommige bejaarde werknemers indien zij vergoeding ten gunste van sommige bejaarde werknemers indien zij
worden ontslagen, algemeen verbindend verklaard bij koninklijk besluit worden ontslagen, algemeen verbindend verklaard bij koninklijk besluit
van 16 januari 1975, en voorzover dat de werkman een anciënniteit van 16 januari 1975, en voorzover dat de werkman een anciënniteit
heeft van drie jaar voorafgaand aan het brugpensioen, in de sector heeft van drie jaar voorafgaand aan het brugpensioen, in de sector
ressorterend onder het Paritair Subcomité voor de terugwinning van ressorterend onder het Paritair Subcomité voor de terugwinning van
lompen, verzekert het fonds de integrale betaling aan de werkman van lompen, verzekert het fonds de integrale betaling aan de werkman van
de aanvullende vergoeding. de aanvullende vergoeding.
Het fonds neemt dit voordeel ten laste vanaf de leeftijd van 58 of Het fonds neemt dit voordeel ten laste vanaf de leeftijd van 58 of
ouder. ouder.
De betaling van de hoofdelijke bijdrage aan de Rijksdienst voor De betaling van de hoofdelijke bijdrage aan de Rijksdienst voor
Arbeidsvoorziening, zoals voorzien in de wet van 29 december 1990 Arbeidsvoorziening, zoals voorzien in de wet van 29 december 1990
houdende sociale bepalingen (Belgisch Staatsblad van 9 januari 1991) houdende sociale bepalingen (Belgisch Staatsblad van 9 januari 1991)
en aan de Rijksdienst voor pensioenen, zoals voorzien in de en aan de Rijksdienst voor pensioenen, zoals voorzien in de
programmawet van 22 december 1989, wordt verzekerd door het fonds. programmawet van 22 december 1989, wordt verzekerd door het fonds.
Het fonds staat tevens in voor de betaling van de aanvullende Het fonds staat tevens in voor de betaling van de aanvullende
vergoeding en de bijzondere werkgeversbijdragen voor werklieden die vergoeding en de bijzondere werkgeversbijdragen voor werklieden die
vanaf de leeftijd van 56 jaar met brugpensioen gaan na 20 jaar vanaf de leeftijd van 56 jaar met brugpensioen gaan na 20 jaar
anciënniteit in een ploegenstelsel dat nachtprestaties omvat. anciënniteit in een ploegenstelsel dat nachtprestaties omvat.
Volgens de bepalingen van artikel 5 tot en met 10 van de collectieve Volgens de bepalingen van artikel 5 tot en met 10 van de collectieve
arbeidsovereenkomst nr. 55 van de Nationale Arbeidsraad tot instelling arbeidsovereenkomst nr. 55 van de Nationale Arbeidsraad tot instelling
van het halftijds brugpensioen, verzekert het fonds de integrale van het halftijds brugpensioen, verzekert het fonds de integrale
betaling van de aanvullende vergoeding aan de werklieden vanaf de betaling van de aanvullende vergoeding aan de werklieden vanaf de
leeftijd van 55 jaar. leeftijd van 55 jaar.
Tevens neemt het fonds de bijzondere werkgeversbijdragen ten laste. Tevens neemt het fonds de bijzondere werkgeversbijdragen ten laste.
F. Getrouwheid aan de onderneming F. Getrouwheid aan de onderneming

Art. 15bis.Er wordt aan de werklieden die minstens 20 jaar

Art. 15bis.Er wordt aan de werklieden die minstens 20 jaar

ononderbroken anciënniteit hebben in dezelfde onderneming een dag ononderbroken anciënniteit hebben in dezelfde onderneming een dag
bezoldigde afwezigheid toegekend in de loop van elk kalenderjaar. bezoldigde afwezigheid toegekend in de loop van elk kalenderjaar.
De werkgever kan de kost ervan terugvorderen bij het "Sociaal Fonds De werkgever kan de kost ervan terugvorderen bij het "Sociaal Fonds
voor de lompenbedrijven", mits voorlegging van de nodige voor de lompenbedrijven", mits voorlegging van de nodige
stavingsstukken. Voormelde terug te vorderen kost is samengesteld uit stavingsstukken. Voormelde terug te vorderen kost is samengesteld uit
het brutoloon voor deze afwezigheidsdag forfaitair vermeerderd met 50 het brutoloon voor deze afwezigheidsdag forfaitair vermeerderd met 50
pct. patronale sociale lasten (op loon coëfficiënt 1,00). pct. patronale sociale lasten (op loon coëfficiënt 1,00).
De stavingsstukken en de modaliteiten van terugvordering worden De stavingsstukken en de modaliteiten van terugvordering worden
vastgesteld door een beslissing van de beheerraad van het fonds. vastgesteld door een beslissing van de beheerraad van het fonds.
Onder dezelfde voorwaarden wordt aan de werklieden die minstens 25 Onder dezelfde voorwaarden wordt aan de werklieden die minstens 25
jaar ononderbroken anciënniteit hebben in de onderneming een jaar ononderbroken anciënniteit hebben in de onderneming een
bijkomende dag (tweede dag) bezoldigde afwezigheid toegekend in de bijkomende dag (tweede dag) bezoldigde afwezigheid toegekend in de
loop van elk kalenderjaar. loop van elk kalenderjaar.
G. Gemeenschappelijke bepalingen G. Gemeenschappelijke bepalingen

Art. 16.De in de artikelen 6 en 8 bedoelde uitkeringen worden betaald

Art. 16.De in de artikelen 6 en 8 bedoelde uitkeringen worden betaald

door de representatieve werknemersorganisaties. door de representatieve werknemersorganisaties.

Art. 17.De raad van beheer bepaalt bij collectieve

Art. 17.De raad van beheer bepaalt bij collectieve

arbeidsovereenkomst, gesloten in het Paritair Subcomité voor de arbeidsovereenkomst, gesloten in het Paritair Subcomité voor de
terugwinning van lompen, algemeen verbindend verklaard bij koninklijk terugwinning van lompen, algemeen verbindend verklaard bij koninklijk
besluit, de datum en de modaliteiten van betaling van de door het besluit, de datum en de modaliteiten van betaling van de door het
fonds toegekende uitkeringen. In geen geval mag de betaling van de fonds toegekende uitkeringen. In geen geval mag de betaling van de
uitkeringen afhankelijk zijn van de storting der bijdragen die door de uitkeringen afhankelijk zijn van de storting der bijdragen die door de
aan het fonds onderworpen werkgever verschuldigd zijn. aan het fonds onderworpen werkgever verschuldigd zijn.

Art. 18.De toekenningsvoorwaarden van de uitkeringen die door het

Art. 18.De toekenningsvoorwaarden van de uitkeringen die door het

fonds worden verleend, evenals het bedrag daarvan, kunnen gewijzigd fonds worden verleend, evenals het bedrag daarvan, kunnen gewijzigd
worden op voorstel van de raad van beheer, bij collectieve worden op voorstel van de raad van beheer, bij collectieve
arbeidsovereenkomst, gesloten in het Paritair Subcomité voor de arbeidsovereenkomst, gesloten in het Paritair Subcomité voor de
terugwinning van lompen, algemeen verbindend verklaard bij koninklijk terugwinning van lompen, algemeen verbindend verklaard bij koninklijk
besluit. besluit.
HOOFDSTUK IV. - Beheer HOOFDSTUK IV. - Beheer

Art. 19.Het fonds wordt beheerd door een raad van beheer, paritair

Art. 19.Het fonds wordt beheerd door een raad van beheer, paritair

samengesteld uit vertegenwoordigers van de representatieve werkgevers- samengesteld uit vertegenwoordigers van de representatieve werkgevers-
en werknemersorganisaties. en werknemersorganisaties.
Deze raad bestaat uit acht leden, hetzij vier vertegenwoordigers van Deze raad bestaat uit acht leden, hetzij vier vertegenwoordigers van
de werkgevers en vier vertegenwoordigers van de werknemers. de werkgevers en vier vertegenwoordigers van de werknemers.
De leden van de raad van beheer worden door het Paritair Subcomité De leden van de raad van beheer worden door het Paritair Subcomité
voor de terugwinning van lompen benoemd, op voorstel van de voor de terugwinning van lompen benoemd, op voorstel van de
vertegenwoordigde organisaties. vertegenwoordigde organisaties.

Art. 20.Elk jaar duidt de raad van beheer onder zijn leden één

Art. 20.Elk jaar duidt de raad van beheer onder zijn leden één

voorzitter en twee ondervoorzitters aan. voorzitter en twee ondervoorzitters aan.
Het voorzitterschap en het eerste ondervoorzitterschap wordt Het voorzitterschap en het eerste ondervoorzitterschap wordt
beurtelings door de werkgevers- en de werknemersvertegenwoordigers beurtelings door de werkgevers- en de werknemersvertegenwoordigers
waargenomen. waargenomen.
De groep waartoe de voorzitter behoort, wordt voor de eerste maal bij De groep waartoe de voorzitter behoort, wordt voor de eerste maal bij
loting aangeduid. loting aangeduid.
De tweede ondervoorzitter behoort steeds tot de werknemersorganisatie. De tweede ondervoorzitter behoort steeds tot de werknemersorganisatie.

Art. 21.De raad van beheer wordt door zijn voorzitter vijftien dagen

Art. 21.De raad van beheer wordt door zijn voorzitter vijftien dagen

vooraf bijeengeroepen. De voorzitter is ertoe gehouden de raad ten vooraf bijeengeroepen. De voorzitter is ertoe gehouden de raad ten
minste eenmaal per semester bijeen te roepen en telkens wanneer ten minste eenmaal per semester bijeen te roepen en telkens wanneer ten
minste twee leden van de raad erom verzoeken. minste twee leden van de raad erom verzoeken.
De uitnodiging vermeldt de agenda. De uitnodiging vermeldt de agenda.
De notulen worden door de raad van beheer aangeduide secretaris De notulen worden door de raad van beheer aangeduide secretaris
opgesteld en door de voorzitter van de vergadering ondertekend. opgesteld en door de voorzitter van de vergadering ondertekend.
De uittreksels uit deze notulen worden door de voorzitter of twee De uittreksels uit deze notulen worden door de voorzitter of twee
beheerders ondertekend. beheerders ondertekend.
Wanneer tot de stemming moet worden overgegaan, dient een gelijk Wanneer tot de stemming moet worden overgegaan, dient een gelijk
aantal leden van elke afvaardiging aan de stemming deel te nemen. Is aantal leden van elke afvaardiging aan de stemming deel te nemen. Is
het aantal ongelijk, dan onthoudt (onthouden) zich het (de) jongste het aantal ongelijk, dan onthoudt (onthouden) zich het (de) jongste
lid (leden). lid (leden).
De raad van beheer kan slechts geldig beslissen over de op de agenda De raad van beheer kan slechts geldig beslissen over de op de agenda
gestelde kwesties en in aanwezigheid van ten minste de helft van de gestelde kwesties en in aanwezigheid van ten minste de helft van de
leden die tot de werkgeversafvaardiging en ten minste de helft van de leden die tot de werkgeversafvaardiging en ten minste de helft van de
leden die tot de werknemersafvaardiging behoren. leden die tot de werknemersafvaardiging behoren.
De beslissingen worden met de meerderheid van stemgerechtigden De beslissingen worden met de meerderheid van stemgerechtigden
genomen. genomen.

Art. 22.De raad van beheer heeft tot taak het fonds te beheren en

Art. 22.De raad van beheer heeft tot taak het fonds te beheren en

alle maatregelen te treffen die voor zijn goede werking vereist zijn. alle maatregelen te treffen die voor zijn goede werking vereist zijn.
Hij beschikt over de meest uitgebreide bevoegdheden inzake het beheer Hij beschikt over de meest uitgebreide bevoegdheden inzake het beheer
en de leiding van het fonds. en de leiding van het fonds.
De raad van beheer treedt in rechte op, in naam van het fonds, op De raad van beheer treedt in rechte op, in naam van het fonds, op
vervolging en ten verzoeke van de voorzitter of van een tot dat doel vervolging en ten verzoeke van de voorzitter of van een tot dat doel
afgevaardigd beheerder. afgevaardigd beheerder.
De raad van beheer kan bijzondere bevoegdheden overdragen aan één of De raad van beheer kan bijzondere bevoegdheden overdragen aan één of
meer van zijn leden of zelfs aan derden. meer van zijn leden of zelfs aan derden.
Voor al de andere handelingen dan deze waarvoor de raad van beheer Voor al de andere handelingen dan deze waarvoor de raad van beheer
bijzondere bevoegdheden heeft verleend, zijn de gezamenlijke bijzondere bevoegdheden heeft verleend, zijn de gezamenlijke
handtekeningen van vier beheerders (twee van werknemerszijde en twee handtekeningen van vier beheerders (twee van werknemerszijde en twee
van werkgeverszijde) vereist. van werkgeverszijde) vereist.
De verantwoordelijkheid van de beheerders beperkt zich tot de De verantwoordelijkheid van de beheerders beperkt zich tot de
uitvoering van hun mandaat en zij gaan geen enkele persoonlijke uitvoering van hun mandaat en zij gaan geen enkele persoonlijke
verbintenis aan betreffende hun beheer ten opzichte van de verbintenis aan betreffende hun beheer ten opzichte van de
verplichtingen van het fonds. verplichtingen van het fonds.
HOOFDSTUK V. - Financiering HOOFDSTUK V. - Financiering

Art. 23.Het fonds beschikt over de bijdragen die door de bij artikel

Art. 23.Het fonds beschikt over de bijdragen die door de bij artikel

5, a), bedoelde werkgevers verschuldigd zijn. 5, a), bedoelde werkgevers verschuldigd zijn.

Art. 24.De bijdrage van de werkgevers is vastgesteld op 0,50 pct. van

Art. 24.De bijdrage van de werkgevers is vastgesteld op 0,50 pct. van

de brutolonen van de werklieden vanaf 1 juli 1987. de brutolonen van de werklieden vanaf 1 juli 1987.

Art. 25.Een buitengewone bijdrage kan door de raad van beheer worden

Art. 25.Een buitengewone bijdrage kan door de raad van beheer worden

bepaald, met bepaling van de innings- en verdelingsmodaliteiten. Deze bepaald, met bepaling van de innings- en verdelingsmodaliteiten. Deze
buitengewone bijdrage moet het voorwerp uitmaken van een afzonderlijke buitengewone bijdrage moet het voorwerp uitmaken van een afzonderlijke
collectieve arbeidsovereenkomst en algemeen verbindend verklaard bij collectieve arbeidsovereenkomst en algemeen verbindend verklaard bij
koninklijk besluit. koninklijk besluit.

Art. 26.De inning en de invordering van de bijdragen worden door de

Art. 26.De inning en de invordering van de bijdragen worden door de

Rijksdienst voor Sociale Zekerheid verzekerd in toepassing van artikel Rijksdienst voor Sociale Zekerheid verzekerd in toepassing van artikel
7 van de wet van 7 januari 1958 betreffende de fondsen voor 7 van de wet van 7 januari 1958 betreffende de fondsen voor
bestaanszekerheid (Belgisch Staatsblad van 7 februari 1958). bestaanszekerheid (Belgisch Staatsblad van 7 februari 1958).
Van de aldus door de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid aan het fonds Van de aldus door de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid aan het fonds
gestorte som worden vooraf de door de raad van beheer vastgestelde gestorte som worden vooraf de door de raad van beheer vastgestelde
kosten afgetrokken. kosten afgetrokken.
HOOFDSTUK VI. - Begroting, rekeningen HOOFDSTUK VI. - Begroting, rekeningen

Art. 27.Het dienstjaar vangt aan op 1 januari en sluit op 31

Art. 27.Het dienstjaar vangt aan op 1 januari en sluit op 31

december. december.

Art. 28.Elk jaar, uiterlijk gedurende de maand december, wordt een

Art. 28.Elk jaar, uiterlijk gedurende de maand december, wordt een

begroting voor het volgende jaar aan het Paritair Subcomité voor de begroting voor het volgende jaar aan het Paritair Subcomité voor de
terugwinning van lompen, ter goedkeuring voorgelegd. terugwinning van lompen, ter goedkeuring voorgelegd.

Art. 29.De rekeningen over het afgelopen jaar worden op 31 december

Art. 29.De rekeningen over het afgelopen jaar worden op 31 december

afgesloten. afgesloten.
De raad van beheer, evenals de door het Paritair Subcomité voor de De raad van beheer, evenals de door het Paritair Subcomité voor de
terugwinning van lompen aangeduide revisor of accountant, maken terugwinning van lompen aangeduide revisor of accountant, maken
jaarlijks elk een schriftelijk verslag betreffende de uitvoering van jaarlijks elk een schriftelijk verslag betreffende de uitvoering van
hun opdracht gedurende het afgelopen jaar. hun opdracht gedurende het afgelopen jaar.
De balans, samen met de hierboven bedoelde schriftelijke De balans, samen met de hierboven bedoelde schriftelijke
jaarverslagen, moeten uiterlijk gedurende de maand juni aan het jaarverslagen, moeten uiterlijk gedurende de maand juni aan het
Paritair Subcomité voor de terugwinning van lompen, ter goedkeuring Paritair Subcomité voor de terugwinning van lompen, ter goedkeuring
worden voorgelegd. worden voorgelegd.
HOOFDSTUK VII. - Ontbinding, vereffening HOOFDSTUK VII. - Ontbinding, vereffening

Art. 30.Het fonds kan ontbonden worden in de omstandigheden bedoeld

Art. 30.Het fonds kan ontbonden worden in de omstandigheden bedoeld

bij artikel 2 van de collectieve arbeidsovereenkomst waarbij dit fonds bij artikel 2 van de collectieve arbeidsovereenkomst waarbij dit fonds
wordt opgericht of op elk ogenblik bij eenparige beslissing van het wordt opgericht of op elk ogenblik bij eenparige beslissing van het
Paritair Subcomité voor de terugwinning van lompen. Paritair Subcomité voor de terugwinning van lompen.

Art. 31.Bij vereffening krijgt het vermogen van het fonds volgende

Art. 31.Bij vereffening krijgt het vermogen van het fonds volgende

bestemming : bestemming :
De in artikel 5, b) bedoelde werklieden ontvangen, vanaf de datum van De in artikel 5, b) bedoelde werklieden ontvangen, vanaf de datum van
het in vereffening stellen van het fonds en tot volledige uitputting het in vereffening stellen van het fonds en tot volledige uitputting
van het vermogen van het fonds, de aanvullende van het vermogen van het fonds, de aanvullende
werkloosheidsuitkeringen, bepaald in artikel 6. werkloosheidsuitkeringen, bepaald in artikel 6.
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 10 oktober Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 10 oktober
2005. 2005.
De Minister van Werk,Mme De Minister van Werk,Mme
F. VAN DEN BOSSCHE F. VAN DEN BOSSCHE
^