Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 11 mei 2005, gesloten in het Paritair Subcomité voor het bedrijf der grind- en zandgroeven welke in openlucht geëxploiteerd worden in de provincies Antwerpen, West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen, Limburg en Vlaams-Brabant, betreffende de tewerkstelling van personen behorende tot de risicogroepen, de witzandexploitaties uitgezonderd | Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 11 mei 2005, gesloten in het Paritair Subcomité voor het bedrijf der grind- en zandgroeven welke in openlucht geëxploiteerd worden in de provincies Antwerpen, West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen, Limburg en Vlaams-Brabant, betreffende de tewerkstelling van personen behorende tot de risicogroepen, de witzandexploitaties uitgezonderd |
---|---|
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG | FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG |
10 OKTOBER 2005. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend | 10 OKTOBER 2005. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend |
wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 11 mei 2005, | wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 11 mei 2005, |
gesloten in het Paritair Subcomité voor het bedrijf der grind- en | gesloten in het Paritair Subcomité voor het bedrijf der grind- en |
zandgroeven welke in openlucht geëxploiteerd worden in de provincies | zandgroeven welke in openlucht geëxploiteerd worden in de provincies |
Antwerpen, West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen, Limburg en | Antwerpen, West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen, Limburg en |
Vlaams-Brabant, betreffende de tewerkstelling van personen behorende | Vlaams-Brabant, betreffende de tewerkstelling van personen behorende |
tot de risicogroepen, de witzandexploitaties uitgezonderd (1) | tot de risicogroepen, de witzandexploitaties uitgezonderd (1) |
ALBERT II, Koning der Belgen, | ALBERT II, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve | Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve |
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel | arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel |
28; | 28; |
Gelet op het verzoek van het Paritair Subcomité voor het bedrijf der | Gelet op het verzoek van het Paritair Subcomité voor het bedrijf der |
grind- en zandgroeven welke in openlucht geëxploiteerd worden in de | grind- en zandgroeven welke in openlucht geëxploiteerd worden in de |
provincies Antwerpen, West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen, Limburg en | provincies Antwerpen, West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen, Limburg en |
Vlaams-Brabant; | Vlaams-Brabant; |
Op de voordracht van Onze Minister van Werk, | Op de voordracht van Onze Minister van Werk, |
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 11 mei 2005, gesloten | overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 11 mei 2005, gesloten |
in het Paritair Subcomité voor het bedrijf der grind- en zandgroeven | in het Paritair Subcomité voor het bedrijf der grind- en zandgroeven |
welke in openlucht geëxploiteerd worden in de provincies Antwerpen, | welke in openlucht geëxploiteerd worden in de provincies Antwerpen, |
West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen, Limburg en Vlaams-Brabant, | West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen, Limburg en Vlaams-Brabant, |
betreffende de tewerkstelling van personen behorende tot de | betreffende de tewerkstelling van personen behorende tot de |
risicogroepen, de witzandexploitaties uitgezonderd. | risicogroepen, de witzandexploitaties uitgezonderd. |
Art. 2.Onze Minister van Werk is belast met de uitvoering van dit |
Art. 2.Onze Minister van Werk is belast met de uitvoering van dit |
besluit. | besluit. |
Gegeven te Brussel, 10 oktober 2005. | Gegeven te Brussel, 10 oktober 2005. |
ALBERT | ALBERT |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
Mevr. F. VAN DEN BOSSCHE | Mevr. F. VAN DEN BOSSCHE |
_______ | _______ |
Nota | Nota |
(1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : | (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : |
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. | Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. |
Bijlage | Bijlage |
Paritair Subcomité voor het bedrijf der grind- en zandgroeven welke in | Paritair Subcomité voor het bedrijf der grind- en zandgroeven welke in |
openlucht geëxploiteerd worden in de provincies Antwerpen, | openlucht geëxploiteerd worden in de provincies Antwerpen, |
West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen, Limburg en Vlaams-Brabant | West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen, Limburg en Vlaams-Brabant |
Collectieve arbeidsovereenkomst van 11 mei 2005 | Collectieve arbeidsovereenkomst van 11 mei 2005 |
Tewerkstelling van personen behorende tot de risicogroepen, de | Tewerkstelling van personen behorende tot de risicogroepen, de |
witzandexploitaties uitgezonderd (Overeenkomst geregistreerd op 24 | witzandexploitaties uitgezonderd (Overeenkomst geregistreerd op 24 |
juni 2005 onder het nummer 75371/CO/102.06) | juni 2005 onder het nummer 75371/CO/102.06) |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op |
de werkgevers en op de werklieden van de grind- en zandgroeven welke | de werkgevers en op de werklieden van de grind- en zandgroeven welke |
in openlucht geëxploiteerd worden in de provincies Antwerpen, | in openlucht geëxploiteerd worden in de provincies Antwerpen, |
West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen, Limburg en Vlaams-Brabant, de | West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen, Limburg en Vlaams-Brabant, de |
witzandexploitaties uitgezonderd. | witzandexploitaties uitgezonderd. |
Met "werklieden" worden de arbeiders en arbeidsters bedoeld. | Met "werklieden" worden de arbeiders en arbeidsters bedoeld. |
Art. 2.De financiële middelen samengebracht in het "Sociaal Fonds |
Art. 2.De financiële middelen samengebracht in het "Sociaal Fonds |
voor de grind- en zandgroeven" worden aangewend om de in de hierna | voor de grind- en zandgroeven" worden aangewend om de in de hierna |
volgende artikelen vermelde kosten te dragen onder de voorwaarden vast | volgende artikelen vermelde kosten te dragen onder de voorwaarden vast |
te stellen in de raad van beheer van het fonds. | te stellen in de raad van beheer van het fonds. |
Art. 3.Bij brugpensioen zal het vervangingsengagement bij voorkeur |
Art. 3.Bij brugpensioen zal het vervangingsengagement bij voorkeur |
worden ingevuld met personen behorende tot de risicogroepen zoals | worden ingevuld met personen behorende tot de risicogroepen zoals |
omschreven bij artikel 173 van de wet van 29 december 1990 houdende | omschreven bij artikel 173 van de wet van 29 december 1990 houdende |
sociale bepalingen. | sociale bepalingen. |
Voor de werkgevers die vallen onder het "Grinddecreet", moet er | Voor de werkgevers die vallen onder het "Grinddecreet", moet er |
gezocht worden onder de ontslagen werklieden die vallen onder het | gezocht worden onder de ontslagen werklieden die vallen onder het |
"Grinddecreet". | "Grinddecreet". |
Art. 4.De tussenkomst in de kosten van technische vorming en |
Art. 4.De tussenkomst in de kosten van technische vorming en |
opleiding wordt voorbehouden aan ongeschoolde en/of laaggeschoolde | opleiding wordt voorbehouden aan ongeschoolde en/of laaggeschoolde |
personeelsleden voorzover deze opleiding tot gevolg kan hebben dat de | personeelsleden voorzover deze opleiding tot gevolg kan hebben dat de |
ruimere beroepskennis van de betrokkenen een positieve weerslag heeft | ruimere beroepskennis van de betrokkenen een positieve weerslag heeft |
op de beperking van de gedeeltelijke werkloosheid en een grotere | op de beperking van de gedeeltelijke werkloosheid en een grotere |
waarborg geeft tot blijvende tewerkstelling. | waarborg geeft tot blijvende tewerkstelling. |
De kosten kunnen betrekking hebben op een tussenkomst in reiskosten, | De kosten kunnen betrekking hebben op een tussenkomst in reiskosten, |
het loonverlies en de eventuele inschrijvingsrechten of cursusgelden. | het loonverlies en de eventuele inschrijvingsrechten of cursusgelden. |
Daarenboven wordt aan de werklieden een forfaitair bedrag van 125 EUR | Daarenboven wordt aan de werklieden een forfaitair bedrag van 125 EUR |
uitbetaald, voor zover zij aan het fonds een attest van regelmatig | uitbetaald, voor zover zij aan het fonds een attest van regelmatig |
bijwonen van de cursus kunnen voorleggen. | bijwonen van de cursus kunnen voorleggen. |
Art. 5.De werkgevers die in de loop van 2005 en/of 2006 initiatieven |
Art. 5.De werkgevers die in de loop van 2005 en/of 2006 initiatieven |
nemen of genomen hebben die gericht zijn op de risicogroepen bedoeld | nemen of genomen hebben die gericht zijn op de risicogroepen bedoeld |
in hoofdstuk XI, afdeling 1, van de wet van 29 december 1990 houdende | in hoofdstuk XI, afdeling 1, van de wet van 29 december 1990 houdende |
sociale bepalingen en die laaggeschoolde arbeiders of arbeidsters die | sociale bepalingen en die laaggeschoolde arbeiders of arbeidsters die |
geconfronteerd worden met collectief ontslag, herstructurering of de | geconfronteerd worden met collectief ontslag, herstructurering of de |
introductie van nieuwe technologieën, een omscholings- of | introductie van nieuwe technologieën, een omscholings- of |
bijscholingsprogramma laten volgen, kunnen ten laste van het fonds een | bijscholingsprogramma laten volgen, kunnen ten laste van het fonds een |
forfaitaire tegemoetkoming van 200 EUR per maand ontvangen met een | forfaitaire tegemoetkoming van 200 EUR per maand ontvangen met een |
maximum van 2.000 EUR per jaar. | maximum van 2.000 EUR per jaar. |
Art. 6.De in de artikelen 4 en 5 vermelde bedragen van forfaitaire |
Art. 6.De in de artikelen 4 en 5 vermelde bedragen van forfaitaire |
tegemoetkoming kunnen door de raad van beheer van het fonds worden | tegemoetkoming kunnen door de raad van beheer van het fonds worden |
aangepast in functie van de jaarlijkse begroting. | aangepast in functie van de jaarlijkse begroting. |
Art. 7.Het totaal bedrag van de jaarlijkse begroting bedoeld in deze |
Art. 7.Het totaal bedrag van de jaarlijkse begroting bedoeld in deze |
collectieve arbeidsovereenkomst zal in elk geval 0,10 pct. van de | collectieve arbeidsovereenkomst zal in elk geval 0,10 pct. van de |
bruto loonmassa bedragen. | bruto loonmassa bedragen. |
Art. 8.De raad van beheer is belast met de uitvoering van de genomen |
Art. 8.De raad van beheer is belast met de uitvoering van de genomen |
beslissingen en het toezicht op de aanvragen, opleidingsprogramma's en | beslissingen en het toezicht op de aanvragen, opleidingsprogramma's en |
de afrekening van de aangevraagde financiële tussenkomsten. | de afrekening van de aangevraagde financiële tussenkomsten. |
Art. 9.De raad van beheer maakt jaarlijks een evaluatie die bij het |
Art. 9.De raad van beheer maakt jaarlijks een evaluatie die bij het |
verslag van het fonds wordt gevoegd en aan het paritair subcomité | verslag van het fonds wordt gevoegd en aan het paritair subcomité |
wordt voorgelegd. Een kopie van dit verslag wordt eveneens aan de | wordt voorgelegd. Een kopie van dit verslag wordt eveneens aan de |
Minister van Werkgelegenheid overgemaakt. | Minister van Werkgelegenheid overgemaakt. |
Art. 10.Deze collectieve arbeidsovereenkomst heeft uitwerking met |
Art. 10.Deze collectieve arbeidsovereenkomst heeft uitwerking met |
ingang van 1 januari 2005 en treedt buiten werking op 31 december | ingang van 1 januari 2005 en treedt buiten werking op 31 december |
2006. | 2006. |
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 10 oktober | Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 10 oktober |
2005. | 2005. |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
Mevr. F. VAN DEN BOSSCHE | Mevr. F. VAN DEN BOSSCHE |