Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Koninklijk Besluit van 09/06/2024
← Terug naar "Koninklijk besluit tot uitvoering van de wet van 26 april 2024 tot vaststelling van een kader voor de cyberbeveiliging van netwerk- en informatiesystemen van algemeen belang voor de openbare veiligheid"
Koninklijk besluit tot uitvoering van de wet van 26 april 2024 tot vaststelling van een kader voor de cyberbeveiliging van netwerk- en informatiesystemen van algemeen belang voor de openbare veiligheid Koninklijk besluit tot uitvoering van de wet van 26 april 2024 tot vaststelling van een kader voor de cyberbeveiliging van netwerk- en informatiesystemen van algemeen belang voor de openbare veiligheid
9 JUNI 2024. - Koninklijk besluit tot uitvoering van de wet van 26 9 JUNI 2024. - Koninklijk besluit tot uitvoering van de wet van 26
april 2024 tot vaststelling van een kader voor de cyberbeveiliging van april 2024 tot vaststelling van een kader voor de cyberbeveiliging van
netwerk- en informatiesystemen van algemeen belang voor de openbare netwerk- en informatiesystemen van algemeen belang voor de openbare
veiligheid veiligheid
FILIP, Koning der Belgen, FILIP, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op de Grondwet, artikel 108; Gelet op de Grondwet, artikel 108;
Gelet op de wet van 26 april 2024 tot vaststelling van een kader voor Gelet op de wet van 26 april 2024 tot vaststelling van een kader voor
de cyberbeveiliging van netwerk- en informatiesystemen van algemeen de cyberbeveiliging van netwerk- en informatiesystemen van algemeen
belang voor de openbare veiligheid, de artikelen 15, §§ 1 en 2, eerste belang voor de openbare veiligheid, de artikelen 15, §§ 1 en 2, eerste
lid, 17, 7° en 10°, 39, eerste lid, 40, § 1, eerste lid, 41, 47, § 1, lid, 17, 7° en 10°, 39, eerste lid, 40, § 1, eerste lid, 41, 47, § 1,
50, § 2, 63, §§ 1 en 2, en 75; 50, § 2, 63, §§ 1 en 2, en 75;
Gelet op het koninklijk besluit van 12 juli 2019 tot uitvoering van de Gelet op het koninklijk besluit van 12 juli 2019 tot uitvoering van de
wet van 7 april 2019 tot vaststelling van een kader voor de wet van 7 april 2019 tot vaststelling van een kader voor de
beveiliging van netwerk- en informatiesystemen van algemeen belang beveiliging van netwerk- en informatiesystemen van algemeen belang
voor de openbare veiligheid, en van de wet van 1 juli 2011 betreffende voor de openbare veiligheid, en van de wet van 1 juli 2011 betreffende
de beveiliging en de bescherming van de kritieke infrastructuren; de beveiliging en de bescherming van de kritieke infrastructuren;
Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 30 Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 30
oktober 2023; oktober 2023;
Gelet op de akkoordbevinding van de Staatssecretaris voor Begroting, Gelet op de akkoordbevinding van de Staatssecretaris voor Begroting,
gegeven op 7 november 2023; gegeven op 7 november 2023;
Gelet op de adviesaanvraag binnen dertig dagen, die op 19 april 2024 Gelet op de adviesaanvraag binnen dertig dagen, die op 19 april 2024
bij de Raad van State is ingediend, met toepassing van artikel 84, § bij de Raad van State is ingediend, met toepassing van artikel 84, §
1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd 1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd
op 12 januari 1973; op 12 januari 1973;
Overwegende dat het advies niet is meegedeeld binnen die termijn; Overwegende dat het advies niet is meegedeeld binnen die termijn;
Gelet op artikel 84, § 5, van de wetten op de Raad van State, Gelet op artikel 84, § 5, van de wetten op de Raad van State,
gecoördineerd op 12 januari 1973; gecoördineerd op 12 januari 1973;
Overwegende het koninklijk besluit van 10 oktober 2014 tot oprichting Overwegende het koninklijk besluit van 10 oktober 2014 tot oprichting
van het Centrum voor Cybersecurity België; van het Centrum voor Cybersecurity België;
Op de voordracht van de Eerste Minister en de Minister van Op de voordracht van de Eerste Minister en de Minister van
Binnenlandse Zaken en op het advies van de in Raad vergaderde Binnenlandse Zaken en op het advies van de in Raad vergaderde
Ministers, Ministers,
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : Hebben Wij besloten en besluiten Wij :
HOOFDSTUK 1 - Voorwerp en definities HOOFDSTUK 1 - Voorwerp en definities

Artikel 1.Dit besluit voorziet in de omzetting van de Europese

Artikel 1.Dit besluit voorziet in de omzetting van de Europese

richtlijn (EU) 2022/2555 van het Europees Parlement en de Raad van 14 richtlijn (EU) 2022/2555 van het Europees Parlement en de Raad van 14
december 2022 betreffende maatregelen voor een hoog gezamenlijk niveau december 2022 betreffende maatregelen voor een hoog gezamenlijk niveau
van cyberbeveiliging in de Unie, tot wijziging van Verordening (EU) van cyberbeveiliging in de Unie, tot wijziging van Verordening (EU)
nr. 910/2014 en Richtlijn (EU) 2018/1972 en tot intrekking van nr. 910/2014 en Richtlijn (EU) 2018/1972 en tot intrekking van
Richtlijn (EU) 2016/1148. Richtlijn (EU) 2016/1148.

Art. 2.Voor de toepassing van dit besluit zijn de definities bedoeld

Art. 2.Voor de toepassing van dit besluit zijn de definities bedoeld

in artikel 8 van de wet van 26 april 2024 tot vaststelling van een in artikel 8 van de wet van 26 april 2024 tot vaststelling van een
kader voor de cyberbeveiliging van netwerk- en informatiesystemen van kader voor de cyberbeveiliging van netwerk- en informatiesystemen van
algemeen belang voor de openbare veiligheid van toepassing. algemeen belang voor de openbare veiligheid van toepassing.
Voor de toepassing van dit besluit, moet worden verstaan onder: Voor de toepassing van dit besluit, moet worden verstaan onder:
1° "NIS2-wet" : de wet van 26 april 2024 tot vaststelling van een 1° "NIS2-wet" : de wet van 26 april 2024 tot vaststelling van een
kader voor de cyberbeveiliging van netwerk- en informatiesystemen van kader voor de cyberbeveiliging van netwerk- en informatiesystemen van
algemeen belang voor de openbare veiligheid; algemeen belang voor de openbare veiligheid;
2° "conformiteitsbeoordeling": de beoordeling bedoeld in artikel 2, 2° "conformiteitsbeoordeling": de beoordeling bedoeld in artikel 2,
punt 12 van Verordening (EG) nr. 765/2008 van het Europees Parlement punt 12 van Verordening (EG) nr. 765/2008 van het Europees Parlement
en de Raad van 9 juli 2008 tot vaststelling van de eisen inzake en de Raad van 9 juli 2008 tot vaststelling van de eisen inzake
accreditatie en markttoezicht betreffende het verhandelen van accreditatie en markttoezicht betreffende het verhandelen van
producten en tot intrekking van Verordening (EEG) nr. 339/93; producten en tot intrekking van Verordening (EEG) nr. 339/93;
3° "conformiteitsattest": afgifte van een bevestiging van conformiteit 3° "conformiteitsattest": afgifte van een bevestiging van conformiteit
gebaseerd op een beslissing die de naleving van de gespecifieerde gebaseerd op een beslissing die de naleving van de gespecifieerde
eisen aantoont. Het document kan het resultaat bevatten van een eisen aantoont. Het document kan het resultaat bevatten van een
verificatie of certificering; verificatie of certificering;
4° "verificatie": bevestiging van een verklaring door middel van 4° "verificatie": bevestiging van een verklaring door middel van
objectieve bewijzen, dat aan de gespecifieerde einsen is voldaan; objectieve bewijzen, dat aan de gespecifieerde einsen is voldaan;
5° "verklaring": door de entiteit verklaarde informatie. 5° "verklaring": door de entiteit verklaarde informatie.
HOOFDSTUK 2 - Aanwijzing van de bevoegde autoriteiten HOOFDSTUK 2 - Aanwijzing van de bevoegde autoriteiten

Art. 3.§ 1. Het Centrum voor Cybersecurity België, opgericht bij het

Art. 3.§ 1. Het Centrum voor Cybersecurity België, opgericht bij het

koninklijk besluit van 10 oktober 2014 tot oprichting van het Centrum koninklijk besluit van 10 oktober 2014 tot oprichting van het Centrum
voor Cybersecurity België, wordt aangewezen als nationale voor Cybersecurity België, wordt aangewezen als nationale
cyberbeveiligingsautoriteit. cyberbeveiligingsautoriteit.
§ 2. De volgende autoriteiten worden aangewezen als sectorale § 2. De volgende autoriteiten worden aangewezen als sectorale
overheden: overheden:
1° voor de sector energie: de federale minister bevoegd voor Energie 1° voor de sector energie: de federale minister bevoegd voor Energie
of, bij delegatie door deze laatste, een leidend personeelslid van of, bij delegatie door deze laatste, een leidend personeelslid van
zijn/haar administratie (in voorkomend geval kan de minister per zijn/haar administratie (in voorkomend geval kan de minister per
deelsector een andere gemachtigde aanwijzen); deelsector een andere gemachtigde aanwijzen);
2° voor de sector vervoer: 2° voor de sector vervoer:
- wat betreft de sector vervoer, met uitzondering van het vervoer over - wat betreft de sector vervoer, met uitzondering van het vervoer over
water: de federale minister bevoegd voor Vervoer of, bij delegatie water: de federale minister bevoegd voor Vervoer of, bij delegatie
door deze laatste, een leidend personeelslid van zijn/haar door deze laatste, een leidend personeelslid van zijn/haar
administratie (in voorkomend geval kan de minister per deelsector een administratie (in voorkomend geval kan de minister per deelsector een
andere gemachtigde aanwijzen); andere gemachtigde aanwijzen);
- wat betreft het vervoer over water: de federale minister bevoegd - wat betreft het vervoer over water: de federale minister bevoegd
voor Maritieme Mobiliteit of, bij delegatie door deze laatste, een voor Maritieme Mobiliteit of, bij delegatie door deze laatste, een
leidend personeelslid van zijn/haar administratie (in voorkomend geval leidend personeelslid van zijn/haar administratie (in voorkomend geval
kan de minister per deelsector een andere gemachtigde aanwijzen); kan de minister per deelsector een andere gemachtigde aanwijzen);
3° voor de sector gezondheidszorg: 3° voor de sector gezondheidszorg:
- wat betreft entiteiten die onderzoeks- en ontwikkelingsactiviteiten - wat betreft entiteiten die onderzoeks- en ontwikkelingsactiviteiten
uitvoeren met betrekking tot geneesmiddelen zoals gedefinieerd in uitvoeren met betrekking tot geneesmiddelen zoals gedefinieerd in
artikel 1, punt 2, van Richtlijn 2001/83/EG van het Europees Parlement artikel 1, punt 2, van Richtlijn 2001/83/EG van het Europees Parlement
en de Raad van 6 november 2001 tot vaststelling van een communautair en de Raad van 6 november 2001 tot vaststelling van een communautair
wetboek betreffende geneesmiddelen voor menselijk gebruik; entiteiten wetboek betreffende geneesmiddelen voor menselijk gebruik; entiteiten
die farmaceutische basisproducten en farmaceutische bereidingen die farmaceutische basisproducten en farmaceutische bereidingen
vervaardigen als bedoeld in bijlage I, sectie C, afdeling 21, van vervaardigen als bedoeld in bijlage I, sectie C, afdeling 21, van
Verordening (EG) nr. 1893/2006 van het Europees Parlement en de Raad Verordening (EG) nr. 1893/2006 van het Europees Parlement en de Raad
van 20 december 2006 tot vaststelling van de statistische van 20 december 2006 tot vaststelling van de statistische
classificatie van economische activiteiten NACE Rev. 2 en tot classificatie van economische activiteiten NACE Rev. 2 en tot
wijziging van Verordening (EEG) nr. 3037/90 en enkele EG-verordeningen wijziging van Verordening (EEG) nr. 3037/90 en enkele EG-verordeningen
op specifieke statistische gebieden; en entiteiten die medische op specifieke statistische gebieden; en entiteiten die medische
hulpmiddelen vervaardigen die in het kader van de noodsituatie op het hulpmiddelen vervaardigen die in het kader van de noodsituatie op het
gebied van de volksgezondheid als kritiek worden beschouwd ("de lijst gebied van de volksgezondheid als kritiek worden beschouwd ("de lijst
van in een noodsituatie op het gebied van de volksgezondheid kritieke van in een noodsituatie op het gebied van de volksgezondheid kritieke
hulpmiddelen") in de zin van artikel 22 van Verordening (EU) 2022/123 hulpmiddelen") in de zin van artikel 22 van Verordening (EU) 2022/123
van het Europees Parlement en de Raad van 25 januari 2022 betreffende van het Europees Parlement en de Raad van 25 januari 2022 betreffende
een grotere rol van het Europees Geneesmiddelenbureau inzake een grotere rol van het Europees Geneesmiddelenbureau inzake
crisisparaatheid en -beheersing op het gebied van geneesmiddelen en crisisparaatheid en -beheersing op het gebied van geneesmiddelen en
medische hulpmiddelen: het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en medische hulpmiddelen: het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en
Gezondheidsproducten opgericht door de wet van 20 juli 2006 Gezondheidsproducten opgericht door de wet van 20 juli 2006
betreffende de oprichting en de werking van het federaal Agentschap betreffende de oprichting en de werking van het federaal Agentschap
voor geneesmiddelen en gezondheidsproducten; voor geneesmiddelen en gezondheidsproducten;
- wat betreft de andere soorten entiteiten van de sector - wat betreft de andere soorten entiteiten van de sector
gezondheidszorg: de federale minister bevoegd voor Volksgezondheid of, gezondheidszorg: de federale minister bevoegd voor Volksgezondheid of,
bij delegatie door deze laatste, een leidend personeelslid van bij delegatie door deze laatste, een leidend personeelslid van
zijn/haar administratie; zijn/haar administratie;
4° voor de sector digitale infrastructuur, alleen voor wat betreft de 4° voor de sector digitale infrastructuur, alleen voor wat betreft de
verleners van vertrouwensdiensten: de federale minister bevoegd voor verleners van vertrouwensdiensten: de federale minister bevoegd voor
Economie of, bij delegatie door deze laatste, een leidend Economie of, bij delegatie door deze laatste, een leidend
personeelslid van zijn/haar administratie; personeelslid van zijn/haar administratie;
5° voor de sector digitale aanbieders: de federale minister bevoegd 5° voor de sector digitale aanbieders: de federale minister bevoegd
voor Economie of, bij delegatie door deze laatste, een leidend voor Economie of, bij delegatie door deze laatste, een leidend
personeelslid van zijn/haar administratie; personeelslid van zijn/haar administratie;
6° voor de sector ruimtevaart en de sector onderzoek: de federale 6° voor de sector ruimtevaart en de sector onderzoek: de federale
minister van Wetenschapsbeleid of bij delegatie door deze laatste, een minister van Wetenschapsbeleid of bij delegatie door deze laatste, een
leidend personeelslid van zijn/haar administratie; leidend personeelslid van zijn/haar administratie;
7° voor de deelsector vervaardiging van medische hulpmiddelen en 7° voor de deelsector vervaardiging van medische hulpmiddelen en
medische hulpmiddelen voor in-vitrodiagnostiek, van de sector medische hulpmiddelen voor in-vitrodiagnostiek, van de sector
vervaardiging: het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en vervaardiging: het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en
Gezondheidsproducten. Gezondheidsproducten.
HOOFDSTUK 3 - Referentiekaders voor de regelmatige HOOFDSTUK 3 - Referentiekaders voor de regelmatige
conformiteitsbeoordeling conformiteitsbeoordeling

Art. 4.§ 1. De nationale cyberbeveiligingsautoriteit zorgt, in

Art. 4.§ 1. De nationale cyberbeveiligingsautoriteit zorgt, in

overleg met de relevante belanghebbenden, voor de uitwerking, overleg met de relevante belanghebbenden, voor de uitwerking,
actualisering en openbaarmaking, met name via haar website, van een actualisering en openbaarmaking, met name via haar website, van een
referentiekader. Dit kader bevat de praktische modaliteiten voor de referentiekader. Dit kader bevat de praktische modaliteiten voor de
beoordeling van de in artikel 30, § 3, van de NIS2-wet, bedoelde beoordeling van de in artikel 30, § 3, van de NIS2-wet, bedoelde
minimale maatregelen voor het beheer van cyberbeveiligingsrisico's. minimale maatregelen voor het beheer van cyberbeveiligingsrisico's.
Overeenkomstig de internationale regels met betrekking tot Overeenkomstig de internationale regels met betrekking tot
conformiteitsbeoordelingsschema's zijn de in het eerste lid bedoelde conformiteitsbeoordelingsschema's zijn de in het eerste lid bedoelde
relevante belanghebbenden ten minste de autoriteiten vermeld in relevante belanghebbenden ten minste de autoriteiten vermeld in
artikel 15 van de NIS2-wet, de geaccrediteerde instanties en de artikel 15 van de NIS2-wet, de geaccrediteerde instanties en de
organisaties die het referentiekader het eerste lid gebruiken. organisaties die het referentiekader het eerste lid gebruiken.
§ 2. Het referentiekader beschrijft, op evenredige wijze, ten minste § 2. Het referentiekader beschrijft, op evenredige wijze, ten minste
de volgende zekerheidsniveaus: basis, belangrijk en essentieel. de volgende zekerheidsniveaus: basis, belangrijk en essentieel.

Art. 5.§ 1. In het kader van de in artikel 39 van de NIS2-wet

Art. 5.§ 1. In het kader van de in artikel 39 van de NIS2-wet

bedoelde conformiteitsbeoordeling en rekening houdend met de relevante bedoelde conformiteitsbeoordeling en rekening houdend met de relevante
methoden voor risicoanalyse, kiezen essentiële entiteiten één of meer methoden voor risicoanalyse, kiezen essentiële entiteiten één of meer
referentiekaders waarvan het toepassingsgebied alle netwerk- en referentiekaders waarvan het toepassingsgebied alle netwerk- en
informatiesystemen van de entiteit omvat uit een van de volgende informatiesystemen van de entiteit omvat uit een van de volgende
referentiekaders: referentiekaders:
1° het in artikel 4 bedoelde referentiekader; of 1° het in artikel 4 bedoelde referentiekader; of
2° de norm NBN EN ISO/IEC 27001. 2° de norm NBN EN ISO/IEC 27001.
§ 2. In het kader van de vrijwillige conformiteitsbeoordeling bedoeld § 2. In het kader van de vrijwillige conformiteitsbeoordeling bedoeld
in artikel 41 van de NIS2-wet kiezen belangrijke entiteiten een van de in artikel 41 van de NIS2-wet kiezen belangrijke entiteiten een van de
in paragraaf 1 bedoelde referentiekaders. in paragraaf 1 bedoelde referentiekaders.
HOOFDSTUK 4 - Modaliteiten van de regelmatige conformiteitsbeoordeling HOOFDSTUK 4 - Modaliteiten van de regelmatige conformiteitsbeoordeling
van essentiële entiteiten van essentiële entiteiten

Art. 6.In het kader van de conformiteitsbeoordeling door een

Art. 6.In het kader van de conformiteitsbeoordeling door een

conformiteitsbeoordelingsinstantie die overeenkomstig hoofdstuk 6 conformiteitsbeoordelingsinstantie die overeenkomstig hoofdstuk 6
erkend is door de nationale cyberbeveiligingsautoriteit en op basis erkend is door de nationale cyberbeveiligingsautoriteit en op basis
van het in artikel 4 bedoelde referentiekader, verkrijgen essentiële van het in artikel 4 bedoelde referentiekader, verkrijgen essentiële
entiteiten een certificering voor het niveau "essentieel" van entiteiten een certificering voor het niveau "essentieel" van
voornoemd referentiekader. voornoemd referentiekader.

Art. 7.In afwijking van artikel 6 kunnen essentiële entiteiten,

Art. 7.In afwijking van artikel 6 kunnen essentiële entiteiten,

indien zij dit motiveren, een verificatie verkrijgen die uitgevoerd indien zij dit motiveren, een verificatie verkrijgen die uitgevoerd
wordt door een conformiteitsbeoordelingsinstantie die overeenkomstig wordt door een conformiteitsbeoordelingsinstantie die overeenkomstig
hoofdstuk 6 erkend is door de nationale cyberbeveiligingsautoriteit, hoofdstuk 6 erkend is door de nationale cyberbeveiligingsautoriteit,
voor een lager niveau van het in artikel 4 bedoelde referentiekader, voor een lager niveau van het in artikel 4 bedoelde referentiekader,
indien het resultaat van hun risicoanalyse bedoeld in artikel 30, § 5, indien het resultaat van hun risicoanalyse bedoeld in artikel 30, § 5,
eerste lid, van de NIS2-wet dit rechtvaardigt. eerste lid, van de NIS2-wet dit rechtvaardigt.
Het gebruik van de in het eerste lid bedoelde afwijking valt onder de Het gebruik van de in het eerste lid bedoelde afwijking valt onder de
verantwoordelijkheid van de essentiële entiteit en wordt als zodanig verantwoordelijkheid van de essentiële entiteit en wordt als zodanig
niet beoordeeld door een conformiteitsbeoordelingsinstantie. niet beoordeeld door een conformiteitsbeoordelingsinstantie.

Art. 8.In het kader van de conformiteitsbeoordeling op basis van het

Art. 8.In het kader van de conformiteitsbeoordeling op basis van het

referentiekader bedoeld in artikel 5, § 1, 2°, verkrijgen essentiële referentiekader bedoeld in artikel 5, § 1, 2°, verkrijgen essentiële
entiteiten een certificering via een procedure van regelmatige audits entiteiten een certificering via een procedure van regelmatige audits
uitgevoerd door een conformiteitsbeoordelingsinstantie die uitgevoerd door een conformiteitsbeoordelingsinstantie die
overeenkomstig hoofdstuk 6 erkend is door de nationale overeenkomstig hoofdstuk 6 erkend is door de nationale
cyberbeveiligingsautoriteit. cyberbeveiligingsautoriteit.

Art. 9.Ongeacht het gekozen referentiekader bezorgen essentiële

Art. 9.Ongeacht het gekozen referentiekader bezorgen essentiële

entiteiten hun conformiteitsattest en de risicoanalyse bedoeld in entiteiten hun conformiteitsattest en de risicoanalyse bedoeld in
artikel 30, § 5, eerste lid, van de NIS2-wet elektronisch aan de artikel 30, § 5, eerste lid, van de NIS2-wet elektronisch aan de
nationale cyberbeveiligingsautoriteit. nationale cyberbeveiligingsautoriteit.
Daartoe creëert en actualiseert de nationale Daartoe creëert en actualiseert de nationale
cyberbeveiligingsautoriteit een beveiligd platform dat voor de cyberbeveiligingsautoriteit een beveiligd platform dat voor de
entiteiten toegankelijk is via internet. entiteiten toegankelijk is via internet.

Art. 10.In het kader van artikel 39, eerste lid, 2°, van de NIS2-wet

Art. 10.In het kader van artikel 39, eerste lid, 2°, van de NIS2-wet

vindt de regelmatige conformiteitsbeoordeling door de inspectiedienst vindt de regelmatige conformiteitsbeoordeling door de inspectiedienst
van de nationale cyberbeveiligingsautoriteit niet meer dan één keer van de nationale cyberbeveiligingsautoriteit niet meer dan één keer
per jaar plaats. per jaar plaats.
HOOFDSTUK 5 - Modaliteiten van de regelmatige vrijwillige HOOFDSTUK 5 - Modaliteiten van de regelmatige vrijwillige
conformiteitsbeoordeling van belangrijke entiteiten door een conformiteitsbeoordeling van belangrijke entiteiten door een
conformiteitsbeoordelingsinstantie conformiteitsbeoordelingsinstantie

Art. 11.§ 1. Wanneer belangrijke entiteiten opteren voor een

Art. 11.§ 1. Wanneer belangrijke entiteiten opteren voor een

regelmatige conformiteitsbeoordeling op basis van het in artikel 4 regelmatige conformiteitsbeoordeling op basis van het in artikel 4
bedoelde referentiekader, verkrijgen zij een verificatieverklaring van bedoelde referentiekader, verkrijgen zij een verificatieverklaring van
minstens het niveau belangrijk van voornoemd referentiekader. minstens het niveau belangrijk van voornoemd referentiekader.
§ 2. In het kader van de in paragraaf 1 bedoelde regelmatige § 2. In het kader van de in paragraaf 1 bedoelde regelmatige
vrijwillige conformiteitsbeoordeling verrichten belangrijke entiteiten vrijwillige conformiteitsbeoordeling verrichten belangrijke entiteiten
elk jaar een zelfbeoordeling die wordt geverifieerd door een elk jaar een zelfbeoordeling die wordt geverifieerd door een
conformiteitsbeoordelingsinstantie die overeenkomstig hoofdstuk 6 conformiteitsbeoordelingsinstantie die overeenkomstig hoofdstuk 6
erkend is door de nationale cyberbeveiligingsautoriteit. erkend is door de nationale cyberbeveiligingsautoriteit.
De erkende conformiteitsbeoordelingsinstantie bezorgt de betrokken De erkende conformiteitsbeoordelingsinstantie bezorgt de betrokken
entiteit een verificatieverslag dat al dan niet een entiteit een verificatieverslag dat al dan niet een
verificatieverklaring bevat, overeenkomstig het in artikel 4 bedoelde verificatieverklaring bevat, overeenkomstig het in artikel 4 bedoelde
referentiekader. referentiekader.

Art. 12.In het kader van de conformiteitsbeoordeling op basis van het

Art. 12.In het kader van de conformiteitsbeoordeling op basis van het

referentiekader bedoeld in artikel 5, § 1, 2°, verkrijgen belangrijke referentiekader bedoeld in artikel 5, § 1, 2°, verkrijgen belangrijke
entiteiten indien gewenst een certificering via een procedure van entiteiten indien gewenst een certificering via een procedure van
regelmatige audits uitgevoerd door een regelmatige audits uitgevoerd door een
conformiteitsbeoordelingsinstantie die overeenkomstig hoofdstuk 6 conformiteitsbeoordelingsinstantie die overeenkomstig hoofdstuk 6
erkend is door de nationale cyberbeveiligingsautoriteit. erkend is door de nationale cyberbeveiligingsautoriteit.

Art. 13.Belangrijke entiteiten die opteren voor de in artikel 41 van

Art. 13.Belangrijke entiteiten die opteren voor de in artikel 41 van

de NIS2-wet bedoelde conformiteitsbeoordeling, bezorgen de nationale de NIS2-wet bedoelde conformiteitsbeoordeling, bezorgen de nationale
cyberbeveiligingsautoriteit, ongeacht het gekozen referentiekader, hun cyberbeveiligingsautoriteit, ongeacht het gekozen referentiekader, hun
conformiteitsattest en de risicoanalyse bedoeld in artikel 30, § 5, conformiteitsattest en de risicoanalyse bedoeld in artikel 30, § 5,
eerste lid, van de NIS2-wet op de in artikel 9, eerste lid, bedoelde eerste lid, van de NIS2-wet op de in artikel 9, eerste lid, bedoelde
wijze. wijze.
Daartoe krijgen belangrijke entiteiten toegang tot het platform Daartoe krijgen belangrijke entiteiten toegang tot het platform
bedoeld in artikel 9, tweede lid. bedoeld in artikel 9, tweede lid.
HOOFDSTUK 6 - Erkenningsvoorwaarden HOOFDSTUK 6 - Erkenningsvoorwaarden

Art. 14.§ 1. Onverminderd hoofdstuk 8 erkent de nationale

Art. 14.§ 1. Onverminderd hoofdstuk 8 erkent de nationale

cyberbeveiligingsautoriteit conformiteitsbeoordelingsinstanties die de cyberbeveiligingsautoriteit conformiteitsbeoordelingsinstanties die de
erkenningsvoorwaarden van dit hoofdstuk naleven: erkenningsvoorwaarden van dit hoofdstuk naleven:
1° hetzij in het kader van de toepassing van de artikelen 39 en 41 van 1° hetzij in het kader van de toepassing van de artikelen 39 en 41 van
de NIS2-wet, de NIS2-wet,
2° hetzij in het kader van de conformiteitsbeoordeling op basis van 2° hetzij in het kader van de conformiteitsbeoordeling op basis van
het in artikel 4 bedoelde referentiekader. het in artikel 4 bedoelde referentiekader.
§ 2. Wanneer de inspectiedienst van de nationale § 2. Wanneer de inspectiedienst van de nationale
cyberbeveiligingsautoriteit een inbreuk op de in dit hoofdstuk cyberbeveiligingsautoriteit een inbreuk op de in dit hoofdstuk
bedoelde erkenningsvoorwaarden vaststelt, kan deze inspectiedienst, bedoelde erkenningsvoorwaarden vaststelt, kan deze inspectiedienst,
via de procedure bedoeld in afdeling 1 van hoofdstuk 2 van titel 4 van via de procedure bedoeld in afdeling 1 van hoofdstuk 2 van titel 4 van
de NIS2-wet, de conformiteitsbeoordelingsinstantie aanmanen om een de NIS2-wet, de conformiteitsbeoordelingsinstantie aanmanen om een
einde te maken aan de inbreuk. Zo niet kan de nationale einde te maken aan de inbreuk. Zo niet kan de nationale
cyberbeveiligingsautoriteit de in paragraaf 1 bedoelde erkenning cyberbeveiligingsautoriteit de in paragraaf 1 bedoelde erkenning
opschorten of intrekken. opschorten of intrekken.

Art. 15.§ 1. Om te worden erkend, moet de

Art. 15.§ 1. Om te worden erkend, moet de

conformiteitsbeoordelingsinstantie vooraf beschikken over een conformiteitsbeoordelingsinstantie vooraf beschikken over een
accreditatie van een nationale accreditatie-instantie voor het accreditatie van een nationale accreditatie-instantie voor het
uitvoeren van de certificering en/of van de verificatie als uitvoeren van de certificering en/of van de verificatie als
conformiteitsbeoordelingsactiviteiten voor een of meer van de conformiteitsbeoordelingsactiviteiten voor een of meer van de
referentiekaders bedoeld in artikel 5, § 1, 1° en/of 2°. De erkenning referentiekaders bedoeld in artikel 5, § 1, 1° en/of 2°. De erkenning
is beperkt tot de referentiekaders waarvoor de is beperkt tot de referentiekaders waarvoor de
conformiteitsbeoordelingsinstantie geaccrediteerd is. conformiteitsbeoordelingsinstantie geaccrediteerd is.
§ 2. Wanneer er sprake is van een belangenconflict tussen de § 2. Wanneer er sprake is van een belangenconflict tussen de
conformiteitsbeoordelingsinstantie of haar uitvoeringsinstanties en conformiteitsbeoordelingsinstantie of haar uitvoeringsinstanties en
een entiteit waarvoor de verplichtingen van de NIS2-wet gelden, kan een entiteit waarvoor de verplichtingen van de NIS2-wet gelden, kan
voor die entiteit geen erkenning worden verleend. voor die entiteit geen erkenning worden verleend.
Om de in het eerste lid bedoelde situaties op te sporen, maakt de Om de in het eerste lid bedoelde situaties op te sporen, maakt de
nationale cyberbeveiligingsautoriteit de toekenning van de erkenning nationale cyberbeveiligingsautoriteit de toekenning van de erkenning
afhankelijk van het verstrekken van alle nodige informatie. afhankelijk van het verstrekken van alle nodige informatie.
Indien de in het eerste lid bedoelde situatie zich voordoet na de Indien de in het eerste lid bedoelde situatie zich voordoet na de
toekenning van de erkenning, moet de toekenning van de erkenning, moet de
conformiteitsbeoordelingsinstantie de nationale conformiteitsbeoordelingsinstantie de nationale
cyberbeveiligingsautoriteit zo snel mogelijk op de hoogte brengen en cyberbeveiligingsautoriteit zo snel mogelijk op de hoogte brengen en
afzien van de beoordeling van de betrokken entiteiten. afzien van de beoordeling van de betrokken entiteiten.
§ 3. Erkende conformiteitsbeoordelingsinstanties moeten de nationale § 3. Erkende conformiteitsbeoordelingsinstanties moeten de nationale
cyberbeveiligingsautoriteit jaarlijks een verslag bezorgen volgens de cyberbeveiligingsautoriteit jaarlijks een verslag bezorgen volgens de
modaliteiten bepaald door deze autoriteit. Dit verslag bevat minstens modaliteiten bepaald door deze autoriteit. Dit verslag bevat minstens
de volgende gegevens over entiteiten die tot het toepassingsgebied van de volgende gegevens over entiteiten die tot het toepassingsgebied van
de NIS2-wet behoren: de NIS2-wet behoren:
1° een lijst van de uitgereikte conformiteitsattesten; 1° een lijst van de uitgereikte conformiteitsattesten;
2° een lijst van de geweigerde en geschorste conformiteitsattesten; 2° een lijst van de geweigerde en geschorste conformiteitsattesten;
3° een lijst van de ontvangen klachten en van het gevolg dat hieraan 3° een lijst van de ontvangen klachten en van het gevolg dat hieraan
werd gegeven. werd gegeven.
De conformiteitsbeoordelingsinstantie wordt geacht op elk ogenblik De conformiteitsbeoordelingsinstantie wordt geacht op elk ogenblik
samen te werken met de nationale cyberbeveiligingsautoriteit, onder samen te werken met de nationale cyberbeveiligingsautoriteit, onder
meer door haar verzoeken om informatie te beantwoorden. meer door haar verzoeken om informatie te beantwoorden.
HOOFDSTUK 7 - Bepalingen betreffende de inspectiedienst HOOFDSTUK 7 - Bepalingen betreffende de inspectiedienst

Art. 16.§ 1. De beëdigde leden van de inspectiedienst van de

Art. 16.§ 1. De beëdigde leden van de inspectiedienst van de

nationale cyberbeveiligingsautoriteit beschikken over een nationale cyberbeveiligingsautoriteit beschikken over een
legitimatiekaart waarvan het model in bijlage is opgenomen. legitimatiekaart waarvan het model in bijlage is opgenomen.
§ 2. De in paragraaf 1 bedoelde legitimatiekaart is rechthoekig, 85,6 § 2. De in paragraaf 1 bedoelde legitimatiekaart is rechthoekig, 85,6
mm lang en 53,98 mm breed, en geplastificeerd. mm lang en 53,98 mm breed, en geplastificeerd.
HOOFDSTUK 8 - Conformiteitsbeoordelingsinstantie voor de federale HOOFDSTUK 8 - Conformiteitsbeoordelingsinstantie voor de federale
overheidssector overheidssector

Art. 17.De Federale Interneauditdienst, opgericht bij artikel 3 van

Art. 17.De Federale Interneauditdienst, opgericht bij artikel 3 van

het koninklijk besluit van 4 mei 2016 tot oprichting van de Federale het koninklijk besluit van 4 mei 2016 tot oprichting van de Federale
Interneauditdienst, wordt aangewezen als Interneauditdienst, wordt aangewezen als
conformiteitsbeoordelingsinstantie voor de instanties bedoeld in conformiteitsbeoordelingsinstantie voor de instanties bedoeld in
artikel 1 van dat besluit, wat het in artikel 5, § 1, 1°, bedoelde artikel 1 van dat besluit, wat het in artikel 5, § 1, 1°, bedoelde
referentiekader betreft. referentiekader betreft.

Art. 18.De nationale cyberbeveiligingsautoriteit erkent de als

Art. 18.De nationale cyberbeveiligingsautoriteit erkent de als

conformiteitsbeoordelingsinstantie aangewezen autoriteit wanneer zij conformiteitsbeoordelingsinstantie aangewezen autoriteit wanneer zij
de erkenningsvoorwaarden van dit hoofdstuk naleeft, evenals de de erkenningsvoorwaarden van dit hoofdstuk naleeft, evenals de
artikelen 14, § 2, en 15, § 3. artikelen 14, § 2, en 15, § 3.

Art. 19.Om te worden erkend en regelmatige conformiteitsbeoordelingen

Art. 19.Om te worden erkend en regelmatige conformiteitsbeoordelingen

te kunnen verrichten op basis van het in artikel 5, § 1, 1°, bedoelde te kunnen verrichten op basis van het in artikel 5, § 1, 1°, bedoelde
referentiekader, moet een als conformiteitsbeoordelingsinstantie referentiekader, moet een als conformiteitsbeoordelingsinstantie
aangewezen autoriteit over de technische bekwaamheid beschikken voor aangewezen autoriteit over de technische bekwaamheid beschikken voor
het uitvoeren van certificeringsaudits en verificaties in het kader het uitvoeren van certificeringsaudits en verificaties in het kader
van de conformiteitsbeoordeling. van de conformiteitsbeoordeling.
HOOFDSTUK 9 - Retributies voor regelmatige conformiteitsbeoordelingen HOOFDSTUK 9 - Retributies voor regelmatige conformiteitsbeoordelingen
uitgevoerd door de inspectiedienst uitgevoerd door de inspectiedienst

Art. 20.§ 1. Er is voorzien in een retributie voor

Art. 20.§ 1. Er is voorzien in een retributie voor

inspectieprestaties die de essentiële entiteit gekozen heeft in het inspectieprestaties die de essentiële entiteit gekozen heeft in het
kader van artikel 39, eerste lid, 2°, van de NIS2-wet. kader van artikel 39, eerste lid, 2°, van de NIS2-wet.
Deze retributie wordt bepaald op basis van de duur van de in uren Deze retributie wordt bepaald op basis van de duur van de in uren
berekende prestaties en vermenigvuldigd met het in paragraaf 2, tweede berekende prestaties en vermenigvuldigd met het in paragraaf 2, tweede
lid, bedoelde uurtarief. lid, bedoelde uurtarief.
§ 2. De duur van de prestaties wordt bepaald door de methodologie van § 2. De duur van de prestaties wordt bepaald door de methodologie van
het in artikel 5 bedoelde referentiekader. het in artikel 5 bedoelde referentiekader.
Het uurtarief bedraagt 150 euro. Het uurtarief bedraagt 150 euro.
§ 3. De in dit artikel bedoelde bedragen zijn gekoppeld aan het § 3. De in dit artikel bedoelde bedragen zijn gekoppeld aan het
indexcijfer van de consumptieprijzen van november 2023 en worden indexcijfer van de consumptieprijzen van november 2023 en worden
jaarlijks op 1 januari aangepast aan de schommelingen van dit jaarlijks op 1 januari aangepast aan de schommelingen van dit
indexcijfer. indexcijfer.
§ 4. Retributies worden gedetailleerd gefactureerd. § 4. Retributies worden gedetailleerd gefactureerd.
Gefactureerde bedragen moeten uiterlijk op de laatste dag van de maand Gefactureerde bedragen moeten uiterlijk op de laatste dag van de maand
na de factuurdatum worden betaald. Als dit niet gebeurt, wordt een na de factuurdatum worden betaald. Als dit niet gebeurt, wordt een
herinnering gestuurd naar de betrokken entiteit. herinnering gestuurd naar de betrokken entiteit.
Bij niet-betaling binnen twee maanden na de herinnering wordt een Bij niet-betaling binnen twee maanden na de herinnering wordt een
aangetekende ingebrekestelling verstuurd naar de betrokken entiteit. aangetekende ingebrekestelling verstuurd naar de betrokken entiteit.
§ 5. De in paragraaf 1 bedoelde retributie is niet van toepassing op § 5. De in paragraaf 1 bedoelde retributie is niet van toepassing op
entiteiten die deel uitmaken van de overheidssector bedoeld in bijlage entiteiten die deel uitmaken van de overheidssector bedoeld in bijlage
I van de NIS2-wet, voor zover deze niet zijn vermeld in artikel 1 van I van de NIS2-wet, voor zover deze niet zijn vermeld in artikel 1 van
het koninklijk besluit van 4 mei 2016 tot oprichting van de Federale het koninklijk besluit van 4 mei 2016 tot oprichting van de Federale
Interneauditdienst. Interneauditdienst.
HOOFDSTUK 10 - Opheffings- en slotbepalingen HOOFDSTUK 10 - Opheffings- en slotbepalingen

Art. 21.Het koninklijk besluit van 12 juli 2019 tot uitvoering van de

Art. 21.Het koninklijk besluit van 12 juli 2019 tot uitvoering van de

wet van 7 april 2019 tot vaststelling van een kader voor de wet van 7 april 2019 tot vaststelling van een kader voor de
beveiliging van netwerk- en informatiesystemen van algemeen belang beveiliging van netwerk- en informatiesystemen van algemeen belang
voor de openbare veiligheid, en van de wet van 1 juli 2011 betreffende voor de openbare veiligheid, en van de wet van 1 juli 2011 betreffende
de beveiliging en de bescherming van de kritieke infrastructuren wordt de beveiliging en de bescherming van de kritieke infrastructuren wordt
opgeheven, met uitzondering van artikel 4, bijlage I, punt c), en opgeheven, met uitzondering van artikel 4, bijlage I, punt c), en
bijlage II, punt a), van voornoemd koninklijk besluit waarvan de bijlage II, punt a), van voornoemd koninklijk besluit waarvan de
draagwijdte beperkt is tot de uitvoering van de wet van 1 juli 2011 draagwijdte beperkt is tot de uitvoering van de wet van 1 juli 2011
betreffende de beveiliging en de bescherming van de kritieke betreffende de beveiliging en de bescherming van de kritieke
infrastructuren. infrastructuren.

Art. 22.§ 1. Indien essentiële entiteiten opteren voor de

Art. 22.§ 1. Indien essentiële entiteiten opteren voor de

certificering op basis van een van de in artikel 5 bedoelde certificering op basis van een van de in artikel 5 bedoelde
referentiekaders, moeten zij binnen 18 maanden na de inwerkingtreding referentiekaders, moeten zij binnen 18 maanden na de inwerkingtreding
van de NIS2-wet of na de datum van de identificatie bedoeld in artikel van de NIS2-wet of na de datum van de identificatie bedoeld in artikel
11 van de NIS2-wet, minstens voldoen aan de volgende verplichtingen: 11 van de NIS2-wet, minstens voldoen aan de volgende verplichtingen:
1° een verificatie verkrijgen die uitgevoerd wordt door een 1° een verificatie verkrijgen die uitgevoerd wordt door een
conformiteitsbeoordelingsinstantie die overeenkomstig hoofdstuk 6 conformiteitsbeoordelingsinstantie die overeenkomstig hoofdstuk 6
erkend is door de nationale cyberbeveiligingsautoriteit, voor het erkend is door de nationale cyberbeveiligingsautoriteit, voor het
niveau basis of belangrijk van het in artikel 4 bedoelde niveau basis of belangrijk van het in artikel 4 bedoelde
referentiekader, naargelang het resultaat van hun risicoanalyse referentiekader, naargelang het resultaat van hun risicoanalyse
bedoeld in artikel 30, § 5, eerste lid, van de NIS2-wet, indien de bedoeld in artikel 30, § 5, eerste lid, van de NIS2-wet, indien de
entiteit opteert voor het in artikel 4 bedoelde referentiekader; of entiteit opteert voor het in artikel 4 bedoelde referentiekader; of
2° het toepassingsgebied en de toepasselijkheidsverklaring bezorgen 2° het toepassingsgebied en de toepasselijkheidsverklaring bezorgen
indien de entiteit opteert voor het referentiekader bedoeld in artikel indien de entiteit opteert voor het referentiekader bedoeld in artikel
5, paragraaf 1, 2°. 5, paragraaf 1, 2°.
§ 2. Indien essentiële entiteiten opteren voor de certificering op § 2. Indien essentiële entiteiten opteren voor de certificering op
basis van een van de in artikel 5 bedoelde referentiekaders, basis van een van de in artikel 5 bedoelde referentiekaders,
verkrijgen zij binnen 30 maanden na de inwerkingtreding van de verkrijgen zij binnen 30 maanden na de inwerkingtreding van de
NIS2-wet of na de datum van de identificatie bedoeld in artikel 11 van NIS2-wet of na de datum van de identificatie bedoeld in artikel 11 van
de NIS2-wet en naargelang de keuze gemaakt overeenkomstig § 1: de NIS2-wet en naargelang de keuze gemaakt overeenkomstig § 1:
1° een certificering overeenkomstig artikel 6, onverminderd artikel 7; 1° een certificering overeenkomstig artikel 6, onverminderd artikel 7;
of of
2° een certificering overeenkomstig artikel 8. 2° een certificering overeenkomstig artikel 8.

Art. 23.§ 1. Indien essentiële entiteiten opteren voor toezicht door

Art. 23.§ 1. Indien essentiële entiteiten opteren voor toezicht door

een inspectiedienst bedoeld in artikel 39, eerste lid, 2°, van de een inspectiedienst bedoeld in artikel 39, eerste lid, 2°, van de
NIS2-wet op basis van een van de in artikel 5 bedoelde NIS2-wet op basis van een van de in artikel 5 bedoelde
referentiekaders, moeten zij binnen 18 maanden na de inwerkingtreding referentiekaders, moeten zij binnen 18 maanden na de inwerkingtreding
van de NIS2-wet of na de datum van de identificatie bedoeld in artikel van de NIS2-wet of na de datum van de identificatie bedoeld in artikel
11 van de NIS2-wet, minstens voldoen aan de volgende verplichtingen: 11 van de NIS2-wet, minstens voldoen aan de volgende verplichtingen:
1° een zelfbeoordeling van niveau "basis" of "belangrijk" bezorgen 1° een zelfbeoordeling van niveau "basis" of "belangrijk" bezorgen
indien zij opteren voor het referentiekader bedoeld in artikel 4; indien zij opteren voor het referentiekader bedoeld in artikel 4;
2° het I.B.B., het toepassingsgebied en de toepasselijkheidsverklaring 2° het I.B.B., het toepassingsgebied en de toepasselijkheidsverklaring
bezorgen, indien zij opteren voor het referentiekader bedoeld in bezorgen, indien zij opteren voor het referentiekader bedoeld in
artikel 5, paragraaf 1, 2°. artikel 5, paragraaf 1, 2°.
§ 2. Indien essentiële entiteiten opteren voor toezicht door een § 2. Indien essentiële entiteiten opteren voor toezicht door een
inspectiedienst bedoeld in artikel 39, eerste lid, 2°, van de NIS2-wet inspectiedienst bedoeld in artikel 39, eerste lid, 2°, van de NIS2-wet
op basis van een van de in artikel 5 bedoelde referentiekaders, op basis van een van de in artikel 5 bedoelde referentiekaders,
bezorgen zij een stand van zaken van de voortgang van het bezorgen zij een stand van zaken van de voortgang van het
conformiteitsproces binnen 30 maanden na de inwerkingtreding van de conformiteitsproces binnen 30 maanden na de inwerkingtreding van de
NIS2-wet of na de datum van de identificatie bedoeld in artikel 11 van NIS2-wet of na de datum van de identificatie bedoeld in artikel 11 van
de NIS2-wet en naargelang de keuze die overeenkomstig § 1 is gemaakt. de NIS2-wet en naargelang de keuze die overeenkomstig § 1 is gemaakt.
§ 3. Ongeacht de gemaakte keuze moeten essentiële en belangrijke § 3. Ongeacht de gemaakte keuze moeten essentiële en belangrijke
entiteiten een continue verbetering aantonen. entiteiten een continue verbetering aantonen.

Art. 24.De Eerste Minister en de Minister bevoegd voor Binnenlandse

Art. 24.De Eerste Minister en de Minister bevoegd voor Binnenlandse

Zaken zijn, ieder wat hem of haar betreft, belast met de uitvoering Zaken zijn, ieder wat hem of haar betreft, belast met de uitvoering
van dit besluit. van dit besluit.
Gegeven te Brussel, 9 juni 2024. Gegeven te Brussel, 9 juni 2024.
FILIP FILIP
Van Koningswege : Van Koningswege :
De Eerste Minister, De Eerste Minister,
A. DE CROO A. DE CROO
De Minister van Binnenlandse Zaken, De Minister van Binnenlandse Zaken,
A. VERLINDEN A. VERLINDEN
Bijlage Bijlage
Bijlage bij het koninklijk besluit van 9 juni 2024 tot uitvoering van Bijlage bij het koninklijk besluit van 9 juni 2024 tot uitvoering van
de wet van 26 april 2024 tot vaststelling van een kader voor de de wet van 26 april 2024 tot vaststelling van een kader voor de
cyberbeveiliging van netwerk- en informatiesystemen van algemeen cyberbeveiliging van netwerk- en informatiesystemen van algemeen
belang voor de openbare veiligheid belang voor de openbare veiligheid
Bijlage - Legitimatiekaart Bijlage - Legitimatiekaart
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld
Gezien om te worden gevoegd bij Ons besluit van 9 juni 2024 tot Gezien om te worden gevoegd bij Ons besluit van 9 juni 2024 tot
uitvoering van de wet van 26 april 2024 tot vaststelling van een kader uitvoering van de wet van 26 april 2024 tot vaststelling van een kader
voor de cyberbeveiliging van netwerk- en informatiesystemen van voor de cyberbeveiliging van netwerk- en informatiesystemen van
algemeen belang voor de openbare veiligheid algemeen belang voor de openbare veiligheid
FILIP FILIP
Van Koningswege : Van Koningswege :
De Eerste Minister, De Eerste Minister,
A. DE CROO A. DE CROO
De Minister van Binnenlandse Zaken, De Minister van Binnenlandse Zaken,
A. VERLINDEN A. VERLINDEN
^