Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 5 september 2019, gesloten in het Paritair Comité voor de voedingsnijverheid, betreffende de loon- en arbeidsvoorwaarden van de arbeiders van de rijst- en maïsstijfselfabrieken, glucose-, maïsmeel- en aardappelmeelfabrieken | Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 5 september 2019, gesloten in het Paritair Comité voor de voedingsnijverheid, betreffende de loon- en arbeidsvoorwaarden van de arbeiders van de rijst- en maïsstijfselfabrieken, glucose-, maïsmeel- en aardappelmeelfabrieken |
---|---|
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG | FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG |
9 FEBRUARI 2020. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend | 9 FEBRUARI 2020. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend |
wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 5 september | wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 5 september |
2019, gesloten in het Paritair Comité voor de voedingsnijverheid, | 2019, gesloten in het Paritair Comité voor de voedingsnijverheid, |
betreffende de loon- en arbeidsvoorwaarden van de arbeiders van de | betreffende de loon- en arbeidsvoorwaarden van de arbeiders van de |
rijst- en maïsstijfselfabrieken, glucose-, maïsmeel- en | rijst- en maïsstijfselfabrieken, glucose-, maïsmeel- en |
aardappelmeelfabrieken (1) | aardappelmeelfabrieken (1) |
FILIP, Koning der Belgen, | FILIP, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve | Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve |
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel | arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel |
28; | 28; |
Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de | Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de |
voedingsnijverheid; | voedingsnijverheid; |
Op de voordracht van de Minister van Werk, | Op de voordracht van de Minister van Werk, |
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 5 september 2019, | overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 5 september 2019, |
gesloten in het Paritair Comité voor de voedingsnijverheid, | gesloten in het Paritair Comité voor de voedingsnijverheid, |
betreffende de loon- en arbeidsvoorwaarden van de arbeiders van de | betreffende de loon- en arbeidsvoorwaarden van de arbeiders van de |
rijst- en maïsstijfselfabrieken, glucose-, maïsmeel- en | rijst- en maïsstijfselfabrieken, glucose-, maïsmeel- en |
aardappelmeelfabrieken. | aardappelmeelfabrieken. |
Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
dit besluit. | dit besluit. |
Gegeven te Brussel, 9 februari 2020. | Gegeven te Brussel, 9 februari 2020. |
FILIP | FILIP |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
N. MUYLLE | N. MUYLLE |
_______ | _______ |
Nota | Nota |
(1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : | (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : |
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. | Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. |
Bijlage | Bijlage |
Paritair Comité voor de voedingsnijverheid | Paritair Comité voor de voedingsnijverheid |
Collectieve arbeidsovereenkomst van 5 september 2019 | Collectieve arbeidsovereenkomst van 5 september 2019 |
Loon- en arbeidsvoorwaarden van de arbeiders van de rijst- en | Loon- en arbeidsvoorwaarden van de arbeiders van de rijst- en |
maïsstijfselfabrieken, glucose-, maïsmeel- en aardappelmeelfabrieken | maïsstijfselfabrieken, glucose-, maïsmeel- en aardappelmeelfabrieken |
(Overeenkomst geregistreerd op 14 november 2019 onder het nummer | (Overeenkomst geregistreerd op 14 november 2019 onder het nummer |
155106/CO/118) | 155106/CO/118) |
HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied | HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied |
Artikel 1.§ 1. Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing |
Artikel 1.§ 1. Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing |
op de werkgevers en op de arbeiders van de rijst- en | op de werkgevers en op de arbeiders van de rijst- en |
maïsstijfselfabrieken, glucose-, maïsmeel- en aardappelmeelfabrieken. | maïsstijfselfabrieken, glucose-, maïsmeel- en aardappelmeelfabrieken. |
§ 2. Met "arbeiders" worden de mannelijke en vrouwelijke arbeiders | § 2. Met "arbeiders" worden de mannelijke en vrouwelijke arbeiders |
bedoeld. | bedoeld. |
HOOFDSTUK II. - Uurlonen | HOOFDSTUK II. - Uurlonen |
Art. 2.Op 1 juli 2019 gelden de volgende minimumuurlonen voor de |
Art. 2.Op 1 juli 2019 gelden de volgende minimumuurlonen voor de |
arbeiders die geen zes maanden anciënniteit in de onderneming tellen, | arbeiders die geen zes maanden anciënniteit in de onderneming tellen, |
en dit ongeacht hun leeftijd : | en dit ongeacht hun leeftijd : |
38 uren/week (EUR) | 38 uren/week (EUR) |
37 uren/week (EUR) | 37 uren/week (EUR) |
38 heures/semaine (EUR) | 38 heures/semaine (EUR) |
37 heures/semaine (EUR) | 37 heures/semaine (EUR) |
Categorie I | Categorie I |
13,60 | 13,60 |
13,90 | 13,90 |
Catégorie I | Catégorie I |
13,60 | 13,60 |
13,90 | 13,90 |
Categorie II | Categorie II |
13,91 | 13,91 |
14,20 | 14,20 |
Catégorie II | Catégorie II |
13,91 | 13,91 |
14,20 | 14,20 |
Categorie III | Categorie III |
14,23 | 14,23 |
14,55 | 14,55 |
Catégorie III | Catégorie III |
14,23 | 14,23 |
14,55 | 14,55 |
Categorie IV | Categorie IV |
14,56 | 14,56 |
14,88 | 14,88 |
Catégorie IV | Catégorie IV |
14,56 | 14,56 |
14,88 | 14,88 |
Art. 3.Op 1 juli 2019 gelden de volgende minimumuurlonen voor de |
Art. 3.Op 1 juli 2019 gelden de volgende minimumuurlonen voor de |
arbeiders die zes maanden anciënniteit in de onderneming tellen, en | arbeiders die zes maanden anciënniteit in de onderneming tellen, en |
dit ongeacht hun leeftijd : | dit ongeacht hun leeftijd : |
38 uren/week (EUR) | 38 uren/week (EUR) |
37 uren/week (EUR) | 37 uren/week (EUR) |
38 heures/semaine (EUR) | 38 heures/semaine (EUR) |
37 heures/semaine (EUR) | 37 heures/semaine (EUR) |
Categorie I | Categorie I |
14,04 | 14,04 |
14,34 | 14,34 |
Catégorie I | Catégorie I |
14,04 | 14,04 |
14,34 | 14,34 |
Categorie II | Categorie II |
14,36 | 14,36 |
14,68 | 14,68 |
Catégorie II | Catégorie II |
14,36 | 14,36 |
14,68 | 14,68 |
Categorie III | Categorie III |
14,69 | 14,69 |
15,04 | 15,04 |
Catégorie III | Catégorie III |
14,69 | 14,69 |
15,04 | 15,04 |
Categorie IV | Categorie IV |
15,05 | 15,05 |
15,38 | 15,38 |
Catégorie IV | Catégorie IV |
15,05 | 15,05 |
15,38 | 15,38 |
Art. 4.Per 1 januari 2020 zullen deze sectorale minimumlonen verhogen |
Art. 4.Per 1 januari 2020 zullen deze sectorale minimumlonen verhogen |
met 0,04 EUR. | met 0,04 EUR. |
Art. 5.De voorwaarde van zes maanden anciënniteit is ingevuld op de |
Art. 5.De voorwaarde van zes maanden anciënniteit is ingevuld op de |
dag dat de som van alle tewerkstellingsperiodes, al dan niet | dag dat de som van alle tewerkstellingsperiodes, al dan niet |
onderbroken, bij eenzelfde werkgever in de loop van de laatste twee | onderbroken, bij eenzelfde werkgever in de loop van de laatste twee |
jaar minstens zes maanden bedraagt. | jaar minstens zes maanden bedraagt. |
Onder "tewerkstellingsperiodes" dient men te verstaan de periodes | Onder "tewerkstellingsperiodes" dient men te verstaan de periodes |
gedekt door : | gedekt door : |
- alle arbeidsovereenkomsten, van welke aard ook, zelfs al wordt de | - alle arbeidsovereenkomsten, van welke aard ook, zelfs al wordt de |
uitvoering ervan geschorst; en/of | uitvoering ervan geschorst; en/of |
- door een interimovereenkomst. | - door een interimovereenkomst. |
Commentaar bij artikel 5 : | Commentaar bij artikel 5 : |
De partijen komen overeen dat deze periode van zes maanden opgebouwd | De partijen komen overeen dat deze periode van zes maanden opgebouwd |
kan worden door al dan niet onderbroken tewerkstellingsperiodes bij | kan worden door al dan niet onderbroken tewerkstellingsperiodes bij |
dezelfde werkgever in een referentieperiode van twee jaar. Eens deze | dezelfde werkgever in een referentieperiode van twee jaar. Eens deze |
voorwaarde van zes maanden is gerealiseerd, is die verworven voor alle | voorwaarde van zes maanden is gerealiseerd, is die verworven voor alle |
latere periodes van tewerkstelling bij deze werkgever. | latere periodes van tewerkstelling bij deze werkgever. |
Art. 6.In afwijking op artikel 2 van deze collectieve |
Art. 6.In afwijking op artikel 2 van deze collectieve |
arbeidsovereenkomst gelden voor arbeiders tewerkgesteld met een | arbeidsovereenkomst gelden voor arbeiders tewerkgesteld met een |
overeenkomst voor tewerkstelling van studenten, zoals bepaald in titel | overeenkomst voor tewerkstelling van studenten, zoals bepaald in titel |
VII van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten, | VII van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten, |
volgende minimumlonen, uitgedrukt als een percentage van de in artikel | volgende minimumlonen, uitgedrukt als een percentage van de in artikel |
2 vermelde minimumlonen : | 2 vermelde minimumlonen : |
Leeftijd | Leeftijd |
Percentage | Percentage |
Age | Age |
Pourcentage | Pourcentage |
18 jaar en ouder | 18 jaar en ouder |
90 | 90 |
18 ans et plus | 18 ans et plus |
90 | 90 |
17 jaar | 17 jaar |
80 | 80 |
17 ans | 17 ans |
80 | 80 |
16 jaar | 16 jaar |
70 | 70 |
16 ans | 16 ans |
70 | 70 |
15 jaar | 15 jaar |
60 | 60 |
15 ans | 15 ans |
60 | 60 |
Commentaar bij artikel 6 : | Commentaar bij artikel 6 : |
Deze minimumuurlonen van de jongere werklieden, tewerkgesteld met een | Deze minimumuurlonen van de jongere werklieden, tewerkgesteld met een |
arbeidsovereenkomst voor studenten zoals bepaald in titel VII van de | arbeidsovereenkomst voor studenten zoals bepaald in titel VII van de |
wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten, werden | wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten, werden |
vastgelegd rekening houdend met de opleidingsperiode van toepassing op | vastgelegd rekening houdend met de opleidingsperiode van toepassing op |
jonge arbeiders en het vergemakkelijken van de integratie van jongeren | jonge arbeiders en het vergemakkelijken van de integratie van jongeren |
op de arbeidsmarkt. | op de arbeidsmarkt. |
HOOFDSTUK III. - Koppeling van de lonen aan het indexcijfer van de | HOOFDSTUK III. - Koppeling van de lonen aan het indexcijfer van de |
consumptieprijzen | consumptieprijzen |
Art. 7.De bij deze collectieve arbeidsovereenkomst vastgestelde |
Art. 7.De bij deze collectieve arbeidsovereenkomst vastgestelde |
minimumuurlonen worden gekoppeld aan het indexcijfer van de | minimumuurlonen worden gekoppeld aan het indexcijfer van de |
consumptieprijzen, overeenkomstig de collectieve arbeidsovereenkomst | consumptieprijzen, overeenkomstig de collectieve arbeidsovereenkomst |
van 20 juli 2011 tot koppeling van de lonen aan het indexcijfer der | van 20 juli 2011 tot koppeling van de lonen aan het indexcijfer der |
consumptieprijzen, gesloten in het Paritair Comité voor de | consumptieprijzen, gesloten in het Paritair Comité voor de |
voedingsnijverheid. | voedingsnijverheid. |
HOOFDSTUK IV. - Premie voor nachtarbeid | HOOFDSTUK IV. - Premie voor nachtarbeid |
Art. 8.Een premie gelijk aan een uurtoeslag van 20 pct. wordt |
Art. 8.Een premie gelijk aan een uurtoeslag van 20 pct. wordt |
toegekend voor nachtarbeid. | toegekend voor nachtarbeid. |
Art. 9.De nacht omvat een periode van 8 uren die, behalve wanneer het |
Art. 9.De nacht omvat een periode van 8 uren die, behalve wanneer het |
anders voorzien wordt in het arbeidsreglement, loopt van 22 tot 6 uur. | anders voorzien wordt in het arbeidsreglement, loopt van 22 tot 6 uur. |
HOOFDSTUK V. - Premie voor ploegenarbeid | HOOFDSTUK V. - Premie voor ploegenarbeid |
Art. 10.Een premie gelijk aan een minimum uurtoeslag van : |
Art. 10.Een premie gelijk aan een minimum uurtoeslag van : |
- 0,50 EUR wordt toegekend voor de arbeid geleverd in de morgenploeg; | - 0,50 EUR wordt toegekend voor de arbeid geleverd in de morgenploeg; |
- 0,56 EUR wordt toegekend voor de arbeid geleverd in de | - 0,56 EUR wordt toegekend voor de arbeid geleverd in de |
namiddagploeg. | namiddagploeg. |
Deze minimum uurtoeslagen worden op 1 januari 2020 verhoogd naar : | Deze minimum uurtoeslagen worden op 1 januari 2020 verhoogd naar : |
- 0,52 EUR voor de arbeid geleverd in de morgenploeg; | - 0,52 EUR voor de arbeid geleverd in de morgenploeg; |
- 0,59 EUR voor de arbeid geleverd in de namiddagploeg. | - 0,59 EUR voor de arbeid geleverd in de namiddagploeg. |
Behalve wanneer het anders wordt voorzien in het arbeidsreglement, | Behalve wanneer het anders wordt voorzien in het arbeidsreglement, |
zijn de arbeidsuren van de ploegen als volgt vastgesteld : | zijn de arbeidsuren van de ploegen als volgt vastgesteld : |
- voor de morgenploeg : van 6 tot 14 uur; | - voor de morgenploeg : van 6 tot 14 uur; |
- voor de namiddagploeg : van 14 tot 22 uur. | - voor de namiddagploeg : van 14 tot 22 uur. |
HOOFDSTUK VI. - Gemeenschappelijke bepalingen voor de nacht- en | HOOFDSTUK VI. - Gemeenschappelijke bepalingen voor de nacht- en |
ploegenarbeid | ploegenarbeid |
Art. 11.De premie voorzien in de artikelen 8 en 10 is echter niet van |
Art. 11.De premie voorzien in de artikelen 8 en 10 is echter niet van |
toepassing in de ondernemingen die gelijkwaardige premies toepassen | toepassing in de ondernemingen die gelijkwaardige premies toepassen |
gebaseerd op gelijkaardige criteria. | gebaseerd op gelijkaardige criteria. |
HOOFDSTUK VII. - Geldigheid | HOOFDSTUK VII. - Geldigheid |
Art. 12.Deze collectieve arbeidsovereenkomst vervangt deze van 11 |
Art. 12.Deze collectieve arbeidsovereenkomst vervangt deze van 11 |
oktober 2017, gesloten in het Paritair Comité voor de | oktober 2017, gesloten in het Paritair Comité voor de |
voedingsnijverheid, betreffende de loon- en arbeidsvoorwaarden van de | voedingsnijverheid, betreffende de loon- en arbeidsvoorwaarden van de |
arbeiders tewerkgesteld in de rijst- en maïsstijfselfabrieken, | arbeiders tewerkgesteld in de rijst- en maïsstijfselfabrieken, |
maïsmeel-, glucose- en aardappelmeelfabrieken, geregistreerd onder het | maïsmeel-, glucose- en aardappelmeelfabrieken, geregistreerd onder het |
nummer 142897/CO/118. | nummer 142897/CO/118. |
Zij heeft uitwerking met ingang van 1 juli 2019 en houdt op van kracht | Zij heeft uitwerking met ingang van 1 juli 2019 en houdt op van kracht |
te zijn op 31 december 2020. Nadien wordt zij stilzwijgend verlengd | te zijn op 31 december 2020. Nadien wordt zij stilzwijgend verlengd |
voor opeenvolgende periodes van één jaar, behoudens opzegging door één | voor opeenvolgende periodes van één jaar, behoudens opzegging door één |
der partijen uiterlijk drie maanden vóór het verstrijken van de | der partijen uiterlijk drie maanden vóór het verstrijken van de |
collectieve arbeidsovereenkomst bij een ter post aangetekende brief, | collectieve arbeidsovereenkomst bij een ter post aangetekende brief, |
gericht aan de voorzitter van het Paritair Comité voor de | gericht aan de voorzitter van het Paritair Comité voor de |
voedingsnijverheid en aan de erin vertegenwoordigde organisaties. | voedingsnijverheid en aan de erin vertegenwoordigde organisaties. |
Gunstigere regelingen die vóór de inwerkingtreding van deze | Gunstigere regelingen die vóór de inwerkingtreding van deze |
collectieve arbeidsovereenkomst bestonden, blijven behouden. | collectieve arbeidsovereenkomst bestonden, blijven behouden. |
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 9 februari | Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 9 februari |
2020. | 2020. |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
N. MUYLLE | N. MUYLLE |