Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Koninklijk Besluit van 07/09/2003
← Terug naar "Koninklijk besluit houdende de procedure tot vergunning en machtiging van bepaalde activiteiten in de zeegebieden onder de rechtsbevoegdheid van België "
Koninklijk besluit houdende de procedure tot vergunning en machtiging van bepaalde activiteiten in de zeegebieden onder de rechtsbevoegdheid van België Koninklijk besluit houdende de procedure tot vergunning en machtiging van bepaalde activiteiten in de zeegebieden onder de rechtsbevoegdheid van België
FEDERALE OVERHEIDSDIENST VOLKSGEZONDHEID, VEILIGHEID VAN DE FEDERALE OVERHEIDSDIENST VOLKSGEZONDHEID, VEILIGHEID VAN DE
VOEDSELKETEN EN LEEFMILIEU VOEDSELKETEN EN LEEFMILIEU
7 SEPTEMBER 2003. - Koninklijk besluit houdende de procedure tot 7 SEPTEMBER 2003. - Koninklijk besluit houdende de procedure tot
vergunning en machtiging van bepaalde activiteiten in de zeegebieden vergunning en machtiging van bepaalde activiteiten in de zeegebieden
onder de rechtsbevoegdheid van België onder de rechtsbevoegdheid van België
ALBERT II, Koning der Belgen, ALBERT II, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op de wet van 20 januari 1999 ter bescherming van het mariene Gelet op de wet van 20 januari 1999 ter bescherming van het mariene
milieu in de zeegebieden onder de rechtsbevoegdheid van België, milieu in de zeegebieden onder de rechtsbevoegdheid van België,
inzonderheid op artikel 26; inzonderheid op artikel 26;
Overwegende dat de richtlijn 85/337/EG van de Raad van 27 juni 1985 Overwegende dat de richtlijn 85/337/EG van de Raad van 27 juni 1985
betreffende de milieu-effectbeoordeling van bepaalde openbare en betreffende de milieu-effectbeoordeling van bepaalde openbare en
particuliere projecten, zoals gewijzigd bij richtlijn 97/11/EG van de particuliere projecten, zoals gewijzigd bij richtlijn 97/11/EG van de
Raad van 3 maart 1997 een procedure voorziet waarbij voor de Raad van 3 maart 1997 een procedure voorziet waarbij voor de
uitvoering van een project met volledige kennis van zaken een besluit uitvoering van een project met volledige kennis van zaken een besluit
moet kunnen genomen worden wat betreft de daarvan te verwachten moet kunnen genomen worden wat betreft de daarvan te verwachten
aanzienlijke milieu-effecten; aanzienlijke milieu-effecten;
Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 24 Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 24
juli 2003; juli 2003;
Gelet op de akkoordbevinding van Onze Minister van Begroting, gegeven Gelet op de akkoordbevinding van Onze Minister van Begroting, gegeven
op 24 juli 2003; op 24 juli 2003;
Gelet op het advies van de Raad van State nr 35.785/1/V, gegeven op 21 Gelet op het advies van de Raad van State nr 35.785/1/V, gegeven op 21
augustus 2003 met toepassing van artikel 84, eerste lid, 1°, van de augustus 2003 met toepassing van artikel 84, eerste lid, 1°, van de
gecoördineerde wetten op de Raad van State; gecoördineerde wetten op de Raad van State;
Op de voordracht van Onze Minister van Begroting en Op de voordracht van Onze Minister van Begroting en
Overheidsbedrijven, Overheidsbedrijven,
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : Hebben Wij besloten en besluiten Wij :
HOOFDSTUK I. - Inleidende bepalingen HOOFDSTUK I. - Inleidende bepalingen

Artikel 1.Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder :

Artikel 1.Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder :

1° « de wet » : de wet van 20 januari 1999 ter bescherming van het 1° « de wet » : de wet van 20 januari 1999 ter bescherming van het
mariene milieu in de zeegebieden onder de rechtsbevoegdheid van mariene milieu in de zeegebieden onder de rechtsbevoegdheid van
België; België;
2° « de minister » : de minister of staatssecretaris die de 2° « de minister » : de minister of staatssecretaris die de
bescherming van het mariene milieu onder zijn bevoegdheid heeft; bescherming van het mariene milieu onder zijn bevoegdheid heeft;
3° « het bestuur » : de Beheerseenheid van het Mathematisch Model van 3° « het bestuur » : de Beheerseenheid van het Mathematisch Model van
de Noordzee en het Schelde-estuarium, zoals bedoeld in het koninklijk de Noordzee en het Schelde-estuarium, zoals bedoeld in het koninklijk
besluit van 29 september 1997 houdende overdracht van de besluit van 29 september 1997 houdende overdracht van de
Beheerseenheid van het Mathematisch Model van de Noordzee en het Beheerseenheid van het Mathematisch Model van de Noordzee en het
Schelde-estuarium naar het Koninklijk Belgisch Instituut voor Schelde-estuarium naar het Koninklijk Belgisch Instituut voor
Natuurwetenschappen; Natuurwetenschappen;
4° « vergunning » : een beslissing van de minister op grond waarvan de 4° « vergunning » : een beslissing van de minister op grond waarvan de
vergunninghouder de algemene toelating verkrijgt om activiteiten uit vergunninghouder de algemene toelating verkrijgt om activiteiten uit
te oefenen gedurende een bepaalde termijn en onder bepaalde te oefenen gedurende een bepaalde termijn en onder bepaalde
voorwaarden; voorwaarden;
5° « machtiging » : een beslissing van de minister op grond waarvan de 5° « machtiging » : een beslissing van de minister op grond waarvan de
machtiginghouder een bepaalde activiteit mag uitvoeren binnen een machtiginghouder een bepaalde activiteit mag uitvoeren binnen een
vastgestelde termijn en onder bepaalde voorwaarden; vastgestelde termijn en onder bepaalde voorwaarden;
6° « vergunninghouder » : de persoon aan wie een vergunning werd 6° « vergunninghouder » : de persoon aan wie een vergunning werd
uitgereikt of overgedragen conform de bepalingen van dit besluit; uitgereikt of overgedragen conform de bepalingen van dit besluit;
7° « machtiginghouder » : de persoon aan wie een machtiging werd 7° « machtiginghouder » : de persoon aan wie een machtiging werd
uitgereikt of overgedragen conform de bepalingen van dit besluit; uitgereikt of overgedragen conform de bepalingen van dit besluit;
8° « veranderen », « verandering » : het wijzigen van een vergunde of 8° « veranderen », « verandering » : het wijzigen van een vergunde of
gemachtigde activiteit, waardoor aan het mariene milieu een nadeel kan gemachtigde activiteit, waardoor aan het mariene milieu een nadeel kan
worden berokkend dat groter of andersoortig is ten opzichte van het worden berokkend dat groter of andersoortig is ten opzichte van het
nadeel dat door de geldende vergunning of machtiging wordt beheerst; nadeel dat door de geldende vergunning of machtiging wordt beheerst;
9° « ingrijpen », « ingreep » : het wijzigen van een vergunde of 9° « ingrijpen », « ingreep » : het wijzigen van een vergunde of
gemachtigde activiteit, waardoor aan het mariene milieu een nadeel kan gemachtigde activiteit, waardoor aan het mariene milieu een nadeel kan
worden berokkend dat, evenwel, niet groter of andersoortig is ten worden berokkend dat, evenwel, niet groter of andersoortig is ten
opzichte van het nadeel dat door de geldende vergunning of machtiging opzichte van het nadeel dat door de geldende vergunning of machtiging
wordt beheerst; wordt beheerst;
10° « gebruiksvoorwaarden » : voorwaarden opgelegd in de vergunning of 10° « gebruiksvoorwaarden » : voorwaarden opgelegd in de vergunning of
machtiging, die moeten worden nageleefd bij het gebruik van de machtiging, die moeten worden nageleefd bij het gebruik van de
vergunning of machtiging; vergunning of machtiging;
11° « betekenen » : het verzenden bij aangetekende post, met bericht 11° « betekenen » : het verzenden bij aangetekende post, met bericht
van ontvangst; van ontvangst;
12° « dag » : kalenderdag; 12° « dag » : kalenderdag;
13° « scheepvaart » : de activiteiten eigen aan de werking van een 13° « scheepvaart » : de activiteiten eigen aan de werking van een
schip en gebonden aan zijn functie als vervoermiddel; schip en gebonden aan zijn functie als vervoermiddel;
14° « retributie » : de vergoeding verschuldigd voor de 14° « retributie » : de vergoeding verschuldigd voor de
milieu-effectenbeoordeling bedoeld in artikel 30 van de wet; milieu-effectenbeoordeling bedoeld in artikel 30 van de wet;
15° « het behandelen van een aanvraag » : het onderzoek, de advisering 15° « het behandelen van een aanvraag » : het onderzoek, de advisering
van en de beslissing over een aanvraag die volledig en ontvankelijk is van en de beslissing over een aanvraag die volledig en ontvankelijk is
of geacht wordt te zijn; of geacht wordt te zijn;
16° « belanghebbende » : elke persoon die ten gevolge van de 16° « belanghebbende » : elke persoon die ten gevolge van de
uitoefening van de voorgenomen activiteit nadeel kan ondervinden en uitoefening van de voorgenomen activiteit nadeel kan ondervinden en
elke rechtspersoon die zich tot doel heeft gesteld het mariene milieu elke rechtspersoon die zich tot doel heeft gesteld het mariene milieu
dat door de voorgenomen activiteit kan worden getroffen te beschermen; dat door de voorgenomen activiteit kan worden getroffen te beschermen;
17° « Verdrag van Espoo » : het Verdrag inzake milieu-effectrapportage 17° « Verdrag van Espoo » : het Verdrag inzake milieu-effectrapportage
in grensover-schrijdend verband en zijn Aanhangsels I, II, III, IV, V, in grensover-schrijdend verband en zijn Aanhangsels I, II, III, IV, V,
VI en VII, gedaan te Espoo op 25 februari 1991 en goedgekeurd bij wet VI en VII, gedaan te Espoo op 25 februari 1991 en goedgekeurd bij wet
van 9 juni 1999; van 9 juni 1999;
18° « activiteit met grensoverschrijdende dimensie » : een 18° « activiteit met grensoverschrijdende dimensie » : een
vergunningsplichtige of machtigingsplichtige activiteit die is vergunningsplichtige of machtigingsplichtige activiteit die is
inbegrepen in het toepassingsgebied van het Verdrag van Espoo of van inbegrepen in het toepassingsgebied van het Verdrag van Espoo of van
de richtlijn 85/337/EEG van de Raad van 27 juni 1985 betreffende de de richtlijn 85/337/EEG van de Raad van 27 juni 1985 betreffende de
milieu-effectbeoordeling van bepaalde openbare en particuliere milieu-effectbeoordeling van bepaalde openbare en particuliere
projecten. projecten.

Art. 2.Dit besluit regelt de voorwaarden en de procedure voor de

Art. 2.Dit besluit regelt de voorwaarden en de procedure voor de

toekenning, de schorsing en de intrekking van vergunningen en toekenning, de schorsing en de intrekking van vergunningen en
machtigingen van bepaalde activiteiten in de zeegebieden onder de machtigingen van bepaalde activiteiten in de zeegebieden onder de
rechtsbevoegdheid van België. rechtsbevoegdheid van België.

Art. 3.§ 1. In de zeegebieden is het verboden een vergunde of

Art. 3.§ 1. In de zeegebieden is het verboden een vergunde of

gemachtigde activiteit te veranderen zonder vergunning of machtiging. gemachtigde activiteit te veranderen zonder vergunning of machtiging.
§ 2. Ingrepen aan een vergunde of gemachtigde activiteit behoeven geen § 2. Ingrepen aan een vergunde of gemachtigde activiteit behoeven geen
voorafgaandelijke vergunning of machti-ging. voorafgaandelijke vergunning of machti-ging.
Elke ingreep in een vergunde of gemachtigde activiteit wordt door de Elke ingreep in een vergunde of gemachtigde activiteit wordt door de
vergunninghouder of machtiginghouder bijgehouden in een jaarregister. vergunninghouder of machtiginghouder bijgehouden in een jaarregister.
Vóór 15 maart van ieder kalenderjaar betekent de vergunninghouder of Vóór 15 maart van ieder kalenderjaar betekent de vergunninghouder of
machtiginghouder aan het bestuur een kopie van het jaarregister van machtiginghouder aan het bestuur een kopie van het jaarregister van
het voorbije kalenderjaar. De vergunninghouder of machtiginghouder het voorbije kalenderjaar. De vergunninghouder of machtiginghouder
moet een jaarregister bewaren gedurende vijf kalenderjaren. De moet een jaarregister bewaren gedurende vijf kalenderjaren. De
personen bedoeld in artikel 43 van de wet kunnen de jaarregisters personen bedoeld in artikel 43 van de wet kunnen de jaarregisters
steeds op eenvoudig verzoek inzien. steeds op eenvoudig verzoek inzien.

Art. 4.Wanneer een bestaande activiteit vergunningsplichtig of

Art. 4.Wanneer een bestaande activiteit vergunningsplichtig of

machtigingsplichtig wordt, onder meer ingevolge aanduiding door de machtigingsplichtig wordt, onder meer ingevolge aanduiding door de
Koning in uitvoering van artikel 25, § 2 van de wet, moet een Koning in uitvoering van artikel 25, § 2 van de wet, moet een
vergunning of machtiging worden aangevraagd binnen een termijn van vergunning of machtiging worden aangevraagd binnen een termijn van
driehonderd dagen nadat de activiteit vergunningsplichtig of driehonderd dagen nadat de activiteit vergunningsplichtig of
machti-gingsplichtig werd. machti-gingsplichtig werd.
De activiteit mag zonder vergunning of machtiging worden uitgevoerd De activiteit mag zonder vergunning of machtiging worden uitgevoerd
tot de definitieve uitspraak over de aanvraag is betekend. tot de definitieve uitspraak over de aanvraag is betekend.

Art. 5.Bij betekening gaan de termijnen in op de dag na de datum van

Art. 5.Bij betekening gaan de termijnen in op de dag na de datum van

de poststempel. De termijnen verstrijken om middernacht van de laatste de poststempel. De termijnen verstrijken om middernacht van de laatste
dag. dag.

Art. 6.Dit besluit regelt volgende vergunningen en machtigingen :

Art. 6.Dit besluit regelt volgende vergunningen en machtigingen :

1° de vergunning en de machtiging, voor het uitoefenen van 1° de vergunning en de machtiging, voor het uitoefenen van
activiteiten; activiteiten;
2° de wijzigingsvergunning en de wijzigingsmachtiging, voor het 2° de wijzigingsvergunning en de wijzigingsmachtiging, voor het
veranderen van vergunde en gemachtigde activiteiten, in de gevallen veranderen van vergunde en gemachtigde activiteiten, in de gevallen
waar de verandering niet substantieel is en geen belangrijke weerslag waar de verandering niet substantieel is en geen belangrijke weerslag
heeft op de vergunde of gemachtigde activiteit; heeft op de vergunde of gemachtigde activiteit;
3° de herzieningsvergunning en de herzieningsmachtiging, voor het 3° de herzieningsvergunning en de herzieningsmachtiging, voor het
veranderen van vergunde en gemachtigde activiteiten, in de gevallen veranderen van vergunde en gemachtigde activiteiten, in de gevallen
waar de verandering substantieel is of een belangrijke weerslag heeft waar de verandering substantieel is of een belangrijke weerslag heeft
op de vergunde of gemachtigde activiteit. op de vergunde of gemachtigde activiteit.

Art. 7.§ 1. Een wijzigingsvergunning en een wijzigingsmachtiging

Art. 7.§ 1. Een wijzigingsvergunning en een wijzigingsmachtiging

hebben slechts betrekking op de verandering die het voorwerp van de hebben slechts betrekking op de verandering die het voorwerp van de
aanvraag uitmaakt. aanvraag uitmaakt.
§ 2. Uit een wijzigingsvergunning en een wijzigingsmachtiging blijkt § 2. Uit een wijzigingsvergunning en een wijzigingsmachtiging blijkt
duidelijk welke elementen en bepalingen van de oorspronkelijke duidelijk welke elementen en bepalingen van de oorspronkelijke
vergunning of machtiging zij ongewijzigd laten en welke elementen en vergunning of machtiging zij ongewijzigd laten en welke elementen en
bepalingen zij vervangen, wijzigen of aanvullen. bepalingen zij vervangen, wijzigen of aanvullen.
Een wijzigingsvergunning en een wijzigingsmachtiging gelden uiterlijk Een wijzigingsvergunning en een wijzigingsmachtiging gelden uiterlijk
tot de datum waarop de geldingstermijn van de oorspronkelijke tot de datum waarop de geldingstermijn van de oorspronkelijke
vergunning of machtiging verstrijkt. vergunning of machtiging verstrijkt.

Art. 8.§ 1. Het voorwerp van een herzieningsvergunning en van een

Art. 8.§ 1. Het voorwerp van een herzieningsvergunning en van een

herzieningsmachtiging is geheel de vergunde of gemachtigde activiteit, herzieningsmachtiging is geheel de vergunde of gemachtigde activiteit,
met inbegrip van de verandering die het voorwerp uitmaakt van de met inbegrip van de verandering die het voorwerp uitmaakt van de
aanvraag. aanvraag.
§ 2. Een herzieningsvergunning en een herzieningsmachtiging vervangen § 2. Een herzieningsvergunning en een herzieningsmachtiging vervangen
volledig iedere vroegere vergunning of machtiging inzake de activiteit volledig iedere vroegere vergunning of machtiging inzake de activiteit
waarvan de verandering het voorwerp uitmaakte van de aanvraag. waarvan de verandering het voorwerp uitmaakte van de aanvraag.
De herzieningsvergunning en de herzieningsmachtiging worden verleend De herzieningsvergunning en de herzieningsmachtiging worden verleend
voor een termijn conform artikel 41. voor een termijn conform artikel 41.
HOOFDSTUK II. - De procedures tot vergunning en machtiging HOOFDSTUK II. - De procedures tot vergunning en machtiging
Afdeling I. - Toepassingsgebied Afdeling I. - Toepassingsgebied

Art. 9.De vergunningen en machtigingen worden verleend volgens de

Art. 9.De vergunningen en machtigingen worden verleend volgens de

procedure met inspraak of volgens de vereenvoudigde procedure. procedure met inspraak of volgens de vereenvoudigde procedure.

Art. 10.De procedure met inspraak is van toepassing voor de

Art. 10.De procedure met inspraak is van toepassing voor de

vergunning of machtiging van de navolgende activiteiten : vergunning of machtiging van de navolgende activiteiten :
1° de burgerlijke bouwkunde; 1° de burgerlijke bouwkunde;
2° het graven van sleuven en het ophogen van de zeebodem; 2° het graven van sleuven en het ophogen van de zeebodem;
3° het gebruik van explosieven en akoestische toestellen met een groot 3° het gebruik van explosieven en akoestische toestellen met een groot
vermogen; vermogen;
4° het achterlaten en vernietigen van wrakken en gezonken 4° het achterlaten en vernietigen van wrakken en gezonken
scheepsladingen; scheepsladingen;
5° industriële activiteiten. 5° industriële activiteiten.

Art. 11.Voor de activiteiten van publicitaire en commerciële

Art. 11.Voor de activiteiten van publicitaire en commerciële

ondernemingen moet de minister, binnen een maximum termijn van vijf ondernemingen moet de minister, binnen een maximum termijn van vijf
jaar ingaande op de datum van inwerkingtreding van onderhavig besluit jaar ingaande op de datum van inwerkingtreding van onderhavig besluit
en indien nodig geval per geval, deze aanduiden die onderworpen zijn en indien nodig geval per geval, deze aanduiden die onderworpen zijn
aan de procedure met inspraak en deze die, gelet op het geringe nadeel aan de procedure met inspraak en deze die, gelet op het geringe nadeel
dat zij aan het mariene milieu kunnen berokkenen, onderworpen zijn aan dat zij aan het mariene milieu kunnen berokkenen, onderworpen zijn aan
de vereenvoudigde procedure. de vereenvoudigde procedure.
Afdeling II. - De procedure met inspraak Afdeling II. - De procedure met inspraak
Onderafdeling I. - Het indienen van de aanvraag Onderafdeling I. - Het indienen van de aanvraag

Art. 12.De aanvraag wordt ingediend door de persoon die de

Art. 12.De aanvraag wordt ingediend door de persoon die de

vergunningsplichtige of machtigingsplichtige activiteit wenst uit te vergunningsplichtige of machtigingsplichtige activiteit wenst uit te
oefenen of de verandering van de vergunde of gemachtigde activiteit oefenen of de verandering van de vergunde of gemachtigde activiteit
wenst door te voeren. wenst door te voeren.
De aanvraag wordt gericht tot de minister en betekend aan het bestuur De aanvraag wordt gericht tot de minister en betekend aan het bestuur
in eenentwintig exemplaren. in eenentwintig exemplaren.
De aanvraag kan langs elektronische weg, in de vorm en volgens de De aanvraag kan langs elektronische weg, in de vorm en volgens de
nadere regels bepaald door het bestuur worden ingediend. Het nadere regels bepaald door het bestuur worden ingediend. Het
milieu-effectenrapport moet op papier en in digitale vorm ingediend milieu-effectenrapport moet op papier en in digitale vorm ingediend
worden. worden.
De aanvrager doet in zijn aanvraag keuze van woonst in België. Zodra De aanvrager doet in zijn aanvraag keuze van woonst in België. Zodra
de aanvraag is betekend aan het bestuur geschieden alle betekeningen de aanvraag is betekend aan het bestuur geschieden alle betekeningen
en mededelingen door het bestuur aan de gekozen woonplaats. en mededelingen door het bestuur aan de gekozen woonplaats.

Art. 13.§ 1. Iedere aanvraag omvat minstens :

Art. 13.§ 1. Iedere aanvraag omvat minstens :

1° naam, voornamen, beroep, woonplaats en nationaliteit van de 1° naam, voornamen, beroep, woonplaats en nationaliteit van de
aanvrager; aanvrager;
2° een identificatie van de voorgenomen activiteit; 2° een identificatie van de voorgenomen activiteit;
3° als de aanvrager een vennootschap is, haar statuten en de stukken 3° als de aanvrager een vennootschap is, haar statuten en de stukken
tot staving van de volmachten van de ondertekenaars van de aanvraag; tot staving van de volmachten van de ondertekenaars van de aanvraag;
4° referenties die de financiële en economische draagkracht van de 4° referenties die de financiële en economische draagkracht van de
aanvrager aantonen en meer bepaald één of meer van de volgende aanvrager aantonen en meer bepaald één of meer van de volgende
referenties : referenties :
passende bankverklaringen, balansen, uittreksels uit balansen of passende bankverklaringen, balansen, uittreksels uit balansen of
jaarrekeningen van de onderneming, en jaarrekeningen van de onderneming, en
een verklaring betreffende de totale omzet en de omzet in werken van een verklaring betreffende de totale omzet en de omzet in werken van
de onderneming over de laatste drie boekjaren; de onderneming over de laatste drie boekjaren;
indien de aanvrager aannemelijk kan maken dat hij niet in staat is de indien de aanvrager aannemelijk kan maken dat hij niet in staat is de
gevraagde referenties over te leggen, kan het bestuur hem toestaan gevraagde referenties over te leggen, kan het bestuur hem toestaan
zijn economische en financiële draagkracht aan te tonen met andere zijn economische en financiële draagkracht aan te tonen met andere
documenten die het geschikt acht; documenten die het geschikt acht;
5° een milieu-effectenrapport zoals bedoeld in artikel 28 van de wet. 5° een milieu-effectenrapport zoals bedoeld in artikel 28 van de wet.
De minister kan de lijst van de gegevens en documenten die bij de De minister kan de lijst van de gegevens en documenten die bij de
aanvraag moeten worden gevoegd, uitbreiden met bijkomende gegevens en aanvraag moeten worden gevoegd, uitbreiden met bijkomende gegevens en
documenten. documenten.
§ 2. Wanneer de aanvraag een verandering betreft, kan de aanvrager met § 2. Wanneer de aanvraag een verandering betreft, kan de aanvrager met
het oog op de toepassing van artikel 25 in de aanvraag aanvoeren dat het oog op de toepassing van artikel 25 in de aanvraag aanvoeren dat
de verandering in aanmerking komt voor een wijzigings-vergunning of de verandering in aanmerking komt voor een wijzigings-vergunning of
wijzigingsmachtiging dan wel een herzieningsvergunning of wijzigingsmachtiging dan wel een herzieningsvergunning of
herzieningsmachtiging. herzieningsmachtiging.

Art. 14.§ 1. Een aanvraag is onvolledig wanneer gegevens of

Art. 14.§ 1. Een aanvraag is onvolledig wanneer gegevens of

documenten ontbreken die vereist zijn op grond van artikel 13, § 1, documenten ontbreken die vereist zijn op grond van artikel 13, § 1,
eerste lid, 1° tot en met 4°, en lid 2. eerste lid, 1° tot en met 4°, en lid 2.
§ 2. Een aanvraag is onontvankelijk wanneer zij niet het vereiste § 2. Een aanvraag is onontvankelijk wanneer zij niet het vereiste
milieu-effectenrapport omvat of wanneer deze kennelijk de gegevens of milieu-effectenrapport omvat of wanneer deze kennelijk de gegevens of
documenten niet of op onvoldoende wijze omvat bedoeld in artikelen 8 documenten niet of op onvoldoende wijze omvat bedoeld in artikelen 8
tot 11 van het koninklijk besluit van... houdende de regels tot 11 van het koninklijk besluit van... houdende de regels
betreffende de milieueffectenbeoordeling in toepassing van de wet van betreffende de milieueffectenbeoordeling in toepassing van de wet van
20 januari 1999 ter bescherming van het mariene milieu in de 20 januari 1999 ter bescherming van het mariene milieu in de
zeegebieden onder de rechtsbevoegdheid van België.De beslissing tot zeegebieden onder de rechtsbevoegdheid van België.De beslissing tot
ontvankelijkheid doet geen afbreuk aan de toepassing door het bestuur ontvankelijkheid doet geen afbreuk aan de toepassing door het bestuur
van artikel 15 van voormeld besluit. van artikel 15 van voormeld besluit.
§ 3. Een aanvraag wordt ook onontvankelijk verklaard bij herhaalde § 3. Een aanvraag wordt ook onontvankelijk verklaard bij herhaalde
onvolledigheid zoals bedoeld in artikel 15, § 2. onvolledigheid zoals bedoeld in artikel 15, § 2.

Art. 15.§ 1. Het bestuur gaat onverwijld over tot het onderzoek van

Art. 15.§ 1. Het bestuur gaat onverwijld over tot het onderzoek van

de volledigheid en ontvankelijkheid van de aanvraag en zendt de de volledigheid en ontvankelijkheid van de aanvraag en zendt de
aanvraag samen met zijn desbetreffend advies naar de minister. aanvraag samen met zijn desbetreffend advies naar de minister.
§ 2. Wanneer de aanvraag onvolledig is in de zin van artikel 14, § 1, § 2. Wanneer de aanvraag onvolledig is in de zin van artikel 14, § 1,
betekent de minister zijn beslissing terzake, binnen een termijn van betekent de minister zijn beslissing terzake, binnen een termijn van
hoogstens twintig dagen te rekenen vanaf de betekening bedoeld in hoogstens twintig dagen te rekenen vanaf de betekening bedoeld in
artikel 12, aan de aanvrager met aanduiding van de ontbrekende artikel 12, aan de aanvrager met aanduiding van de ontbrekende
gegevens. De aanvrager betekent de ontbrekende gegevens aan het gegevens. De aanvrager betekent de ontbrekende gegevens aan het
bestuur. Hierop onderzoekt het bestuur onverwijld of de aanvraag nu bestuur. Hierop onderzoekt het bestuur onverwijld of de aanvraag nu
volledig is en zendt zijn advies terzake aan de minister. volledig is en zendt zijn advies terzake aan de minister.
Wanneer de aanvraag onvolledig blijft, betekent de minister, binnen Wanneer de aanvraag onvolledig blijft, betekent de minister, binnen
een termijn van hoogstens vijftien dagen te rekenen vanaf de een termijn van hoogstens vijftien dagen te rekenen vanaf de
betekening van de ontbrekende gegevens aan het bestuur, zijn betekening van de ontbrekende gegevens aan het bestuur, zijn
beslissing van onontvankelijkheid wegens herhaalde onvolledigheid, met beslissing van onontvankelijkheid wegens herhaalde onvolledigheid, met
aanduiding van de ontbrekende gegevens, aan de aanvrager. aanduiding van de ontbrekende gegevens, aan de aanvrager.
§ 3. Wanneer de aanvraag onontvankelijk is in de zin van artikel 14, § § 3. Wanneer de aanvraag onontvankelijk is in de zin van artikel 14, §
2, betekent de minister zijn beslissing ter zake, binnen een termijn 2, betekent de minister zijn beslissing ter zake, binnen een termijn
van hoogstens twintig dagen te rekenen vanaf de betekening bedoeld in van hoogstens twintig dagen te rekenen vanaf de betekening bedoeld in
artikel 12, aan de aanvrager. De beslissing vermeldt de reden van artikel 12, aan de aanvrager. De beslissing vermeldt de reden van
onontvankelijkheid. onontvankelijkheid.
§ 4. Wanneer de aanvraag volledig en ontvankelijk is, betekent de § 4. Wanneer de aanvraag volledig en ontvankelijk is, betekent de
minister dit aan de aanvrager binnen de overeenkomstig §§ 2 en 3 minister dit aan de aanvrager binnen de overeenkomstig §§ 2 en 3
toepasselijke termijn in een attest ter bevestiging hiervan. toepasselijke termijn in een attest ter bevestiging hiervan.
§ 5.Wanneer de minister geen beslissing aan de aanvrager betekent vóór § 5.Wanneer de minister geen beslissing aan de aanvrager betekent vóór
het verstrijken van de toepasselijke termijn, wordt de aanvraag geacht het verstrijken van de toepasselijke termijn, wordt de aanvraag geacht
volledig en ontvankelijk te zijn op de dag na het verstrijken van deze volledig en ontvankelijk te zijn op de dag na het verstrijken van deze
termijn. termijn.

Art. 16.Het attest waaruit blijkt dat de aanvraag volledig en

Art. 16.Het attest waaruit blijkt dat de aanvraag volledig en

ontvankelijk is, vermeldt de retributie die is verschuldigd voor de ontvankelijk is, vermeldt de retributie die is verschuldigd voor de
milieu effectenbeoordeling van de voorgenomen activiteit of milieu effectenbeoordeling van de voorgenomen activiteit of
verandering in toepassing van het besluit tot uitvoering van artikel verandering in toepassing van het besluit tot uitvoering van artikel
30 van de wet. 30 van de wet.
Indien de aanvraag stilzwijgend als volledig en ontvankelijk wordt Indien de aanvraag stilzwijgend als volledig en ontvankelijk wordt
beschouwd conform artikel 15, § 5, wordt de retributie door het beschouwd conform artikel 15, § 5, wordt de retributie door het
bestuur vastgesteld en betekent aan de aanvrager. bestuur vastgesteld en betekent aan de aanvrager.

Art. 17.De termijn voor het behandelen van de aanvraag gaat in bij de

Art. 17.De termijn voor het behandelen van de aanvraag gaat in bij de

betekening door de aanvrager aan het bestuur van het bewijs van betekening door de aanvrager aan het bestuur van het bewijs van
betaling van de retributie. betaling van de retributie.
Onderafdeling II. - Het onderzoek en de advisering van de aanvraag Onderafdeling II. - Het onderzoek en de advisering van de aanvraag

Art. 18.§ 1. Binnen een termijn van hoogstens vijftien dagen te

Art. 18.§ 1. Binnen een termijn van hoogstens vijftien dagen te

rekenen vanaf de aanvang, krachtens artikel 17, van de termijn voor rekenen vanaf de aanvang, krachtens artikel 17, van de termijn voor
het behandelen van de aanvraag, wordt de aanvraag door het bestuur het behandelen van de aanvraag, wordt de aanvraag door het bestuur
bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad . bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad .
De bekendmaking omvat de identiteit van de aanvrager en een beknopte De bekendmaking omvat de identiteit van de aanvrager en een beknopte
beschrijving van de voorgenomen activiteit, van de te verwachten beschrijving van de voorgenomen activiteit, van de te verwachten
effecten op het mariene milieu en van de risico's voor accidentele effecten op het mariene milieu en van de risico's voor accidentele
verontreiniging. Zij vermeldt de dagen en uren waarop de aanvraag ter verontreiniging. Zij vermeldt de dagen en uren waarop de aanvraag ter
inzage ligt bij het bestuur. Zij maakt melding van de datum waarop de inzage ligt bij het bestuur. Zij maakt melding van de datum waarop de
in artikel 17 voorziene termijn voor behandeling van de aanvraag in artikel 17 voorziene termijn voor behandeling van de aanvraag
aanvangt. aanvangt.
Binnen een termijn van zestig dagen te rekenen vanaf de aanvang, Binnen een termijn van zestig dagen te rekenen vanaf de aanvang,
krachtens artikel 17, van de termijn voor het behandelen van de krachtens artikel 17, van de termijn voor het behandelen van de
aanvraag, kan iedere belanghebbende zijn standpunten, opmerkingen en aanvraag, kan iedere belanghebbende zijn standpunten, opmerkingen en
bezwaren betekenen aan het bestuur. bezwaren betekenen aan het bestuur.
§ 2. Van de vijftiende tot de vijfenveertigste dag te rekenen vanaf de § 2. Van de vijftiende tot de vijfenveertigste dag te rekenen vanaf de
aanvang, krachtens artikel 17, van de termijn voor het behandelen van aanvang, krachtens artikel 17, van de termijn voor het behandelen van
de aanvraag, ligt de aanvraag van maandag tot en met vrijdag, de aanvraag, ligt de aanvraag van maandag tot en met vrijdag,
uitgezonderd feestdagen, elke dag gedurende minstens een halve dag ter uitgezonderd feestdagen, elke dag gedurende minstens een halve dag ter
inzage bij het bestuur. inzage bij het bestuur.
Zonder dat dit een substantiële vormvereiste is waarvan de niet Zonder dat dit een substantiële vormvereiste is waarvan de niet
naleving de wettigheid van de beslissing van de minister in het naleving de wettigheid van de beslissing van de minister in het
gedrang zou kunnen brengen, verzoekt het bestuur alle kustgemeentes de gedrang zou kunnen brengen, verzoekt het bestuur alle kustgemeentes de
aanvraag van maandag tot en met vrijdag, uitgezonderd feestdagen, elke aanvraag van maandag tot en met vrijdag, uitgezonderd feestdagen, elke
dag gedurende minstens een halve dag ter inzage te leggen. dag gedurende minstens een halve dag ter inzage te leggen.
Het bestuur kan het milieu-effectenrapport ter inzage stellen op haar Het bestuur kan het milieu-effectenrapport ter inzage stellen op haar
website zonder dat dit een substantiële vormvereiste is waarvan de website zonder dat dit een substantiële vormvereiste is waarvan de
niet naleving de wettigheid van de beslissing van de minister in het niet naleving de wettigheid van de beslissing van de minister in het
gedrang zou kunnen brengen. gedrang zou kunnen brengen.

Art. 19.§ 1. Wanneer de aanvraag een activiteit met

Art. 19.§ 1. Wanneer de aanvraag een activiteit met

grensoverschrijdende dimensie betreft, zendt het bestuur een exemplaar grensoverschrijdende dimensie betreft, zendt het bestuur een exemplaar
van de aanvraag naar de bevoegde overheden van een lid-Staat van de van de aanvraag naar de bevoegde overheden van een lid-Staat van de
Europese Unie of Verdragsluitende Partij bij het Verdrag van Espoo in Europese Unie of Verdragsluitende Partij bij het Verdrag van Espoo in
de gevallen waar door het bestuur is vastgesteld dat de voorgenomen de gevallen waar door het bestuur is vastgesteld dat de voorgenomen
activiteit aanzienlijke effecten kan hebben op de mens of het milieu activiteit aanzienlijke effecten kan hebben op de mens of het milieu
in deze lid-Staat of Verdragsluitende Partij en in de gevallen waar de in deze lid-Staat of Verdragsluitende Partij en in de gevallen waar de
bevoegde overheden van deze lid-Staat of Verdragsluitende Partij bevoegde overheden van deze lid-Staat of Verdragsluitende Partij
hierom verzoeken omdat de voorgenomen activiteit er vermoedelijk hierom verzoeken omdat de voorgenomen activiteit er vermoedelijk
aanzienlijke effecten zal hebben. aanzienlijke effecten zal hebben.
Bij de aldus verzonden aanvraag worden inlichtingen gevoegd inzake het Bij de aldus verzonden aanvraag worden inlichtingen gevoegd inzake het
verdere verloop van de procedure, inzonderheid de termijnen en de verdere verloop van de procedure, inzonderheid de termijnen en de
mogelijke beslissingen waartoe een aanvraag kan leiden. mogelijke beslissingen waartoe een aanvraag kan leiden.
§ 2. De doorzending gebeurt, al naargelang van het geval, onmiddellijk § 2. De doorzending gebeurt, al naargelang van het geval, onmiddellijk
na de aanvang, krachtens artikel 17, van de termijn voor het na de aanvang, krachtens artikel 17, van de termijn voor het
behandelen van de aanvraag of onmiddellijk na ontvangst van het behandelen van de aanvraag of onmiddellijk na ontvangst van het
verzoek tot doorzending van de aanvraag. Een verzoek tot doorzending verzoek tot doorzending van de aanvraag. Een verzoek tot doorzending
van de aanvraag kan gebeuren tot de zestigste dag te rekenen vanaf de van de aanvraag kan gebeuren tot de zestigste dag te rekenen vanaf de
aanvang krachtens artikel 17 van de termijn voor het behandelen van de aanvang krachtens artikel 17 van de termijn voor het behandelen van de
aanvraag. aanvraag.
Binnen een termijn van hoogstens negentig dagen te rekenen vanaf de Binnen een termijn van hoogstens negentig dagen te rekenen vanaf de
aanvang, krachtens artikel 17, van de termijn voor het behandelen van aanvang, krachtens artikel 17, van de termijn voor het behandelen van
de aanvraag, kunnen de bevoegde overheden en burgers-belanghebbenden de aanvraag, kunnen de bevoegde overheden en burgers-belanghebbenden
van de voornoemde lidstaten en Verdragsluitende Partijen hun van de voornoemde lidstaten en Verdragsluitende Partijen hun
standpunten, opmerkingen en bezwaren inzake de aanvraag betekenen aan standpunten, opmerkingen en bezwaren inzake de aanvraag betekenen aan
het bestuur. het bestuur.
Binnen een termijn van hoogstens negentig dagen te rekenen vanaf de Binnen een termijn van hoogstens negentig dagen te rekenen vanaf de
aanvang, krachtens artikel 17, van de termijn voor het behandelen van aanvang, krachtens artikel 17, van de termijn voor het behandelen van
de aanvraag, wordt overleg gepleegd met de bevoegde overheden van deze de aanvraag, wordt overleg gepleegd met de bevoegde overheden van deze
lid-Staten en Verdragsluitende Partijen over de potentiële lid-Staten en Verdragsluitende Partijen over de potentiële
grensoverschrijdende effecten van de activiteit en over de te grensoverschrijdende effecten van de activiteit en over de te
overwegen maatregelen om die effecten te beperken of teniet te doen. overwegen maatregelen om die effecten te beperken of teniet te doen.

Art. 20.§ 1. Binnen een termijn van hoogstens honderd twintig dagen

Art. 20.§ 1. Binnen een termijn van hoogstens honderd twintig dagen

te rekenen vanaf de aanvang, krachtens artikel 17, van de termijn voor te rekenen vanaf de aanvang, krachtens artikel 17, van de termijn voor
het behandelen van de aanvraag, zendt het bestuur de aanvraag samen het behandelen van de aanvraag, zendt het bestuur de aanvraag samen
met zijn desbetreffend advies naar de minister. met zijn desbetreffend advies naar de minister.
§ 2. In de gevallen waar het onderzoek en de advisering van de § 2. In de gevallen waar het onderzoek en de advisering van de
aanvraag zulks vergen, kan de adviestermijn eenmalig worden verlengd. aanvraag zulks vergen, kan de adviestermijn eenmalig worden verlengd.
De verlengde termijn bedraagt hoogstens honderdtachtig dagen te De verlengde termijn bedraagt hoogstens honderdtachtig dagen te
rekenen vanaf de aanvang, krachtens artikel 17, van de termijn voor rekenen vanaf de aanvang, krachtens artikel 17, van de termijn voor
het behandelen van de aanvraag. De minister neemt de het behandelen van de aanvraag. De minister neemt de
verlengingsbeslissing op aanvraag van het bestuur. De verlengingsbeslissing op aanvraag van het bestuur. De
verlengingsbeslissing wordt aan de aanvrager betekend binnen de verlengingsbeslissing wordt aan de aanvrager betekend binnen de
oorspronkelijke adviestermijn. oorspronkelijke adviestermijn.

Art. 21.Bij het formuleren van zijn advies houdt het bestuur onder

Art. 21.Bij het formuleren van zijn advies houdt het bestuur onder

meer rekening met : meer rekening met :
1° de algemene doelstellingen en beginselen van de wet, in het 1° de algemene doelstellingen en beginselen van de wet, in het
bijzonder het beginsel van het preventief handelen, het bijzonder het beginsel van het preventief handelen, het
voorzorgsbeginsel en het beginsel van duurzaam beheer; voorzorgsbeginsel en het beginsel van duurzaam beheer;
2° de resultaten van de milieu-effectenbeoordeling bedoeld in artikel 2° de resultaten van de milieu-effectenbeoordeling bedoeld in artikel
28 van de wet; 28 van de wet;
3° de standpunten, bezwaren en opmerkingen ingediend conform artikel 3° de standpunten, bezwaren en opmerkingen ingediend conform artikel
18; 18;
4° in voorkomend geval, de standpunten, bezwaren en opmerkingen 4° in voorkomend geval, de standpunten, bezwaren en opmerkingen
ingediend en het overleg gepleegd in toepassing van artikel 19. ingediend en het overleg gepleegd in toepassing van artikel 19.
Het bestuur kan de aanvrager steeds om aanvullende gegevens vragen. Het bestuur kan de aanvrager steeds om aanvullende gegevens vragen.

Art. 22.Voorzover het bestuur meent dat bepaalde gebruiksvoorwaarden

Art. 22.Voorzover het bestuur meent dat bepaalde gebruiksvoorwaarden

moeten worden opgelegd, vermeldt het deze voorwaarden in een aparte moeten worden opgelegd, vermeldt het deze voorwaarden in een aparte
bijlage bij zijn advies. bijlage bij zijn advies.
Wanneer de aanvraag een verandering betreft, vermeldt het bestuur in Wanneer de aanvraag een verandering betreft, vermeldt het bestuur in
zijn advies of het een wijzigingsvergunning of wijzigingsmachtiging zijn advies of het een wijzigingsvergunning of wijzigingsmachtiging
dan wel een herzieningsvergunning of herzieningsmachtiging aangewezen dan wel een herzieningsvergunning of herzieningsmachtiging aangewezen
acht. acht.
Onderafdeling III. - De beslissing Onderafdeling III. - De beslissing

Art. 23.§ 1. Binnen een termijn van hoogstens honderd vijftig dagen

Art. 23.§ 1. Binnen een termijn van hoogstens honderd vijftig dagen

na de aanvang, krachtens artikel 17, van de termijn voor het na de aanvang, krachtens artikel 17, van de termijn voor het
behandelen van de aanvraag, betekent de minister aan de aanvrager zijn behandelen van de aanvraag, betekent de minister aan de aanvrager zijn
ontwerp van besluit omtrent het verlenen of het weigeren van de ontwerp van besluit omtrent het verlenen of het weigeren van de
vergunning of de machtiging. vergunning of de machtiging.
Binnen een termijn van hoogstens honderd vijfenzestig dagen na de Binnen een termijn van hoogstens honderd vijfenzestig dagen na de
aanvang, krachtens artikel 17, van de termijn voor het behandelen van aanvang, krachtens artikel 17, van de termijn voor het behandelen van
de aanvraag, kan de aanvrager zijn gemotiveerde opmerkingen aan de de aanvraag, kan de aanvrager zijn gemotiveerde opmerkingen aan de
minister betekenen. minister betekenen.
Binnen een termijn van hoogstens honderd tachtig dagen na de aanvang, Binnen een termijn van hoogstens honderd tachtig dagen na de aanvang,
krachtens artikel 17, van de termijn voor het behandelen van de krachtens artikel 17, van de termijn voor het behandelen van de
aanvraag en na kennis te hebben genomen van de eventuele opmerkingen aanvraag en na kennis te hebben genomen van de eventuele opmerkingen
van de aanvrager, betekent de minister zijn beslissing aan de van de aanvrager, betekent de minister zijn beslissing aan de
aanvrager. aanvrager.
§ 2. In de gevallen waar de adviestermijn is verlengd conform artikel § 2. In de gevallen waar de adviestermijn is verlengd conform artikel
20, § 2, bedragen de drie voormelde termijnen respectievelijk 20, § 2, bedragen de drie voormelde termijnen respectievelijk
hoogstens tweehonderd en tien, hoogstens tweehonderd vijfentwintig en hoogstens tweehonderd en tien, hoogstens tweehonderd vijfentwintig en
hoogstens tweehonderd veertig dagen na de aanvang, krachtens artikel hoogstens tweehonderd veertig dagen na de aanvang, krachtens artikel
17, van de termijn voor het behandelen van de aanvraag. 17, van de termijn voor het behandelen van de aanvraag.
§ 3. In de gevallen bedoeld in artikel 19 betekent de minister de § 3. In de gevallen bedoeld in artikel 19 betekent de minister de
beslissing eveneens aan de bevoegde overheden van de voormelde beslissing eveneens aan de bevoegde overheden van de voormelde
lid-Staten en/of Verdragsluitende Partijen. De betekening gebeurt lid-Staten en/of Verdragsluitende Partijen. De betekening gebeurt
gelijktijdig met de betekening van de beslissing aan de aanvrager. gelijktijdig met de betekening van de beslissing aan de aanvrager.

Art. 24.Bij het beoordelen van elke aanvraag houdt de minister onder

Art. 24.Bij het beoordelen van elke aanvraag houdt de minister onder

meer rekening met : meer rekening met :
1° de algemene doelstellingen en beginselen van de wet, in het 1° de algemene doelstellingen en beginselen van de wet, in het
bijzonder het beginsel van het preventief handelen, het bijzonder het beginsel van het preventief handelen, het
voorzorgsbeginsel en het beginsel van duurzaam beheer; voorzorgsbeginsel en het beginsel van duurzaam beheer;
2° de resultaten van de milieu-effectenbeoordeling bedoeld in artikel 2° de resultaten van de milieu-effectenbeoordeling bedoeld in artikel
28 van de wet. 28 van de wet.
Hij kan de aanvrager steeds om aanvullende gegevens vragen. Hij kan de aanvrager steeds om aanvullende gegevens vragen.

Art. 25.Wanneer de aanvraag een verandering betreft en de minister

Art. 25.Wanneer de aanvraag een verandering betreft en de minister

oordeelt dat de verandering niet substantieel is en geen belangrijke oordeelt dat de verandering niet substantieel is en geen belangrijke
weerslag heeft op de vergunde of gemachtigde activiteit, verleent hij, weerslag heeft op de vergunde of gemachtigde activiteit, verleent hij,
in het geval waarin hij een vergunning of machtiging wil toekennen, in het geval waarin hij een vergunning of machtiging wil toekennen,
een wijzigingsvergunning of wijzigingsmachtiging. een wijzigingsvergunning of wijzigingsmachtiging.
Wanneer de minister oordeelt dat de verandering substantieel is of een Wanneer de minister oordeelt dat de verandering substantieel is of een
belangrijke weerslag heeft op de vergunde of gemachtigde activiteit, belangrijke weerslag heeft op de vergunde of gemachtigde activiteit,
verleent hij, in de gevallen waarin hij een vergunning of machtiging verleent hij, in de gevallen waarin hij een vergunning of machtiging
wil toekennen, een herzieningsvergunning of herzieningsmachtiging. wil toekennen, een herzieningsvergunning of herzieningsmachtiging.
De keuze van de minister tussen de ene of de andere mogelijkheid is De keuze van de minister tussen de ene of de andere mogelijkheid is
met redenen omkleed. met redenen omkleed.

Art. 26.De minister kan aan het gebruik van de vergunning of

Art. 26.De minister kan aan het gebruik van de vergunning of

machtiging alle gebruiksvoorwaarden verbinden die hij nuttig acht ter machtiging alle gebruiksvoorwaarden verbinden die hij nuttig acht ter
bescherming van het mariene milieu. bescherming van het mariene milieu.

Art. 27.Bij het beoordelen van de aanvraag kan de minister onder meer

Art. 27.Bij het beoordelen van de aanvraag kan de minister onder meer

de volgende gegevens in acht nemen en terzake gebruiksvoorwaarden de volgende gegevens in acht nemen en terzake gebruiksvoorwaarden
stellen : stellen :
1° de vereiste deskundigheid van de vergunninghouder of 1° de vereiste deskundigheid van de vergunninghouder of
machtiginghouder en zijn personeel; machtiginghouder en zijn personeel;
2° de solvabiliteit van de vergunninghouder of machtiginghouder; 2° de solvabiliteit van de vergunninghouder of machtiginghouder;
3° de naleving, in het verleden, van de milieuwetgeving door de 3° de naleving, in het verleden, van de milieuwetgeving door de
vergunninghouder of machtiginghouder, inzonderheid de wetgeving ter vergunninghouder of machtiginghouder, inzonderheid de wetgeving ter
bescherming van het mariene milieu. bescherming van het mariene milieu.

Art. 28.De minister kan het gebruik van de vergunning of machtiging

Art. 28.De minister kan het gebruik van de vergunning of machtiging

verbinden aan het uitvoeren van compensaties in milieuvoordelen voor verbinden aan het uitvoeren van compensaties in milieuvoordelen voor
de nadelige effecten van de activiteit. de nadelige effecten van de activiteit.

Art. 29.De minister kan als gebruiksvoorwaarde opleggen dat de

Art. 29.De minister kan als gebruiksvoorwaarde opleggen dat de

vergunninghouder of machtiginghouder bij het uitoefenen van de vergunninghouder of machtiginghouder bij het uitoefenen van de
activiteit dient te waarborgen dat een noodplan voor bijzondere activiteit dient te waarborgen dat een noodplan voor bijzondere
risico's voor accidentele verontreiniging op elk ogenblik tijdens de risico's voor accidentele verontreiniging op elk ogenblik tijdens de
uitoefening van de activiteiten beschikbaar is. Een noodplan voor een uitoefening van de activiteiten beschikbaar is. Een noodplan voor een
bijzonder risico omvat ten minste : bijzonder risico omvat ten minste :
1° de procedure die moet worden gevolgd voor het melden van een 1° de procedure die moet worden gevolgd voor het melden van een
accidentele verontreiniging of dreigende accidentele verontreiniging accidentele verontreiniging of dreigende accidentele verontreiniging
aan de overheid hiertoe aangeduid in de vergunning of machtiging; aan de overheid hiertoe aangeduid in de vergunning of machtiging;
2° een gedetailleerde omschrijving van de maatregelen die onmiddellijk 2° een gedetailleerde omschrijving van de maatregelen die onmiddellijk
dienen te worden genomen door de personen die in opdracht van de dienen te worden genomen door de personen die in opdracht van de
vergunninghouder of machtiginghouder ter plekke aanwezig zijn, om de vergunninghouder of machtiginghouder ter plekke aanwezig zijn, om de
verontreiniging als gevolg van het voorval te voorkomen, te beperken verontreiniging als gevolg van het voorval te voorkomen, te beperken
of te bestrijden; of te bestrijden;
3° de procedures en de contactpersonen ter plekke voor de coördinatie 3° de procedures en de contactpersonen ter plekke voor de coördinatie
tussen maatregelen ter plekke en maatregelen van de overheid ter tussen maatregelen ter plekke en maatregelen van de overheid ter
bestrijding van de verontreiniging. bestrijding van de verontreiniging.
Het noodplan wordt meegedeeld aan het bestuur. Het noodplan wordt meegedeeld aan het bestuur.

Art. 30.De minister kan voorwaarden opleggen die bij het einde van de

Art. 30.De minister kan voorwaarden opleggen die bij het einde van de

activiteit nagekomen moeten worden. activiteit nagekomen moeten worden.

Art. 31.De minister kan opleggen dat de vergunninghouder of

Art. 31.De minister kan opleggen dat de vergunninghouder of

machtiginghouder een verzekering moet aangaan inzake bepaalde risico's machtiginghouder een verzekering moet aangaan inzake bepaalde risico's
voor accidentele verontreiniging en kopie van deze verzekering moet voor accidentele verontreiniging en kopie van deze verzekering moet
betekenen aan het bestuur voorafgaandelijk aan de ingebruikneming van betekenen aan het bestuur voorafgaandelijk aan de ingebruikneming van
de vergunning of machtiging. de vergunning of machtiging.
De minister kan eveneens opleggen dat de vergunninghouder of De minister kan eveneens opleggen dat de vergunninghouder of
machtiginghouder voor bepaalde aspecten van de voorgenomen activiteit machtiginghouder voor bepaalde aspecten van de voorgenomen activiteit
een financiële zekerheid moet stellen en het bewijs hiervan moet een financiële zekerheid moet stellen en het bewijs hiervan moet
betekenen aan het bestuur voorafgaandelijk aan de ingebruikneming van betekenen aan het bestuur voorafgaandelijk aan de ingebruikneming van
de vergunning of machtiging. De financiële zekerheid kan de vorm de vergunning of machtiging. De financiële zekerheid kan de vorm
aannemen van een bankgarantie op eerste verzoek, van een borgsom of aannemen van een bankgarantie op eerste verzoek, van een borgsom of
van een hypotheek. Wanneer de vergunning of machtiging van een hypotheek. Wanneer de vergunning of machtiging
gebruiksvoorwaarden bevat conform artikel 30 moet de minister de gebruiksvoorwaarden bevat conform artikel 30 moet de minister de
vergunninghouder of machtiginghouder verplichten tot het stellen van vergunninghouder of machtiginghouder verplichten tot het stellen van
een financiële zekerheid tot voldoening van deze voorwaarden. een financiële zekerheid tot voldoening van deze voorwaarden.

Art. 32.De beslissing van de minister is met redenen omkleed. Zij

Art. 32.De beslissing van de minister is met redenen omkleed. Zij

duidt met name de redenen aan waarom afwijkende adviezen en duidt met name de redenen aan waarom afwijkende adviezen en
opmerkingen worden verworpen. Zij verwijst naar de algemene opmerkingen worden verworpen. Zij verwijst naar de algemene
doelstellingen en beginselen van de wet en naar de resultaten van de doelstellingen en beginselen van de wet en naar de resultaten van de
milieu-effectenbeoordeling inzake de aanvraag. milieu-effectenbeoordeling inzake de aanvraag.

Art. 33.De minister weigert een vergunning of machtiging te verlenen

Art. 33.De minister weigert een vergunning of machtiging te verlenen

wanneer de betrokken activiteit een onaanvaardbaar nadeel zou wanneer de betrokken activiteit een onaanvaardbaar nadeel zou
berokkenen aan het mariene milieu en dit ondanks het opleggen en het berokkenen aan het mariene milieu en dit ondanks het opleggen en het
naleven van gebruiksvoorwaarden. naleven van gebruiksvoorwaarden.

Art. 34.De beslissing wordt bij uittreksel bekendgemaakt in het

Art. 34.De beslissing wordt bij uittreksel bekendgemaakt in het

Belgisch Staatsblad . Belgisch Staatsblad .
Belanghebbenden kunnen het besluit inzien bij het bestuur. Inzage Belanghebbenden kunnen het besluit inzien bij het bestuur. Inzage
gebeurt op schriftelijk verzoek gericht tot het bestuur. gebeurt op schriftelijk verzoek gericht tot het bestuur.
Afdeling III. - De vereenvoudigde procedure Afdeling III. - De vereenvoudigde procedure

Art. 35.De artikelen 12 tot en met 16, 21 en 22, 24 tot en met 33

Art. 35.De artikelen 12 tot en met 16, 21 en 22, 24 tot en met 33

zijn van overeenkomstige toepassing, behalve wat betreft de in artikel zijn van overeenkomstige toepassing, behalve wat betreft de in artikel
15 vermelde termijnen van hoogstens twintig dagen. 15 vermelde termijnen van hoogstens twintig dagen.

Art. 36.De termijnen van hoogstens twintig dagen vermeld in artikel

Art. 36.De termijnen van hoogstens twintig dagen vermeld in artikel

15 worden gebracht op termijnen van hoogstens vijftien dagen te 15 worden gebracht op termijnen van hoogstens vijftien dagen te
rekenen vanaf de betekening bedoeld in artikel 12. rekenen vanaf de betekening bedoeld in artikel 12.

Art. 37.De termijn voor het behandelen van de aanvraag gaat in bij de

Art. 37.De termijn voor het behandelen van de aanvraag gaat in bij de

betekening door de aanvrager aan het bestuur van het bewijs van betekening door de aanvrager aan het bestuur van het bewijs van
betaling van de retributie bedoeld in artikel 30 van de wet. betaling van de retributie bedoeld in artikel 30 van de wet.

Art. 38.§ 1. Binnen een termijn van hoogstens dertig dagen te rekenen

Art. 38.§ 1. Binnen een termijn van hoogstens dertig dagen te rekenen

vanaf de aanvang, krachtens artikel 37, van de termijn voor het vanaf de aanvang, krachtens artikel 37, van de termijn voor het
behandelen van de aanvraag, zendt het bestuur de aanvraag samen met behandelen van de aanvraag, zendt het bestuur de aanvraag samen met
zijn desbetreffend advies naar de minister. zijn desbetreffend advies naar de minister.
Binnen een termijn van hoogstens vijfenveertig dagen te rekenen vanaf Binnen een termijn van hoogstens vijfenveertig dagen te rekenen vanaf
de aanvang, krachtens artikel 37, van de termijn voor het behandelen de aanvang, krachtens artikel 37, van de termijn voor het behandelen
van de aanvraag, betekent de minister aan de aanvrager zijn besluit van de aanvraag, betekent de minister aan de aanvrager zijn besluit
omtrent het verlenen of het weigeren van de vergunning of de omtrent het verlenen of het weigeren van de vergunning of de
machtiging. machtiging.
§ 2. In de gevallen waar het onderzoek en de advisering van de § 2. In de gevallen waar het onderzoek en de advisering van de
aanvraag zulks vergen, kan de adviestermijn eenmalig worden verlengd. aanvraag zulks vergen, kan de adviestermijn eenmalig worden verlengd.
De verlengde termijn bedraagt hoogstens tachtig dagen te rekenen vanaf De verlengde termijn bedraagt hoogstens tachtig dagen te rekenen vanaf
de aanvang, krachtens artikel 37, van de termijn voor het behandelen de aanvang, krachtens artikel 37, van de termijn voor het behandelen
van de aanvraag. De minister neemt de verlen-gingsbeslissing op van de aanvraag. De minister neemt de verlen-gingsbeslissing op
aanvraag van het bestuur. De verlengingsbeslissing wordt aan de aanvraag van het bestuur. De verlengingsbeslissing wordt aan de
aanvrager betekend binnen de oorsponkelijke adviestermijn. aanvrager betekend binnen de oorsponkelijke adviestermijn.
In de gevallen waar de adviestermijn is verlengd, betekent de minister In de gevallen waar de adviestermijn is verlengd, betekent de minister
aan de aanvrager zijn besluit omtrent het verlenen of het weigeren van aan de aanvrager zijn besluit omtrent het verlenen of het weigeren van
de vergunning of de machtiging binnen een termijn van hoogstens de vergunning of de machtiging binnen een termijn van hoogstens
vijfennegentig dagen te rekenen vanaf de aanvang, krachtens artikel vijfennegentig dagen te rekenen vanaf de aanvang, krachtens artikel
37, van de termijn voor het behandelen van de aanvraag. 37, van de termijn voor het behandelen van de aanvraag.
HOOFDSTUK III. - Inhoudelijke aspecten van vergunning en machtiging en HOOFDSTUK III. - Inhoudelijke aspecten van vergunning en machtiging en
algemene verplichtingen van vergunninghouder en machtiginghouder algemene verplichtingen van vergunninghouder en machtiginghouder

Art. 39.Elke vergunning of machtiging vermeldt minstens :

Art. 39.Elke vergunning of machtiging vermeldt minstens :

1° de identiteit van de vergunninghouder of machtiginghouder; 1° de identiteit van de vergunninghouder of machtiginghouder;
2° de identificatie van de vergunde of gemachtigde activiteit; 2° de identificatie van de vergunde of gemachtigde activiteit;
3° de termijn waarvoor de activiteit werd vergund of gemachtigd; 3° de termijn waarvoor de activiteit werd vergund of gemachtigd;
4° de termijn voor ingebruikneming van de vergunning of machtiging; 4° de termijn voor ingebruikneming van de vergunning of machtiging;
5° in een aparte bijlage bij het besluit, de opgelegde 5° in een aparte bijlage bij het besluit, de opgelegde
gebruiksvoorwaarden. gebruiksvoorwaarden.

Art. 40.§ 1. Een vergunning en een machtiging die zijn verleend met

Art. 40.§ 1. Een vergunning en een machtiging die zijn verleend met

toepassing van de procedure met inspraak kunnen slechts geldig worden toepassing van de procedure met inspraak kunnen slechts geldig worden
overgedragen mits formele en uitdrukkelijke instemming van de overgedragen mits formele en uitdrukkelijke instemming van de
minister, betekend door het bestuur aan de vergunninghouder of minister, betekend door het bestuur aan de vergunninghouder of
machtiginghouder die de vergunning of machtiging wil overdragen. machtiginghouder die de vergunning of machtiging wil overdragen.
Tenzij in de vergunning of machtiging anders is bepaald, kunnen een Tenzij in de vergunning of machtiging anders is bepaald, kunnen een
vergunning en een machtiging die zijn verleend met toepassing van de vergunning en een machtiging die zijn verleend met toepassing van de
vereenvoudigde procedure worden overgedragen in onderlinge vereenvoudigde procedure worden overgedragen in onderlinge
overeen-stemming tussen de vergunninghouder of machtiginghouder en een overeen-stemming tussen de vergunninghouder of machtiginghouder en een
gegadigde persoon. De vergunninghouder of machtiginghouder die de gegadigde persoon. De vergunninghouder of machtiginghouder die de
vergunning of machtiging overdraagt en de nieuwe vergunninghouder of vergunning of machtiging overdraagt en de nieuwe vergunninghouder of
machtiginghouder moeten de overdracht in een gezamenlijke mededeling machtiginghouder moeten de overdracht in een gezamenlijke mededeling
betekenen aan het bestuur. betekenen aan het bestuur.
§ 2. De identiteit van de nieuwe vergunninghouder of machtiginghouder § 2. De identiteit van de nieuwe vergunninghouder of machtiginghouder
wordt ingeschreven in de vergunning of machtiging met vermelding van wordt ingeschreven in de vergunning of machtiging met vermelding van
de datum waarop, naargelang van het geval, voornoemde instemming is de datum waarop, naargelang van het geval, voornoemde instemming is
betekend of betekening is gebeurd. De inschrijving gebeurt binnen een betekend of betekening is gebeurd. De inschrijving gebeurt binnen een
termijn van vijftien dagen na de betrokken betekening. termijn van vijftien dagen na de betrokken betekening.

Art. 41.§ 1. Een vergunning wordt verleend voor een termijn van

Art. 41.§ 1. Een vergunning wordt verleend voor een termijn van

hoogstens twintig jaar. hoogstens twintig jaar.
Een machtiging wordt verleend voor de termijn vereist voor de Een machtiging wordt verleend voor de termijn vereist voor de
voltooiing van de gemachtigde activiteit. Deze geldingstermijn voltooiing van de gemachtigde activiteit. Deze geldingstermijn
bedraagt hoogstens vijf jaar, uitzonderlijk en eenmalig verlengbaar bedraagt hoogstens vijf jaar, uitzonderlijk en eenmalig verlengbaar
met een bijkomende termijn van hoogstens vijf jaar. De minister neemt met een bijkomende termijn van hoogstens vijf jaar. De minister neemt
de verlengingsbeslissing binnen de oorspronkelijke geldingstermijn van de verlengingsbeslissing binnen de oorspronkelijke geldingstermijn van
de machtiging en op aanvraag van de machtiginghouder. De de machtiging en op aanvraag van de machtiginghouder. De
machtiginghouder motiveert de aanvraag en betekent ze aan het bestuur. machtiginghouder motiveert de aanvraag en betekent ze aan het bestuur.
§ 2. De geldingstermijn van de vergunning of machtiging gaat in bij de § 2. De geldingstermijn van de vergunning of machtiging gaat in bij de
betekening aan de aanvrager van de beslissing waarbij de vergunning of betekening aan de aanvrager van de beslissing waarbij de vergunning of
machtiging wordt verleend. machtiging wordt verleend.
Wanneer evenwel voor de vergunde of gemachtigde activiteit één of meer Wanneer evenwel voor de vergunde of gemachtigde activiteit één of meer
bijkomende vergunningen of machtigingen zijn vereist op grond van de bijkomende vergunningen of machtigingen zijn vereist op grond van de
wet of andere wetgeving, blijft een betekende vergunning of machtiging wet of andere wetgeving, blijft een betekende vergunning of machtiging
geschorst totdat iedere bijkomend vereiste vergunning en machtiging is geschorst totdat iedere bijkomend vereiste vergunning en machtiging is
verleend en kennisgeving ervan overeenkomstig de toepasselijke verleend en kennisgeving ervan overeenkomstig de toepasselijke
wetgeving is gebeurd. Indien een van de bijkomend vereiste wetgeving is gebeurd. Indien een van de bijkomend vereiste
vergunningen of machtigingen definitief is geweigerd, vervalt de vergunningen of machtigingen definitief is geweigerd, vervalt de
betekende vergunning of machtiging op de dag van de kennisgeving van betekende vergunning of machtiging op de dag van de kennisgeving van
deze weigering. deze weigering.

Art. 42.De termijn voor ingebruikneming van een vergunning of

Art. 42.De termijn voor ingebruikneming van een vergunning of

machtiging bedraagt tussen de zeven dagen en de vier jaar. Hij gaat in machtiging bedraagt tussen de zeven dagen en de vier jaar. Hij gaat in
op dezelfde dag als de geldingstermijn van de vergunning of op dezelfde dag als de geldingstermijn van de vergunning of
machtiging, behoudens anders bepaald in de vergunning of machtiging. machtiging, behoudens anders bepaald in de vergunning of machtiging.
In de gevallen voorzien in artikel 30 kan de ingebruikneming niet In de gevallen voorzien in artikel 30 kan de ingebruikneming niet
geldig gebeuren tenzij de opgelegde verzekering is genomen of geldig gebeuren tenzij de opgelegde verzekering is genomen of
financiële zeker-heid is gesteld. financiële zeker-heid is gesteld.

Art. 43.Overeenkomstig de artikelen 29, 30 en 31 van de wet is iedere

Art. 43.Overeenkomstig de artikelen 29, 30 en 31 van de wet is iedere

vergunninghouder en machtiginghouder gehouden tot betaling van de vergunninghouder en machtiginghouder gehouden tot betaling van de
retributie verschuldigd voor toezichtsprogramma's, permanente retributie verschuldigd voor toezichtsprogramma's, permanente
milieu-effectenonderzoeken en milieueffectenbeoordeling inzake de milieu-effectenonderzoeken en milieueffectenbeoordeling inzake de
vergunde of gemachtigde activiteit. Het besluit tot vergunning of vergunde of gemachtigde activiteit. Het besluit tot vergunning of
machtiging vermeldt deze verplichting uitdrukkelijk als een machtiging vermeldt deze verplichting uitdrukkelijk als een
gebruiksvoorwaarde van de vergunning of machtiging. gebruiksvoorwaarde van de vergunning of machtiging.

Art. 44.Behoudens toepassing van artikel 41, § 2 vervalt een

Art. 44.Behoudens toepassing van artikel 41, § 2 vervalt een

vergunning of machtiging in de volgende gevallen : vergunning of machtiging in de volgende gevallen :
- bij het niet naleven van de inschrijvingsplicht bepaald in artikel - bij het niet naleven van de inschrijvingsplicht bepaald in artikel
40, § 2; 40, § 2;
- op de dag na het verstrijken van de termijn voor ingebruikneming, - op de dag na het verstrijken van de termijn voor ingebruikneming,
wanneer er geen geldige ingebruikneming is gebeurd gedurende deze wanneer er geen geldige ingebruikneming is gebeurd gedurende deze
termijn; termijn;
- na ingebruikneming, op de dag na de dag waarop de activiteit - na ingebruikneming, op de dag na de dag waarop de activiteit
gedurende twee opeenvolgende jaren niet werd uitgeoefend of verricht. gedurende twee opeenvolgende jaren niet werd uitgeoefend of verricht.
HOOFDSTUK IV. - Wijziging van gebruiksvoorwaarden, schorsing en HOOFDSTUK IV. - Wijziging van gebruiksvoorwaarden, schorsing en
intrekking van de vergunning en de machtiging intrekking van de vergunning en de machtiging
Afdeling I. - De bevoegdheid tot wijziging van gebruiksvoorwaarden en Afdeling I. - De bevoegdheid tot wijziging van gebruiksvoorwaarden en
tot schorsing of intrekking van de vergunning en de machtiging tot schorsing of intrekking van de vergunning en de machtiging

Art. 45.Ter bescherming van het mariene milieu kan de minister steeds

Art. 45.Ter bescherming van het mariene milieu kan de minister steeds

de gebruiksvoorwaarden van een vergunning of machtiging wijzigen. Bij de gebruiksvoorwaarden van een vergunning of machtiging wijzigen. Bij
het nemen van zijn beslissing houdt de minister in het bijzonder het nemen van zijn beslissing houdt de minister in het bijzonder
rekening met : rekening met :
1° de algemene doelstellingen en beginselen van de wet, inzonderheid 1° de algemene doelstellingen en beginselen van de wet, inzonderheid
het beginsel van het preventief handelen, het voorzorgsbeginsel en het het beginsel van het preventief handelen, het voorzorgsbeginsel en het
beginsel van duurzaam beheer; beginsel van duurzaam beheer;
2° de resultaten van de toezichtsprogramma's, permanente 2° de resultaten van de toezichtsprogramma's, permanente
milieu-effectenonderzoeken en milieu-effectenbeoordelingen na milieu-effectenonderzoeken en milieu-effectenbeoordelingen na
vergunning of machtiging bedoeld in artikelen 28 en 29 van de wet. vergunning of machtiging bedoeld in artikelen 28 en 29 van de wet.

Art. 46.Ter bescherming van het mariene milieu kan de minister onder

Art. 46.Ter bescherming van het mariene milieu kan de minister onder

meer in de navolgende gevallen de vergunning of machtiging schorsen of meer in de navolgende gevallen de vergunning of machtiging schorsen of
intrekken : intrekken :
1° wanneer uit de toezichtsprogramma's en permanente 1° wanneer uit de toezichtsprogramma's en permanente
milieu-effectenonderzoeken blijkt dat zich nieuwe nadelige gevolgen milieu-effectenonderzoeken blijkt dat zich nieuwe nadelige gevolgen
voor het mariene milieu hebben voorgedaan; voor het mariene milieu hebben voorgedaan;
2° wanneer de gebruiksvoorwaarden niet worden nageleefd. 2° wanneer de gebruiksvoorwaarden niet worden nageleefd.
Iedere schorsing is tijdelijk en geldt voor bepaalde termijn. Een Iedere schorsing is tijdelijk en geldt voor bepaalde termijn. Een
intrekking is definitief. intrekking is definitief.
Bij het nemen van de beslissing houdt de minister rekening met de Bij het nemen van de beslissing houdt de minister rekening met de
algemene doelstellingen en beginselen van de wet, inzonderheid het algemene doelstellingen en beginselen van de wet, inzonderheid het
beginsel van het preventief handelen, het voorzorgsbeginsel en het beginsel van het preventief handelen, het voorzorgsbeginsel en het
beginsel van duurzaam beheer. beginsel van duurzaam beheer.
Afdeling II. - Procedure Afdeling II. - Procedure

Art. 47.De minister neemt zijn beslissing ambtshalve of op verzoek

Art. 47.De minister neemt zijn beslissing ambtshalve of op verzoek

van het bestuur. van het bestuur.
De minister betekent het ontwerp-besluit aan de vergunninghouder of de De minister betekent het ontwerp-besluit aan de vergunninghouder of de
machtiginghouder. Binnen een termijn van hoogstens dertig dagen na de machtiginghouder. Binnen een termijn van hoogstens dertig dagen na de
betekening kan deze zijn opmerkingen en bezwaren aan het bestuur betekening kan deze zijn opmerkingen en bezwaren aan het bestuur
betekenen. Binnen dezelfde termijn kan hij tevens een verzoek betekenen. Binnen dezelfde termijn kan hij tevens een verzoek
betekenen om te worden gehoord door het bestuur. Het bestuur zendt betekenen om te worden gehoord door het bestuur. Het bestuur zendt
zijn beoordeling van de opmerkingen en bezwaren en, in voorkomend zijn beoordeling van de opmerkingen en bezwaren en, in voorkomend
geval, het verslag van de hoorzitting naar de minister. Binnen een geval, het verslag van de hoorzitting naar de minister. Binnen een
termijn van hoogstens negentig dagen na de betekening van het termijn van hoogstens negentig dagen na de betekening van het
ontwerpbesluit aan de vergunninghouder of machtiginghouder betekent de ontwerpbesluit aan de vergunninghouder of machtiginghouder betekent de
minister hem zijn beslissing. minister hem zijn beslissing.

Art. 48.In voorkomend geval worden zonder verwijl opvorderingen

Art. 48.In voorkomend geval worden zonder verwijl opvorderingen

verricht en noodmaatregelen getroffen overeenkomstig de artikelen 31 verricht en noodmaatregelen getroffen overeenkomstig de artikelen 31
en 32 van de wet. en 32 van de wet.
Afdeling III. - Inhoud van het besluit Afdeling III. - Inhoud van het besluit

Art. 49.Ieder besluit tot wijziging van gebruiksvoorwaarden vermeldt

Art. 49.Ieder besluit tot wijziging van gebruiksvoorwaarden vermeldt

de dag waarop het uitwerking heeft. de dag waarop het uitwerking heeft.

Art. 50.Ieder besluit tot schorsing van een vergunning of machtiging

Art. 50.Ieder besluit tot schorsing van een vergunning of machtiging

bevat minstens : bevat minstens :
1° een bepaling van de dag waarop de schorsing uitwerking heeft; 1° een bepaling van de dag waarop de schorsing uitwerking heeft;
2° een omschrijving van het tijdstip waarop de schorsing eindigt; 2° een omschrijving van het tijdstip waarop de schorsing eindigt;
3° al naar gelang van het geval, een omstandige beschrijving van de 3° al naar gelang van het geval, een omstandige beschrijving van de
nieuwe nadelige gevolgen van de activiteit voor het mariene milieu of nieuwe nadelige gevolgen van de activiteit voor het mariene milieu of
een aanduiding van de geschonden gebruiksvoorwaarden; een aanduiding van de geschonden gebruiksvoorwaarden;
4° een omschrijving van de maatregelen die ter bescherming van het 4° een omschrijving van de maatregelen die ter bescherming van het
mariene milieu dienen te worden genomen in de schorsingsperiode, met mariene milieu dienen te worden genomen in de schorsingsperiode, met
vermelding van de persoon of personen die instaan voor uitvoering vermelding van de persoon of personen die instaan voor uitvoering
ervan. ervan.

Art. 51.Ieder besluit tot intrekking van een vergunning of machtiging

Art. 51.Ieder besluit tot intrekking van een vergunning of machtiging

bevat minstens : bevat minstens :
1° een bepaling van de dag waarop de intrekking uitwerking heeft; 1° een bepaling van de dag waarop de intrekking uitwerking heeft;
2° een vermelding dat de intrekking definitief is; 2° een vermelding dat de intrekking definitief is;
3° al naargelang van het geval, een omstandige beschrijving van de 3° al naargelang van het geval, een omstandige beschrijving van de
nieuwe nadelige gevolgen van de activiteit voor het mariene milieu of nieuwe nadelige gevolgen van de activiteit voor het mariene milieu of
een aanduiding van de geschonden gebruiksvoorwaarden. een aanduiding van de geschonden gebruiksvoorwaarden.
HOOFDSTUK V. - Slotbepalingen HOOFDSTUK V. - Slotbepalingen

Art. 52.Het koninklijk besluit van 20 december 2000 houdende de

Art. 52.Het koninklijk besluit van 20 december 2000 houdende de

procedure tot vergunning en machtiging van bepaalde activiteiten in de procedure tot vergunning en machtiging van bepaalde activiteiten in de
zeegebieden onder de rechtsbevoegdheid van België wordt opgeheven. zeegebieden onder de rechtsbevoegdheid van België wordt opgeheven.

Art. 53.Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het

Art. 53.Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het

Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt. Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.
Gegeven te Brussel, 7 september 2003. Gegeven te Brussel, 7 september 2003.
ALBERT ALBERT
Van Koningswege : Van Koningswege :
De Minister van Begroting en Overheidsbedrijven, De Minister van Begroting en Overheidsbedrijven,
J. VANDE LANOTTE J. VANDE LANOTTE
^