Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 29 juli 2005, gesloten in het Paritair Comité voor het tuinbouwbedrijf, betreffende maatregelen ten behoeve van de risicogroepen | Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 29 juli 2005, gesloten in het Paritair Comité voor het tuinbouwbedrijf, betreffende maatregelen ten behoeve van de risicogroepen |
---|---|
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG | FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG |
5 AUGUSTUS 2006. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend | 5 AUGUSTUS 2006. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend |
wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 29 juli 2005, | wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 29 juli 2005, |
gesloten in het Paritair Comité voor het tuinbouwbedrijf, betreffende | gesloten in het Paritair Comité voor het tuinbouwbedrijf, betreffende |
maatregelen ten behoeve van de risicogroepen (1) | maatregelen ten behoeve van de risicogroepen (1) |
ALBERT II, Koning der Belgen, | ALBERT II, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op de wet van 7 januari 1958 betreffende de fondsen voor | Gelet op de wet van 7 januari 1958 betreffende de fondsen voor |
bestaanszekerheid; | bestaanszekerheid; |
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve | Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve |
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel | arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel |
28; | 28; |
Gelet op de collectieve arbeidsovereenkomst van 7 juni 1991, gesloten | Gelet op de collectieve arbeidsovereenkomst van 7 juni 1991, gesloten |
in het Paritair Comité voor het tuinbouwbedrijf, tot oprichting van | in het Paritair Comité voor het tuinbouwbedrijf, tot oprichting van |
een fonds voor bestaanszekerheid en tot vaststelling van zijn | een fonds voor bestaanszekerheid en tot vaststelling van zijn |
statuten, algemeen verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 3 | statuten, algemeen verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 3 |
oktober 1991; | oktober 1991; |
Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor het tuinbouwbedrijf; | Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor het tuinbouwbedrijf; |
Op de voordracht van Onze Minister van Werk, | Op de voordracht van Onze Minister van Werk, |
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 29 juli 2005, gesloten | overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 29 juli 2005, gesloten |
in het Paritair Comité voor het tuinbouwbedrijf, betreffende | in het Paritair Comité voor het tuinbouwbedrijf, betreffende |
maatregelen ten behoeve van de risicogroepen. | maatregelen ten behoeve van de risicogroepen. |
Art. 2.Onze Minister van Werk is belast met de uitvoering van dit |
Art. 2.Onze Minister van Werk is belast met de uitvoering van dit |
besluit. | besluit. |
Gegeven te Brussel, 5 augustus 2006. | Gegeven te Brussel, 5 augustus 2006. |
ALBERT | ALBERT |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
P. VANVELTHOVEN | P. VANVELTHOVEN |
_______ | _______ |
Nota | Nota |
(1) Verwijzingen naar het Belgisch Staatsblad : | (1) Verwijzingen naar het Belgisch Staatsblad : |
Wet van 7 januari 1958, Belgisch Staatsblad van 7 februari 1958. | Wet van 7 januari 1958, Belgisch Staatsblad van 7 februari 1958. |
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. | Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. |
Koninklijk besluit van 3 oktober 1991, Belgisch Staatsblad van 29 | Koninklijk besluit van 3 oktober 1991, Belgisch Staatsblad van 29 |
oktober 1991. | oktober 1991. |
Bijlage | Bijlage |
Paritair Comité voor het tuinbouwbedrijf | Paritair Comité voor het tuinbouwbedrijf |
Collectieve arbeidsovereenkomst van 29 juli 2005 | Collectieve arbeidsovereenkomst van 29 juli 2005 |
Maatregelen ten behoeve van de risicogroepen | Maatregelen ten behoeve van de risicogroepen |
(Overeenkomst geregistreerd op 11 oktober 2005 onder het nummer | (Overeenkomst geregistreerd op 11 oktober 2005 onder het nummer |
76698/CO/145) | 76698/CO/145) |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op |
de werklieden en werksters, met uitzondering van het seizoens- en | de werklieden en werksters, met uitzondering van het seizoens- en |
gelegenheidspersoneel zoals bedoeld in artikel 8bis van het koninklijk | gelegenheidspersoneel zoals bedoeld in artikel 8bis van het koninklijk |
besluit van 28 november 1969, tot uitvoering van de wet van 27 juni | besluit van 28 november 1969, tot uitvoering van de wet van 27 juni |
1969 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende | 1969 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende |
de maatschappelijke zekerheid der arbeiders, en op hun werkgevers, van | de maatschappelijke zekerheid der arbeiders, en op hun werkgevers, van |
de ondernemingen die ressorteren onder het Paritair Comité voor het | de ondernemingen die ressorteren onder het Paritair Comité voor het |
tuinbouwbedrijf, met uitzondering van de ondernemingen waarvan de | tuinbouwbedrijf, met uitzondering van de ondernemingen waarvan de |
hoofdactiviteit bestaat uit het inplanten en onderhouden van parken en | hoofdactiviteit bestaat uit het inplanten en onderhouden van parken en |
tuinen. | tuinen. |
Art. 2.Zij is gesloten in toepassing van hoofdstuk II, afdeling I van |
Art. 2.Zij is gesloten in toepassing van hoofdstuk II, afdeling I van |
de wet van 3 juli 2005 houdende diverse bepalingen betreffende het | de wet van 3 juli 2005 houdende diverse bepalingen betreffende het |
sociaal overleg (Belgisch Staatsblad van 19 juli 2005). | sociaal overleg (Belgisch Staatsblad van 19 juli 2005). |
Art. 3.De ondertekenende partijen hebben de bedoeling om door middel |
Art. 3.De ondertekenende partijen hebben de bedoeling om door middel |
van deze collectieve arbeidsovereenkomst vanaf 1 juli 2005 een | van deze collectieve arbeidsovereenkomst vanaf 1 juli 2005 een |
inspanning te voorzien ten belope van 0,25 pct. berekend op het | inspanning te voorzien ten belope van 0,25 pct. berekend op het |
volledig loon van de werknemers zoals bedoeld in artikel 23 van de wet | volledig loon van de werknemers zoals bedoeld in artikel 23 van de wet |
van 29 juni 1981 houdende de algemene beginselen van de sociale | van 29 juni 1981 houdende de algemene beginselen van de sociale |
zekerheid voor werknemers (Belgisch Staatsblad van 2 juli 1981). | zekerheid voor werknemers (Belgisch Staatsblad van 2 juli 1981). |
De hierboven bedoelde 0,25 pct. bijdrage wordt geïnd en ingevorderd | De hierboven bedoelde 0,25 pct. bijdrage wordt geïnd en ingevorderd |
door de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid en doorgestort aan het | door de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid en doorgestort aan het |
"Waarborg- en Sociaal Fonds voor het tuinbouwbedrijf", opgericht bij | "Waarborg- en Sociaal Fonds voor het tuinbouwbedrijf", opgericht bij |
de collectieve arbeidsovereenkomst van 7 juni 1991, tot oprichting van | de collectieve arbeidsovereenkomst van 7 juni 1991, tot oprichting van |
een fonds voor bestaanszekerheid en vaststelling van zijn statuten, | een fonds voor bestaanszekerheid en vaststelling van zijn statuten, |
algemeen verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 3 oktober | algemeen verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 3 oktober |
1991 (Belgisch Staatsblad van 29 oktober 1991). | 1991 (Belgisch Staatsblad van 29 oktober 1991). |
Art. 4.De in artikel 3 van deze collectieve arbeidsovereenkomst |
Art. 4.De in artikel 3 van deze collectieve arbeidsovereenkomst |
vermelde inspanning van 0,25 pct. wordt besteed ten behoeve van | vermelde inspanning van 0,25 pct. wordt besteed ten behoeve van |
personen die, bij hun aanwerving, behoren tot de risicogroepen onder | personen die, bij hun aanwerving, behoren tot de risicogroepen onder |
de werkzoekenden en/of ten behoeve van de personen op wie het | de werkzoekenden en/of ten behoeve van de personen op wie het |
begeleidingsplan dat bedoeld wordt in het samenwerkingsakkoord tussen | begeleidingsplan dat bedoeld wordt in het samenwerkingsakkoord tussen |
de Federale Overheid, de Gemeenschappen en de Gewesten betreffende het | de Federale Overheid, de Gemeenschappen en de Gewesten betreffende het |
begeleidingsplan van toepassing is. | begeleidingsplan van toepassing is. |
Art. 5.§ 1. Voor de uitvoering van deze collectieve |
Art. 5.§ 1. Voor de uitvoering van deze collectieve |
arbeidsovereenkomst, wordt onder "risicogroepen" verstaan : de | arbeidsovereenkomst, wordt onder "risicogroepen" verstaan : de |
personen die behoren tot een van de volgende categorieën : langdurig | personen die behoren tot een van de volgende categorieën : langdurig |
werklozen, laaggeschoolde werklozen, gehandicapten, deeltijds | werklozen, laaggeschoolde werklozen, gehandicapten, deeltijds |
leerplichtigen, herintreders, bestaansminimumtrekkers, laaggeschoolde | leerplichtigen, herintreders, bestaansminimumtrekkers, laaggeschoolde |
werknemers en allochtonen. | werknemers en allochtonen. |
a) Onder "langdurig werkloze" wordt verstaan : de werkloze die, | a) Onder "langdurig werkloze" wordt verstaan : de werkloze die, |
gedurende de twaalf maanden die aan zijn indienstneming voorafgaan | gedurende de twaalf maanden die aan zijn indienstneming voorafgaan |
zonder onderbreking genoten heeft van werkloosheids- of | zonder onderbreking genoten heeft van werkloosheids- of |
wachtuitkeringen voor alle dagen van de week. | wachtuitkeringen voor alle dagen van de week. |
b) Onder "laaggeschoolde werkloze" wordt verstaan : de werkloze, ouder | b) Onder "laaggeschoolde werkloze" wordt verstaan : de werkloze, ouder |
dan 18 jaar, die geen houder is van : | dan 18 jaar, die geen houder is van : |
1. ofwel een diploma van het universitair onderwijs; | 1. ofwel een diploma van het universitair onderwijs; |
2. ofwel een diploma of een getuigschrift van het hoger onderwijs van | 2. ofwel een diploma of een getuigschrift van het hoger onderwijs van |
het lange of korte type; | het lange of korte type; |
3. ofwel een getuigschrift van het hoger secundair onderwijs. | 3. ofwel een getuigschrift van het hoger secundair onderwijs. |
c) Onder "gehandicapte" wordt verstaan : de werkzoekende mindervalide | c) Onder "gehandicapte" wordt verstaan : de werkzoekende mindervalide |
die op het ogenblik van zijn indienstneming bij het "Vlaams Fonds voor | die op het ogenblik van zijn indienstneming bij het "Vlaams Fonds voor |
sociale integratie voor personen met een handicap" of het "Fonds | sociale integratie voor personen met een handicap" of het "Fonds |
communautaire pour l'intégration sociale et professionnelle des | communautaire pour l'intégration sociale et professionnelle des |
handicapés" ingeschreven is. | handicapés" ingeschreven is. |
d) Onder "deeltijds leerplichtige" wordt verstaan : de werkzoekende | d) Onder "deeltijds leerplichtige" wordt verstaan : de werkzoekende |
van minder dan 18 jaar die onderworpen is aan de deeltijdse leerplicht | van minder dan 18 jaar die onderworpen is aan de deeltijdse leerplicht |
en die het secundair onderwijs met volledig leerplan niet meer volgt. | en die het secundair onderwijs met volledig leerplan niet meer volgt. |
e) Onder "herintreder" wordt verstaan : de werkzoekende die | e) Onder "herintreder" wordt verstaan : de werkzoekende die |
tegelijkertijd de volgende voorwaarden vervult : | tegelijkertijd de volgende voorwaarden vervult : |
1. geen werkloosheidsuitkeringen of loopbaanonderbrekingsuitkeringen | 1. geen werkloosheidsuitkeringen of loopbaanonderbrekingsuitkeringen |
genoten heeft gedurende de periode van drie jaar die zijn | genoten heeft gedurende de periode van drie jaar die zijn |
indienstneming voorafgaat; | indienstneming voorafgaat; |
2. geen beroepsactiviteit verricht heeft gedurende de periode van drie | 2. geen beroepsactiviteit verricht heeft gedurende de periode van drie |
jaar die zijn indienstneming voorafgaat; | jaar die zijn indienstneming voorafgaat; |
3. voor de periode van drie jaar voorzien in punten 1 en 2, zijn | 3. voor de periode van drie jaar voorzien in punten 1 en 2, zijn |
beroepsactiviteit onderbroken heeft ofwel nooit een dergelijke | beroepsactiviteit onderbroken heeft ofwel nooit een dergelijke |
activiteit begonnen heeft. | activiteit begonnen heeft. |
f) Onder "bestaansminimumtrekker" wordt verstaan : de werkzoekende die | f) Onder "bestaansminimumtrekker" wordt verstaan : de werkzoekende die |
op het ogenblik van zijn indienstneming sinds minstens zes maanden | op het ogenblik van zijn indienstneming sinds minstens zes maanden |
zonder onderbreking het bestaansminimum ontvangt. | zonder onderbreking het bestaansminimum ontvangt. |
g) Onder "laaggeschoolde werknemer" wordt verstaan : de werknemer, | g) Onder "laaggeschoolde werknemer" wordt verstaan : de werknemer, |
ouder dan 18 jaar, die geen houder is van : | ouder dan 18 jaar, die geen houder is van : |
1. ofwel een diploma van het universitair onderwijs; | 1. ofwel een diploma van het universitair onderwijs; |
2. ofwel een diploma of een getuigschrift van het hoger onderwijs van | 2. ofwel een diploma of een getuigschrift van het hoger onderwijs van |
het lange of korte type; | het lange of korte type; |
3. ofwel een getuigschrift van het hoger secundair onderwijs. | 3. ofwel een getuigschrift van het hoger secundair onderwijs. |
h) Onder "allochtonen" wordt verstaan : de personen van een | h) Onder "allochtonen" wordt verstaan : de personen van een |
niet-Belgische afkomst. | niet-Belgische afkomst. |
§ 2. Ook de personen die het begeleidingsplan dat voor werklozen | § 2. Ook de personen die het begeleidingsplan dat voor werklozen |
uitgewerkt is, gevolgd hebben, vallen onder de in deze collectieve | uitgewerkt is, gevolgd hebben, vallen onder de in deze collectieve |
arbeidsovereenkomst bedoelde doelgroepen. | arbeidsovereenkomst bedoelde doelgroepen. |
Art. 6.Gelet op artikel 8 van de collectieve arbeidsovereenkomst van |
Art. 6.Gelet op artikel 8 van de collectieve arbeidsovereenkomst van |
7 juni 1991, gesloten in het Paritair Comité voor het tuinbouwbedrijf, | 7 juni 1991, gesloten in het Paritair Comité voor het tuinbouwbedrijf, |
tot oprichting van een fonds voor bestaanszekerheid en vaststelling | tot oprichting van een fonds voor bestaanszekerheid en vaststelling |
van zijn statuten, genieten de ondernemingen die vanaf 1 juli 2005 een | van zijn statuten, genieten de ondernemingen die vanaf 1 juli 2005 een |
werknemer in dienst nemen die behoort tot de categorieën vermeld in | werknemer in dienst nemen die behoort tot de categorieën vermeld in |
artikel 5 van deze collectieve arbeidsovereenkomst, van een | artikel 5 van deze collectieve arbeidsovereenkomst, van een |
tewerkstellingspremie. | tewerkstellingspremie. |
Deze tegemoetkoming wordt uitbetaald door het "Waarborg- en Sociaal | Deze tegemoetkoming wordt uitbetaald door het "Waarborg- en Sociaal |
Fonds voor het tuinbouwbedrijf". | Fonds voor het tuinbouwbedrijf". |
De raad van bestuur van het "Waarborg- en Sociaal Fonds voor het | De raad van bestuur van het "Waarborg- en Sociaal Fonds voor het |
tuinbouwbedrijf" bepaalt de praktische toekenningsvoorwaarden en het | tuinbouwbedrijf" bepaalt de praktische toekenningsvoorwaarden en het |
bedrag van de tewerkstellingspremie. | bedrag van de tewerkstellingspremie. |
Art. 7.De raad van bestuur kan een gedeelte van de voorziene middelen |
Art. 7.De raad van bestuur kan een gedeelte van de voorziene middelen |
aanwenden voor vorming en opleiding van personen die behoren tot de | aanwenden voor vorming en opleiding van personen die behoren tot de |
risicogroepen. | risicogroepen. |
De raad van bestuur van het "Waarborg- en Sociaal Fonds voor het | De raad van bestuur van het "Waarborg- en Sociaal Fonds voor het |
tuinbouwbedrijf" bepaalt welke begeleidende maatregelen noodzakelijk | tuinbouwbedrijf" bepaalt welke begeleidende maatregelen noodzakelijk |
zijn en hoe deze hun uitwerking zullen krijgen. | zijn en hoe deze hun uitwerking zullen krijgen. |
Art. 8.De bedragen en de periodes van tussenkomst vermeld in deze |
Art. 8.De bedragen en de periodes van tussenkomst vermeld in deze |
collectieve arbeidsovereenkomst evenals de uitgewerkte praktische | collectieve arbeidsovereenkomst evenals de uitgewerkte praktische |
toekenningsvoorwaarden, kunnen door de raad van bestuur van het | toekenningsvoorwaarden, kunnen door de raad van bestuur van het |
"Waarborg- en Sociaal Fonds voor het tuinbouwbedrijf" aangepast worden | "Waarborg- en Sociaal Fonds voor het tuinbouwbedrijf" aangepast worden |
in functie van de jaarlijks voorziene budgettaire | in functie van de jaarlijks voorziene budgettaire |
bestedingsmogelijkheden. | bestedingsmogelijkheden. |
Een aparte regeling wordt uitgewerkt voor deze deeltijds | Een aparte regeling wordt uitgewerkt voor deze deeltijds |
leerplichtigen zoals bedoeld in artikel 5, § 1, d) van deze | leerplichtigen zoals bedoeld in artikel 5, § 1, d) van deze |
collectieve arbeidsovereenkomst. | collectieve arbeidsovereenkomst. |
Art. 9.De ondertekenende partijen zullen een evaluatieverslag en een |
Art. 9.De ondertekenende partijen zullen een evaluatieverslag en een |
financieel rapport neerleggen op de Griffie van de Algemene Directie | financieel rapport neerleggen op de Griffie van de Algemene Directie |
Collectieve Arbeidsbetrekkingen van de Federale Overheidsdienst | Collectieve Arbeidsbetrekkingen van de Federale Overheidsdienst |
Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg. | Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg. |
Art. 10.Deze collectieve arbeidsovereenkomst heeft uitwerking met |
Art. 10.Deze collectieve arbeidsovereenkomst heeft uitwerking met |
ingang van 1 juli 2005 en is gesloten voor een onbepaalde duur. | ingang van 1 juli 2005 en is gesloten voor een onbepaalde duur. |
Zij kan door elk van de ondertekenende partijen worden opgezegd mits | Zij kan door elk van de ondertekenende partijen worden opgezegd mits |
een opzegging van tenminste drie maanden, betekend bij een ter post | een opzegging van tenminste drie maanden, betekend bij een ter post |
aangetekende brief gericht aan de voorzitter van het Paritair Comité | aangetekende brief gericht aan de voorzitter van het Paritair Comité |
voor het tuinbouwbedrijf. | voor het tuinbouwbedrijf. |
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 5 augustus | Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 5 augustus |
2006. | 2006. |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
P. VANVELTHOVEN | P. VANVELTHOVEN |