Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 27 april 2005, gesloten in het Paritair Comité voor de non-ferro metalen, betreffende de variabele bonus | Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 27 april 2005, gesloten in het Paritair Comité voor de non-ferro metalen, betreffende de variabele bonus |
---|---|
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG | FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG |
3 JULI 2005. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt | 3 JULI 2005. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt |
verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 27 april 2005, | verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 27 april 2005, |
gesloten in het Paritair Comité voor de non-ferro metalen, betreffende | gesloten in het Paritair Comité voor de non-ferro metalen, betreffende |
de variabele bonus (1) | de variabele bonus (1) |
ALBERT II, Koning der Belgen, | ALBERT II, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve | Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve |
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel | arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel |
28; | 28; |
Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de non-ferro | Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de non-ferro |
metalen; | metalen; |
Op de voordracht van Onze Minister van Werk, | Op de voordracht van Onze Minister van Werk, |
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 27 april 2005, | overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 27 april 2005, |
gesloten in het Paritair Comité voor de non-ferro metalen, betreffende | gesloten in het Paritair Comité voor de non-ferro metalen, betreffende |
de variabele bonus. | de variabele bonus. |
Art. 2.Onze Minister van Werk is belast met de uitvoering van dit |
Art. 2.Onze Minister van Werk is belast met de uitvoering van dit |
besluit. | besluit. |
Gegeven te Brussel, 3 juli 2005. | Gegeven te Brussel, 3 juli 2005. |
ALBERT | ALBERT |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
Mevr. F. VAN DEN BOSSCHE | Mevr. F. VAN DEN BOSSCHE |
_______ | _______ |
Nota | Nota |
(1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : | (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : |
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. | Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. |
Bijlage | Bijlage |
Paritair Comité voor de non-ferro metalen | Paritair Comité voor de non-ferro metalen |
Collectieve arbeidsovereenkomst van 27 april 2005 | Collectieve arbeidsovereenkomst van 27 april 2005 |
Variabele bonus | Variabele bonus |
(Overeenkomst geregistreerd op 13 mei 2005 onder het nummer | (Overeenkomst geregistreerd op 13 mei 2005 onder het nummer |
74728/CO/105) | 74728/CO/105) |
Art. 2.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op de |
Art. 2.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op de |
ondernemingen die ressorteren onder het Paritair Comité voor de | ondernemingen die ressorteren onder het Paritair Comité voor de |
non-ferro metalen en op de werklieden die zij tewerkstellen. | non-ferro metalen en op de werklieden die zij tewerkstellen. |
Onder "werklieden" wordt verstaan : de werklieden en de werksters. | Onder "werklieden" wordt verstaan : de werklieden en de werksters. |
Art. 3.Elke werkman heeft jaarlijks recht op een variabele bonus in |
Art. 3.Elke werkman heeft jaarlijks recht op een variabele bonus in |
functie van de rendabiliteit van de onderneming en waarvan de hoogte | functie van de rendabiliteit van de onderneming en waarvan de hoogte |
varieert van 0 pct. tot 1,6 pct. van zijn bruto jaarloon verdiend | varieert van 0 pct. tot 1,6 pct. van zijn bruto jaarloon verdiend |
tijdens het voorgaande kalenderjaar bij de werkgever die de bonus | tijdens het voorgaande kalenderjaar bij de werkgever die de bonus |
verschuldigd is. | verschuldigd is. |
Voor het bepalen van de rendabiliteit van de onderneming wordt | Voor het bepalen van de rendabiliteit van de onderneming wordt |
uitgegaan van de "ROCE" (return on capital employed) van het | uitgegaan van de "ROCE" (return on capital employed) van het |
voorgaande boekjaar. | voorgaande boekjaar. |
Art. 4.Onder "ROCE" wordt verstaan : de verhouding van het |
Art. 4.Onder "ROCE" wordt verstaan : de verhouding van het |
bedrijfsresultaat (code 70/64 van de jaarrekening) ten opzichte van | bedrijfsresultaat (code 70/64 van de jaarrekening) ten opzichte van |
het aangewend kapitaal. | het aangewend kapitaal. |
Het aangewend kapitaal omvat het eigen vermogen (code 10/15) | Het aangewend kapitaal omvat het eigen vermogen (code 10/15) |
vermeerderd met de interestdragende schulden (code 170/4 + code 42 + | vermeerderd met de interestdragende schulden (code 170/4 + code 42 + |
code 43 - code 50/53 - code 54/58) en de voorzieningen (code 160/5). | code 43 - code 50/53 - code 54/58) en de voorzieningen (code 160/5). |
De aangepaste omschrijving van het begrip "ROCE", die gebeurlijk in | De aangepaste omschrijving van het begrip "ROCE", die gebeurlijk in |
toepassing van de collectieve arbeidsovereenkomst van 19 juni 2001, | toepassing van de collectieve arbeidsovereenkomst van 19 juni 2001, |
gesloten in het Paritair Comité voor de non-ferro metalen, betreffende | gesloten in het Paritair Comité voor de non-ferro metalen, betreffende |
de variabele bonus, in paritair overleg op bedrijfsniveau werd | de variabele bonus, in paritair overleg op bedrijfsniveau werd |
vastgelegd voor 30 juni 2001 blijft van toepassing. | vastgelegd voor 30 juni 2001 blijft van toepassing. |
Deze aangepaste omschrijving geldt voor onbepaalde duur en kan in de | Deze aangepaste omschrijving geldt voor onbepaalde duur en kan in de |
toekomst enkel indien uitzonderlijke omstandigheden dit vereisen in | toekomst enkel indien uitzonderlijke omstandigheden dit vereisen in |
paritair overleg worden herzien. | paritair overleg worden herzien. |
Art. 5.De bonus wordt toegekend in functie van de grootte van de |
Art. 5.De bonus wordt toegekend in functie van de grootte van de |
"ROCE" van het voorgaande boekjaar volgens de volgende schaal : | "ROCE" van het voorgaande boekjaar volgens de volgende schaal : |
- de bonus bedraagt 0 pct. van het bruto jaarloon bij een "ROCE" | - de bonus bedraagt 0 pct. van het bruto jaarloon bij een "ROCE" |
kleiner dan 5 pct.; | kleiner dan 5 pct.; |
- de bonus bedraagt 0,7 pct. van het bruto jaarloon bij een "ROCE" | - de bonus bedraagt 0,7 pct. van het bruto jaarloon bij een "ROCE" |
groter dan of gelijk aan 5 pct. en kleiner dan 7,5 pct.; | groter dan of gelijk aan 5 pct. en kleiner dan 7,5 pct.; |
- de bonus bedraagt 0,9 pct. van het bruto jaarloon bij een "ROCE" | - de bonus bedraagt 0,9 pct. van het bruto jaarloon bij een "ROCE" |
groter dan of gelijk aan 7,5 pct. en kleiner dan 12,5 pct.; | groter dan of gelijk aan 7,5 pct. en kleiner dan 12,5 pct.; |
- de bonus bedraagt 1,1 pct. van het bruto jaarloon bij een "ROCE" | - de bonus bedraagt 1,1 pct. van het bruto jaarloon bij een "ROCE" |
groter dan of gelijk aan 12,5 pct. en kleiner dan 15 pct.; | groter dan of gelijk aan 12,5 pct. en kleiner dan 15 pct.; |
- de bonus bedraagt 1,6 pct. van het bruto jaarloon bij een "ROCE" | - de bonus bedraagt 1,6 pct. van het bruto jaarloon bij een "ROCE" |
groter dan of gelijk aan 15 pct. | groter dan of gelijk aan 15 pct. |
Art. 6.Onder "bruto jaarloon verdiend tijdens het voorgaande |
Art. 6.Onder "bruto jaarloon verdiend tijdens het voorgaande |
kalenderjaar" wordt verstaan : het brutoloon van de werkman | kalenderjaar" wordt verstaan : het brutoloon van de werkman |
onderworpen aan sociale zekerheidsbijdragen en als dusdanig aangegeven | onderworpen aan sociale zekerheidsbijdragen en als dusdanig aangegeven |
aan de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid tussen 1 januari en 31 | aan de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid tussen 1 januari en 31 |
december van het voorgaande kalenderjaar. | december van het voorgaande kalenderjaar. |
Art. 7.Behoudens hetgeen is bepaald in artikel 9 wordt de bonus |
Art. 7.Behoudens hetgeen is bepaald in artikel 9 wordt de bonus |
jaarlijks betaald met de loonbetaling van de maand volgend op de | jaarlijks betaald met de loonbetaling van de maand volgend op de |
algemene vergadering van de aandeelhouders. | algemene vergadering van de aandeelhouders. |
Art. 8.De bonus wordt elk jaar opnieuw berekend volgens bovenstaande |
Art. 8.De bonus wordt elk jaar opnieuw berekend volgens bovenstaande |
principes en maakt aldus geen deel uit van het basisloon. | principes en maakt aldus geen deel uit van het basisloon. |
Bijgevolg maakt deze bonus geen deel uit van de berekeningsbasis van | Bijgevolg maakt deze bonus geen deel uit van de berekeningsbasis van |
andere vergoedingen of premies die in de loop van het jaar worden | andere vergoedingen of premies die in de loop van het jaar worden |
betaald, noch van de berekeningsbasis van de bonus te betalen in het | betaald, noch van de berekeningsbasis van de bonus te betalen in het |
volgend jaar. | volgend jaar. |
De hoogte van de bonus die betrekking heeft op een bepaald jaar | De hoogte van de bonus die betrekking heeft op een bepaald jaar |
creëert geen verdere rechten voor de daaropvolgende jaren. | creëert geen verdere rechten voor de daaropvolgende jaren. |
Art. 9.De bonus, te betalen in het lopende jaar, berekend op het |
Art. 9.De bonus, te betalen in het lopende jaar, berekend op het |
bruto jaarloon verdiend in het voorgaande kalenderjaar, wordt | bruto jaarloon verdiend in het voorgaande kalenderjaar, wordt |
toegekend aan de werkman die op de datum van betaling in de | toegekend aan de werkman die op de datum van betaling in de |
onderneming is tewerkgesteld, ongeacht het soort arbeidsovereenkomst | onderneming is tewerkgesteld, ongeacht het soort arbeidsovereenkomst |
en inbegrepen de uitzendkrachten. | en inbegrepen de uitzendkrachten. |
Art. 10.§ 1. De bonus wordt eveneens betaald aan de werklieden die |
Art. 10.§ 1. De bonus wordt eveneens betaald aan de werklieden die |
uit dienst getreden zijn voor de betaling van de bonus, tenzij zij | uit dienst getreden zijn voor de betaling van de bonus, tenzij zij |
zijn ontslagen om een dringende reden. | zijn ontslagen om een dringende reden. |
§ 2. Ingeval van uitdiensttreding, tenzij om dringende reden, tijdens | § 2. Ingeval van uitdiensttreding, tenzij om dringende reden, tijdens |
het kalenderjaar voorafgaand aan het jaar van betaling van de bonus | het kalenderjaar voorafgaand aan het jaar van betaling van de bonus |
wordt de bonus, in toepassing van artikel 5, prorata temporis betaald. | wordt de bonus, in toepassing van artikel 5, prorata temporis betaald. |
§ 3. In afwijking van de bepalingen van artikel 2 wordt, voor het | § 3. In afwijking van de bepalingen van artikel 2 wordt, voor het |
bepalen van de rentabiliteit in §§ 1 en 2 van huidig artikel, | bepalen van de rentabiliteit in §§ 1 en 2 van huidig artikel, |
uitgegaan van de "ROCE" op basis waarvan in de onderneming de laatste | uitgegaan van de "ROCE" op basis waarvan in de onderneming de laatste |
bonus voor de datum van uitdiensttreding werd uitbetaald. In afwijking | bonus voor de datum van uitdiensttreding werd uitbetaald. In afwijking |
van de bepalingen van artikel 6 wordt de bonus betaald bij | van de bepalingen van artikel 6 wordt de bonus betaald bij |
uitdiensttreding. | uitdiensttreding. |
Art. 11.De werkman die in de loop van het kalenderjaar voorafgaand |
Art. 11.De werkman die in de loop van het kalenderjaar voorafgaand |
aan het jaar van de betaling van de bonus in dienst is getreden wordt | aan het jaar van de betaling van de bonus in dienst is getreden wordt |
bij toepassing van artikel 5 de bonus prorata temporis betaald. | bij toepassing van artikel 5 de bonus prorata temporis betaald. |
Art. 12.Deze collectieve arbeidsovereenkomst heeft uitwerking met |
Art. 12.Deze collectieve arbeidsovereenkomst heeft uitwerking met |
ingang van 1 januari 2005 en is gesloten voor onbepaalde duur. Zij kan | ingang van 1 januari 2005 en is gesloten voor onbepaalde duur. Zij kan |
door elk van de ondertekenende partijen worden opgezegd met een | door elk van de ondertekenende partijen worden opgezegd met een |
opzegging van drie maanden gericht aan de voorzitter van het paritair | opzegging van drie maanden gericht aan de voorzitter van het paritair |
comité en aan elk van de ondertekenende partijen. | comité en aan elk van de ondertekenende partijen. |
Vanaf 1 januari 2005 heft zij de bepalingen op van de collectieve | Vanaf 1 januari 2005 heft zij de bepalingen op van de collectieve |
arbeidsovereenkomst van 28 mei 2003, gesloten in het Paritair Comité | arbeidsovereenkomst van 28 mei 2003, gesloten in het Paritair Comité |
voor de non-ferro metalen, betreffende de variabele bonus, algemeen | voor de non-ferro metalen, betreffende de variabele bonus, algemeen |
verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 11 september 2003, | verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 11 september 2003, |
bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 12 november 2003. | bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 12 november 2003. |
Zij vervangt de bepalingen van hoofdstuk 3, afdeling 2, van de | Zij vervangt de bepalingen van hoofdstuk 3, afdeling 2, van de |
collectieve arbeidsovereenkomst van 27 april 2005, gesloten in het | collectieve arbeidsovereenkomst van 27 april 2005, gesloten in het |
Paritair Comité voor de non-ferro metalen, betreffende het protocol | Paritair Comité voor de non-ferro metalen, betreffende het protocol |
van sectoraal akkoord 2005-2006. | van sectoraal akkoord 2005-2006. |
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 3 juli | Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 3 juli |
2005. | 2005. |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
Mevr. F. VAN DEN BOSSCHE | Mevr. F. VAN DEN BOSSCHE |