Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 7 mei 2003 gesloten in het Paritair Comité voor de steenbakkerij, betreffende de toekenning en wijze van uitkering van aanvullende sociale voordelen en vaststelling van het bedrag en de wijze van inning van de bijdragen van de werkgevers | Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 7 mei 2003 gesloten in het Paritair Comité voor de steenbakkerij, betreffende de toekenning en wijze van uitkering van aanvullende sociale voordelen en vaststelling van het bedrag en de wijze van inning van de bijdragen van de werkgevers |
---|---|
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG | FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG |
3 FEBRUARI 2004. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend | 3 FEBRUARI 2004. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend |
wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 7 mei 2003 | wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 7 mei 2003 |
gesloten in het Paritair Comité voor de steenbakkerij, betreffende de | gesloten in het Paritair Comité voor de steenbakkerij, betreffende de |
toekenning en wijze van uitkering van aanvullende sociale voordelen en | toekenning en wijze van uitkering van aanvullende sociale voordelen en |
vaststelling van het bedrag en de wijze van inning van de bijdragen | vaststelling van het bedrag en de wijze van inning van de bijdragen |
van de werkgevers (1) | van de werkgevers (1) |
ALBERT II, Koning der Belgen, | ALBERT II, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve | Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve |
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel | arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel |
28; | 28; |
Gelet op de collectieve arbeidsovereenkomst van 20 september 1990, | Gelet op de collectieve arbeidsovereenkomst van 20 september 1990, |
gesloten in het Paritair Comité voor de steenbakkerij, houdende | gesloten in het Paritair Comité voor de steenbakkerij, houdende |
coördinatie van de statuten van het « Sociaal Fonds voor de | coördinatie van de statuten van het « Sociaal Fonds voor de |
baksteenindustrie », algemeen verbindend verklaard bij koninklijk | baksteenindustrie », algemeen verbindend verklaard bij koninklijk |
besluit van 21 mei 1991, inzonderheid op de artikelen 6 en 12; | besluit van 21 mei 1991, inzonderheid op de artikelen 6 en 12; |
Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de steenbakkerij; | Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de steenbakkerij; |
Op de voordracht van Onze Minister van Werk, | Op de voordracht van Onze Minister van Werk, |
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
Artikel 1 . Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage | Artikel 1 . Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 7 mei 2003, gesloten | overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 7 mei 2003, gesloten |
in het Paritair Comité voor de steenbakkerij, betreffende de | in het Paritair Comité voor de steenbakkerij, betreffende de |
toekenning en wijze van uitkering van aanvullende sociale voordelen en | toekenning en wijze van uitkering van aanvullende sociale voordelen en |
vaststelling van het bedrag en de wijze van inning van de bijdragen | vaststelling van het bedrag en de wijze van inning van de bijdragen |
van de werkgevers. | van de werkgevers. |
Art. 2 . Onze Minister van Werk is belast met de uitvoering van dit | Art. 2 . Onze Minister van Werk is belast met de uitvoering van dit |
besluit. | besluit. |
Gegeven te Brussel, 3 februari 2004. | Gegeven te Brussel, 3 februari 2004. |
ALBERT | ALBERT |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
F. VANDENBROUCKE | F. VANDENBROUCKE |
_______ | _______ |
Nota | Nota |
(1) Verwijzingen naar het Belgisch Staatsblad : | (1) Verwijzingen naar het Belgisch Staatsblad : |
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. | Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. |
Koninklijk besluit van 21 mei 1991, Belgisch Staatsblad van 4 oktober | Koninklijk besluit van 21 mei 1991, Belgisch Staatsblad van 4 oktober |
1991. | 1991. |
Bijlage | Bijlage |
Paritair Comité voor de steenbakkerij | Paritair Comité voor de steenbakkerij |
Collectieve arbeidsovereenkomst van 7 mei 2003 | Collectieve arbeidsovereenkomst van 7 mei 2003 |
Toekenning en wijze van uitkering van aanvullende sociale voordelen en | Toekenning en wijze van uitkering van aanvullende sociale voordelen en |
vaststelling van het bedrag en de wijze van inning van de bijdragen | vaststelling van het bedrag en de wijze van inning van de bijdragen |
van de werkgevers (Overeenkomst geregistreerd op 22 september 2003 | van de werkgevers (Overeenkomst geregistreerd op 22 september 2003 |
onder het nummer 67558/CO/114) | onder het nummer 67558/CO/114) |
HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied | HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op |
de werkgevers en op de arbeid(st)ers van de ondernemingen die | de werkgevers en op de arbeid(st)ers van de ondernemingen die |
ressorteren onder het Paritair Comité voor de steenbakkerij. | ressorteren onder het Paritair Comité voor de steenbakkerij. |
Deze collectieve arbeidsovereenkomst is niet van toepassing op de N.V. | Deze collectieve arbeidsovereenkomst is niet van toepassing op de N.V. |
Scheerders-Van Kerchove's, Verenigde Fabrieken te Sint-Niklaas, en de | Scheerders-Van Kerchove's, Verenigde Fabrieken te Sint-Niklaas, en de |
arbeid(st)ers die er zijn tewerkgesteld. | arbeid(st)ers die er zijn tewerkgesteld. |
HOOFDSTUK II. - Aanvullende sociale voordelen | HOOFDSTUK II. - Aanvullende sociale voordelen |
Art. 2.In uitvoering van de statuten van het « Sociaal Fonds voor de |
Art. 2.In uitvoering van de statuten van het « Sociaal Fonds voor de |
baksteenindustrie », worden volgende sociale voordelen, door | baksteenindustrie », worden volgende sociale voordelen, door |
bemiddeling van het sociaal fonds, toegekend. | bemiddeling van het sociaal fonds, toegekend. |
Afdeling 1. - Sociale premie | Afdeling 1. - Sociale premie |
a) Toekenningsmodaliteiten. | a) Toekenningsmodaliteiten. |
Art. 3.Aan de arbeid(st)ers wordt een sociale premie toegekend. |
Art. 3.Aan de arbeid(st)ers wordt een sociale premie toegekend. |
Art. 4.1. De sociale premie bedraagt voor alle arbeid(st)ers met |
Art. 4.1. De sociale premie bedraagt voor alle arbeid(st)ers met |
uitzondering van de bruggepensioneerden 123,95 EUR in 2003 en 2004. | uitzondering van de bruggepensioneerden 123,95 EUR in 2003 en 2004. |
Zij wordt berekend door het aantal maanden en begonnen maanden | Zij wordt berekend door het aantal maanden en begonnen maanden |
inschrijving in het personeelsregister tijdens het in artikel 5, § 1, | inschrijving in het personeelsregister tijdens het in artikel 5, § 1, |
b), bepaalde dienstjaar, te vermenigvuldigen met 10,329 EUR voor de | b), bepaalde dienstjaar, te vermenigvuldigen met 10,329 EUR voor de |
berekening van de premie van de jaren 2003 en 2004. | berekening van de premie van de jaren 2003 en 2004. |
In toepassing van dit artikel 4.1 wordt de sociale premie als volgt | In toepassing van dit artikel 4.1 wordt de sociale premie als volgt |
vastgesteld : | vastgesteld : |
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld | Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld |
2. De sociale premie bedraagt voor de bruggepensioneerden 86,76 EUR in | 2. De sociale premie bedraagt voor de bruggepensioneerden 86,76 EUR in |
2003 en 2004. Zij wordt berekend door het aantal maanden recht tijdens | 2003 en 2004. Zij wordt berekend door het aantal maanden recht tijdens |
het in artikel 5 bepaalde dienstjaar te vermenigvuldigen met 7,230 EUR | het in artikel 5 bepaalde dienstjaar te vermenigvuldigen met 7,230 EUR |
voor de berekening van de premie van de jaren 2003 en 2004. | voor de berekening van de premie van de jaren 2003 en 2004. |
In toepassing van dit artikel 4.2 wordt de sociale premie als volgt | In toepassing van dit artikel 4.2 wordt de sociale premie als volgt |
vastgesteld : | vastgesteld : |
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld | Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld |
Art. 5.§ 1. De arbeid(st)ers hebben recht op de sociale premie indien |
Art. 5.§ 1. De arbeid(st)ers hebben recht op de sociale premie indien |
zij beantwoorden aan de volgende voorwaarden : | zij beantwoorden aan de volgende voorwaarden : |
a) lid zijn van één van de representatieve werknemersorganisaties die | a) lid zijn van één van de representatieve werknemersorganisaties die |
op nationaal vlak verbonden zijn; | op nationaal vlak verbonden zijn; |
b) tijdens het dienstjaar, dat ingaat op 1 juli van het vorig jaar en | b) tijdens het dienstjaar, dat ingaat op 1 juli van het vorig jaar en |
eindigt op 30 juni van het lopend jaar, ingeschreven zijn geweest in | eindigt op 30 juni van het lopend jaar, ingeschreven zijn geweest in |
het personeelsregister van een in artikel 1 bedoelde onderneming; | het personeelsregister van een in artikel 1 bedoelde onderneming; |
c) niet ontslagen zijn wegens dringende redenen. | c) niet ontslagen zijn wegens dringende redenen. |
Voldoen eveneens aan de voorwaarden vastgesteld in § 1, b), de | Voldoen eveneens aan de voorwaarden vastgesteld in § 1, b), de |
arbeid(st)ers : | arbeid(st)ers : |
1o waarvan de arbeidsovereenkomst is geschorst wegens | 1o waarvan de arbeidsovereenkomst is geschorst wegens |
arbeidsongeschiktheid ingevolge ziekte, ongeval of arbeidsongeval en | arbeidsongeschiktheid ingevolge ziekte, ongeval of arbeidsongeval en |
die tijdens voormeld dienstjaar werkelijke of daarmede gelijkgestelde | die tijdens voormeld dienstjaar werkelijke of daarmede gelijkgestelde |
arbeidsprestaties hebben geleverd; | arbeidsprestaties hebben geleverd; |
2o die bruggepensioneerd zijn. Zij ontvangen voor de laatste maal de | 2o die bruggepensioneerd zijn. Zij ontvangen voor de laatste maal de |
sociale premie zoals voorzien in artikel 4.1 voor het dienstjaar | sociale premie zoals voorzien in artikel 4.1 voor het dienstjaar |
tijdens hetwelk zij op brugpensioen worden gesteld. Zij ontvangen voor | tijdens hetwelk zij op brugpensioen worden gesteld. Zij ontvangen voor |
de laatste maal de sociale premie zoals voorzien in artikel 4.2 in het | de laatste maal de sociale premie zoals voorzien in artikel 4.2 in het |
dienstjaar tijdens hetwelk zij op pensioen worden gesteld. Zoals | dienstjaar tijdens hetwelk zij op pensioen worden gesteld. Zoals |
voorzien in 3o worden de arbeid(st)ers die op pensioen worden gesteld | voorzien in 3o worden de arbeid(st)ers die op pensioen worden gesteld |
tijdens de periode die ingaat op 1 januari en eindigt op 30 juni, | tijdens de periode die ingaat op 1 januari en eindigt op 30 juni, |
eveneens beschouwd als zijnde ingeschreven in het personeelsregister | eveneens beschouwd als zijnde ingeschreven in het personeelsregister |
tot 30 juni; | tot 30 juni; |
3o die op pensioen zijn gesteld, overeenkomstig de wettelijke of bij | 3o die op pensioen zijn gesteld, overeenkomstig de wettelijke of bij |
overeenkomst vastgestelde bepalingen betreffende de rust- en | overeenkomst vastgestelde bepalingen betreffende de rust- en |
overlevingspensioenen, tijdens de periode die ingaat op 1 januari en | overlevingspensioenen, tijdens de periode die ingaat op 1 januari en |
eindigt op 30 juni, aangezien zij worden beschouwd als zijnde | eindigt op 30 juni, aangezien zij worden beschouwd als zijnde |
ingeschreven in het personeelsregister tot 30 juni. Zij ontvangen de | ingeschreven in het personeelsregister tot 30 juni. Zij ontvangen de |
sociale premie zoals voorzien in het artikel 4.2. | sociale premie zoals voorzien in het artikel 4.2. |
§ 2. De arbeid(st)ers waarvan de arbeidsovereenkomst werd geschorst | § 2. De arbeid(st)ers waarvan de arbeidsovereenkomst werd geschorst |
wegens arbeidsongeschiktheid ingevolge ziekte, ongeval of | wegens arbeidsongeschiktheid ingevolge ziekte, ongeval of |
arbeidsongeval en tijdens voornoemd dienstjaar geen werkelijke of | arbeidsongeval en tijdens voornoemd dienstjaar geen werkelijke of |
daarmede gelijkgestelde arbeidsprestaties hebben geleverd, hebben | daarmede gelijkgestelde arbeidsprestaties hebben geleverd, hebben |
recht op de sociale premie. Deze is vastgesteld in verhouding tot de | recht op de sociale premie. Deze is vastgesteld in verhouding tot de |
anciënniteit die zij hebben bereikt bij dezelfde werkgever bedoeld in | anciënniteit die zij hebben bereikt bij dezelfde werkgever bedoeld in |
artikel 1 op de laatste dag van hun tewerkstelling en is bepaald als | artikel 1 op de laatste dag van hun tewerkstelling en is bepaald als |
volgt : | volgt : |
Anciënniteit : De sociale premie wordt nog voor de volgende termijn | Anciënniteit : De sociale premie wordt nog voor de volgende termijn |
toegekend na de uitkering voorzien in § 1, 1o : | toegekend na de uitkering voorzien in § 1, 1o : |
van 10 tot minder dan 15 jaar : 2 dienstjaren; | van 10 tot minder dan 15 jaar : 2 dienstjaren; |
van 15 tot minder dan 20 jaar : 3 dienstjaren; | van 15 tot minder dan 20 jaar : 3 dienstjaren; |
van 20 tot minder dan 25 jaar : 4 dienstjaren; | van 20 tot minder dan 25 jaar : 4 dienstjaren; |
van 25 jaar en meer : 5 dienstjaren. | van 25 jaar en meer : 5 dienstjaren. |
De voorwaarden voorzien in § 1, a) en b), zijn van toepassing op de | De voorwaarden voorzien in § 1, a) en b), zijn van toepassing op de |
gevallen voorzien in deze paragraaf. | gevallen voorzien in deze paragraaf. |
Art. 6.De begonnen maand waarvan sprake in artikel 4, wordt als volgt |
Art. 6.De begonnen maand waarvan sprake in artikel 4, wordt als volgt |
bepaald : de arbeid(st)ers die voor de 16e van de maand in dienst zijn | bepaald : de arbeid(st)ers die voor de 16e van de maand in dienst zijn |
getreden en de arbeid(st)ers die na de 15e van de maand uit dienst | getreden en de arbeid(st)ers die na de 15e van de maand uit dienst |
zijn getreden, worden beschouwd als hebbende een maand inschrijving in | zijn getreden, worden beschouwd als hebbende een maand inschrijving in |
het personeelsregister. | het personeelsregister. |
Art. 7.Voor de toepassing van artikel 5, § 1, 1o, worden met |
Art. 7.Voor de toepassing van artikel 5, § 1, 1o, worden met |
arbeidsprestaties gelijkgesteld : | arbeidsprestaties gelijkgesteld : |
1o voor de dagen waarop werkelijk arbeid wordt verricht wanneer de | 1o voor de dagen waarop werkelijk arbeid wordt verricht wanneer de |
duur van de dagelijkse prestaties acht uren overschrijdt en het aantal | duur van de dagelijkse prestaties acht uren overschrijdt en het aantal |
dezer dagen wekelijks minder dan vijf beloopt. Hiervoor wordt het | dezer dagen wekelijks minder dan vijf beloopt. Hiervoor wordt het |
aantal effectief gewerkte dagen verkregen door het aantal uren | aantal effectief gewerkte dagen verkregen door het aantal uren |
werkelijke arbeid tijdens het kwartaal door acht te delen; indien dit | werkelijke arbeid tijdens het kwartaal door acht te delen; indien dit |
quotiënt een breuk bevat, dan wordt het tot de hogere eenheid | quotiënt een breuk bevat, dan wordt het tot de hogere eenheid |
afgerond; | afgerond; |
2o de dagen waarop geen arbeid wordt verricht, maar waarvoor de | 2o de dagen waarop geen arbeid wordt verricht, maar waarvoor de |
werkgever aan de werknemer een loon moet betalen, dat aanleiding geeft | werkgever aan de werknemer een loon moet betalen, dat aanleiding geeft |
tot berekening van bijdragen. Het zijn inzonderheid de wettelijke | tot berekening van bijdragen. Het zijn inzonderheid de wettelijke |
feestdagen, de dagen klein verlet, de dagen verlof om dwingende | feestdagen, de dagen klein verlet, de dagen verlof om dwingende |
redenen, de dagen tijdens welke de arbeid is geschorst met behoud van | redenen, de dagen tijdens welke de arbeid is geschorst met behoud van |
het recht op het volledig of gedeeltelijk loon, enz.; | het recht op het volledig of gedeeltelijk loon, enz.; |
3o de inhaalrustdagen toegekend krachtens de wetgeving op de | 3o de inhaalrustdagen toegekend krachtens de wetgeving op de |
arbeidsduur en bestemd om de wekelijkse arbeidsduur op een gemiddelde | arbeidsduur en bestemd om de wekelijkse arbeidsduur op een gemiddelde |
van 40 uren of minder te brengen; | van 40 uren of minder te brengen; |
4o de wettelijke en bijkomende vakantiedagen tot beloop van de dagen | 4o de wettelijke en bijkomende vakantiedagen tot beloop van de dagen |
van gewone activiteit; | van gewone activiteit; |
5o de dag waarop geen arbeid wordt verricht of die niet betaald is | 5o de dag waarop geen arbeid wordt verricht of die niet betaald is |
tijdens elk van de weken die vijf arbeidsdagen bevatten, behorende tot | tijdens elk van de weken die vijf arbeidsdagen bevatten, behorende tot |
bovenvermelde categorieën 1o tot 4o wanneer de wekelijkse arbeid van | bovenvermelde categorieën 1o tot 4o wanneer de wekelijkse arbeid van |
de werknemer nu eens over vijf dagen, dan weer over meer dan vijf | de werknemer nu eens over vijf dagen, dan weer over meer dan vijf |
dagen in de loop van het kwartaal is verdeeld. | dagen in de loop van het kwartaal is verdeeld. |
Elk daggedeelte, ongeacht de duur van de arbeidsprestaties of het | Elk daggedeelte, ongeacht de duur van de arbeidsprestaties of het |
bedrag van het loon dat hierop betrekking heeft, moet als een | bedrag van het loon dat hierop betrekking heeft, moet als een |
volledige dag worden aangezien. | volledige dag worden aangezien. |
b) Uitkeringsmodaliteiten. | b) Uitkeringsmodaliteiten. |
Art. 8.1o Het fonds zendt aan alle werkgevers bedoeld in artikel 1 |
Art. 8.1o Het fonds zendt aan alle werkgevers bedoeld in artikel 1 |
een « eerste lijst », in tweevoud, waarop reeds de namen, adressen, | een « eerste lijst », in tweevoud, waarop reeds de namen, adressen, |
bankrekeningnummer en geboortedatum voorkomen van de arbeid(st)ers die | bankrekeningnummer en geboortedatum voorkomen van de arbeid(st)ers die |
voorkwamen op de lijsten van het vorig jaar. | voorkwamen op de lijsten van het vorig jaar. |
De werkgever zal op deze lijst : | De werkgever zal op deze lijst : |
1. de nodige wijzigingen aanbrengen aan de vermelde namen en adressen; | 1. de nodige wijzigingen aanbrengen aan de vermelde namen en adressen; |
2. de arbeid(st)ers schrappen die geen recht meer hebben op sociale | 2. de arbeid(st)ers schrappen die geen recht meer hebben op sociale |
premie; | premie; |
3. de namen en adressen bijvoegen van de arbeid(st)ers die in dienst | 3. de namen en adressen bijvoegen van de arbeid(st)ers die in dienst |
zijn gekomen tijdens het dienstjaar en die bijgevolg tijdens de gehele | zijn gekomen tijdens het dienstjaar en die bijgevolg tijdens de gehele |
periode of een gedeelte ervan ingeschreven waren in het | periode of een gedeelte ervan ingeschreven waren in het |
personeelsregister; | personeelsregister; |
4. voor alle arbeid(st)ers nagaan of de geboortedatum juist is en deze | 4. voor alle arbeid(st)ers nagaan of de geboortedatum juist is en deze |
aanvullen waar nodig; | aanvullen waar nodig; |
5. voor alle arbeid(st)ers het aantal, in de loop van het dienstjaar, | 5. voor alle arbeid(st)ers het aantal, in de loop van het dienstjaar, |
gewerkte en gelijkgestelde maanden, opgeven zoals deze worden bepaald | gewerkte en gelijkgestelde maanden, opgeven zoals deze worden bepaald |
in de artikelen 4, 5, 6 en 7 van de huidige overeenkomst; | in de artikelen 4, 5, 6 en 7 van de huidige overeenkomst; |
6. het banknummer van de arbeid(st)ers verifiëren en indien nodig | 6. het banknummer van de arbeid(st)ers verifiëren en indien nodig |
aanvullen of verbeteren. | aanvullen of verbeteren. |
Eén exemplaar van de aldus verbeterde en aangevulde lijst wordt | Eén exemplaar van de aldus verbeterde en aangevulde lijst wordt |
teruggezonden aan het secretariaat van het sociaal fonds voor de | teruggezonden aan het secretariaat van het sociaal fonds voor de |
datum, vermeld op de lijst. Het tweede exemplaar blijft in het bezit | datum, vermeld op de lijst. Het tweede exemplaar blijft in het bezit |
van de werkgever. | van de werkgever. |
2o Na de verwerking van deze gegevens zendt het fonds aan alle | 2o Na de verwerking van deze gegevens zendt het fonds aan alle |
werkgevers een definitieve lijst in tweevoud, met vermelding per | werkgevers een definitieve lijst in tweevoud, met vermelding per |
werkman(ster) van : het brutobedrag van de verschuldigde bijdrage aan | werkman(ster) van : het brutobedrag van de verschuldigde bijdrage aan |
het sociaal fonds zoals deze werd vastgesteld in artikel 20, het | het sociaal fonds zoals deze werd vastgesteld in artikel 20, het |
nettobedrag van de sociale premie waarop de werkman recht heeft, en | nettobedrag van de sociale premie waarop de werkman recht heeft, en |
ten slotte het bedrag van de verhoging van de nettobijdrage. | ten slotte het bedrag van de verhoging van de nettobijdrage. |
Onderaan deze lijst worden de totalen gemaakt van deze bedragen. | Onderaan deze lijst worden de totalen gemaakt van deze bedragen. |
3o Het fonds zendt, in bijlage aan deze definitieve lijsten, eveneens | 3o Het fonds zendt, in bijlage aan deze definitieve lijsten, eveneens |
de voorgedrukte kaarten van rechthebbende. Deze kaarten van | de voorgedrukte kaarten van rechthebbende. Deze kaarten van |
rechthebbende worden door de werkgever onmiddellijk na ontvangst aan | rechthebbende worden door de werkgever onmiddellijk na ontvangst aan |
de arbeid(st)ers overhandigd. | de arbeid(st)ers overhandigd. |
Art. 9.De arbeid(st)ers bieden hun kaart in dubbel exemplaar aan, om |
Art. 9.De arbeid(st)ers bieden hun kaart in dubbel exemplaar aan, om |
te worden gestempeld bij één van de in artikel 5, § 1, a), beoogde | te worden gestempeld bij één van de in artikel 5, § 1, a), beoogde |
werknemersorganisaties, overeenkomstig de onderrichtingen welke hen | werknemersorganisaties, overeenkomstig de onderrichtingen welke hen |
door deze organisaties worden gegeven. De stempel geldt als bewijs van | door deze organisaties worden gegeven. De stempel geldt als bewijs van |
rechthebbende ten laste van het fonds. De niet- of ongeldig | rechthebbende ten laste van het fonds. De niet- of ongeldig |
gestempelde kaarten geven geen recht op uitkering. | gestempelde kaarten geven geen recht op uitkering. |
De afgestempelde kaarten van rechthebbende worden onmiddellijk na | De afgestempelde kaarten van rechthebbende worden onmiddellijk na |
afstempeling door bedoelde werknemersorganisaties aan het fonds | afstempeling door bedoelde werknemersorganisaties aan het fonds |
gezonden. Het dubbel van deze kaarten blijft in het bezit van | gezonden. Het dubbel van deze kaarten blijft in het bezit van |
voormelde werknemersorganisaties. | voormelde werknemersorganisaties. |
Art. 10.Na ontvangst van de door de representatieve |
Art. 10.Na ontvangst van de door de representatieve |
werknemersorganisaties gestempelde kaarten van rechthebbende gaat het | werknemersorganisaties gestempelde kaarten van rechthebbende gaat het |
fonds over tot de uitbetaling van de op de kaart vermelde sociale | fonds over tot de uitbetaling van de op de kaart vermelde sociale |
premie, door overschrijving op het bankrekeningnummer van de werkman, | premie, door overschrijving op het bankrekeningnummer van de werkman, |
of bij gebreke aan een bankrekeningnummer, door uitschrijving van een | of bij gebreke aan een bankrekeningnummer, door uitschrijving van een |
betalingsorder, uiterlijk één maand volgend op de datum van ontvangst | betalingsorder, uiterlijk één maand volgend op de datum van ontvangst |
van de kaart van rechthebbende. | van de kaart van rechthebbende. |
Afdeling 2. - Afscheidspremie aan georganiseerde arbeid(st)ers | Afdeling 2. - Afscheidspremie aan georganiseerde arbeid(st)ers |
Art. 11.Aan de arbeid(st)ers bedoeld in artikel 1 wordt een eenmalige |
Art. 11.Aan de arbeid(st)ers bedoeld in artikel 1 wordt een eenmalige |
afscheidspremie toegekend ten laste van het sociaal fonds. | afscheidspremie toegekend ten laste van het sociaal fonds. |
a) Bedrag van de afscheidspremie - berekening | a) Bedrag van de afscheidspremie - berekening |
Art. 12.De afscheidspremie wordt verworven op basis van 24,79 EUR per |
Art. 12.De afscheidspremie wordt verworven op basis van 24,79 EUR per |
jaar tewerkstelling in een onderneming tijdens de laatste | jaar tewerkstelling in een onderneming tijdens de laatste |
vijfentwintig jaar voor de pensionering, en op voorwaarde dat de | vijfentwintig jaar voor de pensionering, en op voorwaarde dat de |
betrokkene gelijktijdig lid is van één van de representatieve | betrokkene gelijktijdig lid is van één van de representatieve |
werknemersorganisaties en op voorwaarde dat zij op het ogenblik dat | werknemersorganisaties en op voorwaarde dat zij op het ogenblik dat |
zij dit recht op afscheidspremie verwerven nog actief zijn in een | zij dit recht op afscheidspremie verwerven nog actief zijn in een |
onderneming bedoeld in artikel 1. | onderneming bedoeld in artikel 1. |
De afscheidspremie bedraagt aldus ten hoogste 619,75 EUR. | De afscheidspremie bedraagt aldus ten hoogste 619,75 EUR. |
Voor de arbeid(st)ers die niet meer actief zijn wordt de | Voor de arbeid(st)ers die niet meer actief zijn wordt de |
afscheidspremie verworven op basis van 24,79 EUR per jaar | afscheidspremie verworven op basis van 24,79 EUR per jaar |
tewerkstelling tijdens de laatste twintig jaar voor de pensionering. | tewerkstelling tijdens de laatste twintig jaar voor de pensionering. |
De afscheidspremie bedraagt aldus ten hoogste 495,80 EUR. | De afscheidspremie bedraagt aldus ten hoogste 495,80 EUR. |
Art. 13.Met « per jaar tewerkstelling » moet worden begrepen : een |
Art. 13.Met « per jaar tewerkstelling » moet worden begrepen : een |
dienstverband dat ten minste honderd-tweeëndertig effectieve of | dienstverband dat ten minste honderd-tweeëndertig effectieve of |
gelijkgestelde arbeidsdagen telt per kalenderjaar. | gelijkgestelde arbeidsdagen telt per kalenderjaar. |
§ 1. De gelijkgestelde arbeidsdagen zijn : | § 1. De gelijkgestelde arbeidsdagen zijn : |
a) de dagen waarop werkelijk arbeid wordt verricht, wanneer de duur | a) de dagen waarop werkelijk arbeid wordt verricht, wanneer de duur |
van de dagelijkse prestaties acht uren overschrijdt en het aantal | van de dagelijkse prestaties acht uren overschrijdt en het aantal |
dezer dagen wekelijks minder dan vijf beloopt. Hiervoor wordt het | dezer dagen wekelijks minder dan vijf beloopt. Hiervoor wordt het |
aantal effectief gewerkte dagen verkregen door het aantal uren | aantal effectief gewerkte dagen verkregen door het aantal uren |
werkelijke arbeid tijdens het kwartaal door acht te delen; indien dit | werkelijke arbeid tijdens het kwartaal door acht te delen; indien dit |
quotiënt een breuk bevat, dan wordt het tot de hogere eenheid | quotiënt een breuk bevat, dan wordt het tot de hogere eenheid |
afgerond; | afgerond; |
b) de dagen waarop geen arbeid wordt verricht, maar waarvoor de | b) de dagen waarop geen arbeid wordt verricht, maar waarvoor de |
werkgever aan de werknemer een loon moet betalen, dat aanleiding geeft | werkgever aan de werknemer een loon moet betalen, dat aanleiding geeft |
tot berekening van bijdragen. Het zijn inzonderheid de wettelijke | tot berekening van bijdragen. Het zijn inzonderheid de wettelijke |
feestdagen, de dagen van klein verlet, de dagen verlof om dwingende | feestdagen, de dagen van klein verlet, de dagen verlof om dwingende |
redenen, de dagen tijdens welke de arbeid is geschorst met behoud van | redenen, de dagen tijdens welke de arbeid is geschorst met behoud van |
het recht op het volledig of gedeeltelijk loon, enz.; | het recht op het volledig of gedeeltelijk loon, enz.; |
c) de inhaalrustdagen toegekend krachtens de wetgeving op de | c) de inhaalrustdagen toegekend krachtens de wetgeving op de |
arbeidsduur en bestemd om de wekelijkse arbeidsduur op een gemiddelde | arbeidsduur en bestemd om de wekelijkse arbeidsduur op een gemiddelde |
van 40 uren of minder te brengen; | van 40 uren of minder te brengen; |
d) de wettelijke en bijkomende vakantiedagen tot beloop van de dagen | d) de wettelijke en bijkomende vakantiedagen tot beloop van de dagen |
van gewone activiteit; | van gewone activiteit; |
e) de dag waarop geen arbeid wordt verricht of die niet betaald is | e) de dag waarop geen arbeid wordt verricht of die niet betaald is |
tijdens elk van de weken die vijf arbeidsdagen bevatten, behorende tot | tijdens elk van de weken die vijf arbeidsdagen bevatten, behorende tot |
bovenvermelde categorieën a) tot d), wanneer de wekelijkse arbeid van | bovenvermelde categorieën a) tot d), wanneer de wekelijkse arbeid van |
de werknemer nu eens over vijf dagen dan weer over meer dan vijf dagen | de werknemer nu eens over vijf dagen dan weer over meer dan vijf dagen |
in de loop van het kwartaal is verdeeld. | in de loop van het kwartaal is verdeeld. |
Elk daggedeelte, ongeacht de duur van de arbeidsprestatie of het | Elk daggedeelte, ongeacht de duur van de arbeidsprestatie of het |
bedrag van het loon dat hierop betrekking heeft, moet als een | bedrag van het loon dat hierop betrekking heeft, moet als een |
volledige dag worden aangezien. | volledige dag worden aangezien. |
§ 2. De dagen tijdens welke de arbeidsovereenkomst werd geschorst | § 2. De dagen tijdens welke de arbeidsovereenkomst werd geschorst |
wegens economische redenen, slecht weer of technische stoornis, worden | wegens economische redenen, slecht weer of technische stoornis, worden |
met effectief gepresteerde arbeidsdagen gelijkgesteld voor het | met effectief gepresteerde arbeidsdagen gelijkgesteld voor het |
vaststellen van het aantal effectieve of gelijkgestelde dagen voorzien | vaststellen van het aantal effectieve of gelijkgestelde dagen voorzien |
in dit artikel. | in dit artikel. |
§ 3. De volgende gelijkstellingen gelden voor de rechthebbenden die | § 3. De volgende gelijkstellingen gelden voor de rechthebbenden die |
hun recht hebben verworven in een onderneming gelegen in het gewest | hun recht hebben verworven in een onderneming gelegen in het gewest |
Rupel, omvattende de gemeenten Boom, Niel en Rumst : | Rupel, omvattende de gemeenten Boom, Niel en Rumst : |
a) voor de arbeid(st)ers die op 31 maart 1975 arbeidsongeschikt zijn | a) voor de arbeid(st)ers die op 31 maart 1975 arbeidsongeschikt zijn |
wegens ziekte, ongeval of arbeidsongeval wordt de volledige periode | wegens ziekte, ongeval of arbeidsongeval wordt de volledige periode |
van arbeidsongeschiktheid gelijkgesteld met arbeidsprestaties; | van arbeidsongeschiktheid gelijkgesteld met arbeidsprestaties; |
b) de arbeid(st)ers die arbeidsongeschikt worden na 31 maart 1975 | b) de arbeid(st)ers die arbeidsongeschikt worden na 31 maart 1975 |
hebben, in afwijking op artikel 12, de bewijsmogelijkheid om de jaren | hebben, in afwijking op artikel 12, de bewijsmogelijkheid om de jaren |
van tewerkstelling bepaald in dit artikel 12 te doen gelden over hun | van tewerkstelling bepaald in dit artikel 12 te doen gelden over hun |
gehele beroepsloopbaan in de ondernemingen bedoeld in artikel 1; | gehele beroepsloopbaan in de ondernemingen bedoeld in artikel 1; |
c) voor de arbeid(st)ers die minder dan 20 jaar tewerkstelling zoals | c) voor de arbeid(st)ers die minder dan 20 jaar tewerkstelling zoals |
bepaald in artikel 12 kunnen doen gelden in een onderneming bedoeld in | bepaald in artikel 12 kunnen doen gelden in een onderneming bedoeld in |
artikel 1, wordt elk jaar van arbeidsongeschiktheid tijdens hun | artikel 1, wordt elk jaar van arbeidsongeschiktheid tijdens hun |
beroepsloopbaan in die onderneming wegens ziekte, ongeval of | beroepsloopbaan in die onderneming wegens ziekte, ongeval of |
arbeidsongeval gelijkgesteld met één jaar arbeidsprestaties. | arbeidsongeval gelijkgesteld met één jaar arbeidsprestaties. |
De bepalingen van § 3 gelden tot beloop van het maximum aantal jaren | De bepalingen van § 3 gelden tot beloop van het maximum aantal jaren |
waarvoor de afscheidspremie kan worden verworven bij toepassing van de | waarvoor de afscheidspremie kan worden verworven bij toepassing van de |
artikelen 12 en 13, § 1 en § 2. | artikelen 12 en 13, § 1 en § 2. |
b) Toekenningsvoorwaarden. | b) Toekenningsvoorwaarden. |
Art. 14.Hebben recht op uitkering van de in artikel 12 bedoelde |
Art. 14.Hebben recht op uitkering van de in artikel 12 bedoelde |
afscheidspremie, de arbeid(st)ers die : | afscheidspremie, de arbeid(st)ers die : |
1o met pensioen, of met brugpensioen gaan; | 1o met pensioen, of met brugpensioen gaan; |
2o aantonen dat de onderneming ressorteert onder het Paritair Comité | 2o aantonen dat de onderneming ressorteert onder het Paritair Comité |
voor de steenbakkerij; | voor de steenbakkerij; |
3o lid zijn van één van de representatieve werknemersorganisaties. | 3o lid zijn van één van de representatieve werknemersorganisaties. |
Art. 15.Worden gelijkgesteld met rechthebbenden op de uitkering van |
Art. 15.Worden gelijkgesteld met rechthebbenden op de uitkering van |
de afscheidspremie : | de afscheidspremie : |
1o de arbeid(st)ers die, in afwijking van artikel 14, 2o, op het | 1o de arbeid(st)ers die, in afwijking van artikel 14, 2o, op het |
ogenblik van de pensionering volledig uitkeringsgerechtigde werkloze | ogenblik van de pensionering volledig uitkeringsgerechtigde werkloze |
zijn, ingevolge een beslissing getroffen door een werkgever van een | zijn, ingevolge een beslissing getroffen door een werkgever van een |
onderneming bedoeld in artikel 1; | onderneming bedoeld in artikel 1; |
2o de arbeid(st)ers die, in afwijking van artikel 14, 2o, op het | 2o de arbeid(st)ers die, in afwijking van artikel 14, 2o, op het |
ogenblik van de pensionering arbeidsongeschikt zijn, hetzij ingevolge | ogenblik van de pensionering arbeidsongeschikt zijn, hetzij ingevolge |
ziekte of ongeval, hetzij ingevolge arbeidsongeval en het laatst waren | ziekte of ongeval, hetzij ingevolge arbeidsongeval en het laatst waren |
tewerkgesteld in een onderneming bedoeld in artikel 1; | tewerkgesteld in een onderneming bedoeld in artikel 1; |
3o de arbeid(st)ers die, op het ogenblik van de pensionering niet zijn | 3o de arbeid(st)ers die, op het ogenblik van de pensionering niet zijn |
tewerkgesteld in een onderneming bedoeld in artikel 1, omdat hun | tewerkgesteld in een onderneming bedoeld in artikel 1, omdat hun |
arbeidsovereenkomst in die onderneming werd verbroken, hetzij door de | arbeidsovereenkomst in die onderneming werd verbroken, hetzij door de |
werkgever om andere dan dringende redenen welke de onmiddellijke | werkgever om andere dan dringende redenen welke de onmiddellijke |
verbreking van de arbeidsovereenkomst rechtvaardigen, hetzij door de | verbreking van de arbeidsovereenkomst rechtvaardigen, hetzij door de |
arbeid(st)er zelf in een periode van tijdelijke schorsing van de | arbeid(st)er zelf in een periode van tijdelijke schorsing van de |
arbeidsovereenkomst wegens economische oorzaken of wegens | arbeidsovereenkomst wegens economische oorzaken of wegens |
weersomstandigheden, hetzij omdat de arbeidsovereenkomst ingevolge een | weersomstandigheden, hetzij omdat de arbeidsovereenkomst ingevolge een |
geval van overmacht een einde nam. Deze afwijking is slechts van | geval van overmacht een einde nam. Deze afwijking is slechts van |
toepassing voor zover de aanspraakmakende arbeid(st)ers bewijzen | toepassing voor zover de aanspraakmakende arbeid(st)ers bewijzen |
vijftien jaar te hebben gewerkt in een onderneming bedoeld in artikel | vijftien jaar te hebben gewerkt in een onderneming bedoeld in artikel |
1 tijdens de laatste twintig jaar voor hun pensionering. | 1 tijdens de laatste twintig jaar voor hun pensionering. |
Indien de arbeid(st)ers een afscheidspremie genieten in de sector waar | Indien de arbeid(st)ers een afscheidspremie genieten in de sector waar |
zij het laatst werden tewerkgesteld voor het ogenblik van de | zij het laatst werden tewerkgesteld voor het ogenblik van de |
pensionering, wordt het bedrag van de toe te kennen afscheidspremie | pensionering, wordt het bedrag van de toe te kennen afscheidspremie |
echter beperkt tot beloop van het maximumbedrag voorzien door deze | echter beperkt tot beloop van het maximumbedrag voorzien door deze |
collectieve arbeidsovereenkomst, rekening houdend met het eventueel | collectieve arbeidsovereenkomst, rekening houdend met het eventueel |
toegekend bedrag in de sector waar de betrokkene het laatst werd | toegekend bedrag in de sector waar de betrokkene het laatst werd |
tewerkgesteld. | tewerkgesteld. |
4o de samenwonende echtgenote of echtgenoot van de rechthebbende die | 4o de samenwonende echtgenote of echtgenoot van de rechthebbende die |
overleden is in dienst van een onderneming bedoeld in artikel 1 en na | overleden is in dienst van een onderneming bedoeld in artikel 1 en na |
de leeftijd van 55 jaar voor de mannen en 50 jaar voor de vrouwen te | de leeftijd van 55 jaar voor de mannen en 50 jaar voor de vrouwen te |
hebben bereikt, voor zover de overleden rechthebbende ten minste tien | hebben bereikt, voor zover de overleden rechthebbende ten minste tien |
jaar dienst telt in een onderneming bedoeld in artikel 1. | jaar dienst telt in een onderneming bedoeld in artikel 1. |
c) Uitkeringsmodaliteiten | c) Uitkeringsmodaliteiten |
Art. 16.De aanvraag tot uitkering van de in artikel 11 bedoelde |
Art. 16.De aanvraag tot uitkering van de in artikel 11 bedoelde |
afscheidspremie aan de arbeid(st)ers bedoeld in artikelen 14 en 15, | afscheidspremie aan de arbeid(st)ers bedoeld in artikelen 14 en 15, |
wordt ingediend door één van de representatieve | wordt ingediend door één van de representatieve |
werknemersorganisaties, bij het sociaal fonds op een daartoe bestemd | werknemersorganisaties, bij het sociaal fonds op een daartoe bestemd |
formulier. | formulier. |
De aanvraag geschiedt op het ogenblik waarop de arbeid(st)ers een van | De aanvraag geschiedt op het ogenblik waarop de arbeid(st)ers een van |
de in artikel 14 vermelde stelsels genieten. | de in artikel 14 vermelde stelsels genieten. |
Voor de toepassing van artikel 15, 4o, geschiedt de aanvraag bij het | Voor de toepassing van artikel 15, 4o, geschiedt de aanvraag bij het |
overlijden van de rechthebbende. | overlijden van de rechthebbende. |
De aanvragen die niet worden ingediend binnen de periode van één jaar | De aanvragen die niet worden ingediend binnen de periode van één jaar |
volgend op de datum vanaf welke de arbeid(st)ers een van de in artikel | volgend op de datum vanaf welke de arbeid(st)ers een van de in artikel |
14 vermelde stelsels genieten of van overlijden, zijn niet meer | 14 vermelde stelsels genieten of van overlijden, zijn niet meer |
ontvankelijk. | ontvankelijk. |
Art. 17.De uitbetaling van de in artikel 11 bedoelde afscheidspremie |
Art. 17.De uitbetaling van de in artikel 11 bedoelde afscheidspremie |
geschiedt ten laste van het sociaal fonds door bemiddeling van de | geschiedt ten laste van het sociaal fonds door bemiddeling van de |
betrokken syndicale organisatie, binnen de drie maanden na het | betrokken syndicale organisatie, binnen de drie maanden na het |
indienen van de aanvraag. | indienen van de aanvraag. |
Art. 18.Alle bijzondere gevallen die voortspruiten uit de toepassing |
Art. 18.Alle bijzondere gevallen die voortspruiten uit de toepassing |
van deze afdeling worden aan de raad van bestuur van het sociaal fonds | van deze afdeling worden aan de raad van bestuur van het sociaal fonds |
voorgelegd. | voorgelegd. |
HOOFDSTUK III. - Inning van de bijdragen | HOOFDSTUK III. - Inning van de bijdragen |
Art. 19.In uitvoering van de bepalingen van de huidige collectieve |
Art. 19.In uitvoering van de bepalingen van de huidige collectieve |
arbeidsovereenkomst, worden het bedrag en de wijze van inning van de | arbeidsovereenkomst, worden het bedrag en de wijze van inning van de |
bijdragen van de werkgevers, voor de uitkering van aanvullende sociale | bijdragen van de werkgevers, voor de uitkering van aanvullende sociale |
voordelen door bemiddeling van het « Sociaal Fonds voor de | voordelen door bemiddeling van het « Sociaal Fonds voor de |
baksteenindustrie », voor de dienstjaren 2003 en 2004 als volgt | baksteenindustrie », voor de dienstjaren 2003 en 2004 als volgt |
vastgesteld : | vastgesteld : |
Afdeling 1. - Sociale premie | Afdeling 1. - Sociale premie |
Art. 20.1. De bijdrage van de werkgevers aan het « Sociaal Fonds voor |
Art. 20.1. De bijdrage van de werkgevers aan het « Sociaal Fonds voor |
de baksteenindustrie » wordt, wat betreft de sociale premie voor de | de baksteenindustrie » wordt, wat betreft de sociale premie voor de |
dienstjaren 2003 en 2004 vastgesteld op maximum 123,95 EUR per | dienstjaren 2003 en 2004 vastgesteld op maximum 123,95 EUR per |
werkman, ingeschreven in het personeelsregister. | werkman, ingeschreven in het personeelsregister. |
Voor de bruggepensioneerden wordt de bijdrage vanaf het dienstjaar dat | Voor de bruggepensioneerden wordt de bijdrage vanaf het dienstjaar dat |
volgt op datgene tijdens hetwelk zij op brugpensioen zijn gegaan, | volgt op datgene tijdens hetwelk zij op brugpensioen zijn gegaan, |
vastgesteld op maximum 86,76 EUR voor de dienstjaren 2003 en 2004. | vastgesteld op maximum 86,76 EUR voor de dienstjaren 2003 en 2004. |
Deze bijdrage wordt verhoogd met 4,96 EUR per arbeid(st)er. | Deze bijdrage wordt verhoogd met 4,96 EUR per arbeid(st)er. |
Ingeval de arbeid(st)ers niet gedurende de gehele periode van het | Ingeval de arbeid(st)ers niet gedurende de gehele periode van het |
dienstjaar ingeschreven zijn geweest in het personeelsregister, wordt | dienstjaar ingeschreven zijn geweest in het personeelsregister, wordt |
de bijdrage voor de sociale premie, voor de betrokken werkman met | de bijdrage voor de sociale premie, voor de betrokken werkman met |
uitzondering van de bruggepensioneerden, berekend door het aantal | uitzondering van de bruggepensioneerden, berekend door het aantal |
maanden of begonnen maanden inschrijving in het personeelsregister | maanden of begonnen maanden inschrijving in het personeelsregister |
tijdens het dienstjaar te vermenigvuldigen met 10,329 EUR per | tijdens het dienstjaar te vermenigvuldigen met 10,329 EUR per |
arbeid(st)er in 2003 en 2004. | arbeid(st)er in 2003 en 2004. |
In toepassing hiervan is de afgeronde bijdrage voor de sociale premie | In toepassing hiervan is de afgeronde bijdrage voor de sociale premie |
als volgt vastgesteld : | als volgt vastgesteld : |
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld | Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld |
Voor de bruggepensioneerden waaraan de sociale premie wordt toegekend | Voor de bruggepensioneerden waaraan de sociale premie wordt toegekend |
zoals voorzien in artikel 4.2. wordt de sociale premie voor de | zoals voorzien in artikel 4.2. wordt de sociale premie voor de |
betrokken bruggepensioneerde berekend door het aantal maanden recht | betrokken bruggepensioneerde berekend door het aantal maanden recht |
tijdens het dienstjaar te vermenigvuldigen met 7,230 EUR in 2003 en | tijdens het dienstjaar te vermenigvuldigen met 7,230 EUR in 2003 en |
2004. In toepassing hiervan is de afgeronde bijdrage voor de sociale | 2004. In toepassing hiervan is de afgeronde bijdrage voor de sociale |
premie van de bruggepensioneerden als volgt vastgesteld : | premie van de bruggepensioneerden als volgt vastgesteld : |
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld | Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld |
2. De bijdrage voor de sociale premie ten gunste van arbeid(st)ers | 2. De bijdrage voor de sociale premie ten gunste van arbeid(st)ers |
bedoeld in artikel 5, 2, is niet verschuldigd indien de | bedoeld in artikel 5, 2, is niet verschuldigd indien de |
arbeidsovereenkomst sinds meer dan twee jaar is geschorst wegens | arbeidsovereenkomst sinds meer dan twee jaar is geschorst wegens |
arbeidsongeschiktheid ingevolge ziekte, ongeval of arbeidsongeval en | arbeidsongeschiktheid ingevolge ziekte, ongeval of arbeidsongeval en |
indien een bijdrage werd gestort tijdens elk van de eerste twee jaren | indien een bijdrage werd gestort tijdens elk van de eerste twee jaren |
volgend op het dienstjaar in de loop waarvan genoemde | volgend op het dienstjaar in de loop waarvan genoemde |
arbeidsongeschiktheid is ontstaan. | arbeidsongeschiktheid is ontstaan. |
Art. 21.De storting van de bijdrage voor de sociale premie heeft |
Art. 21.De storting van de bijdrage voor de sociale premie heeft |
plaats op : | plaats op : |
1o de eerste betaaldag volgend op 1 juli door de werkgevers van de | 1o de eerste betaaldag volgend op 1 juli door de werkgevers van de |
ondernemingen van het gewest Rupel, omvattende de gemeenten Boom, Niel | ondernemingen van het gewest Rupel, omvattende de gemeenten Boom, Niel |
en Rumst; | en Rumst; |
2o 15 november door de werkgevers van de ondernemingen van het gewest | 2o 15 november door de werkgevers van de ondernemingen van het gewest |
Kempen, omvattende de gemeenten Beerse, Brecht, Essen, Hoogstraten, | Kempen, omvattende de gemeenten Beerse, Brecht, Essen, Hoogstraten, |
Malle, Merksplas, Oud-Turnhout en Rijkevorsel; | Malle, Merksplas, Oud-Turnhout en Rijkevorsel; |
3o 1 september door de werkgevers van de ondernemingen niet vermeld | 3o 1 september door de werkgevers van de ondernemingen niet vermeld |
onder 1o en 2o van dit artikel, zijnde telkens uiterlijk een maand na | onder 1o en 2o van dit artikel, zijnde telkens uiterlijk een maand na |
de ontvangst van de formulieren bedoeld in artikel 8 die aan de | de ontvangst van de formulieren bedoeld in artikel 8 die aan de |
genoemde ondernemingen worden toegezonden door het sociaal fonds. | genoemde ondernemingen worden toegezonden door het sociaal fonds. |
Uiterlijk één maand na ontvangst van de definitieve lijst dient de | Uiterlijk één maand na ontvangst van de definitieve lijst dient de |
werkgever één exemplaar van de definitieve lijst aan het fonds terug | werkgever één exemplaar van de definitieve lijst aan het fonds terug |
te zenden. | te zenden. |
De werkgever behoudt één exemplaar als boekhoudkundig document tot | De werkgever behoudt één exemplaar als boekhoudkundig document tot |
staving van zijn betaling. | staving van zijn betaling. |
De werkgever stort op de bankrekening van het « Sociaal Fonds voor de | De werkgever stort op de bankrekening van het « Sociaal Fonds voor de |
baksteenindustrie », het totaal bedrag van de verschuldigde bijdrage | baksteenindustrie », het totaal bedrag van de verschuldigde bijdrage |
zoals voorzien in artikel 8 en zoals vastgesteld op de definitieve | zoals voorzien in artikel 8 en zoals vastgesteld op de definitieve |
lijst vermeld in artikel 8, 2o, totaal van de kolom « bedrag der | lijst vermeld in artikel 8, 2o, totaal van de kolom « bedrag der |
verschuldigde bijdrage ». | verschuldigde bijdrage ». |
Afdeling 2. - Afscheidspremie aan georganiseerde arbeid(st)ers | Afdeling 2. - Afscheidspremie aan georganiseerde arbeid(st)ers |
Art. 22.De financiële lasten van de bij artikel 12 bedoelde |
Art. 22.De financiële lasten van de bij artikel 12 bedoelde |
afscheidspremie worden gedragen door het sociaal fonds, dat hiervoor | afscheidspremie worden gedragen door het sociaal fonds, dat hiervoor |
bijdragen int, waarvan het bedrag en de inningsmodaliteiten ieder jaar | bijdragen int, waarvan het bedrag en de inningsmodaliteiten ieder jaar |
worden vastgesteld bij beslissing van de raad van bestuur van het | worden vastgesteld bij beslissing van de raad van bestuur van het |
sociaal fonds, per arbeid(st)er in dienst van de ondernemingen bedoeld | sociaal fonds, per arbeid(st)er in dienst van de ondernemingen bedoeld |
in artikel 1 en volgens de modaliteiten die zijn voorzien voor het | in artikel 1 en volgens de modaliteiten die zijn voorzien voor het |
vaststellen van het bedrag van de sociale premie. | vaststellen van het bedrag van de sociale premie. |
Afdeling 3. - Sectoraal conventioneel brugpensioen | Afdeling 3. - Sectoraal conventioneel brugpensioen |
Art. 23.1. De bijdrage van de werkgevers aan het « Sociaal Fonds voor |
Art. 23.1. De bijdrage van de werkgevers aan het « Sociaal Fonds voor |
de baksteenindustrie », voor de jaren 2003 en 2004 wordt als volgt | de baksteenindustrie », voor de jaren 2003 en 2004 wordt als volgt |
vastgesteld : | vastgesteld : |
2,35 EUR, vermenigvuldigd met het aantal « dagen-arbeid(st)ers-arbeid | 2,35 EUR, vermenigvuldigd met het aantal « dagen-arbeid(st)ers-arbeid |
» dat in de ondernemingen werd getotaliseerd gedurende de periode | » dat in de ondernemingen werd getotaliseerd gedurende de periode |
respectievelijk : | respectievelijk : |
- ingaande van 1 oktober 2002 tot 30 september 2003; | - ingaande van 1 oktober 2002 tot 30 september 2003; |
- ingaande van 1 oktober 2003 tot 30 september 2004; | - ingaande van 1 oktober 2003 tot 30 september 2004; |
met een maximum van 528,75 EUR per arbeid(st)er; | met een maximum van 528,75 EUR per arbeid(st)er; |
met een minimum van 264,38 EUR per arbeid(st)er. | met een minimum van 264,38 EUR per arbeid(st)er. |
2. De in § 1 vermelde bijdrage dient aan het « Sociaal Fonds voor de | 2. De in § 1 vermelde bijdrage dient aan het « Sociaal Fonds voor de |
baksteenindustrie » te worden gestort voor 31 oktober van de in § 1 | baksteenindustrie » te worden gestort voor 31 oktober van de in § 1 |
vermelde jaren. | vermelde jaren. |
HOOFDSTUK IV. - Geldigheidsduur | HOOFDSTUK IV. - Geldigheidsduur |
Art. 24.Deze collectieve arbeidsovereenkomst heeft uitwerking met |
Art. 24.Deze collectieve arbeidsovereenkomst heeft uitwerking met |
ingang van 1 januari 2003 en houdt op van kracht te zijn op 1 januari | ingang van 1 januari 2003 en houdt op van kracht te zijn op 1 januari |
2005, met uitzondering van de artikelen betreffende de « | 2005, met uitzondering van de artikelen betreffende de « |
afscheidspremie » die voor onbepaalde tijd worden afgesloten. | afscheidspremie » die voor onbepaalde tijd worden afgesloten. |
Hoger genoemde artikelen betreffende de afscheidspremie kunnen worden | Hoger genoemde artikelen betreffende de afscheidspremie kunnen worden |
opgezegd door een van de partijen mits een opzeggingstermijn van een | opgezegd door een van de partijen mits een opzeggingstermijn van een |
jaar te rekenen vanaf 1 januari van het jaar dat volgt op de | jaar te rekenen vanaf 1 januari van het jaar dat volgt op de |
betekening van de opzegging. | betekening van de opzegging. |
Deze opzegging wordt bij een ter post aangetekende brief aan de | Deze opzegging wordt bij een ter post aangetekende brief aan de |
voorzitter van het Paritair Comité voor de steenbakkerij en aan elk | voorzitter van het Paritair Comité voor de steenbakkerij en aan elk |
van de ondertekenende partijen betekend. | van de ondertekenende partijen betekend. |
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 3 februari | Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 3 februari |
2004. | 2004. |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
F. VANDENBROUCKE | F. VANDENBROUCKE |