Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Koninklijk Besluit van 02/07/2008
← Terug naar "Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 25 september 2007, gesloten in het Paritair Subcomité voor de vlasbereiding, betreffende de toekenning van een aanvullende vergoeding ten gunste van sommige bejaarde werklieden die, op het ogenblik van de beëindiging van de overeenkomst, 58 jaar of ouder zijn "
Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 25 september 2007, gesloten in het Paritair Subcomité voor de vlasbereiding, betreffende de toekenning van een aanvullende vergoeding ten gunste van sommige bejaarde werklieden die, op het ogenblik van de beëindiging van de overeenkomst, 58 jaar of ouder zijn Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 25 september 2007, gesloten in het Paritair Subcomité voor de vlasbereiding, betreffende de toekenning van een aanvullende vergoeding ten gunste van sommige bejaarde werklieden die, op het ogenblik van de beëindiging van de overeenkomst, 58 jaar of ouder zijn
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG
2 JULI 2008. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt 2 JULI 2008. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt
verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 25 september 2007, verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 25 september 2007,
gesloten in het Paritair Subcomité voor de vlasbereiding, betreffende gesloten in het Paritair Subcomité voor de vlasbereiding, betreffende
de toekenning van een aanvullende vergoeding ten gunste van sommige de toekenning van een aanvullende vergoeding ten gunste van sommige
bejaarde werklieden die, op het ogenblik van de beëindiging van de bejaarde werklieden die, op het ogenblik van de beëindiging van de
overeenkomst, 58 jaar of ouder zijn (1) overeenkomst, 58 jaar of ouder zijn (1)
ALBERT II, Koning der Belgen, ALBERT II, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel
28; 28;
Gelet op het verzoek van het Paritair Subcomité voor de vlasbereiding; Gelet op het verzoek van het Paritair Subcomité voor de vlasbereiding;
Op de voordracht van de Minister van Werk, Op de voordracht van de Minister van Werk,
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage

overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 25 september 2007, overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 25 september 2007,
gesloten in het Paritair Subcomité voor de vlasbereiding, betreffende gesloten in het Paritair Subcomité voor de vlasbereiding, betreffende
de toekenning van een aanvullende vergoeding ten gunste van sommige de toekenning van een aanvullende vergoeding ten gunste van sommige
bejaarde werklieden die, op het ogenblik van de beëindiging van de bejaarde werklieden die, op het ogenblik van de beëindiging van de
overeenkomst, 58 jaar of ouder zijn, met uitzondering van de overeenkomst, 58 jaar of ouder zijn, met uitzondering van de
bepalingen in strijd met artikel 4, § 1 van de collectieve bepalingen in strijd met artikel 4, § 1 van de collectieve
arbeidsovereenkomst nr. 17 van 19 december 1974 tot invoering van een arbeidsovereenkomst nr. 17 van 19 december 1974 tot invoering van een
regeling van aanvullende vergoeding ten gunste van sommige bejaarde regeling van aanvullende vergoeding ten gunste van sommige bejaarde
werknemers indien zij worden ontslagen. werknemers indien zij worden ontslagen.

Art. 2.De Minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van

Art. 2.De Minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van

dit besluit. dit besluit.
Gegeven te Brussel, 2 juli 2008. Gegeven te Brussel, 2 juli 2008.
ALBERT ALBERT
Van Koningswege : Van Koningswege :
De Vice-Eerste Minister De Vice-Eerste Minister
en Minister van Werk en Gelijke Kansen, en Minister van Werk en Gelijke Kansen,
Mevr. J. MILQUET Mevr. J. MILQUET
_______ _______
Nota Nota
Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad :
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969.
Bijlage Bijlage
Paritair Subcomité voor de vlasbereiding Paritair Subcomité voor de vlasbereiding
Collectieve arbeidsovereenkomst van 25 september 2007 Collectieve arbeidsovereenkomst van 25 september 2007
Toekenning van een aanvullende vergoeding ten gunste van sommige Toekenning van een aanvullende vergoeding ten gunste van sommige
bejaarde werklieden die, op het ogenblik van de beëindiging van de bejaarde werklieden die, op het ogenblik van de beëindiging van de
overeenkomst, 58 jaar of ouder zijn (Overeenkomst geregistreerd op 22 overeenkomst, 58 jaar of ouder zijn (Overeenkomst geregistreerd op 22
november 2007 onder het nummer 85750/CO/120.02) november 2007 onder het nummer 85750/CO/120.02)
HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied van de overeenkomst HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied van de overeenkomst

Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op

Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op

alle ondernemingen die onder de bevoegdheid vallen van het Paritair alle ondernemingen die onder de bevoegdheid vallen van het Paritair
Subcomité voor de vlasbereiding en op de werklieden die zij Subcomité voor de vlasbereiding en op de werklieden die zij
tewerkstellen. tewerkstellen.
HOOFDSTUK II. - Rechthebbenden HOOFDSTUK II. - Rechthebbenden

Art. 2.§ 1. Deze collectieve arbeidsovereenkomst regelt de toekenning

Art. 2.§ 1. Deze collectieve arbeidsovereenkomst regelt de toekenning

van een aanvullende vergoeding ten gunste van sommige bejaarde van een aanvullende vergoeding ten gunste van sommige bejaarde
werklieden aan wie het ontslag, behalve om dringende redenen, wordt werklieden aan wie het ontslag, behalve om dringende redenen, wordt
betekend na 31 maart 2007 en waarvan het brugpensioen ingaat na 31 betekend na 31 maart 2007 en waarvan het brugpensioen ingaat na 31
december 2007. december 2007.
§ 2. Voor de toepassing van § 1 wordt geen rekening gehouden met de § 2. Voor de toepassing van § 1 wordt geen rekening gehouden met de
verlenging van de opzegtermijn ingevolge toepassing van de artikelen verlenging van de opzegtermijn ingevolge toepassing van de artikelen
38, § 2 en 38bis van de wet van 3 juli 1978 betreffende de 38, § 2 en 38bis van de wet van 3 juli 1978 betreffende de
arbeidsovereenkomsten. arbeidsovereenkomsten.

Artikel 3.§ 1. De ontslagen werklieden, bedoeld in artikel 2, § 1,

Artikel 3.§ 1. De ontslagen werklieden, bedoeld in artikel 2, § 1,

die op het ogenblik van de beëindiging van de arbeidsovereenkomst en die op het ogenblik van de beëindiging van de arbeidsovereenkomst en
tijdens de periode van 1 januari 2008 tot en met 30 juni 2009, 58 jaar tijdens de periode van 1 januari 2008 tot en met 30 juni 2009, 58 jaar
of ouder zijn en die op dat ogenblik respectievelijk 35 jaar voor de of ouder zijn en die op dat ogenblik respectievelijk 35 jaar voor de
mannen en 30 jaar voor de vrouwen beroepsverleden als loontrekkende mannen en 30 jaar voor de vrouwen beroepsverleden als loontrekkende
kunnen rechtvaardigen en die gedurende deze periode recht verkrijgen kunnen rechtvaardigen en die gedurende deze periode recht verkrijgen
op wettelijke werkloosheidsvergoedingen, ontvangen een aanvullende op wettelijke werkloosheidsvergoedingen, ontvangen een aanvullende
vergoeding, zoals bedoeld in artikel 5, ten laste van de werkgever. vergoeding, zoals bedoeld in artikel 5, ten laste van de werkgever.
§ 2. Onder het "ogenblik van de beëindiging van de § 2. Onder het "ogenblik van de beëindiging van de
arbeidsovereenkomst" wordt verstaan : het ogenblik dat de arbeider uit arbeidsovereenkomst" wordt verstaan : het ogenblik dat de arbeider uit
dienst treedt na het verstrijken van de opzeggingstermijn of, wanneer dienst treedt na het verstrijken van de opzeggingstermijn of, wanneer
er geen opzegging werd betekend of wanneer aan de betekende er geen opzegging werd betekend of wanneer aan de betekende
opzeggingstermijn voortijdig een einde wordt gemaakt, het ogenblik dat opzeggingstermijn voortijdig een einde wordt gemaakt, het ogenblik dat
de arbeider de onderneming verlaat. de arbeider de onderneming verlaat.
§ 3. In afwijking van § 1 hiervoor mag de opzeggingstermijn of de door § 3. In afwijking van § 1 hiervoor mag de opzeggingstermijn of de door
de opzeggingsvergoeding gedekte periode van de ontslagen arbeider een de opzeggingsvergoeding gedekte periode van de ontslagen arbeider een
einde nemen buiten de geldigheidsduur van de collectieve einde nemen buiten de geldigheidsduur van de collectieve
arbeidsovereenkomst, voor zover de opzeggingstermijn werd betekend of arbeidsovereenkomst, voor zover de opzeggingstermijn werd betekend of
de arbeidsovereenkomst werd verbroken tijdens de geldigheidsduur van de arbeidsovereenkomst werd verbroken tijdens de geldigheidsduur van
de collectieve arbeidsovereenkomst en voor zover de ontslagen arbeider de collectieve arbeidsovereenkomst en voor zover de ontslagen arbeider
de leeftijd voorzien in § 1 hiervoor bereikt heeft tijdens de de leeftijd voorzien in § 1 hiervoor bereikt heeft tijdens de
geldigheidsduur van de collectieve arbeidsovereenkomst. geldigheidsduur van de collectieve arbeidsovereenkomst.

Art. 4.Naast het vereiste beroepsverleden bepaald in de koninklijk

Art. 4.Naast het vereiste beroepsverleden bepaald in de koninklijk

besluit van 3 mei 2007 als loontrekkende, dienen de werklieden, om te besluit van 3 mei 2007 als loontrekkende, dienen de werklieden, om te
kunnen genieten van het conventioneel brugpensioen, bovendien te kunnen genieten van het conventioneel brugpensioen, bovendien te
voldoen aan één van de volgende sectorale anciënniteitsvoorwaarden : voldoen aan één van de volgende sectorale anciënniteitsvoorwaarden :
- ofwel 15 jaar loondienst in de sectoren vlasbereiding en/of textiel, - ofwel 15 jaar loondienst in de sectoren vlasbereiding en/of textiel,
breigoed, kleding, confectie; breigoed, kleding, confectie;
- ofwel 5 jaar loondienst in de vlasbereiding en/of textiel, breigoed, - ofwel 5 jaar loondienst in de vlasbereiding en/of textiel, breigoed,
kleding, confectie tijdens de laatste 10 jaren waarvan minstens 1 jaar kleding, confectie tijdens de laatste 10 jaren waarvan minstens 1 jaar
in de laatste 2 jaren. in de laatste 2 jaren.
Wat betreft de gelijkstelling met arbeidsdagen wordt verwezen naar de Wat betreft de gelijkstelling met arbeidsdagen wordt verwezen naar de
gelijkstellingen voor het beroepsverleden als loontrekkende. gelijkstellingen voor het beroepsverleden als loontrekkende.
HOOFDSTUK III. - Betaling van de aanvullende vergoeding HOOFDSTUK III. - Betaling van de aanvullende vergoeding

Art. 5.De in artikel 2 bedoelde aanvullende vergoeding behelst het

Art. 5.De in artikel 2 bedoelde aanvullende vergoeding behelst het

toekennen van gelijkaardige voordelen als voorzien door de collectieve toekennen van gelijkaardige voordelen als voorzien door de collectieve
arbeidsovereenkomst nr. 17 gesloten in de Nationale Arbeidsraad op 19 arbeidsovereenkomst nr. 17 gesloten in de Nationale Arbeidsraad op 19
december 1974. december 1974.

Art. 6.In uitvoering van de bepalingen van artikel 5 van de statuten,

Art. 6.In uitvoering van de bepalingen van artikel 5 van de statuten,

vastgesteld bij de collectieve arbeidsovereenkomst van 9 april 1981, vastgesteld bij de collectieve arbeidsovereenkomst van 9 april 1981,
gesloten in het Paritair Subcomité voor de vlasbereiding tot gesloten in het Paritair Subcomité voor de vlasbereiding tot
oprichting van een "Fonds voor bestaanszekerheid voor de oprichting van een "Fonds voor bestaanszekerheid voor de
vlasbereiding" en tot vaststelling van de statuten, algemeen vlasbereiding" en tot vaststelling van de statuten, algemeen
verbindend verklaard bij koninklijk besluit, wordt de in artikel 2 verbindend verklaard bij koninklijk besluit, wordt de in artikel 2
bedoelde aanvullende vergoeding toegekend ten laste van het fonds, bedoelde aanvullende vergoeding toegekend ten laste van het fonds,
waarvan het bedrag, de wijze van toekenning en van uitkering hierna waarvan het bedrag, de wijze van toekenning en van uitkering hierna
zijn vastgesteld. zijn vastgesteld.
Bovendien worden de bijzondere werkgeversbijdragen opgelegd door de Bovendien worden de bijzondere werkgeversbijdragen opgelegd door de
wettelijke bepalingen en door de uitvoeringsbesluiten ten laste wettelijke bepalingen en door de uitvoeringsbesluiten ten laste
genomen door het "Fonds voor bestaanszekerheid voor de vlasbereiding". genomen door het "Fonds voor bestaanszekerheid voor de vlasbereiding".

Art. 7.De in artikelen 2 tot en met 4 bedoelde werklieden hebben,

Art. 7.De in artikelen 2 tot en met 4 bedoelde werklieden hebben,

voor zover zij de wettelijke werkloosheidsuitkeringen ontvangen, recht voor zover zij de wettelijke werkloosheidsuitkeringen ontvangen, recht
op de aanvullende vergoeding tot op de datum dat zij de leeftijd op de aanvullende vergoeding tot op de datum dat zij de leeftijd
bereiken waarop zij wettelijk pensioengerechtigd zijn en binnen de bereiken waarop zij wettelijk pensioengerechtigd zijn en binnen de
voorwaarden zoals door deze pensioenreglementering vastgesteld. voorwaarden zoals door deze pensioenreglementering vastgesteld.
In afwijking van de voorgaande alinea, hebben de werknemers ook recht In afwijking van de voorgaande alinea, hebben de werknemers ook recht
op een aanvullende vergoeding van de eerste dag van de kalendermaand op een aanvullende vergoeding van de eerste dag van de kalendermaand
volgend op de maand tijdens welke zij geen werkloosheidsuitkeringen volgend op de maand tijdens welke zij geen werkloosheidsuitkeringen
meer genieten, alleen omdat zij de leeftijdsgrens hebben bereikt die meer genieten, alleen omdat zij de leeftijdsgrens hebben bereikt die
is vastgesteld in artikel 64 van het koninklijk besluit van 25 is vastgesteld in artikel 64 van het koninklijk besluit van 25
november 1991 houdende de werkloosheidsreglementering, tot de laatste november 1991 houdende de werkloosheidsreglementering, tot de laatste
dag van de kalendermaand waarin zij 65 jaar worden. dag van de kalendermaand waarin zij 65 jaar worden.
De regeling geldt eveneens voor de werklieden die tijdelijk uit het De regeling geldt eveneens voor de werklieden die tijdelijk uit het
stelsel zouden getreden zijn en die nadien opnieuw van de regeling stelsel zouden getreden zijn en die nadien opnieuw van de regeling
wensen te genieten, voor zover zij opnieuw de wettelijke wensen te genieten, voor zover zij opnieuw de wettelijke
werkloosheidsvergoeding ontvangen. werkloosheidsvergoeding ontvangen.

Art. 8.§ 1. In afwijking van de eerste alinea van artikel 7 behouden

Art. 8.§ 1. In afwijking van de eerste alinea van artikel 7 behouden

de werknemers die zijn ontslagen in het kader van deze collectieve de werknemers die zijn ontslagen in het kader van deze collectieve
overeenkomst het recht op de aanvullende vergoeding ten laste van het overeenkomst het recht op de aanvullende vergoeding ten laste van het
fonds, wanneer ze het werk hervatten als loontrekkende bij een andere fonds, wanneer ze het werk hervatten als loontrekkende bij een andere
werkgever dan de werkgever die hen heeft ontslagen en die niet behoort werkgever dan de werkgever die hen heeft ontslagen en die niet behoort
tot dezelfde technische bedrijfseenheid als de werkgever die hen heeft tot dezelfde technische bedrijfseenheid als de werkgever die hen heeft
ontslagen. ontslagen.
§ 2. In afwijking van de eerste alinea van artikel 7 behouden de § 2. In afwijking van de eerste alinea van artikel 7 behouden de
werknemers die zijn ontslagen in het kader van deze overeenkomst ook werknemers die zijn ontslagen in het kader van deze overeenkomst ook
het recht op de aanvullende vergoeding ten laste van het fonds, het recht op de aanvullende vergoeding ten laste van het fonds,
ingeval een zelfstandige activiteit in hoofdberoep wordt uitgeoefend ingeval een zelfstandige activiteit in hoofdberoep wordt uitgeoefend
op voorwaarde dat die activiteit niet wordt uitgeoefend voor rekening op voorwaarde dat die activiteit niet wordt uitgeoefend voor rekening
van de werkgever die hen heeft ontslagen of voor rekening van een van de werkgever die hen heeft ontslagen of voor rekening van een
werkgever die behoort tot dezelfde technische bedrijfseenheid als de werkgever die behoort tot dezelfde technische bedrijfseenheid als de
werkgever die hen heeft ontslagen. werkgever die hen heeft ontslagen.
§ 3. In de in § 1 en § 2 bedoelde gevallen hebben de ontslagen § 3. In de in § 1 en § 2 bedoelde gevallen hebben de ontslagen
werknemers, wanneer ze het werk hervatten tijdens de door de werknemers, wanneer ze het werk hervatten tijdens de door de
opzeggingsvergoeding gedekte periode, op zijn vroegst maar recht op de opzeggingsvergoeding gedekte periode, op zijn vroegst maar recht op de
aanvullende vergoeding vanaf de dag waarop ze recht zouden hebben aanvullende vergoeding vanaf de dag waarop ze recht zouden hebben
gehad op werkloosheidsuitkeringen indien ze het werk niet hadden gehad op werkloosheidsuitkeringen indien ze het werk niet hadden
hervat. hervat.
§ 4. In de in § 1 en § 2 bedoelde gevallen blijft het recht op de § 4. In de in § 1 en § 2 bedoelde gevallen blijft het recht op de
aanvullende vergoeding bestaan tijdens de hele duur van de aanvullende vergoeding bestaan tijdens de hele duur van de
tewerkstelling op grond van een arbeidsovereenkomst of tijdens de hele tewerkstelling op grond van een arbeidsovereenkomst of tijdens de hele
duur van de uitoefening van een zelfstandige activiteit in hoofdberoep duur van de uitoefening van een zelfstandige activiteit in hoofdberoep
volgens de regels bepaald in deze collectieve arbeidsovereenkomst en volgens de regels bepaald in deze collectieve arbeidsovereenkomst en
voor heel de periode gedurende welke de werknemers die recht hebben op voor heel de periode gedurende welke de werknemers die recht hebben op
de aanvullende uitkering geen werkloosheidsuitkeringen als volledig de aanvullende uitkering geen werkloosheidsuitkeringen als volledig
uitkeringsgerechtigde werkloze meer genieten. uitkeringsgerechtigde werkloze meer genieten.
De in § 1 en § 2 bedoelde werknemers leveren aan het fonds het bewijs De in § 1 en § 2 bedoelde werknemers leveren aan het fonds het bewijs
dat zij opnieuw in dienst zijn genomen op grond van een dat zij opnieuw in dienst zijn genomen op grond van een
arbeidsovereenkomst of dat zij een zelfstandige activiteit in arbeidsovereenkomst of dat zij een zelfstandige activiteit in
hoofdberoep uitoefenen. hoofdberoep uitoefenen.
HOOFDSTUK IV. - Bedrag van de aanvullende vergoeding HOOFDSTUK IV. - Bedrag van de aanvullende vergoeding

Art. 9.Het bedrag van de aanvullende vergoeding is gelijk aan de

Art. 9.Het bedrag van de aanvullende vergoeding is gelijk aan de

helft van het verschil tussen het netto-referteloon en de helft van het verschil tussen het netto-referteloon en de
werkloosheidsuitkering, onverminderd de toepassing van de werkloosheidsuitkering, onverminderd de toepassing van de
garantieregeling zoals voorzien in artikel 14 van de collectieve garantieregeling zoals voorzien in artikel 14 van de collectieve
arbeidsovereenkomst van 18 juni 2001 afgesloten in het Paritair arbeidsovereenkomst van 18 juni 2001 afgesloten in het Paritair
Subcomité voor de vlasbereiding. Subcomité voor de vlasbereiding.

Art. 10.Het netto-referteloon is gelijk aan het bruto-maandloon

Art. 10.Het netto-referteloon is gelijk aan het bruto-maandloon

begrensd tot 940,14 EUR en verminderd met de persoonlijke sociale begrensd tot 940,14 EUR en verminderd met de persoonlijke sociale
zekerheidsbijdrage en de fiscale inhouding. zekerheidsbijdrage en de fiscale inhouding.
Voor de berekening van de persoonlijke sociale zekerheidsbijdrage, op Voor de berekening van de persoonlijke sociale zekerheidsbijdrage, op
het loon aan 100 pct., dient rekening gehouden te worden met de het loon aan 100 pct., dient rekening gehouden te worden met de
bepalingen van de wet van 20 december 1999 tot toekenning van een bepalingen van de wet van 20 december 1999 tot toekenning van een
werkbonus onder de vorm van een vermindering van de persoonlijke werkbonus onder de vorm van een vermindering van de persoonlijke
bijdragen van de sociale zekerheid aan werknemers met lage lonen en bijdragen van de sociale zekerheid aan werknemers met lage lonen en
aan sommige werknemers die het slachtoffer waren van een aan sommige werknemers die het slachtoffer waren van een
herstructurering. herstructurering.
De grens van 940,14 EUR is gekoppeld aan het indexcijfer 134,52 (1971 De grens van 940,14 EUR is gekoppeld aan het indexcijfer 134,52 (1971
= 100) en bedraagt 3.253,42 EUR op 1 januari 2007. Zij is gebonden aan = 100) en bedraagt 3.253,42 EUR op 1 januari 2007. Zij is gebonden aan
de schommelingen van het indexcijfer der consumptieprijzen, de schommelingen van het indexcijfer der consumptieprijzen,
overeenkomstig de bepalingen van de wet van 2 augustus 1971 houdende overeenkomstig de bepalingen van de wet van 2 augustus 1971 houdende
inrichting van een stelsel van koppeling aan het indexcijfer der inrichting van een stelsel van koppeling aan het indexcijfer der
consumptieprijzen. Deze grens wordt daarenboven op 1 januari van elk consumptieprijzen. Deze grens wordt daarenboven op 1 januari van elk
jaar herzien in functie der regelingslonen overeenkomstig de jaar herzien in functie der regelingslonen overeenkomstig de
beslissing van de Nationale Arbeidsraad. beslissing van de Nationale Arbeidsraad.
Het netto-referteloon wordt afgerond naar de hogere euro. Het netto-referteloon wordt afgerond naar de hogere euro.

Art. 11.1. Het brutoloon omvat de contractuele premies die

Art. 11.1. Het brutoloon omvat de contractuele premies die

rechtstreeks gebonden zijn aan de door de arbeider(ster) verrichte rechtstreeks gebonden zijn aan de door de arbeider(ster) verrichte
prestaties waarop inhoudingen voor sociale zekerheid worden gedaan en prestaties waarop inhoudingen voor sociale zekerheid worden gedaan en
waarvan de periodiciteit van betaling geen maand overschrijdt. waarvan de periodiciteit van betaling geen maand overschrijdt.
Het omvat ook de voordelen in natura die aan inhoudingen voor sociale Het omvat ook de voordelen in natura die aan inhoudingen voor sociale
zekerheid onderworpen zijn. zekerheid onderworpen zijn.
Daarentegen worden de premies of vergoedingen, die als tegenwaarde van Daarentegen worden de premies of vergoedingen, die als tegenwaarde van
werkelijke kosten worden verleend, niet in aanmerking genomen. werkelijke kosten worden verleend, niet in aanmerking genomen.
2. Voor de per maand betaalde arbeider(ster) wordt als brutoloon 2. Voor de per maand betaalde arbeider(ster) wordt als brutoloon
beschouwd het loon dat hij (zij) gedurende de in navolgende punt 6 beschouwd het loon dat hij (zij) gedurende de in navolgende punt 6
bepaalde refertemaand heeft verdiend. bepaalde refertemaand heeft verdiend.
3. Voor de arbeider(ster) die niet per maand wordt betaald, wordt het 3. Voor de arbeider(ster) die niet per maand wordt betaald, wordt het
brutoloon berekend op grond van het normale uurloon. brutoloon berekend op grond van het normale uurloon.
Het normale uurloon wordt bekomen door het loon voor de normale Het normale uurloon wordt bekomen door het loon voor de normale
prestaties van de refertemaand te delen door het aantal tijdens die prestaties van de refertemaand te delen door het aantal tijdens die
periode gewerkte normale uren. Het aldus bekomen resultaat wordt periode gewerkte normale uren. Het aldus bekomen resultaat wordt
vermenigvuldigd met het aantal arbeidsuren, bepaald bij de wekelijkse vermenigvuldigd met het aantal arbeidsuren, bepaald bij de wekelijkse
arbeidstijdregeling van de werknemer; dat product, vermenigvuldigd met arbeidstijdregeling van de werknemer; dat product, vermenigvuldigd met
52 en gedeeld door 12, stemt overeen met het maandloon. 52 en gedeeld door 12, stemt overeen met het maandloon.
4. Het brutoloon van een arbeider(ster) die gedurende de ganse 4. Het brutoloon van een arbeider(ster) die gedurende de ganse
refertemaand niet heeft gewerkt, wordt berekend alsof hij (zij) refertemaand niet heeft gewerkt, wordt berekend alsof hij (zij)
aanwezig was geweest op alle arbeidsdagen die in de beschouwde maand aanwezig was geweest op alle arbeidsdagen die in de beschouwde maand
vallen. vallen.
Indien een arbeider(ster), krachtens de bepalingen van zijn (haar) Indien een arbeider(ster), krachtens de bepalingen van zijn (haar)
arbeidsovereenkomst, slechts gedurende een gedeelte van de arbeidsovereenkomst, slechts gedurende een gedeelte van de
refertemaand moet werken en hij (zij) al die tijd niet heeft gewerkt, refertemaand moet werken en hij (zij) al die tijd niet heeft gewerkt,
wordt zijn (haar) brutoloon berekend op grond van het aantal wordt zijn (haar) brutoloon berekend op grond van het aantal
arbeidsdagen, dat in de arbeidsovereenkomst is vastgesteld. arbeidsdagen, dat in de arbeidsovereenkomst is vastgesteld.
5. Het brutoloon van een arbeider(ster) die gedurende de refertemaand 5. Het brutoloon van een arbeider(ster) die gedurende de refertemaand
in een stelsel van tijdskrediet of loopbaanonderbreking was opgenomen in een stelsel van tijdskrediet of loopbaanonderbreking was opgenomen
wordt berekend conform zijn (haar) initieel contractueel uurrooster wordt berekend conform zijn (haar) initieel contractueel uurrooster
voor de aanvang van de loopbaanonderbreking of tijdskrediet. voor de aanvang van de loopbaanonderbreking of tijdskrediet.
Het brutoloon van een arbeider(ster) die gedurende de refertemaand in Het brutoloon van een arbeider(ster) die gedurende de refertemaand in
een stelsel van halftijds brugpensioen was opgenomen wordt berekend een stelsel van halftijds brugpensioen was opgenomen wordt berekend
conform zijn (haar) initieel contractueel uurrooster voor de aanvang conform zijn (haar) initieel contractueel uurrooster voor de aanvang
van het halftijds brugpensioen. van het halftijds brugpensioen.
6. Het door de arbeider(ster) verdiende brutoloon, ongeacht of het per 6. Het door de arbeider(ster) verdiende brutoloon, ongeacht of het per
maand of anders wordt betaald, wordt vermeerderd met een twaalfde van maand of anders wordt betaald, wordt vermeerderd met een twaalfde van
het totaal der contractuele premies en van de veranderlijke het totaal der contractuele premies en van de veranderlijke
bezoldiging waarvan de periodiciteit van betaling geen maand bezoldiging waarvan de periodiciteit van betaling geen maand
overschrijdt en door die arbeider(ster) in de loop van de twaalf overschrijdt en door die arbeider(ster) in de loop van de twaalf
maanden die aan het ontslag voorafgaan afzonderlijk werden ontvangen. maanden die aan het ontslag voorafgaan afzonderlijk werden ontvangen.
7. Naar aanleiding van het bij artikel 15 voorzien overleg, zal in 7. Naar aanleiding van het bij artikel 15 voorzien overleg, zal in
gemeen akkoord worden beslist met welke refertemaand rekening moet gemeen akkoord worden beslist met welke refertemaand rekening moet
worden gehouden. worden gehouden.
Indien geen refertemaand is vastgesteld, wordt de kalendermaand, die Indien geen refertemaand is vastgesteld, wordt de kalendermaand, die
de datum van het ontslag voorafgaat, in aanmerking genomen. de datum van het ontslag voorafgaat, in aanmerking genomen.
HOOFDSTUK V. - Aanpassing van het bedrag HOOFDSTUK V. - Aanpassing van het bedrag
van de aanvullende vergoeding van de aanvullende vergoeding

Art. 12.Het bedrag van de uitgekeerde aanvullende vergoedingen wordt

Art. 12.Het bedrag van de uitgekeerde aanvullende vergoedingen wordt

gebonden aan de schommeling van het indexcijfer der consumptieprijzen, gebonden aan de schommeling van het indexcijfer der consumptieprijzen,
volgens de modaliteiten die van toepassing zijn inzake volgens de modaliteiten die van toepassing zijn inzake
werkloosheidsuitkeringen, overeenkomstig de bepalingen van de wet van werkloosheidsuitkeringen, overeenkomstig de bepalingen van de wet van
2 augustus 1971. 2 augustus 1971.
Het bedrag van deze vergoedingen wordt daarenboven elk jaar op 1 Het bedrag van deze vergoedingen wordt daarenboven elk jaar op 1
januari herzien in functie van de ontwikkeling van de regelingslonen januari herzien in functie van de ontwikkeling van de regelingslonen
overeenkomstig hetgeen dienaangaande wordt beslist in de Nationale overeenkomstig hetgeen dienaangaande wordt beslist in de Nationale
Arbeidsraad. Arbeidsraad.
Voor de werklieden die in de loop van het jaar tot de regeling Voor de werklieden die in de loop van het jaar tot de regeling
toetreden, wordt de aanpassing op grond van het verloop van de toetreden, wordt de aanpassing op grond van het verloop van de
regelingslonen verricht, rekening houdend met het ogenblik van het regelingslonen verricht, rekening houdend met het ogenblik van het
jaar waarop zij in het stelsel treden; elk kwartaal wordt in jaar waarop zij in het stelsel treden; elk kwartaal wordt in
aanmerking genomen voor de berekening van de aanpassing. aanmerking genomen voor de berekening van de aanpassing.
HOOFDSTUK VI. - Tijdstip van betaling HOOFDSTUK VI. - Tijdstip van betaling
van de aanvullende vergoeding van de aanvullende vergoeding

Art. 13.De betaling van de aanvullende vergoeding moet om de

Art. 13.De betaling van de aanvullende vergoeding moet om de

kalendermaand gebeuren. kalendermaand gebeuren.
HOOFDSTUK VII. - Cumulatie van de aanvullende vergoeding HOOFDSTUK VII. - Cumulatie van de aanvullende vergoeding
met andere voordelen met andere voordelen

Art. 14.De aanvullende vergoeding mag niet worden gecumuleerd met

Art. 14.De aanvullende vergoeding mag niet worden gecumuleerd met

andere wegens afdanking verleende speciale vergoedingen of toeslagen, andere wegens afdanking verleende speciale vergoedingen of toeslagen,
die worden toegekend krachtens wettelijke of reglementaire bepalingen. die worden toegekend krachtens wettelijke of reglementaire bepalingen.
De arbeider(ster), bedoeld in de artikelen 2 tot en met 4, zal dus De arbeider(ster), bedoeld in de artikelen 2 tot en met 4, zal dus
eerst de uit die bepalingen voortvloeiende rechten moeten uitputten, eerst de uit die bepalingen voortvloeiende rechten moeten uitputten,
alvorens aanspraak te kunnen maken op de in artikel 2 voorziene alvorens aanspraak te kunnen maken op de in artikel 2 voorziene
aanvullende vergoeding. aanvullende vergoeding.
HOOFDSTUK VIII. - Overlegprocedure HOOFDSTUK VIII. - Overlegprocedure

Art. 15.Vooraleer een of meerdere werklieden, bedoeld bij artikelen 2

Art. 15.Vooraleer een of meerdere werklieden, bedoeld bij artikelen 2

tot en met 4, te ontslaan, pleegt de werkgever overleg met de tot en met 4, te ontslaan, pleegt de werkgever overleg met de
vertegenwoordigers van het personeel in de ondernemingsraad of, bij vertegenwoordigers van het personeel in de ondernemingsraad of, bij
ontstentenis daarvan, met de syndicale afvaardiging. Onverminderd de ontstentenis daarvan, met de syndicale afvaardiging. Onverminderd de
bepalingen van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 9 van 9 maart bepalingen van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 9 van 9 maart
1972, inzonderheid van artikel 12, heeft deze beraadslaging tot doel 1972, inzonderheid van artikel 12, heeft deze beraadslaging tot doel
in gemeen overleg te beslissen of, afgezien van de in de onderneming in gemeen overleg te beslissen of, afgezien van de in de onderneming
van kracht zijnde afdankingscriteria, werklieden die aan het in van kracht zijnde afdankingscriteria, werklieden die aan het in
artikel 3, § 1 bepaalde leeftijdscriterium voldoen, bij voorrang artikel 3, § 1 bepaalde leeftijdscriterium voldoen, bij voorrang
kunnen worden ontslagen en derhalve het voordeel van de aanvullende kunnen worden ontslagen en derhalve het voordeel van de aanvullende
regeling kunnen genieten. regeling kunnen genieten.
Bij ontstentenis van ondernemingsraad of van syndicale afvaardiging, Bij ontstentenis van ondernemingsraad of van syndicale afvaardiging,
heeft dit overleg plaats met de vertegenwoordigers van de heeft dit overleg plaats met de vertegenwoordigers van de
representatieve werknemersorganisaties of, bij ontstentenis, met de representatieve werknemersorganisaties of, bij ontstentenis, met de
werklieden van de onderneming. werklieden van de onderneming.
Vooraleer een beslissing tot ontslag te nemen, nodigt de werkgever Vooraleer een beslissing tot ontslag te nemen, nodigt de werkgever
daarenboven de betrokken arbeider(ster) bij aangetekende brief uit tot daarenboven de betrokken arbeider(ster) bij aangetekende brief uit tot
een onderhoud tijdens de werkuren op de zetel van de onderneming. Dit een onderhoud tijdens de werkuren op de zetel van de onderneming. Dit
onderhoud heeft tot doel aan de arbeider(ster) de gelegenheid te geven onderhoud heeft tot doel aan de arbeider(ster) de gelegenheid te geven
zijn (haar) bezwaren tegen het door de werkgever voorgenomen ontslag zijn (haar) bezwaren tegen het door de werkgever voorgenomen ontslag
kenbaar te maken. kenbaar te maken.
Overeenkomstig de collectieve arbeidsovereenkomst van 3 mei 1972 Overeenkomstig de collectieve arbeidsovereenkomst van 3 mei 1972
inzonderheid artikel 7, kan de arbeider(ster) zich bij dit onderhoud inzonderheid artikel 7, kan de arbeider(ster) zich bij dit onderhoud
laten bijstaan door de syndicale afgevaardigde. De opzegging kan ten laten bijstaan door de syndicale afgevaardigde. De opzegging kan ten
vroegste geschieden de tweede werkdag na de dag waarop dit onderhoud vroegste geschieden de tweede werkdag na de dag waarop dit onderhoud
plaats had of waarop dit onderhoud voorzien was. plaats had of waarop dit onderhoud voorzien was.
De ontslagen werklieden hebben de mogelijkheid de aanvullende regeling De ontslagen werklieden hebben de mogelijkheid de aanvullende regeling
te aanvaarden of deze te weigeren en derhalve deel uit te maken van de te aanvaarden of deze te weigeren en derhalve deel uit te maken van de
arbeidsreserve. arbeidsreserve.
HOOFDSTUK IX. - Betaling aanvullende vergoeding HOOFDSTUK IX. - Betaling aanvullende vergoeding

Art. 16.De betaling van de aanvullende vergoeding valt ten laste van

Art. 16.De betaling van de aanvullende vergoeding valt ten laste van

het "Fonds voor bestaanszekerheid voor de vlasbereiding". Te dien het "Fonds voor bestaanszekerheid voor de vlasbereiding". Te dien
einde zijn de werkgevers en werknemers verplicht gebruik te maken van einde zijn de werkgevers en werknemers verplicht gebruik te maken van
het gepast formulier dat kan bekomen worden op de zetel van voormeld het gepast formulier dat kan bekomen worden op de zetel van voormeld
fonds, Poortakkerstraat 100, 9051 Gent (S.D.W.). fonds, Poortakkerstraat 100, 9051 Gent (S.D.W.).
HOOFDSTUK X. - Eindbepalingen HOOFDSTUK X. - Eindbepalingen

Art. 17.De administratieve formaliteiten nodig voor de uitvoering van

Art. 17.De administratieve formaliteiten nodig voor de uitvoering van

deze overeenkomst worden door de Raad van Beheer van het "Fonds voor deze overeenkomst worden door de Raad van Beheer van het "Fonds voor
bestaanszekerheid voor de vlasbereiding" vastgesteld. De bestaanszekerheid voor de vlasbereiding" vastgesteld. De
administratieve richtlijnen bepaald door de raad van beheer van het administratieve richtlijnen bepaald door de raad van beheer van het
fonds moeten door de werkgever worden nageleefd. fonds moeten door de werkgever worden nageleefd.

Art. 18.De algemene interpretatiemoeilijkheden van deze collectieve

Art. 18.De algemene interpretatiemoeilijkheden van deze collectieve

arbeidsovereenkomst worden door de raad van beheer van het Fonds voor arbeidsovereenkomst worden door de raad van beheer van het Fonds voor
bestaanszekerheid voor de vlasbereiding beslecht in de geest van en bestaanszekerheid voor de vlasbereiding beslecht in de geest van en
refererend naar de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17 van de refererend naar de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17 van de
Nationale Arbeidsraad. Nationale Arbeidsraad.

Art. 19.De ondertekenende partijen vragen dat deze collectieve

Art. 19.De ondertekenende partijen vragen dat deze collectieve

arbeidsovereenkomst algemeen verbindend zou verklaard worden per arbeidsovereenkomst algemeen verbindend zou verklaard worden per
koninklijk besluit. koninklijk besluit.

Art. 20.Deze overeenkomst is van toepassing vanaf 1 januari 2008 tot

Art. 20.Deze overeenkomst is van toepassing vanaf 1 januari 2008 tot

en met 30 juni 2009. en met 30 juni 2009.
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 2 juli Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 2 juli
2008. 2008.
De Vice-Eerste Minister De Vice-Eerste Minister
en Minister van Werk en Gelijke Kansen, en Minister van Werk en Gelijke Kansen,
Mevr. J. MILQUET Mevr. J. MILQUET
^