← Terug naar "Ministerieel besluit tot vaststelling van de toelage toegekend aan de rekenplichtige van het Koninklijk Museum van het Leger en Krijgsgeschiedenis "
Ministerieel besluit tot vaststelling van de toelage toegekend aan de rekenplichtige van het Koninklijk Museum van het Leger en Krijgsgeschiedenis | Ministerieel besluit tot vaststelling van de toelage toegekend aan de rekenplichtige van het Koninklijk Museum van het Leger en Krijgsgeschiedenis |
---|---|
MINISTERIE VAN LANDSVERDEDIGING | MINISTERIE VAN LANDSVERDEDIGING |
26 MEI 2005. - Ministerieel besluit tot vaststelling van de toelage | 26 MEI 2005. - Ministerieel besluit tot vaststelling van de toelage |
toegekend aan de rekenplichtige van het Koninklijk Museum van het | toegekend aan de rekenplichtige van het Koninklijk Museum van het |
Leger en Krijgsgeschiedenis | Leger en Krijgsgeschiedenis |
De Minister van Landsverdediging, | De Minister van Landsverdediging, |
Gelet op de programmawet van 30 december 2001, inzonderheid op de | Gelet op de programmawet van 30 december 2001, inzonderheid op de |
artikelen 95 en 168; | artikelen 95 en 168; |
Gelet op het koninklijk besluit van 20 maart 2003 tot vaststelling van | Gelet op het koninklijk besluit van 20 maart 2003 tot vaststelling van |
de organieke voorschriften voor het financieel en materieel beheer van | de organieke voorschriften voor het financieel en materieel beheer van |
het Koninklijk Museum voor het Leger en de Krijgsgeschiedenis, | het Koninklijk Museum voor het Leger en de Krijgsgeschiedenis, |
wetenschappelijke instelling die ressorteert onder de Minister van | wetenschappelijke instelling die ressorteert onder de Minister van |
Landsverdediging, als Staatsdienst met afzonderlijk beheer, | Landsverdediging, als Staatsdienst met afzonderlijk beheer, |
inzonderheid op artikel 11bis, ingevoegd bij het koninklijk besluit | inzonderheid op artikel 11bis, ingevoegd bij het koninklijk besluit |
van 26 mei 2005 tot wijziging van het koninklijk besluit van 20 maart | van 26 mei 2005 tot wijziging van het koninklijk besluit van 20 maart |
2003 tot vaststelling van de organieke voorschriften voor het | 2003 tot vaststelling van de organieke voorschriften voor het |
financieel en materieel beheer van het Koninklijk Museum voor het | financieel en materieel beheer van het Koninklijk Museum voor het |
Leger en de Krijgsgeschiedenis, wetenschappelijke instelling die | Leger en de Krijgsgeschiedenis, wetenschappelijke instelling die |
ressorteert onder de Minister van Landsverdediging, als Staatsdienst | ressorteert onder de Minister van Landsverdediging, als Staatsdienst |
met afzonderlijk beheer; | met afzonderlijk beheer; |
Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 16 | Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 16 |
februari 2004; | februari 2004; |
Gelet op de akkoordbevinding van Onze Minister van Begroting, van 25 | Gelet op de akkoordbevinding van Onze Minister van Begroting, van 25 |
juni 2004; | juni 2004; |
Gelet op de akkoordbevinding van Onze Minister van Ambtenarenzaken, | Gelet op de akkoordbevinding van Onze Minister van Ambtenarenzaken, |
van 18 augustus 2004; | van 18 augustus 2004; |
Gelet op het protocol nr. 128/2 van 19 april 2005 van het Sectorcomité | Gelet op het protocol nr. 128/2 van 19 april 2005 van het Sectorcomité |
l; | l; |
Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari | Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari |
1973, inzonderheid op artikel 3, § 1, vervangen door de wet van 4 juli | 1973, inzonderheid op artikel 3, § 1, vervangen door de wet van 4 juli |
1989 en gewijzigd bij de wet van 4 augustus 1996; | 1989 en gewijzigd bij de wet van 4 augustus 1996; |
Gelet op de dringende noodzakelijkheid; | Gelet op de dringende noodzakelijkheid; |
Overwegende dat de organieke voorschriften voor het financieel en | Overwegende dat de organieke voorschriften voor het financieel en |
materieel beheer van het Koninklijk Museum voor het Leger en de | materieel beheer van het Koninklijk Museum voor het Leger en de |
Krijgsgeschiedenis, wetenschappelijke instelling die ressorteert onder | Krijgsgeschiedenis, wetenschappelijke instelling die ressorteert onder |
de Minister van Landsverdediging, als Staatsdienst met afzonderlijk | de Minister van Landsverdediging, als Staatsdienst met afzonderlijk |
beheer op 1 januari 2003 van kracht werden; | beheer op 1 januari 2003 van kracht werden; |
Overwegende dat het aangewezen is zonder verder uitstel het bedrag | Overwegende dat het aangewezen is zonder verder uitstel het bedrag |
vast te stellen van de toelage verschuldigd aan de rekenplichtige van | vast te stellen van de toelage verschuldigd aan de rekenplichtige van |
het Koninklijk Museum voor het Leger en de Krijgsgeschiedenis, | het Koninklijk Museum voor het Leger en de Krijgsgeschiedenis, |
Besluit : | Besluit : |
Artikel 1.De rekenplichtige van het Koninklijk Museum voor het Leger |
Artikel 1.De rekenplichtige van het Koninklijk Museum voor het Leger |
en de Krijgsgeschiedenis ontvangt een jaarlijkse forfaitaire toelage | en de Krijgsgeschiedenis ontvangt een jaarlijkse forfaitaire toelage |
van 2.903,63 EUR. | van 2.903,63 EUR. |
De vergoeding wordt maandelijks en na vervallen termijn betaald, ten | De vergoeding wordt maandelijks en na vervallen termijn betaald, ten |
bedrage van één twaalfde van het bedrag bedoeld in het eerste lid. Zij | bedrage van één twaalfde van het bedrag bedoeld in het eerste lid. Zij |
wordt tegelijk en in dezelfde mate als de wedde van de maand, waarop | wordt tegelijk en in dezelfde mate als de wedde van de maand, waarop |
zij betrekking heeft, vereffend. | zij betrekking heeft, vereffend. |
De toelage wordt gekoppeld aan de mobiliteitsregeling toepasselijk op | De toelage wordt gekoppeld aan de mobiliteitsregeling toepasselijk op |
de wedden van het personeel der ministeries. Zij wordt gekoppeld aan | de wedden van het personeel der ministeries. Zij wordt gekoppeld aan |
het spilindexcijfer 103,14. | het spilindexcijfer 103,14. |
Art. 2.Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2003. |
Art. 2.Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2003. |
Brussel, 26 mei 2005. | Brussel, 26 mei 2005. |
A. FLAHAUT | A. FLAHAUT |