Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 november 2018 houdende de uitvoering van het decreet van 18 mei 2018 houdende de Vlaamse sociale bescherming, wat betreft de financiering van het personeel in een centrum voor kortverblijf met een bijkomende erkenning | Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 november 2018 houdende de uitvoering van het decreet van 18 mei 2018 houdende de Vlaamse sociale bescherming, wat betreft de financiering van het personeel in een centrum voor kortverblijf met een bijkomende erkenning |
---|---|
VLAAMSE OVERHEID | VLAAMSE OVERHEID |
8 MEI 2020. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het | 8 MEI 2020. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het |
besluit van de Vlaamse Regering van 30 november 2018 houdende de | besluit van de Vlaamse Regering van 30 november 2018 houdende de |
uitvoering van het decreet van 18 mei 2018 houdende de Vlaamse sociale | uitvoering van het decreet van 18 mei 2018 houdende de Vlaamse sociale |
bescherming, wat betreft de financiering van het personeel in een | bescherming, wat betreft de financiering van het personeel in een |
centrum voor kortverblijf met een bijkomende erkenning | centrum voor kortverblijf met een bijkomende erkenning |
Rechtsgronden | Rechtsgronden |
Dit besluit is gebaseerd op: | Dit besluit is gebaseerd op: |
- het decreet van 18 mei 2018 houdende de Vlaamse sociale bescherming, | - het decreet van 18 mei 2018 houdende de Vlaamse sociale bescherming, |
artikel 152, gewijzigd bij het decreet van 15 februari 2019. | artikel 152, gewijzigd bij het decreet van 15 februari 2019. |
- het Woonzorgdecreet van 15 februari 2019, artikel 55 § 1. | - het Woonzorgdecreet van 15 februari 2019, artikel 55 § 1. |
Vormvereisten | Vormvereisten |
De volgende vormvereisten zijn vervuld: | De volgende vormvereisten zijn vervuld: |
- De Vlaamse minister, bevoegd voor de begroting, heeft zijn akkoord | - De Vlaamse minister, bevoegd voor de begroting, heeft zijn akkoord |
gegeven op 12 maart 2020. | gegeven op 12 maart 2020. |
- De Raad van State heeft advies 67.126/1 gegeven op 15 april 2020, | - De Raad van State heeft advies 67.126/1 gegeven op 15 april 2020, |
met toepassing van artikel 84, § 3, eerste lid, van de wetten op de | met toepassing van artikel 84, § 3, eerste lid, van de wetten op de |
Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973. | Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973. |
Initiatiefnemer | Initiatiefnemer |
Dit besluit wordt voorgesteld door de Vlaamse minister van Welzijn, | Dit besluit wordt voorgesteld door de Vlaamse minister van Welzijn, |
Volksgezondheid, Gezin en Armoedebestrijding. | Volksgezondheid, Gezin en Armoedebestrijding. |
Na beraadslaging, | Na beraadslaging, |
DE VLAAMSE REGERING BESLUIT: | DE VLAAMSE REGERING BESLUIT: |
Artikel 1.In het besluit van de Vlaamse Regering van 30 november 2018 |
Artikel 1.In het besluit van de Vlaamse Regering van 30 november 2018 |
houdende de uitvoering van het decreet van 18 mei 2018 houdende de | houdende de uitvoering van het decreet van 18 mei 2018 houdende de |
Vlaamse sociale bescherming, het laatst gewijzigd bij het besluit van | Vlaamse sociale bescherming, het laatst gewijzigd bij het besluit van |
de Vlaamse Regering van 28 juni 2019, wordt een boek 3/2, dat bestaat | de Vlaamse Regering van 28 juni 2019, wordt een boek 3/2, dat bestaat |
uit artikel 534/9 tot en met 534/11, ingevoegd, dat luidt als volgt: | uit artikel 534/9 tot en met 534/11, ingevoegd, dat luidt als volgt: |
"Boek 3/2. Subsidiëring van het pilootproject centrum voor | "Boek 3/2. Subsidiëring van het pilootproject centrum voor |
kortverblijf met een bijkomende erkenning | kortverblijf met een bijkomende erkenning |
Art. 534/9.Binnen de beschikbare begrotingskredieten kan de |
Art. 534/9.Binnen de beschikbare begrotingskredieten kan de |
administrateur-generaal van het agentschap subsidies toekennen aan | administrateur-generaal van het agentschap subsidies toekennen aan |
centra voor kortverblijf met een bijkomende erkenning. | centra voor kortverblijf met een bijkomende erkenning. |
Art. 534/10.De subsidie die aan de centra voor kortverblijf met een |
Art. 534/10.De subsidie die aan de centra voor kortverblijf met een |
bijkomende erkenning wordt toegekend, wordt geïndexeerd conform de wet | bijkomende erkenning wordt toegekend, wordt geïndexeerd conform de wet |
van 1 maart 1977 houdende inrichting van een stelsel waarbij sommige | van 1 maart 1977 houdende inrichting van een stelsel waarbij sommige |
uitgaven in de overheidssector aan het indexcijfer van de | uitgaven in de overheidssector aan het indexcijfer van de |
consumptieprijzen van het Rijk worden gekoppeld. | consumptieprijzen van het Rijk worden gekoppeld. |
De koppeling aan het indexcijfer, vermeld in het eerste lid, wordt | De koppeling aan het indexcijfer, vermeld in het eerste lid, wordt |
berekend en toegepast conform artikel 2 van het koninklijk besluit van | berekend en toegepast conform artikel 2 van het koninklijk besluit van |
24 december 1993 ter uitvoering van de wet van 6 januari 1989 tot | 24 december 1993 ter uitvoering van de wet van 6 januari 1989 tot |
vrijwaring van 's lands concurrentievermogen. | vrijwaring van 's lands concurrentievermogen. |
De bedragen, vermeld in dit boek, zijn gekoppeld aan het | De bedragen, vermeld in dit boek, zijn gekoppeld aan het |
spilindexcijfer 103,04 (1 juni 2017; basis 2013=100). | spilindexcijfer 103,04 (1 juni 2017; basis 2013=100). |
Bij overschrijding van de spilindex wordt de verhoging toegepast vanaf | Bij overschrijding van de spilindex wordt de verhoging toegepast vanaf |
1 januari van het jaar dat volgt op het moment dat het indexcijfer het | 1 januari van het jaar dat volgt op het moment dat het indexcijfer het |
cijfer bereikt dat een wijziging rechtvaardigt. | cijfer bereikt dat een wijziging rechtvaardigt. |
Art. 534/11.De jaarlijkse subsidie wordt berekend conform de volgende |
Art. 534/11.De jaarlijkse subsidie wordt berekend conform de volgende |
formule: 49,59 euro x 0,9541 x het gemiddelde aantal entiteiten | formule: 49,59 euro x 0,9541 x het gemiddelde aantal entiteiten |
centrum voor kortverblijf met een bijkomende erkenning x het aantal | centrum voor kortverblijf met een bijkomende erkenning x het aantal |
dagen in het jaar in kwestie dat het centrum voor kortverblijf over | dagen in het jaar in kwestie dat het centrum voor kortverblijf over |
een bijkomende erkenning beschikt. | een bijkomende erkenning beschikt. |
De administrateur-generaal van het agentschap bepaalt jaarlijks de | De administrateur-generaal van het agentschap bepaalt jaarlijks de |
centra voor kortverblijf en het aantal entiteiten per centrum voor | centra voor kortverblijf en het aantal entiteiten per centrum voor |
kortverblijf met een bijkomende erkenning die in aanmerking komen voor | kortverblijf met een bijkomende erkenning die in aanmerking komen voor |
de subsidiëring, en het subsidiebedrag per centrum voor kortverblijf, | de subsidiëring, en het subsidiebedrag per centrum voor kortverblijf, |
dat conform het eerste lid berekend wordt. | dat conform het eerste lid berekend wordt. |
Het agentschap betaalt de subsidie uiterlijk voor 31 december van het | Het agentschap betaalt de subsidie uiterlijk voor 31 december van het |
jaar in kwestie.". | jaar in kwestie.". |
Art. 2.In hetzelfde besluit, het laatst gewijzigd bij dit besluit, |
Art. 2.In hetzelfde besluit, het laatst gewijzigd bij dit besluit, |
wordt boek 3/2, dat bestaat uit artikel 534/9 tot en met 534/11, | wordt boek 3/2, dat bestaat uit artikel 534/9 tot en met 534/11, |
opgeheven. | opgeheven. |
Art. 3.In artikel 668, 4°, van hetzelfde besluit wordt de zinsnede |
Art. 3.In artikel 668, 4°, van hetzelfde besluit wordt de zinsnede |
"die in werking treden op 1 januari 2020" vervangen door de woorden | "die in werking treden op 1 januari 2020" vervangen door de woorden |
"die in werking treden op een door de minister vast te stellen datum". | "die in werking treden op een door de minister vast te stellen datum". |
Art. 4.Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2020, met |
Art. 4.Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2020, met |
uitzondering van artikel 2, dat in werking treedt op de datum waarop | uitzondering van artikel 2, dat in werking treedt op de datum waarop |
boek 3, deel 2, titel 3, hoofdstuk 1, afdeling 1, onderafdeling 17, | boek 3, deel 2, titel 3, hoofdstuk 1, afdeling 1, onderafdeling 17, |
van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 november 2018 houdende | van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 november 2018 houdende |
de uitvoering van het decreet van 18 mei 2018 houdende de Vlaamse | de uitvoering van het decreet van 18 mei 2018 houdende de Vlaamse |
sociale bescherming in werking treedt. | sociale bescherming in werking treedt. |
Art. 5.De Vlaamse minister, bevoegd voor het welzijn, de Vlaamse |
Art. 5.De Vlaamse minister, bevoegd voor het welzijn, de Vlaamse |
minister, bevoegd voor de gezondheids- en woonzorg, en de Vlaamse | minister, bevoegd voor de gezondheids- en woonzorg, en de Vlaamse |
minister, bevoegd voor de sociale bescherming, zijn, ieder wat hem of | minister, bevoegd voor de sociale bescherming, zijn, ieder wat hem of |
haar betreft, belast met de uitvoering van dit besluit. | haar betreft, belast met de uitvoering van dit besluit. |
Brussel, 8 mei 2020. | Brussel, 8 mei 2020. |
De minister-president van de Vlaamse Regering, | De minister-president van de Vlaamse Regering, |
J. JAMBON | J. JAMBON |
De Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid, Gezin en | De Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid, Gezin en |
Armoedebestrijding, | Armoedebestrijding, |
W. BEKE | W. BEKE |