Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Koninklijk Besluit van 24/09/2006
← Terug naar "Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 29 juli 2005, gesloten in het Paritair Comité voor het tuinbouwbedrijf, betreffende het conventioneel sectoraal brugpensioen voor het tuinbouwbedrijf "
Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 29 juli 2005, gesloten in het Paritair Comité voor het tuinbouwbedrijf, betreffende het conventioneel sectoraal brugpensioen voor het tuinbouwbedrijf Arrêté royal rendant obligatoire la convention collective de travail du 29 juillet 2005, conclue au sein de la Commission paritaire pour les entreprises horticoles, relative à la prépension conventionnelle sectorielle pour les entreprises horticoles
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG SERVICE PUBLIC FEDERAL EMPLOI, TRAVAIL ET CONCERTATION SOCIALE
24 SEPTEMBER 2006. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend 24 SEPTEMBRE 2006. - Arrêté royal rendant obligatoire la convention
wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 29 juli 2005, collective de travail du 29 juillet 2005, conclue au sein de la
gesloten in het Paritair Comité voor het tuinbouwbedrijf, betreffende Commission paritaire pour les entreprises horticoles, relative à la
het conventioneel sectoraal brugpensioen voor het tuinbouwbedrijf (1) prépension conventionnelle sectorielle pour les entreprises horticoles (1)
ALBERT II, Koning der Belgen, ALBERT II, Roi des Belges,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. A tous, présents et à venir, Salut.
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve Vu la loi du 5 décembre 1968 sur les conventions collectives de
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel 28; travail et les commissions paritaires, notamment l'article 28;
Gelet op de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17 van 19 december Vu la convention collective de travail n° 17 du 19 décembre 1974,
1974, gesloten in de Nationale Arbeidsraad, tot invoering van een
regeling van aanvullende vergoeding ten gunste van sommige bejaarde conclue au sein du Conseil national du travail, instituant un régime
werknemers indien zij worden ontslagen, algemeen verbindend verklaard d'indemnité complémentaire pour certains travailleurs âgés en cas de
bij koninklijk besluit van 16 januari 1975; licenciement, rendue obligatoire par arrêté royal du 16 janvier 1975;
Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor het tuinbouwbedrijf; Vu la demande de la Commission paritaire pour les entreprises horticoles;
Op de voordracht van Onze Minister van Werk, Sur la proposition de Notre Ministre de l'Emploi,
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : Nous avons arrêté et arrêtons :

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage

Article 1er.Est rendue obligatoire la convention collective de

overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 29 juli 2005, gesloten travail du 29 juillet 2005, reprise en annexe, conclue au sein de la
in het Paritair Comité voor het tuinbouwbedrijf, betreffende het Commission paritaire pour les entreprises horticoles, relative à la
conventioneel sectoraal brugpensioen voor het tuinbouwbedrijf met prépension conventionnelle sectorielle pour les entreprises horticoles
uitzondering van de bepalingen in strijd met artikel 4, § 2, van de à l'exception des dispositions contraires à l'article 4, § 2, de la
collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17 van 19 december 1974 tot convention collective de travail n° 17 du 19 décembre 1974 instituant
invoering van een regeling van aanvullende vergoeding ten gunste van un régime d'indemnité complémentaire pour certains travailleurs âgés
sommige bejaarde werknemers indien zij worden ontslagen. en cas de licenciement.

Art. 2.Onze Minister van Werk is belast met de uitvoering van dit

Art. 2.Notre Ministre de l'Emploi est chargé de l'exécution du

besluit. présent arrêté.
Gegeven te Brussel, 24 september 2006. Donné à Bruxelles, le 24 septembre 2006.
ALBERT ALBERT
Van Koningswege : Par le Roi :
De Minister van Werk, Le Ministre de l'Emploi,
P. VANVELTHOVEN P. VANVELTHOVEN
_______ _______
Nota Note
(1) Verwijzingen naar het Belgisch Staatsblad : (1) Références au Moniteur belge :
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. Loi du 5 décembre 1968, Moniteur belge du 15 janvier 1969.
Koninklijk besluit van 16 januari 1975, Belgisch Staatsblad van 31 januari 1975. Arrêté royal du 16 janvier 1975, Moniteur belge du 31 janvier 1975.
Bijlage Annexe
Paritair Comité voor het tuinbouwbedrijf Commission paritaire pour les entreprises horticoles
Collectieve arbeidsovereenkomst van 29 juli 2005 Convention collective de travail du 29 juillet 2005
Conventioneel sectoraal brugpensioen voor het tuinbouwbedrijf Prépension conventionnelle sectorielle pour les entreprises horticoles
(Overeenkomst geregistreerd op 11 oktober 2005 onder het nummer (Convention enregistrée le 11 octobre 2005 sous le numéro
76712/CO/145) 76712/CO/145)
HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied CHAPITRE Ier. - Champ d'application

Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op

Article 1er.La présente convention collective de travail s'applique

de werkgevers en de werklieden en werksters van de ondernemingen die aux employeurs et aux ouvriers et ouvrières des entreprises
ressorteren onder het Paritair Comité voor het tuinbouwbedrijf met ressortissant à la Commission paritaire pour les entreprises
uitzondering van de ondernemingen waarvan de hoofdactiviteit bestaat horticoles à l'exception des entreprises dont l'activité principale
in het inplanten en onderhouden van parken en tuinen. consiste en l'implantation et l'entretien de parcs et jardins.
HOOFDSTUK II. - Rechthebbenden CHAPITRE II. - Bénéficiaires

Art. 2.Om te kunnen genieten van de bepalingen van deze collectieve

Art. 2.Pour pouvoir bénéficier des dispositions de la présente

arbeidsovereenkomst, dienen de werknemers te voldoen aan de convention collective de travail, les travailleurs doivent satisfaire
voorwaarden vastgelegd in het koninklijk besluit van 7 december 1992 aux conditions fixées par l'arrêté royal du 7 décembre 1992 relatif à
betreffende de toekenning van werkloosheidsuitkeringen in geval van l'octroi d'allocations de chômage en cas de prépension conventionnelle
conventioneel brugpensioen (Belgisch Staatsblad van 11 december 1992) (Moniteur belge du 11 décembre 1992) et, au moment où le contrat de
en dienen zij op het ogenblik waarop de arbeidsovereenkomst werkelijk
wordt beëindigd, de leeftijd van 58 jaar bereikt hebben. travail prend effectivement fin, avoir atteint l'âge de 58 ans.
HOOFDSTUK III. - Aanvullende vergoeding CHAPITRE III. - Indemnité complémentaire

Art. 3.De werknemers bedoeld in artikel 2 hebben na ontslag recht op

Art. 3.Les travailleurs visés à l'article 2 ont droit à une indemnité

een aanvullende vergoeding ten laste van hun werkgever. Die complémentaire à charge de leur employeur après leur licenciement.
aanvullende vergoeding wordt toegekend vanaf het einde van de Cette indemnité complémentaire est octroyée à partir du moment où le
wettelijke opzeggingstermijn tot aan de pensioengerechtigde leeftijd. délai de préavis légal vient à expiration et elle s'applique jusqu'à l'âge légal de la pension.

Art. 4.De aanvullende vergoeding is gelijk aan de helft van het

Art. 4.L'indemnité complémentaire est égale à la moitié de la

verschil tussen het netto refertemaandloon en de différence entre le salaire net mensuel de référence et l'allocation
werkloosheidsuitkering en wordt berekend en aangepast overeenkomstig de chômage et est calculée et adaptée conformément aux dispositions de
de bepalingen van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17 van de la convention collective de travail n° 17 du Conseil national du
Nationale Arbeidsraad, tot invoering van een regeling van aanvullende travail, instituant un régime d'indemnité complémentaire pour certains
vergoeding ten gunste van sommige bejaarde werknemers indien zij
worden ontslagen (koninklijk besluit van 16 januari 1975 - Belgisch travailleurs âgés, en cas de licenciement (arrêté royal du 16 janvier
Staatsblad van 31 januari 1975). 1975 - Moniteur belge du 31 janvier 1975).
HOOFDSTUK IV. - Tussenkomst van het "Waarborg- en Sociaal Fonds voor CHAPITRE IV. - Intervention du "Fonds social et de garantie pour les
het tuinbouwbedrijf" in de aanvullende vergoeding entreprises horticoles" dans l'indemnité complémentaire

Art. 5.Het "Waarborg- en Sociaal Fonds voor het tuinbouwbedrijf",

Art. 5.Le "Fonds social et de garantie pour les entreprises

opgericht bij collectieve arbeidsovereenkomst van 7 juni 1991, tot horticoles", institué par la convention collective de travail du 7
oprichting van een fonds voor bestaanszekerheid en vaststelling van juin 1991, instituant un fonds de sécurité d'existence et fixant ses
zijn statuten, algemeen verbindend verklaard bij koninklijk besluit statuts, rendue obligatoire par arrêté royal du 3 octobre 1991
van 3 oktober 1991 (Belgisch Staatsblad van 29 oktober 1991), betaalt (Moniteur belge du 29 octobre 1991), rembourse à l'employeur
aan de werkgever de in artikel 3 bedoelde aanvullende vergoeding l'indemnité complémentaire visée à l'article 3, y compris les
terug, met inbegrip van de bijzondere maandelijkse cotisations spéciales mensuelles à charge de l'employeur, à
werkgeversbijdragen, tot een door het Paritair Comité voor het concurrence d'un montant maximum par prépensionné, à fixer par la
tuinbouwbedrijf te bepalen maximumbedrag per bruggepensioneerde. Commission paritaire pour les entreprises horticoles.

Art. 6.Alleen de werkgevers wiens bruggepensioneerde werknemers

Art. 6.Seuls les employeurs dont les travailleurs prépensionnés ont

gedurende de twee jaren voorafgaand aan hun brugpensioen onafgebroken été liés sans interruption pendant les deux ans précédant leur
door een arbeidsovereenkomst verbonden zijn geweest met een werkgever prépension par un contrat de travail à un employeur ressortissant à la
die onder het Paritair Comité voor het tuinbouwbedrijf ressorteert, Commission paritaire pour les entreprises horticoles, pourront
kunnen genieten van de in artikel 5 bedoelde tussenkomst. bénéficier de l'intervention visée à l'article 5.

Art. 7.Onverminderd artikel 4 van deze collectieve

Art. 7.Sans préjudice de l'article 4 de la présente convention

arbeidsovereenkomst, wordt de tussenkomst door het "Waarborg- en collective de travail, l'intervention par le "Fonds social et de
Sociaal Fonds voor het tuinbouwbedrijf" berekend op basis van het garantie pour les entreprises horticoles" sera calculée sur la base de
gemiddelde van de lonen die de werknemer heeft ontvangen gedurende de la moyenne des rémunérations perçues par le travailleur pendant les
twaalf maanden voorafgaand aan zijn brugpensioen, en niet op basis van douze mois précédant sa prépension, et non pas sur base de la
het loon van de refertemaand. rémunération du mois de référence.

Art. 8.De raad van beheer van het "Waarborg- en Sociaal Fonds voor

Art. 8.Le conseil d'administration du "Fonds social et de garantie

het tuinbouwbedrijf" stelt de praktische modaliteiten vast met pour les entreprises horticoles" fixe les modalités pratiques
betrekking tot de uitvoering van dit hoofdstuk. concernant l'exécution du présent chapitre.
HOOFDSTUK V. - Vervanging CHAPITRE V. - Remplacement

Art. 9.De bruggepensioneerden dienen vervangen te worden

Art. 9.Les prépensionnés doivent être remplacés conformément à

overeenkomstig artikel 4 van bovenvermeld koninklijk besluit van 7 december 1992. De sancties die voortvloeien uit het niet-eerbiedigen door de werkgevers van de wettelijke verplichtingen inzake brugpensioen, vallen geheel ten laste van de individuele werkgevers. HOOFDSTUK VI. - Geldigheid

Art. 10.Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking op 1 januari 2006 en treedt buiten werking op 1 januari 2009. Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 24 september 2006. De Minister van Werk,

l'article 4 de l'arrêté royal du 7 décembre 1992 mentionné ci-dessus. Les sanctions qui découlent du non-respect par l'employeur des obligations en matière de prépension restent entièrement à charge des employeurs individuels. CHAPITRE VI. - Validité

Art. 10.La présente convention collective de travail entre en vigueur le 1er janvier 2006 et cesse d'être en vigueur le 1er janvier 2009. Vu pour être annexé à l'arrêté royal du 24 septembre 2006. Le Ministre de l'Emploi,

P. VANVELTHOVEN P. VANVELTHOVEN
^