Besluit van de Waalse Regering tot bepaling van de voorwaarden voor de bijvoedering van grof wild | Arrêté du Gouvernement wallon fixant les conditions de nourrissage du grand gibier |
---|---|
MINISTERIE VAN HET WAALSE GEWEST 28 MEI 2003. - Besluit van de Waalse Regering tot bepaling van de voorwaarden voor de bijvoedering van grof wild De Waalse Regering, Gelet op de jachtwet van 28 februari 1882, gewijzigd bij het decreet | MINISTERE DE LA REGION WALLONNE 28 MAI 2003. - Arrêté du Gouvernement wallon fixant les conditions de nourrissage du grand gibier Le Gouvernement wallon, Vu la loi du 28 février 1882 sur la chasse, modifiée par le décret du |
van 14 juli 1994, inzonderheid op artikel 12ter ; | 14 juillet 1994, notamment l'article 12ter ; |
Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari | Vu les lois sur le Conseil d'Etat, coordonnées le 12 janvier 1973, |
1973, inzonderheid op artikel 3, § 1, vervangen bij de wet van 4 juli 1989 en gewijzigd bij de wet van 4 augustus 1996; | notamment l'article 3, § 1er, remplacé par la loi du 4 juillet 1989 et modifié par la loi du 4 août 1996; |
Gelet op het besluit van de Waalse Regering van 17 juli 1997 tot | Vu l'arrêté du Gouvernement wallon du 17 juillet 1997 fixant les |
vaststelling van de voorwaarden voor de bijvoeding van grof wild, inzonderheid op de artikelen 5, 6 en 7; | conditions de nourrissage du grand gibier, notamment les articles 5, 6 |
Gelet op het advies van de "Conseil supérieur wallon de la Chasse" | et 7; |
(Waalse Hoge Jachtraad), uitgebracht op 12 februari 2003; | Vu l'avis du Conseil supérieur wallon de la Chasse, donné le 12 |
Overwegende dat voor het begin van het komende jachtseizoen nieuwe | février 2003; Considérant la nécessité de fixer les conditions de nourrissage du |
voorwaarden voor de bijvoedering van grof wild bepaald moeten worden | grand gibier pour le début de la prochaine saison de chasse, les |
aangezien de huidige voorwaarden niet meer geschikt zijn; | conditions actuellement en vigueur ne donnant plus satisfaction; |
Gelet op het advies 35.377/4 van de Raad van State, uitgebracht op 7 | Vu l'avis 35.377/4 du Conseil d'Etat donné le 7 mai 2003, en |
mei 2003, overeenkomstig artikel 84, eerste lid, 1°, van de | application de l'article 84, alinéa 1er, 1°, des lois coordonnées sur |
gecoördineerde wetten op de Raad van State; | le Conseil d'Etat; |
Op de voordracht van de Minister van Landbouw en Landelijke Aangelegenheden; | Sur la proposition du Ministre de l'Agriculture et de la Ruralité; |
Na beraadslaging, | Après délibération, |
Besluit : | Arrête : |
HOOFDSTUK I. - Begripsbepalingen | CHAPITRE Ier. - Définitions |
Artikel 1.Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder |
Article 1er.Pour l'application du présent arrêté, on entend par |
bevoegde ambtenaar : de directeur van de Afdeling Natuur en Bossen in | fonctionnaire compétent : le directeur de la Division de la Nature et |
des Forêts dans le ressort duquel est située la superficie la plus | |
wiens ambtsgebied het grootste deel van het/de onder de jachtraad | importante du territoire de chasse ou des territoires de chasse |
ressorterende jachtgebied(en) gelegen is (zijn). | relevant du conseil cynégétique |
HOOFDSTUK II. - Algemene bepalingen | CHAPITRE II. - Dispositions générales |
Art. 2.De bevoegde ambtenaar wordt bij aangetekend schrijven in |
Art. 2.Tout nourrissage du grand gibier est subordonné à l'obligation |
kennis gesteld van elke bijvoedering van grof wild en de ambtenaren | d'en informer préalablement par pli recommandé le fonctionnaire |
van de Afdeling Natuur en Bossen moeten er toezicht op kunnen houden. | compétent et d'en autoriser le contrôle par les agents de la Division |
Daartoe gebruikt de voorzitter van de erkende jachtraad of diens | de la Nature et des Forêts. |
afgevaardigde het kennisgevingsformulier waarvan het model hierbij | A cette fin, le président du conseil cynégétique agréé ou son délégué |
gaat. | utilise le modèle d'avertissement repris en annexe. |
Art. 3.§ 1. De bijvoedering van grof wild is verboden buiten de |
Art. 3.§ 1er. Tout nourrissage du grand gibier est interdit en dehors |
bossen en wouden, met uitzondering van de fokbedrijven die een | des bois et forêts à l'exception des établissements d'élevage |
toelating hebben overeenkomstig artikel 12bis , § 2, 2e streepje, van | autorisés conformément à l'article 12bis , § 2, 2e tiret, de la loi du |
de jachtwet van 28 februari 1882. | 28 février 1882 sur la chasse. |
§ 2. De bijvoedering van eender welk soort grof wild vindt plaats op | § 2. Les lieux de nourrissage de tout grand gibier ne peuvent être |
minstens 200 meter van de terreinen waar de korte jacht wordt beoefend | situés à moins de 200 m de tout terrain où la chasse à tir est |
en op minstens 50 m van elke waterloop, bron inbegrepen. | pratiquée par autrui ainsi qu'à moins de 50 m de tout cours d'eau, en |
ce compris les sources. | |
De afleidende bijvoedering van wilde zwijnen vindt plaats op minstens | De plus, le nourrissage dissuasif du sanglier ne pourra s'effectuer à |
200 meter van de bosranden. | moins de 200 m d'une lisière forestière. |
Art. 4.Om schade te voorkomen aan sommige bosbestanden of in het |
Art. 4.Le fonctionnaire compétent peut, après avis du chef de |
belang van het natuurbehoud, kan de bevoegde ambtenaar, na advies van | cantonnement du ressort, exiger le déplacement d'un lieu de |
de houtvester van het ambtsgebied, eisen dat het grof wild op een | nourrissage du grand gibier en vue d'éviter des dégâts à certains |
andere plaats wordt bijgevoederd. | peuplements forestiers ou dans l'intérêt de la conservation de la nature. |
Art. 5.§ 1. Voor de aanvullende bijvoedering van grof wild is elk |
Art. 5.§ 1er. Pour le nourrissage supplétif du grand gibier, tout |
voedermiddel toegelaten dat het natuurlijkerwijs in zijn biotoop kan | aliment que celui-ci est susceptible de rencontrer naturellement dans |
vinden, met uitzondering van samengestelde voeders en vleesvoeders. | son biotope est autorisé, à l'exception des aliments composés et des |
Bij elke bijvoedering wordt hoe dan ook gebruik gemaakt van hooi, | aliments carnés. Tout nourrissage supplétif comprendra au moins du |
voorgedroogd gras en kuilvoeder. | foin, du préfané ou des produits de l'ensilage. |
§ 2. De aanvullende bijvoedering van grof wild is tussen 1 januari en | § 2. Le nourrissage supplétif du grand gibier est autorisé du 1er |
30 april toegelaten op een geheel van biologisch homogene gebieden. | janvier au 30 avril dans un ensemble de territoires biologiquement |
Art. 6.De aanvullende bijvoedering van grof wild voldoet aan de |
homogènes. Art. 6.Le nourrissage supplétif du grand gibier se fait aux |
volgende voorwaarden : | conditions suivantes : |
1° de punten waar voeder verdeeld wordt, zijn gelijkmatig verspreid | 1° les points de distribution de nourriture doivent être uniformément |
over de gezamenlijke oppervlakte van de grondgebieden, met minimum | répartis sur l'étendue des territoires à raison de 2 points minimum |
twee verdeelpunten per 1 000 ha bos. De verdeelpunten mogen evenwel | aux 1 000 ha boisés et ce sans que la présence de tels points ne |
niet tegen de zin van een boseigenaar op diens terreinen vastgelegd | puisse être imposée à un propriétaire forestier sur ses terrains |
worden; | contre son gré; |
2° l'approvisionnement de chaque point de distribution doit être | |
2° elk verdeelpunt wordt continu bevoorraad tot 30 april, met ingang | assuré de façon permanente jusqu'au 30 avril, à dater de cet |
van bedoelde bevoorrading; | approvisionnement; |
3° het voeder mag niet in hopen verdeeld worden, behalve hooi en | 3° la distribution des aliments, autre que foin et ensilage, ne peut |
kuilvoeder. | s'effectuer en tas. |
Art. 7.§ 1. Voor de afleidende bijvoedering van wilde zwijnen mag |
Art. 7.§ 1er. Pour le nourrissage dissuasif du sanglier, seules sont |
alleen gebruik gemaakt worden van de graangewassen die ze | autorisées les céréales que celui-ci est susceptible de rencontrer |
natuurlijkerwijs in hun biotoop kunnen vinden. Die graangewassen zijn | naturellement dans son biotope, obligatoirement en mélange avec du |
gemengd met erwten. | pois. |
§ 2. Het in § 1 bedoelde voeder wordt continu verspreid in slierten | § 2. La distribution des aliments visés au § 1er doit se faire de |
van minstens tien meter breed en tweehonderd meter lang. | façon permanente et dispersée, par traînées de 10 m de large au moins |
et de 200 m de long au moins. | |
Art. 8.Het besluit van de Waalse Regering van 17 mei 1997 tot |
Art. 8.L'arrêté du Gouvernement wallon du 17 juillet 1997 fixant les |
vaststelling van de voorwaarden voor de bijvoeding van grof wild wordt opgeheven. | conditions de nourrissage du grand gibier est abrogé. |
Art. 9.De Minister tot wiens bevoegdheden de Jacht behoort, is belast |
Art. 9.Le Ministre qui a la Chasse dans ses attributions est chargé |
met de uitvoering van dit besluit. | de l'exécution du présent arrêté. |
Namen, 28 mei 2003. | Namur, le 28 mai 2003. |
De Minister-President, | Le Ministre-Président, |
J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE, | J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE |
De Minister van Landbouw en Landelijke Aangelegenheden, | Le Ministre de l'Agriculture et de la Ruralité, |
J. HAPPART | J. HAPPART |
BIJLAGE | ANNEXE |
MINISTERIE VAN HET WAALSE GEWEST | MINISTERE DE LA REGION WALLONNE |
Afdeling Natuur en Bossen | Division de la Nature et des Forêts |
BIJVOEDERING VAN GROF WILD | NOURRISSAGE DU GRAND GIBIER |
Kennisgeving overeenkomstig artikel 2 van het besluit van de Waalse | Avertissement conformément à l'article 2 de l'arrêté du Gouvernement |
Regering | wallon |
van 28 mei 2003 tot bepaling van de voorwaarden voor de bijvoedering van grof wild | du 28 mai 2003 fixant les conditions de nourrissage du grand gibier |
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld | Pour la consultation du tableau, voir image |
(1) Schrappen wat niet past. | (1) Biffer la mention inutile. |
(2) In voorkomend geval een onderscheid maken tussen de aanvullende en | (2) Le cas échéant, distinguer les endroits de nourrissage supplétif |
de afleidende bijvoederingsplaatsen. Gezien om te worden gevoegd bij het besluit van de Waalse Regering van | d'une part et les endroits de nourrissage dissuasif d'autre part. |
28 mei 2003 tot bepaling van de voorwaarden voor de bijvoedering van | Vu pour être annexé à l'arrêté du Gouvernement wallon du 28 mai 2003 |
grof wild. | fixant les conditions de nourrissage du grand gibier. |
Namen, 28 mei 2003. | Namur, le 28 mai 2003. |
De Minister-President, | Le Ministre-Président, |
J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE | J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE |
De Minister van Landbouw en Landelijke Aangelegenheden, | Le Ministre de l'Agriculture et de la Ruralité, |
J. HAPPART | J. HAPPART |