Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 13 juli 2009 tot bepaling van de bevoegdheden van de leden van de Vlaamse Regering | Arrêté du Gouvernement flamand modifiant l'arrêté du Gouvernement flamand du 13 juillet 2009 fixant les attributions des membres du Gouvernement flamand |
---|---|
VLAAMSE OVERHEID | AUTORITE FLAMANDE |
7 JULI 2010. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het | 7 JUILLET 2010. - Arrêté du Gouvernement flamand modifiant l'arrêté du |
besluit van de Vlaamse Regering van 13 juli 2009 tot bepaling van de | Gouvernement flamand du 13 juillet 2009 fixant les attributions des |
bevoegdheden van de leden van de Vlaamse Regering | membres du Gouvernement flamand |
De Vlaamse Regering, | Le Gouvernement flamand, |
Gelet op de het bijzonder decreet van 7 juli 2006 over de Vlaamse | Vu le décret spécial du 7 juillet 2006 relatif aux institutions |
instellingen, artikelen 21 en 22; | flamandes, notamment les articles 21 et 22; |
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 13 juli 2009 tot | Vu l'arrêté du Gouvernement flamand du 13 juillet 2009 fixant les |
bepaling van de bevoegdheden van de leden van de Vlaamse Regering; | attributions des membres du Gouvernement flamand; |
Gelet op het advies van Inspectie van Financiën, gegeven op 6 juli | Vu l'avis de l'Inspection des Finances, rendu le 6 juillet 2010; |
2010; Op het gezamenlijke voorstel van de leden van de Vlaamse Regering; | Sur la proposition conjointe des membres du Gouvernement flamand; |
Na beraadslaging, | Après délibération, |
Besluit : | Arrête : |
Artikel 1.Artikel 2 van het besluit van de Vlaamse Regering van 13 |
Article 1er.L'article 2 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 13 |
juli 2009 tot bepaling van de bevoegdheden van de leden van de Vlaamse | juillet 2009 fixant les attributions des membres du Gouvernement |
Regering, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 24 | flamand, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 24 |
juli 2009 en 6 juli 2010, wordt vervangen door wat volgt : | juillet 2009 et 6 juillet 2010, est remplacé par la disposition |
« Art. 2.§ 1. De heer Kris Peeters, voorzitter van de Vlaamse |
suivante : « Art. 2.§ 1er. M. Kris Peeters, président du Gouvernement flamand, |
Regering, is bevoegd voor het beleidsdomein diensten voor het algemeen | est compétent pour le domaine politique des services pour la politique |
regeringsbeleid, vermeld in artikel 3 van het besluit van de Vlaamse | générale du Gouvernement, visé à l'article 3 de l'arrêté du |
Regering van 3 juni 2005 met betrekking tot de organisatie van de | Gouvernement flamand du 3 juin 2005 relative à l'organisation de |
Vlaamse administratie, hierna het organisatiebesluit te noemen, met | l'administration flamande, ci-après dénommé l'arrêté organisationnel, |
uitzondering van het gelijkekansenbeleid en de coördinatie van het | à l'exception de la politique d'égalité des chances et de la |
beleid met betrekking tot Brussel-Hoofdstad en de Vlaamse Rand rond | coordination de la politique relative à Bruxelles-Capitale et à la |
Brussel. | périphérie flamande de Bruxelles. |
Hij draagt de titel « minister-president van de Vlaamse Regering ». | Il porte le titre de "Ministre-Président du Gouvernement flamand". |
§ 2. De heer Kris Peeters, lid van de Vlaamse Regering, is bevoegd | § 2. M. Kris Peeters, membre du Gouvernement flamand, est compétent |
voor : | pour : |
1°het beleidsdomein landbouw en visserij, vermeld in artikel 12 van | 1° le domaine politique "agriculture et pêche", visé à l'article 12 de |
het organisatiebesluit; | l'arrêté organisationnel; |
2° het beleidsdomein internationaal Vlaanderen, vermeld in artikel 6 | 2° le domaine politique "affaires étrangères", visé à l'article 6 de |
van het organisatiebesluit, met uitzondering van het beleidsveld toerisme; | l'arrêté organisationnel, à l'exception du secteur du tourisme; |
3° het beleidsveld plattelandsbeleid; | 3° le secteur de la ruralité; |
4° het beleidsveld economie met uitzondering van het economisch | 4° le secteur de l'économie, à l'exception des instruments économiques |
overheidsinstrumentarium. | publics. |
Hij draagt de titel « Vlaams minister van Economie, Buitenlands | Il porte le titre de "Ministre flamand de l'Economie, de la Politique |
Beleid, Landbouw en Plattelandsbeleid ». | extérieure, de l'Agriculture et de la Ruralité". |
§ 3. Mevr. Ingrid Lieten, viceminister-president van de Vlaamse | § 3. Mme Ingrid Lieten, Vice-Ministre-Présidente du Gouvernement |
Regering, is bevoegd voor : | flamand, est compétente pour : |
1° de beleidsvelden fundamenteel onderzoek, strategisch en | 1° les secteurs de la recherche fondamentale, de la recherche |
beleidsgericht onderzoek, technologische innovatie en popularisering | stratégique et axée sur la politique, de l'innovation technologique et |
van de wetenschap; | de la popularisation des sciences; |
2° het beleidsveld media; | 2° le secteur des médias; |
3° het economisch overheidsinstrumentarium; | 3° les instruments économiques publics; |
4° de coördinatie van het armoedebeleid. | 4° la coordination de la politique en matière de pauvreté. |
Zij draagt de titel « Vlaams minister van Innovatie, | Elle porte le titre de "Ministre flamande de l'Innovation, des |
Overheidsinvesteringen, Media en Armoedebestrijding ». | Investissements publics, des Médias et de la Lutte contre la |
§ 4. De heer Geert Bourgeois, viceminister-president van de Vlaamse | Pauvreté". § 4. M. Geert Bourgeois, Vice-Ministre-Président du Gouvernement |
Regering, is bevoegd voor : | flamand, est compétent pour : |
1° le domaine politique " affaires administratives ", visé à l'article | |
1° het beleidsdomein bestuurszaken, vermeld in artikel 4 van het | 4 de l'arrêté organisationnel, à l'exception de la politique des |
organisatiebesluit, met uitzondering van het stedenbeleid; | villes; |
2° het beleidsveld toerisme; | 2° le secteur du tourisme; |
3° het beleid met betrekking tot de Vlaamse Rand rond Brussel; | 3° la politique relative à la périphérie flamande de Bruxelles; |
4° het beleidsveld beheer en bescherming onroerend erfgoed. | 4° le secteur de la gestion et de la protection du patrimoine immobilier. |
Hij draagt de titel « Vlaams minister van Bestuurszaken, Binnenlands | Il porte le titre de "Ministre flamand des Affaires administratives, |
des Affaires intérieures, de l'Intégration civique, du Tourisme et de | |
Bestuur, Inburgering, Toerisme en Vlaamse Rand ». | la Périphérie flamande de Bruxelles". |
§ 5. De heer Jo Vandeurzen is bevoegd voor het beleidsdomein welzijn, | § 5. M. Jo Vandeurzen est compétent pour le domaine politique |
volksgezondheid en gezin, vermeld in artikel 9 van het | "bien-être, santé publique et famille", visé à l'article 9 de l'arrêté |
organisatiebesluit. | organisationnel. |
Hij draagt de titel « Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en | Il porte le titre de "Ministre flamand du Bien-Etre, de la Santé |
Gezin ». | publique et de la Famille". |
§ 6. Mevr. Hilde Crevits is bevoegd voor het beleidsdomein mobiliteit | § 6. Mme Hilde Crevits est compétente pour le domaine politique |
en openbare werken, vermeld in artikel 14 van het organisatiebesluit. | "mobilité et travaux publics", visé à l'article 14 de l'arrêté organisationnel. |
Zij draagt de titel « Vlaams minister van Mobiliteit en Openbare | Elle porte le titre de "Ministre flamande de la Mobilité et des |
Werken ». | Travaux publics". |
§ 7. Mevr. Freya Van den Bossche is bevoegd voor : | § 7. Mme Freya Van den Bossche est compétente pour : |
1° het beleidsveld woonbeleid; | 1° le secteur de la politique du logement; |
2° het beleidsveld sociale economie; | 2° le secteur de l'économie sociale; |
3° het beleidsveld energie; | 3° le secteur de l'énergie; |
4° het stedenbeleid. | 4° la politique des villes. |
Zij draagt de titel « Vlaams minister van Energie, Wonen, Steden en | Elle porte le titre de "Ministre flamande de l'Energie, du Logement, |
Sociale Economie ». | de la Politique des Villes et de l'Economie sociale". |
§ 8. Mevr. Joke Schauvliege is bevoegd voor : | § 8. Mme Joke Schauvliege est compétente pour : |
1° de beleidsvelden leefmilieu, waterbeheer, landinrichting en | 1° les secteurs de l'environnement, de la gestion des eaux, de |
nutriëntenbeheer, natuur en natuurlijke rijkdommen; | l'aménagement de l'espace rural et de la gestion des nutriments, de la |
nature et des ressources naturelles; | |
2° de beleidsvelden cultureel erfgoed, professionele kunsten en | 2° les secteurs du patrimoine culturel, des arts professionnels et de |
sociaal cultureel volwassenenwerk. | l'animation socioculturelle des adultes. |
Zij draagt de titel « Vlaams minister van Leefmilieu, Natuur en | Elle porte le titre de "Ministre flamande de l'Environnement, de la |
Cultuur ». | Nature et de la Culture". |
§ 9. De heer Pascal Smet is bevoegd voor : | § 9. M. Pascal Smet est compétent pour : |
1° het beleidsdomein onderwijs en vorming, vermeld in artikel 8 van het organisatiebesluit; | 1° le domaine politique "enseignement et formation", visé à l'article 8 de l'arrêté organisationnel; |
2° het beleidsveld jeugdwerk, met inbegrip van de coördinatie van het | 2° le secteur de l'animation des jeunes, y compris la coordination de |
kinderrechtenbeleid; | la politique des droits de l'enfant; |
3° het gelijkekansenbeleid; | 3° la politique de l'égalité des chances; |
4° de coördinatie van het beleid met betrekking tot Brussel-Hoofdstad. | 4° la coordination de la politique relative à Bruxelles-Capitale. |
Hij wordt aangewezen om als Brussels lid van de Vlaamse Regering de | Il est désigné aux fins d'assister avec voix consultative, en sa |
vergaderingen van het College van de Vlaamse Gemeenschapscommissie en | qualité de membre bruxellois du Gouvernement flamand, aux séances du |
van het Verenigd College van de Gemeenschappelijk | collège de la Commission communautaire flamande et du collège réuni de |
Gemeenschapscommissie met raadgevende stem bij te wonen, zoals bepaald | la Commission communautaire commune, conformément à l'article 76 de la |
in artikel 76 van de bijzondere wet van 12 januari 1989 met betrekking | loi spéciale du 12 janvier 1989 relative aux Institutions bruxelloises. |
tot de Brusselse instellingen. | Il porte le titre de "Ministre flamand de l'Enseignement, de la |
Hij draagt de titel « Vlaams minister van Onderwijs, Jeugd, Gelijke | Jeunesse, de l'Egalité des Chances et des Affaires bruxelloises". |
Kansen en Brussel ». | |
§ 10. De heer Philippe Muyters is bevoegd voor : | § 10. M. Philippe Muyters est compétent pour : |
1° het beleidsdomein financiën en begroting, vermeld in artikel 5 van | 1° le domaine politique " finances et budget ", visé à l'article 5 de |
het organisatiebesluit; | l'arrêté organisationnel; |
2° het beleidsveld ruimtelijke ordening; | 2° le secteur de l'aménagement territorial; |
3° het beleidsveld werkgelegenheid, met inbegrip van het gebruik van | 3° le secteur de l'emploi, y compris l'emploi des langues pour les |
de talen voor de sociale betrekkingen tussen de werkgevers en hun | relations sociales entre les employeurs et leur personnel, ainsi que |
personeel, alsmede de door de wet en de verordeningen voorgeschreven | les actes et documents des entreprises imposés par la loi et les |
akten en bescheiden van ondernemingen, vermeld in artikel 129, § 1, | règlements, visés à l'article 129, § 1er, 3° de la Constitution; |
3°, van de Grondwet; | |
4° het beleidsveld professionele vorming; | 4° le secteur de la formation professionnelle; |
5° het beleidsveld sport. | 5° le secteur des sports. |
Hij draagt de titel « Vlaams minister van Financiën, Begroting, Werk, | Il porte le titre de " Ministre flamand des Finances, du Budget, de |
Ruimtelijke Ordening en Sport ». | l'Emploi, de l'Aménagement du Territoire et des Sports ". |
Art. 2.Artikel 3 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten |
Art. 2.L'article 3 du même arrêté, modifié par les arrêtés du |
van de Vlaamse Regering van 24 juli 2009, 4 december 2009 en 6 juli | Gouvernement flamand des 24 juillet 2009, 4 décembre 2009 et 6 juillet |
2010, wordt vervangen door wat volgt : | 2010, est remplacé par la disposition suivante : |
« Art. 3.Het bestuur van of het toezicht op de hieronder vermelde |
« Art. 3.L'administration de ou le contrôle sur les services, |
diensten, instellingen of rechtspersonen wordt als volgt verdeeld : | institutions ou personnes morales mentionnés ci-dessous, sont répartis comme suit : |
1° de minister-president van de Vlaamse Regering is bevoegd voor : | 1° le Ministre-Président du Gouvernement flamand est compétent pour : |
a) de Studiedienst van de Vlaamse Regering; | a) le « Studiedienst van de Vlaamse Regering »; |
b) de Interne Audit van de Vlaamse Administratie, onverminderd artikel | b) le « Interne Audit van de Vlaamse Administratie », sans préjudice |
23, van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 april 2004 tot | de l'article 23, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 avril 2004 |
oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap « Interne Audit | portant création de l'agence autonomisée interne « Audit interne de |
van de Vlaamse Administratie » en tot omvorming van het auditcomité | l'Administration flamande » et portant transformation du comité |
van de Vlaamse Gemeenschap tot het Auditcomité van de Vlaamse | d'audit de la Communauté flamande en Comité d'Audit de |
Administratie; | l'Administration flamande; |
c) het Agentschap voor Geografische Informatie Vlaanderen; | c) la « Agentschap voor Geografische Informatie Vlaanderen »; |
d) de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen; | d) le « Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen »; |
2° de Vlaamse minister van Economie, Buitenlands Beleid, Landbouw en | 2° le Ministre flamand de l'Economie, de la Politique extérieure, de |
Plattelandsbeleid is bevoegd voor : | l'Agriculture et de la Ruralité est compétent pour : |
a) het Vlaams Agentschap voor Internationale Samenwerking; | a) la « Vlaams Agentschap voor Internationale Samenwerking »; |
b) het Vlaams Agentschap voor Internationaal Ondernemen; | b) la « Vlaams Agentschap voor Internationaal Ondernemen »; |
c) de Strategische Adviesraad Internationaal Vlaanderen, met dien | c) le « Strategische Adviesraad Internationaal Vlaanderen », étant |
verstande dat die bevoegdheid wordt gedeeld met de Vlaamse minister | entendu que cette compétence est partagée avec le Ministre flamand |
bevoegd voor het toerisme; | chargé du Tourisme; |
d) het Vlaams Landbouwinvesteringsfonds; | d) le « Vlaams Landbouwinvesteringsfonds »; |
e) het Financieringsinstrument voor Vlaamse visserij- en | e) le « Financieringsinstrument voor de Vlaamse visserij- en |
aquicultuursector; | aquicultuursector »; |
f) het Eigen Vermogen van het Instituut voor Landbouw- en | f) le « Eigen Vermogen van het Instituut voor Landbouw- en |
Visserijonderzoek; | Visserijonderzoek »; |
g) het Agentschap voor Landbouw en Visserij; | g) la « Agentschap voor Landbouw en Visserij »; |
h) het Instituut voor Landbouw- en Visserijonderzoek; | h) le « Instituut voor Landbouw- en Visserijonderzoek »; |
i) het Vlaams Centrum voor Agro- en Visserijmarketing; | j) le « Vlaams Centrum voor Agro- en Visserijmarketing »; |
j) de Strategische Adviesraad voor Landbouw en Visserij; | j) le « Strategische Adviesraad voor Landbouw en Visserij »; |
k) het Fonds voor het Flankerend Economisch Beleid (« Hermesfonds »); | k) le « Fonds voor het Flankerend Economisch Beleid » (Fonds « Hermes »); |
l) het Agentschap Ondernemen; | l) la « Agentschap Ondernemen »; |
3° de Vlaamse minister van Innovatie, Overheidsinvesteringen, Media en | 3° la Ministre flamande de l'Innovation, des Investissements publics, |
Armoedebestrijding is bevoegd voor : | des Médias et de la Lutte contre la Pauvreté est compétente pour : |
a) de Vlaamse Instelling voor Technologisch onderzoek; | a) la « Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek »; |
b) het Agentschap voor Innovatie door Wetenschap en Technogie (« IWT | b) la « Agentschap voor Innovatie door Wetenschap en Technogie » (« |
»); | IWT »); |
c) het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek-Vlaanderen (« FWO »); | c) le « Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek-Vlaanderen » (« FWO »); |
d) de Herculesstichting; | d) la « Herculesstichting »; |
e) de Vlaamse Raad voor Wetenschap en Innovatie (« VRWI »); | e) le « Vlaamse Raad voor Wetenschap en Innovatie » (« VRWI »); |
f) de Vlaamse Radio- en Televisieomroep; | f) le « Vlaamse Radio- en Televisieomroep »; |
g) de Vlaamse Regulator voor de Media; | g) le « Vlaamse Regulator voor de Media »; |
h) Gimvindus; | h) « Gimvindus »; |
i) de Participatiemaatschappij Vlaanderen, inclusief het Vlaams | i) la « Participatiemaatschappij Vlaanderen », y compris la « Vlaams |
Energiebedrijf; | Energiebedrijf »; |
j) de Limburgse Reconversiemaatschappij; | j) la « Limburgse Reconversiemaatschappij »; |
k) de Vlaamse Participatiemaatschappij; | k) la « Vlaamse Participatiemaatschappij »; |
l) de Raad voor Cultuur, Jeugd, Sport en Media, met dien verstande dat | l) le « Raad voor Cultuur, Jeugd, Sport en Media », étant entendu que |
die bevoegdheid wordt gedeeld met de Vlaamse ministers bevoegd voor de | cette compétence est partagée avec les Ministres flamands chargés de |
cultuur, de jeugd en de sport; | la culture, de la jeunesse et des sports; |
4° de Vlaamse minister van Bestuurszaken, Binnenlands Bestuur, | 4° le Ministre flamand des Affaires administratives, des Affaires |
intérieures, de l'Intégration civique, du Tourisme et de la Périphérie | |
Inburgering, Toerisme en Vlaamse Rand is bevoegd voor : | flamande de Bruxelles est compétent pour : |
a) het Agentschap voor Overheidspersoneel; | a) la « Agentschap voor Overheidspersoneel »; |
b) het Agentschap voor Facilitair Management; | b) la « Agentschap voor Facilitair Management »; |
c) het Agentschap voor Binnenlands Bestuur, met uitzondering voor wat | c) la « Agentschap voor Binnenlands Bestuur », à l'exception de la |
het stedenbeleid betreft; | politique des villes; |
d) Jobpunt Vlaanderen; | d) Jobpunt Vlaanderen; |
e) de Vlaamse Adviesraad voor Bestuurszaken; | e) le « Vlaamse Adviesraad voor Bestuurszaken »; |
f) de Rand; | f) de Rand; |
g) Toerisme Vlaanderen; | g) Toerisme Vlaanderen; |
h) de Strategische Adviesraad Internationaal Vlaanderen, met dien | h) le « Strategische Adviesraad Internationaal Vlaanderen », étant |
verstande dat die bevoegdheid wordt gedeeld met de Vlaamse minister | entendu que cette compétence est partagée avec le Ministre flamand |
bevoegd voor het buitenlands beleid; | chargé de la politique extérieure; |
i) het Eigen Vermogen van het Vlaams Instituut voor het Onroerend | i) le « Eigen Vermogen van het Vlaams Instituut voor het Onroerend |
Erfgoed; | Erfgoed »; |
j) het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed; | j) le « Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed »; |
k) Ruimte en Erfgoed, met dien verstande dat die bevoegdheid wordt | k) « Ruimte en Erfgoed », étant entendu que cette compétence est |
gedeeld met de Vlaamse minister bevoegd voor de ruimtelijke ordening; | partagée avec le Ministre flamand chargé de l'aménagement du territoire; |
5° de Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin is | 5° le Ministre flamand du Bien-Etre, de la Santé publique et de la |
bevoegd voor : | Famille est compétent pour : |
a) Zorg en Gezondheid; | a) « Zorg en Gezondheid »; |
b) Jongerenwelzijn; | b) « Jongerenwelzijn »; |
c) Inspectie Welzijn, Volksgezondheid en Gezin; | c) « Inspectie Welzijn, Volksgezondheid en Gezin »; |
d) het Openbaar Psychiatrisch Zorgcentrum Geel; | d) le « Openbaar Psychiatrisch Zorgcentrum Geel »; |
e) het Openbaar Psychiatrisch Zorgcentrum Rekem; | e) le « Openbaar Psychiatrisch Zorgcentrum Rekem »; |
f) Kind en Gezin; | f) « Kind en Gezin »; |
g) het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap; | g) la « Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap »; |
h) het Vlaams Zorgfonds; | h) le « Vlaams Zorgfonds »; |
i) Fonds Jongerenwelzijn; | i) le « Fonds Jongerenwelzijn »; |
j) het Vlaams Infrastructuurfonds voor Persoonsgebonden | j) le « Vlaams Infrastructuurfonds voor Persoonsgebonden |
Aangelegenheden; | Aangelegenheden »; |
k) de Strategische Adviesraad voor het Vlaamse Welzijns-, Gezondheids- | k) le « Strategische Adviesraad voor het Vlaamse Welzijns-, |
en Gezinsbeleid; | Gezondheids- en Gezinsbeleid »; |
6° de Vlaamse minister van Mobiliteit en Openbare Werken is bevoegd | 6° le Ministre flamand de la Mobilité et des Travaux publics est |
voor : | compétent pour : |
a) het Pendelfonds; | a) le « Pendelfonds »; |
b) het Eigen Vermogen Flanders Hydraulics; | b) le « Eigen Vermogen Flanders Hydraulics »; |
c) het Agentschap Wegen en Verkeer; | c) la « Agentschap Wegen en Verkeer »; |
d) het Agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust; | d) la « Agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust »; |
e) de Vlaamse Vervoermaatschappij - De Lijn; | e) la « Vlaamse Vervoermaatschappij - De Lijn »; |
f) De Scheepvaart; | f) De Scheepvaart; |
g) Waterwegen en Zeekanaal; | g) Waterwegen en Zeekanaal; |
h) het Fonds Stationsomgevingen; | h) le « Fonds Stationsomgevingen »; |
i) de Luchthavenontwikkelingsmaatschappij Oostende-Brugge; | i) la « Luchthavenontwikkelingsmaatschappij Oostende-Brugge »; |
j) de Luchthavenontwikkelingsmaatschappij Kortrijk-Wevelgem; | j) la « Luchthavenontwikkelingsmaatschappij Kortrijk-Wevelgem »; |
k) de Luchthavenontwikkelingsmaatschappij Antwerpen; | k) la « Luchthavenontwikkelingsmaatschappij Antwerpen »; |
l) NV Vlaamse Havens; | l) la « NV Vlaamse Havens »; |
m) de Mobiliteitsraad van Vlaanderen; | m) le « Mobiliteitsraad van Vlaanderen »; |
7° de Vlaamse minister van Energie, Wonen, Steden en Sociale Economie | 7° la Ministre flamande de l'Energie, du Logement, des Villes et de |
is bevoegd voor : | l'Economie sociale est compétente pour : |
a) het Investeringsfonds voor grond- en woonbeleid voor Vlaams-Brabant | a) le « Investeringsfonds voor grond- en woonbeleid voor |
(« Vlabinvest »); | Vlaams-Brabant » (« Vlabinvest »); |
b) het Garantiefonds voor de Huisvesting; | b) le « Garantiefonds voor Huisvesting »; |
c) Wonen-Vlaanderen; | c) « Wonen-Vlaanderen »; |
d) Inspectie RWO, met dien verstande dat die bevoegdheid wordt gedeeld | d) « Inspectie RWO », étant entendu que cette compétence est partagée |
met de Vlaamse minister bevoegd voor de ruimtelijke ordening; | avec le Ministre flamand chargé de l'aménagement du territoire; |
e) de Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen; | e) la « Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen »; |
f) de Vlaamse Woonraad; | f) le « Vlaamse Woonraad »; |
g) het Agentschap voor Binnenlands Bestuur, voor wat betreft het | g) la « Agentschap voor Binnenlands Bestuur », en ce qui concerne la |
stedenbeleid; | politique des villes; |
h) het Vlaams Subsidieagentschap voor Werk en Sociale Economie, met | h) la « Vlaams Subsidieagentschap voor Werk en Sociale Economie », |
dien verstande dat die bevoegdheid wordt gedeeld met de Vlaamse | étant entendu que cette compétence est partagée avec le Ministre |
minister bevoegd voor de werkgelegenheid en de professionele vorming; | flamand chargé de l'Emploi et de la Formation professionnelle; |
i) ESF-Agentschap, met dien verstande dat die bevoegdheid wordt | i) la « ESF-agentschap », étant entendu que cette compétence est |
gedeeld met de Vlaamse minister bevoegd voor de werkgelegenheid en de | partagée avec le Ministre flamand chargé de l'Emploi et de la |
professionele vorming; | Formation professionnelle; |
j) het Vlaams Energieagentschap; | j) la « Vlaams Energieagentschap »; |
k) de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en | k) la « Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en |
Gasmarkt; | Gasmarkt »; |
8° de Vlaamse minister van Leefmilieu, Natuur en Cultuur is bevoegd | 8° la Ministre flamande de l'Environnement, de la Nature et de la |
voor : | Culture est compétente pour : |
a) de Vlaamse Milieuholding; | a) le « Vlaamse Milieuholding »; |
b) de Vlaamse Maatschappij voor Watervoorziening; | b) la « Vlaamse Maatschappij voor Watervoorziening »; |
c) het Ondersteunend Centrum van het Agentschap voor Natuur en Bos; | c) le « Ondersteunend Centrum van het Agentschap voor Natuur en Bos »; |
d) het Eigen Vermogen van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek; | d) le « Eigen Vermogen van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek »; |
e) het Grindfonds; | e) le « Grindfonds »; |
f) het Agentschap voor Natuur en Bos; | f) la « Agentschap voor Natuur en Bos »; |
g) het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek; | g) le « Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek »; |
h) de Vlaamse Milieumaatschappij; | h) la « Vlaamse Milieumaatschappij »; |
i) de Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij; | i) la « Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij »; |
j) de Vlaamse Landmaatschappij; | j) la « Vlaamse Landmaatschappij »; |
k) de Milieu- en Natuurraad van Vlaanderen; | k) le « Milieu- en Natuurraad van Vlaanderen »; |
l) het Fonds Culturele Infrastructuur; | l) le « Fonds Culturele Infrastructuur »; |
m) het Vlaams Fonds voor de Letteren; | m) le « Vlaams Fonds voor de Letteren »; |
n) het Topstukkenfonds; | n) le « Topstukkenfonds »; |
o) Kunsten en Erfgoed; | o) « Kunsten en Erfgoed »; |
p) Sociaal-Cultureel Werk voor Jeugd en Volwassenen met dien verstande | p) la « Sociaal-Cultureel Werk voor Jeugd en Volwassenen », étant |
dat de bevoegdheid wordt gedeeld met de Vlaamse minister bevoegd voor | entendu que cette compétence est partagée avec la Ministre flamande |
de jeugd; | chargée de la Jeunesse; |
q) het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen; | q) le « Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen »; |
r) de Raad voor Cultuur, Jeugd, Sport en Media, met dien verstande dat | r) le « Raad voor Cultuur, Jeugd, Sport en Media », étant entendu que |
die bevoegdheid wordt gedeeld met de Vlaamse ministers bevoegd voor de | cette compétence est partagée avec les Ministres flamands chargés de |
jeugd, de sport en de media; | la Jeunesse, des Sports et des Médias; |
9° de Vlaamse minister van Onderwijs, Jeugd, Gelijke Kansen en Brussel | 9° le Ministre flamand de l'Enseignement, de la Jeunesse, de l'Egalité |
is bevoegd voor : | des Chances et des Affaires bruxelloises est compétent pour : |
a) het Gemeenschapsonderwijs; | a) l'Enseignement communautaire; |
b) het Universitair Ziekenhuis Gent; | b) le « Universitair Ziekenhuis Gent »; |
c) het Agentschap voor Onderwijscommunicatie; | c) la « Agentschap voor Onderwijscommunicatie »; |
d) het Agentschap voor Onderwijsdiensten; | d) la « Agentschap voor Onderwijsdiensten »; |
e) het Agentschap Hoger Onderwijs, Volwassenenonderwijs en | e) la « Agentschap Hoger Onderwijs, Volwassenenonderwijs en |
Studietoelagen; | Studietoelagen »; |
f) het Agentschap voor Kwaliteitszorg in Onderwijs en Vorming; | f) la « Agentschap voor Kwaliteitszorg in Onderwijs en Vorming »; |
g) het Agentschap voor Infrastructuur in het Onderwijs; | g) la « Agentschap voor Infrastructuur in het Onderwijs »; |
h) de Vlaamse Onderwijsraad; | h) le « Vlaamse Onderwijsraad »; |
i) Sociaal-Cultureel Werk voor Jeugd en Volwassenen met dien verstande | i) la « Sociaal-Cultureel Werk voor Jeugd en Volwassenen », étant |
dat de bevoegdheid wordt gedeeld met de Vlaamse minister bevoegd voor | entendu que cette compétence est partagée avec la Ministre flamande |
de cultuur; | chargée de la Culture; |
j) het Vlaams-Brusselfonds; | j) le « Vlaams-Brusselfonds »; |
k) de Raad voor Cultuur, Jeugd, Sport en Media, met dien verstande dat | k) le « Raad voor Cultuur, Jeugd, Sport en Media », étant entendu que |
die bevoegdheid wordt gedeeld met de Vlaamse ministers, bevoegd voor | cette compétence est partagée avec les Ministres flamands chargés de |
de cultuur, de sport en de media; | la Culture, des Sports et des Médias; |
10° de Vlaamse minister van Financiën, Begroting, Werk, Ruimtelijke | 10° le Ministre flamand des Finances, du Budget, de l'Emploi, de |
Ordening en Sport is bevoegd voor : | l'Aménagement du Territoire et des Sports est compétent pour : |
a) het Vlaams Fonds voor de Lastendelging; | a) le « Vlaams Fonds voor de Lastendelging »; |
b) het Financieringsfonds voor Schuldafbouw en Eenmalige | b) le « Financieringsfonds voor Schuldafbouw en Eenmalige |
Investeringsuitgaven; | Investeringsuitgaven »; |
c) de Vlaamse Belastingdienst; | c) le « Vlaamse Belastingdienst »; |
d) Centrale Accounting; | d) « Centrale Accounting »; |
e) het Vlaams Toekomstfonds; | e) le « Vlaams Toekomstfonds »; |
f) het Rubiconfonds; | f) le « Rubiconfonds »; |
g) Ruimte en Erfgoed, met dien verstande dat die bevoegdheid wordt | g) « Ruimte en Erfgoed », étant entendu que cette compétence est |
gedeeld met de Vlaamse minister bevoegd voor het onroerend erfgoed; | partagée avec le Ministre flamand chargé du Patrimoine immobilier; |
h) Inspectie RWO, met dien verstande dat die bevoegdheid wordt gedeeld | h) « Inspectie RWO », étant entendu que cette compétence est partagée |
met de Vlaamse minister bevoegd voor het woonbeleid; | avec le Ministre flamand chargé de la Politique du logement; |
i) Strategische Adviesraad Ruimtelijke Ordening - Onroerend Erfgoed; | i) le « Strategische Adviesraad Ruimtelijke Ordening - Onroerend Erfgoed »; |
j) het Vlaams Subsidieagentschap voor Werk en Sociale Economie, met | j) la « Vlaams Subsidieagentschap voor Werk en Sociale Economie », |
dien verstande dat die bevoegdheid wordt gedeeld met de Vlaamse | étant entendu que cette compétence est partagée avec le Ministre |
minister bevoegd voor de sociale economie; | flamand chargé de l'Economie sociale; |
k) de Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding; | k) le « Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding »; |
l) het Vlaams Agentschap voor Ondernemersvorming - Syntra Vlaanderen; | l) la « Vlaams Agentschap voor Ondernemersvorming - Syntra Vlaanderen |
m) het ESF-Agentschap, met dien verstande dat die bevoegdheid wordt | »; m) la « ESF-agentschap », étant entendu que cette compétence est |
gedeeld met de Vlaamse minister bevoegd voor de sociale economie; | partagée avec le Ministre flamand chargé de l'économie sociale; |
n) Bloso; | n) Bloso; |
o) de Raad voor Cultuur, Jeugd, Sport en Media, met dien verstande dat | o) le « Raad voor Cultuur, Jeugd, Sport en Media », étant entendu que |
die bevoegdheid wordt gedeeld met de Vlaamse ministers bevoegd voor de | cette compétence est partagée avec les Ministres flamands chargés de |
cultuur, de jeugd en de media. | la Culture, de la Jeunesse et des Médias. |
De Vlaamse minister, bevoegd voor de financiën en de begrotingen, | Le Ministre flamand compétent pour les Finances et les Budgets, exerce |
oefent het budgettair, financieel en boekhoudkundig toezicht uit op de | le contrôle budgétaire, financier et comptable sur les instances |
in dit artikel vermelde instanties. » | visées au présent article. » |
Art. 3.Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 7 juli 2010. |
Art. 3.Le présent arrêté produit ses effets le 7 juillet 2010. |
Art. 4.De leden van de Vlaamse Regering zijn, ieder wat hem of haar |
Art. 4.Les membres du Gouvernement flamand sont chargés, chacun en ce |
betreft, belast met de uitvoering van dit besluit. | qui le ou la concerne, de l'exécution du présent arrêté. |
Brussel, 7 juli 2010. | Bruxelles, le 7 juillet 2010. |
De minister-president van de Vlaamse Regering en Vlaams minister van | Le Ministre-Président du Gouvernement flamand et Ministre flamand de |
Economie, Buitenlands Beleid, Landbouw en Plattelandsbeleid, | l'Economie, de la Politique extérieure, de l'Agriculture et de la Ruralité, |
K. PEETERS | K. PEETERS |
De Vlaamse minister van Innovatie, Overheidsinvesteringen, Media en | La Ministre flamande de l'Innovation, des Investissements publics, des |
Armoedebestrijding, | Médias et de la Lutte contre la Pauvreté, |
I. LIETEN | I. LIETEN |
Le Ministre flamand des Affaires administratives, de l'Administration | |
De Vlaamse minister van Bestuurszaken, Binnenlands Bestuur, | intérieure, de l'Intégration civique, du Tourisme et de la Périphérie |
Inburgering, Toerisme en Vlaamse Rand, | flamande de Bruxelles, |
G. BOURGEOIS | G. BOURGEOIS |
De Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin, | Le Ministre flamand du Bien-Etre, de la Santé publique et de la Famille, |
J. VANDEURZEN | J. VANDEURZEN |
De Vlaamse minister van Mobiliteit en Openbare Werken, | La Ministre flamande de la Mobilité et des Travaux publics, |
H. CREVITS | H. CREVITS |
De Vlaamse minister van Energie, Wonen, Steden en Sociale Economie, | La Ministre flamande de l'Energie, du Logement, des Villes et de l'Economie sociale, |
F. VAN DEN BOSSCHE | F. VAN DEN BOSSCHE |
De Vlaamse minister van Leefmilieu, Natuur en Cultuur, | La Ministre flamande de l'Environnement, de la Nature et de la Culture, |
J. SCHAUVLIEGE | J. SCHAUVLIEGE |
De Vlaamse minister van Onderwijs, Jeugd, Gelijke Kansen en Brussel, | Le Ministre flamand de l'Enseignement, de la Jeunesse, de l'Egalité |
des Chances et des Affaires bruxelloises, | |
P. SMET | P. SMET |
De Vlaamse minister van Financiën, Begroting, Werk, Ruimtelijke | Le Ministre flamand des Finances, du Budget, de l'Emploi, de |
Ordening en Sport, | l'Aménagement du Territoire et des Sports, |
P. MUYTERS | P. MUYTERS |