Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van de regelgeving betreffende de bekwaamheidsbewijzen van de personeelsleden van de onderwijsinstellingen voor deeltijds kunstonderwijs en tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 1 september 2006 betreffende de ambtshalve concordantie | Arrêté du Gouvernement flamand modifiant la réglementation relative aux titres des membres du personnel des établissements d'enseignement artistique à temps partiel et modifiant l'arrêté du Gouvernement flamand du 1er septembre 2006 relatif à la concordance d'office |
---|---|
VLAAMSE OVERHEID 4 SEPTEMBER 2009. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van de regelgeving betreffende de bekwaamheidsbewijzen van de personeelsleden van de onderwijsinstellingen voor deeltijds kunstonderwijs en tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 1 september 2006 betreffende de ambtshalve concordantie De Vlaamse Regering, Gelet op het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van bepaalde personeelsleden van het gemeenschapsonderwijs, artikel | AUTORITE FLAMANDE 4 SEPTEMBRE 2009. - Arrêté du Gouvernement flamand modifiant la réglementation relative aux titres des membres du personnel des établissements d'enseignement artistique à temps partiel et modifiant l'arrêté du Gouvernement flamand du 1er septembre 2006 relatif à la concordance d'office Le Gouvernement flamand, Vu le décret du 27 mars 1991 relatif au statut de certains membres du personnel de l'enseignement communautaire, notamment l'article 56ter, |
56ter, ingevoegd bij het decreet van 15 juli 2005 en gewijzigd bij de | inséré par le décret du 15 juillet 2005 et modifié par les décrets des |
decreten van 7 juli 2006, 15 juni 2007 en 22 juni 2007; | 7 juillet 2006, 15 juin 2007 et 22 juin 2007; |
Gelet op het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie | Vu le décret du 27 mars 1991 relatif au statut de certains membres du |
van sommige personeelsleden van het gesubsidieerd onderwijs en de | personnel de l'enseignement subventionné et des centres subventionnés |
gesubsidieerde centra voor leerlingenbegeleiding, artikel 74quater, | d'encadrement des élèves, notamment l'article 74quater, inséré par le |
ingevoegd bij het decreet van 15 juli 2005 en gewijzigd bij de | décret du 15 juillet 2005 et modifié par les décrets des 7 juillet |
decreten van 7 juli 2006, 15 juni 2007 en 22 juni 2007; | 2006, 15 juin 2007 et 22 juin 2007; |
Gelet op het decreet van 13 juli 2001 betreffende het Onderwijs | Vu le décret du 13 juillet 2001 relatif à l'enseignement |
XIII-Mozaïek, artikel IX.2, § 2, gewijzigd bij het decreet van 30 april 2009; | XIII-Mosaïque, notamment article IX.2, § 2, modifié par le décret du 30 avril 2009; |
Gelet op het decreet van 14 februari 2003 betreffende het Onderwijs | Vu le décret du 14 février 2003 relatif à l'enseignement XIV, |
XIV, artikel X.40, gewijzigd bij de decreten van 15 juni 2006 en 30 | notamment l'article X.40, modifié par les décrets des 15 juin 2006 et |
april 2009, en artikel X.42; | 30 avril 2009, et l'article X.42; |
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 31 juli 1990 | Vu l'arrêté du Gouvernement flamand du 31 juillet 1990 relatif aux |
betreffende de bekwaamheidsbewijzen, de salarisschalen, het | titres, aux traitements, au régime de prestations et au statut |
prestatiestelsel en de bezoldigingsregeling van de leden van het | pécuniaire des membres du personnel directeur et enseignant et du |
bestuurs- en onderwijzend personeel en van het opvoedend hulppersoneel | personnel auxiliaire d'éducation des établissements d'enseignement |
van de onderwijsinstellingen voor deeltijds kunstonderwijs, studierichting « Beeldende kunst »; | artistique à temps partiel, orientation « Arts plastiques »; |
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 31 juli 1990 | Vu l'arrêté du Gouvernement flamand du 31 juillet 1990 relatif aux |
betreffende de bekwaamheidsbewijzen, de salarisschalen, het | titres, aux traitements, au régime de prestations et au statut |
prestatiestelsel en de bezoldigingsregeling van de leden van het | pécuniaire des membres du personnel directeur et enseignant et du |
bestuurs- en onderwijzend personeel en van het opvoedend hulppersoneel | personnel auxiliaire d'éducation des établissements d'enseignement |
van de onderwijsinstellingen voor deeltijds kunstonderwijs, | artistique à temps partiel, orientations « Musique », « Arts de la |
studierichtingen « Muziek », « Woordkunst » en « Dans »; | parole » et « Danse »; |
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 1 september 2006 | Vu l'arrêté du Gouvernement flamand du 1er septembre 2006 relatif à la |
betreffende de ambtshalve concordantie; | concordance d'office; |
Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor begroting, gegeven op 15 mei 2009; | Vu l'accord du Ministre flamand chargé du budget, donné le 15 mai 2009; |
Gelet op protocol nr. 697 van 5 juni 2009 houdende de conclusies van | Vu le protocole n° 697 du 5 juin 2009 portant les conclusions des |
de onderhandelingen, gevoerd in de gemeenschappelijke vergadering van | négociations menées en réunion commune du Comité sectoriel X et de la |
Sectorcomité X en van onderafdeling Vlaamse Gemeenschap van afdeling 2 | sous-section « Communauté flamande » de la section 2 du Comité des |
van het Comité voor de provinciale en plaatselijke overheidsdiensten; | services publics provinciaux et locaux; |
Gelet op protocol nr. 463 van 5 juni 2009 houdende de conclusies van | Vu le protocole n° 463 du 5 juin 2009 portant les conclusions des |
de onderhandelingen, gevoerd in het overkoepelend | négociations menées au sein du Comité coordinateur de négociation visé |
onderhandelingscomité, vermeld in het decreet van 5 april 1995 tot | au décret du 5 avril 1995 portant création de comités de négociation |
oprichting van onderhandelingscomités in het vrij gesubsidieerd | dans l'enseignement libre subventionné; |
onderwijs; Gelet op advies 47.024/1/V van de Raad van State, gegeven op 4 | Vu l'avis 47.024/1/V du Conseil d'Etat, donné le 4 août 2009, en |
augustus 2009, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1° van | application de l'article 84, § 1er, alinéa 1er, 1°, des lois sur le |
de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; | Conseil d'Etat, coordonnées le 12 janvier 1973; |
Op voorstel van de Vlaamse minister van Onderwijs, Jeugd, Gelijke | Sur la proposition du Ministre flamand de l'Enseignement, de la |
Kansen en Brussel; | Jeunesse, de l'Egalité des Chances et des Affaires bruxelloises; |
Na beraadslaging, | Après délibération, |
Besluit : | Arrête : |
HOOFDSTUK I. - Wijzigingen in het besluit van de Vlaamse Regering van | CHAPITRE Ier. - Modifications à l'arrêté du Gouvernement flamand du 31 |
31 juli 1990 betreffende de bekwaamheidsbewijzen, de salarisschalen, | juillet 1990 relatif aux titres, aux traitements, au régime de |
het prestatiestelsel en de bezoldigingsregeling van de leden van het | prestations et au statut pécuniaire des membres du personnel directeur |
bestuurs- en onderwijzend personeel en van het opvoedend hulppersoneel | et enseignant et du personnel auxiliaire d'éducation des |
van de onderwijsinstellingen voor deeltijds kunstonderwijs, | établissements d'enseignement artistique à temps partiel, orientation |
studierichting « Beeldende kunst » | « Arts plastiques » |
Artikel 1.Aan artikel 8, § 7, tweede lid, van het besluit van de |
Article 1er.A l'article 8, § 7, deuxième alinéa, de l'arrêté du |
Vlaamse Regering van 31 juli 1990 betreffende de bekwaamheidsbewijzen, | Gouvernement flamand du 31 juillet 1990 relatif aux titres, aux |
de salarisschalen, het prestatiestelsel en de bezoldigingsregeling van | traitements, au régime de prestations et au statut pécuniaire des |
de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel en van het | membres du personnel directeur et enseignant et du personnel |
opvoedend hulppersoneel van de onderwijsinstellingen voor deeltijds | auxiliaire d'éducation des établissements d'enseignement artistique à |
kunstonderwijs, studierichting « Beeldende kunst », ingevoegd bij het | temps partiel, orientation « Arts plastiques », inséré par l'arrêté du |
besluit van de Vlaamse Regering van 21 september 2007, wordt een punt | Gouvernement flamand du 21 septembre 2007, il est ajouté un point 6°, |
6° toegevoegd, dat luidt als volgt : | ainsi rédigé : |
« 6° project kunstvakken. » | « 6° project kunstvakken (projet cours artistiques). » |
Art. 2.De bijlage beeldende kunst bij hetzelfde besluit, vervangen |
Art. 2.L'annexe « Arts plastiques » au même arrêté, remplacée par |
bij het besluit van de Vlaamse Regering van 12 december 2008, wordt | l'arrêté du Gouvernement flamand du 12 décembre 2008, est remplacée |
vervangen door de bijlage beeldende kunst, die als bijlage I bij dit | par l'annexe « Arts plastiques » jointe comme annexe 1re au présent |
besluit gevoegd is. | arrêté. |
HOOFDSTUK II. - Wijzigingen in het besluit van de Vlaamse Regering van | CHAPITRE II. - Modifications à l'arrêté du Gouvernement flamand du 31 |
31 juli 1990 betreffende de bekwaamheidsbewijzen, de salarisschalen, | juillet 1990 relatif aux titres, aux traitements, au régime de |
het prestatiestelsel en de bezoldigingsregeling van de leden van het | prestations et au statut pécuniaire des membres du personnel directeur |
bestuurs- en onderwijzend personeel en van het opvoedend hulppersoneel | et enseignant et du personnel auxiliaire d'éducation des |
van de onderwijsinstellingen voor deeltijds kunstonderwijs, | établissements d'enseignement artistique à temps partiel, orientations |
studierichtingen « Muziek », « Woordkunst » en « Dans » | « Musique », « Arts de la parole » et « Danse » |
Art. 3.Aan artikel 8, § 9, tweede lid, van het besluit van de Vlaamse |
Art. 3.A l'article 8, § 9, deuxième alinéa, de l'arrêté du |
Regering van 31 juli 1990 betreffende de bekwaamheidsbewijzen, de | Gouvernement flamand du 31 juillet 1990 relatif aux titres, aux |
salarisschalen, het prestatiestelsel en de bezoldigingsregeling van de | traitements, au régime de prestations et au statut pécuniaire des |
leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel en van het opvoedend | membres du personnel directeur et enseignant et du personnel |
hulppersoneel van de onderwijsinstellingen voor deeltijds | auxiliaire d'éducation des établissements d'enseignement artistique à |
kunstonderwijs, studierichtingen « Muziek », « Woordkunst » en « Dans | temps partiel, orientation « Musique », « Arts de la parole » et « |
», ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 21 september | Danse », inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 septembre |
2007, wordt een punt 6° toegevoegd, dat luidt als volgt : | 2007, il est ajouté un point 6°, ainsi rédigé : |
« 6° project kunstvakken. » | « 6° project kunstvakken (projet cours artistiques). » |
Art. 4.In hetzelfde besluit wordt een artikel 15quinquies ingevoegd, |
Art. 4.Dans le même arrêté, il est inséré un article 15quinquies, |
dat luidt als volgt : | rédigé comme suit : |
« Art. 15quinquies.§ 1. Het personeelslid dat in een instelling voor |
« Art. 15quinquies.§ 1er. Le membre du personnel désigné dans un |
deeltijds kunstonderwijs in de schooljaren 2007-2008 en 2008-2009 | établissement d'enseignement artistique à temps partiel dans les |
aangesteld was in een erkend tijdelijk project volksmuziek en dat op | années scolaires 2007-2008 et 2008-2009 pour un projet temporaire |
basis van de voor het tijdelijke project geldende voorwaarden een | musique folklorique, qui était porteur d'un titre jugé suffisant sur |
voldoende geacht bekwaamheidsbewijs had en geen vereist of voldoende | la base des conditions applicables au projet temporaire et qui n'est |
geacht bekwaamheidsbewijs meer bezit bij de toepassing van dit | plus porteur d'un titre requis ou jugé suffisant par application du |
besluit, wordt voor de rechtspositie en de bezoldiging bij | présent arrêté, est considéré, quant à son statut et sa rémunération, |
overgangsmaatregel beschouwd een voldoende geacht bekwaamheidsbewijs | par mesure transitoire, comme porteur d'un titre jugé suffisant. Ce |
te hebben. Die overgangsregeling geldt voor het ambt van leraar in het | régime transitoire s'applique à la fonction d'enseignant, pour le |
vak en de specialiteit waarvoor het personeelslid aangesteld was in | cours et la spécialité dont le membre du personnel était chargé |
het schooljaar 2008-2009. | pendant l'année scolaire 2008-2009. |
§ 2. Voor het personeelslid, vermeld in paragraaf 1, blijft de | § 2. Pour le membre du personnel, visé au paragraphe 1er, le régime |
overgangsregeling gelden zolang hij als vastbenoemd personeelslid in | transitoire reste d'application aussi longtemps qu'il reste en service |
dienst blijft in het onderwijs, het academisch onderwijs uitgezonderd, | dans l'enseignement comme membre du personnel nommé à titre définitif, |
of als tijdelijk personeelslid ononderbroken in dienst blijft in het | l'enseignement académique excepté, ou qu'il reste en service de façon |
onderwijs, het academisch onderwijs uitgezonderd, en gefinancierd of | continue dans l'enseignement, comme membre du personnel temporaire, |
gesubsidieerd wordt door de Vlaamse Gemeenschap. | l'enseignement académique excepté, et est financé ou subventionné par |
la Communauté flamande. | |
Voor de toepassing van deze bepaling worden de volgende perioden niet | Pour l'application de la présente disposition, les périodes suivantes |
als een onderbreking beschouwd : | ne sont pas considérées comme interruption : |
1°de vakantieperioden; | 1° les périodes de vacances scolaires; |
2° de loopbaanonderbreking; | 2° l'interruption de carrière; |
3° de militaire dienst; | 3° le service militaire; |
4° de perioden van wederoproeping; | 4° les périodes de rappel sous les armes; |
5° de ziekte- en bevallingsverloven; | 5° les congés de maladie et de maternité; |
6° de onbezoldigde ouderschapsverloven; 7° de perioden van verwijdering uit een risico in het kader van bedreiging door een beroepsziekte of moederschapsbescherming; 8° de verloven van korte duur met behoud van salaris(toelage) ter gelegenheid van sommige gebeurtenissen van familiale of sociale aard; 9° de verloven zonder behoud van salaris(toelage) voor een maximumduur van zes werkdagen per schooljaar; 10° een onderbreking voor een doorlopende periode van maximaal twee kalenderjaren. § 3. Voor de personeelsleden die onder de toepassing van paragraaf 1 vallen, zijn de bepalingen van artikel 9 van het koninklijk besluit | 6° les congés parentaux non rémunérés; 7° les périodes d'écartement du risque de maladie professionnelle ou de protection de la maternité; 8° les congés de courte durée avec maintien du traitement ou de la subvention-traitement à l'occasion de certains événements d'ordre familial ou social; 9° les congés sans maintien du traitement ou de la subvention-traitement ne dépassant pas six jours ouvrables au maximum par année scolaire; 10° une interruption d'une période continue de deux années calendaires au maximum. § 3. Pour les membres du personnel qui relèvent de l'application du § |
van 10 maart 1965 houdende bezoldigingsregeling van het personeel der | 1er, les dispositions de l'article 9 de l'arrêté royal du 10 mars 1965 |
leergangen met beperkt leerplan afhangend van het Ministerie van | portant statut pécuniaire du personnel des cours à horaire réduit |
Nationale Opvoeding en Cultuur niet van toepassing op de bekwaamheidsbewijzen en salarisschalen. » Art. 5.De bijlage muziek, woordkunst en dans bij hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 12 december 2008, wordt vervangen door de bijlage muziek, woordkunst en dans, die als bijlage II bij dit besluit gevoegd is. HOOFDSTUK III. - Wijzigingen in het besluit van de Vlaamse Regering van 1 september 2006 betreffende de ambtshalve concordantie Art. 6.Aan het besluit van de Vlaamse Regering van 1 september 2006 betreffende de ambtshalve concordantie, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 15 februari 2008 en 12 december 2008, wordt een bijlage VI toegevoegd, die als bijlage III bij dit besluit gevoegd is. HOOFDSTUK IV. - Slotbepalingen Art. 7.Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 september 2009. Art. 8.De Vlaamse minister, bevoegd voor het onderwijs, is belast met de uitvoering van dit besluit. Brussel, 4 september 2009. De minister-president van de Vlaamse Regering, K. PEETERS De Vlaamse minister van Onderwijs, Jeugd, Gelijke Kansen en Brussel, P. SMET Bijlage I. - Beeldende kunst (geldig vanaf 1 september 2009) Bij het besluit van de Vlaamse Regering van 4 september 2009 tot wijziging van de regelgeving betreffende de bekwaamheidsbewijzen van de personeelsleden van de onderwijsinstellingen voor deeltijds kunstonderwijs en tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 1 september 2006 betreffende de ambtshalve concordantie. Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Vlaamse Regering van 4 september 2009 tot wijziging van de regelgeving betreffende de bekwaamheidsbewijzen van de personeelsleden van de onderwijsinstellingen voor deeltijds kunstonderwijs en tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 1 september 2006 betreffende de ambtshalve concordantie. Brussel, 4 september 2009. De minister-president van de Vlaamse Regering, K. PEETERS De Vlaamse minister van Onderwijs, Jeugd, Gelijke Kansen en Brussel, P. SMET Bijlage II. B Muziek, Woordkunst en Dans (geldig vanaf 1 september 2009) Bij het besluit van de Vlaamse Regering van 4 september 2009 tot wijziging van de regelgeving betreffende de bekwaamheidsbewijzen van de personeelsleden van de onderwijsinstellingen voor deeltijds kunstonderwijs en tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 1 september 2006 betreffende de ambtshalve concordantie. Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Vlaamse Regering van 4 september 2009 tot wijziging van de regelgeving betreffende de bekwaamheidsbewijzen van de personeelsleden van de onderwijsinstellingen voor deeltijds kunstonderwijs en tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 1 september 2006 betreffende de ambtshalve concordantie. Brussel, 4 september 2009. De minister-president van de Vlaamse Regering, K. PEETERS De Vlaamse minister van Onderwijs, Jeugd, Gelijke Kansen en Brussel, P. SMET Bijlage III Bijlage VI. - Ambtshalve concordanties in het deeltijds kunstonderwijs met ingang van 1 september 2009 Met ingang van 1 september 2009 : 1° wordt in het deeltijds kunstonderwijs het kunstvak animatie in de optie animatie in de lagere graad of in een erkend tijdelijk project computeranimatie of animatie in de middelbare graad, ambtshalve geconcordeerd naar het kunstvak animatiefilm; 2° wordt in het deeltijds kunstonderwijs het kunstvak specifiek artistiek atelier animatie in een erkend tijdelijk project animatie in de hogere graad of de specialisatiegraad, ambtshalve geconcordeerd naar het kunstvak specifiek artistiek atelier animatiefilm; 3° wordt in het deeltijds kunstonderwijs het kunstvak specifiek artistiek atelier digitale vormgeving in een erkend tijdelijk project digitale vormgeving ambtshalve geconcordeerd naar het kunstvak specifiek artistiek atelier interactieve media en naar het kunstvak digitale beeldverwerking; 4° wordt in het deeltijds kunstonderwijs het algemene vak kunstgeschiedenis in een erkend tijdelijk project kunstbeschouwing ambtshalve geconcordeerd naar het kunstvak specifiek artistiek atelier kunstexploratie; 5° wordt in het deeltijds kunstonderwijs het kunstvak specifiek artistiek atelier scenografie in een erkend tijdelijk project scenografie ambtshalve geconcordeerd naar het kunstvak specifiek artistiek atelier theatervormgeving; 6° wordt in het deeltijds kunstonderwijs het kunstvak specifieke theatergeschiedenis in een erkend tijdelijk project scenografie ambtshalve geconcordeerd naar het kunstvak theatergeschiedenis; 7° worden in het deeltijds kunstonderwijs de kunstvakken koordirectie en muziektechnische vorming koor in een erkend tijdelijk project koordirigentenopleiding ambtshalve geconcordeerd naar het kunstvak directie vocale muziek; 8° worden in het deeltijds kunstonderwijs de kunstvakken hafabradirectie en muziektechnische vorming hafabra in een erkend tijdelijk project hafabradirigentenopleiding ambtshalve geconcordeerd naar het kunstvak directie instrumentale muziek; 9° wordt in het deeltijds kunstonderwijs het kunstvak volksinstrument met als benaming diatonische accordeon, doedelzak, draailier, folkviool, gitaar of hommel, in een erkend tijdelijk project volksmuziek ambtshalve geconcordeerd naar het kunstvak instrument volksmuziek met de overeenstemmende benaming, namelijk diatonische accordeon, doedelzak, draailier, folkviool, (folk)gitaar of hommel; 10° wordt in het deeltijds kunstonderwijs het kunstvak volkszang in een erkend tijdelijk project volksmuziek ambtshalve geconcordeerd naar het kunstvak zang volksmuziek; 11° worden in het deeltijds kunstonderwijs de kunstvakken samenspel en instrumentaal ensemble in een erkend tijdelijk project volksmuziek ambtshalve geconcordeerd naar het kunstvak ensemble volksmuziek; 12° wordt in het deeltijds kunstonderwijs het kunstvak algemene muziekcultuur in een erkend tijdelijk project volksmuziek ambtshalve geconcordeerd naar het kunstvak muziekcultuur volksmuziek; 13° wordt in het deeltijds kunstonderwijs het technische vak materialenkennis ambtshalve geconcordeerd naar het technische vak materialenkennis kunstambachten. Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Vlaamse Regering van 4 september 2009 tot wijziging van de regelgeving betreffende de bekwaamheidsbewijzen van de personeelsleden van de onderwijsinstellingen voor deeltijds kunstonderwijs en tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 1 september 2006 betreffende de ambtshalve concordantie. Brussel, 4 september 2009. De minister-president van de Vlaamse Regering, K. PEETERS De Vlaamse minister van Onderwijs, Jeugd, Gelijke Kansen en Brussel, |
relevant du Ministère de l'Education nationale et de la Culture, ne sont pas applicables aux titres et aux échelles de traitement. » Art. 5.L'annexe « Muziek, woordkunst en dans » au même arrêté, remplacée par l'arrêté du Gouvernement flamand du 12 décembre 2008, est remplacée par l'annexe « Muziek, woordkunst en dans », constituant l'annexe II au présent arrêté. CHAPITRE III. - Modifications à l'arrêté du Gouvernement flamand du 1er septembre 2006 relatif à la concordance d'office Art. 6.A l'arrêté du Gouvernement flamand du 1er septembre 2006 relatif à la concordance d'office, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand du 15 février 2008 et 12 décembre 2008, il est ajouté une annexe VI qui est jointe comme annexe III au présent arrêté. CHAPITRE IV. - Dispositions finales Art. 7.Le présent arrêté produit ses effets le 1er septembre 2009. Art. 8.Le Ministre flamand ayant l'enseignement dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté. Bruxelles, le 4 septembre 2009. Le Ministre-Président du Gouvernement flamand, K. PEETERS Le Ministre flamand de l'Enseignement, de la Jeunesse, de l'Egalité des Chances et des Affaires bruxelloises, |
P. SMET | P. SMET |