Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Besluit Van De Vlaamse Regering van 01/02/2002
← Terug naar "Besluit van de Vlaamse regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse regering van 16 februari 1993 tot uitvoering van Hoofdstuk IIIbis van de wet van 26 maart 1971 op de bescherming van de oppervlaktewateren tegen verontreiniging "
Besluit van de Vlaamse regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse regering van 16 februari 1993 tot uitvoering van Hoofdstuk IIIbis van de wet van 26 maart 1971 op de bescherming van de oppervlaktewateren tegen verontreiniging Arrêté du Gouvernement flamand modifiant l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 février 1993 portant exécution du Chapitre IIIbis de la loi du 26 mars 1971 sur la protection des eaux de surface contre la pollution
MINISTERIE VAN DE VLAAMSE GEMEENSCHAP MINISTERE DE LA COMMUNAUTE FLAMANDE
1 FEBRUARI 2002. - Besluit van de Vlaamse regering tot wijziging van 1er FEVRIER 2002. - Arrêté du Gouvernement flamand modifiant l'arrêté
het besluit van de Vlaamse regering van 16 februari 1993 tot du Gouvernement flamand du 16 février 1993 portant exécution du
uitvoering van Hoofdstuk IIIbis van de wet van 26 maart 1971 op de Chapitre IIIbis de la loi du 26 mars 1971 sur la protection des eaux
bescherming van de oppervlaktewateren tegen verontreiniging de surface contre la pollution
De Vlaamse regering, Le Gouvernement flamand,
Gelet op de wet van 26 maart 1971 op de bescherming van de Vu la loi du 26 mars 1971 sur la protection des eaux de surface contre
oppervlaktewateren tegen verontreiniging, inzonderheid op artikel la pollution, notamment l'article 35quinquies , § 3, inséré par le
35quinquies , § 3, ingevoegd bij decreet van 25 juni 1992; décret du 25 juin 1992;
Gelet op het besluit van de Vlaamse regering van 16 februari 1993 tot Vu l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 février 1993 portant
uitvoering van hoofdstuk IIIbis van de wet van 26 maart 1971 op de exécution de l'article 35octies , § 5, de la loi du 26 mars 1971 sur
bescherming van de oppervlaktewateren tegen verontreiniging; la protection des eaux de surface contre la pollution;
Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën, gegeven op 18 juni Vu l'avis de l'Inspection des Finances, rendu le 18 juin 2001;
2001 Gelet op de beslissing van de Vlaamse regering over het verzoek aan de Vu la décision du Gouvernement flamand relative à la demande Conseil
Raad van State om advies te geven binnen een termijn van één maand; d'Etat de rendre avis dans un délai d'un mois;
Gelet op advies 32.091/3 van de Raad van State, gegeven op 11 december 2001, met toepassing van artikel 84, eerste lid, 1°, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State; Op voorstel van de Vlaamse minister van Leefmilieu en Landbouw; Na beraadslaging, Besluit :

Artikel 1.In artikel 3, § 5, van het besluit van 16 februari 1993 van de Vlaamse regering tot uitvoering van Hoofdstuk IIIbis van de wet van 26 maart 1971 op de bescherming van de oppervlaktewateren tegen verontreiniging wordt het eerste lid vervangen door de volgende bepaling : « Het minimumaantal etmalen waarover de monsternemingen tijdens de maand met de hoogste bedrijvigheid in het jaar voorafgaand aan het beschouwde heffingsjaar moeten worden uitgevoerd wordt bepaald op vijf dagen voor de heffingsplichtigen waarvan de laatst vastgestelde heffing meer dan 12.500 EUR bedroeg en op drie dagen in de andere gevallen. »

Art. 2.De Vlaamse minister, bevoegd voor het Leefmilieu, is belast met de uitvoering van dit besluit. Brussel, 1 februari 2002. De minister-president van de Vlaamse regering, P. DEWAEL De Vlaamse minister van Leefmilieu en Landbouw,

Vu l'avis 32.091/3 du Conseil d'Etat, donné le 11 décembre 2001, en application de l'article 84, premier alinéa, 1°, des lois coordonnées sur le Conseil d'Etat; Sur la proposition du Ministre flamand de l'Environnement et de l'Agriculture; Après en avoir délibéré, Arrête :

Article 1er.L'article 1er de l'arrêté du Gouvernement flamand du 10 février 1993 portant exécution du Chapitre IIIbis de la loi du 26 mars 1971 sur la protection des eaux de surface contre la pollution, est remplacé par la disposition suivante : « Le nombre minimal de périodes de 24 heures pendant lesquelles les échantillonnages doivent être effectués durant le mois de plus haute activité dans l'année précédant l'année d'imposition considérée, est fixé à cinq jours pour les redevables dont le dernier impôt s'élevait à plus de 12.500 EUR et à trois jours dans les autres cas. »

Art. 2.Le Ministre flamand ayant l'Environnement dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté. Bruxelles, le 1er février 2002. Le Ministre-Président du Gouvernement flamand, P. DEWAEL Le Ministre flamand de l'Environnement et de l'Agriculture,

V. DUA V. DUA
^