Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Bericht van --
← Terug naar "Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 Bij vonnis van 7 november 2023, waarvan de expeditie ter griffie van het Hof is ingekomen op 10 november 2023, heeft de correctionele rechtbank Waals-Brabant de volge « Schendt artikel 32decies, § 1/1, in het bijzonder het tweede tot vijfde lid ervan, van de we(...)"
Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 Bij vonnis van 7 november 2023, waarvan de expeditie ter griffie van het Hof is ingekomen op 10 november 2023, heeft de correctionele rechtbank Waals-Brabant de volge « Schendt artikel 32decies, § 1/1, in het bijzonder het tweede tot vijfde lid ervan, van de we(...) Avis prescrit par l'article 74 de la loi spéciale du 6 janvier 1989 Par jugement du 7 novembre 2023, dont l'expédition est parvenue au greffe de la Cour le 10 novembre 2023, le tribunal correctionnel du Brabant wallon a posé les questions préjud « L'article 32decies, § 1 er /1, spécialement ses alinéas 2 à 5, de la loi du 4 août (...)
GRONDWETTELIJK HOF COUR CONSTITUTIONNELLE
Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 Avis prescrit par l'article 74 de la loi spéciale du 6 janvier 1989
januari 1989 Bij vonnis van 7 november 2023, waarvan de expeditie ter griffie van Par jugement du 7 novembre 2023, dont l'expédition est parvenue au
het Hof is ingekomen op 10 november 2023, heeft de correctionele greffe de la Cour le 10 novembre 2023, le tribunal correctionnel du
rechtbank Waals-Brabant de volgende prejudiciële vragen gesteld : Brabant wallon a posé les questions préjudicielles suivantes :
« Schendt artikel 32decies, § 1/1, in het bijzonder het tweede tot « L'article 32decies, § 1er/1, spécialement ses alinéas 2 à 5, de la
vijfde lid ervan, van de wet van 4 augustus 1996 betreffende het loi du 4 août 1996 relative au bien-être des travailleurs lors de
welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk (zoals l'exécution de leur travail (tel qu'inséré par l'article 2, 3°, de la
ingevoegd bij artikel 2, 3°, van de wet van 28 maart 2014 tot loi du 28 mars 2014 modifiant le Code judiciaire et la loi du 4 août
wijziging van het Gerechtelijk Wetboek en de wet van 4 augustus 1996
betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun 1996 relative au bien-être des travailleurs lors de l'exécution de
werk wat de gerechtelijke procedures betreft en zoals gewijzigd bij leur travail en ce qui concerne les procédures judiciaires et tel que
artikel 13 van de wet van 7 april 2023 tot wijziging van de wet van 10 modifié par l'article 13 de la loi du 7 avril 2023 modifiant la loi du
mei 2007 ter bestrijding van discriminatie tussen vrouwen en mannen, 10 mai 2007 tendant à lutter contre la discrimination entre les femmes
de wet van 30 juli 1981 tot bestraffing van bepaalde door racisme of et les hommes, la loi du 30 juillet 1981 tendant à réprimer certains
xenofobie ingegeven daden, de wet van 10 mei 2007 ter bestrijding van actes inspirés par le racisme ou la xénophobie, la loi du 10 mai 2007
tendant à lutter contre certaines formes de discrimination, et la loi
bepaalde vormen van discriminatie, en de wet van 4 augustus 1996 du 4 août 1996 relative au bien-être des travailleurs lors de
betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun l'exécution de leur travail, pour ce qui concerne la protection contre
werk, wat de bescherming tegen nadelige maatregelen betreft), in die les mesures préjudiciables), interprété comme interdisant aux
zin geïnterpreteerd dat het de rechtscolleges waarvoor een geschil met juridictions saisies d'un litige relatif à l'indemnisation d'un
betrekking tot de vergoeding van schade die uit een gewelddaad op het dommage découlant d'un acte de violence au travail tout pouvoir
werk voortvloeit aanhangig wordt gemaakt, behoudens de in artikel d'appréciation quant à l'étendue du montant à allouer, hormis les
32decies, § 1/1, tweede lid, 1° of 2°, tweede zin, van de voormelde hypothèses visées à l'article 32decies, § 1er/1, alinéa 2, 1° ou 2°,
wet van 4 augustus 1996 beoogde gevallen elke beoordelingsbevoegdheid deuxième phrase, de la loi du 4 août 1996 susmentionnée, viole-t-il
ten aanzien van de omvang van het toe te kennen bedrag ontzegt, de
artikelen 10, 11 en 12, tweede lid, van de Grondwet, al dan niet in les articles 10, 11 et 12, alinéa 2, de la Constitution, lus isolément
samenhang gelezen met de artikelen 6, lid 1, en 7 van het Europees ou en combinaison avec les articles 6.1 et 7 de la Convention
Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele européenne de sauvegarde des droits de l'homme et des libertés
vrijheden, in zoverre : fondamentales, en ce que :
1) het zowel voor de dader als voor het slachtoffer een onderscheid 1) il crée une distinction tant pour l'auteur que pour la victime
creëert naargelang, enerzijds, het een strafrechtelijk bestrafte selon que d'une part, il s'agisse d'un fait de violence pénalement
gewelddaad betreft, die plaatsvindt onder andere dan de in artikel réprimé, se déroulant dans des circonstances non visées par l'article
32ter, eerste lid, 1°, van de voormelde wet van 4 augustus 1996 32ter, alinéa 1er, 1° de la loi du 4 août 1996 susmentionnée, ou
beoogde omstandigheden of, anderzijds, het een gewelddaad op het werk d'autre part, qu'il s'agisse d'un fait de violence au travail au sens
in de zin van het voormelde artikel betreft, waarbij de dader de l'article précité, l'auteur n'étant tenu, conformément aux articles
overeenkomstig de artikelen 1382 en 1383 van het Burgerlijk Wetboek 1382 et 1383 du Code civil, qu'à la réparation intégrale du préjudice
slechts gehouden is tot het integrale herstel van de door het subi et prouvé par la victime dans le premier cas alors que dans le
slachtoffer geleden en bewezen schade in het eerste geval, terwijl het slachtoffer in het tweede geval de keuze heeft tussen het integrale herstel van de schade of de toekenning van een forfaitair bedrag; 2) het zowel voor de dader als voor het slachtoffer een onderscheid creëert naargelang het slachtoffer van een gewelddaad op het werk in de zin van artikel 32ter, eerste lid, 1°, van de wet van 4 augustus 1996, enerzijds, wel of, anderzijds, niet een andere persoon is dan die bedoeld in artikel 2, § 1, van de voormelde wet van 4 augustus 1996, wanneer die handelt buiten het kader van zijn beroepsactiviteit, waarbij de dader overeenkomstig de artikelen 1382 en 1383 van het Burgerlijk Wetboek en artikel 32decies, § 1/1, derde lid, van de wet van 4 augustus 1996 dan slechts gehouden is tot het integrale herstel van de door het slachtoffer geleden en bewezen schade in het tweede geval; 3) het zowel voor de dader als voor het slachtoffer een onderscheid creëert door de schade te bepalen naargelang van de omvang van het inkomen van het slachtoffer tot beloop van het bij artikel 32decies, § 1/1, vijfde lid, van de voormelde wet van 4 augustus 1996, bepaalde plafond, zonder de werkelijk door het slachtoffer geleden schade in aanmerking te nemen; 4) de betwiste bepaling een onvoorzienbare en ontoegankelijke straf zou vormen door ten voordele van het slachtoffer van een gewelddaad op het werk en naargelang van de discretionaire keuze van het slachtoffer een forfaitair bedrag toe te kennen dat aan elke rechterlijke controle ontsnapt ? ». Die zaak is ingeschreven onder nummer 8102 van de rol van het Hof. De griffier, second cas, la victime a le choix entre la réparation intégrale du dommage ou l'allocation d'un montant forfaitaire; 2) il crée une distinction tant pour l'auteur que pour la victime selon que la victime d'un fait de violence au travail au sens de l'article 32ter, alinéa 1er, 1°, de la loi du 4 août 1996 d'une part, soit ou d'autre part, ne soit pas une personne autre que celles visées à l'article 2, § 1er, de la loi du 4 août 1996 susmentionnée lorsqu'elle agit en dehors du cadre de son activité professionnelle, l'auteur n'étant alors tenu, conformément aux articles 1382 et 1383 du Code civil et à l'article 32decies, § 1er/1, alinéa 3, de la loi du 4 août 1996, qu'à la réparation intégrale du préjudice subi et prouvé par la victime dans le second cas, 3) il crée une distinction tant pour l'auteur que pour la victime en fixant le dommage selon la hauteur des revenus de la victime jusqu'à concurrence du plafond fixé par l'article 32decies, § 1er/1, alinéa 5, de la loi du 4 août 1996 susmentionnée, sans prendre en compte le dommage réellement subi par la victime, 4) la disposition litigieuse constituerait une peine, non prévisible et non accessible, en allouant au bénéfice de la victime d'un fait de violence au travail et selon le choix discrétionnaire de celle-ci un montant forfaitaire échappant à tout contrôle juridictionnel ? ». Cette affaire est inscrite sous le numéro 8102 du rôle de la Cour. Le greffier,
N. Dupont N. Dupont
^