← Terug naar "Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 Bij vonnis van
29 maart 2018 in zake het openbaar ministerie tegen L.M., J.M., A.L. en A.F., met A.B. als burgerlijke
partij, waarvan de expeditie ter griffie van het « 1) Schendt artikel
162bis, tweede lid, van het Wetboek van strafvordering, zoals ingevoegd bij ar(...)"
Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 Bij vonnis van 29 maart 2018 in zake het openbaar ministerie tegen L.M., J.M., A.L. en A.F., met A.B. als burgerlijke partij, waarvan de expeditie ter griffie van het « 1) Schendt artikel 162bis, tweede lid, van het Wetboek van strafvordering, zoals ingevoegd bij ar(...) | Avis prescrit par l'article 74 de la loi spéciale du 6 janvier 1989 Par jugement du 29 mars 2018 en cause du ministère public contre L.M., J.M., A.L. et A.F., et de A.B., partie civile, dont l'expédition est parvenue au greffe de la Cour le 5 av « 1) L'article 162bis, alinéa 2, du Code d'instruction criminelle, tel qu'il a été inséré par l'art(...) |
---|---|
GRONDWETTELIJK HOF | COUR CONSTITUTIONNELLE |
Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 | Avis prescrit par l'article 74 de la loi spéciale du 6 janvier 1989 |
januari 1989 Bij vonnis van 29 maart 2018 in zake het openbaar ministerie tegen | Par jugement du 29 mars 2018 en cause du ministère public contre L.M., |
L.M., J.M., A.L. en A.F., met A.B. als burgerlijke partij, waarvan de | J.M., A.L. et A.F., et de A.B., partie civile, dont l'expédition est |
expeditie ter griffie van het Hof is ingekomen op 5 april 2018, heeft | parvenue au greffe de la Cour le 5 avril 2018, le Tribunal |
de Correctionele Rechtbank Luik, afdeling Luik, de volgende | correctionnel de Liège, division Liège, a posé les questions |
prejudiciële vragen gesteld : | préjudicielles suivantes : |
« 1) Schendt artikel 162bis, tweede lid, van het Wetboek van | « 1) L'article 162bis, alinéa 2, du Code d'instruction criminelle, tel |
strafvordering, zoals ingevoegd bij artikel 9 van de wet van 21 april | qu'il a été inséré par l'article 9 de la loi du 21 avril 2007 relative |
2007 betreffende de verhaalbaarheid van de erelonen en de kosten | à la répétibilité des honoraires et des frais d'avocat, viole-t-il les |
verbonden aan de bijstand van een advocaat, de artikelen 10 en 11 van | articles 10 et 11 de la Constitution, combinés ou non avec l'article 6 |
de Grondwet, al dan niet in samenhang gelezen met artikel 6 van het | |
Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele | de la Convention de sauvegarde des droits de l'homme et des libertés |
vrijheden, in zoverre de beklaagde die door het vonnisgerecht is | fondamentales, en ce que le prévenu acquitté par la juridiction de |
vrijgesproken recht heeft op een rechtsplegingsvergoeding ten laste | |
van de burgerlijke partij die de strafvordering op gang heeft gebracht | jugement a droit à une indemnité de procédure à charge de la partie |
door rechtstreekse dagvaarding, terwijl de beklaagde die door het | civile qui a mis l'action publique en mouvement par citation directe |
vonnisgerecht is vrijgesproken uit hoofde van hetzelfde misdrijf geen | alors que le prévenu acquitté par la juridiction de jugement du chef |
recht zou hebben op een dergelijke vergoeding ten laste van de | de la même infraction n'aurait pas droit à une telle indemnité à |
burgerlijke partij die de strafvordering op gang heeft gebracht door | charge de la partie civile qui a mis l'action publique en mouvement |
een burgerlijkepartijstelling ? | par une constitution de partie civile ? |
2) Schendt artikel 162bis, tweede lid, van het Wetboek van | 2) L'article 162bis, alinéa 2, du Code d'instruction criminelle, tel |
strafvordering, zoals ingevoegd bij artikel 9 van de wet van 21 april | qu'il a été inséré par l'article 9 de la loi du 21 avril 2007 relative |
2007 betreffende de verhaalbaarheid van de erelonen en de kosten | à la répétibilité des honoraires et des frais d'avocat, viole-t-il les |
verbonden aan de bijstand van een advocaat, de artikelen 10 en 11 van | articles 10 et 11 de la Constitution, combinés ou non avec l'article 6 |
de Grondwet, al dan niet in samenhang gelezen met artikel 6 van het | de la Convention de sauvegarde des droits de l'homme et des libertés |
Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele | fondamentales, en ce que le prévenu qui bénéficie d'une décision de |
vrijheden, in zoverre de beklaagde die bij de regeling van de rechtspleging een beslissing van buitenvervolgingstelling geniet recht heeft op een rechtsplegingsvergoeding ten laste van de burgerlijke partij die de strafvordering op gang heeft gebracht door een burgerlijkepartijstelling, terwijl de beklaagde die door het vonnisgerecht is vrijgesproken uit hoofde van hetzelfde misdrijf geen recht zou hebben op een dergelijke vergoeding ten laste van de burgerlijke partij die de strafvordering op gang heeft gebracht door een burgerlijkepartijstelling ? ». Die zaak is ingeschreven onder nummer 6896 van de rol van het Hof. De griffier, | non-lieu lors du règlement de la procédure a droit à une indemnité de procédure à charge de la partie civile qui a mis l'action publique en mouvement par une constitution de partie civile alors que le prévenu acquitté par la juridiction de jugement du chef de la même infraction n'aurait pas droit à une telle indemnité à charge de la partie civile qui a mis l'action publique en mouvement par une constitution de partie civile ? ». Cette affaire est inscrite sous le numéro 6896 du rôle de la Cour. Le greffier, |
P.-Y. Dutilleux | P.-Y. Dutilleux |