← Terug naar "Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Arbitragehof Bij
vonnis van 26 juni 2003 in zake het openbaar ministerie tegen L. André en G. Gérard, waarvan de expeditie
ter griffie van het Arbitragehof is « Schendt artikel 5, tweede lid, van het Strafwetboek,
zoals opnieuw ingevoegd bij wet van 4 mei 19(...)"
Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Arbitragehof Bij vonnis van 26 juni 2003 in zake het openbaar ministerie tegen L. André en G. Gérard, waarvan de expeditie ter griffie van het Arbitragehof is « Schendt artikel 5, tweede lid, van het Strafwetboek, zoals opnieuw ingevoegd bij wet van 4 mei 19(...) | Avis prescrit par l'article 74 de la loi spéciale du 6 janvier 1989 sur la Cour d'arbitrage Par jugement du 26 juin 2003 en cause du ministère public contre L. André en G. Gérard, dont l'expédition est parvenue au greffe de la Cour d'arbitrage « L'article 5, alinéa 2, du Code pénal, réinséré par la loi du 4 mai 1999 instaurant la responsabil(...) |
---|---|
ARBITRAGEHOF | COUR D'ARBITRAGE |
Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 | Avis prescrit par l'article 74 de la loi spéciale du 6 janvier 1989 |
januari 1989 op het Arbitragehof | sur la Cour d'arbitrage |
Bij vonnis van 26 juni 2003 in zake het openbaar ministerie tegen L. | Par jugement du 26 juin 2003 en cause du ministère public contre L. |
André en G. Gérard, waarvan de expeditie ter griffie van het | André en G. Gérard, dont l'expédition est parvenue au greffe de la |
Arbitragehof is ingekomen op 7 juli 2003, heeft de Rechtbank van | Cour d'arbitrage le 7 juillet 2003, le Tribunal de première instance |
eerste aanleg te Gent de volgende prejudiciële vraag gesteld : | de Gand a posé la question préjudicielle suivante : |
« Schendt artikel 5, tweede lid, van het Strafwetboek, zoals opnieuw | « L'article 5, alinéa 2, du Code pénal, réinséré par la loi du 4 mai |
ingevoegd bij wet van 4 mei 1999 tot invoering van de strafrechtelijke | 1999 instaurant la responsabilité pénale des personnes morales, |
verantwoordelijkheid van rechtspersonen, de artikelen 10 en 11 van de | viole-t-il les articles 10 et 11 de la Constitution en ce qu'il |
Grondwet doordat het een strafuitsluitingsgrond invoert voor de | instaure une cause de justification pour la personne physique qui |
natuurlijke persoon die een misdrijf pleegt in het kader van de | commet une infraction dans le cadre de l'activité (lire |
activiteit (lees intrinsiek verband met doel, de waarneming van zijn | intrinsèquement liée à la réalisation de son objet ou à la défense de |
belangen, voor rekening) van een rechtspersoon, terwijl dit niet het | ses intérêts, pour le compte) d'une personne morale, alors que ce |
geval is voor de natuurlijke persoon die hetzelfde misdrijf pleegt in | n'est pas le cas de la personne physique qui commet la même infraction |
het kader van de activiteit (lees intrinsiek verband met doel, de | dans le cadre de l'activité (lire intrinsèquement liée à la |
waarneming van zijn belangen, voor rekening) van een natuurlijke | réalisation de son objet ou à la défense de ses intérêts, pour le |
persoon ? » | compte) d'une personne physique ? » |
Die zaak is ingeschreven onder nummer 2760 van de rol van het Hof. | Cette affaire est inscrite sous le numéro 2760 du rôle de la Cour. |
De griffier, | Le greffier, |
L. Potoms. | L. Potoms. |