← Terug naar "Uittreksel uit arrest nr. 68/2019 van 16 mei 2019 Rolnummer 6790 In zake : de prejudiciële
vragen betreffende de artikelen 1214, § 6, en 1224 van het Gerechtelijk Wetboek, gesteld door
de Rechtbank van eerste aanleg Henegouwen, afdeling Het Grondwettelijk Hof, samengesteld
uit de voorzitters F. Daoût en A. Alen, en de rechters L. L(...)"
Uittreksel uit arrest nr. 68/2019 van 16 mei 2019 Rolnummer 6790 In zake : de prejudiciële vragen betreffende de artikelen 1214, § 6, en 1224 van het Gerechtelijk Wetboek, gesteld door de Rechtbank van eerste aanleg Henegouwen, afdeling Het Grondwettelijk Hof, samengesteld uit de voorzitters F. Daoût en A. Alen, en de rechters L. L(...) | Extrait de l'arrêt n° 68/2019 du 16 mai 2019 Numéro du rôle : 6790 En cause : les questions préjudicielles relatives aux articles 1214, § 6, et 1224 du Code judiciaire, posées par le Tribunal de première instance du Hainaut, division Mon La Cour constitutionnelle, composée des présidents F. Daoût et A. Alen, et des juges L. Lavrysen(...) |
---|---|
GRONDWETTELIJK HOF | COUR CONSTITUTIONNELLE |
Uittreksel uit arrest nr. 68/2019 van 16 mei 2019 | Extrait de l'arrêt n° 68/2019 du 16 mai 2019 |
Rolnummer 6790 | Numéro du rôle : 6790 |
In zake : de prejudiciële vragen betreffende de artikelen 1214, § 6, | En cause : les questions préjudicielles relatives aux articles 1214, § |
en 1224 van het Gerechtelijk Wetboek, gesteld door de Rechtbank van | 6, et 1224 du Code judiciaire, posées par le Tribunal de première |
eerste aanleg Henegouwen, afdeling Bergen. | instance du Hainaut, division Mons. |
Het Grondwettelijk Hof, | La Cour constitutionnelle, |
samengesteld uit de voorzitters F. Daoût en A. Alen, en de rechters L. | composée des présidents F. Daoût et A. Alen, et des juges L. Lavrysen, |
Lavrysen, J.-P. Snappe, J.-P. Moerman, E. Derycke en P. Nihoul, | J.-P. Snappe, J.-P. Moerman, E. Derycke et P. Nihoul, assistée du |
bijgestaan door de griffier P.-Y. Dutilleux, onder voorzitterschap van voorzitter F. Daoût, | greffier P.-Y. Dutilleux, présidée par le président F. Daoût, |
wijst na beraad het volgende arrest : | après en avoir délibéré, rend l'arrêt suivant : |
I. Onderwerp van de prejudiciële vragen en rechtspleging | I. Objet des questions préjudicielles et procédure |
Bij vonnis van 17 november 2017 in zake M.M. tegen J.-J. M., waarvan | Par jugement du 17 novembre 2017 en cause de M.M. contre J.-J. M., |
de expeditie ter griffie van het Hof is ingekomen op 7 december 2017, | dont l'expédition est parvenue au greffe de la Cour le 7 décembre |
heeft de Rechtbank van eerste aanleg Henegouwen, afdeling Bergen, de | 2017, le Tribunal de première instance du Hainaut, division Mons, a |
volgende prejudiciële vragen gesteld : | posé les questions préjudicielles suivantes : |
1. « Schendt artikel 1214, § 6, van het Gerechtelijk Wetboek niet in | 1. « L'article 1214, § 6, du Code judiciaire ne viole-t-il pas |
het bijzonder de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, al dan niet in | notamment les articles 10 et 11 de la Constitution, combinés ou non |
samenhang gelezen met andere, supranationale wettelijke bepalingen | avec d'autres dispositions légales supranationales telle la Convention |
zoals het Europees Verdrag voor de rechten van de mens, in zoverre | |
het, in de huidige stand van de interpretatie ervan in de rechtsleer | européenne des droits de l'homme, en ce qu'il ne permet pas, en l'état |
en de rechtspraak, de notaris-vereffenaar niet toelaat, in het geval | actuel de son interprétation par la doctrine et la jurisprudence, au |
dat een van de mede-eigenaars afwezig of weigerachtig is, in zijn | Notaire liquidateur, dans l'hypothèse où l'un des indivisaires est |
plaats in te stemmen met de door de andere mede-eigenaars gewenste | défaillant ou récalcitrant, de consentir en ses lieux et place à la |
verkoop uit de hand van een niet gevoeglijk verdeelbaar onroerend goed | vente de gré à gré d'un immeuble non commodément partageable souhaitée |
(in voorkomend geval zelfs na te hebben vastgesteld dat dat soort van | par les autres indivisaires (le cas échéant même après avoir constaté |
verkoop te verkiezen was boven de openbare verkoop en de belangen van | que ce type de vente était préférable à la vente publique et servait |
de genoemde mede-eigenaars beter diende), maar alleen toelaat over te | mieux les intérêts desdits indivisaires), mais uniquement de procéder |
gaan tot de openbare verkoop, zonder enige beoordelingsbevoegdheid, | à la vente publique, sans un quelconque pouvoir d'appréciation alors |
terwijl hij de eerste beoordelaar van de vereffening is, zodat elke | qu'il est le premier juge de la liquidation, rendant de facto |
verkoop uit de hand in het kader van een vereffening waarover geschil | |
bestaat, de facto onmogelijk wordt gemaakt zodra een mede-eigenaar | impossible toute vente de gré à gré dans le cadre d'une liquidation |
afwezig of weigerachtig is ? »; | contentieuse dès qu'un indivisaire est défaillant ou récalcitrant ? »; |
2. « Schendt de onmogelijkheid, in het gemeen recht van de | 2. « L'impossibilité pour un indivisaire, en droit commun de la |
vereffening-verdeling, voor een mede-eigenaar om van de | liquidation-partage, d'obtenir du Tribunal de la Famille qu'il |
familierechtbank te verkrijgen dat zij de verkoop uit de hand van een | autorise la vente de gré à gré d'un immeuble non commodément |
niet gevoeglijk verdeelbaar onroerend goed toestaat, ongeacht of een | |
andere mede-eigenaar al dan niet afwezig of weigerachtig is (en in | partageable, qu'il y ait défaillance ou récalcitrance d'un autre |
voorkomend geval zelfs na te hebben vastgesteld dat dat soort van | indivisaire ou non (et le cas échéant même après avoir constaté que ce |
verkoop te verkiezen was boven de openbare verkoop en de belangen van | type de vente était préférable à la vente publique et servait mieux |
de genoemde mede-eigenaars beter diende), zoals zij volgt uit artikel | les intérêts desdits indivisaires), telle qu'elle résulte de l'article |
1224 van het Gerechtelijk Wetboek, met ook hier in alle gevallen de | 1224 du Code judiciaire, avec pour conséquence ici aussi |
onmogelijkheid van een andere dan een openbare verkoop tot gevolg, | l'impossibilité d'une vente autre que publique dans tous les cas, ne |
niet in het bijzonder de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, al dan | viole-t-elle pas notamment les articles 10 et 11 de la Constitution, |
niet in samenhang gelezen met andere, supranationale wettelijke | combinés ou non avec d'autres dispositions légales supranationales |
bepalingen zoals het Europees Verdrag voor de rechten van de mens, | telle la Convention européenne des droits de l'homme, alors même que |
terwijl zulks het geval is in artikel 1193bis van het Gerechtelijk | tel est le cas dans l'article 1193bis du Code judiciaire dès qu'une |
Wetboek zodra een nalatenschap een onroerend goed omvat waarin | succession comporte un immeuble dans [lequel] des mineurs, des |
minderjarigen, beschermde personen, vermoedelijk afwezigen, personen | |
die geïnterneerd zijn ter bescherming van de maatschappij, erfgenamen | personnes protégées, des présumés absents, des personnes internées en |
die onder voorrecht van boedelbeschrijving aanvaarden, enz. rechten | défense sociale, des acceptants sous bénéfice d'inventaire, etc... ont |
hebben ? ». | des droits ? ». |
(...) | (...) |
III. In rechte | III. En droit |
(...) | (...) |
B.1. Het Hof wordt ondervraagd over de artikelen 1214, § 6, (eerste | B.1. La Cour est interrogée sur les articles 1214, § 6, (première |
prejudiciële vraag) en 1224 (tweede prejudiciële vraag) van het | question préjudicielle) et 1224 (seconde question préjudicielle) du |
Gerechtelijk Wetboek. | Code judiciaire. |
Die bepalingen maken deel uit van onderafdeling 6 (« Het verloop van | Ces dispositions figurent dans la sous-section 6 (« Du déroulement des |
de werkzaamheden ») van afdeling 2 (« Gerechtelijke verdeling ») van | opérations ») de la section 2 (« Du partage judiciaire ») du chapitre |
hoofdstuk VI (« Verdeling en veiling van onverdeelde goederen ») van | VI (« Des partages et licitations ») du livre IV (« Procédures |
boek IV (« Bijzondere rechtsplegingen ») van het Gerechtelijk Wetboek. | particulières ») du Code judiciaire. |
B.2. De prejudiciële vragen vertrekken van de vaststelling dat de | B.2. Les questions préjudicielles partent du constat que le |
notaris-vereffenaar (eerste prejudiciële vraag) en de familierechtbank | notaire-liquidateur (première question préjudicielle) et le tribunal |
(tweede prejudiciële vraag) niet over enige beoordelingsbevoegdheid | de la famille (seconde question préjudicielle) ne disposent d'aucun |
beschikken om tot een verkoop uit de hand te beslissen, in plaats van | pouvoir d'appréciation pour décider une vente de gré à gré, au lieu |
een openbare verkoop van het onroerend goed, wanneer één van de | d'une vente publique de l'immeuble, lorsqu'un des copropriétaires est |
mede-eigenaars afwezig is of weigert in te stemmen met een verkoop uit | absent ou refuse de donner son accord à une vente de gré à gré. |
de hand. B.3. De verwijzende rechter vraagt het Hof de in het geding zijnde | B.3. Le juge a quo demande à la Cour de contrôler les dispositions en |
bepalingen te toetsen aan de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, al | cause au regard des articles 10 et 11 de la Constitution, lus ou non |
dan niet in samenhang gelezen met andere verdragsbepalingen zoals het | en combinaison avec d'autres dispositions conventionnelles telle la |
Europees Verdrag voor de rechten van de mens. Hij wijst echter geen | Convention européenne des droits de l'homme. Il n'indique toutefois |
precieze bepaling aan. Het Hof kan de in het geding zijnde bepalingen | pas de disposition précise. La Cour ne peut donc contrôler les |
bijgevolg enkel toetsen aan de artikelen 10 en 11 van de Grondwet. Om die toetsing te kunnen uitoefenen, moeten de prejudiciële vragen verduidelijken welke categorieën van personen met elkaar worden vergeleken. Minstens moeten die categorieën blijken uit de motivering van het verwijzingsvonnis. Als dat niet het geval is, kan het Hof niet oordelen of het beginsel van gelijkheid en niet-discriminatie is geschonden. De eerste prejudiciële vraag preciseert niet welke categorieën van personen met elkaar worden vergeleken. Het verwijzingsvonnis biedt geen verduidelijking op dat punt. De eerste prejudiciële vraag is derhalve niet ontvankelijk. B.4. De tweede prejudiciële vraag vergelijkt de regeling van de | dispositions en cause qu'au regard des articles 10 et 11 de la Constitution. Afin de pouvoir exercer ce contrôle, les questions préjudicielles doivent préciser quelles catégories de personnes sont comparées. Ces catégories doivent à tout le moins ressortir de la motivation du jugement de renvoi. Si tel n'est pas le cas, la Cour ne peut pas juger si le principe d'égalité et de non-discrimination est violé. La première question préjudicielle ne précise pas quelles catégories de personnes sont comparées entre elles. Le jugement de renvoi n'apporte aucune précision à ce sujet. La première question préjudicielle est dès lors irrecevable. B.4. La seconde question préjudicielle compare le régime de la vente |
verkoop van een onroerend goed, bedoeld in artikel 1224 van het Gerechtelijk Wetboek, met de regeling van de verkoop van een onroerend goed, bedoeld in artikel 1193bis van hetzelfde Wetboek. De eerste bepaling biedt de rechter, in het gemeen recht van de vereffening-verdeling, niet de mogelijkheid om op verzoek van een mede-eigenaar de verkoop uit de hand van een onroerend goed toe te staan. De tweede bepaling biedt de rechter wel de mogelijkheid om een dergelijke verkoop toe te staan in het geval van een nalatenschap die een onroerend goed omvat waarin een beschermde persoon rechten heeft, indien het belang van die persoon dat vereist. De prejudiciële vraag vergelijkt dus de situatie van een | d'un immeuble visé à l'article 1224 du Code judiciaire au régime de la vente d'un immeuble visé à l'article 1193bis du même Code. La première disposition ne permet pas au juge, dans le droit commun de la liquidation-partage, d'autoriser la vente de gré à gré d'un immeuble à la demande d'un copropriétaire. La seconde disposition offre par contre au juge la possibilité d'autoriser pareille vente dans l'hypothèse d'une succession comprenant un immeuble sur lequel une personne protégée possède des droits, si l'intérêt de cette personne l'exige. La question préjudicielle compare donc la situation de l'intéressé à |
belanghebbende bij de verkoop van een onroerend goed in een procedure | la vente d'un immeuble dans une procédure de liquidation-partage de |
van gemeenrechtelijke vereffening-verdeling met de situatie van een | droit commun à la situation d'un intéressé à la vente d'un immeuble |
belanghebbende bij de verkoop van een onroerend goed waarin een | sur lequel une personne protégée possède des droits. Dans la première |
beschermde persoon rechten heeft. Terwijl in de eerste situatie de | situation, le juge ne peut pas se prononcer sur la question de savoir |
rechter zich niet kan uitspreken over de vraag of het opportuun is een | s'il est opportun de vendre un immeuble de gré à gré ou d'autoriser |
onroerend goed uit de hand te verkopen dan wel een dergelijke verkoop | pareille vente, ce qui implique nécessairement l'organisation d'une |
toe te staan, hetgeen noodzakelijkerwijs impliceert dat in alle | vente publique dans tous les cas, tandis qu'il dispose dans la seconde |
gevallen een openbare verkoop wordt georganiseerd, beschikt hij in de | situation de ce pouvoir d'appréciation. |
tweede situatie wel over die beoordelingsbevoegdheid. | La seconde question préjudicielle est recevable. |
De tweede prejudiciële vraag is ontvankelijk. | B.5. Lorsque les questions préjudicielles ont été posées, l'article |
B.5. Toen de prejudiciële vragen werden gesteld, bepaalde artikel 1224 | 1224 du Code judiciaire disposait : |
van het Gerechtelijk Wetboek : | |
« § 1. Indien, ofwel uit een akkoord van alle partijen, ofwel uit het | « § 1er. S'il ressort soit d'un accord de toutes les parties, soit de |
advies van de notaris-vereffenaar, in voorkomend geval gesteund op het | l'avis du notaire-liquidateur fondé, le cas échéant, sur le rapport |
door de deskundige ingediende verslag, blijkt dat de gevoeglijke | déposé par l'expert, qu'il est impossible de partager commodément en |
verdeling in natura onmogelijk is, stelt de notaris-vereffenaar, | nature, le notaire-liquidateur dresse, sauf en cas d'accord de toutes |
behalve in geval van een akkoord van alle partijen omtrent de verkoop | les parties quant à la vente de gré à gré conformément à l'article |
uit de hand overeenkomstig artikel 1214, § 1, tweede lid, de verkoopvoorwaarden van de openbare verkoping van de niet gevoeglijk in natura verdeelbare onroerende goederen op en maant hij de partijen bij gerechtsdeurwaardersexploot, bij aangetekende brief of tegen gedagtekend ontvangstbewijs, en hun raadslieden bij gewone brief, fax of elektronische post, aan hiervan kennis te nemen en hem hun bezwaren binnen een maand na de aanmaning tot kennisneming schriftelijk mee te delen, behoudens andersluidend akkoord van alle partijen betreffende die termijn. De aanmaning vermeldt uitdrukkelijk deze termijn. Gelijktijdig maant de notaris-vereffenaar de partijen aan om bij de verkoopsverrichtingen aanwezig te zijn. | 1214, § 1er, alinéa 2, le cahier des charges de la vente publique des immeubles non commodément partageables en nature et somme les parties par exploit d'huissier, par lettre recommandée ou contre accusé de réception daté, ainsi que leurs conseils par courrier ordinaire, télécopie ou courrier électronique, d'en prendre connaissance et de lui faire part, par écrit, de leurs contredits dans le mois suivant la sommation, sauf accord contraire de toutes les parties quant à ce délai. La sommation mentionne explicitement ce délai. Simultanément, le notaire-liquidateur fait sommation aux parties d'assister aux opérations de vente. |
§ 2. Ingeval de partijen geen bezwaren overeenkomstig § 1 betreffende | § 2. En l'absence de contredits formulés par les parties conformément |
het beginsel van de verkoop hebben ingebracht, wordt de | au § 1er sur le principe de la vente, le notaire-liquidateur est |
notaris-vereffenaar geacht verzocht te zijn om de | présumé requis de poursuivre les opérations de vente. |
verkoopsverrichtingen verder te zetten. | |
Op de dag bepaald voor de toewijzing, wordt daartoe overgegaan op | Au jour indiqué pour l'adjudication, il est procédé à celle-ci à la |
verzoek van ten minste een van de partijen. | requête d'au moins une des parties. |
§ 3. Indien de partijen overeenkomstig § 1 bezwaren hebben ingebracht, | § 3. En cas de contredits formulés par les parties conformément au § 1er, |
hetzij over het principe van de verkoop, hetzij over de voorwaarden | soit sur le principe de la vente, soit sur les conditions de celle-ci, |
ervan, handelt de notaris-vereffenaar overeenkomstig artikel 1216. | le notaire-liquidateur agit conformément à l'article 1216. |
§ 4. Indien de rechtbank vaststelt dat de gevoeglijke verdeling in | § 4. Si le tribunal constate que le partage commode en nature est |
natura onmogelijk is, beveelt zij de verkoop en legt zij, in | impossible, il ordonne la vente et fixe, le cas échéant, un nouveau |
voorkomend geval, een nieuwe termijn op voor de toewijzing. | délai pour l'adjudication. |
[...] | [...] |
Indien hij daartoe door ten minste een partij wordt verzocht, gaat de | S'il en est requis par au moins une des parties, le |
notaris-vereffenaar over tot de verkoop van de onroerende goederen op | notaire-liquidateur procède à la vente des immeubles conformément à ce |
de wijze die gebruikelijk is inzake gewone openbare verkoping van | qui est usité à l'égard des ventes publiques ordinaires d'immeubles et |
onroerende goederen en overeenkomstig artikel 1193, tweede tot zevende | conformément à l'article 1193, alinéas 2 à 7, ainsi que, le cas |
lid, en in voorkomend geval overeenkomstig de artikelen 1186 tot 1192 | échéant, conformément aux articles 1186 à 1192 et à l'article 1193, |
en artikel 1193, achtste lid. | alinéa 8. |
De notaris-vereffenaar maant bij gerechtsdeurwaardersexploot, bij | Le notaire-liquidateur fait sommation aux parties, par exploit |
aangetekende brief of tegen gedagtekend ontvangstbewijs, de partijen | d'huissier, par lettre recommandée ou contre accusé de réception daté, |
aan de werkzaamheden van de verkoop bij te wonen, en brengt hun | d'assister aux opérations de vente et en informe leurs conseils par |
raadslieden hiervan bij gewone brief, fax of elektronische post, op de | courrier ordinaire, télécopie ou courrier électronique. |
hoogte. Op de dag bepaald voor de toewijzing wordt daartoe overgegaan op | Au jour indiqué pour l'adjudication, il est procédé à celle-ci à la |
verzoek van ten minste een van de partijen. | requête d'au moins une des parties. |
Na de verkoop worden de werkzaamheden voortgezet overeenkomstig | Postérieurement à la vente, la procédure se poursuit conformément à |
artikel 1223. | l'article 1223. |
[...] ». | [...] ». |
De bepaling werd gewijzigd bij de wet van 11 augustus 2017 « houdende | La disposition a été modifiée par la loi du 11 août 2017 « portant |
invoeging van het Boek XX ' Insolventie van ondernemingen ', in het | insertion du Livre XX ' Insolvabilité des entreprises ', dans le Code |
Wetboek van economisch recht, en houdende invoeging van de definities | de droit économique, et portant insertion des définitions propres au |
eigen aan Boek XX en van de rechtshandhavingsbepalingen eigen aan Boek | livre XX, et des dispositions d'application au Livre XX, dans le Livre |
XX in het Boek I van het Wetboek van economisch recht ». | I du Code de droit économique ». |
Het staat aan de verwijzende rechter te bepalen of en in voorkomend | Il appartient au juge a quo de déterminer si et, le cas échéant, dans |
geval in welke mate die wijzigingen van toepassing zijn op het geschil | quelle mesure ces modifications sont applicables au litige qui lui est |
dat hem is voorgelegd. Het Hof antwoordt bijgevolg op de prejudiciële | déféré. La Cour répond par conséquent aux questions préjudicielles |
vragen zoals zij aan het Hof zijn gesteld. | telles qu'elles lui ont été posées. |
B.6. Toen de prejudiciële vragen werden gesteld, bepaalde artikel | B.6. Lorsque les questions préjudicielles ont été posées, l'article |
1193bis van het Gerechtelijk Wetboek : | 1193bis du Code judiciaire disposait : |
« In de gevallen bedoeld in de artikelen 1186 tot 1189 kunnen de personen bevoegd om de openbare verkoping van de onroerende goederen te vorderen, naargelang van het geval, bij de vrederechter of bij de familierechtbank een aanvraag indienen tot machtiging om uit de hand te verkopen. De machtiging wordt verleend indien het belang van de door die artikelen beschermde personen zulks vereist. De machtiging moet uitdrukkelijk vermelden waarom de verkoop uit de hand het belang van de beschermde personen dient. Deze vorm van verkoop kan van de vaststelling van een minimum verkoopprijs afhankelijk worden gesteld. De in het eerste lid bedoelde aanvraag wordt ingediend bij een met redenen omkleed verzoekschrift waarbij een door een notaris opgemaakt ontwerp van verkoopakte wordt gevoegd. De ontwerp-akte wordt gevoegd bij de beschikking of bij het vonnis tot machtiging. De ingeschreven hypothecaire of bevoorrechte schuldeisers alsook de personen aangewezen in artikel 1187, tweede lid, moeten worden gehoord of behoorlijk worden opgeroepen bij gerechtsbrief ter kennis gebracht ten minste vijf dagen voor de zittingsdag. De vrederechter of de rechtbank kan de personen die bij de akte partij zullen zijn, bevelen te verschijnen. De verkoping moet overeenkomstig de door de vrederechter of de rechtbank aangenomen ontwerp-akte, in aanwezigheid, in voorkomend geval, van de toeziende voogd, geschieden door de ambtelijke tussenkomst van de notaris aangewezen in de beschikking of in het vonnis tot machtiging. De notaris voegt bij de verkoopakte een eensluidend verklaard | « Dans les cas prévus aux articles 1186 à 1189, les personnes qui ont qualité pour provoquer la vente publique des immeubles peuvent introduire, selon le cas, devant le juge de paix ou devant le tribunal de la famille, une demande d'autorisation de vente de gré à gré. L'autorisation est accordée si l'intérêt des personnes protégées par ces articles l'exige. L'autorisation doit indiquer expressément la raison pour laquelle la vente de gré à gré sert l'intérêt des personnes protégées. Le recours à cette forme de vente peut être subordonné à la fixation d'un prix minimum. La demande prévue à l'alinéa 1er est introduite par une requête motivée à laquelle est joint un projet d'acte de vente établi par un notaire. Le projet d'acte est joint à l'ordonnance ou au jugement d'autorisation. Les créanciers hypothécaires ou privilégiés inscrits ainsi que les personnes désignées par l'article 1187, alinéa 2, doivent être entendus ou dûment appelés par pli judiciaire notifié au moins cinq jours avant l'audience. Le juge de paix ou le tribunal peut ordonner la comparution des personnes qui seront parties à l'acte. La vente doit avoir lieu conformément au projet d'acte admis par le juge de paix ou le tribunal, en présence le cas échéant du subrogé tuteur, par le ministère du notaire commis par l'ordonnance ou le jugement d'autorisation. Le notaire annexe à l'acte de vente une copie conforme de l'ordonnance |
afschrift van de beschikking of het vonnis. De titel van de verkrijger | ou du jugement. Le titre de l'acquéreur se compose de l'acte sans |
bestaat uit de akte zonder dat vereist is de beschikking of het vonnis | qu'il soit besoin d'y ajouter et de transcrire l'ordonnance ou le |
tot machtiging er aan toe te voegen en over te schrijven ». | jugement d'autorisation ». |
Die bepaling is vervangen bij artikel 28 van de voormelde wet van 11 | Cette disposition a été remplacée par l'article 28 de la loi précitée |
augustus 2017. Die wijziging heeft evenwel geen weerslag op de | du 11 août 2017. Cette modification n'a toutefois pas d'incidence sur |
relevantie van de tweede prejudiciële vraag. | la pertinence de la seconde question préjudicielle. |
B.7. Luidens artikel 1193bis, eerste lid, van het Gerechtelijk Wetboek | B.7. Aux termes de l'article 1193bis, alinéa 1er, du Code judiciaire, |
kunnen, in bepaalde gevallen, de personen bevoegd om de openbare verkoping van het onroerend goed te vorderen, bij de bevoegde rechter een aanvraag indienen tot machtiging om uit de hand te verkopen. Die machtiging wordt slechts verleend indien het belang van de beschermde personen zulks vereist. Het betreft met name het belang van een minderjarige, een vermoedelijk afwezige, een beschermde persoon die krachtens artikel 492/1 van het Burgerlijk Wetboek onbekwaam is verklaard om onroerende goederen te vervreemden, een persoon die geïnterneerd is met toepassing van de wet tot bescherming van de maatschappij, of een persoon die betrokken is in een onbeheerde of onder voorrecht van boedelbeschrijving aanvaarde nalatenschap. B.8. Met artikel 1193bis wenste de wetgever, in het belang van de beschermde personen, de verkoop uit de hand van een onroerend goed | dans certains cas, les personnes qui ont qualité pour provoquer la vente publique de l'immeuble peuvent introduire devant le juge compétent une demande d'autorisation de vendre de gré à gré. Cette autorisation n'est accordée que si l'intérêt des personnes protégées l'exige. Il s'agit entre autres de l'intérêt d'un mineur, d'un présumé absent, d'une personne protégée qui, en vertu de l'article 492/1 du Code civil, a été déclarée incapable d'aliéner des immeubles, d'une personne internée par application de la loi sur la défense sociale ou d'une personne impliquée dans une succession vacante ou acceptée sous bénéfice d'inventaire. B.8. Par l'article 1193bis, le législateur entendait rendre possible, dans l'intérêt des personnes protégées, la vente de gré à gré d'un |
mogelijk te maken, met name « wanneer een hogere verkoopprijs dan deze | immeuble, notamment « lorsqu'un prix supérieur à celui qui peut être |
die te verwachten is bij een openbare verkoop geboden wordt » (Parl. | escompté en cas de vente publique est offert » (Doc. parl., Chambre, |
St., Kamer, 1980-1981, nr. 704/3, p. 2). De rechter is belast met de opdracht om dergelijke verkopen toe te staan, op verzoek van de wettelijke vertegenwoordiger van de onbekwame persoon, van de curator van de onbeheerde nalatenschap, van de begunstigde erfgenamen of van de andere mede-eigenaars, en mits bepaalde waarborgen in acht worden genomen. Zo bepaalt artikel 1193bis in het tweede lid ervan dat de verkoop uit de hand van de vaststelling van een minimumverkoopprijs afhankelijk kan worden gesteld. Het bepaalt daarenboven in het derde lid ervan dat de aanvraag moet worden ingediend bij een met redenen omkleed verzoekschrift waarbij een door een notaris opgemaakt ontwerp van verkoopakte, alsook een schattingsverslag wordt gevoegd. Het zesde lid preciseert dat indien de rechter het verzoekschrift inwilligt, de verkoop dient te geschieden overeenkomstig de ontwerpakte die hij heeft aangenomen. B.9. Wanneer, in het kader van een gerechtelijke vereffening-verdeling die een of meer onroerende goederen omvat, de gevoeglijke verdeling in natura onmogelijk is, is het door de wetgever verankerde beginsel dat | 1980-1981, n° 704/3, p. 2). Le juge est investi de la mission d'autoriser de telles ventes, à la demande du représentant légal de la personne incapable, du curateur à succession vacante, des héritiers bénéficiaires ou des autres copropriétaires, et moyennant le respect de certaines garanties. Ainsi, l'article 1193bis prévoit en son deuxième alinéa que le recours à la vente de gré à gré peut être subordonné à la fixation d'un prix minimum. Il prévoit par ailleurs en son troisième alinéa que la demande doit être introduite par une requête motivée à laquelle est joint un projet d'acte de vente établi par un notaire ainsi qu'un rapport d'expertise. Le sixième alinéa précise que si le juge fait droit à la requête, la vente doit avoir lieu conformément au projet d'acte qu'il a admis. B.9. Lorsque, dans le cadre d'une liquidation-partage judiciaire comprenant un ou plusieurs immeubles, il est impossible de partager commodément en nature, le principe consacré par le législateur est |
van de openbare verkoop (artikel 1224, § 1, van het Gerechtelijk Wetboek). | celui de la vente publique (article 1224, § 1er, du Code judiciaire). |
Het is slechts in geval van akkoord van alle partijen dat de verkoop | Ce n'est qu'en cas d'accord de l'ensemble des parties que la vente |
uit de hand kan plaatshebben. Die mogelijkheid wordt beoogd in de | peut avoir lieu de gré à gré. Cette possibilité est visée aux articles |
artikelen 1209, § 3, 1214, § 1, tweede lid, en 1224, § 1, van het Gerechtelijk Wetboek. | 1209, § 3, 1214, § 1er, alinéa 2, et 1224, § 1er, du Code judiciaire. |
De artikelen 1209, § 3, vierde lid, en 1214, § 1, vierde lid, bepalen | Les articles 1209, § 3, alinéa 4, et 1214, § 1er, alinéa 4, prévoient |
dat in geval van verkoop uit de hand, die in voorkomend geval | qu'en cas de vente de gré à gré, celle-ci a lieu, le cas échéant, |
plaatsheeft overeenkomstig artikel 1193bis. | conformément à l'article 1193bis. |
B.10. De vermelding van artikel 1193bis in de artikelen 1209, § 3, | B.10. La mention de l'article 1193bis dans les articles 1209, § 3, |
vierde lid, en 1214, § 1, vierde lid, van het Gerechtelijk Wetboek | alinéa 4, et 1214, § 1er, alinéa 4, du Code judiciaire implique que |
impliceert dat de waarborgen waarin is voorzien in artikel 1193bis ook | les garanties prévues à l'article 1193bis s'appliquent également dans |
van toepassing zijn in het geval van een gerechtelijke | l'hypothèse d'une liquidation-partage judiciaire dans laquelle une |
vereffening-verdeling waarin een beschermde persoon rechten heeft. | personne protégée a des droits. |
B.11.1. De inwerkingstelling, in een dergelijke context, van artikel | B.11.1. La mise en oeuvre, dans un tel contexte, de l'article 1193bis |
1193bis van het Gerechtelijk Wetboek is echter slechts denkbaar | du Code judiciaire ne se conçoit toutefois que lorsque l'ensemble des |
wanneer alle mede-eigenaars akkoord gaan met de verkoop uit de hand | indivisaires sont d'accord sur la vente de gré à gré de l'immeuble. |
van het onroerend goed. Artikel 1193bis laat de rechter niet toe, | L'article 1193bis ne permet pas au juge, en cas d'absence ou de |
ingeval een van de mede-eigenaars afwezig of weigerachtig is, diens | récalcitrance de l'un des indivisaires, de suppléer à l'absence ou au |
afwezigheid of weigering te ondervangen en te bevelen dat wordt overgegaan tot een verkoop uit de hand, zelfs indien hij van mening zou zijn dat een verkoop uit de hand de belangen van de beschermde persoon beter zou dienen. B.11.2. In het geval zoals beoogd door de verwijzende rechter, namelijk dat van een nalatenschap die een of meer onroerende goederen omvat en waarin een beschermde persoon rechten zou hebben, zou de rechter bijgevolg de verkoop uit de hand van het goed niet kunnen bevelen bij ontstentenis van akkoord van alle mede-eigenaars met een dergelijke verkoop, waarbij alleen de openbare verkoop van het onroerend goed denkbaar is. B.12. Uit het voorgaande volgt dat het door de verwijzende rechter aangeklaagde verschil in behandeling onbestaande is. B.13. De tweede prejudiciële vraag dient ontkennend te worden beantwoord. Om die redenen, het Hof | refus de celui-ci et d'ordonner qu'il soit procédé à une vente de gré à gré, quand bien même il estimerait qu'une vente de gré à gré servirait mieux les intérêts de la personne protégée. B.11.2. Aussi, dans l'hypothèse telle que celle visée par le juge a quo, qui est celle d'une succession comportant un ou plusieurs immeubles et dans laquelle une personne protégée aurait des droits, le juge ne pourrait pas ordonner la vente de gré à gré du bien en l'absence d'accord de l'ensemble des indivisaires sur une telle vente, seule la vente publique de l'immeuble étant envisageable. B.12. Il résulte de ce qui précède que la différence de traitement dénoncée par le juge a quo est inexistante. B.13. La seconde question préjudicielle appelle une réponse négative. Par ces motifs, la Cour |
zegt voor recht : | dit pour droit : |
- De eerste prejudiciële vraag is niet ontvankelijk. | - La première question préjudicielle est irrecevable. |
- Artikel 1224 van het Gerechtelijk Wetboek schendt de artikelen 10 en | - L'article 1224 du Code judiciaire ne viole pas les articles 10 et 11 |
11 van de Grondwet niet. | de la Constitution. |
Aldus gewezen in het Frans en het Nederlands, overeenkomstig artikel | Ainsi rendu en langue française et en langue néerlandaise, |
65 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Grondwettelijk Hof, | conformément à l'article 65 de la loi spéciale du 6 janvier 1989 sur |
op 16 mei 2019. | la Cour constitutionnelle, le 16 mai 2019. |
De griffier, | Le greffier, |
P.-Y. Dutilleux | P.-Y. Dutilleux |
De voorzitter, | Le président, |
F. Daoût | F. Daoût |