Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Arrest van --
← Terug naar "Uittreksel uit arrest nr. 49/2009 van 11 maart 2009 Rolnummer 4495 In zake : de prejudiciële vragen over artikel 128, tweede lid, van het Wetboek van strafvordering, zoals ingevoegd bij artikel 8 van de wet van 21 april 2007 betreffende de Het Grondwettelijk Hof, samengesteld uit de voorzitters M. Bossuyt en M. Melchior, en de rechter(...)"
Uittreksel uit arrest nr. 49/2009 van 11 maart 2009 Rolnummer 4495 In zake : de prejudiciële vragen over artikel 128, tweede lid, van het Wetboek van strafvordering, zoals ingevoegd bij artikel 8 van de wet van 21 april 2007 betreffende de Het Grondwettelijk Hof, samengesteld uit de voorzitters M. Bossuyt en M. Melchior, en de rechter(...) Extrait de l'arrêt n° 49/2009 du 11 mars 2009 Numéro du rôle : 4495 En cause : les questions préjudicielles concernant l'article 128, alinéa 2, du Code d'instruction criminelle, tel qu'il a été inséré par l'article 8 de la loi du 21 avril 2 La Cour constitutionnelle, composée des présidents M. Bossuyt et M. Melchior, et des juges A. Al(...)
GRONDWETTELIJK HOF COUR CONSTITUTIONNELLE
Uittreksel uit arrest nr. 49/2009 van 11 maart 2009 Extrait de l'arrêt n° 49/2009 du 11 mars 2009
Rolnummer 4495 Numéro du rôle : 4495
In zake : de prejudiciële vragen over artikel 128, tweede lid, van het En cause : les questions préjudicielles concernant l'article 128,
Wetboek van strafvordering, zoals ingevoegd bij artikel 8 van de wet alinéa 2, du Code d'instruction criminelle, tel qu'il a été inséré par
van 21 april 2007 betreffende de verhaalbaarheid van de erelonen en de l'article 8 de la loi du 21 avril 2007 relative à la répétibilité des
kosten verbonden aan de bijstand van een advocaat, gesteld door de honoraires et des frais d'avocat, posées par la chambre des mises en
kamer van inbeschuldigingstelling van het Hof van Beroep te Antwerpen. accusation de la Cour d'appel d'Anvers.
Het Grondwettelijk Hof, La Cour constitutionnelle,
samengesteld uit de voorzitters M. Bossuyt en M. Melchior, en de composée des présidents M. Bossuyt et M. Melchior, et des juges A.
rechters A. Alen, J.-P. Snappe, J.-P. Moerman, J. Spreutels en T. Alen, J.-P. Snappe, J.-P. Moerman, J. Spreutels et T. Merckx-Van Goey,
Merckx-Van Goey, bijgestaan door de griffier P.-Y. Dutilleux, onder assistée du greffier P.-Y. Dutilleux, présidée par le président M.
voorzitterschap van voorzitter M. Bossuyt, Bossuyt,
wijst na beraad het volgende arrest : après en avoir délibéré, rend l'arrêt suivant :
I. Onderwerp van de prejudiciële vragen en rechtspleging I. Objet des questions préjudicielles et procédure
Bij arrest van 30 juni 2008 in zake Maria Uten tegen Hans Aerts en Par arrêt du 30 juin 2008 en cause de Maria Uten contre Hans Aerts et
anderen, waarvan de expeditie ter griffie van het Hof is ingekomen op
8 juli 2008, heeft de kamer van inbeschuldigingstelling van het Hof autres, dont l'expédition est parvenue au greffe de la Cour le 8
juillet 2008, la chambre des mises en accusation de la Cour d'appel
van Beroep te Antwerpen de volgende prejudiciële vragen gesteld : d'Anvers a posé les questions préjudicielles suivantes :
1. « Schendt artikel 128 van het Wetboek van strafvordering, zoals 1. « L'article 128 du Code d'instruction criminelle, tel qu'il a été
gewijzigd door artikel 8 van de wet van 21 april 2007 betreffende de modifié par l'article 8 de la loi du 21 avril 2007 relative à la
verhaalbaarheid van de erelonen en de kosten verbonden aan de bijstand répétibilité des honoraires et des frais d'avocat, viole-t-il les
van een advocaat, de artikelen 10 en 11 van de Grondwet wanneer het articles 10 et 11 de la Constitution s'il était également déclaré
ook van toepassing zou worden verklaard door de kamer van applicable par la chambre des mises en accusation lorsque la plainte
inbeschuldigingstelling in het geval de klacht met burgerlijke avec constitution de partie civile et l'appel contre l'ordonnance de
partijstelling en het hoger beroep tegen de beschikking tot non-lieu de la chambre du conseil datent d'avant l'entrée en vigueur
buitenvervolgingstelling van de raadkamer dateren van voor de
inwerkingtreding van de wet van 21 april 2007 ? »; de la loi du 21 avril 2007 ? »;
2. « Schendt artikel 128 van het Wetboek van strafvordering, zoals 2. « L'article 128 du Code d'instruction criminelle, tel qu'il a été
gewijzigd door artikel 8 van de wet van 21 april 2007 betreffende de modifié par l'article 8 de la loi du 21 avril 2007 relative à la
verhaalbaarheid van de erelonen en de kosten verbonden aan de bijstand répétibilité des frais et des honoraires d'avocat, viole-t-il les
van een advocaat, de artikelen 10 en 11 van de Grondwet nu de articles 10 et 11 de la Constitution en ce que la personne lésée qui a
benadeelde, die het gerechtelijk onderzoek heeft opgestart door een engagé l'instruction judiciaire en introduisant une plainte avec
klacht met burgerlijke partijstelling, gehouden is een
rechtsplegingsvergoeding te betalen aan de inverdenkinggestelde bij constitution de partie civile est tenue de payer une indemnité de
een buitenvervolgingstelling, terwijl dit niet het geval is wanneer de procédure à l'inculpé en cas de non-lieu, alors que tel n'est pas le
benadeelde zich burgerlijke partij heeft gesteld tijdens een
gerechtelijk onderzoeksrechter [lees : onderzoek] dat door het cas lorsque la personne lésée s'est constituée partie civile au cours
openbaar ministerie is opgestart ? ». d'une instruction judiciaire engagée par le ministère public ? ».
(...) (...)
III. In rechte III. En droit
(...) (...)
B.1.1. Artikel 128 van het Wetboek van strafvordering, zoals vervangen B.1.1. L'article 128 du Code d'instruction criminelle, tel qu'il a été
bij artikel 24 van de wet van 12 maart 1998 tot verbetering van de strafrechtspleging in het stadium van het opsporingsonderzoek en het gerechtelijk onderzoek en gewijzigd bij artikel 8 van de wet van 21 april 2007 betreffende de verhaalbaarheid van de erelonen en de kosten verbonden aan de bijstand van een advocaat, bepaalt : « Indien de raadkamer van oordeel is dat het feit noch een misdaad, noch een wanbedrijf, noch een overtreding oplevert, of dat tegen de inverdenkinggestelde generlei bezwaar bestaat, verklaart zij dat er geen reden is tot vervolging. In dat geval en indien het onderzoek werd ingeleid door de burgerlijke partijstelling in handen van de onderzoeksrechter, wordt de burgerlijke partij veroordeeld tot het aan de inverdenkinggestelde remplacé par l'article 24 de la loi du 12 mars 1998 relative à l'amélioration de la procédure pénale au stade de l'information et de l'instruction et modifié par l'article 8 de la loi du 21 avril 2007 relative à la répétibilité des honoraires et des frais d'avocat, dispose : « Si la chambre du conseil est d'avis que le fait ne présente ni crime, ni délit, ni contravention, ou qu'il n'existe aucune charge contre l'inculpé, elle déclare qu'il n'y a pas lieu à poursuivre. Dans ce cas, si l'instruction a été ouverte par constitution de partie civile entre les mains du juge d'instruction, la partie civile est
betalen van de vergoeding bedoeld in artikel 1022 van het Gerechtelijk condamnée envers l'inculpé à l'indemnité visée à l'article 1022 du
Wetboek ». Code judiciaire ».
B.1.2. Artikel 1022 van het Gerechtelijk Wetboek, waarnaar die B.1.2. L'article 1022 du Code judiciaire, auquel cette disposition se
bepaling verwijst, bepaalt : réfère, dispose :
« De rechtsplegingsvergoeding is een forfaitaire tegemoetkoming in de « L'indemnité de procédure est une intervention forfaitaire dans les
kosten en erelonen van de advocaat van de in het gelijk gestelde partij. frais et honoraires d'avocat de la partie ayant obtenu gain de cause.
Na het advies te hebben ingewonnen van de Orde van Vlaamse Balies en
van de Ordre des barreaux francophones et germanophone, stelt de Après avoir pris l'avis de l'Ordre des barreaux francophones et
Koning, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad de
basis-, minimum en maximumbedragen vast van de germanophone et de l'Orde van Vlaamse Balies, le Roi établit par
rechtsplegingsvergoeding, onder meer in functie van de aard van de arrêté délibéré en Conseil des ministres, les montants de base, minima
zaak en van de belangrijkheid van het geschil. et maxima de l'indemnité de procédure, en fonction notamment de la
Op verzoek van een van de partijen en op een met bijzondere redenen nature de l'affaire et de l'importance du litige.
omklede beslissing, kan de rechter ofwel de vergoeding verminderen, A la demande d'une des parties, et sur décision spécialement motivée,
ofwel die verhogen, zonder de door de Koning bepaalde maximum- en le juge peut soit réduire l'indemnité soit l'augmenter, sans pour
minimumbedragen te overschrijden. Bij zijn beoordeling houdt de autant dépasser les montants maxima et minima prévus par le Roi. Dans
rechter rekening met : son appréciation, le juge tient compte :
- de financiële draagkracht van de verliezende partij, om het bedrag - de la capacité financière de la partie succombante, pour diminuer le
van de vergoeding te verminderen; montant de l'indemnité;
- de complexiteit van de zaak; - de la complexité de l'affaire;
- de contractueel bepaalde vergoedingen voor de in het gelijk gestelde - des indemnités contractuelles convenues pour la partie qui obtient
partij; gain de cause;
- het kennelijk onredelijk karakter van de situatie. - du caractère manifestement déraisonnable de la situation.
Indien de in het ongelijk gestelde partij van de tweedelijns Si la partie succombante bénéficie de l'aide juridique de deuxième
juridische bijstand geniet, wordt de rechtsplegingsvergoeding vastgelegd op het door de Koning vastgestelde minimum, tenzij in geval van een kennelijk onredelijke situatie. De rechter motiveert in het bijzonder zijn beslissing op dat punt. Wanneer meerdere partijen de rechtsplegingsvergoeding ten laste van dezelfde in het ongelijk gestelde partij genieten, bedraagt het bedrag ervan maximum het dubbel van de maximale rechtsplegingsvergoeding waarop de begunstigde die gerechtigd is om de hoogste vergoeding te eisen aanspraak kan maken. Ze wordt door de rechter tussen de partijen verdeeld. Geen partij kan boven het bedrag van de rechtsplegingsvergoeding worden aangesproken tot betaling van een vergoeding voor de ligne, l'indemnité de procédure est fixée au minimum établi par le Roi, sauf en cas de situation manifestement déraisonnable. Le juge motive spécialement sa décision sur ce point. Lorsque plusieurs parties bénéficient de l'indemnité de procédure à charge d'une même partie succombante, son montant est au maximum le double de l'indemnité de procédure maximale à laquelle peut prétendre le bénéficiaire qui est fondé à réclamer l'indemnité la plus élevée. Elle est répartie entre les parties par le juge. Aucune partie ne peut être tenue au paiement d'une indemnité pour l'intervention de l'avocat d'une autre partie au-delà du montant de
tussenkomst van de advocaat van een andere partij ». l'indemnité de procédure ».
Ten aanzien van de eerste prejudiciële vraag Quant à la première question préjudicielle
B.2. De eerste prejudiciële vraag betreft de bestaanbaarheid van B.2. La première question préjudicielle porte sur la compatibilité de
artikel 128, tweede lid, van het Wetboek van strafvordering met de l'article 128, alinéa 2, du Code d'instruction criminelle avec les
artikelen 10 en 11 van de Grondwet in zoverre die bepaling van articles 10 et 11 de la Constitution si cette disposition était
toepassing zou worden verklaard « in het geval de klacht met déclarée applicable « lorsque la plainte avec constitution de partie
burgerlijke partijstelling en het hoger beroep tegen de beschikking
tot buitenvervolgingstelling van de raadkamer dateren van voor de civile et l'appel contre l'ordonnance de non-lieu de la chambre du
inwerkingtreding van de wet van 21 april 2007 ». conseil datent d'avant l'entrée en vigueur de la loi du 21 avril 2007 ».
B.3.1. Luidens artikel 13 van de wet van 21 april 2007 zijn de B.3.1. Aux termes de l'article 13 de la loi du 21 avril 2007, les
artikelen 2 tot 12 van die wet « van toepassing op de zaken die articles 2 à 12 de cette loi sont « applicables aux affaires en cours
hangende zijn op het moment dat ze in werking treden ». au moment de leur entrée en vigueur ».
B.3.2. Wat de inwerkingtreding van de wet van 21 april 2007 betreft, B.3.2. En ce qui concerne l'entrée en vigueur de la loi du 21 avril
bepaalt artikel 14 van die wet : 2007, l'article 14 de cette loi dispose :
« Met uitzondering van dit artikel bepaalt de Koning de datum van « A l'exception du présent article, le Roi fixe la date d'entrée en
inwerkingtreding van de bepalingen van deze wet. De inwerkingtreding vigueur des dispositions de la présente loi, laquelle a lieu au plus
gebeurt uiterlijk op 1 januari 2008 ». tard le 1er janvier 2008 ».
Luidens artikel 10 van het koninklijk besluit van 26 oktober 2007 tot Aux termes de l'article 10 de l'arrêté royal du 26 octobre 2007 fixant
vaststelling van het tarief van de rechtsplegingsvergoeding bedoeld in
artikel 1022 van het Gerechtelijk Wetboek en tot vaststelling van de le tarif des indemnités de procédure visées à l'article 1022 du Code
judiciaire et fixant la date d'entrée en vigueur des articles 1er à 13
de la loi du 21 avril 2007 relative à la répétibilité des honoraires
datum van inwerkingtreding van de artikelen 1 tot 13 van de wet van 21 et des frais d'avocat, les articles 1er à 13 de la loi précitée du 21
april 2007 betreffende de verhaalbaarheid van de erelonen en de kosten avril 2007 entrent en vigueur le 1er janvier 2008.
verbonden aan de bijstand van de advocaat treden de artikelen 1 tot 13
van voormelde wet van 21 april 2007 in werking op 1 januari 2008.
B.3.3. Uit wat voorafgaat vloeit voort dat artikel 128, tweede lid, B.3.3. Il découle de ce qui précède que l'article 128, alinéa 2, du
van het Wetboek van strafvordering, zoals ingevoegd bij artikel 8 van Code d'instruction criminelle, tel qu'il a été inséré par l'article 8
de wet van 21 april 2007, van toepassing is op de zaken die hangende de la loi du 21 avril 2007, s'applique aux affaires en cours au 1er
zijn op 1 januari 2008. janvier 2008.
B.4. Artikel 13 van de wet van 21 april 2007 werd als volgt B.4. L'article 13 de la loi du 21 avril 2007 a été justifié comme suit
verantwoord : :
« Er wordt voorgesteld om de toekomstige wet van toepassing te maken « Il est proposé de rendre la future loi applicable aux affaires en
op de lopende zaken, zodra zij in werking treedt. Het arrest van het cours dès son entrée en vigueur. En effet, l'arrêt de la Cour de
Hof van Cassatie van 2 september 2004 heeft immers een belangrijke cassation du 2 septembre 2004 a créé une grande insécurité juridique,
rechtsonzekerheid geschapen, zowel voor de nieuwe zaken als voor de qui touche tant les nouvelles affaires que les affaires qui étaient en
zaken die lopende waren op het moment dat het arrest uitgesproken cours au moment de son prononcé. Depuis lors, les parties demandent de
werd. Sedertdien vragen de partijen systematisch het toepassen van de manière systématique l'application de la répétibilité au juge, sans
verhaalbaarheid aan de rechter, zonder dat die (noch de partijen) ter pour autant que celui-ci (ni les parties) dispose de règles claires et
zake over duidelijke en precieze regels beschikt. Dat is precies het précises en la matière. Tel est précisément l'objet de la présente
voorwerp van dit voorstel. Het lijkt derhalve uit het oogpunt van
gelijkheid en non-discriminatie opportuun om te voorzien dat de proposition. Dès lors, et dans un souci d'égalité et de non
partijen op een identieke manier zullen behandeld worden bij de vraag discrimination, il apparaît opportun de prévoir que les parties seront
over de verhaalbaarheid, onafhankelijk van de datum waarop de zaak traitées de manière identique relativement à la question de la
werd ingeleid. Het is in ieder geval van belang dat er zo snel répétibilité, indépendamment de la date à laquelle l'affaire a été
mogelijk een einde wordt gemaakt aan de rechtsonzekerheid die introduite. Il importe en tout état de cause de mettre fin au plus
veroorzaakt werd door het arrest van september 2004 » (Parl. St., vite à l'insécurité juridique générée par l'arrêt de septembre 2004 »
Senaat, 2006-2007, nr. 3-1686/4, p. 7). (Doc. parl., Sénat, 2006-2007, n° 3-1686/4, p. 7).
B.5. Het staat in beginsel aan de wetgever de inwerkingtreding van een B.5. Il appartient en principe au législateur de régler l'entrée en
nieuwe wet te regelen en te beslissen of er overgangsmaatregelen
moeten worden genomen. Uit de hiervoor geciteerde parlementaire vigueur d'une loi nouvelle et de décider s'il y a lieu d'adopter des
voorbereiding blijkt dat de wetgever ter zake snel wilde optreden om mesures transitoires. Il ressort des travaux préparatoires précités
een einde te maken aan de onzekerheden die zijn ontstaan na de que le législateur entendait intervenir rapidement en cette matière,
rechtspraak van het Hof van Cassatie. In die context is de pour mettre un terme aux incertitudes découlant de la jurisprudence de
onmiddellijke toepassing van de in het geding zijnde bepaling een la Cour de cassation. Dans ce contexte, l'application immédiate de la
pertinente maatregel om, ten aanzien van alle rechtzoekenden, een disposition en cause est une mesure pertinente pour mettre un terme, à
einde te maken aan de ontwikkeling van een uiteenlopende rechtspraak l'égard de tous les justiciables, au développement de jurisprudences
die derhalve ongelijkheden inhield ten aanzien van het beginsel van de divergentes et dès lors inégalitaires quant au principe de la
verhaalbaarheid en de bedragen die konden worden toegewezen. B.6. Ermee rekening houdend dat de wetgever de verhaalbaarheid heeft omlijnd en dat de rechter op verzoek van de partijen de rechtsplegingsvergoeding kan verminderen, met name wanneer hij van oordeel is dat de situatie « kennelijk onredelijk » is, heeft de onmiddellijke toepassing van de in het geding zijnde bepaling geen onevenredige gevolgen voor de partijen die op het ogenblik van de inwerkingtreding ervan bij hangende gerechtelijke procedures betrokken zijn. B.7. De eerste prejudiciële vraag dient ontkennend te worden beantwoord. Ten aanzien van de tweede prejudiciële vraag B.8. De tweede prejudiciële vraag betreft de bestaanbaarheid van répétibilité et aux montants qui pouvaient être alloués. B.6. Compte tenu de ce que le législateur a encadré la répétibilité et que le juge peut, à la demande des parties, diminuer l'indemnité de procédure notamment lorsqu'il estime que la situation est « manifestement déraisonnable », l'application immédiate de la disposition en cause n'entraîne pas d'effets disproportionnés pour les parties engagées dans des procédures judiciaires pendantes au moment de son entrée en vigueur. B.7. La première question préjudicielle appelle une réponse négative. Quant à la seconde question préjudicielle B.8. La seconde question préjudicielle porte sur la compatibilité de
artikel 128, tweede lid, van het Wetboek van strafvordering met de l'article 128, alinéa 2, du Code d'instruction criminelle avec les
artikelen 10 en 11 van de Grondwet in zoverre, wanneer het onderzoek articles 10 et 11 de la Constitution, en ce que, lorsque l'instruction
wordt ingeleid door de burgerlijke partijstelling in handen van de est mise en mouvement par la constitution de partie civile entre les
onderzoeksrechter en de raadkamer tot de buitenvervolgingstelling mains du juge d'instruction et que la chambre du conseil conclut au
besluit, de burgerlijke partij wordt veroordeeld tot het betalen van non-lieu, la partie civile est condamnée au paiement d'une indemnité
een rechtsplegingsvergoeding, terwijl dit niet het geval is wanneer de procédure, alors que tel n'est pas le cas lorsque l'instruction a
het onderzoek door het openbaar ministerie is opgestart en de été mise en mouvement par le ministère public et que la personne lésée
benadeelde zich vervolgens burgerlijke partij stelt. se constitue ensuite partie civile.
B.9.1. Artikel 8 van de wet van 21 april 2007, dat de in het geding B.9.1. L'article 8 de la loi du 21 avril 2007, qui a inséré la
zijnde bepaling in artikel 128 van het Wetboek van strafvordering disposition en cause dans l'article 128 du Code d'instruction
heeft ingevoegd, is het resultaat van een regeringsamendement dat als criminelle, est le résultat d'un amendement du Gouvernement, qui a été
volgt werd verantwoord : justifié comme suit :
« Dit artikel vult artikel 128 aan van het Wetboek van strafvordering, « Cet article complète l'article 128 du Code d'instruction criminelle
teneinde de veroordeling mogelijk te maken van de in het ongelijk afin de rendre possible la condamnation de la partie civile qui
gestelde burgerlijke partij tot het aan de inverdenkinggestelde succombe envers l'inculpé à l'indemnité de procédure devant la Chambre
betalen van de rechtsplegingsvergoeding voor de raadkamer, maar alleen du Conseil, mais seulement lorsque c'est la partie civile qui a mis
wanneer het de burgerlijke partij is die het onderzoek heeft opgestart l'instruction en marche en se constituant partie civile en mains du
door zich in handen van de onderzoeksrechter burgerlijke partij te juge d'instruction. Si elle s'est par contre simplement greffée sur
stellen. Indien de burgerlijke partijstelling daarentegen zich gewoon une instruction en cours, la condamnation à l'indemnité de procédure
toevoegt aan een lopend onderzoek, zal een veroordeling tot het ne sera pas possible, conformément à ce qui est précisé dans la
betalen van de rechtsplegingsvergoeding niet mogelijk zijn, in
overeenstemming met hetgeen gepreciseerd is in de verantwoording van
het amendement nr. 18 » (Parl. St., Senaat, 2006-2007, nr. 3-1686/4, justification de l'amendement n° 18 » (Doc. parl., Sénat, 2006-2007,
p. 5). n° 3-1686/4, p. 5).
B.9.2. Het amendement nr. 18, waarnaar wordt verwezen, was als volgt B.9.2. L'amendement n° 18 auquel il est fait référence a été justifié
verantwoord : comme suit :
« De vraag werd opgeworpen inzake de toepassing van de verhaalbaarheid « La question de l'application de la répétibilité devant les
bij de strafgerechten. Momenteel is het systeem van de juridictions répressives a été soulevée. A l'heure actuelle, le
rechtsplegingsvergoedingen niet van toepassing bij deze jurisdicties. système des indemnités de procédure est inapplicable devant ces juridictions.
Alhoewel beide proceduretypes, strafrechtelijke en burgerlijke, Néanmoins, et bien que les deux types de procédures, pénale et civile,
verschillende karakteristieken hebben, lijkt het meer conform te zijn présentent des caractéristiques différentes, il apparaît plus conforme
met de principes van gelijkheid en non-discriminatie dat men de aux principes d'égalité et de non-discrimination de traiter de manière
rechtsonderhorigen die het herstel vragen van een schade voor een identique les justiciables qui sollicitent la réparation d'un dommage
burgerlijke of een strafrechtelijke jurisdictie op gelijke voet zou devant une juridiction civile ou une juridiction répressive.
behandelen. Overeenstemmend met het advies van de Orden van advocaten en van de Conformément à l'avis des Ordres d'avocats et du Conseil supérieur de
Hoge Raad voor de Justitie, wordt voorgesteld het systeem van de la Justice, il est proposé d'étendre le système de la répétibilité
verhaalbaarheid uit te breiden tot de relaties tussen de beklaagde (of dans les relations entre le prévenu (ou l'accusé) et la partie civile.
de beschuldigde) en de burgerlijke partij. Indien de beklaagde dan Dès lors, si le prévenu est condamné à indemniser la partie civile, il
veroordeeld wordt tot het vergoeden van de burgerlijke partij, zal hij sera également condamné à l'indemnité de procédure prévue à l'article
eveneens veroordeeld worden tot het betalen van de
rechtsplegingsvergoeding voorzien in artikel 1022 van het Gerechtelijk 1022 du Code judiciaire, laquelle sera liquidée dans le jugement. Au
Wetboek, die zal bepaald worden in het vonnis. Indien de beklaagde contraire, si le prévenu est acquitté, c'est la partie civile qui sera
daarentegen wordt vrijgesproken, zal de burgerlijke partij die condamnée à lui payer cette indemnité. Néanmoins, un tempérament
vergoeding aan hem moeten betalen. Er werd ter zake echter een important a été prévu en la matière, lié à la nature particulière de
belangrijke matiging voorzien, die verbonden is met de bijzondere aard la procédure pénale. La partie civile ne pourra être condamnée à
van de strafprocedure. De burgerlijke partij zal alleen kunnen l'indemnité de procédure que si c'est elle-même qui a mis l'action
veroordeeld worden tot het betalen van de rechtsplegingsvergoeding publique en mouvement au moyen d'une citation directe. En effet,
indien zij zelf de strafvordering heeft doen opstarten door middel van lorsque c'est le ministère public qui initie l'action publique, la
een rechtstreekse dagvaarding. Wanneer het openbaar ministerie de partie civile ne fait que se greffer à la procédure, et n'est pas la
strafvordering opstart voegt de burgerlijke partij zich daar alleen cause de celle-ci. Si elle échoue dans ses prétentions, elle ne peut
maar bij en is zij er niet de oorzaak van. Indien haar eisen niet pas être tenue pour responsable de celle-ci à l'égard du prévenu, et
ingewilligd worden, kan ze hiervoor niet aansprakelijk gesteld worden ne peut par conséquent pas être condamnée à l'indemniser pour les
ten aanzien van de beklaagde en bijgevolg ook niet veroordeeld worden frais de procédure engendrés à cette occasion. De même, si l'action
om die te vergoeden voor de procedurekosten die bij die gelegenheid publique est mise en mouvement au moyen d'une constitution de partie
zijn ontstaan. Indien de strafvordering wordt opgestart doordat men civile en mains d'un juge d'instruction, et que la chambre du conseil
zich burgerlijke partij stelde in handen van de onderzoeksrechter en (ou la chambre des mises en accusation) décide du renvoi devant une
de raadkamer (of de Kamer van inbeschuldigingstelling) beslist om de juridiction de fond, la partie civile ne pourra pas non plus être
zaak voor een rechtbank te verwijzen, zal de burgerlijke partij evenmin kunnen veroordeeld worden tot het betalen van de rechtsplegingsvergoeding indien ze door die rechtbank in het ongelijk wordt gesteld. Alhoewel in dat geval de burgerlijke partij aan de oorsprong ligt van de procedure, is het niet zij, maar een rechtbank die beslist over het voortzetten ervan. Indien daarentegen, en bij dezelfde hypothese, de raadkamer (of de Kamer van inbeschuldigingstelling in beroep) van mening is dat er niet moet worden vervolgd, zal de burgerlijke partij kunnen veroordeeld worden tot het betalen van de rechtsplegingsvergoeding aan de inverdenkinggestelde, aangezien zij zelf de strafvordering op gang heeft gebracht, maar zonder succes. condamnée à l'indemnité de procédure si elle échoue devant la juridiction de fond. Dans ce cas en effet, si la partie civile est à l'origine de la procédure, ce n'est pas elle qui a décidé de sa poursuite, mais bien une juridiction. Par contre, toujours dans cette même hypothèse, si la chambre du Conseil (ou la chambre des mises en accusation en degré d'appel) estime qu'il n'y a pas lieu à poursuite, la partie civile pourra être condamnée à l'indemnité de procédure envers l'inculpé, puisque ici, elle a précisément mis l'action publique en mouvement, mais sans succès. Il est fait référence dans les amendements qui suivent à l'article
Er wordt in de volgende amendementen verwezen naar artikel 1022 van 1022 du Code judiciaire, de telle sorte que les critères
het Gerechtelijk Wetboek, zodat de beoordelingscriteria die daarin
vastgelegd zijn, dezelfde zullen zijn in burgerlijke als in d'appréciations qui y sont fixés seront les mêmes au civil qu'au
strafrechtelijke zaken, met name het criterium van de kennelijk pénal, notamment le critère de la situation manifestement
onredelijke situatie » (Parl. St., Senaat, 2006-2007, nr. 3-1686/4, pp. 8-9). B.10. Het is verantwoord dat de burgerlijke partij slechts tot de betaling van de rechtsplegingsvergoeding aan de vrijgesproken beklaagde of aan de inverdenkinggestelde die een buitenvervolgingstelling geniet, wordt veroordeeld wanneer zij zelf de strafvordering op gang heeft gebracht en niet wanneer zij haar vordering heeft doen aansluiten bij een door het openbaar ministerie ingestelde strafvordering of wanneer een onderzoeksgerecht de verwijzing van de beklaagde naar een vonnisgerecht heeft bevolen. In die gevallen, indien de eisen van de burgerlijke partij « niet déraisonnable » (Doc. parl., Sénat, 2006-2007, n° 3-1686/4, pp. 8-9). B.10. Il est justifié que la partie civile ne soit condamnée à payer l'indemnité de procédure au prévenu acquitté ou à l'inculpé bénéficiant d'un non-lieu que quand c'est elle qui a mis l'action publique en mouvement, et non quand elle a greffé son action sur une action publique menée par le ministère public ou quand une juridiction d'instruction a ordonné le renvoi du prévenu devant une juridiction de jugement. En effet, dans ces hypothèses, si la partie civile « échoue
ingewilligd worden, kan ze [voor de strafprocedure] niet aansprakelijk dans ses prétentions, elle ne peut pas être tenue pour responsable de
gesteld worden ten aanzien van de beklaagde en bijgevolg ook niet [la procédure pénale] à l'égard du prévenu, et ne peut par conséquent
veroordeeld worden om die te vergoeden voor de procedurekosten die bij pas être condamnée à l'indemniser pour les frais de procédure
die gelegenheid zijn ontstaan » (Parl. St., Senaat, 2006-2007, nr. engendrés à cette occasion » (Doc. parl., Sénat, 2006-2007, n°
3-1686/4, pp. 8-9; Parl. St., Kamer, 2006-2007, DOC 51-2891/002, p. 3-1686/4, pp. 8-9; Doc. parl., Chambre, 2006-2007, DOC 51-2891/002, p.
6). 6).
B.11. De tweede prejudiciële vraag dient ontkennend te worden beantwoord. B.11. La seconde question préjudicielle appelle une réponse négative.
Om die redenen, Par ces motifs,
het Hof la Cour
zegt voor recht : dit pour droit :
Artikel 128, tweede lid, van het Wetboek van strafvordering, zoals L'article 128, alinéa 2, du Code d'instruction criminelle, tel qu'il a
ingevoegd bij artikel 8 van de wet van 21 april 2007 betreffende de été inséré par l'article 8 de la loi du 21 avril 2007 relative à la
verhaalbaarheid van de erelonen en de kosten verbonden aan de bijstand répétibilité des honoraires et des frais d'avocat, ne viole pas les
van een advocaat, schendt de artikelen 10 en 11 van de Grondwet niet. articles 10 et 11 de la Constitution.
Aldus uitgesproken in het Nederlands en het Frans, overeenkomstig Ainsi prononcé en langue néerlandaise et en langue française,
artikel 65 van de bijzondere wet van 6 januari 1989, op de openbare conformément à l'article 65 de la loi spéciale du 6 janvier 1989, à
terechtzitting van 11 maart 2009. l'audience publique du 11 mars 2009.
De griffier, Le greffier,
P.-Y. Dutilleux. P.-Y. Dutilleux.
De voorzitter, Le président,
M. Bossuyt. M. Bossuyt.
^