Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Arrest van --
← Terug naar "Uittreksel uit arrest nr. 12/2009 van 21 januari 2009 Rolnummer 4418 In zake : de prejudiciële vraag over artikel 301, § 2, tweede en derde lid, van het Burgerlijk Wetboek, zoals gewijzigd bij artikel 7 van de wet van 27 april 2007 bet Het Grondwettelijk Hof, samengesteld uit de voorzitters M. Bossuyt en M. Melchior, en de rechter(...)"
Uittreksel uit arrest nr. 12/2009 van 21 januari 2009 Rolnummer 4418 In zake : de prejudiciële vraag over artikel 301, § 2, tweede en derde lid, van het Burgerlijk Wetboek, zoals gewijzigd bij artikel 7 van de wet van 27 april 2007 bet Het Grondwettelijk Hof, samengesteld uit de voorzitters M. Bossuyt en M. Melchior, en de rechter(...) Extrait de l'arrêt n° 12/2009 du 21 janvier 2009 Numéro du rôle : 4418 En cause : la question préjudicielle relative à l'article 301, § 2, alinéas 2 et 3, du Code civil, tel qu'il a été modifié par l'article 7 de la loi du 27 avril 200 La Cour constitutionnelle, composée des présidents M. Bossuyt et M. Melchior, et des juges P. Ma(...)
GRONDWETTELIJK HOF COUR CONSTITUTIONNELLE
Uittreksel uit arrest nr. 12/2009 van 21 januari 2009 Extrait de l'arrêt n° 12/2009 du 21 janvier 2009
Rolnummer 4418 Numéro du rôle : 4418
In zake : de prejudiciële vraag over artikel 301, § 2, tweede en derde En cause : la question préjudicielle relative à l'article 301, § 2,
lid, van het Burgerlijk Wetboek, zoals gewijzigd bij artikel 7 van de alinéas 2 et 3, du Code civil, tel qu'il a été modifié par l'article 7
wet van 27 april 2007 betreffende de hervorming van de echtscheiding, de la loi du 27 avril 2007 réformant le divorce, posée par le Tribunal
gesteld door de Rechtbank van eerste aanleg te Turnhout. de première instance de Turnhout.
Het Grondwettelijk Hof, La Cour constitutionnelle,
samengesteld uit de voorzitters M. Bossuyt en M. Melchior, en de composée des présidents M. Bossuyt et M. Melchior, et des juges P.
rechters P. Martens, L. Lavrysen, J.-P. Moerman, J. Spreutels en T. Martens, L. Lavrysen, J.-P. Moerman, J. Spreutels et T. Merckx-Van
Merckx-Van Goey, bijgestaan door de griffier P.-Y. Dutilleux, onder Goey, assistée du greffier P.-Y. Dutilleux, présidée par le président
voorzitterschap van voorzitter M. Bossuyt, M. Bossuyt,
wijst na beraad het volgende arrest : après en avoir délibéré, rend l'arrêt suivant :
I. Onderwerp van de prejudiciële vraag en rechtspleging I. Objet de la question préjudicielle et procédure
Bij vonnis van 17 januari 2008 in zake J.B. tegen B.V., waarvan de Par jugement du 17 janvier 2008 en cause de J.B. contre B.V., dont
expeditie ter griffie van het Hof is ingekomen op 23 januari 2008, l'expédition est parvenue au greffe de la Cour le 23 janvier 2008, le
heeft de Rechtbank van eerste aanleg te Turnhout aan het Hof gevraagd Tribunal de première instance de Turnhout a demandé à la Cour de :
: « De compatibiliteit van artikel 301, § 2, lid 2 en lid 3, van het « Vérifier si l'article 301, § 2, alinéas 2 et 3, du Code civil est
Burgerlijk Wetboek met de grondwettelijke gelijkheidsbepalingen na te compatible avec les dispositions constitutionnelles d'égalité et, plus
particulièrement, si la distinction opérée à l'article 301, § 2,
gaan, en meer bepaald of het onderscheid in artikel 301, § 2, lid 2 en alinéas 2 et 3, entre, d'une part, le créancier d'aliments ayant
3, tussen enerzijds de onderhoudsschuldeiser die een zware fout beging commis une faute grave qui ne saurait être assimilée à la condamnation
die niet gelijk te stellen is met de in lid 3 gekwalificeerde pénale qualifiée à l'alinéa 3 et, d'autre part, le créancier
strafrechtelijke veroordeling en anderzijds de onderhoudsschuldeiser d'aliments qui a encouru une condamnation pénale telle qu'elle est
die een strafrechtelijke veroordeling opliep zoals gekwalificeerd in qualifiée à l'alinéa 3, n'est pas discriminatoire de manière
lid 3, niet ongerechtvaardigd discriminatoir is ». injustifiée ».
(...) (...)
III. In rechte III. En droit
(...) (...)
B.1.1. Artikel 301, § 2, van het Burgerlijk Wetboek luidt als volgt : B.1.1. L'article 301, § 2, du Code civil est ainsi rédigé :
« Bij gebrek aan overeenkomst zoals bedoeld in § 1, kan de rechtbank « A défaut de la convention visée au § 1er, le tribunal peut, dans le
in het vonnis dat de echtscheiding uitspreekt of bij een latere jugement prononçant le divorce ou lors d'une décision ultérieure,
beslissing, op verzoek van de behoeftige echtgenoot een uitkering tot accorder, à la demande de l'époux dans le besoin, une pension
levensonderhoud toestaan ten laste van de andere echtgenoot. alimentaire à charge de l'autre époux.
De rechtbank kan het verzoek om een uitkering weigeren indien de Le tribunal peut refuser de faire droit à la demande de pension si le
verweerder bewijst dat verzoeker een zware fout heeft begaan die de défendeur prouve que le demandeur a commis une faute grave ayant rendu
voortzetting van de samenleving onmogelijk heeft gemaakt. impossible la poursuite de la vie commune.
In geen geval wordt de uitkering tot levensonderhoud toegekend aan de En aucun cas, la pension alimentaire n'est accordée au conjoint
echtgenoot die schuldig werd bevonden aan een in de artikelen 375, 398 reconnu coupable d'un fait visé aux articles 375, 398 à 400, 402, 403
tot 400, 402, 403 of 405 van het Strafwetboek bedoeld feit dat is ou 405 du Code pénal, commis contre la personne du défendeur, ou d'une
gepleegd tegen de persoon van de verweerder of aan een poging tot het
plegen van een in de artikelen 375, 393, 394 of 397 van hetzelfde tentative de commettre un fait visé aux articles 375, 393, 394 ou 397
Wetboek bedoeld feit tegen diezelfde persoon. du même Code contre cette même personne.
In afwijking van artikel 4 van de voorafgaande titel van het Wetboek Par dérogation à l'article 4 du titre préliminaire du Code de
van strafvordering kan de rechter in afwachting dat de beslissing over procédure pénale, le juge peut, en attendant que la décision sur
de strafvordering in kracht van gewijsde is getreden, aan de verzoeker l'action publique soit coulée en force de chose jugée, allouer au
een provisionele uitkering toekennen, hierbij rekening houdend met demandeur une pension provisionnelle, en tenant compte de toutes les
alle omstandigheden van de zaak. Hij kan het toekennen van deze circonstances de la cause. Il peut subordonner l'octroi de cette
provisionele uitkering ondergeschikt maken aan het stellen van een pension provisionnelle à la constitution d'une garantie qu'il
waarborg die hij bepaalt en waarvoor hij de nadere regels vaststelt ». détermine et dont il fixe les modalités ».
B.1.2. Het Hof wordt door de verwijzende rechter ondervraagd over de B.1.2. Le juge a quo interroge la Cour sur la compatibilité de
bestaanbaarheid met de artikelen 10 en 11 van de Grondwet van het l'alinéa 3 de cette disposition avec les articles 10 et 11 de la
derde lid van die bepaling. Constitution.
De in het geding zijnde bepaling bevat een absolute uitsluitingsgrond La disposition en cause contient une cause d'exclusion absolue
van de uitkering tot levensonderhoud na echtscheiding voor personen d'octroi d'une pension alimentaire après divorce aux personnes qui ont
die een strafrechtelijke veroordeling hebben opgelopen wegens een van encouru une condamnation pénale en raison de l'une des infractions de
de daarin opgesomde geweldmisdrijven, indien de feiten werden gepleegd violence qu'elle énumère, si les faits ont été commis sur
tegen de gewezen echtgenoot van wie de uitkering wordt gevorderd. l'ex-conjoint à qui la pension est demandée.
B.1.3. In het bodemgeschil werd opgeworpen dat onderhoudsschuldeisers B.1.3. Dans le litige au fond, il a été soutenu que les créanciers
op wie de in het geding zijnde uitsluitingsgrond wordt toegepast, d'aliments qui se voient appliquer la cause d'exclusion prévue par la
worden gediscrimineerd ten opzichte van de onderhoudsschuldeisers op disposition en cause sont discriminés par rapport aux créanciers
wie de uitsluitingsgrond van artikel 301, § 2, tweede lid, van het d'aliments auxquels est appliquée la cause d'exclusion de l'article
Burgerlijk Wetboek wordt toegepast. Het onderscheid zou volgens de 301, § 2, alinéa 2, du Code civil. Selon le défendeur au fond
verweerder in het bodemgeschil (eiser op tegeneis) tot uiting komen in (demandeur sur reconvention), la distinction s'exprimerait dans le
het absolute karakter van de in het geding zijnde uitsluitingsgrond, caractère absolu de la cause d'exclusion litigieuse, dans le caractère
in het eeuwigdurende karakter ervan, en in de manier waarop de in het perpétuel de celle-ci et dans la manière dont la disposition en cause
geding zijnde bepaling van toepassing is op lichte fouten. s'applique aux fautes légères.
Met name zou de afwezigheid van een rechterlijke beoordeling in de L'absence, notamment, d'une marge d'appréciation pour le juge
hypothese van de in het geding zijnde bepaling het beginsel van violerait le principe d'égalité et de non-discrimination dans
gelijkheid en niet-discriminatie schenden, doordat geen rekening kan l'hypothèse de la disposition en cause, en ce qu'il ne peut être tenu
worden gehouden met verzachtende omstandigheden of met verzoening na compte de circonstances atténuantes ou de la réconciliation après les
de feiten, terwijl de rechter dergelijke omstandigheden wel zou kunnen faits, alors que le juge pourrait examiner de telles circonstances
onderzoeken in het kader van de uitsluitingsgrond waarin artikel 301, dans le cadre de la cause d'exclusion prévue par l'article 301, § 2,
§ 2, tweede lid, van het Burgerlijk Wetboek voorziet. alinéa 2, du Code civil.
B.2. Bij arrest van 24 september 2008 bevestigt het Hof van Beroep te B.2. Par son arrêt du 24 septembre 2008, la Cour d'appel d'Anvers a
Antwerpen het vonnis waarbij de prejudiciële vraag werd gesteld in confirmé le jugement posant la question préjudicielle en ce que le
zoverre dat de echtscheiding had uitgesproken op grond van artikel divorce a été prononcé sur la base de l'article 229, § 1er, du Code
229, § 1, van het Burgerlijk Wetboek, maar verklaart het incidenteel civil, mais a déclaré fondé l'appel incident quant à la demande
beroep inzake de tegeneis gegrond, in zoverre dat vonnis betreffende reconventionnelle, en ce que le jugement attaqué a posé une question
de in het geding zijnde bepaling een prejudiciële vraag had gesteld préjudicielle à la Cour constitutionnelle concernant la disposition en
aan het Grondwettelijk Hof. cause.
B.3. Het komt het Grondwettelijk Hof niet toe na te gaan of, door een B.3. Il n'appartient pas à la Cour constitutionnelle d'apprécier si,
vonnis teniet te doen waarin een prejudiciële vraag werd gesteld, het en réformant un jugement qui lui posait une question préjudicielle, la
Hof van Beroep te Antwerpen artikel 29, § 1, van de bijzondere wet van Cour d'appel d'Anvers a violé l'article 29, § 1er, de la loi spéciale
6 januari 1989 heeft geschonden, volgens hetwelk « tegen de beslissing du 6 janvier 1989, selon lequel « en tant qu'elle pose une question
van een rechtscollege [...], in zover dit aan het [Hof] een préjudicielle à la Cour [...], la décision d'une juridiction n'est
prejudiciële vraag stelt, geen enkel rechtsmiddel [kan] worden aangewend ». susceptible d'aucun recours ».
B.4. Aangezien het vonnis waarin aan het Hof een vraag werd gesteld, B.4. Dès lors que le jugement qui interrogeait la Cour a été réformé,
teniet is gedaan, dient de zaak van de rol te worden geschrapt. l'affaire doit être rayée du rôle.
Om die redenen, Par ces motifs,
het Hof la Cour
beveelt de doorhaling van de inschrijving van de zaak op de rol. ordonne de rayer l'affaire du rôle.
Aldus uitgesproken in het Nederlands en het Frans, overeenkomstig Ainsi prononcé en langue néerlandaise et en langue française,
artikel 65 van de bijzondere wet van 6 januari 1989, op de openbare conformément à l'article 65 de la loi spéciale du 6 janvier 1989, à
terechtzitting van 21 januari 2009. l'audience publique du 21 janvier 2009.
De griffier, Le greffier,
P.-Y. Dutilleux. P.-Y. Dutilleux.
De voorzitter, Le président,
M. Bossuyt. M. Bossuyt.
^