← Terug naar "Uittreksel uit arrest nr. 178/2002 van 5 december 2002 Rolnummer 2281 In zake :
de prejudiciële vraag betreffende artikel 15, § 2, van het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli
1967 houdende inrichting van het sociaal statuut der zelf Het Arbitragehof, samengesteld uit de voorzitters M. Melchior en A.
Arts, en de rechters L. Fra(...)"
Uittreksel uit arrest nr. 178/2002 van 5 december 2002 Rolnummer 2281 In zake : de prejudiciële vraag betreffende artikel 15, § 2, van het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967 houdende inrichting van het sociaal statuut der zelf Het Arbitragehof, samengesteld uit de voorzitters M. Melchior en A. Arts, en de rechters L. Fra(...) | Extrait de l'arrêt n° 178/2002 du 5 décembre 2002 Numéro du rôle : 2281 En cause : la question préjudicielle relative à l'article 15, § 2, de l'arrêté royal n° 38 du 27 juillet 1967 organisant le statut social des travailleurs indépe La Cour d'arbitrage, composée des présidents M. Melchior et A. Arts, et des juges L. François, (...) |
---|---|
ARBITRAGEHOF | COUR D'ARBITRAGE |
Uittreksel uit arrest nr. 178/2002 van 5 december 2002 | Extrait de l'arrêt n° 178/2002 du 5 décembre 2002 |
Rolnummer 2281 | Numéro du rôle : 2281 |
In zake : de prejudiciële vraag betreffende artikel 15, § 2, van het | En cause : la question préjudicielle relative à l'article 15, § 2, de |
koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967 houdende inrichting van het | l'arrêté royal n° 38 du 27 juillet 1967 organisant le statut social |
sociaal statuut der zelfstandigen, gesteld door de Arbeidsrechtbank te | des travailleurs indépendants, posée par le Tribunal du travail de |
Charleroi. | Charleroi. |
Het Arbitragehof, | La Cour d'arbitrage, |
samengesteld uit de voorzitters M. Melchior en A. Arts, en de rechters | composée des présidents M. Melchior et A. Arts, et des juges L. |
L. François, P. Martens, R. Henneuse, M. Bossuyt, L. Lavrysen, A. | François, P. Martens, R. Henneuse, M. Bossuyt, L. Lavrysen, A. Alen, |
Alen, J.-P. Moerman en E. Derycke, bijgestaan door de griffier L. | J.-P. Moerman et E. Derycke, assistée du greffier L. Potoms, présidée |
Potoms, onder voorzitterschap van voorzitter M. Melchior, | par le président M. Melchior, |
wijst na beraad het volgende arrest : | après en avoir délibéré, rend l'arrêt suivant : |
I. Onderwerp van de prejudiciële vraag | I. Objet de la question préjudicielle |
Bij vonnis van 25 oktober 2001 in zake G. Dhondt tegen de v.z.w. De | Par jugement du 25 octobre 2001 en cause de G. Dhondt contre |
Sociale Verzekeringsbond, waarvan de expeditie ter griffie van het | l'a.s.b.l. Les assurances sociales confédérées, dont l'expédition est |
Arbitragehof is ingekomen op 29 oktober 2001, heeft de | parvenue au greffe de la Cour d'arbitrage le 29 octobre 2001, le |
Arbeidsrechtbank te Charleroi de volgende prejudiciële vraag gesteld : | Tribunal du travail de Charleroi a posé la question préjudicielle suivante : |
« Schendt artikel 15, § 2, van het koninklijk besluit nr. 32 [lees : | « L'article 15, § 2, de l'arrêté royal n° 32 [lire :38] du 27 juillet |
38] van 27 juli 1967 de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, doordat | 1967, en ce qu'il dispense du paiement (' cette cotisation n'est pas |
het de zelfstandige vrijstelt van het betalen (' deze bijdrage is | due... ') de la cotisation du trimestre dans le courant duquel se |
[...] niet verschuldigd [...] ') van de bijdrage voor het kwartaal | situe la fin d'activité professionnelle le travailleur indépendant |
waarin hij zijn beroepsbezigheid stopzet, indien hij tijdens dat | qui, pendant celui-ci, atteint l'âge de la pension ou obtient, en |
kwartaal de pensioengerechtigde leeftijd bereikt of als zelfstandige | qualité de travailleur indépendant, une pension de retraite anticipée |
een vervroegd rustpensioen verkrijgt, en diegene die zijn | et ne dispense pas du même paiement celui qui, ayant poursuivi son |
beroepsbezigheid na de pensioengerechtigde leeftijd heeft voortgezet | activité professionnelle passé l'âge de la pension, met ensuite fin à |
en die vervolgens stopzet, niet vrijstelt van het betalen ervan ? » | celle-ci, viole-t-il les articles 10 et 11 de la Constitution ? » |
(...) | (...) |
IV. In rechte | IV. En droit |
(...) | (...) |
B.1. Artikel 15 van het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967 | B.1. L'article 15 de l'arrêté royal n° 38 du 27 juillet 1967 |
houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen bepaalt : | organisant le statut social des travailleurs indépendants dispose : |
« § 1. De bijdragen zijn verschuldigd bij vierden in de loop van ieder | « § 1er. Les cotisations sont dues par quart dans le courant de chaque |
kalenderkwartaal; ze worden geïnd door de sociale verzekeringskas | trimestre civil; elles sont perçues par la caisse d'assurances |
bedoeld in artikel 20, § 1, of § 3, waarbij de onderworpene is aangesloten. De Koning bepaalt de wijze waarop de driemaandelijkse bijdragen worden geïnd. De zelfstandige is, samen met de helper, hoofdelijk gehouden tot de betaling van de door deze laatste verschuldigde bijdragen. Hetzelfde geldt voor de rechtspersonen voor de bijdragen verschuldigd door hun vennoten of mandatarissen. Wanneer de echtgenoot-helper is onderworpen in de plaats van zijn echtgenote, is deze laatste hoofdelijk gehouden tot betaling van de bijdragen welke haar man verschuldigd is. In de gevallen voorzien in de twee voorgaande alinea's kunnen de bijdragen gevorderd worden van de hoofdelijk aansprakelijke personen, | sociales visée à l'article 20, § 1er ou § 3, à laquelle l'assujetti est affilié. Le Roi fixe le mode de perception des cotisations trimestrielles. Le travailleur indépendant est tenu, solidairement avec l'aidant, au paiement des cotisations dont ce dernier est redevable; il en est de même des personnes morales, en ce qui concerne les cotisations dues par leurs associés ou mandataires. Lorsque le mari-aidant est assujetti en lieu et place de son épouse, cette dernière est tenue solidairement au paiement des cotisations dont son mari est redevable. Dans les cas visés aux deux alinéas précédents, les cotisations peuvent être réclamées aux personnes solidairement responsables, même |
zelfs indien de onderworpene vrijstelling heeft bekomen bij beslissing | si l'assujetti a obtenu une dispense par décision de la commission |
van de Commissie bedoeld in artikel 22. | visée à l'article 22. |
§ 2. De driemaandelijkse bijdrage is verschuldigd voor de vier | § 2. La cotisation trimestrielle est due pour les quatre trimestres de |
kwartalen van het kalenderjaar, waarin de beroepsbezigheid gelegen is | l'année civile au cours de laquelle se situe l'activité |
die de onderwerping aan dit besluit meebrengt. | professionnelle entraînant l'assujettissement au présent arrêté. |
Deze bijdrage is nochtans niet verschuldigd : | Toutefois, cette cotisation n'est pas due : |
1° vóór het kwartaal tijdens hetwelk de bezigheid als zelfstandige een | 1° avant le trimestre au cours duquel a débuté l'activité en qualité |
aanvang nam, noch na het kwartaal tijdens hetwelk aan deze bezigheid | de travailleur indépendant, ni après le trimestre en cours duquel il a |
een einde werd gesteld, op voorwaarde dat deze normaal het volgend | été mis fin à cette activité, à condition que celle-ci ne doive pas |
jaar niet wordt hernomen; | reprendre normalement l'année suivante; |
2° voor het kwartaal waarin de onderworpene de pensioenleeftijd | 2° pour le trimestre au cours duquel l'assujetti a atteint l'âge de la |
bereikt, zoals bepaald in de artikelen 3, § 1, en 16 van het | pension, tel que défini aux articles 3, § 1er, et 16 de l'arrêté royal |
koninklijk besluit van 30 januari 1997 betreffende het pensioenstelsel | du 30 janvier 1997 relatif au régime de pension des travailleurs |
der zelfstandigen, met toepassing van de artikelen 15 en 27 van de wet | indépendants, en application des articles 15 et 27 de la loi du 26 |
van 26 juli 1996 tot modernisering van de sociale zekerheid en tot | juillet 1996 portant modernisation de la sécurité sociale et assurant |
vrijwaring van de leefbaarheid van de wettelijke pensioenstelsels, en | la viabilité des régimes légaux des pensions, et de l'article 3, § 1er, |
van artikel 3, § 1, 4°, van de wet van 26 juli 1996 strekkende tot | 4°, de la loi du 26 juillet 1996 visant à réaliser les conditions |
realisatie van de budgettaire voorwaarden tot deelname van België aan | budgétaires de la participation de la Belgique à l'Union économique et |
de Europese Economische en Monetaire Unie, of als zelfstandige een | monétaire européenne, ou obtient, en qualité de travailleur |
vervroegd rustpensioen bekomt, op voorwaarde dat de betrokkene, in de | indépendant, une pension de retraite anticipée, à condition que |
loop van dat kwartaal, aan zijn beroepsbezigheid een einde stelt; | l'intéressé mette fin à son activité professionnelle dans le courant |
de ce trimestre; | |
3° voor het kwartaal waarin de onderworpene overlijdt. | 3° pour le trimestre au cours duquel s'est produit le décès de |
l'assujetti. | |
[...] » | [...] » |
B.2. De Arbeidsrechtbank te Charleroi vraagt het Hof naar de | B.2. Le Tribunal du travail de Charleroi interroge la Cour sur la |
bestaanbaarheid van dat artikel met de artikelen 10 en 11 van de | compatibilité de cet article avec les articles 10 et 11 de la |
Grondwet, doordat het in paragraaf 2, tweede lid, 2°, ervan, de | Constitution, en ce que, dans son paragraphe 2, alinéa 2, 2°, il |
zelfstandige vrijstelt van het betalen van de bijdrage voor het | dispense du paiement de la cotisation du trimestre dans le courant |
kwartaal waarin hij zijn beroepsbezigheid stopzet, indien hij tijdens | duquel se situe la fin d'activité professionnelle le travailleur |
dat kwartaal op de wettelijk bepaalde leeftijd met pensioen gaat of | indépendant qui prend sa pension à un âge prévu légalement ou |
een vervroegd rustpensioen verkrijgt, en diegene die zijn | anticipativement et ne dispense pas du même paiement celui qui |
beroepsbezigheid na de pensioengerechtigde leeftijd voortzet, niet | poursuit son activité professionnelle passé l'âge de la pension. |
vrijstelt van het betalen ervan. | |
B.3. De oorspronkelijke paragraaf 2 van artikel 15 van het koninklijk | B.3. Le paragraphe 2 originel de l'article 15 de l'arrêté royal n° 38 |
besluit nr. 38 werd vervangen door artikel 2 van het koninklijk | |
besluit nr. 74 van 10 november 1967, genomen krachtens de wet van 31 | a été remplacé par l'article 2 de l'arrêté royal n° 74 du 10 novembre |
maart 1967 waarbij aan de Koning bijzondere machten worden toegekend | 1967, arrêté royal pris en vertu de la loi du 31 mars 1967 attribuant |
die niet zijn onderworpen aan een wetgevende bekrachtiging. Dat | au Roi des pouvoirs spéciaux non soumis à une confirmation |
koninklijk besluit is niet het voorwerp van een bekrachtiging geweest. | législative. Cet arrêté royal n'a pas fait l'objet d'une confirmation. |
Een koninklijk besluit genomen krachtens een wet die de Koning ertoe | Un arrêté royal pris en vertu d'une loi qui habilite le Roi à |
machtigt wettelijke bepalingen te wijzigen, aan te vullen en eventueel | modifier, compléter et éventuellement abroger, dans une certaine |
op te heffen, is een handeling van de uitvoerende macht die is | mesure, des dispositions législatives constitue un acte du pouvoir |
onderworpen aan de toetsing bedoeld in artikel 159 van de Grondwet, en | exécutif qui est soumis à la censure prévue par l'article 159 de la |
waartegen een beroep tot vernietiging bij de afdeling administratie | Constitution, et qui est susceptible d'un recours en annulation auprès |
van de Raad van State kan worden ingesteld. Een wet die de uitvoerende macht machtigt om, in welbepaalde omstandigheden, bepalingen van wetgevende aard te wijzigen, kent immers niet de hoedanigheid van wetgevende handelingen in de formele zin toe aan de handelingen van de uitvoerende macht die in het kader van een dergelijke machtiging zijn genomen. Een dergelijke machtigingswet houdt overigens geen voorafgaande en impliciete bekrachtiging in van de ter uitvoering van die wet verrichte handelingen. Dergelijke handelingen kunnen slechts aan de toetsing van het Hof worden voorgelegd wanneer zij het voorwerp van een bekrachtigingswet zijn geweest. | de la section d'administration du Conseil d'Etat. Une loi habilitant le pouvoir exécutif à modifier, dans des circonstances déterminées, des dispositions de nature législative ne confère en effet pas la qualité d'actes législatifs au sens formel aux actes de l'exécutif pris dans le cadre d'une telle habilitation. Par ailleurs, une telle loi d'habilitation ne contient pas une confirmation législative anticipée et implicite des actes pris pour l'exécuter. De tels actes ne sont susceptibles d'une censure de la Cour que lorsqu'ils ont fait l'objet d'une loi de confirmation. |
B.4. Artikel 15, § 2, tweede lid, 2°, van het koninklijk besluit nr. | B.4. L'article 15, § 2, alinéa 2, 2°, de l'arrêté royal n° 38 a |
38 werd evenwel gewijzigd bij artikel 197 van de wet van 25 januari | toutefois été modifié par l'article 197 de la loi du 25 janvier 1999 |
1999 houdende sociale bepalingen. Dat artikel luidt als volgt : | portant des dispositions sociales. Cet article dispose : |
« In artikel 15, § 2, tweede lid, 2°, van het koninklijk besluit nr. | « A l'article 15, § 2, alinéa 2, 2°, de l'arrêté royal n° 38 du 27 |
38 van 27 juli 1967 houdende inrichting van het sociaal statuut der | juillet 1967 organisant le statut social des travailleurs |
zelfstandigen worden de woorden ' de leeftijd van 65 of 60 jaar | indépendants, les mots ' l'âge de 65 ans ou 60 ans, selon qu'il s'agit |
bereikt, naargelang het een man of een vrouw betreft ' vervangen door | d'un homme ou une femme ' sont remplacés par les mots ' l'âge de la |
de woorden 'de pensioenleeftijd bereikt, zoals bepaald in de artikelen | pension, tel que défini aux articles 3, § 1er, et 16 de l'arrêté royal |
3, § 1, en 16 van het koninklijk besluit van 30 januari 1997 | du 30 janvier 1997 relatif au régime de pension des travailleurs |
betreffende het pensioenstelsel der zelfstandigen, met toepassing van | |
de artikelen 15 en 27 van de wet van 26 juli 1996 tot modernisering | indépendants, en application des articles 15 et 27 de la loi du 26 |
van de sociale zekerheid en tot vrijwaring van de leefbaarheid van de | juillet 1996 portant modernisation de la sécurité sociale et assurant |
wettelijke pensioenstelsels, en van artikel 3, § 1, 4°, van de wet van | la viabilité des régimes légaux des pensions, et de l'article 3, § 1er, |
26 juli 1996 strekkende tot realisatie van de budgettaire voorwaarden | 4°, de la loi du 26 juillet 1996 visant à réaliser les conditions |
tot deelname van België aan de Europese Economische en Monetaire Unie | budgétaires de la participation de la Belgique à l'Union économique et |
'. » | monétaire européenne '. » |
Uit die bepaling en uit de parlementaire voorbereiding blijkt dat de | Il ressort de cette disposition et des travaux préparatoires que le |
wetgever de definitie van « pensioenleeftijd » heeft aangepast aan de | législateur a adapté la définition de l'« âge de la pension » à la |
pensioenhervorming die bij het koninklijk besluit van 30 januari 1997 | réforme des pensions, réalisée par l'arrêté royal du 30 janvier 1997 |
werd doorgevoerd (Parl. St. , Kamer, 1997-1998, nr. 1722/1, p. 76). | (Doc. parl. , Chambre, 1997-1998, n° 1722/1, p. 76). |
De wetgever heeft zich derhalve ertoe beperkt die bepaling in | Le législateur s'est donc borné à mettre cette disposition en |
overeenstemming te brengen met andere wetten, zodat zij haar | conformité avec d'autres lois, de telle sorte qu'elle n'a pas perdu |
verordenend karakter niet heeft verloren. | son caractère réglementaire. |
Om die redenen, | Par ces motifs, |
het Hof | la Cour |
zegt voor recht : | dit pour droit : |
niet bevoegd te zijn om op de prejudiciële vraag te antwoorden. | qu'elle n'est pas compétente pour répondre à la question préjudicielle. |
Aldus uitgesproken in het Frans en het Nederlands, overeenkomstig | Ainsi prononcé en langue française et en langue néerlandaise, |
artikel 65 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het | conformément à l'article 65 de la loi spéciale du 6 janvier 1989 sur |
Arbitragehof, op de openbare terechtzitting van 5 december 2002. | la Cour d'arbitrage, à l'audience publique du 5 décembre 2002. |
De griffier, | Le greffier, |
L. Potoms. | L. Potoms. |
De voorzitter, | Le président, |
M. Melchior. | M. Melchior. |