← Terug naar "Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 Bij arrest van
3 oktober 2014 in zake Jean-Marie Delobel tegen de Pensioendienst voor de Overheidssector en de Franse
Gemeenschap, waarvan de expeditie ter griffie va 1. « Schendt artikel 5, eerste
lid, c), van het koninklijk besluit van 15 april 1958 houdende bezol(...)"
Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 Bij arrest van 3 oktober 2014 in zake Jean-Marie Delobel tegen de Pensioendienst voor de Overheidssector en de Franse Gemeenschap, waarvan de expeditie ter griffie va 1. « Schendt artikel 5, eerste lid, c), van het koninklijk besluit van 15 april 1958 houdende bezol(...) | Avis prescrit par l'article 74 de la loi spéciale du 6 janvier 1989 Par arrêt du 3 octobre 2014 en cause de Jean-Marie Delobel contre le Service des pensions du secteur public et la Communauté française, dont l'expédition est parvenue au greffe 1. « L'article 5, alinéa 1 er , c), de l'arrêté royal du 15 avril 1958 portant le statut p(...) |
---|---|
GRONDWETTELIJK HOF | COUR CONSTITUTIONNELLE |
Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 | Avis prescrit par l'article 74 de la loi spéciale du 6 janvier 1989 |
januari 1989 Bij arrest van 3 oktober 2014 in zake Jean-Marie Delobel tegen de | Par arrêt du 3 octobre 2014 en cause de Jean-Marie Delobel contre le |
Pensioendienst voor de Overheidssector en de Franse Gemeenschap, | Service des pensions du secteur public et la Communauté française, |
waarvan de expeditie ter griffie van het Hof is ingekomen op 10 | dont l'expédition est parvenue au greffe de la Cour le 10 octobre |
oktober 2014, heeft het Hof van Beroep te Bergen de volgende | 2014, la Cour d'appel de Mons a posé les questions préjudicielles |
prejudiciële vragen gesteld : | suivantes : |
1. « Schendt artikel 5, eerste lid, c), van het koninklijk besluit van | |
15 april 1958 houdende bezoldigingsregeling van het onderwijzend, | 1. « L'article 5, alinéa 1er, c), de l'arrêté royal du 15 avril 1958 |
wetenschappelijk en daarmee gelijkgesteld personeel van het Ministerie | portant le statut pécuniaire des membres du personnel enseignant, |
van Openbaar Onderwijs, zoals in dat besluit ingevoegd bij artikel 44 | scientifique et assimilé du ministère de l'instruction publique, tel |
van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, | qu'inséré dans cet arrêté par l'article 44 de la loi du 1er août 1985 |
portant des mesures fiscales et autres, ne viole-t-il pas les articles | |
niet de artikelen 10 en 11 van de Grondwet en het beginsel van | 10 et 11 de la Constitution et les principes d'égalité et de |
gelijkheid en niet-discriminatie, in zoverre de leden van het | non-discrimination en ce que les membres du personnel de |
onderwijzend personeel die een politiek mandaat van schepen | l'enseignement qui exercent un mandat politique d'échevin sont |
uitoefenen, worden geacht een bijbetrekking in het onderwijs uit te | considérés comme étant en fonction accessoire dans l'enseignement et |
oefenen en bijgevolg geen aanspraak kunnen maken op een pensioen ten | ne peuvent en conséquence pas prétendre à une pension à charge du |
laste van de Schatkist wegens de uitoefening van hun activiteit als | trésor public du fait de l'exercice de leur activité de membre du |
lid van het onderwijzend personeel, terwijl de personeelsleden van de | personnel de l'enseignement alors que les membres du personnel des |
andere overheidsdiensten die eveneens een schepenmandaat uitoefenen, | autres services publics qui exercent également un mandat d'échevin |
aanspraak kunnen maken op een pensioen ten laste van de Schatkist door | peuvent eux prétendre à une pension à charge du trésor public du fait |
het bestaan van hun ambt in een overheidsdienst ? »; | de l'existence de leur fonction dans un service public ? »; |
2. « Schendt artikel 5, eerste lid, c), van het koninklijk besluit van | |
15 april 1958 houdende bezoldigingsregeling van het onderwijzend, | 2. « L'article 5, alinéa 1er, c), de l'arrêté royal du 15 avril 1958 |
wetenschappelijk en daarmee gelijkgesteld personeel van het Ministerie | portant le statut pécuniaire des membres du personnel enseignant, |
van Openbaar Onderwijs, zoals in dat besluit ingevoegd bij artikel 44 | scientifique et assimilé du ministère de l'instruction publique, tel |
van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, | qu'inséré dans cet arrêté par l'article 44 de la loi du 1er août 1985 |
portant des mesures fiscales et autres, et tel qu'interprété par | |
en zoals geïnterpreteerd in het arrest van het Hof van Cassatie van 14 | l'arrêt de la Cour de cassation du 14 mars 2011, viole-t-il les |
maart 2011, de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, in zoverre het, | articles 10 et 11 de la Constitution en ce que, appliqué aux membres |
toegepast op de leden van het onderwijzend personeel die houder zijn | du personnel de l'enseignement titulaires d'un mandat de bourgmestre |
van een mandaat van burgemeester of van schepen, een discriminatie | ou d'échevin, il crée une discrimination entre ces mandataires publics |
invoert tussen die openbare mandatarissen en diegenen die een ander | et ceux qui exercent une autre profession dans le secteur public en |
beroep in de overheidssector uitoefenen door de uitoefening van hun | limitant ainsi indirectement l'exercice de leur droit d'éligibilité ? |
recht om te worden verkozen, aldus indirect te beperken ? ». | ». |
Die zaak is ingeschreven onder nummer 6059 van de rol van het Hof. | Cette affaire est inscrite sous le numéro 6059 du rôle de la Cour. |
De griffier, | Le greffier, |
P.-Y. Dutilleux | P.-Y. Dutilleux |