Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Arrest Van Het Grondwettelijk Hof van --
← Terug naar "Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 Bij arrest van 3 oktober 2014 in zake Christina Bergiers tegen Giuliana Diferdinando en anderen, in aanwezigheid van de nv « Generali Belgium », waarvan de expeditie « Schenden het eerste en het tweede lid van paragraaf 1 van artikel 2262bis van het Burgerlijk Wetb(...)"
Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 Bij arrest van 3 oktober 2014 in zake Christina Bergiers tegen Giuliana Diferdinando en anderen, in aanwezigheid van de nv « Generali Belgium », waarvan de expeditie « Schenden het eerste en het tweede lid van paragraaf 1 van artikel 2262bis van het Burgerlijk Wetb(...) Avis prescrit par l'article 74 de la loi spéciale du 6 janvier 1989 Par arrêt du 3 octobre 2014 en cause de Christina Bergiers contre Giuliana Diferdinando et autres, en présence de la SA « Generali Belgium », dont l'expédition est parvenue au g « Les alinéas 1 er et 2 du § 1 er de l'article 2262bis du Code civil viole(...)
GRONDWETTELIJK HOF COUR CONSTITUTIONNELLE
Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 Avis prescrit par l'article 74 de la loi spéciale du 6 janvier 1989
januari 1989 Bij arrest van 3 oktober 2014 in zake Christina Bergiers tegen Par arrêt du 3 octobre 2014 en cause de Christina Bergiers contre
Giuliana Diferdinando en anderen, in aanwezigheid van de nv « Generali Giuliana Diferdinando et autres, en présence de la SA « Generali
Belgium », waarvan de expeditie ter griffie van het Hof is ingekomen
op 10 oktober 2014, heeft het Hof van Beroep te Bergen de volgende Belgium », dont l'expédition est parvenue au greffe de la Cour le 10
prejudiciële vraag gesteld : octobre 2014, la Cour d'appel de Mons a posé la question préjudicielle suivante :
« Schenden het eerste en het tweede lid van paragraaf 1 van artikel « Les alinéas 1er et 2 du § 1er de l'article 2262bis du Code civil
2262bis van het Burgerlijk Wetboek de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, in zoverre zij een onverantwoorde discriminatie in het leven roepen tussen : - het slachtoffer dat het herstel vordert van de schade die werd berokkend door de fout van een geneesheer met wie het een contractuele relatie heeft, - en het slachtoffer dat op quasidelictuele basis het herstel vordert van de schade die werd berokkend door de fout van een geneesheer met wie het geen contractuele relatie heeft ? ». Die zaak is ingeschreven onder nummer 6058 van de rol van het Hof. De griffier, violent-ils les articles 10 et 11 de la Constitution, en ce qu'ils créent une discrimination injustifiée entre : - la victime qui réclame la réparation du dommage causé par la faute d'un médecin avec lequel elle est en relation contractuelle, - et la victime qui réclame, sur une base quasi-délictuelle, la réparation du dommage causé par la faute d'un médecin avec lequel elle n'est pas en relation contractuelle ? ». Cette affaire est inscrite sous le numéro 6058 du rôle de la Cour. Le greffier,
P.-Y. Dutilleux P.-Y. Dutilleux
^