← Terug naar "Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 Bij arrest
van 6 augustus 2012 in zake het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn van Brussel tegen J.R.
en anderen, waarvan de expeditie ter griffie van het « Schendt artikel 24 van de
wet van 26 mei 2002 betreffende het recht op maatschappelijke integrati(...)"
Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 Bij arrest van 6 augustus 2012 in zake het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn van Brussel tegen J.R. en anderen, waarvan de expeditie ter griffie van het « Schendt artikel 24 van de wet van 26 mei 2002 betreffende het recht op maatschappelijke integrati(...) | Avis prescrit par l'article 74 de la loi spéciale du 6 janvier 1989 Par arrêt du 6 août 2012 en cause du centre public d'action sociale de Bruxelles contre J.R. et autres, dont l'expédition est parvenue au greffe de la Cour le 10 août 2012, la C « L'article 24 de la loi du 26 mai 2002 concernant le droit à l'intégration sociale viole-t-il les (...) |
---|---|
GRONDWETTELIJK HOF | COUR CONSTITUTIONNELLE |
Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 | Avis prescrit par l'article 74 de la loi spéciale du 6 janvier 1989 |
januari 1989 Bij arrest van 6 augustus 2012 in zake het openbaar centrum voor | Par arrêt du 6 août 2012 en cause du centre public d'action sociale de |
maatschappelijk welzijn van Brussel tegen J.R. en anderen, waarvan de | Bruxelles contre J.R. et autres, dont l'expédition est parvenue au |
expeditie ter griffie van het Hof is ingekomen op 10 augustus 2012, | greffe de la Cour le 10 août 2012, la Cour du travail de Bruxelles a |
heeft het Arbeidshof te Brussel de volgende prejudiciële vraag gesteld | posé la question préjudicielle suivante : |
: « Schendt artikel 24 van de wet van 26 mei 2002 betreffende het recht op maatschappelijke integratie de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, in zoverre het wezenlijk verschillende situaties op gelijke wijze behandelt : die waarbij een O.C.M.W. voorschotten op uitkeringen uitbetaalt aan een begunstigde met alleen minderjarige kinderen, zodat de achterstallige bedragen die via de subrogatie verhaalbaar zijn, alle uitgaven ervan zullen dekken, en die waarbij dat O.C.M.W. voorschotten op uitkeringen uitbetaalt aan een begunstigde met een of meer meerderjarige kinderen of die met een levenspartner samenwoont, zodat hij slechts een tarief ' samenwonende ' geniet, hetgeen het O.C.M.W. derhalve zou beletten te worden gesubrogeerd voor het integrale bedrag van de uitgekeerde sommen ? ». Die zaak is ingeschreven onder nummer 5466 van de rol van het Hof. De griffier, | « L'article 24 de la loi du 26 mai 2002 concernant le droit à l'intégration sociale viole-t-il les articles 10 et 11 de la Constitution, en ce qu'il traite de la même manière des situations fondamentalement différentes : celle où un C.P.A.S. verse des avances sur allocations à un bénéficiaire qui n'a que des enfants mineurs en telle manière que les arriérés récupérables par le truchement de la subrogation couvriront la totalité de ses débours et celle où ce C.P.A.S. verse des avances sur allocations à un bénéficiaire qui a un ou plusieurs enfants majeurs ou cohabite avec un partenaire de vie, de telle sorte qu'il ne bénéfice que d'un taux cohabitant, ce qui empêcherait dès lors le C.P.A.S. d'être subrogé pour l'intégralité des montants décaissés ? ». Cette affaire est inscrite sous le numéro 5466 du rôle de la Cour. Le greffier, |
P.-Y. Dutilleux | P.-Y. Dutilleux |