Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Arrest Van Het Grondwettelijk Hof van --
← Terug naar "Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Arbitragehof Bij arrest nr. 132.930 van 23 juni 2004 in zake C. Carleer tegen de gemeente Etterbeek en het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest, waarvan de expedi « Schendt artikel 180, derde lid, van de gemeentewet van 30 maart 1836 de artikelen 10 en 11 van de(...)"
Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Arbitragehof Bij arrest nr. 132.930 van 23 juni 2004 in zake C. Carleer tegen de gemeente Etterbeek en het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest, waarvan de expedi « Schendt artikel 180, derde lid, van de gemeentewet van 30 maart 1836 de artikelen 10 en 11 van de(...) Avis prescrit par l'article 74 de la loi spéciale du 6 janvier 1989 sur la Cour d'arbitrage Par arrêt n° 132.930 du 23 juin 2004 en cause de C. Carleer contre la commune d'Etterbeek et la Région de Bruxelles-Capitale, dont l'expédition est parv « L'article 180, alinéa 3, de la loi communale du 30 mars 1836 interprété dans le sens que le recou(...)
ARBITRAGEHOF COUR D'ARBITRAGE
Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 Avis prescrit par l'article 74 de la loi spéciale du 6 janvier 1989
januari 1989 op het Arbitragehof sur la Cour d'arbitrage
Bij arrest nr. 132.930 van 23 juni 2004 in zake C. Carleer tegen de Par arrêt n° 132.930 du 23 juin 2004 en cause de C. Carleer contre la
gemeente Etterbeek en het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest, waarvan de commune d'Etterbeek et la Région de Bruxelles-Capitale, dont
expeditie ter griffie van het Arbitragehof is ingekomen op 6 juli l'expédition est parvenue au greffe de la Cour d'arbitrage le 6
2004, heeft de Raad van State de volgende prejudiciële vraag gesteld : juillet 2004, le Conseil d'Etat a posé la question préjudicielle
« Schendt artikel 180, derde lid, van de gemeentewet van 30 maart 1836 suivante : « L'article 180, alinéa 3, de la loi communale du 30 mars 1836
de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, wanneer het zo wordt uitgelegd interprété dans le sens que le recours en réformation qu'il prévoit
dat het beroep tot herziening waarin het voorziet, niet openstaat voor
een agent die de maximumstraf ambtshalve ontslag heeft gekregen, n'est pas ouvert à l'agent frappé de la sanction maximale de la
terwijl een agent die de zware straf schorsing of een agent die de démission d'office alors que l'agent frappé de la sanction maximale de
maximumstraf afzetting heeft gekregen, wel van dat beroep gebruik la révocation et celui frappé de la sanction majeure de la suspension
kunnen maken ? » en bénéficient viole-t-il les articles 10 et 11 de la Constitution ? »
Die zaak is ingeschreven onder nummer 3055 van de rol van het Hof. Cette affaire est inscrite sous le numéro 3055 du rôle de la Cour.
De griffier, Le greffier,
P.-Y. Dutilleux. P.-Y. Dutilleux.
^