← Terug naar "Arrest nr. 104/98 van 21 oktober 1998 Rolnummer 1155 In zake : de prejudiciële vraag
betreffende de artikelen 322 en 323 van het Burgerlijk Wetboek, gesteld door de Rechtbank van eerste
aanleg te Luik. Het Arbitragehof, samengesteld uit wijst na beraad het
volgende arrest : I. Onderwerp van de prejudiciële vraag Bij vonnis van 1(...)"
Arrest nr. 104/98 van 21 oktober 1998 Rolnummer 1155 In zake : de prejudiciële vraag betreffende de artikelen 322 en 323 van het Burgerlijk Wetboek, gesteld door de Rechtbank van eerste aanleg te Luik. Het Arbitragehof, samengesteld uit wijst na beraad het volgende arrest : I. Onderwerp van de prejudiciële vraag Bij vonnis van 1(...) | Arrêt n° 104/98 du 21 octobre 1998 Numéro du rôle : 1155 En cause : la question préjudicielle relative aux articles 322 et 323 du Code civil, posée par le Tribunal de première instance de Liège. La Cour d'arbitrage, composée des préside après en avoir délibéré, rend l'arrêt suivant : I. Objet de la question préjudicielle Par jug(...) |
---|---|
ARBITRAGEHOF | COUR D'ARBITRAGE |
Arrest nr. 104/98 van 21 oktober 1998 | Arrêt n° 104/98 du 21 octobre 1998 |
Rolnummer 1155 | Numéro du rôle : 1155 |
In zake : de prejudiciële vraag betreffende de artikelen 322 en 323 | En cause : la question préjudicielle relative aux articles 322 et 323 |
van het Burgerlijk Wetboek, gesteld door de Rechtbank van eerste aanleg te Luik. | du Code civil, posée par le Tribunal de première instance de Liège. |
Het Arbitragehof, | La Cour d'arbitrage, |
samengesteld uit de voorzitters M. Melchior en L. De Grève, en de | composée des présidents M. Melchior et L. De Grève, et des juges P. |
rechters P. Martens, J. Delruelle, E. Cerexhe, H. Coremans en A. Arts, | Martens, J. Delruelle, E. Cerexhe, H. Coremans et A. Arts, assistée du |
bijgestaan door de griffier L. Potoms, onder voorzitterschap van voorzitter M. Melchior, | greffier L. Potoms, présidée par le président M. Melchior, |
wijst na beraad het volgende arrest : | après en avoir délibéré, rend l'arrêt suivant : |
I. Onderwerp van de prejudiciële vraag | I. Objet de la question préjudicielle |
Bij vonnis van 12 september 1997 in zake G. V. tegen F. V. en J. J., | Par jugement du 12 septembre 1997 en cause de G. V. contre F. V. et J. |
waarvan de expeditie ter griffie van het Hof is ingekomen op 18 | J., dont l'expédition est parvenue au greffe de la Cour le 18 |
september 1997, heeft de Rechtbank van eerste aanleg te Luik de | septembre 1997, le Tribunal de première instance de Liège a posé la |
volgende prejudiciële vraag gesteld : | question préjudicielle suivante : |
« Schenden de artikelen 322 en 323 van het Burgerlijk Wetboek de | « Les articles 322 et 323 du Code civil violent-ils les articles 10 et |
nieuwe artikelen 10 en 11 van de Grondwet, in zoverre zij een | 11 nouveaux de la Constitution en tant qu'ils établissent une |
onderscheid instellen tussen de kinderen wier moeder op het ogenblik | distinction entre les enfants dont la mère n'était pas mariée au |
van hun geboorte niet gehuwd was (artikel 322 van het Burgerlijk | moment de leur naissance (article 322 du Code civil) et les enfants |
Wetboek) en de kinderen wier moeder op het ogenblik van hun geboorte | |
wel gehuwd was (artikel 323 van het Burgerlijk Wetboek) door aan | dont la mère était mariée au moment de leur naissance (article 323 du |
eerstgenoemden een bescherming toe te kennen die is gebaseerd op het | Code civil) accordant aux premiers une protection basée sur l'examen |
onderzoek van hun persoonlijk belang en aan laatstgenoemden die bescherming te weigeren ? » | de leur intérêt personnel et refusant aux seconds cette protection ? » |
II. De feiten en de rechtspleging in het bodemgeschil | II. Les faits et la procédure antérieure |
F.V. en G.V. hebben samengeleefd sinds het begin van het jaar 1988; | F.V. et G.V. ont vécu ensemble depuis le début de l'année 1988; à |
F.V. was destijds gehuwd. Op 25 september 1989 schonk zij het leven | l'époque, F.V. était mariée. Elle donna naissance le 25 septembre 1989 |
aan een kind, waarvan het biologische vaderschap van G.V. niet wordt | à une enfant dont la paternité biologique de G.V. n'est pas contestée |
betwist, temeer daar een erkenning heeft plaatsgevonden in Burundi en | au point qu'une reconnaissance a eu lieu au Burundi et qu'un jugement |
een vonnis die erkenning heeft bekrachtigd. F.V. heeft tegen die | a homologué cette reconnaissance. F.V. a interjeté appel de cette |
beslissing hoger beroep aangetekend maar schijnt zich sindsdien niet | décision mais ne semble pas avoir diligenté depuis cette procédure. |
meer voor die procedure te hebben beijverd. | |
G.V. vordert bij dagvaarding dat zijn vaderschap bij vonnis zou worden | Par citation, G.V. demande que sa paternité soit établie par jugement, |
vastgesteld, met toepassing van artikel 323 van het Burgerlijk | par application de l'article 323 du Code civil, puisque, d'une part, |
Wetboek, vermits, enerzijds, dat vaderschap niet wordt betwist en, | cette paternité n'est pas contestée et que, d'autre part, les |
anderzijds, aan de voorwaarden van artikel 320 van het Burgerlijk | conditions de l'article 320 du Code civil sont remplies : un jugement |
Wetboek is voldaan : bij vonnis werd de echtscheiding toegestaan op | a autorisé le divorce entre les époux, sur la base d'une séparation de |
grond van een feitelijke scheiding van meer dan vijf jaar, en werd | |
vastgesteld dat die feitelijke scheiding tot 15 april 1982 teruggaat. | plus de cinq années et fait remonter cette séparation au 15 avril |
G.V. vordert bovendien dat het kind zijn naam kan dragen. | 1982. G.V. demande en outre que l'enfant puisse porter son nom. |
F.V. betwist niet het vaderschap van de eiser maar verzet zich ertegen | F.V. ne conteste pas la paternité du demandeur mais s'oppose à ce |
dat het voor de rechter zou worden vastgesteld. | qu'elle soit établie judiciairement. |
De Rechtbank stelt vast dat de vordering geen verzoek tot machtiging | Le Tribunal constate que l'action n'est pas une demande d'autorisation |
van erkenning is maar een vordering tot vaststelling van vaderschap | de reconnaissance mais une demande d'établissement de paternité par |
bij vonnis met toepassing van artikel 323 van het Burgerlijk Wetboek. | jugement en application de l'article 323 du Code civil. Il constate |
Zij stelt bovendien vast dat artikel 322 van het Burgerlijk Wetboek, | par ailleurs que l'article 322 du Code civil, qui vise l'hypothèse |
waarin het geval van een ongehuwde moeder wordt beoogd, de | d'une mère célibataire, permet au représentant de l'enfant mineur de |
vertegenwoordiger van het minderjarige kind toestaat zich in naam van | |
het belang van het kind tegen de vaststelling van de afstamming te | s'opposer à l'établissement de la filiation au nom de l'intérêt de |
verzetten. Artikel 323 van het Burgerlijk Wetboek, waarin het geval | l'enfant. Par contre, l'article 323 du Code civil, qui vise |
van een gehuwde moeder wordt beoogd, biedt daarentegen niet die | l'hypothèse d'une mère mariée, n'offre pas cette protection. Selon |
bescherming. Volgens de Rechtbank is er geen duidelijke reden voor dat | lui, cette distinction n'a pas de motif apparent et la question se |
onderscheid en rijst de vraag of het geen discriminatie in het leven | pose de savoir si elle ne crée pas une discrimination entre les |
roept tussen de kinderen van een ongehuwde moeder en die van een | enfants d'une femme célibataire et ceux d'une femme mariée. Il pose |
gehuwde moeder. Zij stelt bijgevolg aan het Hof de hiervoor | dès lors à la Cour la question préjudicielle mentionnée ci-dessus, |
weergegeven prejudiciële vraag, alvorens eventueel te onderzoeken wat | avant d'examiner éventuellement où se trouve l'intérêt de l'enfant. |
hier het belang van het kind is. | |
Voor het overige weigert zij een andere prejudiciële vraag te stellen | Il refuse par ailleurs de poser une autre question préjudicielle |
die door G.V. was voorgesteld en die artikel 335 van het Burgerlijk | proposée par G.V. et qui concernerait l'article 335 du Code civil. |
Wetboek betrof. | |
III. De rechtspleging voor het Hof | III. La procédure devant la Cour |
Bij beschikking van 18 september 1997 heeft de voorzitter in functie | Par ordonnance du 18 septembre 1997, le président en exercice a |
de rechters van de zetel aangewezen overeenkomstig de artikelen 58 en | désigné les juges du siège conformément aux articles 58 et 59 de la |
59 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Arbitragehof. | loi spéciale du 6 janvier 1989 sur la Cour d'arbitrage. |
De rechters-verslaggevers hebben geoordeeld dat er geen aanleiding was | Les juges-rapporteurs ont estimé n'y avoir lieu de faire application |
om artikel 71 of 72 van de organieke wet toe te passen. | des articles 71 ou 72 de la loi organique. |
Van de verwijzingsbeslissing is kennisgegeven overeenkomstig artikel | La décision de renvoi a été notifiée conformément à l'article 77 de la |
77 van de organieke wet bij op 6 oktober 1997 ter post aangetekende brieven. | loi organique, par lettres recommandées à la poste le 6 octobre 1997. |
Het bij artikel 74 van de organieke wet voorgeschreven bericht is | L'avis prescrit par l'article 74 de la loi organique a été publié au |
bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 15 oktober 1997. | Moniteur belge du 15 octobre 1997. |
Memories zijn ingediend door : | Des mémoires ont été introduits par : |
- F.V., wonende te 4681 Hermalle-sous-Argenteau, Résidence Reine | - F.V., demeurant à 4681 Hermalle-sous-Argenteau, Résidence Reine |
Elisabeth 2/24, bij op 19 november 1997 ter post aangetekende brief; | Elisabeth 2/24, par lettre recommandée à la poste le 19 novembre 1997; |
- de Ministerraad, Wetstraat 16, 1000 Brussel, bij op 21 november 1997 | - le Conseil des ministres, rue de la Loi 16, 1000 Bruxelles, par |
ter post aangetekende brief. | lettre recommandée à la poste le 21 novembre 1997. |
Van die memories is kennisgegeven overeenkomstig artikel 89 van de | Ces mémoires ont été notifiés conformément à l'article 89 de la loi |
organieke wet bij op 1 december 1997 ter post aangetekende brieven. | organique, par lettres recommandées à la poste le 1er décembre 1997. |
De Ministerraad heeft een memorie van antwoord ingediend bij op 22 december 1997 ter post aangetekende brief. | Le Conseil des ministres a introduit un mémoire en réponse, par lettre recommandée à la poste le 22 décembre 1997. |
Bij beschikkingen van 25 februari 1998 en 30 juni 1998 heeft het Hof | Par ordonnances du 25 février 1998 et du 30 juin 1998, la Cour a |
de termijn waarbinnen het arrest moet worden gewezen, verlengd tot | |
respectievelijk 18 september 1998 en 18 maart 1999. | prorogé respectivement jusqu'aux 18 septembre 1998 et 18 mars 1999 le |
délai dans lequel l'arrêt doit être rendu. | |
Bij beschikking van 27 mei 1998 heeft het Hof de zaak in gereedheid | Par ordonnance du 27 mai 1998, la Cour a déclaré l'affaire en état et |
verklaard en de dag van de terechtzitting bepaald op 17 juni 1998. | fixé l'audience au 17 juin 1998. |
Van die beschikking is kennisgegeven aan de partijen en hun advocaten | Cette ordonnance a été notifiée aux parties ainsi qu'à leurs avocats |
bij op 28 mei 1998 ter post aangetekende brieven. | par lettres recommandées à la poste le 28 mai 1998. |
Op de openbare terechtzitting van 17 juni 1998 : | A l'audience publique du 17 juin 1998 : |
- zijn verschenen : | - ont comparu : |
. Mr. V. Thiry loco Mr. C. Leloup, advocaten bij de balie te Luik, | . Me V. Thiry loco Me C. Leloup, avocats au barreau de Liège, pour |
voor F.V.; | F.V.; |
. Mr. J.-M. Baijot loco Mr. D. Van Heuven, advocaten bij de balie te | . Me J.-M. Baijot loco Me D. Van Heuven, avocats au barreau de |
Kortrijk, voor de Ministerraad; | Courtrai, pour le Conseil des ministres; |
- hebben de rechters-verslaggevers J. Delruelle en A. Arts verslag uitgebracht; | - les juges-rapporteurs J. Delruelle et A. Arts ont fait rapport; |
- zijn de voornoemde advocaten gehoord; | - les avocats précités ont été entendus; |
- is de zaak in beraad genomen. | - l'affaire a été mise en délibéré. |
De rechtspleging is gevoerd overeenkomstig de artikelen 62 en volgende | La procédure s'est déroulée conformément aux articles 62 et suivants |
van de organieke wet, die betrekking hebben op het gebruik van de talen voor het Hof. | de la loi organique, relatifs à l'emploi des langues devant la Cour. |
IV. In rechte | IV. En droit |
- A - | - A - |
Memorie van F.V. | Mémoire de F.V. |
A.1.1. De artikelen 322 en 323 van het Burgerlijk Wetboek schenden de | A.1.1. Les articles 322 et 323 du Code civil violent les articles 10 |
artikelen 10 en 11 van de Grondwet doordat artikel 323 van het | et 11 de la Constitution en ce que l'article 323 du Code civil ne |
Burgerlijk Wetboek geen rekening houdt met de mening van het kind of | prend pas en considération l'opinion de l'enfant ou son intérêt dans |
zijn belang in het kader van de gerechtelijke vaststelling van de | le cadre de l'établissement judiciaire de la filiation paternelle. |
afstamming van vaderszijde. | |
A.1.2. De in de artikelen 322 en 323 van het Burgerlijk Wetboek | A.1.2. Les enfants visés aux articles 322 et 323 du Code civil se |
bedoelde kinderen verkeren in soortgelijke situaties. Het door de | trouvent dans des situations similaires. Le but poursuivi par le |
wetgever nagestreefde doel bestond erin de biologische vader van een | législateur était de permettre au père biologique d'un enfant |
kind toe te staan zijn vaderschap vast te stellen. Vermits artikel 322 van het Burgerlijk Wetboek ervan uitgaat dat dat recht van de vader voor een andere waarde moet wijken, namelijk het recht van het kind om geen afstamming opgelegd te krijgen waarmee het niet akkoord gaat of dat indruist tegen zijn belang ingeval het nog niet de leeftijd heeft om zijn mening te kennen te geven, a fortiori wanneer het betrokken kind een vader heeft, moet men zijn instemming vragen of rekening houden met zijn belang bij de vaststelling van een andere afstamming. A.1.3. De gestelde vraag moet worden gekoppeld aan die van de ongelijkheid van behandeling tussen de vader en de moeder van een natuurlijk kind, waarover het Hof zich reeds meermaals heeft uitgesproken. Het is onaanvaardbaar dat het belang van het kind in | d'établir sa paternité. Puisque l'article 322 du Code civil considère que ce droit du père doit céder devant une autre valeur, à savoir le droit de l'enfant de ne pas se voir infliger une filiation avec laquelle il n'est pas d'accord ou qui s'oppose à son intérêt au cas où il n'a pas encore l'âge de donner son opinion, a fortiori, lorsque l'enfant concerné a un père, doit-on lui demander son accord ou prendre en considération son intérêt à l'établissement d'une autre filiation. A.1.3. Il faut lier la question posée à celle de l'inégalité de traitement entre le père et la mère d'un enfant naturel sur laquelle la Cour s'est déjà prononcée à de nombreuses reprises. Il est inacceptable que l'intérêt de l'enfant soit pris en considération dans |
aanmerking wordt genomen in artikel 322 van het Burgerlijk Wetboek | l'article 322 du Code civil mais que son examen soit omis dans |
maar dat het onderzoek ervan is weggelaten in artikel 314 van het | l'article 314 du Code civil relatif à l'établissement judiciaire de la |
Burgerlijk Wetboek in verband met de gerechtelijke vaststelling van | maternité. Partant de cela, il s'agirait d'ajouter une contrainte |
het moederschap. Daarvan uitgaande zou aan de vaststelling van de | supplémentaire à l'établissement de la filiation maternelle et ce, sur |
afstamming van moederszijde een bijkomende verplichting moeten worden | |
toegevoegd en zulks op basis van de noodzakelijke bescherming van de | la base de la nécessaire protection des droits de l'enfant. |
rechten van het kind. Gelijklopend daarmee moet het antwoord van het | |
Hof op de gestelde vraag in dezelfde richting gaan van een bescherming | Parallèlement, il importe que la réponse de la Cour à la question |
van de rechten van het kind, waardoor de recente rechtspraak van het | posée aille dans le même sens d'une protection des droits de l'enfant |
Hof wordt gekenmerkt. Er is dus een discriminatie tussen de in artikel | qui caractérise sa jurisprudence récente. Il y a donc une |
322 van het Burgerlijk Wetboek bedoelde kinderen en die welke worden | discrimination entre les enfants visés par l'article 322 du Code civil |
bedoeld in de bepalingen van artikel 323 van het Burgerlijk Wetboek, | et ceux visés par les dispositions de l'article 323 du Code civil et |
en de discriminatie berust in dat laatste artikel. | c'est dans le chef de ce dernier article que la discrimination réside. |
Standpunt van de Ministerraad | Position du Conseil des ministres |
A.2.1. De Ministerraad stelt vast dat de verwijzende rechter, naar | A.2.1. Le Conseil des ministres constate que le juge a quo, à |
aanleiding van de prejudiciële vraag, van een verkeerde stelling | l'occasion de la question préjudicielle, part d'une hypothèse erronée, |
uitgaat, namelijk dat een man, zelfs indien hij de biologische vader | à savoir qu'un homme, même s'il est le père biologique de l'enfant, |
van het kind is, toch een vordering tot onderzoek naar zijn eigen | serait tout de même titulaire d'une action en recherche de sa propre |
vaderschap zou kunnen instellen. Het antwoord op de vraag is bijgevolg | paternité. La réponse à la question manque dès lors de relevance. Si |
niet pertinent. Hoewel het Hof in dat verband in beginsel niet bevoegd | en principe la Cour n'est pas compétente à cet égard, il semble tout |
is, meent de Ministerraad echter dat een marginale toetsing mogelijk | de même au Conseil des ministres qu'un contrôle marginal doit être |
moet zijn wanneer de vraag op een klaarblijkelijk foutieve hypothese | possible lorsque la question est fondée sur une hypothèse |
gebaseerd is. | manifestement fautive. |
A.2.2. Het is duidelijk dat de prejudiciële vraag zoals ze door de | A.2.2. Il est clair que la question préjudicielle telle qu'elle est |
verwijzende rechter is geformuleerd een vergelijking maakt tussen | formulée par le juge a quo procède à une comparaison entre l'article |
artikel 322, eerste lid, van het Burgerlijk Wetboek en artikel 323 van | 322, alinéa 1er, du Code civil et l'article 323 du Code civil. |
het Burgerlijk Wetboek. Vermits geen van de verwerende partijen gehuwd | Puisqu'aucune des parties défenderesses n'est mariée, l'article 322, |
is, dient artikel 322, tweede lid, niet in aanmerking te worden | alinéa 2, n'est pas à prendre en considération. Le Conseil des |
genomen. De Ministerraad verzoekt het Hof zijn antwoord te beperken | ministres invite la Cour à limiter sa réponse aux dispositions légales |
tot de relevante wetsbepalingen. | relevantes. |
A.2.3. De door de verwijzende rechter aan artikel 323 van het | A.2.3. L'interprétation donnée par le juge a quo à l'article 323 du |
Burgerlijk Wetboek gegeven interpretatie vindt geen enkele steun, noch | Code civil ne trouve aucun appui ni dans les travaux préparatoires, ni |
in de parlementaire voorbereiding, noch in de rechtsleer, noch in de | dans la doctrine, ni dans la jurisprudence. Il est unanimement admis |
rechtspraak. Er wordt unaniem aangenomen dat de beperkingen van | |
artikel 322 van het Burgerlijk Wetboek, die door het belang van het | que les limitations de l'article 322 du Code civil, qui sont dictées |
kind worden opgelegd, ook van toepassing zijn op de in artikel 323 van het Burgerlijk Wetboek bepaalde gevallen. | par l'intérêt de l'enfant, sont aussi applicables aux cas prévus par l'article 323 du Code civil. |
De Ministerraad is van mening dat het criterium van onderscheid | Le Conseil des ministres est d'avis que le critère de distinction |
waarnaar de vraag verwijst geen grondslag vindt in de beoogde | auquel la question renvoie ne trouve pas de fondement dans les |
wetsbepalingen, vermits het criterium van onderscheid volgens hetwelk | dispositions légales visées, puisque le critère de distinction selon |
het al dan niet gehuwd zijn van de moeder op het moment van de geboorte van het kind niet wordt vermeld in de beoogde bepalingen, die enkel verwijzen naar het feit dat op het ogenblik dat de vordering wordt ingesteld, het vaderschap al dan niet krachtens de artikelen 315 en 317 van het Burgerlijk Wetboek is vastgesteld. Die beide criteria stemmen niet volledig overeen. Wanneer de wet niet het beweerde criterium van onderscheid gebruikt, is het onmogelijk dat zij op basis van dat criterium discrimineert. De vraag dient dus ontkennend te worden beantwoord of moet op zijn minst worden geherformuleerd. De vraag moet ook worden geherformuleerd omdat de rechter in werkelijkheid aan het Hof wil vragen of er een onderscheid bestaat tussen de indieners van een vordering tot onderzoek naar het | le mariage ou non de la mère au moment de la naissance de l'enfant ne se retrouve pas dans les dispositions visées qui font seulement référence au fait qu'au moment de l'intentement de l'action la paternité est établie ou non en vertu des articles 315 et 317 du Code civil. Ces deux critères ne se recoupent pas entièrement. Lorsque la loi n'utilise pas le prétendu critère de distinction, il est impossible qu'elle discrimine sur la base de ce critère. La question doit donc recevoir une réponse négative ou à tout le moins être reformulée. La question doit aussi être reformulée parce que le juge veut en réalité demander à la Cour s'il existe une discrimination entre les titulaires d'une action en recherche de paternité, en ce sens que |
vaderschap, in die zin dat enkel in het geval van artikel 322 | seulement dans l'hypothèse de l'article 322 ceux-ci se trouveraient |
laatstgenoemden geconfronteerd zouden worden met een recht van | |
inspraak van het minderjarige kind of van zijn vertegenwoordiger, | confrontés à un droit de participation de l'enfant mineur ou de son |
terwijl dat niet het geval zou zijn, mocht artikel 323 van het | représentant, alors que ceci ne serait pas le cas si l'article 323 du |
Burgerlijk Wetboek worden toegepast. | Code civil trouvait à s'appliquer. |
A.2.4. In ondergeschikte orde zou het Hof kunnen vaststellen dat de | A.2.4. Subsidiairement, la Cour pourrait constater que |
door de rechter gegeven interpretatie klaarblijkelijk onverzoenbaar is | l'interprétation donnée par le juge est manifestement inconciliable |
avec la volonté du législateur et la jurisprudence et doctrine bien | |
met de wil van de wetgever en de ter zake gevestigde rechtspraak en | établies en la matière, de sorte qu'il n'est pas exact d'affirmer que |
rechtsleer, zodat het niet juist is te beweren dat het kind minder | la protection de l'enfant est moindre dans l'hypothèse de l'article |
bescherming geniet in het geval van artikel 323 van het Burgerlijk | 323 du Code civil. Elle pourrait à tout le moins dire que par une |
Wetboek. Het Hof zou minstens kunnen zeggen dat door een conforme | |
interpretatie, de artikelen 10 en 11 van de Grondwet niet geschonden | interprétation conforme, les articles 10 et 11 de la Constitution ne |
zijn. | sont pas violés. |
De Ministerraad zou immers niet kunnen ontkennen dat er een schending | Le Conseil des ministres ne pourrait en effet pas nier qu'il y aurait |
van het gelijkheids- en niet-discriminatiebeginsel zou zijn, indien | une violation du principe d'égalité et de non-discrimination si |
artikel 323 van het Burgerlijk Wetboek zou worden geïnterpreteerd | l'article 323 du Code civil devait être interprété comme le postule le |
zoals de verwijzende rechter dat vooropstelt, quod certe non. De | juge a quo, quod certe non. La violation se trouverait alors seulement |
schending zou dan enkel in artikel 323 van het Burgerlijk Wetboek | dans l'article 323 du Code civil. La Cour a déjà rappelé à bon droit, |
berusten. Het Hof heeft in zijn arrest nr. 36/96 van 6 juni 1996 reeds | dans son arrêt n° 36/96 du 6 juin 1996, que le législateur a voulu |
terecht eraan herinnerd dat de wetgever de vaststelling van de | faire dépendre l'établissement de la filiation d'un contrôle du point |
afstamming heeft willen doen afhangen van een toetsing van het | |
standpunt van het kind en dat het daartoe verplicht is gelet op de | de vue de l'enfant et qu'il y est en effet obligé vu les articles 3.1 |
artikelen 3.1 en 7.1 van het verdrag van New York van 20 november | et 7.1 du traité de New York du 20 novembre 1989. |
1989. In het foutieve geval waarin er geen toetsing zou bestaan krachtens | Dans l'hypothèse fautive où un contrôle n'existerait pas en vertu de |
artikel 323 van het Burgerlijk Wetboek, is het die bepaling en zij | l'article 323 du Code civil, c'est cette disposition et elle seule qui |
alleen die strijdig is met de artikelen 10 en 11 van de Grondwet. | est contraire aux articles 10 et 11 de la Constitution. |
A.2.5. In uiterst ondergeschikte orde, voor zover het Hof oordeelt | A.2.5. A titre extrêmement subsidiaire, pour autant que la Cour estime |
qu'il ne serait pas tenu compte, dans l'hypothèse réglée par l'article | |
dat, in het bij artikel 323 van het Burgerlijk Wetboek geregelde | 323 du Code civil, des intérêts de l'enfant, le Conseil des ministres |
geval, geen rekening zou worden gehouden met de belangen van het kind, | |
sluit de Ministerraad zich aan bij het standpunt van F.V. | se joint à la position de F.V. |
- B - | - B - |
B.1. Artikel 322 van het Burgerlijk Wetboek bepaalt : | B.1. L'article 322 du Code civil dispose : |
« Wanneer het vaderschap niet vaststaat krachtens de artikelen 315 of 317, noch op grond van een erkenning, kan het bij vonnis worden vastgesteld tenzij het kind, indien het een meerderjarige of een ontvoogde minderjarige betreft, daartegen verzet doet of, indien het kind een niet-ontvoogde minderjarige is, zijn moeder of, indien het kind de volle leeftijd van vijftien jaren heeft bereikt, dat kind zelf dan wel zijn wettelijke vertegenwoordiger bewijzen dat de vaststelling van vaderschap strijdig is met de belangen van het kind. Indien de verweerder gehuwd is en het kind tijdens het huwelijk verwekt is bij een andere vrouw dan zijn echtgenote, moet het vonnis waarbij de afstamming wordt vastgesteld, aan de echtgenote worden betekend. Totdat die betekening heeft plaatsgehad, kan het vonnis niet worden tegengeworpen aan de echtgenote, noch aan de kinderen geboren uit haar huwelijk met de verweerder of geadopteerd door beide | « Lorsque la paternité n'est établie ni en vertu des articles 315 ou 317 ni par une reconnaissance, elle peut l'être par un jugement, à moins que l'enfant, s'il est majeur ou mineur émancipé, ne s'y oppose, ou, s'il est mineur non émancipé, que sa mère, lui-même, s'il a quinze ans accomplis, ou son représentant légal ne prouvent que l'établissement de la filiation paternelle serait contraire à l'intérêt de l'enfant. Si le défendeur est marié et si l'enfant a été conçu pendant le mariage par une autre femme que son épouse, le jugement qui établit la filiation doit être signifié à l'épouse. Jusqu'à cette signification, il n'est opposable ni à celle-ci ni aux enfants nés de son mariage |
echtgenoten. » | avec le défendeur ou adoptés par les deux époux. » |
Artikel 323 van het Burgerlijk Wetboek bepaalt : | L'article 323 du Code civil dispose : |
« Wanneer het vaderschap dat vaststaat krachtens artikel 315 of 317 | « Lorsque la paternité établie en vertu des articles 315 ou 317 n'est |
niet bevestigd wordt door het bezit van staat, kan het vaderschap van | pas corroborée par la possession d'état, la paternité d'un autre homme |
een andere man dan de echtgenoot bij vonnis worden vastgesteld in de | que le mari peut être établie par un jugement dans les cas prévus à |
gevallen bepaald in artikel 320. » | l'article 320. » |
Artikel 320 van het Burgerlijk Wetboek staat een andere man dan de | L'article 320 du Code civil permet à un homme autre que le mari de la |
echtgenoot van de moeder toe een kind te erkennen, wanneer het | mère de reconnaître un enfant, lorsque la paternité du mari n'est pas |
vaderschap van de echtgenoot niet bevestigd wordt door het bezit van | corroborée par la possession d'état, pour autant qu'il y soit autorisé |
staat, voor zover hij door de rechtbank van eerste aanleg daartoe is | par le tribunal de première instance et que l'enfant soit né dans |
gemachtigd en het kind geboren is in één van de vier in de bepaling | l'une des quatre hypothèses prévues par la disposition. Ces hypothèses |
bedoelde hypotheses. Al die hypotheses betreffen gevallen waarin uit | concernent toutes des cas où il ressort d'un acte judiciaire que les |
een gerechtelijke akte blijkt dat de echtgenoten niet meer samen waren | époux étaient désunis au moment de la conception de l'enfant. |
op het ogenblik dat het kind werd verwekt. | |
B.2. De Rechtbank van eerste aanleg te Luik stelt aan het Hof de vraag | B.2. Le Tribunal de première instance de Liège interroge la Cour sur |
of de artikelen 322 en 323 van het Burgerlijk Wetboek bestaanbaar zijn | la compatibilité des articles 322 et 323 du Code civil avec les |
met de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, in zoverre zij onder de | articles 10 et 11 de la Constitution en ce qu'ils établissent une |
kinderen een onderscheid vaststellen : onder de kinderen die het | distinction entre les enfants : parmi les enfants qui font l'objet |
voorwerp uitmaken van een onderzoek naar vaderschap, genieten enkel de | |
in artikel 322 van het Burgerlijk Wetboek bedoelde kinderen een | d'une recherche de paternité, seuls les enfants visés à l'article 322 |
bescherming die op de beoordeling van hun persoonlijk belang is | du Code civil bénéficient d'une protection fondée sur l'appréciation |
gebaseerd. | de leur intérêt personnel. |
Het Hof zal zich bijgevolg in dit arrest niet uitspreken over de | La Cour ne se prononcera dès lors pas, dans le présent arrêt, sur la |
bestaanbaarheid van de artikelen 322 en 323 van het Burgerlijk Wetboek | compatibilité des articles 322 et 323 du Code civil avec les articles |
met de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, in zoverre zij een verschil | 10 et 11 de la Constitution en ce qu'ils créeraient une différence de |
in behandeling in het leven zouden roepen tussen de vader en de moeder | traitement entre le père et la mère de l'enfant ni sur la |
van het kind, noch over de bestaanbaarheid van artikel 322, op zichzelf beschouwd, met die grondwettelijke bepalingen. B.3. Het staat aan de rechter die een prejudiciële vraag stelt uitspraak te doen over de toepasbaarheid van een norm op de bij hem aanhangig gemaakte zaak. De verwijzende rechter interpreteert de betrokken bepalingen in die zin dat de biologische vader van een kind een vordering tot onderzoek naar zijn eigen vaderschap kan instellen. Het is uitsluitend op basis van die interpretatie van de verwijzende rechter dat het Hof onderzoekt of de artikelen 322 en 323 van het Burgerlijk Wetboek de artikelen 10 en 11 van de Grondwet schenden. | compatibilité avec ces dispositions constitutionnelles de l'article 322 pris isolément. B.3. C'est au juge qui pose une question préjudicielle qu'il appartient de statuer sur l'applicabilité d'une norme à l'affaire dont il a été saisi. Le juge a quo interprète les dispositions en cause comme attribuant au père biologique d'un enfant une action en recherche de sa propre paternité. C'est exclusivement en fonction de cette interprétation du juge a quo que la Cour examine si les articles 322 et 323 du Code civil violent les articles 10 et 11 de la Constitution. |
B.4. Er bestaat geen enkele aannemelijke reden om een bijzondere | B.4. Il n'existe aucune raison admissible de refuser aux enfants |
bescherming te weigeren aan de kinderen op wie artikel 323 van het | concernés par l'article 323 du Code civil une protection particulière |
Burgerlijk Wetboek betrekking heeft, terwijl die bijzondere | |
bescherming aan de in artikel 322 van het Burgerlijk Wetboek bedoelde | alors qu'elle est accordée aux enfants visés à l'article 322 du Code |
kinderen wordt toegekend. De parlementaire voorbereiding van de wet | civil. Les travaux préparatoires de la loi du 31 mars 1987, qui |
van 31 maart 1987, die aantoont dat enkel artikel 322 van het | révèlent que seul l'article 322 du Code civil a été modifié par voie |
Burgerlijk Wetboek is gewijzigd bij amendement (Gedr. St., Kamer, | |
1985-1986, nr. 378/16, p. 48), verschaft overigens geen enkele | d'amendement (Doc. parl., Chambre, 1985-1986, n° 378/16, p. 48), ne |
verantwoording voor dat verschil in behandeling. | fournissent d'ailleurs aucune justification de cette différence de |
In zoverre artikel 323 dat verschil in behandeling instelt, schendt | traitement. En ce qu'il établit cette différence de traitement, l'article 323 |
het de artikelen 10 en 11 van de Grondwet. | viole les articles 10 et 11 de la Constitution. |
Om die redenen, | Par ces motifs, |
het Hof | la Cour |
zegt voor recht : | dit pour droit : |
In de in B.3 vermelde interpretatie schendt artikel 323 van het | Dans l'interprétation mentionnée au B.3, l'article 323 du Code civil |
Burgerlijk Wetboek de artikelen 10 en 11 van de Grondwet doordat het | viole les articles 10 et 11 de la Constitution en ce qu'il n'offre pas |
niet een bescherming biedt die vergelijkbaar is met die welke in | |
artikel 322 van hetzelfde Wetboek wordt georganiseerd. | une protection comparable à celle organisée par l'article 322 du même |
Aldus uitgesproken in het Frans en het Nederlands, overeenkomstig | Code. Ainsi prononcé en langue française et en langue néerlandaise, |
artikel 65 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het | conformément à l'article 65 de la loi spéciale du 6 janvier 1989 sur |
Arbitragehof, op de openbare terechtzitting van 21 oktober 1998. | la Cour d'arbitrage, à l'audience publique du 21 octobre 1998. |
De griffier, | Le greffier, |
L. Potoms. | L. Potoms |
De voorzitter, | Le président, |
M. Melchior. | M. Melchior |