Etaamb.openjustice.be
Vue multilingue de Erratum du 17/05/2001
← Retour vers "Arrêté du Gouvernement wallon fixant les dates de l'ouverture, de la clôture et de la suspension de la chasse, du 1er juillet 2001 au 30 juin 2006. - Erratum "
Arrêté du Gouvernement wallon fixant les dates de l'ouverture, de la clôture et de la suspension de la chasse, du 1er juillet 2001 au 30 juin 2006. - Erratum Besluit van de Waalse Regering tot vaststelling van de openings-, sluitings- en schorsingsdatums van de jacht, van 1 juli 2001 tot en met 30 juni 2006. - Erratum
MINISTERE DE LA REGION WALLONNE MINISTERIE VAN HET WAALSE GEWEST
17 MAI 2001. - Arrêté du Gouvernement wallon fixant les dates de 17 MEI 2001. - Besluit van de Waalse Regering tot vaststelling van de
l'ouverture, de la clôture et de la suspension de la chasse, du 1er openings-, sluitings- en schorsingsdatums van de jacht, van 1 juli
juillet 2001 au 30 juin 2006. - Erratum 2001 tot en met 30 juni 2006. - Erratum
Le texte de la traduction néerlandaise de l'arrêté susvisé, publié au De tekst van de Nederlandse vertaling van bovenbedoeld besluit,
Moniteur belge du 31 mai 2001, deuxième édition, est remplacé par le gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 31 mei 2001, tweede
texte suivant. uitgave, wordt vervangen door volgende tekst :
"17 MEI 2001. - Besluit van de Waalse Regering tot vaststelling van de 17 MEI 2001. - Besluit van de Waalse Regering tot vaststelling van de
openings-, sluitings- en schorsingsdatums van de jacht, van 1 juli openings-, sluitings- en schorsingsdatums van de jacht, van 1 juli
2001 tot en met 30 juni 2006. 2001 tot en met 30 juni 2006.
De Waalse Regering, De Waalse Regering,
Gelet op de jachtwet van 28 februari 1882, inzonderheid op de Gelet op de jachtwet van 28 februari 1882, inzonderheid op de
artikelen 1 ter, 2, tweede lid, 9, 2°, 9bis, § 1ter, 10, vijfde en artikelen 1 ter, 2, tweede lid, 9, 2°, 9bis, § 1ter, 10, vijfde en
twaalfde lid, derde lid, vervangen bij het decreet van 14 juli 1994; twaalfde lid, derde lid, vervangen bij het decreet van 14 juli 1994;
Gelet op het advies van de "Conseil supérieur wallon de la Chasse" Gelet op het advies van de "Conseil supérieur wallon de la Chasse"
(Waalse Hoge Jachtraad) van 25 januari 2001; (Waalse Hoge Jachtraad) van 25 januari 2001;
Gelet op het overleg gepleegd door de Regeringen van de Beneluxstaten Gelet op het overleg gepleegd door de Regeringen van de Beneluxstaten
op 14 februari 2001; op 14 februari 2001;
Gelet op het advies van de "Conseil supérieur des Villes, Communes et Gelet op het advies van de "Conseil supérieur des Villes, Communes et
Provinces de la Région wallonne" (Hoge Raad van Steden, Gemeenten en Provinces de la Région wallonne" (Hoge Raad van Steden, Gemeenten en
Provincies van het Waalse Gewest), uitgebracht op 20 februari 2001; Provincies van het Waalse Gewest), uitgebracht op 20 februari 2001;
Gelet op het overleg gepleegd door de betrokken Gewestregeringen, op Gelet op het overleg gepleegd door de betrokken Gewestregeringen, op
22 februari 2001; 22 februari 2001;
Gelet op de beraadslaging van de Regering op 22 maart 2001 over het Gelet op de beraadslaging van de Regering op 22 maart 2001 over het
verzoek tot adviesverlening door de Raad van State binnen een termijn verzoek tot adviesverlening door de Raad van State binnen een termijn
van één maand; van één maand;
Gelet op het advies 31.459/4 van de Raad van State, uitgebracht op 2 Gelet op het advies 31.459/4 van de Raad van State, uitgebracht op 2
mei 2001, overeenkomstig artikel 84, eerste lid, 1°, van de mei 2001, overeenkomstig artikel 84, eerste lid, 1°, van de
gecoördineerde wetten op de Raad van State; gecoördineerde wetten op de Raad van State;
Op de voordracht van de Minister van Landbouw en Landelijke Op de voordracht van de Minister van Landbouw en Landelijke
Aangelegenheden; Aangelegenheden;
Na beraadslaging, Na beraadslaging,
Besluit : Besluit :
HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen
Artikel 1. Dit besluit is van toepassing van 1 juli 2001 tot en met 30

Artikel 1.Dit besluit is van toepassing van 1 juli 2001 tot en met 30

juni 2006 voor vijf opeenvolgende jachtjaren die telkens lopen van 1 juni 2006 voor vijf opeenvolgende jachtjaren die telkens lopen van 1
juli tot 30 juni van het daaropvolgende jaar. juli tot 30 juni van het daaropvolgende jaar.
In afwijking van het eerste lid is artikel 10, tweede lid, pas van In afwijking van het eerste lid is artikel 10, tweede lid, pas van
toepassing vanaf het jachtjaar 2002-2003. toepassing vanaf het jachtjaar 2002-2003.

Art. 2.De jacht op alle soorten wild die niet bedoeld zijn in dit

Art. 2.De jacht op alle soorten wild die niet bedoeld zijn in dit

besluit, is verboden. besluit, is verboden.

Art. 3.Voor de toepassing van dit besluit dient te worden verstaan

Art. 3.Voor de toepassing van dit besluit dient te worden verstaan

onder : onder :
1° bers- en loerjacht : soort jacht dat slechts door één enkele jager 1° bers- en loerjacht : soort jacht dat slechts door één enkele jager
beoefend wordt, zonder drijver of hond; beoefend wordt, zonder drijver of hond;
2° drijfjacht : jachtmethode die door meerdere jagers beoefend wordt 2° drijfjacht : jachtmethode die door meerdere jagers beoefend wordt
waarbij gewacht wordt op het wild dat gedreven wordt door drijvers die waarbij gewacht wordt op het wild dat gedreven wordt door drijvers die
al dan geen honden met zich mee voeren; al dan geen honden met zich mee voeren;
3° jacht met drijfhond : jachtmethode die door één of meerdere jagers 3° jacht met drijfhond : jachtmethode die door één of meerdere jagers
beoefend wordt, waarbij zij voor hun bewegingen afgaan op het blaffen beoefend wordt, waarbij zij voor hun bewegingen afgaan op het blaffen
van de honden die het wild opjagen en achtervolgen en waarbij zij op van de honden die het wild opjagen en achtervolgen en waarbij zij op
de weg postvatten die het opgejaagde dier onvermijdelijk op zal gaan; de weg postvatten die het opgejaagde dier onvermijdelijk op zal gaan;
4° jacht met roofvogel : jachtmethode waarbij het wild gevangen wordt 4° jacht met roofvogel : jachtmethode waarbij het wild gevangen wordt
door middel van een daartoe afgerichte prooivogel. door middel van een daartoe afgerichte prooivogel.
HOOFDSTUK II. - Jacht met vuurwapens HOOFDSTUK II. - Jacht met vuurwapens
Afdeling 1. - Grof wild Afdeling 1. - Grof wild
Onderafdeling 1. - Het soort edelhert Onderafdeling 1. - Het soort edelhert

Art. 4.De openings- en sluitingsdatums van de jacht met vuurwapens op

Art. 4.De openings- en sluitingsdatums van de jacht met vuurwapens op

het soort edelhert worden als volgt vastgesteld : het soort edelhert worden als volgt vastgesteld :
1° voor geweidragende herten op de gronden die deel uitmaken van een 1° voor geweidragende herten op de gronden die deel uitmaken van een
erkende jachtraad en op het Koninklijk Jachtdomein van Ciergnon : erkende jachtraad en op het Koninklijk Jachtdomein van Ciergnon :
bersjacht, loerjacht, drijfjacht : van 1 oktober tot en met 31 bersjacht, loerjacht, drijfjacht : van 1 oktober tot en met 31
december; december;
2° voor hinden en jongen beider geslachten : bersjacht, loerjacht, 2° voor hinden en jongen beider geslachten : bersjacht, loerjacht,
drijfjacht : van 1 oktober tot en met 31 december. drijfjacht : van 1 oktober tot en met 31 december.
De loerjacht op het soort edelhert mag beoefend worden van één uur De loerjacht op het soort edelhert mag beoefend worden van één uur
voor de officiële zonsopgang tot één uur na de officiële voor de officiële zonsopgang tot één uur na de officiële
zonsondergang. zonsondergang.
Onderafdeling 2. - Het soort ree Onderafdeling 2. - Het soort ree

Art. 5.De openings- en sluitingsdatums van de jacht met vuurwapens op

Art. 5.De openings- en sluitingsdatums van de jacht met vuurwapens op

het soort ree worden als volgt vastgesteld : het soort ree worden als volgt vastgesteld :
1° voor reebokken : 1° voor reebokken :
a) bers- en loerjacht, met of zonder lokmiddel : van 1 augustus tot en a) bers- en loerjacht, met of zonder lokmiddel : van 1 augustus tot en
met 30 november; met 30 november;
b) drijfjacht : van 1 oktober tot en met 30 november; b) drijfjacht : van 1 oktober tot en met 30 november;
2° voor reegeiten en -kalveren beider geslachten : bersjacht, 2° voor reegeiten en -kalveren beider geslachten : bersjacht,
loerjacht, drijfjacht : van 1 oktober tot en met 30 november. loerjacht, drijfjacht : van 1 oktober tot en met 30 november.
De loerjacht op het soort ree mag beoefend worden van één uur voor de De loerjacht op het soort ree mag beoefend worden van één uur voor de
officiële zonsopgang tot één uur na de officiële zonsondergang. officiële zonsopgang tot één uur na de officiële zonsondergang.

Art. 6.Van 1 augustus tot en met 30 september is het vervoer van

Art. 6.Van 1 augustus tot en met 30 september is het vervoer van

reebokken naar de plaats van verbruik of verkoop in de kleinhandel reebokken naar de plaats van verbruik of verkoop in de kleinhandel
slechts toegelaten indien de dieren op zichtbare wijze hun gewei of de slechts toegelaten indien de dieren op zichtbare wijze hun gewei of de
uiterlijke kenmerken van hun geslacht dragen. uiterlijke kenmerken van hun geslacht dragen.
Onderafdeling 3. - Het soort damhert Onderafdeling 3. - Het soort damhert

Art. 7.De openings- en sluitingsdatums van de jacht met vuurwapens op

Art. 7.De openings- en sluitingsdatums van de jacht met vuurwapens op

het soort damhert worden vastgesteld van 1 oktober tot en met 31 het soort damhert worden vastgesteld van 1 oktober tot en met 31
december. december.
De loerjacht op het soort damhert mag beoefend worden van één uur voor De loerjacht op het soort damhert mag beoefend worden van één uur voor
de officiële zonsopgang tot één uur na de officiële zonsondergang. de officiële zonsopgang tot één uur na de officiële zonsondergang.
Onderafdeling 4. - Het soort moeflon Onderafdeling 4. - Het soort moeflon

Art. 8.De openings- en sluitingsdatums van de jacht met vuurwapens op

Art. 8.De openings- en sluitingsdatums van de jacht met vuurwapens op

het soort moeflon worden vastgesteld van 1 oktober tot en met 31 het soort moeflon worden vastgesteld van 1 oktober tot en met 31
december. december.
De loerjacht op het soort moeflon mag beoefend worden van één uur voor De loerjacht op het soort moeflon mag beoefend worden van één uur voor
de officiële zonsopgang tot één uur na de officiële zonsondergang. de officiële zonsopgang tot één uur na de officiële zonsondergang.
Onderafdeling 5. - Het soort wild zwijn Onderafdeling 5. - Het soort wild zwijn

Art. 9.De openings- en sluitingsdatums van de jacht met vuurwapens op

Art. 9.De openings- en sluitingsdatums van de jacht met vuurwapens op

het soort wild zwijn worden als volgt vastgesteld : het soort wild zwijn worden als volgt vastgesteld :
1° bers- en loerjacht, enkel in open veld : van 1 mei tot en met 30 1° bers- en loerjacht, enkel in open veld : van 1 mei tot en met 30
september; september;
2° bers-, loer- en drijfjacht : van 1 oktober tot en met 31 december. 2° bers-, loer- en drijfjacht : van 1 oktober tot en met 31 december.
De loerjacht op het soort wild zwijn mag beoefend worden van één uur De loerjacht op het soort wild zwijn mag beoefend worden van één uur
vóór de officiële zonsopgang tot één uur na de officiële vóór de officiële zonsopgang tot één uur na de officiële
zonsondergang. zonsondergang.
Afdeling 2. - Het klein wild Afdeling 2. - Het klein wild

Art. 10.De openings- en sluitingsdatums van de jacht met vuurwapens

Art. 10.De openings- en sluitingsdatums van de jacht met vuurwapens

op het klein wild met of zonder niet-verminkte en niet-blindgemaakte op het klein wild met of zonder niet-verminkte en niet-blindgemaakte
lokvogels en kunstmatige lokvogels worden vastgesteld als volgt : lokvogels en kunstmatige lokvogels worden vastgesteld als volgt :
1° patrijs : van 1 september tot en met 30 november; 1° patrijs : van 1 september tot en met 30 november;
2° haas : van 15 oktober tot en met 31 december; 2° haas : van 15 oktober tot en met 31 december;
3° fazanthaan : van 15 oktober tot en met 31 januari; 3° fazanthaan : van 15 oktober tot en met 31 januari;
4° fazanthen : van 15 oktober tot en met 31 december; 4° fazanthen : van 15 oktober tot en met 31 december;
5° houtsnip : van 15 oktober tot en met 31 december. 5° houtsnip : van 15 oktober tot en met 31 december.
De jacht op de patrijs en op de haas is enkel toegelaten in De jacht op de patrijs en op de haas is enkel toegelaten in
jachtgebieden die deel uitmaken van een erkende jachtraad. jachtgebieden die deel uitmaken van een erkende jachtraad.

Art. 11.De loerjacht op de houtsnip loopt van 15 oktober tot en met

Art. 11.De loerjacht op de houtsnip loopt van 15 oktober tot en met

15 november. 15 november.
De loerjacht mag beoefend worden tijdens het halfuur na zonsondergang De loerjacht mag beoefend worden tijdens het halfuur na zonsondergang
en het halfuur vóór zonsopgang. en het halfuur vóór zonsopgang.

Art. 12.Tijdens de periode waarin enkel het afschieten en het vervoer

Art. 12.Tijdens de periode waarin enkel het afschieten en het vervoer

van de fazanthaan toegelaten zijn, mag hij vervoerd, te koop van de fazanthaan toegelaten zijn, mag hij vervoerd, te koop
aangeboden en gekocht worden enkel en alleen indien minstens de veren aangeboden en gekocht worden enkel en alleen indien minstens de veren
op het hoofd van het dier niet geplukt zijn. op het hoofd van het dier niet geplukt zijn.

Art. 13.De houder van het jachtrecht in een bos dat ligt in een

Art. 13.De houder van het jachtrecht in een bos dat ligt in een

gebied dat overeenstemt met de bepalingen van artikel 2bis van de gebied dat overeenstemt met de bepalingen van artikel 2bis van de
jachtwet van 28 februari 1882 mag van 15 september tot en met 30 jachtwet van 28 februari 1882 mag van 15 september tot en met 30
november gebruik maken van kippende ruikooien onder de vorm van november gebruik maken van kippende ruikooien onder de vorm van
doorzichtige gevlochten manden voor het terugvangen in bedoeld bos van doorzichtige gevlochten manden voor het terugvangen in bedoeld bos van
de fazanthanen en -hennen die voor het houden en de kweek zijn bestemd de fazanthanen en -hennen die voor het houden en de kweek zijn bestemd
indien bedoelde houder in voldoende mate over de geschikte indien bedoelde houder in voldoende mate over de geschikte
accommodatie voor het verzorgen van de teruggevangen vogels beschikt. accommodatie voor het verzorgen van de teruggevangen vogels beschikt.
De vangtuigen mogen niet worden geplaatst op minder dan 200 meter van De vangtuigen mogen niet worden geplaatst op minder dan 200 meter van
de rand van het gebied waarvan het jachtrecht aan iemand anders de rand van het gebied waarvan het jachtrecht aan iemand anders
toebehoort. toebehoort.
Afdeling 3. - Het waterwild Afdeling 3. - Het waterwild
Onderafdeling 1. - Openings- en sluitingsdatums Onderafdeling 1. - Openings- en sluitingsdatums

Art. 14.De openings- en sluitingsdatums van de jacht met vuurwapens

Art. 14.De openings- en sluitingsdatums van de jacht met vuurwapens

op het waterwild zijn vastgesteld als volgt : op het waterwild zijn vastgesteld als volgt :
1° wilde eend, met of zonder lokmiddel, niet-blindgemaakte en 1° wilde eend, met of zonder lokmiddel, niet-blindgemaakte en
niet-verminkte lokvogels of kunstmatige lokvogels : van 15 augustus niet-verminkte lokvogels of kunstmatige lokvogels : van 15 augustus
tot en met 31 januari; tot en met 31 januari;
2° smient : van 15 oktober tot en met 31 januari; 2° smient : van 15 oktober tot en met 31 januari;
3° wintertaling : van 15 oktober tot en met 31 januari; 3° wintertaling : van 15 oktober tot en met 31 januari;
4° meerkoet : van 15 oktober tot en met 31 januari. 4° meerkoet : van 15 oktober tot en met 31 januari.
Onderafdeling 2. - Bijzondere bepalingen Onderafdeling 2. - Bijzondere bepalingen

Art. 15.Het schieten van niet vliegvlugge eenden is verboden.

Art. 15.Het schieten van niet vliegvlugge eenden is verboden.

Art. 16.De loerjacht op de wilde eend mag beoefend worden tijdens het

Art. 16.De loerjacht op de wilde eend mag beoefend worden tijdens het

halfuur na zonsondergang en tijdens het halfuur vóór zonsopgang mits halfuur na zonsondergang en tijdens het halfuur vóór zonsopgang mits
voorafgaande kennisgeving bij aangetekende brief aan de voorafgaande kennisgeving bij aangetekende brief aan de
centrumdirecteur van Afdeling Natuur en Bossen van het gebied. centrumdirecteur van Afdeling Natuur en Bossen van het gebied.
In de kennisgeving moet melding worden gemaakt van het exacte aantal In de kennisgeving moet melding worden gemaakt van het exacte aantal
en de opstelling van de loerhutten. en de opstelling van de loerhutten.
Deze hutten mogen enkel geplaatst worden op en binnen een maximale Deze hutten mogen enkel geplaatst worden op en binnen een maximale
afstand van 50 meter van de vijvers en moerassen waar de jager het afstand van 50 meter van de vijvers en moerassen waar de jager het
jachtrecht bezit. jachtrecht bezit.

Art. 17.Indien de vorst lange tijd aanhoudt, kunnen de Minister

Art. 17.Indien de vorst lange tijd aanhoudt, kunnen de Minister

bevoegd voor de jacht of diens afgevaardigde de jacht op de soorten bevoegd voor de jacht of diens afgevaardigde de jacht op de soorten
bedoeld in artikel 14 voor hernieuwbare periodes van telkens vijftien bedoeld in artikel 14 voor hernieuwbare periodes van telkens vijftien
dagen schorsen. dagen schorsen.
Het schorsingsbesluit treedt in kracht de dag van verschijning in het Het schorsingsbesluit treedt in kracht de dag van verschijning in het
Belgisch Staatsblad. Belgisch Staatsblad.
Afdeling 4. - Ander wild Afdeling 4. - Ander wild

Art. 18.De openings- en sluitingsdatums van de jacht met vuurwapens

Art. 18.De openings- en sluitingsdatums van de jacht met vuurwapens

op ander wild in de bossen en de open velden worden vastgesteld als op ander wild in de bossen en de open velden worden vastgesteld als
volgt : volgt :
1° konijn : van 1 september tot en met 28 februari; 1° konijn : van 1 september tot en met 28 februari;
2° houtduif, met of zonder lokmiddel, niet-blindgemaakte en 2° houtduif, met of zonder lokmiddel, niet-blindgemaakte en
niet-verminkte lokdieren : van 15 augustus tot en met 28 februari; niet-verminkte lokdieren : van 15 augustus tot en met 28 februari;
3° vos, met of zonder lokmiddel : het jaar door. De loerjacht mag 3° vos, met of zonder lokmiddel : het jaar door. De loerjacht mag
beoefend worden vanaf één uur vóór zonsopgang tot één uur na beoefend worden vanaf één uur vóór zonsopgang tot één uur na
zonsondergang; zonsondergang;
4° verwilderde kat, met of zonder lokmiddel : het jaar door. De 4° verwilderde kat, met of zonder lokmiddel : het jaar door. De
loerjacht mag beoefend worden vanaf één uur vóór zonsopgang tot één loerjacht mag beoefend worden vanaf één uur vóór zonsopgang tot één
uur na zonsondergang. uur na zonsondergang.
Afdeling 5. - Verbodsbepalingen inzake de jacht met vuurwapens Afdeling 5. - Verbodsbepalingen inzake de jacht met vuurwapens
Onderafdeling 1. - Bij sneeuw Onderafdeling 1. - Bij sneeuw

Art. 19.Bij sneeuw is de jacht in het open veld verboden ongeacht de

Art. 19.Bij sneeuw is de jacht in het open veld verboden ongeacht de

hoeveelheid sneeuw op de bodem. hoeveelheid sneeuw op de bodem.

Art. 20.Bij sneeuw blijft de jacht toegelaten :

Art. 20.Bij sneeuw blijft de jacht toegelaten :

1° op de braakliggende bermen, in grienden, brem, en heggen; 1° op de braakliggende bermen, in grienden, brem, en heggen;
2° bij het schieten van waterwild, op en binnen een maximale afstand 2° bij het schieten van waterwild, op en binnen een maximale afstand
van 50 meter van de vijvers en moerassen waar de jager houder is van van 50 meter van de vijvers en moerassen waar de jager houder is van
het jachtrecht; het jachtrecht;
3° bij het schieten van wild dat rechtstreeks uit het bos komt, uit de 3° bij het schieten van wild dat rechtstreeks uit het bos komt, uit de
braakliggende bermen, de grienden, de bremstruiken of de heggen, braakliggende bermen, de grienden, de bremstruiken of de heggen,
tijdens een drijfjacht, voor een jager die in het bos, ofwel in open tijdens een drijfjacht, voor een jager die in het bos, ofwel in open
veld, langs en tegenover het bos heeft plaatsgevat. veld, langs en tegenover het bos heeft plaatsgevat.

Art. 21.Bij sneeuw wordt elke geïmproviseerde drijfjacht op

Art. 21.Bij sneeuw wordt elke geïmproviseerde drijfjacht op

everzwijnen, doorgaans « het afzetten van het bos » genoemd, verboden everzwijnen, doorgaans « het afzetten van het bos » genoemd, verboden
zowel in de bossen als op de open velden behalve toelating door de zowel in de bossen als op de open velden behalve toelating door de
Minister bevoegd voor de jacht. Minister bevoegd voor de jacht.
Onderafdeling 2. - Ingezaaide velden Onderafdeling 2. - Ingezaaide velden

Art. 22.Het is verboden hoe dan ook te jagen in graanvelden, in

Art. 22.Het is verboden hoe dan ook te jagen in graanvelden, in

velden met graandragende planten, in velden met rijpe of rijpende velden met graandragende planten, in velden met rijpe of rijpende
zaaddragende planten met uitzondering van maïs- en zonnebloemenvelden. zaaddragende planten met uitzondering van maïs- en zonnebloemenvelden.
Het verbod geldt ook indien de planten afgemaaid zijn en op de grond Het verbod geldt ook indien de planten afgemaaid zijn en op de grond
liggen. liggen.
Onderafdeling 3. - Jacht in de nabijheid van kunstmatige Onderafdeling 3. - Jacht in de nabijheid van kunstmatige
voederplaatsen voederplaatsen

Art. 23.De bers- en loerjacht zijn verboden op minder dan 200 meter

Art. 23.De bers- en loerjacht zijn verboden op minder dan 200 meter

van kunstmatige voederplaatsen. van kunstmatige voederplaatsen.
Onderafdeling 4. - Jacht in de nabijheid van woningen Onderafdeling 4. - Jacht in de nabijheid van woningen

Art. 24.Bij de jacht is het verboden in de richting van woningen te

Art. 24.Bij de jacht is het verboden in de richting van woningen te

vuren op een afstand van minder dan 200 meter van bedoelde woningen. vuren op een afstand van minder dan 200 meter van bedoelde woningen.
HOOFDSTUK III. - Jacht in open veld HOOFDSTUK III. - Jacht in open veld

Art. 25.Jacht in open veld op grof wild is verboden, behalve voor

Art. 25.Jacht in open veld op grof wild is verboden, behalve voor

jagers die over het jachtrecht beschikken op het gebied dat het open jagers die over het jachtrecht beschikken op het gebied dat het open
veld en het bos bij dat open veld beslaat. veld en het bos bij dat open veld beslaat.
HOOFDSTUK IV. - Jacht met drijfhond HOOFDSTUK IV. - Jacht met drijfhond

Art. 26.De jacht met drijfhond is open van 1 oktober tot 31 december

Art. 26.De jacht met drijfhond is open van 1 oktober tot 31 december

met inachtneming van de datums vastgelegd voor de de jacht met met inachtneming van de datums vastgelegd voor de de jacht met
vuurwapens op het desbetreffende wild. vuurwapens op het desbetreffende wild.
De jacht met drijfhond op het konijn, de vos en de verwilderde kat is De jacht met drijfhond op het konijn, de vos en de verwilderde kat is
evenwel open van 1 oktober tot en met 28 februari. evenwel open van 1 oktober tot en met 28 februari.
HOOFDSTUK V. - Jacht met roofvogel HOOFDSTUK V. - Jacht met roofvogel

Art. 27.De jacht met roofvogel op elk soort wild bedoeld in dit

Art. 27.De jacht met roofvogel op elk soort wild bedoeld in dit

besluit is open van 1 september tot en met 31 januari. besluit is open van 1 september tot en met 31 januari.
De jacht met roofvogel op de houtduif, het konijn, de vos en de De jacht met roofvogel op de houtduif, het konijn, de vos en de
verwilderde kat is evenwel zowel in open veld als in het bos open van verwilderde kat is evenwel zowel in open veld als in het bos open van
15 augustus tot en met 28 februari. 15 augustus tot en met 28 februari.
HOOFDSTUK VI. - Diverse bepalingen HOOFDSTUK VI. - Diverse bepalingen

Art. 28.Tijdens de periodes waarin enkel de bers- en de loerjacht op

Art. 28.Tijdens de periodes waarin enkel de bers- en de loerjacht op

de reebok en het wild zwijn bedoeld in de artikelen 5 en 9 open is, is de reebok en het wild zwijn bedoeld in de artikelen 5 en 9 open is, is
het gebruik van één of meerdere honden bij de jacht op bedoelde het gebruik van één of meerdere honden bij de jacht op bedoelde
soorten verboden. soorten verboden.
Het gebruik van een aan de leiband gehouden hond is evenwel toegelaten Het gebruik van een aan de leiband gehouden hond is evenwel toegelaten
met het oog op het zoeken en het volgen van het spoor van een gewonde met het oog op het zoeken en het volgen van het spoor van een gewonde
reebok of een gewond wild zwijn. reebok of een gewond wild zwijn.

Art. 29.Het gebruik van hazewinden is verboden zowel voor de jacht

Art. 29.Het gebruik van hazewinden is verboden zowel voor de jacht

als voor het zoeken naar welk soort wild ook. als voor het zoeken naar welk soort wild ook.

Art. 30.De verkoop, het vervoer voor de verkoop en het houden voor

Art. 30.De verkoop, het vervoer voor de verkoop en het houden voor

verkoop van welk soort wild ook dat afkomstig is van de jacht met verkoop van welk soort wild ook dat afkomstig is van de jacht met
roofvogel, van smient, wintertaling, meerkoet, houtsnippen die dood roofvogel, van smient, wintertaling, meerkoet, houtsnippen die dood
zijn en elk deel of elk product dat verkregen werd door middel van de zijn en elk deel of elk product dat verkregen werd door middel van de
gemakkelijk herkenbare vogel, zijn het jaar door verboden. gemakkelijk herkenbare vogel, zijn het jaar door verboden.

Art. 31.Het uitzetten van klein wild en waterwild mag bij alle

Art. 31.Het uitzetten van klein wild en waterwild mag bij alle

middelen gebeuren, met uitzondering van de manuele uitzettingen of van middelen gebeuren, met uitzondering van de manuele uitzettingen of van
elk mechanisch tuig of middel. elk mechanisch tuig of middel.
HOOFDSTUK VII. - Slotbepaling HOOFDSTUK VII. - Slotbepaling

Art. 32.De Minister bevoegd voor de Jacht is belast met de uitvoering

Art. 32.De Minister bevoegd voor de Jacht is belast met de uitvoering

van dit besluit. van dit besluit.
Namen, 17 mei 2001. Namen, 17 mei 2001.
De Minister-President, De Minister-President,
J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE
De Minister van Landbouw en Landelijke Aangelegenheden, De Minister van Landbouw en Landelijke Aangelegenheden,
J. HAPPART" J. HAPPART
^