← Retour vers "Circulaire complétant la circulaire du 9 juin 1997 relative à l'inscription aux registres de la population des instituteurs et professeurs européens en mission officielle en Belgique "
Circulaire complétant la circulaire du 9 juin 1997 relative à l'inscription aux registres de la population des instituteurs et professeurs européens en mission officielle en Belgique | Omzendbrief ter aanvulling van de omzendbrief van 9 juni 1997 betreffende de inschrijving in de bevolkingsregisters van Europese onderwijzers en leraren met officiële zending in België |
---|---|
MINISTERE DE L'INTERIEUR 25 NOVEMBRE 1997. Circulaire complétant la circulaire du 9 juin 1997 relative à l'inscription aux registres de la population des instituteurs et professeurs européens en mission officielle en Belgique A Mesdames et Messieurs les Bourgmestres et Echevins, Pour information à : Madame et Messieurs les Gouverneurs de province, Mesdames et Messieurs les Commissaires d'arrondissement, La présente circulaire rappelle que le Ministère des Affaires étrangères ne délivrant plus aux enseignants ressortissants de l'Union européenne, particulièrement aux personnes originaires d'Espagne, d'Italie, de Grèce et du Portugal, la carte d'identité spéciale prévue à l'arrêté royal du 30 octobre 1991 relatif aux documents de séjour en Belgique de certains ressortissants étrangers, ces personnes doivent, si leur mission excède une année, introduire, conformément à l'article 45 de l'arrêté royal du 8 octobre 1981 sur l'accès au territoire, le séjour, l'établissement et l'éloignement des étrangers, une demande d'établissement auprès de l'administration communale et seront mis en possession de la carte de séjour de ressortissant d'un Etat membre de l'Union européenne, si elles remplissent les conditions requises. A titre transitoire, les personnes dont la carte d'identité spéciale est toujours valable, peuvent, à tout moment et sans formalités, l'échanger contre une carte de séjour de ressortissant d'un Etat membre de l'Union européenne, assortie du même délai de validité que le titre de séjour échangé. En ce qui concerne les enseignants dont le séjour n'excède pas un an, ils seront soumis à la réglementation générale prévue aux articles 46 et 47 de l'arrêté royal précité. Bruxelles, le 25 novembre 1997. Le Ministre de l'Intérieur, | MINISTERIE VAN BINNENLANDSE ZAKEN 25 NOVEMBER 1997. Omzendbrief ter aanvulling van de omzendbrief van 9 juni 1997 betreffende de inschrijving in de bevolkingsregisters van Europese onderwijzers en leraren met officiële zending in België Aan de Dames en Heren Burgemeesters en Schepenen, Ter informatie aan : Mevrouw en de Heren Provinciegouverneurs, De Dames en Heren Arrondissementscommissarissen, Onderhavige omzendbrief herinnert eraan dat het Ministerie van Buitenlandse Zaken de bijzondere identiteitskaart, bedoeld bij het koninklijk besluit van 30 oktober 1991 betreffende de documenten voor het verblijf in België van bepaalde vreemdelingen, niet meer uitreikt aan onderwijzers uit de E.U. met officiële zending in België, in het bijzonder aan de personen die afkomstig zijn van Spanje, Italië, Griekenland en Portugal. Onderwijzers wiens opdracht meer dan één jaar bedraagt moeten overeenkomstig artikel 45 van het koninklijk besluit van 8 oktober 1981 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen, een aanvraag tot vestiging indienen bij het gemeentebestuur. Indien ze voldoen aan de vereiste voorwaarden zullen zij in het bezit gesteld worden van een verblijfskaart voor een onderdaan van de Europese Unie. Bij wijze van overgangsmaatregel kunnen belanghebbenden wier onderwijsopdracht meer dan een jaar bedraagt en wier bijzondere identiteitskaart nog geldig is, deze op ieder ogenblik en zonder formaliteiten inruilen voor een verblijfskaart voor een onderdaan van de Europese Unie, met dezelfde geldigheidsduur als de ingeruilde verblijfstitel. Onderwijzers wiens opdracht minder dan één jaar bedraagt, vallen onder de algemene reglementering, voorzien bij de artikelen 46 en 47 van het hogervermeld koninklijk besluit. Brussel, 25 november 1997. De Minister van Binnenlandse Zaken, |
J. VANDE LANOTTE | J. VANDE LANOTTE |