← Retour vers "Avis prescrit par l'article 74 de la loi spéciale du 6 janvier 1989 sur la Cour d'arbitrage Par
jugement du 25 février 2004 en cause du ministère public et de G. Fairon et autres contre A. Sc(...)"
Avis prescrit par l'article 74 de la loi spéciale du 6 janvier 1989 sur la Cour d'arbitrage Par jugement du 25 février 2004 en cause du ministère public et de G. Fairon et autres contre A. Sc(...) | Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Arbitragehof Bij vonnis van 25 februari 2004 in zake het openbaar ministerie en G. Fairon en anderen tegen A. Schmitz en het Waalse Gewest, waarvan de expedit « Schendt artikel 5, tweede lid, van het Strafwetboek, zoals hersteld bij de wet van 4 mei 1999 tot(...) |
---|---|
COUR D'ARBITRAGE | ARBITRAGEHOF |
Avis prescrit par l'article 74 de la loi spéciale du 6 janvier 1989 | Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 |
sur la Cour d'arbitrage | januari 1989 op het Arbitragehof |
Par jugement du 25 février 2004 en cause du ministère public et de G. | Bij vonnis van 25 februari 2004 in zake het openbaar ministerie en G. |
Fairon et autres contre A. Schmitz et la Région wallonne, dont | Fairon en anderen tegen A. Schmitz en het Waalse Gewest, waarvan de |
l'expédition est parvenue au greffe de la Cour d'arbitrage le 1er mars | expeditie ter griffie van het Arbitragehof is ingekomen op 1 maart |
2004, le Tribunal de police de Verviers a posé la question | 2004, heeft de Politierechtbank te Verviers de volgende prejudiciële |
préjudicielle suivante : | vraag gesteld : |
« L'article 5, alinéa 2, du Code pénal, tel qu'il a été rétabli par la | « Schendt artikel 5, tweede lid, van het Strafwetboek, zoals hersteld |
loi du 4 mai 1999 instaurant la responsabilité pénale des personnes | bij de wet van 4 mei 1999 tot invoering van de strafrechtelijke |
morales, viole-t-il les articles 10 et 11 de la Constitution en ce que la personne employée par une personne morale de droit privé qui a commis une infraction involontaire, peut ne pas être condamnée si elle a commis une faute moins grave que son employeur, alors que la personne employée par une personne morale de droit public qui a commis la même infraction devra nécessairement être condamnée, le cumul des responsabilités étant possible dans le second cas, non visé par ledit article ? » Cette affaire est inscrite sous le numéro 2938 du rôle de la Cour. Le greffier, | verantwoordelijkheid van rechtspersonen, de artikelen 10 en 11 van de Grondwet doordat de persoon die is tewerkgesteld door een privaatrechtelijke rechtspersoon en die een onopzettelijk misdrijf heeft gepleegd, eventueel niet kan worden veroordeeld indien hij een minder ernstige fout heeft begaan dan zijn werkgever, terwijl de persoon die is tewerkgesteld door een publiekrechtelijke rechtspersoon en die hetzelfde misdrijf heeft gepleegd, noodzakelijkerwijze zal moeten worden veroordeeld, waarbij de cumulatie van verantwoordelijkheden mogelijk is in het tweede geval, dat in dat artikel niet wordt beoogd ? » Die zaak is ingeschreven onder nummer 2938 van de rol van het Hof. De griffier, |
P.-Y. Dutilleux. | P.-Y. Dutilleux. |