Arrêté royal rendant obligatoire la convention collective de travail du 25 juin 1997, conclue au sein de la Commission paritaire de l'industrie alimentaire, relative à la prépension à 58 ans aux ouvriers et ouvrières de la boulangerie, pâtisserie et salons de consommation annexés | Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 25 juni 1997, gesloten in het Paritair Comité voor de voedingsnijverheid, betreffende het brugpensioen op 58 jaar aan de werklieden en werksters van de bakkerij, banketbakkerij en consumptiesalons bij een banketbakkerij |
---|---|
MINISTERE DE L'EMPLOI ET DU TRAVAIL | MINISTERIE VAN TEWERKSTELLING EN ARBEID |
18 JUIN 1998. - Arrêté royal rendant obligatoire la convention | 18 JUNI 1998. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt |
collective de travail du 25 juin 1997, conclue au sein de la | verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 25 juni 1997, |
Commission paritaire de l'industrie alimentaire, relative à la | gesloten in het Paritair Comité voor de voedingsnijverheid, |
prépension à 58 ans aux ouvriers et ouvrières de la boulangerie, | betreffende het brugpensioen op 58 jaar aan de werklieden en werksters |
pâtisserie et salons de consommation annexés (1) | van de bakkerij, banketbakkerij en consumptiesalons bij een banketbakkerij (1) |
ALBERT II, Roi des Belges, | ALBERT II, Koning der Belgen, |
A tous, présents et à venir, Salut. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Vu la loi du 5 décembre 1968 sur les conventions collectives de | Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve |
travail et les commissions paritaires, notamment l'article 28; | arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel |
Vu l'arrêté royal du 7 décembre 1992 relatif à l'octroi d'allocations | 28; Gelet op het koninklijk besluit van 7 december 1992 betreffende de |
de chômage en cas de prépension conventionnelle; | toekenning van werkloosheidsuitkeringen in geval van conventioneel |
Vu la demande de la Commission paritaire de l'industrie alimentaire; | brugpensioen; Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de |
voedingsnijverheid; | |
Sur la proposition de Notre Ministre de l'Emploi et du Travail, | Op de voordracht van Onze Minister van Tewerkstelling en Arbeid, |
Nous avons arrêté et arrêtons : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
Article 1er.Est rendue obligatoire la convention collective de |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
travail du 25 juin 1997, reprise en annexe, conclue au sein de la | overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 25 juni 1997, gesloten |
Commission paritaire de l'industrie alimentaire, relative à la | in het Paritair Comité voor de voedingsnijverheid, betreffende het |
prépension à 58 ans aux ouvriers et ouvrières de la boulangerie, | brugpensioen op 58 jaar aan de werklieden en werksters van de |
pâtisserie et salons de consommation annexés. | bakkerij, banketbakkerij en consumptiesalons bij een banketbakkerij. |
Art. 2.Notre Ministre de l'Emploi et du Travail est chargé de |
Art. 2.Onze Minister van Tewerkstelling en Arbeid is belast met de |
l'exécution du présent arrêté. | uitvoering van dit besluit. |
Donné à Bruxelles, le 18 juin 1998. | Gegeven te Brussel, 18 juni 1998. |
ALBERT | ALBERT |
Par le Roi : | Van Koningswege : |
La Ministre de l'Emploi et du Travail, | De Minister van Tewerkstelling en Arbeid, |
Mme M. SMET | Mevr. M. SMET |
_______ | _______ |
Note | Nota |
(1) Références au Moniteur belge : | (1) Verwijzingen naar het Belgisch Staatsblad : |
Loi du 5 décembre 1968, Moniteur belge du 15 janvier 1969. | Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. |
Arrêté royal du 7 décembre 1992, Moniteur belge du 11 décembre 1992. | Koninklijk besluit van 7 december 1992. Belgisch Staatsblad van 11 |
december 1992. | |
Annexe | Bijlage |
Commission paritaire de l'industrie alimentaire | Paritair Comité voor de voedingsnijverheid |
Convention collective de travail du 25 juin 1997 | Collectieve arbeidsovereenkomst van 25 juni 1997 |
Prépension à 58 ans aux ouvriers et ouvrières de la boulangerie, | Brugpensioen op 58 jaar aan de werklieden en werksters van de |
pâtisserie et salons de consommation annexés (Convention enregistrée | bakkerij, banketbakkerij en consumptiesalons bij een banketbakkerij |
le 18 novembre 1997 sous le numéro 46015/CO/118.03) CHAPITRE Ier. - Champ d'application
Article 1er.La présente convention collective de travail est applicable aux employeurs et aux ouvriers et ouvrières des entreprises de la boulangerie, pâtisserie et salons de consommation annexés et qui cotisent au "Fonds social et de garantie de la boulangerie, pâtisserie et salons de consommation annexés". Sont par conséquent exclus du champ d'application, les employeurs qui |
(Overeenkomst geregistreerd op 18 november 1997 onder het nummer 46015/CO/118.03) HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op de werkgevers en de werklieden en werksters van de ondernemingen van de bakkerij, bantetbakkerij en consumptiesalons bij een banketbakkerij en die bijdrageplichtig zijn aan het "Waarborg- en Sociaal Fonds van de bakkerij, bantetbakkerij en consumptiesalons bij een banketbakkerij". Zijn bijgevolg uitgesloten van het toepassingsgebied, de werkgevers die in de onmogelijkheid verkeren de bijdragen aan het fonds te |
sont dans l'impossibilité de cotiser au fonds, pour cause de fermeture | betalen ten gevolge van een sluiting van de onderneming, aangezien de |
d'entreprise, la garantie du paiement de l'indemnité complémentaire | waarborg van betaling van de bijkomende vergoeding dan wordt verzekerd |
étant alors assurée par le Fonds d'indemnisation des travailleurs | door het Fonds tot vergoeding van de in geval van sluiting van de |
licenciés en cas de fermeture d'entreprise en vertu de l'article 2 de | onderneming ontslagen werknemers ingevolge artikel 2 van de wet van 30 |
la loi du 30 juin 1967. | juni 1967. |
CHAPITRE II. - Dispositions | HOOFDSTUK II. - Beschikkingen |
Art. 2.Le régime de l'indemnité complémentaire visée au chapitre III |
Art. 2.Het stelsel van aanvullende vergoeding bedoeld bij hoofdstuk |
de la convention collective de travail n° 17, conclue le 19 décembre | III van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17, gesloten op 19 |
1974 au sein du Conseil national du travail, instaurant un régime | december 1974 in de Nationale Arbeidsraad, tot invoering van een |
d'indemnité complémentaire pour certains travailleurs âgés, en cas de | regeling voor aanvullende vergoeding ten gunste van sommige bejaarde |
licenciement, sauf en cas de motif grave au sens de la législation sur | werknemers, indien zij worden ontslagen, behalve in geval van dringende reden, in de zin van de wetgeving op de |
arbeidsovereenkomsten, algemeen verbindend verklaard bij koninklijk | |
les contrats de travail, rendue obligatoire par arrêté royal du 16 | besluit van 16 januari 1975, bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad |
janvier 1975, publié au Moniteur belge du 31 janvier 1975 et tel que | van 31 januari 1975 en zoals van toepassing gebracht ten laste van het |
mis en application à charge du "Fonds social et de garantie de la | "Waarborg- en Sociaal Fonds van de bakkerij, banketbakkerij en |
boulangerie, pâtisserie et salons de consommation annexés" par la | consumptiesalons bij een banketbakkerij" door de collectieve |
convention collective de travail du 1er juillet 1976, rendue | arbeidsovereenkomst van 1 juli 1976, algemeen verbindend verklaard bij |
obligatoire par arrêté royal du 10 novembre 1976, publié au Moniteur | koninklijk besluit van 10 november 1976, bekendgemaakt in het Belgisch |
belge du 17 décembre 1976, est octroyé aux ouvriers et ouvrières âgés | Staatsblad van 17 december 1976, wordt toegekend aan de arbeiders en |
de 58 ans ou plus. Il doit être satisfait à la condition d'âge | arbeidsters van 58 jaar of ouder. Aan voornoemde leeftijdsvoorwaarde |
précitée : | moet worden voldaan : |
- le jour où le délai de préavis prend fin définitivement si le | - de dag waarop de opzeggingstermijn werkelijk een einde neemt, indien |
contrat de travail est résilié par l'employeur moyennant un délai de | de arbeidsovereenkomst door de werkgever wordt opgezegd met een |
préavis; | opzeggingstermijn; |
- le jour de la rupture du contrat si le contrat de travail est | - de dag van verbreking van de overeenkomst indien de |
résilié par l'employeur sans délai de préavis. | arbeidsovereenkomst door de werkgever wordt opgezegd zonder |
opzeggingstermijn. | |
Art. 3.De opzegging voorzien in artikel 2, kan, onder voorbehoud van |
|
Art. 3.Sans préjudice des dispositions de la loi du 3 juillet 1978 |
de bepalingen van de wet van 3 juli 1978 op de arbeidsovereenkomsten, |
sur les contrats de travail, le licenciement dont question à l'article | |
2 peut être la conséquence d'une initiative de l'employeur et/ou de | het gevolg zijn van een initiatief van de werkgever en/of de werkman |
l'ouvrier ou de l'ouvrière, sauf pour les entreprises occupant moins | of werkster, behalve voor de ondernemingen die minder dan tien |
de dix travailleurs où l'initiative émane de l'entreprise. | werknemers tewerkstellen waar het initiatief aan de werkgever toekomt. |
Art. 4.§ 1er. Les ouvriers et ouvrières qui atteignent en 1997 ou |
Art. 4.§ 1. De werklieden en werksters die in 1997 of 1998 of 1999 de |
1998 ou en 1999 l'âge de 58 ou 59 ans et qui sont mis en prépension | leeftijd van 58 of 59 jaar bereiken en die in brugpensioen worden |
doivent, conformément à l'arrêté royal du 7 décembre 1992 relatif à | gesteld moeten overeenkomstig het koninklijk besluit van 7 december |
l'octroi d'allocations de chômage en cas de prépension | 1992 betreffende de toekenning van werkloosheidsuitkeringen in geval |
conventionnelle, justifier de vingt-cinq ans de travail effectif ou de | van conventioneel brugpensioen, vijfentwintig jaar effectief |
journées assimilées. | gepresteerd werk of gelijkgestelde dagen bewijzen. |
§ 2. S'ils sont prépensionnés à l'âge de 60 ans ou plus, ils doivent : | § 2. Indien zij bruggepensioneerd zijn op de leeftijd van 60 jaar of |
meer, dan moeten zij : | |
- soit justifier d'avoir été lié(e)s pendant au moins dix ans par un | - hetzij het bewijs kunnen leveren dat ze verbonden zijn geweest door |
contrat de travail avec des employeurs ressortissant à la même | een arbeidsovereenkomst gedurende tenminste tien jaar met werkgevers |
commission paritaire durant les quinze dernières années, c'est-à-dire | behorende tot hetzelfde paritair comité tijdens de periode van |
les quinze années précédant la prise de cours du délai de préavis ou | vijftien jaar voorafgaand aan de aanvang van de opzeggingstermijn of |
de la période couverte par l'indemnité de congé; | van de door de opzeggingstermijn gedekte periode; |
- soit justifier de vingt ans de travail salarié ou de journées | - hetzij het bewijs kunnen leveren van twintig jaar arbeid in |
assimilées et ce, toujours en application de l'arrêté royal du 7 | loondienst of gelijkgestelde dagen en dit, nog steeds in uitvoering |
décembre 1992 précité. | van het koninklijk besluit van 7 december 1992 bovengenoemd. |
§ 3. Le moment auquel on se place pour apprécier l'ancienneté est : | § 3. Het ogenblik waarop de anciënniteit wordt bepaald is : |
- le jour où le délai de préavis prend fin définitivement, si le | - de dag waarop de opzeggingstermijn werkelijk een einde neemt, indien |
contrat de travail est résilié par l'employeur moyennant un délai de | de arbeidsovereenkomst door de werkgever wordt opgezegd met een |
préavis; | opzeggingstermijn; |
- le jour de la rupture du contrat si le contrat de travail est | - de dag van verbreking van de overeenkomst indien de |
résilié par l'employeur sans délai de préavis. | arbeidsovereenkomst door de werkgever wordt opgezegd zonder |
Art. 5.§ 1er. Les employeurs, doivent remplacer le prépensionné, en |
opzeggingstermijn. Art. 5.§ 1. De werkgevers moeten voorzien in de vervanging van de |
respectant les conditions stipulées par l'arrêté royal du 7 décembre | bruggepensioneerde, met naleving van de bepalingen van het koninklijk |
1992 précité. | besluit van 7 december 1992 bovengenoemd. |
§ 2. Le fonds social ne se substitue à aucun titre et en aucun cas à | § 2. Het sociaal fonds kan zich niet, in geen enkel opzicht en in geen |
l'employeur, en ce qui concerne les sanctions prévues par l'arrêté | enkel geval in de plaats stellen van de werkgever, wat de sancties |
royal du 7 décembre 1992, relatif à l'octroi d'allocations de chômage | betreffen voorzien door het koninklijk besluit van 7 december 1992, |
en cas de prépension conventionnelle, pour l'employeur qui ne respecte | betreffende de toekenning van werkloosheidsuitkeringen in geval van |
conventioneel brugpensioen voor de werkgever, die de bepalingen van | |
pas les dispositions du même arrêté, en matière de remplacement | hetzelfde besluit inzake de verplichte vervanging niet naleeft. |
obligatoire. Art. 6.Le fonds social supportera la charge financière des |
Art. 6.Het sociaal fonds zal de financiële lasten dragen van de |
cotisations capitatives mensuelles instaurées par la loi du 29 | capitatieve maandelijkse bijdragen ingevoerd door de wet van 29 |
décembre 1990 portant des dispositions sociales et par la | december 1990 houdende sociale bepalingen en door de programmawet van |
loi-programme du 22 décembre 1989 et ce, exclusivement pour les | 22 december 1989 en dit, specifiek voor de bruggepensioneerde |
ouvriers et ouvrières prépensionnés en vertu de la présente convention | arbeiders en arbeidsters uit hoofde van onderhavige collectieve |
collective de travail. | arbeidsovereenkomst. |
CHAPITRE III. - Validité | HOOFDSTUK III. - Geldigheid |
Art. 7.La présente convention collective de travail est conclue pour |
Art. 7.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is gesloten voor een |
une durée déterminée. Elle entre en vigueur le 1er juillet 1997 et | bepaalde tijd. Zij treedt in werking op 1 juli 1997 en houdt op van |
vient à échéance le 30 juin 1999. | kracht te zijn op 30 juni 1999. |
Vu pour être annexé à l'arrêté royal du 18 juin 1998. | Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 18 juni 1998. |
La Ministre de l'Emploi et du Travail, | De Minister van Tewerkstelling en Arbeid, |
Mme M. SMET | Mevr. M. SMET |