Arrêté royal précisant les modalités d'application de la loi déterminant les conditions auxquelles les autorités locales peuvent bénéficier d'une aide financière de l'Etat dans le cadre de la politique urbaine | Koninklijk besluit tot vaststelling van de toepassingsmodaliteiten van de wet tot bepaling van de voorwaarden waaronder de plaatselijke overheden een financiële bijstand kunnen genieten van de staat in het kader van het stedelijk beleid |
---|---|
MINISTERE DES AFFAIRES ECONOMIQUES, MINISTERE DE L'EMPLOI ET DU TRAVAIL, MINISTERE DES COMMUNICATIONS ET DE L'INFRASTRUCTURE ET MINISTERE DE L'INTERIEUR 12 AOUT 2000. - Arrêté royal précisant les modalités d'application de la loi déterminant les conditions auxquelles les autorités locales peuvent bénéficier d'une aide financière de l'Etat dans le cadre de la politique urbaine | MINISTERIE VAN ECONOMISCHE ZAKEN, MINISTERIE VAN TEWERKSTELLING EN ARBEID, MINISTERIE VAN VERKEER EN INFRASTRUCTUUR EN MINISTERIE VAN BINNENLANDSE ZAKEN 12 AUGUSTUS 2000. - Koninklijk besluit tot vaststelling van de toepassingsmodaliteiten van de wet tot bepaling van de voorwaarden waaronder de plaatselijke overheden een financiële bijstand kunnen genieten van de staat in het kader van het stedelijk beleid |
ALBERT II, Roi des Belges, | ALBERT II, Koning der Belgen, |
A tous, présents et à venir, Salut. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Vu la loi du 17 juillet 2000, déterminant les conditions auxquelles | Gelet op de wet van 17 juli 2000 tot bepaling van de voorwaarden |
les autorités locales peuvent bénéficier d'une aide financière de | waaronder de plaatselijke overheden een financiële bijstand kunnen |
l'Etat dans le cadre de la politique urbaine. | genieten van de Staat in het kader van het stedelijk beleid; |
Vu l'avis de l'Inspecteur des Finances, donné le 15 mars 2000; | Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 15 |
Vu l'accord du Ministre du Budget, donné le 30 juin 2000; | maart 2000; Gelet op het akkoord van de Minister van Begroting, gegeven op 30 juni 2000; |
Vu les lois sur le Conseil d'Etat, coordonnées le 12 janvier 1973, | Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari |
1973, inzonderheid op artikel 3, § 1, vervangen door de wet van 4 juli | |
notamment l'article 3, § 1er, remplacé par la loi du 4 juillet 1989 et | 1989 en gewijzigd door de wet van 4 augustus 1996; |
modifié par la loi du 4 août 1996; Vu l'urgence; | Gelet op de dringende noodzakelijkheid; |
Considérant que dans le cadre de la politique de revitalisation des | Overwegende dat het in het raam van het beleid tot herwaardering van |
quartiers en crise dans les grandes villes, il importe de mettre en | de crisiswijken in de grote steden belangrijk is dat zo spoedig |
place, dans les meilleurs délais, un programme d'aide aux autorités | mogelijk een bijstandsprogramma tot stand wordt gebracht voor de |
locales qui souhaitent mettre en oeuvre des initiatives s'inscrivant | plaatselijke overheid die initiatieven wenst te nemen die ressorteren |
dans les compétences de l'Etat fédéral; | onder de bevoegdheden van de Federale Staat; |
Considérant que les programmes d'intervention en vue de revitaliser les zones urbaines précarisées nécessitent, pour garantir leur visibilité et leur efficacité, qu'un seuil minimum d'investissements soit consenti; que, dès lors, le Gouvernement doit se prémunir contre le risque inhérent à une trop grande dispersion des moyens disponibles; Considérant en conséquence qu'il convient de définir les zones urbaines qui, dans un premier temps, bénéficieront de l'intervention du Gouvernement fédéral; Qu'en outre, afin de garantir l'efficacité des mesures entreprises, il s'impose de régler la manière dont le financement des autorités locales s'opérera; Sur la proposition de Notre Vice-Première, Ministre et Ministre de l'Emploi, de Notre Vice-Premier Ministre et Ministre du Budget, de Notre Vice-Première Ministre et Ministre de la Mobilité et des Transports, de Notre Ministre des Télécommunications et des Entreprises et Participations publiques, de Notre Ministre de l'Intérieur, et de Notre Ministre chargé de la Politique des grandes villes, Nous avons arrêté et arrêtons : Article 1er.Dans le présent arrêté, il convient d'entendre par : |
Overwegende dat de interventieprogramma's gericht op de herwaardering van de achtergestelde stadsgebieden vereisen dat een minimale investeringsdrempel in aanmerking wordt genomen om de zichtbaarheid en de efficiëntie ervan te kunnen waarborgen; dat de Regering zich derhalve moet wapenen tegen het risico verbonden aan een te grote versnippering van de beschikbare middelen; Overwegende als gevolg hiervan dat vastgesteld dient te worden welke stadsgebieden in een eerste fase zullen genieten van de tussenkomst van de Federale Regering; Dat het bovendien aangewezen is de wijze te regelen waarop de plaatselijke overheid gefinancierd zal worden met het oog op de doeltreffendheid van de genomen maatregelen; Op de voordracht van Onze Vice-Eerste Minister en Minister van Werkgelegenheid, van Onze Vice-Eerste Minister en Minister van Begroting, van Onze Vice-Eerste Minister en Minister van Mobiliteit en Vervoer, van Onze Minister van Telecommunicatie en Overheidsbedrijven en participaties, van Onze Minister van Binnenlandse Zaken, en van Onze Minister belast met het Grootstedenbeleid, Hebben Wij besloten en besluiten Wij : Artikel 1.In dit besluit moet worden verstaan onder: |
- la loi : la loi du 17 juillet 2000 déterminant les conditions | - de wet : de wet van 17 juli 2000 tot bepaling van de voorwaarden |
auxquelles les autorités locales peuvent bénéficier d'une aide | waaronder de plaatselijke overheden een financiële bijstand kunnen |
financière de l'Etat dans le cadre de la politique urbaine. | genieten van de Staat in het kader van het stedelijk beleid. |
- la convention : la convention visée à l'article 4, alinéa 1er de | - de overeenkomst : de overeenkomst bedoeld in artikel 4, eerste lid, |
ladite loi. | van de voornoemde wet. |
Art. 2.Les autorités locales visées à l'article 3 de la loi sont : |
Art. 2.De plaatselijke overheden bedoeld in artikel 3 van de wet zijn : |
De plaatselijke overheden van de stedelijke centra Antwerpen, | |
Les autorités locales des centres urbains d'Anvers, Charleroi, Gand et | Charleroi, Gent en Luik, alsook binnen het grondgebied van het |
Liège, ainsi que sur le territoire de la Région de Bruxelles-Capitale | Brussels Hoofdstedelijk Gewest, zoals dit wordt omschreven in artikel |
telle que définie à l'article 2, § 1er de la loi du 12 janvier 1989 | 2, § 1, van de wet van 12 januari 1989 met betrekking tot de Brusselse |
relative aux institutions bruxelloises Bruxelles, Anderlecht, | Instellingen Brussel, Anderlecht, Sint-Gillis, Sint-Joost-ten-Node, |
Saint-Gilles, Saint-Josse-ten-Noode, Molenbeek-Saint-Jean, Schaerbeek et Forest. | Sint-Jans-Molenbeek, Schaarbeek en Vorst. |
Rentrent également en ligne de compte : les administrations locales et | Komen evenzeer in aanmerking : de plaatselijke overheden en met name |
notamment les CPAS de Malines, Louvain, Bruges, Courtrai, Ostende, | de OCMW's van Mechelen, Leuven, Brugge, Kortrijk, Oostende, Roeselare, |
Roeselare, Alost, Termonde, Saint-Nicolas, Genk, Hasselt, Mons, | Aalst, Dendermonde, Sint-Niklaas, Genk, Hasselt, Bergen, Moeskroen, La |
Mouscron, La Louvière, Tournai, Seraing, Verviers, Namur, Ixelles, | Louvière, Doornik, Seraing, Verviers, Namen, Elsene, Ukkel en |
Uccle et Etterbeek, comme inscrit dans le programme Printemps - troque | Etterbeek, zoals ingeschreven in het Lente-programma Wie Werkt Wint, |
l'aide pour du boulot, approuvé par le Conseil des Ministres du 17 | goedgekeurd op de Ministerraad van 17 maart 2000. |
mars 2000. Art. 3.La convention définit notamment les missions confiées à |
Art. 3.De overeenkomst preciseert ondermeer de omschrijving van de |
l'autorité locale, les résultats à atteindre, la désignation du | opdrachten toevertrouwd aan de plaatselijke overheid, de te bereiken |
responsable du projet au sein de l'autorité locale et les services que | resultaten, de aanduiding van de verantwoordelijke van het project |
l'Etat fédéral désigne en vue de s'assurer du respect des objectifs | binnen de plaatselijke overheid en de diensten aangewezen door de |
federale Staat om na te gaan of de vastgestelde doelstellingen | |
définis, comme il a été établi à l'article 4 de la loi. | nageleefd worden, zoals omschreven in artikel 4 van de wet. |
Art. 4.Il est constitué un comité interministériel composé des |
Art. 4.Er wordt een interministerieel comité opgericht samengesteld |
ministres de l'Emploi, de l'Intégration Sociale, des Transports, de | uit de ministers van Werkgelegenheid, van Maatschappelijke Integratie, |
l'Intérieur et du Ministre en charge de la tutelle sur la Régie des | van Vervoer, van Binnenlandse Zaken en de Minister belast met het |
Bâtiments. | toezicht op de Regie der Gebouwen. |
Le comité interministériel visé à l'alinéa premier soumet les projets | Het in het eerste lid bedoelde interministerieel comité legt de |
de convention à l'approbation du Conseil des Ministres et en supervise | ontwerpovereenkomsten ter goedkeuring voor aan de Ministerraad en |
la bonne exécution. | heeft de supervisie over de goede uitvoering ervan. |
Art. 5.Nos Ministres de l'Emploi, de l'Intégration Sociale, des |
Art. 5.Onze Ministers van Werkgelegenheid, van Maatschappelijke |
Transports, de l'Intérieur, Notre Ministre en charge de la Tutelle sur | Integratie, van Vervoer, van Binnenlandse Zaken en Onze Minister |
la Régie des Bâtiments, et Notre Ministre chargé de la Politique des | belast met het toezicht op de Regie der Gebouwen en Onze Minister |
grands Villes sont chargés, chacun en ce qui le concerne de | belast met het Grootstedenbeleid zijn belast, ieder wat hem betreft, |
l'exécution du présent arrêté. | met de uitvoering van dit besluit. |
Donné à Nice, le 12 août 2000. | Gegeven te Nice, 12 augustus 2000. |
ALBERT | ALBERT |
Par le Roi : | Van Koningswege : |
La Vice-Première Ministre et Ministre de l'Emploi, | De Vice-Eerste Minister en Minister van Werkgelegenheid |
Mme L. ONKELINX | Mevr. L. ONKELINX |
Pour le Vice-Premier Ministre, | Voor de Vice-Eerste Minister, |
Ministre du Budget, de l'Intégration sociale et de l'Economie sociale, | Minister Van begroting, van Maatschappelijke Integratie en van Sociale |
absent, | Economie, afwezig, |
Le Ministre des Affaires sociales et des Pensions, | De Minister van Sociale Zaken en Pensioen, |
F. VANDENBROUCKE | F. VANDENBROUCKE |
La Vice-Première Ministre et Ministre de la Mobilité et des Transports, | De Vice-Eerste Minister en Minister van Mobiliteit en Vervoer, |
Mme I. DURANT | Mevr. I. DURANT |
Le Ministre de l'Intérieur, | De Minister van Binnenlandse Zaken, |
A. DUQUESNE | A. DUQUESNE |
Le Ministre des Télécommunications | De Minister van Telecommunicatie |
et des Entreprises et Participations publiques, | en Overheidsbedrijven en- Participaties, |
R. DAEMS | R. DAEMS |
Le Ministre de l'Economie et de la Recherche scientifique, | De Minister van Economie en Wetenschappelijk Onderzoek, belast met het |
chargé de la Politique des grandes villes, | Grootstedenbeleid, |
Ch. PICQUE . | Ch. PICQUE. |