Arrêté du Gouvernement flamand portant des dispositions pécuniaires applicables aux membres du personnel des centres d'éducation de base et modifiant l'arrêté royal du 15 avril 1958 portant statut pécuniaire du personnel enseignant, scientifique et assimilé du Ministère de l'Instruction publique et l'arrêté royal du 1er décembre 1970 fixant le statut pécuniaire des membres du personnel administratif, du personnel de maîtrise, gens de métier et de service des établissements d'enseignement gardien, primaire, spécial, moyen, technique, artistique et normal de l'Etat | Besluit van de Vlaamse Regering houdende geldelijke bepalingen voor de personeelsleden van de Centra voor Basiseducatie en tot wijziging van het koninklijk besluit van 15 april 1958 houdende bezoldigingsregeling van het onderwijzend, wetenschappelijk en daarmee gelijkgesteld personeel van het Ministerie van Openbaar Onderwijs en het koninklijk besluit van 1 december 1970 houdende bezoldigingsregeling van het administratief personeel, het meesters-, vak- en dienstpersoneel van de rijksinrichtingen voor kleuteronderwijs, voor lager, buitengewoon, middelbaar, technisch, kunst- en normaalonderwijs |
---|---|
AUTORITE FLAMANDE | VLAAMSE OVERHEID |
24 JUILLET 2009. - Arrêté du Gouvernement flamand portant des | 24 JULI 2009. - Besluit van de Vlaamse Regering houdende geldelijke |
dispositions pécuniaires applicables aux membres du personnel des | bepalingen voor de personeelsleden van de Centra voor Basiseducatie en |
centres d'éducation de base et modifiant l'arrêté royal du 15 avril 1958 portant statut pécuniaire du personnel enseignant, scientifique et assimilé du Ministère de l'Instruction publique et l'arrêté royal du 1er décembre 1970 fixant le statut pécuniaire des membres du personnel administratif, du personnel de maîtrise, gens de métier et de service des établissements d'enseignement gardien, primaire, spécial, moyen, technique, artistique et normal de l'Etat Le Gouvernement flamand, | tot wijziging van het koninklijk besluit van 15 april 1958 houdende bezoldigingsregeling van het onderwijzend, wetenschappelijk en daarmee gelijkgesteld personeel van het Ministerie van Openbaar Onderwijs en het koninklijk besluit van 1 december 1970 houdende bezoldigingsregeling van het administratief personeel, het meesters-, vak- en dienstpersoneel van de rijksinrichtingen voor kleuteronderwijs, voor lager, buitengewoon, middelbaar, technisch, kunst- en normaalonderwijs De Vlaamse Regering, |
Vu le décret du 13 juillet 1994 relatif aux instituts supérieurs en | Gelet op het decreet van 13 juli 1994 betreffende de hogescholen van |
Communauté flamande, notamment les articles 135 et 155; | de Vlaamse Gemeenschap, artikel 135 en 155; |
Vu le décret du 13 juillet 2001 relatif à l'enseignement XIII - | Gelet op het decreet van 13 juli 2001 betreffende het |
Mosaïque, notamment l'article IX.9; | onderwijs-XIII-Mozaïek, artikel IX.9; |
Vu le décret du 14 février 2003 relatif à l'enseignement XIV, | Gelet op het decreet van 14 februari 2003 betreffende het onderwijs |
notamment l'article X.58; | XIV, artikel X.58; |
Vu le décret du 15 juin 2007 relatif à l'éducation des adultes, | Gelet op het decreet van 15 juni 2007 betreffende het |
volwassenenonderwijs, inzonderheid op artikel 127, gewijzigd bij het | |
notamment l'article 127, modifié par le décret du 8 mai 2009, | decreet van 8 mei 2009, artikel 128, § 2, gewijzigd bij het decreet |
l'article 128, § 2, modifié par le décret du 8 mai 2009 et l'article | van 8 mei 2009 en artikel 128bis, gewijzigd bij het decreet van 8 mei |
128bis, modifié par le décret du 8 mai 2009; | 2009; |
Vu l'arrêté royal du 15 avril 1958 portant statut pécuniaire du | Gelet op het koninklijk besluit van 15 april 1958 houdende |
personnel enseignant, scientifique et assimilé du Ministère de | bezoldigingsregeling van het onderwijzend, wetenschappelijk en daarmee |
l'Instruction publique; | gelijkgesteld personeel van het Ministerie van Openbaar Onderwijs; |
Vu l'arrêté royal du 1er décembre 1970 fixant le statut pécuniaire des | Gelet op het koninklijk besluit van 1 december 1970 houdende |
membres du personnel administratif, du personnel de maîtrise, gens de | bezoldigingsregeling van het administratief personeel, het meesters-, |
métier et de service des établissements d'enseignement gardien, | vak- en dienstpersoneel van de rijksinrichtingen voor |
primaire, spécial, moyen, technique, artistique et normal de l'Etat; | kleuteronderwijs, voor lager, buitengewoon, middelbaar, technisch, |
Vu l'accord du Ministre flamand chargé du budget, donné les 15 juillet | kunst- en normaalonderwijs; Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de |
2008 et 28 mai 2009; | begroting, gegeven op 15 juli 2008 en 28 mei 2009; |
Vu le protocole n° 688 du 20 mars 2009 portant les conclusions des | Gelet op protocol nr. 688 van 20 maart 2009 houdende de conclusies van |
de onderhandelingen die werden gevoerd in de gemeenschappelijke | |
négociations menées en réunion commune du Comité sectoriel X et de la | vergadering van Sectorcomité X en van onderafdeling Vlaamse |
sous-section 'Communauté flamande' de la section 2 du Comité des | Gemeenschap van afdeling 2 van het Comité voor de provinciale en |
services publics provinciaux et locaux; | plaatselijke overheidsdiensten; |
Vu le protocole n° 454 du 20 mars 2009 portant les conclusions des | Gelet op protocol nr. 454 van 20 maart 2009 houdende de conclusies van |
négociations menées au sein du Comité coordinateur de négociation visé | de onderhandelingen die werden gevoerd in het overkoepelend |
au décret du 5 avril 1995 portant création de comités de négociation | onderhandelingscomité, vermeld in het decreet van 5 april 1995 tot |
dans l'enseignement libre subventionné; | oprichting van onderhandelingscomités in het vrij gesubsidieerd onderwijs; |
Vu le protocole n° 6 du 26 septembre 2008 portant les conclusions des | Gelet op protocol nr. 6 van 26 september 2008 houdende de conclusies |
van de onderhandelingen die werden gevoerd in het Vlaams | |
négociations menées au sein du Comité flamand de négociation de | Onderhandelingscomité voor de basiseducatie, vermeld in het decreet |
l'éducation de base, visé au décret du 23 janvier 2009 portant | van 23 januari 2009 tot oprichting van onderhandelingscomités voor de |
création de comités de négociation pour l'éducation de base et pour le | |
'Vlaams Ondersteuningscentrum voor het Volwassenenonderwijs' (Centre | basiseducatie en voor het Vlaams Ondersteuningscentrum voor het |
flamand d'Aide à l'Education des Adultes); | Volwassenenonderwijs; |
Vu l'avis 46.867/1 du Conseil d'Etat, donné le 1er juillet 2009, par | Gelet op het advies 46.867/1 van de Raad van State, gegeven op 1 juli |
application de l'article 84, § 1er, alinéa 1er, 1°, des lois sur le | 2009, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1°, van de |
Conseil d'Etat, coordonnées le 12 janvier 1973; | wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; |
Sur la proposition du Ministre flamand de l'Emploi, de l'Enseignement | Op voorstel van de Vlaamse minister van Werk, Onderwijs en Vorming; |
et de la Formation; | Na beraadslaging, |
Après délibération, | |
Arrête : | Besluit : |
CHAPITRE Ier. - Champ d'application | HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied |
Article 1er.Le présent arrêté s'applique aux membres du personnel |
Artikel 1.Dit besluit is van toepassing op de personeelsleden vermeld |
visés à l'article 127, alinéa premier, § 1er, 1° et 2°, du décret du | in artikel 127, eerste lid, § 1, 1° en 2°, van het decreet van 15 juni |
15 juin 2007 relatif à l'éducation des adultes. | 2007 betreffende het volwassenenonderwijs. |
Sans préjudice de l'application de l'alinéa premier, le chapitre VII | Met behoud van de toepassing van het eerste lid, is hoofdstuk VII |
s'applique également aux membres du personnel des centres d'éducation | eveneens van toepassing op de personeelsleden van de Centra voor |
de base qui sont rémunérés sur la base : | Basiseducatie die bezoldigd worden op basis van : |
1° de l'arrêté royal du 15 avril 1958 portant statut pécuniaire du | 1° het koninklijk besluit van 15 april 1958 houdende de |
personnel enseignant, scientifique et assimilé du Ministère de | bezoldigingsregeling van het onderwijzend, wetenschappelijk en daarmee |
l'Instruction publique; | gelijkgesteld personeel van het Ministerie van Openbaar Onderwijs |
2° de l'arrêté royal du 1er décembre 1970 fixant le statut pécuniaire | 2° het koninklijk besluit van 1 december 1970 houdende |
des membres du personnel administratif, du personnel de maîtrise, gens | bezoldigingsregeling van het administratief personeel, het meesters-, |
de métier et de service des établissements d'enseignement gardien, | vak- en dienstpersoneel van de rijksinrichtingen voor |
primaire, spécial, moyen, technique, artistique et normal de l'Etat. | kleuteronderwijs, voor lager, buitengewoon, middelbaar, technisch, |
kunst- en normaalonderwijs. | |
CHAPITRE II. - Terminologie | HOOFDSTUK II. - Terminologie |
Art. 2.Pour la rémunération des membres du personnel visés à |
Art. 2.Voor de bezoldiging van de in artikel 1 vermelde |
personeelsleden wordt verstaan onder een functie met volledige | |
l'article 1er, il faut entendre par une fonction à prestations | prestaties, de functie die in één Centrum voor Basiseducatie een |
complètes, la fonction comprenant un contrat de travail de 36 heures | arbeidsovereenkomst van 36 uur op weekbasis omvat of de functie(s) die |
sur une base hebdomadaire dans un centre d'éducation de base ou la/les | |
fonction(s) comprenant, dans un ou plusieurs centres d'éducation de | in één of meer Centra voor Basiseducatie samen een arbeidsovereenkomst |
base, un contrat de travail de 36 heures au total sur une base | van 36 uur op weekbasis omvatten. |
hebdomadaire. Au sein du même centre d'éducation de base un membre du personnel ne | Binnen hetzelfde Centrum voor Basiseducatie kan een personeelslid niet |
peut être désigné pour plus de 36 heures sur une base hebdomadaire. | aangesteld worden voor meer dan 36 uur op weekbasis. |
CHAPITRE III. - Fixation du traitement | HOOFDSTUK III. - Vaststelling van het salaris |
Art. 3.Le traitement du membre du personnel est fixé dans l'échelle |
Art. 3.Het salaris van het personeelslid wordt vastgesteld in de |
telle que définie par l'arrêté du Gouvernement flamand du 29 mai 2009 | schaal, zoals bepaald in het besluit van de Vlaamse Regering van 29 |
fixant les fonctions, titres et échelles de traitement des membres du | mei 2009 tot vaststelling van de functies, de bekwaamheidsbewijzen en |
personnel des centres d'éducation de base. | de salarisschalen in de Centra voor Basiseducatie. |
Art. 4.Voor het toekennen van de periodieke salarisverhogingen komen |
|
Art. 4.Les services et périodes visés à l'article 16 de l'arrêté |
de diensten en perioden, vermeld in artikel 16 van het koninklijk |
royal du 15 avril 1958 portant statut pécuniaire du personnel | besluit van 15 april 1958 houdende bezoldigingsregeling van het |
enseignant, scientifique et assimilé du Ministère de l'Instruction | |
publique entrent en ligne de compte pour l'attribution des | onderwijzend, wetenschappelijk en daarmee gelijkgesteld personeel van |
augmentations de traitement périodiques. Les augmentations de | het Ministerie van Openbaar Onderwijs, in aanmerking. De periodieke |
traitement périodiques sont prises en ligne de compte et calculées | salarisverhogingen worden in aanmerking genomen en berekend |
conformément aux dispositions qui s'appliquent aux membres du | overeenkomstig de bepalingen die van toepassing zijn op de |
personnel nommés à titre définitif dans l'éducation des adultes. | vastbenoemde personeelsleden van het volwassenenonderwijs. |
Art. 5.Le membre du personnel bénéficie d'un traitement, calculé sur |
Art. 5.Het personeelslid geniet een salaris, berekend op basis van |
la base de son ancienneté, constituée par le total des services | zijn anciënniteit, die gevormd wordt door het totaal van de in |
aanmerking komende diensten. | |
entrant en ligne de compte. | Om de leeftijd van het personeelslid te bepalen waarop de diensten |
Pour déterminer l'âge du membre du personnel auquel les services | aangerekend kunnen worden met het oog op de vaststelling van het |
peuvent être imputés en vue de la fixation du traitement, la date de | salaris, wordt de datum van de verjaardag die niet op de eerste van |
l'anniversaire ne tombant pas le premier d'un mois est reportée au | een maand valt, verschoven naar de eerste dag van de maand die volgt |
premier jour du mois suivant la date de l'anniversaire. | op de datum van de verjaardag. |
Art. 6.Pour l'application de l'article 5, la durée des services entrant en ligne de compte ne peut jamais dépasser la durée réelle des périodes couvertes par les services. Chaque ensemble de douze mois de services entrant en considération compte pour 1 année. Art. 7.Le traitement mensuel est égal à 1/12e du traitement annuel. Si le traitement mensuel n'est pas entièrement dû, il est divisé en trentièmes. Si le nombre réel de jours à rémunérer s'élève à quinze ou moins, le nombre de trentièmes dus égale le nombre réel de jours à rémunérer. Si le nombre réel de jours à rémunérer s'élève à plus de quinze, le nombre réel de trentièmes à rémunérer égale la différence entre trente et le nombre réel de jours à ne pas rémunérer. Art. 8.Les jours suivants sont à rémunérer : 1° tous les jours, à compter du début jusqu'à la fin du contrat de travail, y compris, pour autant qu'ils soient entièrement ou partiellement compris dans la durée du contrat de travail : a) les jours fériés légaux ou réglementaires; b) les week-ends; c) les vacances et les absences pendant lesquelles le membre du personnel maintient son droit au traitement en vertu d'une disposition réglementaire ou légale. 2° les jours fériés légaux ou réglementaires, les week-ends et les vacances et absences précitées pendant lesquelles le membre du personnel maintient son droit au traitement en vertu d'une disposition réglementaire ou légale, qui se situent entre deux désignations, pour autant que ce jour, cette période ou les jours dans cette période suivent immédiatement une période assimilée à une période de |
Art. 6.Voor de toepassing van artikel 5 mag de duur van de in aanmerking komende diensten, nooit de werkelijke duur van de door de diensten gedekte perioden overschrijden. Elk geheel van twaalf maanden in aanmerking komende diensten telt voor één jaar. Art. 7.Het maandsalaris is gelijk aan één twaalfde van het jaarsalaris. Als het maandsalaris niet volledig verschuldigd is, wordt het in dertigsten verdeeld. Als het werkelijke aantal te betalen dagen vijftien of minder bedraagt, is het aantal verschuldigde dertigsten gelijk aan het werkelijke aantal te betalen dagen. Als het werkelijk aantal te betalen dagen meer dan vijftien bedraagt, is het aantal verschuldigde dertigsten gelijk aan het verschil tussen dertig en het werkelijke aantal niet te betalen dagen. Art. 8.De volgende dagen zijn betaalbaar 1° alle dagen, gerekend van het begin tot het einde van de arbeidsovereenkomst, zijn betaalbaar, met inbegrip van en voor zover ze geheel of gedeeltelijk in de duur van de arbeidsovereenkomst begrepen zijn : a) de wettelijke of reglementaire feestdagen; b) de weekends; c) de vakanties en afwezigheden tijdens welke het personeelslid, op grond van een reglementaire of wettelijke bepaling, het recht op de toekenning van een salaris behoudt. 2° de wettelijke of reglementaire feestdagen, de weekends en de voormelde vakanties en afwezigheden tijdens welke het personeelslid, op grond van een reglementaire of wettelijke bepaling, het recht op de toekenning van een salaris behoudt, die gelegen zijn tussen twee aanstellingen, voor zover die dag, die periode of de dagen binnen die periode aansluiten op een periode die gelijkgesteld is met |
prestations de travail ou le dernier jour de la désignation et ce | arbeidsprestaties of op de laatste dag van de aanstelling en die dag, |
jour, cette période ou les jours dans cette période précèdent | die periode of de dagen binnen die periode aansluiten op de eerste dag |
immédiatement le premier jour de la désignation suivante ou d'une | van de erop volgende aanstelling of op een periode die gelijkgesteld |
is met arbeidsprestaties. | |
période assimilée à une période de prestations de travail. | Voor de dag, de periode of de dagen binnen die periode, vermeld in het |
Pour le jour, la période ou les jours dans cette période, visés à | |
l'alinéa premier, 2°, le membre du personnel conserve la rémunération | eerste lid, 2°, behoudt het personeelslid de bezoldiging die wordt |
qui lui est accordée conformément aux prestations rendues la veille du | toegekend overeenkomstig de prestaties, verstrekt op de vooravond van |
jour, de la période ou des jours dans cette période à rémunérer ou la | de te bezoldigen dag, periode of dagen binnen deze periode of op de |
veille de la période assimilée à des prestations de travail et ce | vooravond van een periode die gelijkgesteld is met arbeidsprestaties |
jusque la veille d'une nouvelle désignation. L'application de cette | en dit tot op de vooravond van een nieuwe aanstelling. De toepassing |
règle de rémunération ne peut avoir comme suite qu'un membre du | van deze bezoldigingsregel mag echter niet tot gevolg hebben dat een |
personnel n'est pas rémunéré pour les jours pour lesquels il est | personeelslid niet wordt bezoldigd voor dagen waarvoor hij ook |
effectivement désigné. | effectief is aangesteld. |
Art. 9.La rémunération des prestations complètes ou incomplètes dans |
Art. 9.De bezoldiging van de volledige en onvolledige prestaties in |
d'autres établissements que les centres d'éducation de base | |
n'influence en aucune manière la rémunération des prestations dans les | andere instellingen dan Centra voor Basiseducatie, heeft geen invloed |
centres d'éducation de base. | op de bezoldiging van de prestaties in de centra voor Basiseducatie. |
Art. 10.Le traitement d'un membre du personnel qui exerce une |
Art. 10.Het salaris van een personeelslid dat een functie met |
fonction par prestations incomplètes égale le traitement dont le | onvolledige prestaties uitoefent, is gelijk aan het salaris dat het |
membre du personnel bénéficierait lors de l'exercice de la même | personeelslid zou genieten bij de uitoefening van dezelfde functie met |
fonction par prestations complètes, multiplié par une fraction dont le | volledige prestaties, vermenigvuldigd met een breuk, met als teller |
rémunérateur est égal au nombre d'heures du contrat de travail sur une | het aantal uren van de arbeidsovereenkomst op weekbasis, en met als |
base hebdomadaire, tandis que le dénominateur égale 36. | noemer 36. |
Pour une charge de moins de 36 heures, le volume de la charge est | Bij een opdracht van minder dan 36 uur wordt het volume van de |
toujours exprimé en unités complètes. | opdracht steeds in volledige eenheden uitgedrukt. |
Art. 11.Si le membre du personnel exerce plusieurs fonctions à |
Art. 11.Als het personeelslid verschillende functies uitoefent met |
prestations incomplètes, la multiplication mentionnée à l'article 10 | onvolledige prestaties, gebeurt de vermenigvuldiging, vermeld in |
se fait pour chaque fonction. Sans préjudice de l'application de | artikel 10, voor elke functie. Met behoud van de toepassing van |
l'article 12, la somme des produits constitue le traitement du membre | artikel 2 is de som van de producten het salaris van het |
du personnel. | personeelslid. |
CHAPITRE IV. - Allocation de foyer et de résidence | HOOFDSTUK IV. - Haard- en standplaatstoelage |
Art. 12.Une allocation de foyer et de résidence est accordée |
Art. 12.Een haard- en standplaatstoelage wordt toegekend |
conformément aux dispositions de l'arrêté royal du 26 novembre 1997 | overeenkomstig de bepalingen van het koninklijk besluit van 26 |
remplaçant, pour ce qui concerne le personnel de certains services | november 1997 tot vervanging, voor het personeel van sommige |
publics, l'arrêté royal du 30 janvier 1967 attribuant une allocation | overheidsdiensten, van het koninklijk besluit van 30 januari 1967 |
de foyer ou une allocation de résidence au personnel des ministères. | houdende toekenning van een haardtoelage of een standplaatstoelage aan |
het personeel der ministeries. | |
CHAPITRE V. - Le pécule de vacances | HOOFDSTUK V. - Het vakantiegeld |
Art. 13.Le pécule de vacances est fixé conformément aux dispositions |
Art. 13.Het vakantiegeld wordt vastgesteld overeenkomstig de |
de l'arrêté royal du 30 janvier 1979 relatif à l'octroi d'un pécule de | bepalingen van het koninklijk besluit van 30 januari 1979 betreffende |
vacances aux agents de l'administration générale du Royaume, exception | de toekenning van een vakantiegeld aan het personeel van 's lands |
faite cependant des articles 3, 4 et 4bis dudit arrêté royal. | algemeen bestuur, doch met uitzondering van de artikelen 3, 4 en 4bis |
Art. 14.Sans préjudice de l'application de l'article 13, un pécule de |
ervan. Art. 14.Met behoud van de toepassing van artikel 13, wordt een |
vacances est accordé s'élevant à 92 % d'un douzième du traitement | vakantiegeld toegekend dat 92 % bedraagt van een twaalfde van het |
annuel, qui est lié à l'indice des prix à la consommation qui | jaarsalaris dat gekoppeld is aan de index van de consumptieprijzen die |
détermine le traitement dû pour le mois de mars de l'année de | het salaris bepaalt dat verschuldigd is voor de maand maart van het |
vacances. | vakantiejaar. |
CHAPITRE VI. - L'allocation de fin d'année | HOOFDSTUK VI. - De eindejaarstoelage |
Art. 15.L'allocation de fin d'année est fixée conformément aux |
Art. 15.De eindejaarstoelage wordt vastgesteld overeenkomstig de |
dispositions de l'arrêté royal du 23 octobre 1979 accordant une | bepalingen van het koninklijk besluit van 23 oktober 1979 houdende |
allocation de fin d'année à certains titulaires d'une fonction | toekenning van een eindejaarstoelage aan sommige titularissen van een |
rémunérée à charge du Trésor public, exception faite cependant des | ten laste van de schatkist bezoldigd ambt, doch met uitzondering van |
articles 4, § 3, et 5, §§ 1er et 2, dudit arrêté royal. | de artikelen 4, § 3, en artikel 5, §§ 1 en 2, ervan. |
Art. 16.§ 1er. Sans préjudice de l'application de l'article 15, il |
Art. 16.§ 1. Met behoud van de toepassing van artikel 15, zal een |
sera accordé une allocation de fin d'année, dont le montant se compose | eindejaarstoelage worden toegekend, waarvan het bedrag bestaat uit een |
d'une partie fixe indexée, une partie fixe non indexée et une partie | vast geïndexeerd gedeelte, een vast niet-geïndexeerd gedeelte en een |
exprimée en un pourcentage du traitement annuel brut du membre du personnel. | procentueel gedeelte op het brutojaarloon van het personeelslid. |
§ 2. La partie fixe indexée de l'année dans laquelle l'allocation de | § 2. Het vast geïndexeerd gedeelte van het jaar waarin de |
fin d'année est payée est obtenue en augmentant le montant de base de | eindejaarstoelage wordt uitbetaald, wordt bekomen door het basisbedrag |
280,81 euros d'un pourcentage. Ce pourcentage est obtenu en divisant | van 280,81 euro te verhogen met een percentage. Dit percentage wordt |
l'indice des prix à la consommation en vigueur au mois d'octobre de | bekomen door het indexcijfer van de consumptieprijzen dat van kracht |
l'année dans laquelle l'allocation de fin d'année est due par l'indice | is in de maand oktober van het jaar waarin de eindejaarstoelage |
en vigueur au mois d'octobre de l'année 2005. Le pourcentage est | verschuldigd is te delen door het indexcijfer dat van kracht is in de |
calculé jusqu'à la quatrième décimale inclusivement. | maand oktober van het jaar 2005. Het percentage wordt berekend tot op |
vier decimalen. | |
A partir de 2008, la partie fixe indexée est augmentée comme suit : | Het vast geïndexeerd gedeelte wordt vanaf 2008 verhoogd als volgt : |
1° en 2008 : 211,46 euros; | 1° in 2008 : 211,46 euro; |
2° en 2009 : 285,44 euros; | 2° in 2009 : 285,44 euro; |
3° à partir de 2010 : 360 euros. | 3° vanaf 2010 : 360 euro. |
Chaque année, ces montants sont majorés d'un pourcentage qui est | Deze bedragen worden elk jaar verhoogd met een percentage dat wordt |
obtenu en divisant l'indice en vigueur au mois d'octobre de l'année | bekomen door het indexcijfer dat van kracht is in de maand oktober van |
dans laquelle l'allocation de fin d'année est due par l'indice en | het jaar waarin de eindejaarstoelage is verschuldigd te delen door het |
vigueur au mois d'octobre de l'année 2006. Le pourcentage est calculé | indexcijfer dat van kracht was in de maand oktober van het jaar 2006. |
jusqu'à la quatrième décimale inclusivement. | Het percentage wordt berekend tot op vier decimalen |
§ 3. La partie fixe non indexée s'élève à 55,08 euros. | § 3. Het vast niet-geïndexeerd gedeelte bedraagt 55,08 euro. |
§ 4. La partie exprimée en un pourcentage s'élève à 2,5 % du | § 4. Het procentueel gedeelte bedraagt 2,5 % van het geïndexeerde |
traitement annuel brut indexé du membre du personnel. | brutojaarloon van het personeelslid. |
A partir de 2008, la partie exprimée en un pourcentage est augmentée comme suit : | Het procentueel gedeelte wordt vanaf 2008 als volgt verhoogd : |
1° en 2008 : 0,60 %; | 1° in 2008 : 0,60 %; |
2° en 2009 : 0,81 %; | 2° in 2009 : 0,81 %; |
3° à partir de 2010 : 1,02 %. | 3° vanaf 2010 : 1,02 %. |
Art. 17.Sans préjudice de l'application de l'article 15, les périodes |
Art. 17.Met behoud van de toepassing van artikel 15, zullen de |
suivantes sont assimilées à des périodes de prestations de travail | volgende perioden worden gelijkgesteld met gewerkte perioden voor de |
pour le calcul de l'allocation de fin d'année : | berekening van de eindejaarstoelage : |
1° la période d'interruption de carrière pour la prestation de soins | 1° de periode van loopbaanonderbreking voor palliatief verlof of de |
palliatifs ou la période d'interruption de carrière pour la prestation | periode van loopbaanonderbreking voor verzorging van een zwaar ziek |
de soins à un membre du ménage ou de la famille souffrant d'une | gezins- of familielid, voor maximaal drie kalendermaanden; |
maladie grave, pour trois mois calendaires au maximum; | |
2° les périodes conformément aux articles 41 et 43 de l'arrêté royal | 2° de perioden overeenkomstig de artikelen 41 en 43 van het koninklijk |
du 30 mars 1967 déterminant les modalités générales d'exécution des | besluit van 30 maart 1967 tot bepaling van de algemene |
lois relatives aux vacances annuelles. | uitvoeringsmodaliteiten van de wetten betreffende de jaarlijkse |
CHAPITRE VII. - Dispositions modificatives | vakantie. HOOFDSTUK VII. - Wijzigingsbepalingen |
Art. 18.A l'article 16, § 1er, de l'arrêté royal du 15 avril 1958 |
Art. 18.In artikel 16, § 1, van het koninklijk besluit van 15 april |
portant statut pécuniaire du personnel enseignant, scientifique et | 1958 houdende de bezoldigingsregeling van het onderwijzend, |
assimilé du Ministère de l'Instruction publique, modifié en dernier | wetenschappelijk en daarmee gelijkgesteld personeel van het Ministerie |
van Openbaar Onderwijs, laatst gewijzigd bij besluit van de Vlaamse | |
lieu par l'arrêté du Gouvernement flamand du 29 mai 2009, les | Regering van 29 mei 2009, worden de volgende wijzigingen aangebracht : |
modifications suivantes sont apportées : | |
1° sous A, il est ajouté un point w), ainsi rédigé : | 1° aan A wordt een punt w) toegevoegd, dat luidt als volgt : |
« w) les services effectifs que le membre du personnel a accomplis en | « w) de werkelijke diensten die het personeelslid heeft verstrekt in |
tant que titulaire d'une fonction rémunérée à prestations complètes | een bezoldigde functie met volledige prestaties in : |
dans : 1° un centre d'éducation de base; | 1° een Centrum voor Basiseducatie; |
2° le 'Vlaams Ondersteuningscentrum voor het Volwassenenonderwijs'; | 2° het Vlaams Ondersteuningscentrum voor het Volwassenenonderwijs; |
3° le 'Vlaams Ondersteuningscentrum voor de Basiseducatie'; | 3° het Vlaams Ondersteuningscentrum voor de Basiseducatie; |
4° un consortium éducation des adultes; | 4° een consortium volwassenenonderwijs; |
5° l'ASBL 'NT2 Brussel' et l'ASBL 'Centrum Nederlands voor Migranten'. | 5° de VZW NT2 Brussel en de VZW Centrum Nederlands voor Migranten. |
Ces dispositions ne s'appliquent pas à la fixation de l'ancienneté | Deze bepalingen gelden niet voor de vaststelling van de geldelijke |
pécuniaire des membres du personnel visés au décret du 13 juillet 1994 | anciënniteit van de personeelsleden, vermeld in het decreet van 13 |
relatif aux instituts supérieurs en Communauté flamande. » | juli 1994 betreffende de hogescholen in de Vlaamse Gemeenschap. » |
2° au point B, il est ajouté un point m) ainsi rédigé : | 2° aan B wordt een punt m) toegevoegd, dat luidt als volgt : |
« m) les services effectifs que le membre du personnel a accomplis en | » m) de werkelijke diensten die het personeelslid heeft verstrekt in |
tant que titulaire d'une fonction rémunérée à prestations incomplètes | een bezoldigde functie met onvolledige prestaties in : |
dans : 1° un centre d'éducation de base; | 1° een Centrum voor Basiseducatie; |
2° le 'Vlaams Ondersteuningscentrum voor het Volwassenenonderwijs'; | 2° het Vlaams Ondersteuningscentrum voor het Volwassenenonderwijs; |
3° le 'Vlaams Ondersteuningscentrum voor de Basiseducatie'; | 3° het Vlaams Ondersteuningscentrum voor de Basiseducatie; |
4° un consortium éducation des adultes; | 4° een consortium volwassenenonderwijs; |
5° l'ASBL 'NT2 Brussel' et l'ASBL 'Centrum Nederlands voor Migranten'. | 5° de VZW NT2 Brussel en de VZW Centrum Nederlands voor Migranten. |
Ces dispositions ne s'appliquent pas à la fixation de l'ancienneté | Deze bepalingen gelden niet voor de vaststelling van de geldelijke |
pécuniaire des membres du personnel visés au décret du 13 juillet 1994 | anciënniteit van de personeelsleden, vermeld in het decreet van 13 |
relatif aux instituts supérieurs en Communauté flamande. » | juli 1994 betreffende de hogescholen in de Vlaamse Gemeenschap. » |
Art. 19.A l'article 14 de l'arrêté royal du 1er décembre 1970 fixant |
Art. 19.Aan artikel 14 van het koninklijk besluit van 1 december 1970 |
le statut pécuniaire des membres du personnel administratif, du | houdende bezoldigingsregeling van het administratief personeel, het |
personnel de maîtrise, gens de métier et de service des établissements | meesters-, vak- en dienstpersoneel van de rijksinrichtingen voor |
d'enseignement gardien, primaire, spécial, moyen, technique, | kleuteronderwijs, voor lager, buitengewoon, middelbaar, technisch, |
artistique et normal de l'Etat, il est ajouté un point 11°, rédigé | kunst- en normaalonderwijs, laatst gewijzigd bij het besluit van de |
Vlaamse Regering van 24 juli 2009 wordt een punt 11° toegevoegd, dat | |
comme suit : | luidt als volgt : |
« 11° en tant que titulaire d'une fonction rémunérée à prestations | « 11° als titularis van een bezoldigde functie met volledige of |
complètes ou incomplètes dans : | onvolledige prestaties in : |
a) un centre d'éducation de base; | a) een Centrum voor Basiseducatie; |
b) le 'Vlaams Ondersteuningscentrum voor het Volwassenenonderwijs'; | b) het Vlaams Ondersteuningscentrum voor het Volwassenenonderwijs; |
c) le 'Vlaams Ondersteuningscentrum voor de Basiseducatie'; | c) het Vlaams Ondersteuningscentrum voor de Basiseducatie; |
d) un consortium éducation des adultes; | d) een consortium volwassenenonderwijs.; |
e) l'ASBL 'NT2 Brussel' et l'ASBL 'Centrum Nederlands voor Migranten'. | e) de VZW NT2 Brussel en de VZW Centrum Nederlands voor Migranten. |
Ces dispositions ne s'appliquent pas à la fixation de l'ancienneté | Deze bepalingen gelden niet voor de vaststelling van de geldelijke |
pécuniaire des membres du personnel visés au décret du 13 juillet 1994 | anciënniteit van de personeelsleden, vermeld in het decreet van 13 |
relatif aux instituts supérieurs en Communauté flamande. » | juli 1994 betreffende de hogescholen in de Vlaamse Gemeenschap. » |
CHAPITRE VIII. - Dispositions finales et transitoires | HOOFDSTUK VIII. - Slot- en overgangsbepalingen |
Art. 20.§ 1er. Le présent article s'applique aux membres du personnel |
Art. 20.§ 1. Dit artikel is van toepassing op de personeelsleden |
visés à l'article 1er ayant rendu des prestations dans un centre | vermeld in artikel 1 die diensten hebben gepresteerd vóór 1 september |
d'éducation de base avant le 1er septembre 2008. | 2008 in een Centrum voor Basiseducatie. |
Sans préjudice de l'application de l'article 4 pour ce qui concerne la | Met behoud van de toepassing van artikel 4 voor wat de aanrekening van |
prise en considération de services rendus avant le 1er septembre 2008 | diensten gepresteerd vanaf 1 september 2008 in de geldelijke |
pour le calcul de l'ancienneté pécuniaire, les services rendus avant | anciënniteit betreft, worden de diensten die gepresteerd werden vóór 1 |
le 1er septembre 2008 sont exclusivement calculés conformément aux | september 2008, uitsluitend berekend overeenkomstig de bepalingen van |
dispositions de l'article 197 du décret du 15 juin 2007 relatif à | artikel 197 van het decreet van 15 juni 2007 betreffende het |
l'éducation des adultes et fixés comme suit : | volwassenenonderwijs en vastgesteld als volgt : |
1° l'ancienneté pécuniaire correspond à la dernière ancienneté | 1° de geldelijke anciënniteit stemt overeen met de laatste geldelijke |
pécuniaire dans la dernière fonction qu'un membre du personnel a | anciënniteit in de laatste functie die een personeelslid vóór 1 |
exercée avant le 1er septembre 2008 dans un centre d'éducation de | september 2008 in een Centrum voor Basiseducatie heeft uitgeoefend. |
base. Si le membre du personnel a exercé deux ou plusieurs fonctions, | Indien het personeelslid twee of meer functies heeft uitgeoefend heeft |
il a droit à l'ancienneté la plus avantageuse fixée dans une de ces | het personeelslid recht op de meest gunstige anciënniteit die in één |
fonctions; | van deze functies is vastgesteld; |
2° le membre du personnel maintient son droit à cette ancienneté | 2° het personeelslid behoudt het recht op deze geldelijke anciënniteit |
pécuniaire à chaque désignation auprès de chaque centre d'éducation de | bij elke aanstelling in elk Centrum voor Basiseducatie, ongeacht de |
base, quelle que soit la fonction, au 1er septembre 2008 ou plus tard. | functie, op 1 september 2008 of later. |
§ 2. Au cas où des services rendus avant l'âge minimum de l'échelle de | § 2. Indien voor de berekening van de geldelijke anciënniteit vermeld |
traitement sont pris en compte pour le calcul de l'ancienneté | in § 1, diensten in aanmerking komen die gepresteerd werden vóór de |
pécuniaire visée au § 1er, le membre du personnel maintient le | minimumleeftijd van de salarisschaal, behoudt het personeelslid het |
traitement conformément à cette ancienneté pécuniaire jusqu'au moment | salaris overeenkomstig deze geldelijke anciënniteit tot op het |
où la durée des services entrant en ligne de compte soit conforme à | ogenblik dat de duur van de in aanmerking komende diensten in |
l'âge minimum. | overeenstemming is met de minimumleeftijd. |
Art. 21.Par dérogation à l'article 13, toutes les prestations rendues |
Art. 21.In afwijking van artikel 13, worden alle prestaties die |
geleverd werden in een Centrum of in meerdere Centra voor | |
auprès d'un ou de plusieurs centres d'éducation de base durant la | Basiseducatie tijdens de periode van 1 januari 2008 tot en met 31 |
période du 1er janvier 2008 au 31 août 2008 inclus sont considérées, | augustus 2008 voor de vaststelling van het vakantiegeld voor het jaar |
pour la fixation du pécule de vacances de l'année 2009 à accorder aux | 2009 voor de personeelsleden, vermeld in artikel 1, § 1, beschouwd, |
membres du personnel visés à l'article 1er, § 1er, comme si ces | |
prestations aient été rendues par des membres du personnel désignés | als werden deze prestaties verricht door personeelsleden aangesteld |
conformément à l'article 127, § 1er, 1° et 2°, du décret précité. | overeenkomstig artikel 127, § 1, 1° en 2°, van het voormeld decreet. |
Art. 22.L'arrêté royal du 13 juin 2007 rendant obligatoire la |
Art. 22.Het koninklijk besluit van 13 juni 2007 waarbij algemeen |
convention collective de travail du 28 novembre 2006, conclue au sein | verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 28 |
de la Sous-commission paritaire pour le secteur socio-culturel de la | november 2006, gesloten in het Paritair Subcomité voor de |
Communauté flamande, relative à l'octroi d'une prime de fin d'année | socio-culturele sector van de Vlaamse Gemeenschap, betreffende de |
dans l'éducation de base, est abrogé. | toekenning van een eindejaarstoelage in de sector basiseducatie, wordt opgeheven. |
Art. 23.Le présent arrêté produit ses effets le 1er septembre 2008. |
Art. 23.Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 september 2008. |
Art. 24.Le Ministre flamand ayant dans ses attributions |
Art. 24.De Vlaamse minister, bevoegd voor het onderwijs, is belast |
l'enseignement est chargé de l'exécution du présent arrêté. | met de uitvoering van dit besluit. |
Bruxelles, le 24 juillet 2009. | Brussel, 24 juli 2009. |
Le Ministre-Président du Gouvernement flamand, | De minister-president van de Vlaamse Regering, |
K. PEETERS | K. PEETERS |
Le Ministre flamand de l'Enseignement, de la Jeunesse, de l'Egalité | De Vlaamse minister van Onderwijs, Jeugd, Gelijke Kansen en Brussel, |
des Chances et des Affaires bruxelloises, | |
P. SMET | P. SMET |