Arrêté du Gouvernement flamand fixant la procédure d'introduction des demandes et les conditions d'octroi des allocations d'études secondaires | Besluit van de Vlaamse Regering tot vaststelling van de procedure voor het indienen van de aanvragen en van de voorwaarden tot het toekennen van de studietoelagen voor het secundair onderwijs |
---|---|
MINISTERE DE LA COMMUNAUTE FLAMANDE 14 MAI 2004. - Arrêté du Gouvernement flamand fixant la procédure d'introduction des demandes et les conditions d'octroi des allocations d'études secondaires Le Gouvernement flamand, | MINISTERIE VAN DE VLAAMSE GEMEENSCHAP 14 MEI 2004. - Besluit van de Vlaamse Regering tot vaststelling van de procedure voor het indienen van de aanvragen en van de voorwaarden tot het toekennen van de studietoelagen voor het secundair onderwijs De Vlaamse Regering, |
Vu la loi du 19 juillet 1971 relative à l'octroi d'allocations | Gelet op de wet van 19 juli 1971 betreffende de toekenning van |
d'études, notamment les articles 1er, § 5, 3, premier alinéa, 5, | studietoelagen, inzonderheid artikel 1, § 5, artikel 3, eerste lid, |
troisième alinéa et 10; | artikel 5, derde lid en artikel 10; |
Vu l'arrêté royal du 23 août 1972 fixant la procédure d'introduction | Gelet op het koninklijk besluit van 23 augustus 1972 tot vaststelling |
van de procedure voor het indienen van de aanvragen en van de | |
des demandes et les conditions d'octroi des allocations d'études | voorwaarden voor het toekennen van de studietoelagen voor secundair |
secondaires, modifié par les arrêtés royaux des 14 septembre 1973, 4 | onderwijs, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 14 september |
mars 1974, 30 septembre 1976 et 21 décembre 1978; | 1973, 4 maart 1974, 30 september 1976 en 21 december 1978; |
Vu l'avis du Ministre flamand chargé du Budget, rendu le 10 décembre 2003; | Gelet op het advies van de Vlaamse minister, bevoegd voor Begroting, gegeven op 10 december 2003; |
Vu l'avis 36 683/1 du Conseil d'Etat, donné le 31 mars 2004, en | Gelet op het advies 36.683/1 van de Raad van State, gegeven op 31 |
application de l'article 84, § 1er, alinéa 1er, 1°, des lois | maart 2004, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1° van de |
coordonnées sur le Conseil d'Etat; | gecoördineerde wetten op de Raad van State; |
Sur la proposition de la Ministre flamande de l'Enseignement et de la Formation; | Op voorstel van de Vlaamse minister van Onderwijs en Vorming; |
Après délibération, | Na beraadslaging, |
Arrête : | Besluit : |
Article 1er.Les demandes d'octroi d'une allocation d'études |
Artikel 1.De aanvragen voor een studietoelage om de lessen te volgen |
permettant de suivre les cours à un établissement d'enseignement | in een instelling voor secundair onderwijs, worden door de leerling of |
secondaire sont adressées par l'élève ou son représentant légal au service provincial des allocations d'études de la province où l'élève ou son représentant légal a son domicile légal. Les élèves ou leur représentant légal dont le domicile légal se situe dans la Région de Bruxelles-Capitale adressent leur demande à la Division des Allocations d'Etudes du Département de l'Enseignement. Les élèves ou leur représentant légal dont le domicile légal se situe à l'étranger ou en Région wallonne adressent leur demande au service provincial des allocations d'études de la province où se situe l'école fréquentée dans l'année scolaire concernée, à moins que l'école ne soit située dans la Région de Bruxelles-Capitale ou à l'étranger; dans ce cas, la demande doit être introduite auprès de la Division des Allocations d'Etudes du Département de l'Enseignement. Les demandes doivent être adressées, au moyen de formulaires établis par le Ministre flamand compétent pour l'Enseignement, au service | door zijn wettelijke vertegenwoordiger gericht aan de provinciale dienst voor studietoelagen van de provincie waar de leerling of zijn wettelijke vertegenwoordiger zijn wettelijke woonplaats heeft. Leerlingen of hun wettelijke vertegenwoordiger waarvan de wettelijke woonplaats in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest gelegen is, richten hun aanvraag aan de afdeling Studietoelagen van het departement Onderwijs. Leerlingen of hun wettelijke vertegenwoordiger waarvan de wettelijke woonplaats in het buitenland of in het Waals Gewest gelegen is, richten hun aanvraag aan de provinciale dienst voor studietoelagen van de provincie waarin de school gelegen is die in het bedoelde schooljaar wordt bezocht, tenzij de school gelegen is in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest of in het buitenland, in welk geval zij hun aanvraag richten aan de afdeling Studietoelagen van het departement Onderwijs. De aanvragen moeten, door middel van formulieren opgesteld door de |
provincial des allocations d'études concerné ou, le cas échéant, à la | Vlaamse minister bevoegd voor Onderwijs, naar de betrokken provinciale |
Division des Allocations d'Etudes du Département de l'Enseignement, au | dienst voor studietoelagen of, desgevallend, afdeling Studietoelagen |
plus tard le 30 juin de l'année scolaire concernée, le cachet de la | van het departement Onderwijs verstuurd worden uiterlijk 30 juni van |
het betrokken schooljaar waarbij de poststempel geldt als bewijs. | |
poste faisant foi. Les demandes introduites après le 30 juin de | Aanvragen die worden ingediend na 30 juni van het betrokken |
l'année scolaire concernée ne sont plus traitées. | schooljaar, worden niet meer behandeld. |
Art. 2.L'élève non scolarisable a droit à une allocation d'études |
Art. 2.De niet-leerplichtige leerling heeft recht op een |
s'il a achevé avec succès l'année scolaire précédente et s'il suit | studietoelage indien hij met vrucht het vorige schooljaar beëindigd |
soit les cours d'une année d'études d'un niveau supérieur, soit les | heeft en, ofwel de lessen volgt van een leerjaar van hoger niveau, |
cours d'une année d'études d'un même niveau sur avis du conseil de | ofwel de lessen volgt van een leerjaar van een zelfde niveau op advies |
classe de l'établissement d'enseignement ayant été fréquenté. | van de klassenraad van de onderwijsinstelling die bezocht werd. |
Art. 3.Aucune allocation d'études ne peut être octroyée à l'élève non scolarisable ayant échoué plus d'une fois pour une année scolaire après la scolarité obligatoire. Art. 4.Le service provincial des allocations d'études ou, le cas échéant, la Division des Allocations d'Etudes du Département de l'Enseignement compétent(e) suivant l'article 1er examine les demandes et transmet toutes les données utiles aux Ministre flamand ayant l'Enseignement dans ses attributions, qui octroie l'allocation. Art. 5.A l'issue de l'année scolaire pour laquelle l'allocation a été octroyée, le service provincial des allocations d'études ou, le cas échéant, la Division des Allocations d'Etudes du Département de l'Enseignement compétent(e) suivant l'article 1er examine si les élèves ont fréquenté régulièrement les cours et tous les exercices prévus et s'ils se sont présentés à tous les examens de fin d'année, y compris les examens de repêchage et la seconde session. |
Art. 3.Geen studietoelage mag worden verleend aan de niet-leerplichtige leerling die meer dan éénmaal na het vervullen van de leerplicht een schooljaar niet met vrucht heeft beëindigd. Art. 4.De volgens artikel 1 bevoegde provinciale dienst voor studietoelagen of, desgevallend, afdeling Studietoelagen van het departement Onderwijs onderzoekt de aanvragen en zendt alle nuttige gegevens over aan de Vlaamse minister bevoegd voor onderwijs, die de toelage verleent. Art. 5.Na afloop van het schooljaar waarvoor de toelage werd verleend, onderzoekt de volgens artikel 1 bevoegde provinciale dienst voor studietoelagen of, desgevallend, afdeling Studietoelagen van het departement Onderwijs of de leerlingen regelmatig de lessen en alle voorziene oefeningen hebben bijgewoond en of zij zich op alle eindejaarsexamens hebben aangemeld, herexamens en tweede zittijd inbegrepen. |
Art. 6.Dans les cas fixés à l'article 10 de la loi du 19 juillet 1971 |
Art. 6.In de gevallen bepaald in artikel 10 van de wet van 19 juli |
relative à l'octroi d'allocations, la décision de recouvrement, en | 1971 betreffende de toekenning van studietoelagen wordt de beslissing |
tout ou en partie, d'une allocation d'études est prise par le Ministre | tot totale of gedeeltelijke terugvordering van een studietoelage |
flamand ayant l'Enseignement dans ses attributions. | genomen door de Vlaamse minister bevoegd voor Onderwijs. |
Art. 7.L'arrêté royal du 23 août 1972 fixant la procédure |
Art. 7.Het Koninklijk besluit van 23 augustus 1972 tot vaststelling |
van de procedure voor het indienen van de aanvragen en van de | |
d'introduction des demandes et les conditions d'octroi des allocations | voorwaarden voor het toekennen van de studietoelagen voor secundair |
d'études secondaires, modifié par les arrêtés royaux des 14 septembre | onderwijs, gewijzigd bij de koninklijk besluiten van 14 september |
1973, 4 mars 1974, 30 septembre 1976 et 21 décembre 1978 est abrogé. | 1973, 4 maart 1974, 30 september 1976 en 21 december 1978, wordt |
Art. 8.Le présent arrêté entre en vigueur le 1er septembre 2004. |
opgeheven. Art. 8.Dit besluit treedt in werking op 1 september 2004. |
Art. 9.La Ministre flamande ayant l'Enseignement dans ses |
Art. 9.De Vlaamse minister bevoegd voor Onderwijs is belast met de |
attributions est chargée de l'exécution du présent arrêté. | uitvoering van dit besluit. |
Bruxelles, le 14 mai 2004. | Brussel, 14 mei 2004. |
Le Ministre-Président du Gouvernement flamand, | De minister-president van de Vlaamse Regering, |
B. SOMERS | B. SOMERS |
La Ministre flamande de l'Enseignement et de la Formation, | De Vlaamse minister van Onderwijs en Vorming, |
M. VANDERPOORTEN | M. VANDERPOORTEN |