Arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale réglant la composition et le fonctionnement du comité d'experts des radiations non-ionisantes | Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering tot regeling van de samenstelling en de werking van het comité van experten op het vlak van niet-ioniserende stralingen |
---|---|
REGION DE BRUXELLES-CAPITALE 19 MARS 2015. - Arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale réglant la composition et le fonctionnement du comité d'experts des radiations non-ionisantes Le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale, Vu l'ordonnance du 1er mars 2007 relative à la protection de l'environnement contre les éventuels effets nocifs et nuisances provoqués par les radiations non-ionisantes, son article 3, § 2 ; Vu l'avis de l'Inspecteur des Finances, donné le 1er avril 2014 ; Vu l'accord du Ministre du Budget, donné le 3 avril 2014 ; Vu l'avis du Conseil de l'Environnement de la Région de Bruxelles-Capitale du 14 mai 2014 ; Vu l'avis du Conseil Economique et Social de la Région de Bruxelles-Capitale du 15 mai 2014 ; Vu l'avis n° 56971/1du Conseil d'Etat rendu le 6 février 2015 en application de l'article 84, § 1er, alinéa 1er, 2°, des lois sur le Conseil d'Etat, coordonnées le 12 janvier 1973 ; Sur proposition de la Ministre chargée de l'Environnement ; Après délibération, Arrête : Article 1er.Le comité d'experts des radiations non-ionisantes |
BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST 19 MAART 2015. - Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering tot regeling van de samenstelling en de werking van het comité van experten op het vlak van niet-ioniserende stralingen De Brusselse Hoofdstedelijke Regering, Gelet op artikel 3, § 2, van de ordonnantie van 1 maart 2007 betreffende de bescherming van het leefmilieu tegen de eventuele schadelijke effecten en hinder van niet-ioniserende stralingen; Gelet op het advies van de inspecteur van Financiën, gegeven op 1 april 2014; Gelet op de akkoordbevinding van de Minister van Begroting, d.d. 3 april 2014; Gelet op het advies van de Raad voor het Leefmilieu van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest van 14 mei 2014; Gelet op het advies van de Economische en Sociale Raad voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest van 15 mei 2014; Gelet op het advies nr. 56971/1 van de Raad van State, gegeven op 6 februari 2015, met toepassing van artikel 84, § 1, 1e lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Op voorstel van de minister bevoegd voor Leefmilieu; Na beraadslaging, Besluit : Artikel 1.Het comité van experten op het vlak van niet-ioniserende |
(dénommé ci-après le comité) est composé de 9 membres désignés comme | stralingen (hierna 'het comité' genoemd) bestaat uit 9 leden, die als |
suit par le Gouvernement : | volgt worden aangeduid door de Regering: |
a. 3 membres disposant d'une expertise scientifique concernant les | a. drie leden die beschikken over een wetenschappelijke expertise op |
effets des radiations non-ionisantes sur la santé et/ou | het vlak van het effect van niet-ioniserende stralingen op de |
l'environnement ; | gezondheid en/of leefmilieu; |
b. 2 membres disposant d'une expertise scientifique concernant les | b. twee leden die beschikken over wetenschappelijke expertise op het |
propriétés des radiations non-ionisantes ; | vlak van de eigenschappen van niet-ioniserende stralingen; |
c. 2 membres disposant d'une expertise scientifique concernant les | c. twee leden die beschikken over wetenschappelijke expertise op het |
besoins micro- et macro- économiques et sociaux en matière de | vlak van de micro- en macro- economische en sociale noden inzake |
télécommunications mobiles; | mobiele telecommunicatie; |
d. 2 membres disposant d'une expertise scientifique concernant les | d. twee leden die beschikken over wetenschappelijke expertise op het |
technologies de communication sans fil, et particulièrement les | vlak van draadloze communicatietechnologieën en in het bijzonder de |
aspects techniques de leur fonctionnement. | technische aspecten van hun werking |
Un représentant de Bruxelles Environnement et un représentant de la | Een vertegenwoordiger van Leefmilieu Brussel en een vertegenwoordiger |
Direction de l'urbanisme de l'Administration de l'Aménagement du | van de Directie Stedenbouw van het Bestuur Ruimtelijke Ordening en |
Territoire et du Logement assistent aux réunions du comité avec voix | Huisvesting wonen de vergaderingen van het comité bij met raadgevende |
consultative. | stem. |
Le mandat des membres du comité est de 3 ans renouvelables. Au maximum deux tiers des membres peuvent être du même rôle linguistique. Le rôle linguistique d'un membre du comité est déterminé en fonction de la langue nationale dans laquelle a été délivré son diplôme le plus élevé. Le détenteur d'un diplôme qui n'a pas été délivré par la Communauté française ou par la Communauté flamande choisit, au moment du dépôt de sa candidature, son rôle linguistique. Art. 2.Les membres du comité ne peuvent exercer, pour toute la durée de leur mandat, aucun mandat politique ni aucune fonction ou activité, rémunérée ou non, au sein d'un cabinet ministériel, au sein des entreprises exploitant des installations susceptibles de produire ou de transmettre des radiations non ionisantes, au sein d'un groupe de pression actif dans la matière des radiations non-ionisantes ou au sein des entreprises de fabrication ou de commercialisation de matériel destiné à atténuer ou à produire les rayonnements non-ionisants. L'interdiction prévue à l'alinéa 1er subsiste pendant un an après la fin du mandat du membre du comité. Les membres du comité signent une déclaration sur l'honneur par laquelle ils déclarent tous les liens directs ou indirects éventuels qu'ils ont avec les exploitants des installations susceptibles de produire ou de transmettre des radiations non ionisantes. Si un membre du comité a, directement ou indirectement, un intérêt opposé à une décision, à un avis ou à un autre acte relevant du comité, il ne peut assister aux délibérations du comité y relatives, ni prendre part au vote. Il doit en informer préalablement les autres membres du comité, qui doit en faire état dans le procès-verbal de la réunion. Les membres du comité agissent indépendamment de tout intérêt commercial propre. |
Het mandaat van de leden van het comité is een hernieuwbaar mandaat van 3 jaar. Maximaal twee derde van de leden mag van dezelfde taalrol zijn. De taalrol van een lid van het comité wordt bepaald in functie van de landstaal waarin zijn hoogste diploma werd uitgereikt. De houder van een diploma dat niet door de Franse of Vlaamse Gemeenschap werd uitgereikt, kiest op het moment van indiening van zijn kandidatuur zijn taalrol. Art. 2.De leden van het comité mogen, gedurende de hele duur van het mandaat, geen enkel politiek mandaat ofgeen enkele functie of activiteit uitoefenen, al dan niet bezoldigd, ten dienste van een ministerieel kabinet, noch ten dienstevan een onderneming waar installaties worden uitgebaat die niet-ioniserende stralingen kunnen opwekken of doorzenden, noch ten dienste van een drukkingsgroepactief in de domein van niet-ioniserende stralingen of ten dienste van ondernemingen voor de vervaardiging of commercialisering van materiaal bestemd om niet-ioniserende stralingen te verzwakken of te produceren. Het verbod bepaald in het eerste lid blijft van kracht gedurende één jaar na afloop van het mandaat van het lid van het comité. De leden van het comité ondertekenen een verklaring op erewoord waarin ze al hun eventuele rechtstreekse of onrechtstreekse banden met de exploitanten van installaties die niet-ioniserende stralingen kunnen opwekken of doorzenden, aangeven. Indien een lid van het comité, rechtstreeks of onrechtstreeks, een tegengesteld belang heeft bij een beslissing, advies of andere akte van het comité, mag hij de betreffende beraadslagingen van het comité niet bijwonen, noch deelnemen aan de stemming. Hij moet de overige leden van het comité hiervan vooraf inlichten, dat daarvan melding moet maken in de notulen van de vergadering. De leden van het comité handelen onafhankelijk van alle eigen commerciële belangen. |
Art. 3.Le comité élit en son sein un président chargé de réunir le |
Art. 3.Het comité kiest onder zijn leden een voorzitter die ermee |
comité et d'en organiser les travaux. | wordt belast het comité te laten samenkomen en de werkzaamheden ervan |
te organiseren. | |
Le comité établit son règlement d'ordre intérieur et le soumet pour | Het comité stelt zijn huishoudelijk reglement op en legt het voor ter |
approbation au Ministre chargé de l'Environnement. | goedkeuring van de minister van Leefmilieu. |
Art. 4.Le 1er juin de chaque année, Bruxelles Environnement remet au |
Art. 4.Op 1 juni van elk jaar dient Leefmilieu Brussel bij het comité |
comité un rapport concernant la mise en oeuvre de l'ordonnance du 1er | een verslag in met betrekking tot de uitvoering van de ordonnantie van |
mars 2007 relative à la protection de l'environnement contre les | 1 maart 2007 betreffende de bescherming van het leefmilieu tegen de |
éventuels effets nocifs et nuisances provoqués par les radiations | eventuele schadelijke effecten en hinder van niet-ioniserende |
non-ionisantes. | stralingen. |
A la même date, l'Administration de l'Aménagement du Territoire et du | Op diezelfde dag bezorgt het Bestuur Ruimtelijke Ordening en |
Logement (Direction de l'urbanisme) remet au comité un rapport | Huisvesting (Directie Stedenbouw) het comité een verslag betreffende |
concernant les aspects urbanistiques liés à cette mise en oeuvre. | |
A l'issue de ses travaux, le comité remet un rapport au Gouvernement | de stedenbouwkundige aspecten verbonden aan deze uitvoering. |
le 30 septembre de chaque année. Le Gouvernement communique ce rapport | Na afloop van zijn werkzaamheden, en meer bepaald op 30 september van |
elk jaar, overhandigt het comité de Regering een verslag. De Regering | |
au Parlement. | bezorgt dat verslag aan het Parlement. |
Het verslag maakt het voorwerp uit van een akkoord bij consensus | |
Le rapport fait l'objet d'un accord par consensus au sein du comité. A | binnen het comité. Wanneer er geen consensus kan worden bereikt, maakt |
défaut de consensus, le rapport fait état des opinions exprimées par | het verslag melding van de opinies die de verschillende leden hebben |
les différents membres. | geuit. |
Art. 5.Les membres du comité perçoivent une rémunération pour leurs |
Art. 5.De leden van het comité ontvangen een vergoeding voor hun |
activités. Cette rémunération s'élève à 100 euros par réunion de | activiteiten. Die vergoeding bedraagt 100 euro per vergadering van |
minimum 2 heures et à 150 euros pour le président, avec un maximum de | minimaal 2 uur en 150 euro voor de voorzitter, en kan op jaarbasis |
400 euros par membre et 600 euros pour le président, sur base annuelle. Aucune rémunération n'est prévue pour les réunions virtuelles ou par écrit. Les membres indiquent à Bruxelles Environnement s'ils souhaitent que la rémunération leur soit versée personnellement ou à l'institution à laquelle ils appartiennent. Le rapport annuel mentionne les rémunérations qui ont été payées par membre. Art. 6.Le secrétariat du comité est assuré par Bruxelles Environnement. |
oplopen tot maximaal 400 euro per lid en 600 euro voor de voorzitter. Er wordt niet in een vergoeding voorzien voor virtuele of schriftelijke vergaderingen. De leden moeten aan Leefmilieu Brussel aangeven of de vergoeding hun persoonlijk mag worden uitgekeerd, dan wel of ze mag worden uitgekeerd aan de instelling waartoe ze behoren. In het jaarverslag worden de vergoedingen die per lid zijn betaald, vermeld. Art. 6.Het secretariaat van het comité wordt waargenomen door Leefmilieu Brussel. |
Les réunions du comité ont lieu dans les locaux de Bruxelles | De bijeenkomsten van het comité vinden plaats in de kantoren van |
Environnement. | Leefmilieu Brussel. |
Art. 7.Le Ministre de l'Environnement est chargé de l'exécution du |
Art. 7.De minister van Leefmilieu is belast met de uitvoering van dit |
présent arrêté. | besluit. |
Bruxelles, le 19 mars 2015. | Brussel, 19 maart 2015. |
Pour le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale, | Voor de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, |
Le ministre-président | De minister-voorzitter |
du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale, | van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, |
Rudi VERVOORT | Rudi VERVOORT |
La Ministre du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale chargée | De minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering |
de l'Environnement, | bevoegd voor Leefmilieu, |
Céline FREMAULT | Céline FREMAULT |